RIS322441 Beantwoording schriftelijke technische vragen over voortgangsbericht Zuidwest (RIS321120) en voortgangsrapportage DGZ (321724)
Tekst van het document
Co Engberts wethouder van Volkshuisvesting, Welzijn, Wijken en Zuidwest
dienst: dienstcode
Ons kenmerk
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
DSO/10903389 Aan de voorzitter van de commissie Ruimte
RIS322441 Contactpersoon
Eliza Buist Dienst
Dienst Stedelijke Ontwikkeling Afdeling
DSO Projecten Telefoonnummer
14070 Datum
E-mailadres
10 juni 2025
eliza.buist@denhaag.nl
Onderwerp
Beantwoording schriftelijke technische vragen over voortgangsbericht Zuidwest (RIS321120) en voortgangsrapportage DGZ (321724)
Geachte voorzitter, Ten behoeve van de behandeling van het voortgangsbericht Zuidwest (RIS321120) en de voortgangsrapportage Dreven-Gaarden en Zichten (RIS321724) op 18 juni 2025, zijn raadsleden in de gelegenheid gesteld om vooraf schriftelijke technische vragen in te dienen. Met deze brief ontvangt u de beantwoording van de ingediende vragen.
Met vriendelijke groet, wethouder van Volkshuisvesting, Welzijn, Wijken en Zuidwest Co Engberts
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
Telefoonummer 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10903389
Beantwoording vragen: Hart voor Den Haag Blz 1. Structuurvisie Zuidwest was een integraal stuk bedoeld om tot 2040 een afgestemde en geïntegreerde ontwikkeling vormgegeven. Het voortgangsbericht als er nu ligt voldoet niet aan integraal en samenhangend. Hele delen ontbreken nog terwijl de bouw en ontwikkeling al gestart zijn. Het kwaliteitsplan lijkt als mosterd na de maaltijd te komen, het monitortool is er niet, de volledige voortgangsrapportage ook niet. Er is een partieel doorkijkje naar verder 2025. En een gemeentelijk parkeerbeleid met een parkeerregiem voor de stad Zuidwest is ook niet te verwachten. Vele andere stukken zijn verwezen naar o.a. Visie Programma Leefbaarheid en Veiligheid en Integraal Zuidwest, de tussenrapportage DGZ. 1.
Heeft het college voldoende man/vrouwkracht om alle ontwikkelingen bij elkaar te brengen of heeft deze versnipperde aanbieding van stukken en versplinterde communicatie een andere oorzaak?
Het klopt dat in dit tussenbericht niet alle aspecten die in de Structuurvisie aan bod komen worden belicht. Op dit moment wordt nog gewerkt aan het maken van een integrale monitor op basis waarvan een volledige voortgangsrapportage kan worden opgesteld en waarin u de samenhang tussen de verschillende ontwikkelingen kunt volgen. Een bijlage van deze voortgangsrapportage is een projectenoverzicht, waar alle fysieke projecten in Zuidwest onderdeel van zijn. Naar verwachting wordt deze rapportage in oktober/ november van dit jaar aan uw raad aangeboden. Juist omdat dit nog enkele maanden op zich laat wachten is dit tussenbericht aangeboden. In het tussenbericht zijn de relevante ontwikkelingen opgenomen die hebben plaatsgevonden na vaststelling van de Structuurvisie. In de inleiding op uw vraag geeft u aan dat het kwaliteitsplan Zuidwest “mosterd na de maaltijd lijkt”. De projecten waarmee nu wordt gestart worden getoetst aan de Structuurvisie Zuidwest, maar een deel van deze projecten was al gestart (met de planvorming) voordat de Structuurvisie was vastgesteld. De komende jaren volgen nog veel nieuwe ontwikkelingen. Het Kwaliteitsplan bouwt voort op de beschreven kwaliteiten uit de Structuurvisie.
Het Kwaliteitsplan is nodig om toekomstige Beeldkwaliteitsplannen (BKP'S) te maken en juist om de samenhang in kwaliteit tussen verschillende projecten ruimtelijk gezien te bewaken op het niveau van heel Zuidwest. Het kwaliteitsdocument is daarom zeker geen mosterd na de maaltijd. Voor de projecten die al gestart waren voor de vaststelling van de Structuurvisie, en waarvoor al beeldkwaliteitsplannen zijn opgesteld (bijvoorbeeld de Dreven, Zichten en de Venen), blijven deze beeldkwaliteitsplannen als toetsingskader gelden. Dat geldt ook voor vastgestelde PUK’s en NvU’s. In uw inleiding geeft u aan dat een parkeerbedrijf voor Zuidwest niet te verwachten is. Hierbij verwijst u naar de motie die op 28 november 2024 door de raad is aangenomen. Aan de uitwerking van deze motie wordt op dit moment gewerkt. Naar verwachting wordt eind 2025 een voorstel aan u voorgelegd. Tot die tijd worden plannen uitgewerkt op basis van het vigerende beleid. Het college heeft op dit moment in de gebiedsontwikkeling Zuidwest voldoende man-/vrouwkracht om de ontwikkeling te realiseren. Het personeel dat nodig is voor een dergelijke ontwikkeling is echter schaars. Dit is een continu punt van aandacht voor alle gebiedsontwikkelingen. 2.
Hebben de diverse bewonersorganisaties Morgenstond en Moerwijk al een beeld van de 3.000 nog te bouwen woningen? Of te wel hoe zijn zij daarbij betrokken?
Voor wat betreft Morgenstond heeft er inmiddels een uitwerking plaatsgevonden in de vorm van een ambitie- en scopebepaling Het document is op 20 juni door het college vastgesteld (RIS322209). Het stuk zal op 18 juni in de Commissie worden behandeld. In dit document is de ambitie over de aantallen toe te voegen woningen in Morgenstond opgenomen, en de locaties waar deze verdichting kan plaatsvinden. Bij de totstandkoming van het ambitie- en scopebepalingsdocument heeft op verschillende momenten en manieren participatie plaatsgevonden en zijn bewoners betrokken. De verwachting is dat in 2026 gestart wordt met het opstellen van een scope- en ambitiedocument voor Moerwijk. Bewoners zullen worden betrokken bij de totstandkoming van dit document. 2/15
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10903389
Op deze wijze krijgen bewonersorganisaties en bewoners een goed beeld van de plannen in hun wijk en kunnen daarover meedenken. Daarnaast vinden in zowel Morgenstond als Moerwijk regelmatig (minimaal één keer per jaar) informatiemarkten plaats. Tijdens deze bijeenkomsten worden de lopende plannen getoond en besproken. 3.
Kan het college uit deze mer a boire van gefragmenteerde informatie een oordeel geven of de uitvoering van de structuurvisie integraal is?
Bij de uitwerking van de verschillende projecten in Zuidwest wordt altijd integraal getoetst of deze plannen aansluiten bij de ambities uit de Structuurvisie, het voorzieningenprogramma en het vastgestelde ruimtelijk raamwerk. Verder wordt altijd getoetst aan het vastgestelde plan MER bij de Structuurvisie en vindt waar nodig een (project) MER beoordeling plaats. De voortgangsrapportage en monitoringstool wordt in overleg met alle relevante afdelingen en diensten opgesteld. 4.
Kan het college aangeven waar de uitvoering van de structuurvisie op schema ligt en waar niet?
