RIS322180 Bijlage 2 - Akte van oprichting Stichting Zorginnovatiehub
Tekst van het document
20240193 1 BK CONCEPT 27 NOVEMBER 2024 VOOR DISCUSSIEDOELEINDEN
RZ/KW versie 4
OPRICHTING STICHTING ZORGINNOVATIEHUB
Heden, [●], verscheen voor mij, mr. Koen-Wietse van Wijk, toegevoegd notaris, hierna te noemen: 'notaris', bevoegd om akten te passeren in het protocol van mr. Robert-Jan Eduard Zwaan, notaris te ‘s-Gravenhage: [●], handelend als schriftelijk gevolmachtigde van: de publiekrechtelijk rechtspersoon: Gemeente Den Haag, kantoorhoudend te 2511 BT 's-Gravenhage, Spui 70, ingeschreven in het handelsregister onder nummer 27370927 (de Gemeente Den Haag). De comparant verklaarde vooraf het volgende: a. het college van burgemeester en wethouders van de Gemeente Den Haag heeft op [●] een ontwerpbesluit tot het oprichten van na te noemen stichting aan de gemeenteraad gestuurd; b. de gemeenteraad heeft bij besluit van [●] met referentienummer [●] [ wel / geen ] wensen en bedenkingen ter kennis van het college van burgemeester en wethouders gebracht; c. het college van burgemeester en wethouders heeft op [●] besloten tot het oprichten van na te noemen stichting, van welke besluitvorming blijkt uit een besluit van die datum, waarvan een kopie aan deze akte wordt gehecht. Ter uitvoering van het voormelde, verklaart de comparant bij deze een stichting op te richten met de volgende statuten: Naam en zetel. Artikel 1. 1.1 De stichting draagt de naam: Stichting Zorginnovatiehub. 1.2 Zij heeft haar zetel in de gemeente ‘s-Gravenhage. Doel. Artikel 2.
2.1 De stichting heeft ten doel: het versnellen van zorginnovatie in de regio Haaglanden, door samenbrengen van innovatieve bedrijvigheid, zorgverleners, onderwijs en andere partijen alsmede de totstandbrenging van nieuwe producten,
20240193 2 BK CONCEPT 27 NOVEMBER 2024 VOOR DISCUSSIEDOELEINDEN
diensten en innovatieve vormen van dagelijkse zorgverlening in de regio Haaglanden, een en ander in de ruimste zin van het woord. 2.2 Zij tracht dit doel te bereiken door onder meer: a. het verbeteren van de zorg en sociale dienstverlening door het (bevorderen van het) ontwikkelen van nieuwe zorgmodellen, het gebruik van technologie en het bevorderen van preventie en vroege interventie, ondersteund door diverse initiatieven en projecten in de gemeenschap; b. (het bevorderen, inrichten en nader uitwerken van) het opleiden van (aanstaand) zorgpersoneel met voldoende digitale vaardigheden om zowel bestaande zorgfuncties als nieuw te ontwikkelen banen effectief te vervullen, met als doel het verlichten van werkdruk en verminderen van arbeidsmarktkrapte door inzet van technologie en innovatie; c. het stimuleren van ondernemerschap in de technologie voor zorg- en sociaal domein, onder meer door startups en bestaande ondernemers te ondersteunen bij (a) het opzetten en opschalen van hun ondernemingen, (b) het creëren van banen, (c) het verhogen van het aantal vestigingen, en (d) het verkorten van de doorlooptijd van idee tot implementatie; d.
het bevorderen van (praktijk)onderzoek en ontwikkeling door het financieren van onderzoeksprojecten en het stimuleren van samenwerking tussen wetenschappers, zorgprofessionals en beleidsmakers, om zo een betere kennisuitwisseling te waarborgen en de ontwikkeling van nieuwe/bestaande oplossingen te versnellen/vernieuwen; e. het vergroten van de acceptatie en het bewustzijn van technologische innovaties onder inwoners en zorgprofessionals, faciliteren van toegang tot technologie en het ondersteunen bij het proces van bewustwording tot implementatie in de praktijk; f. het realiseren van een digitale en fysieke infrastructuur die het gebruik van technologie mogelijk maakt, inclusief afspraken over gegevensuitwisseling, toegang tot online/offline faciliteiten, en de inrichting voor de toekomst van bestaande en toekomstige woningen en buitenruimtes; alsmede g. het aangaan van samenwerkingsverbanden met derden. 2.3 De stichting tracht ter ondersteuning van haar doel giften, legaten, fondsen, bijdragen en subsidies te verkrijgen. Geldmiddelen. Artikel 3.
20240193 3 BK CONCEPT 27 NOVEMBER 2024 VOOR DISCUSSIEDOELEINDEN
3.1
De geldmiddelen van de stichting bestaan uit: a. inkomsten uit activiteiten van de stichting; b. subsidies, giften, legaten en erfstellingen; c. bijdragen; en d. alle andere baten en inkomsten. 3.2 Erfstellingen kunnen slechts worden aanvaard onder het voorrecht van boedelbeschrijving. Bestuur: samenstelling, benoeming en defungeren. Artikel 4. 4.1 De stichting wordt bestuurd door haar bestuur, bestaande uit een of meer natuurlijke personen. Het aantal leden van het bestuur wordt vastgesteld door de raad van toezicht. 4.2 Indien het aantal leden van het bestuur uit minder leden bestaat dan is vastgesteld conform het bepaalde in artikel 4.1, behoudt het bestuur desalniettemin zijn bevoegdheden. 4.3 Bestuurders worden benoemd door de raad van toezicht met inachtneming van het bepaalde in artikel 4.4 en 4.5. 4.4 Personen die bestuurlijk werkzaam zijn bij de Gemeente Den Haag, dan wel in dienst zijn van de Gemeente Den Haag kunnen geen deel uitmaken van het bestuur. 4.5 De benoeming van bestuurders geschiedt met inachtneming van artikel 4.4 en een door de raad van toezicht vast te stellen profielschets. De raad van toezicht stelt het bestuur in de gelegenheid advies uit te brengen over deze profielschets en legt de profielschets ter goedkeuring voor aan de Gemeente Den Haag.
