RIS322554 Afdoening motie Prikkel om zoveel mogelijk mensen aan het werk te helpen
Tekst van het document
Typ tekstTyp tekstTyp tekst
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
Aan de gemeenteraad
SZW/10974666 RIS322554 Contactpersoon
Job den Heeten Dienst
Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid Afdeling
SZW Beleid Telefoonnummer
14070
Datum
E-mailadres
26 november 2025
job.denheeten@denhaag.nl
Onderwerp
Afdoening motie: ‘Prikkel om zoveel mogelijk mensen aan het werk te helpen’
Uw raad heeft, tijdens de bespreking inzake de ‘commissiebrief 60-plussers met een bijstandsuitkering’ (RIS321181) op 12 juni 2025, de door het raadslid mevrouw Hofstra ingediende motie: ‘Prikkel om zoveel mogelijk mensen aan het werk te helpen’ (RIS322554) aangenomen. Hierbij informeert het college de raad over de afdoening van de motie. De motie luidt als volgt: Constaterende dat: sociaal ondernemers een belangrijke rol spelen in het aan het werk helpen van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt; er geen volledig beeld is van alle prikkels die er zijn om te zorgen dat zoveel mogelijk mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt duurzaam en zonder blijvende ondersteuning aan het werk blijven. Overwegende dat: het belangrijk is dat zoveel mogelijk mensen volwaardig meedoen op de arbeidsmarkt; Rotterdam werkt aan beloningsvormen en partnerschappen die sociaal ondernemers stimuleren om mensen duurzaam uit te laten stromen uit de bijstand; deze aanpak laat zien dat resultaatgericht sociaal ondernemerschap mogelijk én effectief is. Verzoekt het college: in kaart te brengen welke prikkels en instrumenten kunnen bijdragen aan het vergroten van duurzame uitstroom, zowel voor de huidige groep werkenden als in het toekomstig beleid; daarbij gebruik te maken van inspirerende voorbeelden uit andere grote steden, zoals Rotterdam.
Het college doet de motie op de volgende manier af: Het college is van oordeel dat sociaal ondernemers een belangrijke bijdrage leveren aan een inclusieve arbeidsmarkt. Het aantal sociaal ondernemers dat in Den Haag is gevestigd en voldoet aan de criteria (zie schema) is toegenomen tot ongeveer veertig. Bedrijven die een opdracht van de gemeente Den Haag hebben verworven kunnen hun social returnverplichting bij deze ondernemers invullen. Daarbij past de gemeente de volgende criteria toe, die ontleend zijn aan Artikel 2.82 van de Aanbestedingswet.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
T 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
SZW/10974666
Het precieze aantal arbeidsplaatsen is niet bekend, maar zij bieden aan ongeveer 300 inwoners van de stad met verminderde loonwaarde een baan1. Deze personen hebben dus een reguliere arbeidsovereenkomst. Werkgevers hebben er ook een belang bij deze duurzaam voort te laten duren, omdat zij loonkostensubsidie (LKS) en STiP ontvangen zolang personen in dienst zijn. Indien nodig is er ook job-coaching beschikbaar. Ook de gemeente zelf en andere werkgevers bieden uiteraard arbeidsovereenkomsten voor deze doelgroep, maar bij sociaal ondernemers zijn relatief meer werknemers met een lagere loonwaarde in dienst (de meest kwetsbare groep dus). Naar aanleiding van de motie heeft het college de volgende inlichtingen ingewonnen bij de andere grote steden. Conform de motie gaat het college daarbij specifiek in op de situatie in Rotterdam. Rotterdam Ambtenaren van de dienst SZW hebben een werkbezoek aan collega’s van de gemeente Rotterdam afgelegd. In Rotterdam voert het Sociaal Impact Fonds Rotterdam (SIF-R) het zogenoemde Prestatiecontract Werk uit. Ook deze regeling beloont het in dienst houden van inwoners, alleen de werkingssfeer is beperkt tot sociaal ondernemers. Zij krijgen deze vergoeding als ze iemand vanuit de Participatiewet, IOAW/Z of Nug in dienst nemen of iemand die tot de doelgroep van de banenafspraak behoort.