De monitor die het einde van dit jaar aan uw raad wordt aangeboden, zal een gespecificeerd inzicht kunnen geven in de voortgang van de uitwerking van de Structuurvisie. De realisatie van woningen en economische- en maatschappelijke voorzieningen uit de Structuurvisie zullen in de monitor worden afgezet tegen de ambities uit de Structuurvisie. Met de uitvoering van de Structuurvisie is begin 2024 gestart. Zoals in het voortgangsbericht is aangegeven, is een groot deel van de beoogde 10.000 woningen al belegd in lopende projecten. Met de scope- en ambitiebepaling Morgenstond (RIS322209) en het daaropvolgende gebiedsprogramma Morgenstond wordt een kader geboden voor verdere ontwikkelingen in Morgenstond. Het College heeft het voornemen in 2026 te starten met het maken van een scope- en ambitiebepaling en opvolgend een gebiedsprogramma voor Moerwijk. De komst van deze producten maken verdere ontwikkelingen transparanter en eenvoudiger en dit versnelt daarmee de verschillende projecten in deze deelgebieden. 5.
Gelet op de tijdelijkheid van de financiën die binnenkomen via de regiodeal kan het college aangeven welke voorzieningen er weer verdwijnen en hoe dit verder in te passen is in de Haagse Richtinggevende Normen?
In Regio Deals werken Rijk en regio meerdere jaren samen aan een betere woon-, werk- en leefomgeving voor bewoners en ondernemers. Voor Zuidwest hebben we twee keer gebruik kunnen maken van zo'n Regio Deal. De Regio Deal is bedoeld om een integrale, gezamenlijke aanpak tot stand te brengen en om nieuwe initiatieven te stimuleren. De financiële bijdrage is bedoeld als tijdelijke impuls voor regionale ontwikkeling met een duurzaam effect. Daarbij is het de afspraak dat de regio, en in dit geval de partners in Den Haag Zuidwest, zorgdragen voor borging van succesvolle initiatieven. In de Regio Deals voor Zuidwest is een aantal voorzieningen tijdelijk gefinancierd. Voorbeelden daarvan zijn de ontmoetingscentra, de wijkbedrijven, het bijbanenloket, ontwikkeling bedrijfsverzamelgebouwen en plintenaanpak. Het is op dit moment nog te vroeg om al conclusies te trekken over de vraag of voorzieningen succesvol zijn en voortgezet moeten worden. Voorzieningen die met behulp van de Regio Deal een impuls hebben gekregen, zullen volgens de Haagse richtinggevende normen worden ontwikkeld. Daarnaast houdt het college nieuwe kansen voor financiering van ontwikkelingen en initiatieven in Zuidwest in de gaten. Zo zullen er deze zomer twee aanvragen worden ingediend voor specifieke uitkeringen, namelijk een hernieuwde gebundelde SPUK Kansrijke Wijk en Preventie met Gezag.
3/15
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10903389
6.
De Plintenstrategie heeft de Raad vastgesteld. Daar zat een set aan tools in. Zijn deze tools onvoldoende gebleken voor Zuidwest? Is de financiering uit de regiodeal toereikend voor” de standaard samenwerkingsmodel” voor een Zuidwest-brede plintenaanpak met alle daarvoor relevante kaders. Kan het college de laatste zin van inhoud voorzien.
Voor Zuidwest wordt een plintenaanpak ontwikkeld als nadere uitwerking van de Structuurvisie Zuidwest en het bijbehorende voorzieningenprogramma. De plintenstrategie (RIS312977) wordt toegepast als een kader voor de afweging van instrumenten op basis van specifieke locaties en situaties. Binnen het Nationaal Programma werkt de Alliantie Werk & Economie samen met de andere allianties en hun partners aan een plintenaanpak voor Zuidwest. Gezien de diversiteit in aanbod, ligging, fysieke verschijningsvorm en veranderingen in de directe omgeving wordt er per plint maatwerk toegepast om de juiste voorzieningen voor alle inwoners van Zuidwest te organiseren. Omdat het merendeel van de plinten in Zuidwest in eigendom van de 3 corporaties is en de gemeente Den Haag in het gebied eigenaar is van enkele bedrijfsverzamelgebouwen, bestaat in Zuidwest een unieke kans om met de vier genoemde partijen het voorzieningenniveau in alle wijken en buurten in samenhang te optimaliseren. In het kader van de plintenaanpak wordt momenteel de Jan Luykenlaan/Van Baerlestraat als eerste pilot opgepakt. Hier is een regisseur en een transitiemanager aan de slag en vinden we met de betrokken corporaties uit wat er allemaal komt kijken om deze plinten richting een duurzame, veilige, aantrekkelijke toekomst te sturen.
Hieruit komt onder andere naar voren dat intensievere samenwerking tussen gemeente, corporaties, bewoners en ondernemers nodig is. In de plintenaanpak in Zuidwest worden de tools uit de eerder vastgestelde plintenstrategie toegepast, waarbij geldt dat dit in het licht van de achterstanden op alle fronten en de grootschalige ingrepen die in dit stedelijk vernieuwingsgebied gaan plaatsvinden, specifieke uitdagingen met zich meebrengt. De financiering uit de Regio Deal is niet toereikend. Het betreft een financiering tot eind 2027 en 1.725.000 voor 29 plinten, winkelstraten en bedrijfsverzamelgebouwen. De middelen en de realisatietermijn is eindig en het aantal plinten dat wordt aangepakt beperkt; 4 van de huidige 29 plinten. Voor meer plinten is veel meer geld nodig. De totale aanpak is langjarig. De aanpak van de vier plinten is bedoeld om een werkwijze te ontwikkelen die ook van toepassing is op de plinten die komende jaren worden aangepakt of ontwikkeld. 7.
Is er in financieel opzicht ten gevolge van o.a. te late oplevering zicht op de verwachte tegenvallers en meevallers. Graag per fysiek project aangeven (met uitzondering van DGZ).
Voor de projecten MeLeCo en Denekamp zijn rijksbijdragen, Woningbouwimpuls (WBI) en Woningbouw op korte termijn door bovenplanse infrastructuur (WOKT) ontvangen ten behoeve van de herinrichting van de openbare ruimte en de bouw van de parkeerhubs/ mobiliteithubs. Hierbij gaat het om € 2,5 miljoen aan WBI en € 4,4 miljoen aan WOKT. Deze projecten lopen enig vertraging op. Onder andere omdat er nog geen uitsluitsel is over het beheer en de exploitatie van deze hubs. Maar ook andere factoren spelen een rol, zoals de invoering van het parkeerregime. Dit heeft mogelijk gevolgen voor de gestelde deadlines die voor deze rijksbijdragen van toepassing zijn. Op dit moment worden gesprekken gevoerd met het ministerie van BZK en I&W om de rijksbijdragen veilig te stellen. Dit geldt ook voor de verkregen WBI-bijdrage voor het project Assumburgweg (Levels) van € 2,8 miljoen, die als gevolg van procedures op dit moment geen voortgang boekt. Vooralsnog zijn er verder geen tegenvallers of meevallers in beeld. 8.
Blz 7 Voortgezet onderwijs. Kan het college de prognose van de bevolkingsgroei met name die in de leeftijd tussen 12 en 18 aangeven en verklaren welke criteria er zullen gelden om tot bouw van een nieuwe VO-school over te gaan; de huidige tekst geeft aan dat de komst van een nieuwbouw wel erg onzeker is “welke school hiervan gebruik zal maken en in hoeverre deze voorziening in 2029 nodig en haalbaar is.”