Voorts dient iedere bestuurder het doel van de stichting te onderschrijven, binding te hebben met de stad Den Haag en aantoonbaar te beschikken over de kennis, ervaring en netwerk dat benodigd is voor een behoorlijke vervulling van zijn taak als bestuurder. 4.6 Bestuurders worden benoemd voor een termijn van vier jaar, al dan niet volgens een rooster. Een aftredend bestuurder is onmiddellijk herbenoembaar, doch slechts eenmaal voor een periode van maximaal vier jaar. Bij een besluit tot herbenoeming wordt opnieuw afgewogen of de betrokken bestuurder voldoende is toegerust voor bestuurstaken van de komende jaren. 4.7 Indien het bestuur uit meer dan één persoon bestaat, kan de raad van toezicht een voorzitter, secretaris en penningmeester aanwijzen. Eén bestuurder kan meer van deze functies bekleden.
20240193 4 BK CONCEPT 27 NOVEMBER 2024 VOOR DISCUSSIEDOELEINDEN
4.8
Een bestuurder kan door de raad van toezicht worden geschorst of ontslagen. Een schorsing die niet binnen drie maanden wordt gevolgd door een besluit tot ontslag, eindigt door het verloop van die termijn. Het besluit van de raad van toezicht is met redenen omkleed en wordt niet eerder genomen dan nadat de betrokken bestuurder in de gelegenheid is gesteld ter zake te worden gehoord. 4.9 Alle bestuurders kunnen een beloning ontvangen voor hun werkzaamheden. De beloning dient passend te zijn bij de functie van de bestuurder en de aard van de stichting en de met haar verbonden organisatie. De beloning wordt vastgesteld door de raad van toezicht. 4.10 Een bestuurder verliest zijn functie: a. door zijn/haar overlijden; b. door zijn/haar faillissement, door het op hem/haar van toepassing verklaren van de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen of doordat hij/zij surseance van betaling verkrijgt; c. door zijn/haar ondercuratelestelling of de onderbewindstelling van zijn/haar gehele vermogen; d. door zijn/haar (vrijwillig) aftreden; e. door zijn/haar ontslag door de rechtbank; en f. door zijn ontslag gegeven door de raad van toezicht. Bestuur: vergaderingen en besluitvorming. Artikel 5. 5.1 Het bestuur vergadert in beginsel ten minste eenmaal per maand en voorts zo dikwijls de voorzitter of twee andere bestuurders dit nodig acht(en).
5.2 Iedere bestuurder is bevoegd een vergadering van het bestuur bijeen te roepen. 5.3 De bijeenroeping van de vergadering van het bestuur vindt schriftelijk plaats. Bij deze bijeenroeping wordt opgegeven op welke dag de vergadering plaatsvindt, wat het aanvangstijdstip is en welke onderwerpen worden behandeld (agenda). De bijeenroeping vindt plaats met inachtneming van een termijn van ten minste zeven dagen, de dag van bijeenroeping en die van de vergadering niet meegerekend. De bestuurder die voor dit doel een adres aan de stichting bekend heeft gemaakt, kan tot de vergaderingen van het bestuur worden opgeroepen door een langs elektronische weg aan dat adres toegezonden leesbaar en reproduceerbaar bericht. 5.4 De vergaderingen van het bestuur worden gehouden op de plaats te bepalen door degene die de vergadering bijeenroept, bij voorkeur in Den Haag.
20240193 5 BK CONCEPT 27 NOVEMBER 2024 VOOR DISCUSSIEDOELEINDEN
5.5
Als wordt gehandeld in strijd met enige bepaling van de twee vorige leden kan het bestuur niettemin rechtsgeldige besluiten nemen als alle bestuurders in de vergadering aanwezig of vertegenwoordigd zijn of wanneer de vergadering niet voltallig is – indien de ter vergadering afwezige bestuurders vóór het tijdstip van de vergadering schriftelijk hebben verklaard zich niet tegen de besluitvorming te verzetten en ten minste de helft van de stemgerechtigde bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd is. 5.6 Toegang tot de vergaderingen van het bestuur hebben de bestuurders en degenen die daartoe door de voorzitter dan wel een bestuurder, na raadpleging van de voorzitter, zijn uitgenodigd. Tenzij in deze statuten anders wordt bepaald, hebben geschorste bestuurders geen toegang tot de vergadering. 5.7 Een bestuurder kan aan een andere bestuurder schriftelijk volmacht verlenen om zich in de vergadering te laten vertegenwoordigen op overlegging van een schriftelijke, ter beoordeling van de voorzitter van de vergadering voldoende, volmacht. Een elektronisch vastgelegde volmacht geldt als een schriftelijke volmacht. Een bestuurder kan niet meer dan één medebestuurder in de vergadering vertegenwoordigen. 5.8 In de vergaderingen van het bestuur heeft iedere bestuurder één stem.
Voor zover in deze statuten geen grotere meerderheid is voorgeschreven, worden de besluiten door het bestuur genomen met volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen (vijftig procent (50%) plus één stem) in een vergadering waarin ten minste de helft van het aantal bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd is. Bij staking van stemmen over zaken is het voorstel verworpen. Staken de stemmen bij een stemming over de benoeming van personen, dan beslist het lot. 5.9 Vergaderingen van het bestuur kunnen ook via een elektronisch communicatiemiddel plaatsvinden, mits iedere bestuurder via het elektronisch communicatiemiddel (i) kan worden geïdentificeerd, (ii) rechtstreeks kan kennisnemen van de verhandelingen ter vergadering, (iii) kan deelnemen aan de beraadslaging en (iv) het stemrecht kan uitoefenen. Bestuur: leiding vergadering, notulen en besluitvorming. Artikel 6. 6.1 De voorzitter van het bestuur leidt de vergaderingen van het bestuur. Bij zijn/haar afwezigheid voorziet de vergadering zelf in haar leiding. 6.2 De voorzitter van de vergadering bepaalt de wijze waarop de stemmingen in de vergaderingen worden gehouden. 6.3 Het in de vergadering uitgesproken oordeel van de voorzitter van de vergadering over de uitslag van een stemming is beslissend. Hetzelfde geldt
20240193 6 BK CONCEPT 27 NOVEMBER 2024 VOOR DISCUSSIEDOELEINDEN
6.4
6.5
6.6
voor de inhoud van een genomen besluit, voor zover werd gestemd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel. Wordt onmiddellijk na het uitspreken van het oordeel van de voorzitter de juistheid daarvan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats, als de meerderheid van de vergadering of, als de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk plaatsvond, een stemgerechtigde aanwezige dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming. Van het verhandelde in de vergaderingen van het bestuur worden notulen gehouden door de daartoe door de voorzitter van de vergadering aangewezen persoon. De notulen worden, nadat zij zijn vastgesteld, door de voorzitter en de notulist van de vergadering ondertekend. Aan iedere bestuurder of ieder lid van de raad van toezicht wordt desgevraagd een afschrift of uittreksel van deze stukken verstrekt. Het bestuur kan ook op andere wijze dan in een vergadering besluiten nemen, als alle bestuurders schriftelijk hun stem uitbrengen. Een besluit is dan genomen als alle bestuurders zich vóór deze wijze van besluitvorming hebben verklaard, waarna het besluit kan worden genomen met de meerderheid als voorgeschreven in deze statuten.
