RIS322379 Beantwoording SV Smartphonevrij opgroeien in Den Haag
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE VRAGEN
9 september 2025 Ons kenmerk Onderwerp
Antwoord van het college op de vragen van de raadsleden de dames Verduin en Butt en de heer Partiman, luidend: ‘Smartphonevrij opgroeien in Den Haag’
OCW/10938587 RIS322379
De raadsleden de dames Verduin en Butt en de heer Partiman hebben op 26 mei 2025 een brief met daarin negen vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 32 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. Aanleiding Op 26 mei 2025 stuurde een groep van 1400 artsen, wetenschappers en praktijkdeskundigen een brandbrief naar de Nederlandse Overheid met als oproep ‘om de negatieve impact van schermgebruik en sociale media op kinderen en adolescenten daadkrachtig aan te pakken’. Deze experts hebben grote zorgen over de negatieve effecten van smartphones op de concentratie, sociale ontwikkeling, fysieke gezondheid en slaap van kinderen. Tegelijkertijd groeit het maatschappelijke draagvlak voor een smartphonevrije jeugd. Het landelijke burgerinitiatief Smartphonevrij Opgroeien, gestart door drie ouders, is inmiddels al door meer dan 60.000 mensen ondertekend.1 Zij roepen onder meer op tot bewustwording bij ouders en tot structurele beperkingen op het smartphonegebruik op school. De fracties van D66 Den Haag, CDA Den Haag en GroenLinks Den Haag wil recht doen aan de zorgen en wil weten op welke wijze de gemeente het welzijn van kinderen en jongeren kan verhogen waar het gaat om de negatieve effecten van schermgebruik en sociale media. 1.
Is het college bekend met het initiatief Smartphonevrij Opgroeien en de recente brandbrief over de impact van smartphones op kinderen?
Ja, het college is hiermee bekend. 2.
In hoeverre deelt het college de zorgen uit het artikel en het initiatief over de negatieve invloed van smartphones op de mentale en fysieke ontwikkeling van kinderen en jongeren?
Het college herkent en deelt de zorgen over de negatieve invloed van overmatig smartphonegebruik op de ontwikkeling van jongeren. Vanuit de Haagse Jeugdgezondheidszorg (JGZ) wordt in de praktijk gezien dat intensief schermgebruik effect kan hebben op de gezondheid en ontwikkeling van kinderen. Deze zorgen worden ook binnen de Haagse Preventie Aanpak (RIS316577 en RIS318619) herkend. Tegelijkertijd erkent het college dat digitale technologie, mits in balans met beweging, slaap en offline contact, ook positieve functies kan hebben, zoals zelfexpressie, sociale verbondenheid en identiteitsvorming.2 De inzet van het college is daarom gericht op het beperken van risico’s én het benutten van kansen.
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10938587
3.
Kan het college inzicht geven in wat de gemeente Den Haag op dit moment doet om gezond en smartphonevrij opgroeien te stimuleren? Bijvoorbeeld in samenwerking met scholen, jeugdgezondheidszorg, ouders of andere partners?
Haagse Preventie Aanpak (HPA) Binnen de HPA is het bevorderen van een gezonde digitale leefstijl verankerd in meerdere focuslijnen, waaronder mentale gezondheid en een goede start. Schermgebruik wordt daarin meegenomen als onderdeel van de leefomgeving van kinderen. Een van de mogelijkheden die momenteel wordt verkend, is de inzet van Chatlicense: een digitale leermodule in de vorm van een ‘smartphonerijbewijs’ voor kinderen van 10 tot 12 jaar. De app biedt interactieve lessen over thema’s als privacy, sociale media, online veiligheid en het maken van gezinsafspraken. Kinderen doorlopen de lessen samen met hun ouders, die daarbij worden geïnformeerd over leeftijdsgrenzen en mogelijke risico’s. Daarnaast zet de HPA preventief in op het vergroten van de digitale financiële weerbaarheid van jongeren, door aandacht te besteden aan online verleidingen zoals Buy Now, Pay Later-diensten. Met een integrale beleidsgroep rond de levensfasen verkennen we welke rol de gemeente verder kan spelen bij het thema schermgebruik. Er zijn diverse pilots in ontwikkeling. Samen met aangesloten partners, onder meer vanuit het Manifest Samen opvoeden en opgroeien, onderzoeken we welke interventies het meest passend zijn. Signalering en ondersteuning via de jeugdgezondheidszorg (JGZ) De JGZ besteedt tijdens reguliere contactmomenten aandacht aan schermgebruik.
