CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS322498 Toekomst Hofstad en Residentiekwaliteit

Algemene Raadscommissie 16 april 2026, gemeente Den HaagBij agendapunt: Tweede termijn: Debat over Buitenruimte1.981 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Typ tekstTyp tekstTyp tekst

Robert Barker Wethouder van Buitenruimte, Dierenwelzijn en Milieu

dienst: dienstcode

Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag

Ons kenmerk

Aan de voorzitter van de commissie Leefomgeving

DSB/10896464 RIS322498 Contactpersoon

Maarten van 't Eind Dienst

Dienst Stadsbeheer Afdeling

DSB BAS Telefoonnummer

14070 Datum

E-mailadres

8 juli 2025

maarten.vanteind@denhaag.nl Bijlage

Onderwerp

1

Toekomst Hofstad en Residentiekwaliteit

Geachte voorzitter, Aanleiding Sinds de eerste kadernota Openbare Ruimte in 2004 wordt het onderscheid gemaakt tussen Hofstaden Residentiekwaliteit. In de meest recente “Kadernota Openbare Ruimte – Kwaliteit door samenhang- Openbare ruimtebeleid tot 2030 (RIS310884, september 2023)” is de toepassing van de twee kwaliteitsniveaus Hofstad- en Residentiekwaliteit (opnieuw) bevestigd. Dit onderscheid wordt gemaakt omdat in het ene gebied (Residentiekwaliteit) het wonen voorop staat en we in de visitekaartjes van de stad (Hofstadkwaliteit) grote aantallen bezoekers ontvangen, waarbij de openbare ruimte uitnodigt tot verblijven. In het coalitieakkoord Haags Akkoord 2023-2026 (RIS316672) is het volgende opgenomen: “Alle inwoners moeten kunnen rekenen op een mooie buitenruimte. Daarom houden we het onderscheid tussen de kwaliteitsniveaus Hofstad-en Residentiekwaliteit tegen het licht, zodat we kunnen bepalen of het onderhoudsbudget goed wordt verdeeld over de verschillende wijken en gebieden’. Het college heeft daarom het onderzoeksbureau Ecorys opdracht gegeven dit onderzoek (welke als bijlage is toegevoegd) naar de kwaliteitsniveaus Hofstadkwaliteit en Residentiekwaliteit uit te voeren. Bij dit onderzoek hebben zij de volgende vragen beantwoord: 1. 2. 3.

Wat is het (feitelijke) onderscheid in Hofstad- en Residentiekwaliteit in inrichting en onderhoud, zowel conform beleid als in de praktijk? Hoe is de verdeling van de onderhoudsbudgetten tussen diverse wijken en gebieden? Wordt het onderscheid in kwaliteitsniveau door het publiek herkend en gewaardeerd?

Hieronder wordt er ingegaan op de uitkomsten van het onderzoek en hoe het college de toekomst van het onderscheid tussen Hofstad- en Residentiekwaliteit voor zich ziet.

Gemeente Den Haag

Spui 70 Den Haag

Postbus 12600 2500 DJ Den Haag

Telefoonummer 14070 www.denhaag.nl

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSB/10896464

Het feitelijke onderscheid tussen Hofstad- en Residentiekwaliteit Het Ecorysrapport concludeert voor wat betreft het feitelijke onderscheid tussen residentie- en hofstadkwaliteit het volgende: 1. Vanuit de analyse blijkt dat het beleidsmatige onderscheid in Hofstad- en Residentiekwaliteit in de praktijk tot uiting komt in de inrichtingsfase voor wegbeheer, straatmeubilair en afvalbakken (schoon). Dit onderscheid is voornamelijk gericht op de materiaalkeuze, zoals het handboek openbare ruimte voorschrijft. 2. In de uitvoering van het beheer (weg, straatmeubilair, afvalbakken) wordt er vanuit de werkwijzen geen directe koppeling gelegd met het Hofstad- en Residentiekwaliteitsbeleid. Indirect wel, omdat kapotte onderdelen door gelijke materialen worden vervangen. 3. In de praktijk is de gebruikersintensiteit van gebieden leidend voor het bepalen van het onderhouds- en kwaliteitsniveau van de buitenruimte. Op basis van de Kadernota’s Openbare ruimte en het Handboek openbare ruimte komt Ecorys tot het volgende onderscheid voor residentiekwaliteit en hofstadkwaliteit.