Onder een schriftelijke verklaring wordt mede begrepen een langs elektronische weg toegezonden leesbaar en reproduceerbaar bericht (waaronder begrepen: e-mail), aan het adres dat het bestuur voor dit doel heeft vastgesteld en aan alle bestuurders bekend heeft gemaakt. Onverminderd het elders in de statuten dienaangaande bepaalde, zijn aan de goedkeuring van de raad van toezicht onderworpen de besluiten van het bestuur tot: a. het vaststellen van het meerjarenbeleidsplan en de financiële meerjarenraming; b. het vaststellen van de begroting en het jaarplan; c. het verkrijgen, vervreemden en bezwaren van vermogensrechten, zoals effecten en rechten van industriële en intellectuele aard; d. het bezwaren van roerende zaken; e. het vestigen of opheffen van kantoren, locaties of filialen; f. het sluiten, wijzigen, of beëindigen van arbeidsovereenkomsten waarbij een beloning is/wordt toegekend die een door de raad van toezicht vast te stellen en schriftelijk aan het bestuur op te geven bedrag te boven gaat; g. het aangaan van investeringen die uitgaan boven een door de raad van toezicht vastgesteld bedrag dat schriftelijk aan het bestuur is opgegeven;
20240193 7 BK CONCEPT 27 NOVEMBER 2024 VOOR DISCUSSIEDOELEINDEN
h.
het aanvragen van faillissement en surseance van betaling met betrekking tot de stichting; i. het entameren van gerechtelijke procedures en het voeren van verweer daarin, anders dan gerechtelijke procedures die redelijkerwijs geen uitstel kunnen lijden; j. het vaststellen dan wel wijzigen van het beleid van de stichting ter zake de verhuur door de stichting (daaronder begrepen: beleid ter zake de verhuurprijs en de verhuurvoorwaarden); k. het aangaan (daaronder begrepen: wijzigen) van verhuurovereenkomsten die afwijken van het onder j genoemde beleid van de stichting op dat terrein, welke afwijkingen niet vallen binnen een door de raad van toezicht goedgekeurde bandbreedte (voor zover aanwezig); l. het doen van uitgaven en het aangaan van verplichtingen die uitgaan boven een door de raad van toezicht vastgesteld bedrag dat schriftelijk aan de directie is opgegeven of waardoor de stichting voor langer dan één jaar wordt verbonden waarbij met elkaar samenhangende handelingen als één handeling worden beschouwd; de raad van toezicht is steeds bevoegd bedoeld bedrag te wijzigen; m. het toekennen, wijzigen of intrekken van een procuratie; n. het aangaan of verbreken van duurzame samenwerking, indien die van strategisch grote betekenis is voor de organisatie; en o.
andere bestuursbesluiten ten aanzien waarvan de raad van toezicht heeft besloten dat deze aan goedkeuring van de raad van toezicht onderworpen zijn, welke bestuursbesluiten duidelijk dienen te worden omschreven en schriftelijk aan het bestuur dienen te worden medegedeeld, tenzij een (rechts-)handeling als hiervoor genoemd reeds in een begroting, daaronder begrepen de begroting als bedoeld in artikel 18, is opgenomen die door de raad van toezicht is goedgekeurd. Bestuur: taken. Artikel 7. 7.1 Het bestuur is belast met het besturen van de stichting, onder toezicht van de raad van toezicht. Het bestuur richt zich hierbij op het belang van de stichting en de met haar verbonden onderneming of organisatie. 7.2 Het bestuur van de stichting stelt vast welke ondernemingen of organisaties kwalificeren als externe belanghebbenden van de stichting, passend binnen de doelstelling van de stichting.
20240193 8 BK CONCEPT 27 NOVEMBER 2024 VOOR DISCUSSIEDOELEINDEN
7.3
Iedere bestuurder is tegenover de stichting verplicht tot een behoorlijke vervulling van de hem opgedragen taak. Bestuur: bevoegdheden. Artikel 8. 8.1 Het bestuur is na schriftelijke goedkeuring van de raad van toezicht bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding of bezwaring van registergoederen en tot het aangaan van overeenkomsten, waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk schuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een derde verbindt. 8.2 Bestuurders kunnen niet over het vermogen van de stichting beschikken als ware het hun eigen vermogen. Bestuur: belangenverstrengeling en tegenstrijdig belang. Artikel 9. 9.1 Een bestuurder neemt niet deel aan de beraadslaging en onthoudt zich van stemming over een bestuursbesluit indien hij bij het onderwerp van het bestuursbesluit een direct of indirect persoonlijk belang heeft dat tegenstrijdig is met het belang van de stichting of de met haar verbonden onderneming of organisatie. De bestuurder heeft wel het recht de desbetreffende vergadering van het bestuur bij te wonen, met dien verstande dat hij niet wordt meegerekend bij de bepaling van het aantal aanwezige leden van het bestuur met betrekking tot het desbetreffende bestuursbesluit.