4/15
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10903389
In lijn met de landelijke trend, daalt het aantal leerlingen in het voortgezet onderwijs op Haagse Scholen komende jaren aanzienlijk. Voor het voortgezet onderwijs gaat het om een daling van circa 8% voor de komende 15 jaar. Concreet betekent dit circa 2.150 leerlingen minder in 2040. De ontwikkeling van de bevolkingsopbouw leidt tot een daling van het aantal leerlingen. Echter, door de toevoeging van woningbouw in de stad is er toch sprake van een minder grote daling van het aantal leerlingen in de leeftijdscategorie 12 tot 18 jaar. Gezien de forse woningbouwopgave de komende jaren, die nog niet volledig onderdeel is van de langere termijn prognoses, is de verwachting dat de krimp lager uitvalt dan geprognosticeerd. De groei in het voortgezet onderwijs komt altijd later omdat de kinderen nog moeten opgroeien. De leerlingenprognose laat in Escamp en Laak een kleine groei zien en in de overige stadsdelen krimp.
In Den Haag Zuidwest worden op termijn 10.000 woningen toegevoegd. Daarom wordt in de komende 10 jaar bij de gebiedsontwikkeling ruimte geclaimd voor een school in het voortgezet onderwijs in Den Haag Zuidwest. In RPO verband is besproken dat van de bestaande schoolbesturen in de regio de Stichting Scholengroep Spinoza de eerstvolgende (na de stichting van een school in de Binckhorst) is die een school voor het voortgezet onderwijs zal opzetten. Dit schoolbestuur heeft belangstelling uitgesproken om dit te doen in Den Haag Zuidwest. Het Rijk heeft de afgelopen jaren een licentie afgegeven voor drie nieuwe VO-scholen, waaronder het Avicenna College dat in 2024 aan de Zuidlarenstraat gestart is. De bevolkingsprognose en de ontwikkelingen van het VO-aanbod hebben invloed op het geschikte moment voor een nieuwe VO-school om te starten. 9.
Blz 9 Cultuurhuis. Kan dit project niet opgenomen worden in een totale herontwikkeling van het Centrum Leyweg. Het staat er nu wat weinig ambitieloos geformuleerd, maar een cultureel hart van Zuidwest vergt meer dan een eenzaam gebouw?
In de scope- en ambitiebepaling over Morgenstond (RIS322209) is de ambitie omschreven om de rol van het winkelcentrum Leyweg te herstellen in de rol die het vroeger had. Het winkelcentrum wordt weer een bruisend centrum voor niet alleen Morgenstond, maar voor heel Zuidwest, waar mensen elkaar ontmoeten. Dit vraagt om het toevoegen van functies naast winkelen zoals onderwijs, cultuur, evenementen en werkgelegenheid. Dit geeft meer aanleiding om op verschillende momenten van de dag het centrum te bezoeken wat de levendigheid ten goede komt. In lijn met deze ambitie hebben we een Cultuurhuis voor ogen met allure, laagdrempelig, maar met kwalitatief goed aanbod. Een plek die uniek is, waar mensen trots op zijn, die aansluit bij lokale wensen en behoeften, wat niet uitsluit dat ook de gevestigde instellingen uit het centrum daar kunnen programmeren. Het moet een bruisende plek zijn waar mensen makkelijk naar binnen stappen en graag blijven hangen, maar met interessant aanbod, waardoor het een bovenwijkse en zelfs regionale uitstraling en aantrekkingskracht heeft. Voorbeelden in binnen-en buitenland laten al vele jaren zien dat dergelijke plekken een goede invloed hebben op aantrekkelijkheid én economie en werkgelegenheid. Deze ambities worden verder uitgewerkt in het gebiedsprogramma Morgenstond.
5/15
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10903389
10. In dit verband speelt ook de vraag over de initiatieven bij de Leyweg en de voortgang. Is er al sprake van een verdergaand concept of uitwerking.? Plannen mbt Leyweg? In het scope- en ambitiebepaling Morgenstond (RIS322209) worden ook de plannen met betrekking tot de Leyweg aan uw raad gepresenteerd. Een deel daarvan is in de vraag hierboven opgesomd. Verder zijn er op de Leyweg een aantal lopende initiatieven. Van het project Kop Leyweg/ De Ley kan uw raad begin 2026 een PUK verwachten. Op dit moment wordt onderzocht of de Leyweg een bedrijveninvesteringszone (BIZ) kan worden. Zo kunnen ondernemers en/of eigenaren samen investeren in de kwaliteit van de bedrijfsomgeving. 11. Is het college van opvatting dat de Raad zal worden geïnformeerd, zoals in dit tussenbericht over de centrale parkeervoorzieningen staat ? De invoering van parkeerregulering in heel zuidwest is in algemene zin uitstekend evenwel is er een motie aangenomen waarin staat dat er een apart parkeerregime voor de stad Zuidwest wenselijk is alsmede een gemeentelijke regie dmv een parkeerbedrijf. Kan de Raad in Q4 2025 zoals is toegezegd wel een conceptraadsbesluit ontvangen? (DGZ voortgangsbericht is hier mbt tot het gebeid duidelijker) Er wordt op dit moment gewerkt aan een voorstel voor het inrichten van een parkeerbedrijf of parkeerregime voor Zuidwest.
Dit omvat zowel organisatorische, fysieke als financiële aspecten. Het streven is erop gericht dit in Q4 van 2025 in concept gereed te hebben. Uw raad wordt daarover geïnformeerd. 12. WarmtelinQ A. Wanneer verwacht het college een besluit over het warmteoverdracht station en in hoeverre is bij het (te nemen) besluit rekening gehouden met het bezwaarschrift wat bij de RvS ligt inzake het bestemmingsplan Vlaardingen? Dit bezwaarschrift blokkeert thans de gehele aanleg van de WarmtelinQ . Het college is niet van plan een besluit te nemen om een warmteoverdrachtstation fysiek te gaan realiseren maar zou een besluit kunnen nemen over het reserveren van ruimte voor zo'n warmteoverdrachtstation. Het investeringsbesluit voor het realiseren van een warmteoverdrachtstation zal te zijner tijd worden genomen door het publieke warmtebedrijf dat het warmteoverdrachtstation zal bouwen als onderdeel van de ontwikkeling van nieuwe warmtenetten in Zuidwest. Zekerheid over warmtelevering zal logischerwijs een voorwaarde zijn voor het te zijner tijd te nemen investeringsbesluit. De tervisielegging van het paraplu-bestemmingsplan Vlaardingen t.b.v. de leiding WarmtelinQ Vondelingenplaat - Vlaardingen, vastgesteld door de gemeenteraad van Vlaardingen, lag van 20 juni tot en met 1 augustus 2024 ter inzage.
Belanghebbenden hebben in deze periode van zes weken een beroep kunnen aantekenen bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. Er is één beroep ingediend. Op 2 augustus 2024 is het paraplu-bestemmingsplan in werking getreden. De aanleg van de warmtetransportleidingen WarmtelinQ Vondelingenplaat – Vlaardingen is inmiddels gestart. Daarbij is het zo dat dit een extra aanvoerleiding is voor restwarmte want WarmtelinQ Vlaardingen-Den Haag wordt ook aangesloten op Leiding over Noord. B. Heeft het college al inzicht in de prijs die een eenheid warmte moet gaan betalen? Nee
6/15
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10903389
C. Waar zijn de alternatieven die beschikbaar zijn wanneer de WarmtelinQ niet tot stand komt? Om de energietransitie te laten slagen binnen de gemeente Den Haag moeten uiteindelijke alle benodigde lokale duurzame bronnen en ook de WarmtelinQ transportleiding worden gebruikt. Er is zelfs een aftappunt (T-stuk) op WarmtelinQ Vlaardingen – Den Haag gerealiseerd in de Middachtenweg. Aan dit T-stuk kan een Warmteoverdrachstation worden gekoppeld die nieuw aan te leggen stadsverwarmingsnetwerken kan gaan voorzien van warmte. Momenteel zijn er geen alternatieve opties voorhanden die grootschalig kunnen worden ingezet. D. Wat is de uiterste datum waarop de woningbouwcorporaties moeten weten of ze gebruik kunnen maken van fossiel opgewekt warmwater van WarmtelinQ? Er is geen uiterste termijn zoals aangegeven in de vraag. Wel is het zo dat woningbouwcorporaties er bij de planning van renovatiewerkzaamheden baat bij hebben om inzicht te hebben in wanneer hun bezit kan worden aangesloten op een warmtenet zodat bij renovaties gebouwen tegelijkertijd aardgasvrij kunnen worden opgeleverd. Tot die tijd kan op een andere manier worden voorzien in een warmtevoorziening. E.
