RIS322412 Beantwoording SV Onderwijskansenregeling voortgezet onderwijs
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE VRAGEN
1 juli 2025 Ons kenmerk Onderwerp
Antwoord van het college op de vragen van het raadslid de heer De Mos, luidend: ‘Onderwijskansenregeling voortgezet onderwijs’
OCW/10912616 RIS322412
Het raadslid de Mos heeft op 17 juni 2025 een brief met daarin vier vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. 1.
Is het college op de hoogte van het kabinetsbesluit om de Onderwijskansenregeling voor het voortgezet onderwijs af te schaffen? Wat zijn de gevolgen hiervan specifiek voor Haagse scholen, leerlingen, ouders en hun gezinnen?
Het college is op de hoogte van het kabinetsbesluit om de Onderwijskansenregeling voor het voortgezet onderwijs af te schaffen. Voor Haagse scholen betekent dit dat ze het onderwijs moeten inrichten zónder middelen die al decennialang als basis aanwezig waren. De gevolgen daarvan zijn diepgaand en structureel: het betekent minder tijd, minder begeleiding en minder zicht op wat leerlingen nodig hebben. Voor Haagse leerlingen betekent dit dat zij niet langer de gerichte, tijdige en structurele ondersteuning ontvangen die verder gaat dan het reguliere lesprogramma, op een school die hen op tijd ziet, ondersteunt en perspectief biedt. Ook ouders maken zich zorgen over het afschaffen van de Onderwijskansenregeling. Zij zien hoe hun kinderen, zeker in het praktijkonderwijs en vmbo, afhankelijk zijn van de extra ondersteuning die deze regeling mogelijk maakt. Zonder die begeleiding en aandacht wordt het voor veel leerlingen moeilijker om hun plek in het onderwijs te vinden en hun potentieel te benutten. 2.
Hoeveel Haagse middelbare scholen maken momenteel gebruik van deze regeling, hoeveel leerlingen zijn erbij gebaat en welk bedrag dreigt hierdoor in Den Haag te verdwijnen?
In 2025 maken 39 middelbare scholen (inclusief dislocaties) gebruik van deze regeling, waarbij zo’n 19,9 duizend leerlingen gebaat zijn. Het bedrag dat in Den Haag dreigt te verdwijnen is op basis van 2025 ruim 14 miljoen euro. De middelen worden door het ministerie rechtstreeks aan de scholen toegekend. 3.
Is het college bereid om per direct bij het kabinet aan de bel te trekken, bijvoorbeeld via een brandbrief, of door steun te geven aan de lopende petitie tegen deze bezuinigingsmaatregel, om het schrappen van deze regeling te voorkomen?
Het college heeft, samen met de colleges van de G4 en de VNG, PO Raad, VO-Raad, LAKS en kinderopvangorganisaties op 9 juni een brandbrief gepubliceerd waarin de politiek leiders van ons land worden opgeroepen om de afbraak van ons onderwijs te stoppen en te investeren in onze kinderen en de toekomst van ons land. In de brief worden de zorgen rond alle bezuinigingen aangekaart maar wordt met klem benadrukt dat de eerste stap het terugdraaien van de bezuiniging op de Onderwijskansenregeling zou moeten zijn.
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10912616
Tevens zou er op 3 juni jl. een gesprek van de G4 wethouders met demissionair staatssecretaris Paul van Funderend Onderwijs en Discriminatie plaatsvinden, waarin onder andere het schrappen van de onderwijskansenregeling geagendeerd stond. In verband met de val van het kabinet op 3 juni is de afspraak door de staatssecretaris geannuleerd. Een nieuwe afspraak moet nog worden gepland. 4.
Erkent het college dat het wegvallen van deze regeling ook het risico vergroot dat kwetsbare jongeren afglijden richting schooluitval of criminaliteit? Wat gaat het college doen om te voorkomen dat deze jongeren tussen wal en schip vallen?
Het college onderkent het risico dat met het wegvallen van de regeling de kwetsbaarheid van jongeren wordt vergroot. Leerlingen die worstelen met schooltaken of thuissituaties raken op school letterlijk buiten beeld. Ze haken af, verdwijnen in de anonimiteit van een volle klas, of verlaten de school voortijdig en worden thuiszitters. Wanneer jongeren onderpresteren of afhaken en thuis komen te zitten, raakt dat onze hele samenleving. Het vergroot de kansenongelijkheid, verhoogt de druk op jeugdzorg en hulpverlening, en ondermijnt de sociale samenhang in wijken en steden. Het belemmert de kansen op goed opgeleide (vak)mensen en burgers die volwaardig kunnen deelnemen. Het college beschikt helaas niet over de financiële middelen om het verlies van middelen op de scholen te kunnen compenseren. Het college is in nauw contact met het Haagse onderwijsveld om in gezamenlijkheid, ook met het oog op de nieuwe Haagse Educatieve Agenda, prioriteiten te stellen voor wat betreft de inzet van middelen en beleid. Voorts is er staand beleid met betrekking tot jongeren die dreigen uit te vallen. Zoals via het OPDC (Orthopedagogisch Didactisch Centrum) Zuid-Holland West dat een belangrijke rol speelt bij het voorkomen en verminderen van schooluitval binnen het voortgezet onderwijs.
Deze bovenschoolse voorziening biedt kwetsbare jongeren die dreigen uit te vallen tijdelijk (maximaal twee jaar) een plek, zodat zij extra ondersteuning kunnen krijgen bij gedrags-, sociaal-emotionele en leerproblemen. De leerlingen volgen een op maat gemaakt programma, waarbij het onderwijs wordt geleverd door hun eigen stamschool. Het doel is terugkeer naar het regulier onderwijs, doorstroming naar praktijkonderwijs of vervolgonderwijs. Het OPDC valt onder de verantwoordelijkheid van het samenwerkingsverband Zuid-Holland West. Daarnaast kunnen kinderen met ernstige gedragsproblemen, waarbij ook sprake kan zijn van veiligheidsrisico’s of dreiging op het gebied van criminaliteit, terecht bij School2Care. Dit is een cluster 4-speciale school waar intensieve begeleiding wordt geboden, ondersteund door jeugdhulp en de geestelijke gezondheidszorg. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
2/2