9.2 Wanneer op grond van het bepaalde in de eerste volzin van artikel 9.1 geen enkel lid van het bestuur aan de besluitvorming kan deelnemen, wordt het besluit genomen door de raad van toezicht. 9.3 Voorts wordt elke vorm en schijn van belangenverstrengeling tussen een bestuurder en de stichting vermeden. Als sprake is van een (mogelijk) persoonlijk tegenstrijdig belang of (mogelijke) belangenverstrengeling dan dient de desbetreffende persoon dit te melden aan diens medebestuurders en de raad van toezicht en daarbij alle relevante informatie te verschaffen. Bestuur: belet of ontstentenis. Artikel 10. 10.1 In geval van ontstentenis of belet van een of meer bestuurders, berust het bestuur tijdelijk bij de overblijvende bestuurders. In geval van ontstentenis of belet van alle bestuurders of de enig bestuurder, berust het bestuur tijdelijk bij een of meer door de raad van toezicht aan te wijzen personen.
20240193 9 BK CONCEPT 27 NOVEMBER 2024 VOOR DISCUSSIEDOELEINDEN
10.2
Onder belet wordt in deze statuten in ieder geval verstaan de omstandigheid dat de bestuurder gedurende een periode van meer dan zeven dagen onbereikbaar is door ziekte of andere oorzaken. 10.3 Voorts is sprake van belet ingeval van belangenverstrengeling ten aanzien van een bestuurder wiens belangen het betreft indien: a. de betreffende bestuurder; dan wel b. de overige leden van het bestuur; dan wel c. de raad van toezicht; van mening is/zijn dat sprake is van belangenverstrengeling (niet zijnde een persoonlijk tegenstrijdig belang) voor de duur van de beraadslaging en besluitvorming rondom het onderwerp dat de belangenverstrengeling betreft. Bestuur: vertegenwoordiging. Artikel 11. 11.1 De stichting wordt vertegenwoordigd door haar bestuur. De vertegenwoordigingsbevoegdheid komt bovendien toe aan elke bestuurder afzonderlijk. 11.2 Het bestuur kan besluiten tot het verlenen van een incidentele volmacht aan één of meer bestuurders en/of een incidentele of doorlopende volmacht aan anderen om de stichting binnen de grenzen van die volmacht te vertegenwoordigen. Raad van toezicht: samenstelling, benoeming en defungeren. Artikel 12. 12.1 Het toezicht op het beleid van het bestuur en op de algemene gang van zaken in de stichting is opgedragen aan een raad van toezicht, bestaande uit een door de raad van toezicht vast te stellen aantal van vijf natuurlijke personen.
Uitsluitend natuurlijke personen kunnen tot lid van de raad van toezicht worden benoemd. Indien het aantal leden van de raad van toezicht minder bedraagt dan is vastgesteld conform het bepaalde in dit artikel 12.1, behoudt de raad van toezicht desalniettemin zijn bevoegdheden. In ontstane vacatures wordt zo spoedig mogelijk voorzien. 12.2 Ten aanzien van de benoeming van leden van de raad van toezicht: a. heeft de Gemeente Den Haag de bevoegdheid om één (1) lid van de raad van toezicht voor te dragen; b. hebben de partners in de categorie “zorg” gezamenlijk de bevoegdheid om één (1) lid van de raad van toezicht voor te dragen; c. hebben de partners in de categorie “welzijn en bewonersbelangen” gezamenlijk de bevoegdheid om één (1) lid van de raad van toezicht voor te dragen;
20240193 10 BK CONCEPT 27 NOVEMBER 2024 VOOR DISCUSSIEDOELEINDEN
hebben de partners in de categorie “onderwijs en kennis” gezamenlijk de bevoegdheid om één (1) lid van de raad van toezicht voor te dragen; en e. hebben de partners in de categorie “bedrijfsleven” gezamenlijk de bevoegdheid om één (1) lid van de raad van toezicht voor te dragen. De raad van toezicht stelt ieder van de in dit artikel genoemde partijen tijdig op de hoogte van het ontstaan van een vacature in de raad van toezicht voor een positie waarvoor zij bevoegd is/zijn om een voordracht te doen. De raad van toezicht kan om zwaarwegende redenen besluiten niet over te gaan tot benoeming conform een voordracht. Dit besluit kan slechts worden genomen met algemene stemmen (unanimiteit), in een vergadering van de raad van toezicht waarin alle stemgerechtigde leden van de raad van toezicht aanwezig of vertegenwoordigd zijn. In een dergelijk geval wordt de voorgedragene niet benoemd en dient daartoe bevoegde categorie een nieuwe voordracht op te maken. Indien de Gemeente Den Haag dan wel de partners uit de in dit artikel vermelde categorieën besluit/besluiten geen voordracht op te maken, is de raad van toezicht vrij in zijn benoeming ten aanzien van de betreffende vacature. Iedere voordracht wordt opgemaakt met inachtneming van het bepaalde in artikel 12.3 en 12.4.
Personen die bestuurlijk werkzaam zijn bij de Gemeente Den Haag, dan wel in dienst zijn van de Gemeente Den Haag, kunnen geen deel uitmaken van de raad van toezicht. De raad van toezicht stelt een profielschets vast waarin de noodzakelijke competenties van de raad van toezicht en de afzonderlijke leden van de raad van toezicht worden beschreven, rekening houdend met de aard van de stichting, haar doelstellingen, activiteiten en de gewenste deskundigheid en achtergrond van de leden van de raad van toezicht. De vaststelling (of wijziging) geschiedt niet eerder dan na raadpleging van de directie ter zake. De vaststelling van de profielschets behoeft de goedkeuring van de Gemeente Den Haag. De leden van de raad van toezicht worden benoemd door de raad van toezicht voor een periode van ten hoogste vier jaren. Een aftredend lid van de raad van toezicht is onmiddellijk, doch ten hoogste eenmaal herbenoembaar. De raad van toezicht wijst uit zijn midden een voorzitter en een secretaris aan. Een lid van de raad van toezicht verliest zijn/haar functie: a. door zijn/haar overlijden; d.