Doel is bewustwording vergroten en ouders praktische handvatten bieden, passend bij de leeftijd van hun kind. Professionals worden geschoold in signalering van problematiek rond schermgebruik en JGZ sluit aan bij landelijke campagnes als de Week van de Mediawijsheid en Media Ukkie Dagen. Ook worden er in de stad op scholen en via Centra voor Jeugd en Gezin (CJG's) workshops en voorlichtingsactiviteiten georganiseerd over thema’s als online gedrag, groepsdruk en sexting, in samenwerking met lokale partners. De landelijke richtlijn Gezond Schermgebruik is recent gepubliceerd.2 De inhoud van de richtlijn is grotendeels al bekend en in de praktijk deels toegepast door de JGZ, maar de richtlijn biedt nu een actuele bundeling en verdere aanscherping van de aanpak rondom schermgebruik. Daarmee krijgen jeugdprofessionals handvatten om ouders en kinderen te begeleiden bij het gebruik van digitale media, met als doel een gezonde balans tussen schermtijd, beweging, slaap en sociaal contact. Onderwijs Scholen volgen hierin het beleid van hun schoolbestuur. Er worden door middel van gemeentelijke begrotingssubsidies aan organisaties diverse trainingen en workshops aan scholen aangeboden op het gebied van grensoverschrijdend gedrag waar ook het gebruik van sociale media in is verwerkt (specifiek op het gebied van sexting). 4.
Is het college bereid om aanvullende maatregelen te nemen om smartphonevrij opgroeien in Den Haag te bevorderen? Zo ja, welke? Zo nee, waarom niet?
Het college zet in op de maatregelen die nu al lopen en volgt de effecten daarvan nauwgezet. Op basis van die ervaringen en signalen kan worden bezien of aanvullende maatregelen wenselijk en nodig zijn. Daarbij sluiten we aan en volgen we nauwgezet de ontwikkelingen op lokaal en landelijk niveau.
2/ 2
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10938587
5.
Is het college bereid om het initiatief Smartphonevrij Opgroeien actief onder de aandacht te brengen van Haagse ouders, bijvoorbeeld via CJG’s, huisartsen, kinderdagverblijven, opvoedpoli, scholen en communicatiekanalen van de gemeente?
Het college wil samen met relevante partners verkennen of en op welke manier het initiatief Smartphonevrij Opgroeien van meerwaarde is op de bestaande aanpak. Daarbij wordt gekeken naar de samenhang met de lokale inzet en landelijke ontwikkelingen. 6.
Is het college bereid om scholen die (deels) smartphonevrij onderwijs aanbieden, of dat overwegen, te ondersteunen en stimuleren?
Het college erkent dat scholen verschillende keuzes maken en (les)methodieken gebruiken bij het vormgeven van hun onderwijs, waaronder (deels) smartphonevrij onderwijs. Deze keuzes behoren tot de autonomie van schoolbesturen en het college heeft hierin geen rol. 7.
Heeft het college in kaart welke en hoeveel basis- en middelbare scholen in Den Haag een smartphoneverbod hanteren, al dan niet volledig of deels? Zo ja, kan het college die informatie delen met de raad? Zo nee, is het college bereid dit in beeld te brengen?