Is er een kritische datum waarop de WarmtelinQ in bedrijf moet zijn, ivm met het bouwproces (geplande aanvang en oplevering van de woningen?) Nee, conform de bronnenstrategie van Den Haag wordt nieuwbouw aangesloten op een laag temperatuur warmtebron, zoals een warmte-koudeopslaginstallatie (WKO). De warmte van WarmtelinQ is bestemd voor warmtenetten gericht op bestaande bouw. 13.
In hoeverre speelt dat de warmtenetten ondergebracht worden in een gemeentelijk bedrijf en kun hoeverre wordt daarop geanticipeerd?
Het wetsvoorstel collectieve warmte, dat momenteel wordt behandeld door de Tweede Kamer bepaalt dat toekomstige warmtenetten in meerderheid in handen moeten zijn van publieke partijen. Na het afwegen van een zestal mogelijke opties zet het college in op een publiek warmtebedrijf dat 100% in publieke handen is. Daarvoor verkent het college twee opties: het oprichten van een Haags publiek warmtebedrijf met Netverder en EBN of het nemen van een deelneming in het reeds bestaande publieke warmtebedrijf HVC. Het college heeft de raad toegezegd hierover nog voor de zomer een voorstel te zullen sturen. In de planvorming voor Zuidwest anticiperen we erop dat een publiek warmtebedrijf naast het bestaande net van Eneco een nieuw warmtenet gaat ontwikkelen. 14. Op welke wijze zijn de bewonersorganisaties voorzien van extra middelen waarmee zij de inspraak namens de bewoners vorm kunnen geven gedurende deze nog 15 jaar durende (her)ontwikkeling? Bewonersorganisaties kunnen via het stadsdeel een beroep doen op subsidie. Dit is conform de werkwijze van de gemeente Den Haag. Deze middelen zijn in zijn algemeenheid bedoeld voor communicatie, huisvesting van de organisatie en ondersteuning door externen. Daarnaast is het voor deze organisaties mogelijk een subsidie aan te vragen voor activiteiten in het stadsdeel wanneer die activiteiten bijdragen aan bewonersparticipatie.
Indien de bewonersorganisaties door communicatie hun achterban goed betrekken en hun democratische legitimiteit op een goede wijze hebben georganiseerd, kunnen zij de (effectiviteit van) hun inspraak vergroten. Op verschillende manieren wordt in Zuidwest onderzocht hoe verder uitwerking kan worden gegeven aan het betrekken van bewonersorganisaties bij de plannen van de gemeente.
7/15
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10903389
15. In dit verband speelt ook de vraag of het college verwacht dat met thans de lopende plannen veel er juridische procedures gestart worden. Hierbij refererend aan de thans lopende RvS/rechter procedures? Het college hanteert als uitgangspunt dat ze met goede plannen komt, die door middel van participatie zijn versterkt en verrijkt en waar de meeste bewoners blij mee zijn. Deze participatieverslagen ontvangt uw raad bij de behandeling van plannen in de Commissie. Tijdens informatiemarkten en -avonden wordt getoetst hoe bewoners aankijken tegen verschillende plannen van het college. Een aanzienlijk deel van de bewoners is blij dat sterk verouderd corporatiebezit wordt gerenoveerd of vervangen door duurzame, eigentijdse woningen. Daarnaast wordt vaak teruggegeven dat het perspectief dat aan de bewoners wordt geboden – door het toevoegen van ook middeldure en vrije sector huur en koop – een goede ontwikkeling is voor Zuidwest. Desondanks zijn er ook bewoners en belangenorganisaties die zich zorgen maken over de mate van verdichting, de betaalbaarheid van het parkeren en het openbaar vervoer en andere voorzieningen. In een aantal gevallen kunnen deze zorgen worden weggenomen door het verschaffen van goede informatie (via bijvoorbeeld Q&A’s) of het voeren van gesprekken. Dit betekent helaas niet dat alle zorg wordt weggenomen.
Het college is zich ook bewust van de merkbare effecten voor bewoners van de ambitieuze plannen in het gebied. Het is daarom niet altijd te voorkomen dat bezwaar en/of beroep wordt ingesteld tegen verleende vergunningen van plannen. 16. Welke maatregelen heeft het college genomen om de kans op de steeds maar vertraging opleverende afwijzingen van de rechter in te vangen? Het college hanteert als uitgangspunt dat ze met goede plannen komt. Door de inzet op brede en goede participatie worden de plannen verrijkt en op onderdelen ook aangepast. Hierdoor wordt de kans op vertraging door juridische procedures verkleind. Waar nodig wordt gebruik gemaakt van extern juridisch advies. Het is zo dat bezwaar- en beroepsprocedures lang duren. Hier kan de gemeente helaas niet in sturen. Binnen de huidige planvoorraad zijn slechts een deel van het (eerste) bestemmingsplan van Assumburgweg (Levels) en het bestemmingsplan van het project Steenzicht/Ruimzicht door de rechter vernietigd. De uitspraak van beroep tegen het nieuwe bestemmingsplan van Assumburgweg, Levels wordt dit jaar verwacht. 17. Blz 15 “Het Nationaal Programma en het gebiedsteam Zuidwest werken samen en maken zoveel mogelijk gebruik van elkaars communicatiemiddelen. Voor het Nationaal Programma wordt de komende tijd gewerkt aan een nieuw communicatieplan.
Vanuit de gebiedsontwikkeling Zuidwest wordt gekeken hoe hierbij aan te sluiten en te bepalen welke aanvullende communicatiestrategie voor de gebiedsontwikkeling Zuidwest nodig is” A. Hoeveel mensen werken er aan de communicatie? Betekent deze zinnen dat de communicatie feitelijk mislukt is, is dat b.v. Een oorzaak van een aantal juridische procedures? Op dit moment werken er twee medewerkers aan communicatie binnen de gebiedsontwikkeling Zuidwest. Eén medewerker verzorgt de communicatie binnen de verschillende projecten, en de andere medewerker verzorgt voornamelijk communicatie voor de gehele gebiedsontwikkeling. De communicatie binnen de projecten vraagt voornamelijk om het informeren van de buurt over de plannen en initiatieven. De communicatie op het gebied van de gebiedsontwikkeling vraagt om een communicatiestrategie die past bij de gebiedsontwikkeling Zuidwest, en aansluit bij de communicatiestrategie van de gemeente Den Haag. Daar moet onderscheid worden gemaakt tussen Zuidwest als geheel, de verschillende wijken en de verschillende projecten. Mede door participatie en communicatie wordt ingezet op het betrekken van buurtbewoners bij de plannen. De afgelopen periode is de inzet op dit gebied versterkt.