12.3
12.4
12.5
12.6 12.7
20240193 11 BK CONCEPT 27 NOVEMBER 2024 VOOR DISCUSSIEDOELEINDEN
b.
door zijn/haar faillissement, door het op hem/haar van toepassing verklaren van de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen of doordat hij/zij surseance van betaling verkrijgt; c. door zijn/haar ondercuratelestelling of de onderbewindstelling van zijn/haar gehele vermogen; d. door zijn/haar vrijwillig aftreden; e. doordat het bepaalde in artikel 12.3 op hem/haar van toepassing wordt; f. door het aanvaarden van een benoeming tot bestuurder; g. door zijn/haar ontslag door de rechtbank; en h. door zijn/haar ontslag gegeven door de raad van toezicht. 12.8 Het lid van de raad van toezicht van wie het ontslag als in artikel 12.7 sub h aan de orde is, heeft het recht de desbetreffende vergadering(en) van de raad van toezicht bij te wonen en aldaar het woord te voeren. Hij wordt niet meegerekend bij de bepaling van het aantal aanwezige leden van de raad van toezicht en heeft bovendien niet het recht zijn stem uit te brengen ter zake van zijn geagendeerde ontslag. De tweede volzin van dit lid vindt evenwel geen toepassing indien de raad van toezicht op dat moment slechts uit twee leden bestaat. 12.9 Een besluit tot ontslag als in artikel 12.7 sub h bedoeld, behoeft een gewone meerderheid van de uitgebrachte stemmen in een vergadering van de raad van toezicht waarin ten minste de helft van de leden van de raad van toezicht aanwezig of vertegenwoordigd is. Raad van toezicht: taken.
Artikel 13. 13.1 De raad van toezicht staat het bestuur met raad terzijde. Bij de vervulling van hun taak richten de leden van de raad van toezicht zich naar het belang van de stichting. 13.2 Het bestuur verschaft de raad van toezicht tijdig de voor de uitoefening van diens taken en bevoegdheden noodzakelijke gegevens en voorts aan ieder lid van de raad van toezicht alle inlichtingen betreffende de aangelegenheden van de stichting die deze mocht verlangen. De raad van toezicht is bevoegd alle boeken, bescheiden en andere gegevensdragers van de stichting in te zien; ieder lid van de raad van toezicht heeft te allen tijde toegang tot alle bij de stichting in gebruik zijnde ruimten en terreinen. 13.3 De raad van toezicht kan zich voor rekening van de stichting in de uitoefening van zijn taak doen bijstaan door een of meer deskundigen. 13.4 Leden van de raad van toezicht ontvangen voor de door hen in die hoedanigheid voor de stichting verrichte werkzaamheden geen beloning, middellijk noch onmiddellijk. Onder beloning wordt niet verstaan:
20240193 12 BK CONCEPT 27 NOVEMBER 2024 VOOR DISCUSSIEDOELEINDEN
a.
een redelijke, niet bovenmatige vergoeding voor de ten behoeve van de stichting gemaakte kosten; b. een niet bovenmatig vacatiegeld. Raad van toezicht: vergaderingen en besluitvorming. Artikel 14. 14.1 Het bepaalde in artikel 5 en artikel 6 van deze statuten is op de raad van toezicht zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat bestuurders slechts toegang hebben tot de vergaderingen van de raad van toezicht indien zij daartoe door de raad van toezicht zijn uitgenodigd. De raad van toezicht komt ten minste eenmaal per jaar bijeen. 14.2 Nadere regels omtrent het functioneren van de raad van toezicht kunnen worden neergelegd in een reglement van de raad van toezicht, dat wordt vastgesteld door de raad van toezicht na overleg met het bestuur. Raad van toezicht: belangenverstrengeling en tegenstrijdig belang. Artikel 15 15.1 Een lid van de raad van toezicht neemt niet deel aan de beraadslaging en onthoudt zich van stemming over een besluit van de raad van toezicht indien hij bij het onderwerp van het besluit een direct of indirect persoonlijk belang heeft dat tegenstrijdig is met het belang van de stichting of de met haar verbonden onderneming of organisatie.
Het lid van de raad van toezicht heeft wel het recht de desbetreffende vergadering van de raad van toezicht bij te wonen, met dien verstande dat hij niet wordt meegerekend bij de bepaling van het aantal aanwezige of vertegenwoordigde leden van de raad van toezicht met betrekking tot het desbetreffende besluit. 15.2 Wanneer op grond van het bepaalde in de eerste volzin van artikel 15.1 geen enkel lid van de raad van toezicht aan de besluitvorming kan deelnemen, nemen degenen met een tegenstrijdig belang als bedoeld in de eerste volzin van artikel 15.1 alsnog deel aan de beraadslaging en de stemming. Dergelijke besluiten komen, met toelichting, in de verslaglegging over het betreffende boekjaar te staan. 15.3 Voorts wordt elke vorm en schijn van belangenverstrengeling tussen een lid van de raad van toezicht en de stichting vermeden. Als sprake is van een (mogelijk) persoonlijk tegenstrijdig belang of van (mogelijke) belangenverstrengeling dan dient de desbetreffende persoon dit te melden aan diens medeleden van de raad van toezicht en daarbij alle relevante informatie te verschaffen. Raad van toezicht: belet of ontstentenis. Artikel 16.
20240193 13 BK CONCEPT 27 NOVEMBER 2024 VOOR DISCUSSIEDOELEINDEN
16.1
In geval van ontstentenis of belet van een of meer leden van de raad van toezicht, berusten de taken van de raad van toezicht tijdelijk bij de overblijvende leden van de raad van toezicht. In geval van ontstentenis of belet van alle leden van de raad van toezicht of het enige lid van de raad van toezicht, berusten de taken van de raad van toezicht tijdelijk bij een of meer door de bestuurder daartoe aan te wijzen personen. De persoon of de personen die toezicht uitoefenen, zijn echter niet bevoegd om een directeur te schorsen of te ontslaan, noch om een voordracht te doen voor het benoemen van nieuwe leden van de raad van toezicht. 16.2 Indien en voor zolang sprake is van ontstentenis of belet van alle leden van de raad van toezicht en van alle bestuurders, geschiedt zowel de benoeming van leden van de raad van toezicht als de benoeming van bestuurders door de Gemeente Den Haag (zonder dat een voordracht van toepassing is) met inachtneming van de alsdan voor die functie geldende kwaliteitseisen en profielschetsen. 16.3 Onder belet wordt in deze statuten in ieder geval verstaan de omstandigheid dat het lid van de raad van toezicht gedurende een periode van meer dan zeven dagen onbereikbaar is door ziekte of andere oorzaken. 16.4 Voorts is sprake van belet ingeval van belangenverstrengeling ten aanzien van een toezichthouder wiens belangen het betreft indien: a.