2/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSB/10896464

Bovenstaande is het theoretische onderscheid tussen Hofstad- en Residentiegebied. Hieronder wordt per categorie aangeduid hoe we dit in de praktijk toepassen. In veel gevallen wijkt dit af van het theoretische onderscheid. Weginrichting en wegonderhoud Voor de wegverhardingen geeft het Handboek openbare ruimte concrete en heldere eisen wat betreft de te gebruiken materialen voor hofstadkwaliteit en residentiekwaliteit voor de inrichting. Voor wat betreft het onderhoud staan de budgetten voor instandhouding al jaren onder druk. Hierdoor is het niet mogelijk om gebieden prioritair aan te pakken en wordt voor de hele stad hetzelfde niveau voor instandhouding gebruikt, waarbij de beschikbare middelen ingezet worden daar waar het het hardst nodig is. Dit niveau kan daardoor fluctueren. Voor de Hofstadkwaliteitsgebieden geldt in het algemeen dat deze intensief gebruikt worden en daardoor iets vaker onderhoud vergen. De gebruikte materialen in de Hofstadkwaliteitsgebieden maken dat het onderhoud er duurder is. Straatmeubilair Het straatmeubilair is grotendeels in de stad gelijk. Initieel is de Van Alffbank in Hofstadgebieden geplaatst. Inmiddels is dit de standaard voor heel Den Haag. Voor specifieke gebieden is ander meubilair in gebruik, bijvoorbeeld in Scheveningen-Bad (Hofstadinrichting) en in de Binckhorst (Residentieinrichting).

Het onderhoud is grotendeels afhankelijk van de intensiteit van het gebruik. Voor verlichtingsarmaturen is grofweg aangesloten bij de Beschermde Stadsgebieden. In deze gebieden worden speciale lantaarnpalen geplaatst. In de overige delen van de stad wordt standaard verlichting toegepast. Openbaar groen Bij de inrichting van het openbaar groen wordt er in de praktijk geen onderscheid gemaakt tussen Hofstadgebied en Residentiegebied. De omgeving bepaalt de inrichting (in samenhang met het gebruik) en het beheer van het openbaar groen. Dat betekent dat de bebouwing, de bodem en betreedbaarheid van het groen de keuze bepaalt voor welk groen wel en niet kan worden geplaatst. Voor de materialen rondom het groen (boomkransen, hekwerken, etc.) geldt wel een onderscheid in de gebieden voor Hofstadkwaliteit en Residentiekwaliteit. Ook is voor de binnenstad extra budget beschikbaar voor bloeiende planten (zoals bij de bakken bij de Hofvijver). Daarnaast is in de loop der jaren structureel geld beschikbaar gesteld voor het beheer van openbaar groen dat op een hoger niveau dan de standaard is ingericht (zowel in residentie- als in hofstadkwaliteitsgebieden). Schoonhouden van de openbare ruimte Initieel was er onderscheid tussen de na te streven kwaliteit van schoonhouden en de frequentie van vegen en schoonhouden in Hofstadkwaliteitsgebieden en Residentiekwaliteitsgebieden.

Met de brief ‘Wendbaar, effectief en datagestuurd werken aan een schone stad’ (RIS309531) is dit onderscheid in 2021 losgelaten, omdat bleek dat extra inzet in enkele Residentiegebieden meer nodig bleek. Inmiddels wordt de beschikbare capaciteit ingezet in de wijken die het het hardste nodig hebben.

3/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSB/10896464

Wensen bij (her-)inrichting Voor alle inrichtingsaspecten geldt dat bij de (her-)inrichting van een straat, plein of een gebied er vaak de wens bestaat om (in hogere kwaliteit) af te wijken van de materialen uit het Handboek openbare ruimte. Deze wens leeft zowel bij de betrokken ontwerpers, ondernemers en bewoners in de omgeving als bestuurders en uw raad. Bij de vaststelling van de ontwerpen wordt voor de extra kosten van deze materialen voor zowel inrichting als beheer en onderhoud budget toegekend. Waardering van kwaliteitsniveaus. In het rapport van Ecorys wordt het volgende geconcludeerd: De twee kwaliteiten worden niet noemenswaardig anders gewaardeerd door bewoners en bezoekers van de stad. De gebruiksintensiteit lijkt meer leidend in het aantal meldingen dan het kwaliteitsniveau. De constatering dat beide type inrichtingen niet noemenswaardig anders gewaardeerd worden, kan niet worden gelezen als dat de gebieden dan ook hetzelfde ingericht kunnen worden. Het college leidt uit deze constatering af dat de gebieden op de juiste manier zijn onderscheiden en passen bij het gebruik. Toezegging cijfers gebruiksintensiteit In de commissie op 24 oktober 2024 heeft het college uw raad toegezegd te kijken of het mogelijk is cijfers te geven over de gebruiksintensiteit in residentiegebieden.

Het doel hiervan is om te kunnen vergelijken of er in Residentiegebieden ook plekken zijn die een gebruiksintensiteit hebben die vergelijkbaar is met Hofstadgebieden. In 2022 en 2023 is er onderzoek gedaan naar de bezoekersaantallen in Centrum, Scheveningen en Kijkduin. Dit zijn Hofstadgebieden. Er zijn echter in dezelfde periode geen onderzoeken gedaan naar bezoekersaantallen in Residentiegebieden, op basis waarvan een vergelijking gemaakt zou kunnen worden. Samenvattend In het rapport van Ecorys wordt de volgende constatering gedaan. In de beheerfase wordt er budgettair geen onderscheid gemaakt in de toepassing van Hofstad- en Residentiekwaliteit. Er zijn dan ook administratief geen gegevens beschikbaar die deze uitsplitsing zichtbaar maken. Omdat de beschikbare middelen voor het dagelijkse beheer beperkt zijn worden de middelen zodanig verdeeld dat de prioriteit ligt bij locaties waar het (dagelijks) beheer en onderhoud het meest nodig is. Dit zijn met name de gebieden die het meest intensief worden gebruikt. Veel intensief gebruikte gebieden hebben logischerwijs een Hofstadinrichting, maar er zijn ook gebieden met Residentieinrichting die intensief worden gebruikt en daardoor meer aandacht krijgen bij het dagelijks onderhoud. Het scherpe onderscheid bij het dagelijks onderhoud vervaagt daardoor.