8/15
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10903389
Het project Dreven-Gaarden-Zichten heeft in samenwerking met Heijmans een Staedion een eigen communicatiemedewerker. In het Nationaal Programma zijn twee medewerkers op het gebied van communicatie actief. Het Nationaal Programma Zuidwest en de gebiedsontwikkeling sluiten juist bij elkaar om te voorkomen dat mensen met te veel informatie worden overspoeld of dat te vaak via verschillende kanalen wordt gevraagd te participeren. Een voorbeeld daarvan zijn de gezamenlijke informatiemarkten, waarbij ook partners van de gemeente, zoals woningcorporaties aansluiten. Dit betekent echter niet dat bezwaren van bewoners(-organisaties) altijd worden weggenomen. B. Wordt in de aanpassing ook gekeken hoe de bewonersorganisatie een grotere rol kunnen vervullen De komende 20 jaar wordt uitvoering gegeven aan veel verschillende nieuwbouw-en renovatieprojecten in Den Haag Zuidwest. Dit heeft een grote impact op de leefomgeving van bewoners. Daarom is het van belang om een nauwe relatie te onderhouden met de bewoners van Zuidwest, zodat bewoners meer inzicht krijgen in het proces en de voortgang van de projecten, en zodat de gemeente de stem van bewoner mee kan laten tellen in de projecten.
Er wordt op dit moment gewerkt aan een strategie rondom participatie, waarin bijvoorbeeld de volgende afspraken worden gemaakt: • Er wordt gewerkt met wijkteams voor de verschillende deelgebieden van Den Haag Zuidwest, waar medewerkers van het stadsdeel, beheerders, projectleiders van de gebiedsontwikkeling Zuidwest, community builders, wijkmanagers en integraal beheerders aansluiten. Door een integrale aanpak is beter beeld bij de verschillende fysieke ingrepen in de wijk. • De gebiedsontwikkeling Zuidwest sluit structureel aan bij bestaande overleggen in de verschillende wijken in Zuidwest. Met de partners in een wijknetwerk kan goed worden onderzocht waar bewoners elkaar ontmoeten, en kan aansluiting gezocht worden bij deze bewoners. • Er wordt minimaal jaarlijks een informatiemarkt georganiseerd waar bewoners in Zuidwest op de hoogte worden gehouden van alle fysieke ontwikkelingen in de wijk. 18. Bijlage 2 Zijn er in de stad Zuidwest in totaal 341 woningen opgeleverd? Tijdens het opstellen van de Structuurvisie is een nulpunt bepaald. De genoemde aantallen in het voortgangsbericht zijn het aantal woningen dat is opgeleverd na de vaststelling van de Structuurvisie. Dit omvat de projecten Parel Moerwijk (259 woningen) en de Betje Wolffstraat (72 woningen).
Dit jaar wordt de oplevering van (een deel van) De Schaloen (307 woningen) en Steenzicht (1a 114 woningen, 1b 108 woningen) verwacht. De oplevering van Beresteinlaanblok, de Venen (132 sociale huurwoningen) en Maestro (136 zorgappartementen en 252 woningen) wordt in 2026 verwacht.
9/15
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10903389
Beantwoording vragen: SP Voortgangsbericht Zuidwest 1.
De toe te voegen 10.000 woningen zijn niet evenwichtig verdeeld over de drie wijken (BouwlustVrederust, Morgenstond en Moerwijk), zoals te zien is op de afbeelding op pagina 4. Betekent dit ook dat er relatief meer voorzieningen zullen worden toegevoegd in Bouwlust-Vrederust dan in de andere twee wijken? Graag een toelichting.
Voor de projecten in Zuidwest geldt dat de toevoeging van het aantal woningen, en daarmee de groei van het aantal bewoners, vraagt om een groei van het aantal maatschappelijke en economische voorzieningen. Bij het toevoegen van voorzieningen wordt vastgehouden aan het vastgestelde voorzieningenprogramma (bijlage bij de Structuurvisie Zuidwest).Dat in Bouwlust-Vrederust meer woningen worden toegevoegd dan in de andere gebieden, leidt er ook toe dat daar meer voorzieningen worden toegevoegd. Bij de verdeling van de voorzieningen wordt ook een optimale spreiding nagestreefd over heel Zuidwest om zo de dagelijkse voorzieningen op 15 minuten afstand van huis te kunnen bereiken. Daarnaast dienen de voorzieningen te passen bij de bewoners. In een buurt met al veel basisscholen of met weinig kinderen zullen geen extra basisscholen worden toegevoegd. 2.
Wanneer verwacht men te kunnen starten met de bouw van het project Steenwijklaan 40?
Er wordt verwacht dat er in 2027 gestart kan worden met de bouw. Op dit moment wordt er gewerkt aan het opstellen van een projectdocument. Dit wordt eind 2025/ begin 2026 aan uw raad voorgelegd. 3.
Wat bedoelt men op pagina 19 met ‘capaciteit binnen gemeente organiseren’ ten aanzien van het Zuidwest college?
Het College heeft een sterke wens tot het uitvoeren van het initiatief van de Kansencampus Zuidwest. Het project zal bijdragen aan het versterken van de samenhang tussen onderwijs en andere maatschappelijke voorzieningen. Op dit moment is een groot deel van de ambtelijke organisatie druk bezet met de uitwerking van de lopende projecten in Zuidwest. Om een goede start te kunnen maken met dit project, moet capaciteit en kostendekking bij de verschillende afdelingen en diensten worden georganiseerd. Dit wordt op dit moment opgepakt. Voortgangsrapportage Dreven-Gaarden-Zichten 4.
Hoe staat het met de eerdere aankondiging van een onderzoek naar de mogelijkheden om mensen die wensen terug te keren naar hun oude buurt financieel te ondersteunen in hun tweede verhuizing? Zie ook de afdoening van de motie ‘Tweede verhuiskostenvergoeding voor terugkeerders’, RIS307689. Waarom kost het zoveel tijd voor de gemeente om deze regeling van de grond te krijgen?
Er wordt op dit moment ambtelijk gewerkt aan het voorstel ‘’ tweede verhuiskostenvergoeding voor terugkeerders’’. Aangezien de regelgeving rondom het verstrekken van verhuisvergoedingen wettelijk is vastgelegd en het hier een aanvullende gemeentelijke regeling betreft, dient het voorstel met de nodige zorgvuldigheid te worden voorbereid. Daarbij wordt nauwlettend gekeken naar de juridische mogelijkheden binnen de geldende wet- en regelgeving. 5.
Is ook onderzocht in hoeverre financiële overwegingen en in het bijzonder het ontbreken van een tweede verhuiskostenvergoeding een rol speelt bij bewoners die aangeven niet de wens hebben om terug te keren? Zo ja, wat blijkt hieruit?
Staedion heeft met alle bewoners uitgebreide en persoonlijke keukentafelgesprekken gevoerd, waarbij veel bewoners aangeven aan dat 2 x verhuizen niet wenselijk is. Verhuizen is altijd een intensief en tijdrovend proces, en dat wordt vooral als reden aangevoerd. Geen tweede verhuiskostenvergoeding wordt inderdaad ook genoemd. Het is belangrijk te realiseren dat tussen vertrek uit de wijk en een eventuele terugkomst vele jaren zitten, waarin mensen zich vaak hebben gehecht aan hun nieuwe buurt en buren, en daar inmiddels dan echt “geland” zijn. 10/15
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10903389
6.
Worden bewoners ook direct geïnformeerd over het bestaan van en de functie van de onafhankelijk bemiddelaar? Zo ja, op welke wijze?