De vergoeding bedraagt € 1.750,- bij 6 maanden en nog eens € 750,- bij 12 maanden. Rotterdam kent geen STiP-regeling. Inmiddels kunnen behalve erkende sociaal ondernemers ook aspirant sociaal ondernemers in aanmerking komen voor de vergoeding 2. Dat de vergoeding alleen beschikbaar is voor sociaal ondernemers vindt Rotterdam gerechtvaardigd, omdat deze ondernemers een belangrijke functie vervullen in het creëren van werkgelegenheid voor de doelgroep en daarbij ook extra kosten maken (bijv. aantonen dat ze sociaal ondernemer zijn, certificering etc.). De vergoeding wordt gezien als waardering voor deze inspanning ook bij de begeleiding. Omdat in feite de impact wordt beloond, wordt de vergoeding ook via het SIFR uitgekeerd (het is dus geen gemeentelijke subsidieregeling). Net als in Den Haag kunnen (sociaal) ondernemers naast het Prestatiecontract ook job coaching krijgen.
1
Dit betreft het aantal personen waarvoor de werkgever een loonkostensubsidie (LKS) ontvangt omdat de werknemer niet in staat is
zelfstandig het wettelijk minimumuurloon te verdienen. De hoogte van de LKS is compenseert de verminderde productiviteit. Als de loonwaarde nog niet is vastgesteld is sprake van een forfaitaire loonwaarde. Naast de LKS kunnen werkgevers voor de begeleiding van bijstandontvangers in aanmerking komen voor STiP-subsidie. Deze mogelijkheden bestaan zowel voor sociaal ondernemers als andere ondernemers. De registratie waaruit deze cijfers afkomstig zijn is nog niet volledig. 2
Den Haag en Rotterdam (en ook Zoetermeer) hanteren dezelfde definitie voor (aspirant-)sociaal ondernemers. Door de
intergemeentelijke afstemming is in drie arbeidsmarktregio’s een gelijkluidende definitie.
2/4
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
SZW/10974666
Andere grote gemeenten Amsterdam laat weten, dat het beleid rondom sociale firma’s en maatschappelijke ondernemers er op is gericht om samen met Pantar (het sociaal ontwikkelbedrijf van de gemeente) mensen te ontwikkelen en werk te bieden. De inspanningen zijn gericht op uitstroom uit de bijstand, maar niet op verdere doorstroom. Wel stimuleert de gemeente het gedachtengoed van een Leven Lang Ontwikkelen, waarbij bedrijven hun werknemers in staat stellen om door te groeien naar een andere functie binnen of buiten de sociale firma of maatschappelijke onderneming. De definitie zoals Amsterdam die hanteert, is overigens ook anders dan in Den Haag (en Rotterdam). Het criterium dat tenminste 50% van de omzet uit commerciële inkomsten moet bestaan geldt daar bijvoorbeeld niet. Daarenboven vraagt Amsterdam van het reguliere MKB, dat zij zich - net als sociale firma’s - inclusiever opstelt en mensen met een verminderde loonwaarde in dienst neemt met LKS. Op deze manier wil Amsterdam ook meer banen creëren. Utrecht laat weten sociaal ondernemers net als in Den Haag via het social return beleid te ondersteunen. Voor het overige zet Utrecht geen andere instrumenten in voor sociaal ondernemers dan bij reguliere ondernemers.
In de beleidsnota Werk en Re-integratie beschrijft Utrecht, dat binnen de werkgeversdienstverlening wordt gefocust op ondernemers die willen investeren in de doelgroep van de Participatiewet. Met die ondernemers wil men ook strategische partnerschappen aangaan, maar dat zijn niet uitsluitend sociaal ondernemers. Reflectie naar aanleiding van voorbeelden G4 Alhoewel het college sympathiek staat tegenover het idee om duurzame werkgelegenheid te bevorderen, zijn er op dit moment in Den Haag ook al instrumenten die daaraan bijdragen. Naast STiP is specifiek voor sociaal ondernemers ook het project Baankans (een consortium van circa tien sociaal ondernemers in de regio Den Haag) een manier waarop inschakeling van werkzoekenden door sociaal ondernemers wordt bevorderd. Daarbij is de vergoeding van de projectkosten resultaatafhankelijk. Omgerekend komt de plaatsingsfee neer op circa € 2.100,- bij een arbeidsovereenkomst die minimaal 1 jaar duurt. Samenloop met STiP is uitgesloten om dubbele financiering te voorkomen. Dit bedrag is dus vergelijkbaar met het Prestatiecontract zoals dat in Rotterdam geldt. Ook bij de aanbesteding voor re-integratievoorzieningen is de vergoeding deels afhankelijk van een duurzame plaatsing, al wordt hier reeds aan de voorwaarde voldaan als sprake is van een arbeidsovereenkomst van minimaal 6 maanden (er mag verder o.a.