Het is nu eenmaal zo dat drukbezochte plekken in de stad in de regel meer onderhoud nodig hebben dan woonstraten; dit geldt voor de hele stad, ongeacht of dit in de Hofstadgebieden of in de Residentiegebieden is. Bij verharding heeft dit bijvoorbeeld geleid tot het prioriteit geven aan hoofdwegen en doorgaande fietsroutes. Door deze werkwijze is het administratief ingewikkelder geworden om precies te achterhalen hoe het budget voor het dagelijks onderhoud tussen Hofstad en Residentiegebied precies is verdeeld. Het college gaat naar aanleiding hiervan nader onderzoeken of dit beter inzichtelijk te maken is. Over de totale levensduur van de inrichting in de Hofstadgebieden kost het onderhoud wel meer, omdat er gebruik gemaakt is van andere materialen met vaak een hogere aanschafwaarde. Daardoor kost het vervangen van materialen zoals straatmeubilair en wegverharding meer dan in Residentiegebieden en is er voor Hofstadgebieden toch een hoger beheerbudget nodig.

4/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSB/10896464

Voor de periode 2022-2026 is er extra geld voor de kwaliteit van de buitenruimte, waaronder een groot deel voor beheer en onderhoud, gereserveerd (RIS313189, RIS316672). Uit het onderzoek van Ecorys blijkt desondanks dat de weg- en groenbeheerders onvoldoende beheerbudgetten hebben om alle openbare ruimte op het gewenste onderhoudsniveau te brengen en houden. Dit komt onder meer door oude tekorten en de hoge inflatie in de afgelopen jaren waarbij materialen en de kosten voor de uitvoering flink zijn toegenomen. Tegelijkertijd zien we ook dat de druk op het beheer en onderhoud van de openbare ruimte, zowel bovengronds als ondergronds, toeneemt door de groei van de stad en de transities zoals de energietransitie en het klimaatbestendig maken van de stad. Omvang van de Hofstadgebieden tegen het licht Met het onderzoek van Ecorys heeft het college invulling gegeven aan de afspraak in het coalitieakkoord om nader te kijken naar het onderscheid tussen Hofstadgebieden en Residentiegebieden. Op basis van dit onderzoek concludeert het college dat in de praktijk het verschil tussen beide gebieden vooral tot uiting komt in de inrichting. In het dagelijks beheer is dit verschil niet zichtbaar, vanwege de keuze om de inzet te doen daar waar het het hardst nodig is. Elke stad heeft een methode om accenten te leggen in de inrichting van de openbare ruimte.

Dat is logisch, omdat er altijd plekken zijn waarvan een stad vindt dat het een onderscheidende plek is. Het onderscheid tussen Hofstad en Residentie is onze manier om deze accenten in de openbare ruimte te leggen. In gebieden die een visitekaartje zijn voor de stad en economisch van belang zijn passen we een onderscheidende inrichting van de openbare ruimte toe, zoals vanaf de eerste Kadernota Openbare ruimte vastgesteld is. Wij denken dat deze manier van het leggen van accenten in de inrichting van de openbare ruimte nog steeds een goede manier is die past bij Den Haag. Het college realiseert zich echter dat er behoefte is aan een heroverweging van de toekomst van de Hofstad- en Residentiegebieden. We kunnen er voor kiezen om de huidige Hofstadgebieden ongewijzigd te laten. We kunnen er ook voor kiezen kritisch te kijken of alle huidige gebieden nog aan de criteria voor Hofstadgebied voldoen en de grootte van de gebieden herzien. Dit betekent echter niet dat er op korte termijn iets verandert. Tot het moment van vervanging blijft de inrichting van een gebied hetzelfde. Tot slot kunnen we er ook voor kiezen om te onderzoeken of er in andere delen van de stad gebieden zijn die voldoen aan de criteria voor Hofstadgebied. Zoals hierboven aangegeven zijn de Hofstadgebieden over de totale levensduur duurder en staan de onderhoudsbudgetten onder druk.

Uitbreiding van het aantal Hofstadgebieden in de stad kan niet zomaar zonder daarvoor ook de benodigde budgetten te organiseren. Daarnaast zien we dat bij herinrichtingen ook in Residentiegebieden soms gekozen wordt voor afwijkende en duurdere inrichtingen. Dit is gegeven de al hoge beheerkosten ook een aandachtspunt. Wij gaan naar aanleiding van deze brief graag met uw raad in gesprek over de toekomst van het onderscheid in onze stad tussen Hofstad- en Residentiegebied. Met vriendelijke groet, de wethouder van Buitenruimte, Dierenwelzijn en Milieu Robert Barker

5/5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15779873/1