Ja, bewoners die te maken krijgen met een uithuistraject worden direct geïnformeerd over het bestaan van en de functie van de onafhankelijk bemiddelaar. Op het moment dat de bemiddelaar is aangesteld, heeft Staedion alle bewoners in de lopende actiegebieden hierover per brief geïnformeerd. Voor de volgende deelprojecten wordt de inzet van de bemiddelaar proactief besproken tijdens het overleg met de klankbordgroepen. In deze overleggen wordt ook het Sociaal Plan besproken, waarin de bemiddelaar nadrukkelijk is opgenomen. Dit proces zal voor het eerst worden toegepast in het aankomende actiegebied Dreven 2A. De rol van de bemiddelaar wordt actief toegelicht tijdens de individuele keukentafelgesprekken die iedereen heeft aan het begin van een uithuistraject. Als bewoners aangeven dat zij er mogelijk niet uitkomen met Staedion, wordt in dat gesprek de mogelijkheid van een onafhankelijke bemiddelaar benoemd en uitgelegd. 7.
Wanneer is duidelijk in hoeverre de mogelijke aanwezigheid van archeologische resten tot uitstel kan leiden van de bouw van Dreven 1D? Wat voor impact zou dit hebben op de bouw van overige onderdelen van de Dreven, aangezien er eerst zal moeten worden voorzien in de (toekomstige) parkeerbehoefte voordat de overige woningen kunnen worden gebouwd?
Eind 2025 moet er duidelijkheid zijn over de uitkomsten van de archeologische onderzoeken. Pas na uitvoering van deze onderzoeken kan meer inzicht worden gegeven in eventuele archeologische vondsten en de mogelijke consequenties daarvan voor de bouw in de Dreven. Het onderzoekstraject loopt parallel aan de voorbereidingen voor de gronduitgifte ten behoeve van de start van de bouw. Op basis van de resultaten van het archeologisch onderzoek wordt bepaald of en in hoeverre de bouwplanning aangepast moet worden. 8.
Wanneer verwacht Staedion de studie naar de renovatie- / transformatiewijze van de Dreven 1A te hebben afgerond?
Staedion verwacht studie naar renovatie- / transformatiewijze van Dreven 1A af te ronden in 2028. 9.
Wanneer is het college van plan om te starten met het onderzoek naar de mogelijkheden om meer rekening te houden met groen en beeldkwaliteit in de ontwikkeling van Dreven fase 2? Hoe wordt de raad hierbij betrokken, conform het aangenomen amendement ‘Geef de raad een stem in onderzoek Dreven fase 2’?
Het college treft in Q2 en Q3 van 2025 voorbereidingen voor het onderzoek. Conform het aangenomen amendement ‘Geef de raad een stem in onderzoek Dreven fase 2’ wordt het onderzoeksvoorstel voorgelegd aan de raad, naar verwachting in Q3. Aansluitend zal het onderzoek formeel van start gaan. 10. Wanneer verwacht men de monitoringstool gereed te hebben? De monitoringstool voor Zuidwest breed wordt eind 2025 verwacht. Voor Dreven-Gaarden en Zichten wordt geen aparte monitoringstool ontwikkeld. 11. Per wanneer worden de raad en (beoogde) bewoners geïnformeerd over de bandbreedte van de tarieven voor parkeerplekken in Dreven-Gaarden-Zichten, zowel voor de plekken onder de binnentuinen als die in de parkeerhubs? Voor Steenzicht zullen ergens de komende maanden de woningen op Woonnet worden gepubliceerd. Hierbij zal Staedion het tarief bekend maken voor de huurders die een parkeerplaats wil huren binnen het bouwblok (onder de binnentuinen). De eerste hub die opgeleverd wordt is in de Dreven. Vóór de verkoop van de woningen in Dreven 1C start, zal bekend worden gemaakt welke tarieven in deze hub worden gerekend. Parallel hieraan wordt ook gewerkt aan een voorstel om als gemeente-eigendom en exploitatie van de hubs op ons te nemen. Dit besluit zal een voorstel voor exploitatie bevatten met tarieven die volgen uit de onderliggende businesscase.
11/15
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10903389
12. Wanneer verwacht men het aparte voorstel over het eigenaarschap en de exploitatie van de parkeerhubs naar de raad te kunnen sturen? Dit voorstel moet nog dit jaar aan de raad worden voorgelegd. 13. Waarom zijn er enkel klankbordgroepen opgericht en geen bewonerscommissies? Zijn de leden van de klankbordgroepen gewezen op het verschil in status tussen een klankbordgroep en een bewonerscommissie? Zo nee, waarom niet? De corporaties stellen allemaal prijs op een georganiseerde bewonersvertegenwoordiging in de vorm van een bewonerscommissie maar in de praktijk blijken zijn bewoners in Zuidwest erg terughoudend om een formele vaste rol te spelen in bewonersvertegenwoordiging. Daarom zijn er nu weinig bewonerscommissies. De drempel om deel te nemen aan een klankbordgroep over een specifieke casus blijkt kleiner. Als er een bewonerscommissie aanwezig is, dan gaat Staedion daarmee in gesprek. Is er geen bewonerscommissie in een deelproject dan start Staedion een klankbordgroep op. Tijdens de ‘keukentafelgesprekken’ wordt iedereen gevraagd of ze interesse hebben om deel te nemen aan een klankbordgroep. In de tijd tussen ‘keukentafelgesprek’ en ‘actiegebiedaanwijzing’ gaat Staedion in gesprek met de bewonersvertegenwoordiging om samen o.a. het sociaal plan te bespreken en afspraken over leefbaarheid te maken.
Staedion legt de klankbordgroep uit dat zij een vertegenwoordiging zijn van de andere bewoners en behandelt hen ook als zodanig. Staedion ziet geen verschil in status met een bewonerscommissie, beiden worden gezien als vorm van bewonersvertegenwoordiging. Het verschil zit in de onderwerpen die besproken worden. De klankbordgroep is een bewonersvertegenwoordiging die gevraagd wordt mee te denken over het proces rond sloop van het complex (Sociaal Plan, leefbaarheidsmaatregelen rond sloopgebied). Dit is een kleiner bereik aan onderwerpen dan waar een bewonerscommissie over gaat. Bij een bewonerscommissie moet een voorzitter, secretaris en penningmeester aangesteld zijn. Een klankbordgroep wordt daarom als laagdrempeliger gezien voor bewoners om in te stappen dan een bewonerscommissie. 14. Is al duidelijk of en in hoeverre er tijdelijke woningen moeten worden gerealiseerd om de herhuisvestingscapaciteit op het noodzakelijke peil te houden? Er is op dit moment voldoende herhuisvestingscapaciteit om de afgesproken planning na te komen. Tot nu toe is er dus nog geen noodzaak voor Staedion om zich te willen beroepen op tijdelijke woningen voor de herhuisvesting. Of deze situatie in de toekomst verandert blijft afhankelijk van de voortgang in het opleveren van nieuwe sociale huurwoningen en de natuurlijke mutatiegraad in de sociale huurvoorraad. 15.