de betreffende toezichthouder; dan wel b. de overige leden van de raad van toezicht van mening is/zijn dat sprake is van belangenverstrengeling (niet zijnde een persoonlijk tegenstrijdig belang) voor de duur van de beraadslaging en besluitvorming rondom het onderwerp dat de belangenverstrengeling betreft. Gemeenschappelijke vergaderingen van het bestuur en de raad van toezicht. Artikel 17. 17.1 Ten minste eenmaal per jaar komen het bestuur en de raad van toezicht in gemeenschappelijke vergadering bijeen ter bespreking van de algemene lijnen van het gevoerde en in de toekomst te voeren beleid. 17.2 Tot de bijeenroeping van een gemeenschappelijke vergadering zijn het bestuur en de raad van toezicht gelijkelijk bevoegd. 17.3 De gemeenschappelijke vergaderingen worden geleid door de voorzitter van de raad van toezicht. Meerjarenbeleidsplan en jaarplan (inclusief begroting). Artikel 18. 18.1 Het bestuur stelt ten minste eenmaal per vier (4) jaren vóór een door de raad van toezicht vast te stellen tijdstip een meerjarenbeleidsplan op
20240193 14 BK CONCEPT 27 NOVEMBER 2024 VOOR DISCUSSIEDOELEINDEN
betreffende een periode van vier (4) jaren. Het meerjarenbeleidsplan wordt ter goedkeuring voorgelegd aan de raad van toezicht. Na deze goedkeuring wordt het meerjarenbeleidsplan vastgesteld door het bestuur. 18.2 Het bestuur maakt jaarlijks vóór één augustus een jaarplan met begroting voor het komende kalenderjaar op. Onderdeel van het jaarplan zijn, naast de begroting, de voorgenomen activiteiten met een toelichting daarop. In het jaarplan besteedt het bestuur aandacht aan de inhoudelijke programmering passend binnen de doelstelling van de stichting 18.3 Het jaarplan wordt ter goedkeuring voorgelegd aan de raad van toezicht. Na deze goedkeuring wordt het jaarplan vastgesteld door het bestuur. Alvorens het jaarplan aan de raad van toezicht wordt toegestuurd ter goedkeuring, wordt het jaarplan voor advies voorgelegd aan de betrokken stakeholders van de stichting, als bepaald door het bestuur. 18.4 Indien ter zake van de begroting gedurende het jaar aanmerkelijke verschillen ontstaan of dreigen te ontstaan tussen de werkelijke en de begrote baten en lasten dan wel inkomsten en uitgaven, doet het bestuur daarvan onverwijld mededeling aan de raad van toezicht onder vermelding van de oorzaak van de verschillen. Partners. Artikel 19. 19.1 De stichting kent partners, indien deze als zodanig door het bestuur zijn toegelaten overeenkomstig het bepaalde in dit artikel 19.
Partners zijn geen leden. 19.2 Aanmelding als partner geschiedt door een daartoe strekkend verzoek dat schriftelijk door een potentiële partner bij het bestuur wordt ingediend. Het bestuur besluit binnen zes weken na ontvangst van het verzoek of verzoeker wordt erkend als partner of dat het verzoek wordt afgewezen. Het besluit wordt alsdan schriftelijk en - indien het een afwijzing betreft - met redenen omkleed aan verzoeker meegedeeld. Bij toelating tot partner bepaalt het bestuur of de partner wordt ingedeeld in een van de volgende categorieën: a. zorg; b. welzijn en bewonersbelangen; c. onderwijs en kennis; d. bedrijfsleven. De Gemeente Den Haag wordt bij toetreding tot partner niet ingedeeld in een categorie, omdat zij eigen rechten kent in deze statuten. 19.3 Erkenning geschiedt voor onbepaalde tijd. Het bestuur is te allen tijde bevoegd - na voorafgaande goedkeuring van de raad van toezicht - een
20240193 15 BK CONCEPT 27 NOVEMBER 2024 VOOR DISCUSSIEDOELEINDEN
erkenning als partner weer in te trekken indien een partner heeft opgehouden aan de vereisten voor een partner te voldoen alsook wanneer redelijkerwijs van de stichting niet kan worden gevergd erkenning als partner te laten voortduren. Opzegging door het bestuur geschiedt met onmiddellijke ingang. Intrekking van een erkenning wordt schriftelijk en met redenen omkleed aan de betreffende partner meegedeeld. 19.4 Opzegging door een partner zelf geschiedt door middel van een daartoe strekkende schriftelijke mededeling gericht aan het bestuur tegen het einde van het kalenderjaar en met inachtneming van een opzeggingstermijn van drie maanden. Deze termijn vangt aan op de eerste dag van de maand volgend op de maand waarin het opzeggingsverzoek door het bestuur is ontvangen. De partner als bedoeld in dit lid en het bestuur kunnen desgewenst in onderling overleg een andere datum van opzegging als bedoeld in dit lid overeenkomen. 19.5 Na erkenning als partner dient een partner jaarlijks een door het bestuur vast te stellen bedrag aan de stichting te voldoen. De hoogte van de bijdrage als hiervoor in dit lid omschreven, wordt jaarlijks vóór één augustus vastgesteld. Ten behoeve van deze bijdrage kunnen de partners (in aanvulling op de categorieën als opgenomen in artikel 19.2) ingedeeld worden in verschillende (bijdrage)categorieën welke door het bestuur worden bepaald.
