CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS322234 Beantwoording SV Lisztstraat-bewoners in het gelijk gesteld

Commissie Ruimte 20 november 2025, gemeente Den HaagBij agendapunt: Tweeminutendebat inzake Lisztststraat-bewoners in het gelijk gesteld (Hart voor Den Haag)1.659 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum

BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE VRAGEN

8 juli 2025 Ons kenmerk Onderwerp

DSO/10905044

Antwoord van het college op de vragen van het raadslid de heer Sluijs,

RIS322234

luidend: ‘Lisztstraat-bewoners in het gelijk gesteld’

Het raadslid de heer Sluijs heeft op 28 mei 2025 een brief met daarin zeventien vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. 1.

Vertraging publicatie inspectierapport 1.1. Waarom is het definitieve inspectierapport van Cauberg Huygen (datum: 28 februari 2025) pas op 16 april 2025 naar de bewoners gestuurd?

Het rapport kon pas naar de bewoners gestuurd worden nadat het college kennis had genomen van de inhoud ervan. Dit proces heeft helaas langer geduurd en de situatie rond het vertrek van de vorige wethouder Volkshuisvesting heeft dit proces verder vertraagd. 1.2 Acht het college het acceptabel dat bewoners, die al jarenlang klachten hebben, ruim zes weken moeten wachten op een rapport waarin hun klachten eindelijk erkend worden Het college erkent en betreurt dat hier langere tijd tussen heeft gezeten. 1.3 Heeft het college in deze periode intern overleg gevoerd over de formulering of toon van de begeleidende communicatie naar bewoners? Zo ja, wat hield dat overleg precies in? De gemeente heeft aan Cauberg-Huygen gevraagd om het (uitgebreide) rapport van een goed leesbare begeleidende samenvatting te voorzien. Daarnaast is afgesproken dat Staedion zo kort mogelijk op het verzenden van het rapport nadere informatie aan de bewoners zou sturen. 2.

Structurele problemen door bewoners jarenlang gemeld, maar niet erkend 2.1 Herkent het college dat bewoners van de Lisztstraat vanaf het begin hebben aangegeven dat er sprake was van structurele gebreken in meerdere woningen, in tegenstelling tot de eerdere bewering van corporatie en gemeente dat het slechts “twee woningen met klachten” betrof?

Ten tijde van de vorige schriftelijke vragen over dit onderwerp (RIS317805) had het college contact met Staedion en de bewonerscommissie Lisztstraat, die op dat moment nog actief was. De bewonerscommissie meldde het college dat er onvrede was over de situatie. Na de herstelronde door Staedion kwam vanuit de bewonerscommissie het signaal dat zij tevreden waren over de afhandeling. Staedion meldde daarna dat er nog twee bewoners waren die aangaven klachten te ondervinden. Meer klachten waren bij Staedion en ook bij de bewonerscommissie niet bekend.

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10905044

De motie Vertrouwensbreuk onafhankelijk oplossen (RIS319075) riep het college op om een onafhankelijk expertiserapport op te laten stellen over de uitvoering van de renovatie van het complex aan de Lisztstraat. Het college heeft ervoor gekozen dit onderzoek breder in te steken dan sec een inspectie. In de opdracht aan de onafhankelijke expert is expliciet vermeld dat niet alleen onderzocht moet worden of de renovatie in overeenstemming met de wettelijke eisen is uitgevoerd (besluit bouwwerken, leefomgeving, BBL) maar dat ook nadrukkelijk de ervaren comfortklachten van de bewoners onderdeel van het onderzoek moeten zijn. Dat heeft geleid tot dit uitgebreidere onderzoek, waarin wordt geconcludeerd dat de bewoners comfortklachten ervaren die worden veroorzaakt door enkele technische aspecten aan de woning in combinatie met stookgedrag. 2.2 Wanneer heeft het college voor het eerst kennisgenomen van het feit dat het om een aanzienlijk groter aantal woningen ging dan aanvankelijk werd gesteld? Op het moment dat de gemeente na 28 februari jl. de rapportage van Cauberg-Huygen ontving was op basis van de uitkomsten het vermoeden dat er meer woningen met klachten zouden kunnen zijn. Dat het ook daadwerkelijk om meer huurders ging werd pas later bekend.