Zijn er al initiatieven om innovatieve woonvormen (denk aan wooncoöperaties / groepswonen) te faciliteren in Dreven-Gaarden-Zichten? Zijn er bijvoorbeeld al gesprekken gaande met initiatiefnemers en wat is de status van deze gesprekken? In deelplan Dreven 2A bestaat het voornemen om innovatieve woonvormen te huisvesten. De planontwikkeling van Dreven 2A is begin 2025 opgestart. Er wordt rekening gehouden met het ‘Wonen met een plus’ concept van Staedion. Daarnaast wordt onderzocht of er ook een woonvorm mogelijk is die bijdraagt aan het in stand houden van bestaande, waardevolle, sociale structuren en het consolideren van maatschappelijke initiatieven uit de buurt. De gesprekken met potentiële initiatiefnemers moeten nog worden opgestart. 16. In hoeverre is er een terugkeergarantie voor de huidige gebruikers van maatschappelijke en commerciële ruimtes? Krijgen zij voorrang bij de uitgifte van nieuwe maatschappelijke en commerciële ruimtes? Er is geen sprake van een formele terugkeergarantie in het geval van ondernemers, maar Staedion is uiteraard gebonden aan het huurrecht en zal juridisch gemaakte afspraken navolgen. Als bijvoorbeeld een ondernemer een 5 jaars-contract heeft en na 2 jaar weg moet, moet Staedion in een alternatieve locatie voorzien. Staedion is vrij in het maken van vervolgafspraken bij (maatschappelijke) huurders.
Juist daarom heeft Staedion in Project Ruimzicht in tijdelijkheid “placetesting” gedaan. Daar konden kandidaten tegen een bruikleenvergoeding (een fractie, hooguit 10% van reguliere huur) via een leegstandsbeheerder Bewaakt & Bewoond (dus geen huurcontract) de kans krijgen om te kijken of de verbinding met de buurt gemaakt kan worden en of een “reguliere” huurovereenkomst in de toekomst in de nieuwbouw “passend” is. Met succesvolle ondernemingen die huur kunnen betalen, maakt Staedion nieuwe afspraken voor de nieuwe locatie. 12/15
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10903389
Voor kandidaten die niet succesvol zijn (“geen aansluiting met de buurt kunnen maken en/of te weinig toegevoegde waarde bieden”) en/of geen huur kunnen betalen, kan Staedion geen afspraken voor een vaste plek (met huurcontract) in de toekomst maken. 17. Wanneer wordt duidelijk in hoeverre de te kappen bomen te compenseren zijn in de binnentuinen en op het eigen terrein van de corporatie rond de bouwblokken? Wat is het gevolg als de corporatie er niet in slaagt om het verlies aan 129 bomen in de Zichten en 133 bomen in de Dreven te compenseren? Welke prikkels zijn er om te zorgen dat de corporatie aan deze opdracht voldoet? De plannen voor de buurten leiden tot significante aanpassingen in de eigendomssituatie. De huidige corporatie gronden bevatten veel groen (en bomen) buiten de bouwblokken, waar in de nieuwe situatie de erfgrens veelal direct om het bouwblok (met overgangszone) wordt gelegd. De bomenbalans wordt dus als een totale opgave in de voor- en na-situatie bekeken voor openbare ruimte en binnenterreinen samen. De daadwerkelijke boombalans kan pas definitief gemaakt worden bij het VO Openbare Ruimte. Bij het aanvragen van de kapvergunning zal altijd aangetoond moeten worden hoe deze bomen gecompenseerd worden.
Dit betekent dat ook de ontwikkelde partij ook zal moeten aantonen hoe zij invulling geven aan hun opgave, om het totale verhaal van openbare ruimte en binnentuinen bij de kapvergunning sluitend te krijgen. Geen goede onderbouwing betekent geen kapvergunning. 18. Is er in de schetsontwerpen rekening mee gehouden dat mindervaliden wel kunnen blijven parkeren in de buitenruimte, als het hiermee mogelijk wordt om dichterbij huis te parkeren? Zo ja, hoe is deze behoefte-inschatting gemaakt? Ja, hiermee wordt in de ontwerpen rekening gehouden. Bij de herinrichting van de openbare ruimte blijven parkeerplaatsen op straat beschikbaar. Deze zijn in principe bedoeld voor bestaande bewoners en bezoekers. Bewoners van de nieuwbouw horen op eigen terrein te parkeren. Wanneer deze toegewezen parkeerplekken op een langere loopafstand liggen dan de voorgeschreven afstand, komen mindervaliden alsnog in aanmerking voor een gereserveerde parkeerplaats in de directe nabijheid van hun woning. 19. Kan het college uitgebreider schetsen wat de belangenafweging is geweest die ertoe heeft geleid dat er in de buurten met twee afvalsystemen zal worden gewerkt (inpandige rolcontainers en de reeds bestaande oracs)? Wat zijn de voor- en nadelen van deze keuze? Het beleid om bij nieuwbouw van gestapelde woningen afvalinzameling inpandig en/of op eigen terrein te organiseren is niet nieuw.
Deze beleidslijn is al eerder vastgesteld in: Huishoudelijk afvalplan 2016-2020 (RIS288629, 2016) Haagse hoogbouw Eyeline & Skyline (RIS298448, 2017) Evaluatie nota Eyeline & Skyline (RIS306342, 2021) Nota van Uitgangspunten Dreven, Gaarden, Zichten (RIS308508) Kadernota Openbare Ruimte (RIS310884, 2023) Uitgangspunt van de Nota van Uitgangspunten (NvU) Dreven, Gaarden, Zichten is dat utilitaire functies voor afval(opslag) en stalling van (bak)fietsen, scooters en scootmobielen ingepast in de bebouwing of op eigen terrein om de openbare ruimte zo min mogelijk te belasten. Bij gestapelde bouw wordt verzamelen en scheiden van afval inpandig opgelost. Hiervoor moeten in elk bouwblok één of meerdere ruimtes worden gereserveerd. Dat de afvalvoorziening aanwezig is in het gebouw maakt het voor bewoners gemakkelijker om hun afval op de juiste manier aan te bieden. Dit draagt bij aan betere afvalscheiding en het voorkomen van afval op straat. Wel zal de VvE of verhuurder moeten organiseren dat twee keer per week de containers naar buiten worden gereden voor het aanbieden en weer naar binnen na het legen. Voor de bestaande woningen in het gebied blijven de ORACs gehandhaafd, omdat deze geen inpandige gemeenschappelijke ruimte hebben voor afvalopslag. Voor nieuwbouw van gestapelde woningen hanteren we het vigerende beleid. Deze situatie wijkt niet af van de zogenaamde ORAC-gebieden.
Ook daar vindt in gestapelde bouw vaak afvalopslag inpandig plaats.
13/15
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10903389
20. Kunnen alle rolcontainers inpandig worden gefaciliteerd? Komen de rolcontainers alleen in de buitenruimte te staan tijdens afval-ophaaldagen? Zo ja, hoeveel uur per week zullen deze ongeveer buiten komen te staan? De NvU is de basis voor de uitwerking van de bouwplannen. Bij de bouw van gestapelde woningbouw is de afspraak dat afvalinzameling inpandig en/of op eigen terrein wordt ingepast, dus het is aan de ontwikkelende partij om te zorgen dat er voldoende ruimte inpandig gereserveerd wordt. Dit doet een beroep op de ruimte op de begane grond van het gebouw. Rolcontainers mogen enkel op de ophaaldag buitengezet worden. Hoelang deze buiten staan is afhankelijk van een aantal factoren, zoals hoe laat deze buiten worden gezet, hoe laat ze geleegd worden en hoe laat ze weer binnengezet worden. Dit kan per keer verschillen. Containers mogen op de avond voorafgaand aan de inzameldag na 22.00 uur buiten geplaatst worden en mogen maximaal tot 17.00 uur buiten staan op de inzameldag, zoals is vastgelegd in de APV. 21. Waarom zijn er in de impressies Ruimzicht 1, 2, 3 en 4 rolcontainers zichtbaar en in de impressies van het Zicht 1, 2 en 3 niet? Dit heeft te maken met waar de doorsnedes gemaakt zijn. Het wil dus niet zeggen, dat er geen rolcontainers in Het Zicht aan de straat worden gezet.