19.6 Nadere bepalingen omtrent partners worden vastgelegd in het partnerreglement en/of aanvullende met ieder van de partners te sluiten overeenkomsten. Raad van advies. Artikel 20. 20.1 Het bestuur kan een of meer raden van advies instellen. In ieder geval kent de stichting een raad van advies welke wordt gevormd door (afgevaardigden van) partners. 20.2 Het aantal leden van iedere raad van advies wordt vastgesteld door het bestuur. De leden van de raad van advies worden voor een bepaalde periode benoemd door het bestuur; leden van de raad van advies kunnen voor verschillende perioden worden benoemd. Alleen natuurlijke personen kunnen worden benoemd tot lid van de raad van advies. Aftredende leden zijn terstond herbenoembaar. 20.3 De raad van advies heeft tot taak het bestuur, gevraagd dan wel ongevraagd, te adviseren in aangelegenheden de stichting betreffende op het gebied waarvoor de raad van advies is ingesteld. Een advies van de
20240193 16 BK CONCEPT 27 NOVEMBER 2024 VOOR DISCUSSIEDOELEINDEN
raad van advies is niet bindend. Bij vervulling van hun taak richten de leden van de raad van advies zich naar het belang van de stichting. 20.4 De raad van advies welke wordt gevormd door (afgevaardigden van) partners, wordt in ieder geval in de gelegenheid gesteld (niet bindend) advies uit te brengen over: a. het programma en de agenda van de stichting; en b. het jaarplan en de begroting. 20.5 Adviezen kunnen door de raad van advies zowel mondeling als schriftelijk worden uitgebracht. Mededelingen, kennisgevingen en dergelijke, bestemd voor een raad van advies, dienen te worden gezonden aan het adres dat voor dit doel bekend is gemaakt. Onder schriftelijk wordt mede verstaan een langs elektronische weg toegezonden en reproduceerbaar bericht. Boekjaar en jaarstukken. Artikel 21. 21.1 Het boekjaar van de stichting valt samen met het kalenderjaar. 21.2 Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de stichting en van alles betreffende de werkzaamheden van de stichting, naar de eisen die voortvloeien uit deze werkzaamheden, op zodanige wijze een administratie te voeren en de daartoe behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers op zodanige wijze te bewaren, dat daaruit te allen tijde de rechten en verplichtingen van de stichting kunnen worden gekend.
21.3 Het bestuur is verplicht jaarlijks binnen zes maanden na afloop van het boekjaar de balans en de staat van baten en lasten van de stichting te maken en op papier te stellen. Het bestuur maakt een jaarrekening en een bestuursverslag op als bedoeld in artikel 300 Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek als dat op grond van de wet verplicht is. De vast te stellen jaarrekening en het jaarverslag behoeven de goedkeuring van de raad van toezicht. Daartoe worden deze stukken zo spoedig mogelijk nadat zij op schrift zijn gesteld aan de raad van toezicht toegezonden. In dat geval legt het bestuur een exemplaar daarvan voor het bestuur ter inzage op het kantoor van de stichting met de op grond van de wet toe te voegen gegevens. 21.4 De raad van toezicht kan, voordat tot de vaststelling van de balans en de staat van baten en lasten wordt overgegaan, deze stukken laten onderzoeken door een door hem aan te wijzen accountant als bedoeld in artikel 393 lid 1 Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek. Deze accountant brengt over zijn onderzoek verslag uit aan het raad van toezicht. Hij geeft de uitslag van zijn onderzoek weer in een verklaring over de getrouwheid van de stukken. Hij brengt zijn verslag ter kennis van het bestuur.
20240193 17 BK CONCEPT 27 NOVEMBER 2024 VOOR DISCUSSIEDOELEINDEN
21.5
De balans en de staat van baten en lasten van de stichting of de jaarrekening wordt vastgesteld door het bestuur binnen een maand na het opmaken van de stukken als bedoeld in artikel 21.3. De vastgestelde stukken worden ondertekend door alle bestuurders en alle leden van de raad van toezicht. Als een handtekening van een van hen ontbreekt wordt de reden daarvan op de stukken vermeld. 21.6 De in artikel 21.3 vermelde termijn kan door het bestuur worden verlengd met ten hoogste vier maanden op grond van bijzondere omstandigheden. Reglementen. Artikel 22. 22.1 Het bestuur kan een of meer reglementen vaststellen. De vaststelling van een reglement behoeft de schriftelijke goedkeuring van de raad van toezicht. In een reglement worden regels of nadere regels opgenomen, die het bestuur nodig acht voor de uitvoering van zijn taak. Een reglement mag nooit in strijd zijn met de statuten of de wet. Het bestuur kan elk door hem gemaakt reglement wijzigen en ook intrekken, nadat hiervoor goedkeuring is verkregen van de raad van toezicht. 22.2 Een reglement wordt schriftelijk vastgelegd met vermelding van de dag waarop het van kracht wordt. Deze datum kan niet zijn gelegen vóór de datum waarop het besluit werd genomen. Statutenwijziging. Artikel 23. 23.1 Het bestuur is bevoegd de statuten te wijzigen.