Staedion heeft in dezelfde week (15 april jl.) dat de bewoners de rapportage ontvingen, een brief naar alle huurders gestuurd om te inventariseren hoeveel klachten er nog waren. Hierop zijn 20 reacties binnengekomen van huurders met klachten en/of opmerkingen. 2.3 Waarom heeft het college desondanks jarenlang vastgehouden aan de communicatie dat slechts beperkte problemen bestonden? Zie antwoord op vraag 2.1. Het college baseerde zich op de beschikbare informatie vanuit Staedion en de bewonerscommissie. 2.4 Hoe beoordeelt het college de schade die hierdoor is aangericht aan het vertrouwen van de bewoners in zowel Staedion als de gemeente? Zoals aangegeven bij antwoord 2.1 was er op basis van de op dat moment beschikbare informatie vanuit de bewonerscommissie en Staedion geen aanleiding om uit te gaan van een groter aantal bewoners met klachten. Om het vertrouwen te herstellen heeft het college ervoor gekozen een uitgebreider onderzoek te laten uitvoeren. Het college heeft met Staedion afgesproken dat de resterende (nu bekende) klachten en/of opmerkingen alsnog op een goede manier worden verholpen. 3.

Oordeel over conclusies uit het rapport 3.1 Uit het onafhankelijke inspectierapport blijkt duidelijk: • renovatie conform norm, maar in praktijk forse comfortklachten; • technische gebreken zoals luchtlekken, verkeerde vensterbanken en overgedimensioneerde ventilatieroosters; • bewonersgedrag speelt slechts een beperkte rol.

Herkent het college dat deze bevindingen impliceren dat bewoners steeds terecht hebben geklaagd? Op basis van het rapport kan inderdaad geconcludeerd worden dat er reden voor comfortklachten was.

2/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10905044

3.2 Deelt het college de conclusie dat de structurele aard van de problemen veel eerder erkend had moeten worden? Het college vindt het belangrijk dat huurders in woningen zonder gebreken wonen. Het college is echter niet de partij om te beoordelen of er gebreken zijn en welke aard deze hebben. Verhuurders dienen huurders te informeren over de mogelijkheden om gebreken te melden en huurders moeten deze mogelijkheden dan kunnen gebruiken. Het college gaat met Staedion in gesprek om te bekijken op welke wijze situaties als deze in de toekomst kunnen worden voorkomen. 4.

Reactie college onvoldoende 4.1 In de bewonersbrief stelt het college dat “aan beide kanten beter gehandeld had kunnen worden.” Vindt het college deze formulering nog steeds passend, nu uit het rapport blijkt dat bewoners steeds gelijk hadden en de meeste gebreken technisch van aard zijn?

Het college neemt aan dat de vragensteller refereert aan de commissiebrief die op 15 april ter aanbieding van het rapport naar de gemeenteraad is gestuurd. Het college leest in het rapport dat er verschillende acties vanuit Staedion zijn uitgevoerd om de problemen op te lossen, en dat er huurders zijn die niet op de aangeboden oplossingen zijn ingegaan. Het is de taak van de verhuurder om te zorgen voor het oplossen van technische gebreken, de huurder dient hiertoe ook de verhuurder de kans te geven dit te doen. Om die reden vindt het college deze formulering nog steeds passend. Echter, het college vindt nadrukkelijk dat deze formulering niet geldt voor bewoners die na alle herstelwerkzaamheden aanhoudend klachten ervoeren. 4.2 Is het college bereid alsnog expliciet excuses aan te bieden aan de bewoners van de Lisztstraat? Zo nee, waarom niet? Het college betreurt het dat bewoners gedurende een langere periode comfortklachten aan hun woningen hebben ervaren. Het is echter niet aan het college om excuses aan te bieden. Het is de taak van de verhuurder om te zorgen voor kwalitatief goede woningen. 5.