Het college beschikt niet over specifieke cijfers over het aantal scholen in Den Haag dat een smartphoneverbod hanteert. Wel hebben ouders van 1875 kinderen op 78 verschillende scholen in Den Haag het ouderpact getekend.1 Verder geldt er sinds 1 januari 2024 een richtlijn dat smartphones niet meer zijn toegestaan in de klaslokalen van het voortgezet onderwijs, tenzij ze essentieel zijn voor de les. Uit landelijk onderzoek is gebleken dat 89% van de primair onderwijs (po) scholen een mobielbeleid heeft.3 Daarnaast is 99% van de voortgezet onderwijs (vo) scholen op de hoogte van de landelijke afspraak rondom mobiele telefoongebruik (en andere devices). Het merendeel van deze scholen voert een “thuis- of in de kluis” beleid. De hierboven genoemde percentages geven een representatief en landelijk beeld van de uitvoering van het smartphonebeleid op scholen. Het college ziet op dit moment geen aanleiding om aanvullend onderzoek te doen naar de specifieke situatie binnen Den Haag 8.
Is het college bereid om met scholen een inventarisatie te maken wat er nodig is om in Den Haag vrijwel geheel smartphonevrij onderwijs aan te bieden? Welke obstakels komen we daarbij tegen en wat is nodig om deze obstakels weg te nemen?
Zoals blijkt uit het landelijk onderzoek genoemd in vraag 7 is het merendeel van de scholen in Nederland reeds op de hoogte van de landelijke afspraken rondom telefoongebruik. Gezien deze landelijke trend ziet het college op dit moment geen aanleiding om aanvullend onderzoek te doen naar de mogelijkheden voor smartphonevrij onderwijs binnen de gemeente Den Haag. Het onderwijsveld heeft deze verantwoordelijkheid grotendeels al zelfstandig opgepakt. Het college respecteert de autonomie van scholen bij het inrichten van hun onderwijs en blijft beschikbaar voor overleg en samenwerking met partners in het veld, waaronder scholen en gemeentelijke uitvoeringsorganisaties zoals de GGD en het CJG.
3/ 3
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10938587
9.
Is het college (al dan niet in VNG-verband) van plan dan wel bereid om richting het kabinet aan te dringen op serieuze stappen richting handhaving van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) èn een grootschalige landelijke publiekscampagne om de maatschappelijke discussie hierover te voeren?
Er zijn op dit moment landelijke ontwikkelingen die direct betrekking hebben op dit onderwerp. Op 16 juni 2025 heeft het kabinet een nieuw landelijk advies aan ouders uitgebracht waarin wordt geadviseerd om kinderen pas vanaf 15 jaar gebruik te laten maken van sociale media, zoals Instagram, TikTok en Snapchat. Voor chatapps zoals WhatsApp of Signal wordt aansluiting gezocht bij de overstap naar de middelbare school, rond 13 jaar.4 Daarnaast is de Tweede Kamer geïnformeerd over het lopende traject om te komen tot een landelijke richtlijn voor gezond en verantwoord scherm- en sociale mediagebruik door kinderen. Deze richtlijn zal gebaseerd zijn op wetenschappelijke inzichten en praktijkervaringen van ouders, jongeren en professionals.5 Ook wordt in de genoemde Kamerbrief ingegaan op de internationale inzet. Het kabinet benadrukt daarin het belang van het versterken van Europese wetgeving, in het bijzonder gericht op de implementatie van de Digital Services Act (DSA) en op de bescherming van minderjarigen online. Daarnaast pleit het kabinet voor uniforme Europese leeftijdsadviezen en adequate leeftijdsverificatie voor sociale mediaplatforms, zodat naleving en handhaving beter uitvoerbaar worden. Het college sluit aan bij deze landelijke lijn en volgt, in combinatie met de lokale inzet zoals eerder beschreven, de verdere uitwerking van het advies en de richtlijn nauwlettend.
Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
1.
https://smartphonevrijopgroeien.nl/
2.
https://open.overheid.nl/documenten/e8f325dd-a4b4-4b5e-a4ba-97c33449c183/file
3.
https://www.vo-raad.nl/nieuws/vrijwel-alle-vo-scholen-volgen-landelijke-afspraak-over-smartphonegebruikin-de-klas
4.
https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2025/06/16/duidelijk-advies-voor-ouders-wacht-met-socialemedia-tot-15-jaar
5.
https://open.overheid.nl/documenten/db3c3c1f-5a3c-4a7b-9bf4-696a61d8ee2b/file
4/ 4