Om een goed beeld te krijgen van waar rolcontainers worden geplaatst kan op de plattegronden worden gekeken (SO Openbare Ruimte paragraaf 4). 22. Staan de rolcontainers van Ruimzicht 4 in het groen? Zo ja, wat voor invloed heeft dit op de kwaliteit van deze groenstrook? Als met deze vraag Zichten 4 wordt bedoeld (aangezien de plotnaam Ruimzicht 4 niet bestaat), dan blijkt uit bijlage 1c ‘SO Openbare Ruimte De Zichten’ (pagina 14) bij deze voortgangsrapportage dat de rolcontainers op de bestrating zijn ingetekend en niet in het groen. 23. Stel dat men er in de loop van tijd toch voor kiest om over te gaan naar één afvalsysteem in de Zichten en Dreven, in de vorm van oracs, is het dan nog mogelijk om dit in de buitenruimte te faciliteren? Is dit ook onderzocht door de gemeente? Als in afwijking van het beleid in de loop van de tijd gekozen wordt om over te gaan naar een afvalsysteem met alleen ORACs betekent dit dat er een nieuw plan voor de openbare ruimte en voor de ondergrond gemaakt moet worden. De impact zal groot zijn. Daarnaast moet dekking gezocht worden voor de kosten van deze aanpassingen. Bovengronds kunnen ORACs een kleiner ruimtebeslag hebben, maar ondergronds hebben deze een groot ruimtebeslag in breedte en diepte, en dit ruimtebeslag is permanent. Het plaatsen van ORACs kan dus grote effecten hebben op de ondergrondse infrastructuur.
De druk op de ondergrond is nu al groot door de huidige kabels en leidingen, maar er is in Zuidwest nog een extra claim op de ondergrond voor de nog aan te leggen infrastructuur van onder andere elektriciteitsvoorzieningen in verband met netcongestie, warmtenet e.d. Daarnaast heeft het plaatsen van ORACs ook grote permanente invloed bovengronds op de inrichting van de openbare ruimte op maaiveld. ORACs kunnen niet direct naast bomen geplaatst worden in verband met de wortels, maar ook vanwege de boomkronen. ORACs worden een paar meter omhoog gehesen om geleegd te worden, dus het heeft ook gevolgen voor het aantal bomen in de openbare ruimte. 24. Kan het college de opslagcapaciteit van één rolcontainer vergelijken met die van een orac? Hoeveel oracs zouden er in de Dreven en Zichten nodig zijn als je zou kiezen voor een afvalsysteem met enkel oracs, in vergelijking met het aantal rolcontainers dat nodig is? Nee, deze zijn niet 1 op 1 uitwisselbaar. De inhoud van de rolcontainer is 660 liter, een ORAC is 5.000 liter. Om het ruimtebeslag van de rolcontainers zowel inpandig als op straat te beperken is afgesproken dat in Dreven, Gaarden en Zichten 2x per week de containers geleegd worden. Ook is er afgesproken dat rolcontainers in 2 rijen achter elkaar opgesteld mogen worden.
14/15
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10903389
Er zijn veel ontwikkelingen gaande met betrekking tot afvalinzameling. In overleg met de ontwikkelende partijen wordt daarom ook gekeken naar innovatieve afvalsystemen zoals miniperscontainers. Met innovatieve afvalsystemen zou het ruimtebeslag zowel inpandig als voor de opstelplekken op straat nog kleiner kunnen worden. 25. Wie wordt er verantwoordelijk voor het naar binnen en buiten rijden van al deze rolcontainers? Zijn dit de pandbeheerders van de verschillende complexen? Zo ja, zijn de personeelslasten die hiermee gemoeid zijn reeds ingecalculeerd door Staedion? De verantwoordelijkheid ligt bij de corporatie of de VvE’s. Voor corporaties worden de kosten opgenomen in de servicekosten. Voor VvE’s worden deze kosten, net als bij vergelijkbare appartementencomplexen elders in de stad, opgenomen in de algemene VvE-kosten. In dit project geldt dat Staedion het bedrijf dat verantwoordelijk is voor de schoonmaak tevens de rol laat vervullen van het in- en uitrijden van de containers. De kosten hiervan zijn ingecalculeerd en worden doorbelast aan de huurders via de servicekosten. 26.
Moeten de huurders voor de inzet van deze pandbeheerders betalen via de servicekosten? Wordt voorafgaande aan de oplevering van de eerste complexen duidelijk hoe hoog de servicekosten zullen zijn en welke diensten bijdragen aan de hoogte hiervan? Staedion kent geen pandbeheerders, maar huismeesters en wijkbeheerders. In deze wijk wordt uitgegaan van de inzet van wijkbeheerders. Een deel van de kosten van de wijkbeheerders wordt doorbelast in de servicekosten. Als er na oplevering en ondertekening van de huurovereenkomsten de wens ontstaat om een huismeester in een gebouw te situeren, zal dit enkel met goedkeuring van 70% van huurders kunnen, deze kosten worden doorbelast in de servicekosten. De samenstelling en hoogte van deze servicekosten zijn bekend. 27. Dienen de rolcontainers enkel voor de opslag van restafval, of komen er ook aparte rolcontainers voor papier, glas, etc.? Er komen niet alleen rolcontainers voor restafval. Ook papier kan met rolcontainers worden verzameld. Glas wordt ingezameld op specifieke locaties zoals ook in de rest van de stad. 28. Is de keuze voor twee afvalsystemen (inpandige rolcontainers en behoud van de bestaande oracs) ook onderwerp geweest van participatie met de buurten? Zo ja, wat waren de opvattingen van bewoners hierover? Het afvalinzamelsysteem is geen onderwerp geweest in de participatie in Dreven, Gaarden en Zichten.
(zie hierboven antwoord op vraag 19). In de participatie is ‘Schoon, heel en veilig’ wel een thema geweest. Met betrekking tot ‘schoon’ zijn opmerkingen gemaakt over troep wat over balkons gegooid wordt, de wens voor broodcontainers, ratten- en insectenoverlast en een systeem voor gescheiden afval. Zie bijlage 5 Terugkoppeling participatie bij de Nota’s van Uitgangspunten Dreven – Gaarden – Zichten (RIS308508) Het beleid is erop gericht dat mensen op eigen terrein inzamelen in plaats van in de openbare ruimte. Goede afvalinzameling zal de overlast van ongedierte verminderen. 29. Wat is het project ‘Poort van Zuidwest’ (pagina 17 schetsontwerp Dreven)? Poort van Zuidwest is de oude benaming voor de ongelijkvloerse kruising Lozerlaan-Erasmusweg. 30. Zou het in het ontwerp van de buitenruimte passen om enkele oracs in de Dreven waar nu een streep doorheen is gezet (zie afbeelding Schetsontwerp Dreven op pagina 22) toch te laten staan, voor het geval dat de keuze om met twee afvalsystemen te werken uiteindelijk toch niet wenselijk blijkt? Zo ja, hoeveel van deze oracs zouden dan kunnen blijven staan? Kan dezelfde vraag worden beantwoord voor de Zichten? De containers kunnen niet blijven staan. Dit zou namelijk een onnodige belasting geven op de openbare ruimte, daarnaast zorgt dit voor onduidelijkheid bij de bewoners over welk inzamelmiddel zij moeten gebruiken.
15/15