Het besluit van het bestuur tot statutenwijziging behoeft de goedkeuring van de raad van toezicht. Alvorens het besluit tot statutenwijziging wordt genomen, verzoekt het bestuur de Gemeente Den Haag om hierover schriftelijk advies uit te brengen. Indien het besluit tot statutenwijziging een wijziging van (een van de) volgende artikelen betreft, behoeft het besluit tot statutenwijziging de goedkeuring van de Gemeente Den Haag: artikel 2, artikel 4.4 en 4.5, artikel 12.2 tot en met artikel 12.4, artikel 16.2, dit artikel 23 alsmede artikel 24.1 en 24.2. 23.2 Het besluit tot statutenwijziging kan slechts worden genomen met een meerderheid van ten minste twee/derde van de geldig uitgebrachte stemmen in een vergadering waarin ten minste twee / derde van alle bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd zijn. Is in de vergadering waarin een besluit tot statutenwijziging aan de orde is het vereiste aantal bestuurders niet aanwezig of vertegenwoordigd, dan kan na die vergadering een nieuwe vergadering worden bijeengeroepen, te houden niet eerder dan drie en niet later dan zes weken na de eerste
20240193 18 BK CONCEPT 27 NOVEMBER 2024 VOOR DISCUSSIEDOELEINDEN
vergadering. In de nieuwe vergadering kan het besluit tot statutenwijziging worden genomen met een meerderheid van ten minste twee/derde van de geldig uitgebrachte stemmen, ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde bestuurders. In afwijking van het hiervoor bepaalde, kan een besluit tot statutenwijziging ook genomen worden in overeenstemming met het bepaalde in artikel 6.5. 23.3 Als een voorstel tot wijziging van de statuten wordt gedaan, moet dat bij de oproeping tot de betreffende vergadering, worden vermeld. De woordelijke tekst van de voorgestelde wijziging moet bij die oproeping worden gevoegd. De termijn van de oproeping bedraagt in dit geval ten minste twee weken. 23.4 Een statutenwijziging treedt eerst in werking nadat daarvan een notariële akte is opgemaakt. Ieder bestuurslid is bevoegd deze akte te doen verlijden. 23.5 De bestuursleden zijn verplicht een authentiek afschrift van de akte van statutenwijziging en de gewijzigde statuten neer te leggen ten kantore van het handelsregister. Ontbinding. Artikel 24. 24.1 Het bestuur is bevoegd de stichting te ontbinden. Het besluit van het bestuur tot ontbinding is onderworpen aan de schriftelijke goedkeuring van de raad van toezicht. Alvorens het besluit tot ontbinding wordt genomen, verzoekt het bestuur de Gemeente Den Haag om hiervoor goedkeuring te verlenen.
24.2 Het bepaalde in artikel 23.2 en artikel 23.3 is van overeenkomstige toepassing op de ontbinding van de stichting respectievelijk het besluit tot ontbinding. 24.3 De stichting wordt voorts, ontbonden: a. door insolventie nadat zij in staat van faillissement is verklaard of door opheffing van het faillissement wegens de toestand van de boedel; b. door rechterlijke uitspraak in de bij de wet genoemde gevallen. Vereffening. Artikel 25. 25.1 De vereffening geschiedt door het bestuur. 25.2 De stichting blijft na haar ontbinding voortbestaan indien en voor zover dit voor de vereffening van haar zaken nodig is. 25.3 Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van de statuten zo veel mogelijk en zover nodig van kracht. 25.4 Bij het besluit tot ontbinding wordt, als onderdeel hiervan, de bestemming van het overschot na vereffening vastgesteld. De bestemming is zoveel mogelijk in overeenstemming met het doel van de stichting, met dien
20240193 19 BK CONCEPT 27 NOVEMBER 2024 VOOR DISCUSSIEDOELEINDEN
verstande dat een batig saldo moet worden bestemd voor een doel dat het meest overeenstemt met het doel van de stichting. Tevens wordt bij het besluit tot ontbinding een bewaarder voor de boeken, bescheiden en andere gegevensdragers van de ontbonden stichting aangewezen. OVERGANGSBEPALING 1. De instelling van de raad van toezicht is afhankelijk van de nederlegging van een daartoe strekkend besluit van het bestuur (mede inhoudende de benoeming van minimaal één lid van de raad van toezicht) ten kantore van het handelsregister. 2. Zolang de raad van toezicht nog niet is ingesteld, zijn de bepalingen omtrent de raad van toezicht niet van toepassing. In dat kader komen de rechten die aan de raad van toezicht toekomen als opgenomen in artikel 4.3 en artikel 4.7 tot en met 4.10. toe aan het bestuur. Het bestuur is zolang er geen raad van toezicht is ingesteld niet bevoegd te besluiten overeenkomstig artikel 8.1. Voorts is in afwijking van het bepaalde in artikel 9 het bepaalde in artikel 15 van toepassing, waarbij voor de raad van toezicht dient te worden gelezen: het bestuur. In afwijking van het bepaalde in artikel 10.1 berust het bestuur bij een of meer door de Gemeente Den Haag aan te wijzen personen. Voorts is het bepaalde in artikel 16.2 van toepassing. Deze overgangsbepaling vervalt zodra een raad van toezicht is ingesteld conform lid 1 van de overgangsbepaling. 3.
In afwijking van het bepaalde in artikel 4.4 van de statuten kunnen in de aanloopfase van de stichting wel personen die bestuurlijk werkzaam zijn bij de Gemeente Den Haag, dan wel in dienst zijn van de Gemeente Den Haag benoemd worden tot bestuurder. Na oprichting zal spoedig de procedure worden gestart om een andere bestuurder te benoemen. Indien na verloop van een periode van twee jaar na oprichting de bestuurder van de stichting nog bestuurlijk werkzaam is bij de Gemeente Den Haag dan wel in dienst is van de Gemeente Den Haag, treedt deze bestuurder af. 4. Om de stichting een solide start te geven is, in afwijking van het bepaalde in artikel 19.4, opzegging door een partner van de partnerovereenkomst niet mogelijk voor één januari tweeduizend zevenentwintig. Slotverklaring. Ten slotte verklaarde de comparant: a. voor de eerste maal worden tot bestuurder[s] benoemd: [●] oprichter sub 1; [●] oprichter sub 2; en [●] oprichter sub 3;
20240193 20 BK CONCEPT 27 NOVEMBER 2024 VOOR DISCUSSIEDOELEINDEN
b.
het eerste boekjaar van de stichting loopt van haar aanvang af tot en met eenendertig december tweeduizend vijfentwintig. Volmacht Van de volmachtverlening aan de comparanten blijkt uit [●] onderhandse akte van volmacht, welke aan deze akte wordt gehecht als BIJLAGE. Slot. De comparant is mij, notaris, bekend. Deze akte is verleden te ‘s-Gravenhage op de datum in het hoofd vermeld. Na zakelijke opgave van de inhoud van deze akte aan de comparant heeft de comparant verklaard tijdig voor het verlijden van die inhoud te hebben kunnen kennisnemen, daarop een toelichting te hebben gekregen, te zijn gewezen op de gevolgen die daaruit voor partijen voortvloeien en op volledige voorlezing van de akte geen prijs te stellen. Ten slotte is deze akte, onmiddellijk na beperkte voorlezing, door de comparant en vervolgens door mij, notaris, ondertekend om