geen sprake zijn van een uitzendbeding of nul-urentraject). Tot de partijen die deze re-integratietrajecten uitvoeren behoren ook enkele erkend sociaal ondernemers. Het re-integratietraject dat mensen hier volgen is dus gedurende het traject met behoud van uitkering. Afhankelijk van de complexiteit en het eerdere traject dat een kandidaat heeft gevolgd varieert die vergoeding tussen de € 500,- en € 1.000,-. Op deze wijze is er volgens het college dus ook voor mensen die nog geen arbeidsovereenkomst hebben sprake van een stimulans om de uitstroom naar duurzaam werk te bevorderen. Tot slot is een recente ontwikkeling in dit verband de aanbesteding voor Ontwikkelbanen. Eén van de partijen die dit re-integratieaanbod uitvoert is een consortium van sociaal ondernemers. Ook hier geldt, dat sprake is van een stimulans op duurzame uitstroom naar werk. Naast een trajectprijs is er een doorstroombonus bij een arbeidsovereenkomst vanaf 12 maanden die varieert van € 1500, € 1.785,-. Hiermee wordt duurzame werkgelegenheid bevorderd voor de doelgroep waarbij inzet van LKS nodig is om hen aan het werk te helpen omdat van een verminderde loonwaarde sprake is.
3/4
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
SZW/10974666
Het college ziet daarom op dit moment geen aanleiding het huidige beleid aan te passen. Het college committeert zich aan de uitvoering van het bestaande beleid, zoals vastgelegd in het meerjaren beleidsplan Werk & Participatie (RIS315004 ) dat tot en met 2026 loopt en waarover het college periodiek rapporteert (laatstelijk via RIS323150). Ter uitvoering van dat plan is de toepassing van social return (dat ook een belangrijk instrument is om sociaal ondernemers te steunen) verder verbeterd. Daarnaast zet het college stevig in op de doelgroep die met LKS aan de slag kan en op het stroomlijnen van het voorzieningenaanbod. Ook dit is in grote mate gerealiseerd. Tenslotte dragen we als gemeente met onze eigen opdrachten in belangrijke mate bij aan de ambitie om zo veel mogelijk mensen aan het werk te helpen en als dat (nog) niet lukt dat we hen een ander duurzaam perspectief op arbeid of participatie bieden. Dit is vastgesteld in het actieplan MVOI (RIS317940). Toekomst De lijn die het college de afgelopen periode heeft ingezet en toegepast is erop gericht om nu en in de toekomst de duurzame uitstroom naar regulier werk niet alleen bij sociaal ondernemers maar ook bij reguliere werkgevers te bevorderen.
Hierbij ziet het college ook aangrijpingspunten in de sectorale ontwikkelpaden3, competentiegericht werven4 en de doorontwikkeling van het regionale scholings- en ontwikkelfonds Haaglanden Leert Door. Via de MKB-deal bevorderen we samen met werkgevers ook een andere manier van kijken naar HR-vraagstukken. Tot slot vormt ook de aangekondigde wetgeving rondom de regionale werkcentra een stimulans om samen met sociaal ondernemers en andere werkgevers in te zetten op een meer skills-gerichte benadering en een werkkans voor iedereen. Het college beschouwt de motie hiermee als afgedaan. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
3
Zie: Sectorale Ontwikkelpaden | Hervormingen arbeidsmarkt | Rijksoverheid.nl
4
Zie: CompetentNL voor de arbeidsmarkt · CompetentNL
4/4