Verplicht herstel en toezicht 5.1

Staedion heeft toegezegd herstelmaatregelen uit te voeren. Kan het college aangeven hoe de gemeente gaat borgen dat deze maatregelen volledig en correct worden uitgevoerd?

Het college zal contact houden met zowel Staedion als enkele betrokken bewoners om de uitvoering van de herstelmaatregelen te volgen. Mochten de klachten na herstelmaatregelen aanhouden, zal het college overwegen om opnieuw een onafhankelijke partij in te zetten om de klachten te onderzoeken. 5.2 Wordt daarbij een onafhankelijke partij betrokken om toezicht te houden? Zo nee, waarom niet? Zie vraag 5.1.

3/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10905044

6.

Herstel van vertrouwen 6.1 De motie ‘Vertrouwensbreuk onafhankelijk oplossen’ (RIS319075), ingediend door Hart voor Den Haag en aangenomen door de raad, had expliciet als doel het vertrouwen tussen bewoners, corporatie en gemeente te herstellen. Hoe gaat het college dit vertrouwen alsnog actief en aantoonbaar herstellen, nu blijkt dat het rapport bewoners volledig in het gelijk stelt?

Het college heeft geen rol in de relatie tussen huurder en verhuurder en is niet verantwoordelijk voor de kwaliteit van de woningen. Zoals aangegeven bij vraag 2.1 heeft het college een uitgebreider onderzoek gedaan dan werd gevraagd, om daarmee bij te dragen aan een adequate oplossing voor de bewoners. Het belangrijkste is nu dat de comfortklachten door Staedion worden verholpen. 7.

Lessen voor toekomstig beleid 7.1 Welke concrete verbetermaatregelen stelt het college voor om herhaling in vergelijkbare dossiers te voorkomen, specifiek op het gebied van: • snelle erkenning van bewonerssignalen; • onafhankelijke en tijdige rapportages; • open en transparante communicatie?

Het college zal er bij de woningcorporaties op blijven aandringen dat bewonerssignalen snel worden opgepakt en dat hierover open en transparant wordt gecommuniceerd naar huurder en gemeente. Daar waar nodig kunnen woningcorporaties onafhankelijke rapportages laten opstellen. Het is belangrijk dat huurders weten welke stappen ze kunnen zetten als na melding en reparatie klachten niet (voldoende) verholpen zijn. Het college ziet hierbij vooral een taak voor de verhuurder en de huurders- of bewonersorganisatie. Daarnaast kan de huurdersorganisatie een belangrijke rol vervullen in het verzamelen en bundelen van signalen van meerdere bewoners, zodat deze gezamenlijk besproken kunnen worden met de woningcorporatie. De contacten en samenwerking tussen huurdersorganisatie en de corporatie is ook een goede manier om een bijdrage te leveren aan open en transparante communicatie. Zowel bij de klachtencommissie als bij de Huurcommissie kan een onafhankelijke beoordeling plaatsvinden, waarna een rapportage wordt opgesteld. In de Haagse Aanpak Vocht en Schimmel is de mogelijkheid om – ook op verzoek van de bewoner – de vochtexpert in te zetten.

4/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10905044

8.

Monitoring Lisztstraat na herstel 8.1

Kan het college aangeven of er na uitvoering van de herstelmaatregelen opnieuw onafhankelijk gemonitord wordt of de comfortklachten daadwerkelijk zijn opgelost?

Zie vraag 5.1. 8.2 Zo ja, wanneer en hoe? Zo nee, waarom niet? Zie vraag 5.1. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx

Jan van Zanen

5/5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15779554/1