CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS322032 Beantwoording SV Den Haag moet pesten serieus nemen!

Gemeenteraad 18 december 2025, gemeente Den HaagBij agendapunt: Beantwoording schriftelijke vragen inzake Den Haag moet pesten serieus nemen! (RIS322032)2.225 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum

BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE VRAGEN

24 juni 2025 Ons kenmerk Onderwerp

Antwoord van het college op de vragen van het raadslid de heer Sewtahal, luidend: ‘Den Haag moet pesten serieus nemen!’

OCW/10907751 RIS322032

Het raadslid Sewtahal heeft op 17 april 2025 een brief met daarin 16 vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. De fractie van Hart voor Den Haag ontvangt al geruime tijd zorgelijke signalen over aanhoudend pestgedrag, zowel op Haagse scholen als in buurten. Ouders kloppen bij ons aan omdat de aanpak door scholen tekortschiet en het volstrekt onduidelijk is waar zij terechtkunnen voor hulp. Pesten beperkt zich bovendien niet tot de schooltijd: ook op de werkvloer, in bejaardentehuizen en online loopt het uit de hand. Met grote gevolgen: van psychische klachten tot sociaal isolement. 1.

Heeft het college inzicht in de aard en omvang van het pestprobleem in Den Haag, zowel op scholen, in buurten als op de werkvloer? Zo ja, kunt u deze cijfers delen? Zo nee, waarom niet?

Het college beschikt niet over specifieke cijfers over de aard en omvang van het pestprobleem in Den Haag, noch op scholen, in buurten, noch op de werkvloer. Pesten kent vele verschijningsvormen – het kan zich manifesteren in directe en zichtbare handelingen, maar ook in subtielere, moeilijker te signaleren gedragingen. Juist vanwege deze diversiteit en complexiteit is het lastig om het fenomeen eenduidig te meten en in cijfers uit te drukken. 2.

Wat is de visie van het college op een integrale en stadsbrede aanpak van pesten?

Het college is van mening dat pesten een complex en hardnekkig maatschappelijk probleem is, dat zich op uiteenlopende plekken manifesteert: op school, in de wijk, online en op de werkvloer. Juist vanwege deze diversiteit aan contexten en verschijningsvormen kiest het college er bewust voor om geen centraal opgelegd programma te hanteren. In plaats daarvan faciliteert de gemeente initiatieven van onderop. Scholen, organisaties en wijken hebben daarbij de ruimte om zelf te bepalen welk programma of welke samenwerkingspartner het beste aansluit bij hun specifieke situatie, met ondersteuning via gemeentelijke subsidies of gerichte verwijzingen. 3.

Wordt er momenteel structureel gemonitord op pestgedrag in het primair en voortgezet onderwijs, én op de werkvloer (bijv. bij de gemeente of in de zorg)?

Binnen het onderwijs valt pesten onder de incidenten die scholen kunnen registreren als onderdeel van hun veiligheidsbeleid. Er bestaat echter geen specifieke wettelijke verplichting voor scholen om pestincidenten afzonderlijk vast te leggen. Wel is het van belang dat scholen in staat zijn om signalen van pestgedrag tijdig te herkennen, deze adequaat aan te pakken en waar mogelijk te voorkomen. Daarbij hoort ook een duidelijk sociaal veiligheidsbeleid, inclusief aanspreekpunten voor leerlingen en ouders, het jaarlijks monitoren van de veiligheidsbeleving en welzijn van leerlingen en het opstellen van een veiligheidsplan, waarin vaak ook een pestprotocol is opgenomen. Wat betreft de werkvloer – waaronder bij de gemeente en in de zorgsector – is er op dit moment geen sprake van structurele, gemeentebrede monitoring van pestgedrag.

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10907751

Het signaleren en registreren van dergelijk gedrag valt doorgaans onder de verantwoordelijkheid van individuele werkgevers, binnen het bredere kader van hun verplichtingen rond psychosociale arbeidsbelasting volgens de Arbowet. De gemeente zelf heeft recentelijk stappen gezet om inzicht te krijgen in de werkbeleving van haar eigen medewerkers, inclusief het pestgedrag op de werkvloer. Als gemeente monitoren we sinds 2019 of medewerkers ervaren gepest te worden. Deze vraag maakt onderdeel uit van de module van vragen naar ongewenste omgangsvormen die is opgenomen in het periodieke medewerkersonderzoek (MO). Ook wordt gebruikgemaakt van aanvullende bronnen zoals exit- en vertrekredenonderzoek, de inzetbaarheidsmonitor, en gesprekken via het Medewerkersloket, vertrouwenspersonen, Bureau Integriteit en bedrijfsmaatschappelijk werk. De opvolging van het MO is belegd in de lijn en wordt ondersteund door een interventiewaaier met passende acties, afgestemd op de uitkomsten per team. Er is ook een enquête uitgezet onder leidinggevenden om de opvolging te monitoren. 4.

Kan het college aangeven welke rol de gemeente pakt in de preventie en bestrijding van pesten? Zijn er concrete programma’s of samenwerkingen met scholen, jeugdorganisaties, wijkteams en werkgevers?

Het college zet zich in voor de preventie en bestrijding van pesten door samen te werken met scholen (samenwerkingsovereenkomst schoolveiligheid), jeugdorganisaties en andere partners. De gemeente heeft zelf geen gemeentebreed programma geïnitieerd dat zich specifiek en structureel richt op de preventie en bestrijding van pesten in alle domeinen (onderwijs, sport, wijk, werkvloer). Op de Sociale Kaart Den Haag worden trainingen vermeld van partners in de stad die gericht zijn op het voorkomen en aanpakken van pestgedrag. Deze trainingen zijn bedoeld voor kinderen, jongeren, volwassenen en bedrijven en worden verzorgd door gecertificeerde anti-pestcoördinatoren. Daarnaast is er aandacht voor sociale veiligheid binnen de gemeentelijke organisatie zelf. 5.

Bestaat er een gemeentelijk meldpunt of centraal aanspreekpunt waar kinderen, ouders of professionals terechtkunnen bij structureel pestgedrag? Zo ja, hoe wordt dit onder de aandacht gebracht?

Op dit moment beschikt de gemeente Den Haag niet over een specifiek gemeentelijk meldpunt of centraal aanspreekpunt dat zich uitsluitend richt op meldingen van structureel pestgedrag door kinderen, ouders of professionals. Wel zijn er andere instanties en hulpbronnen beschikbaar: De Kindertelefoon, MIND Korrelatie, Meld- en Steunpunt Woonoverlast en Meldpunt Bezorgd van GGD Haaglanden. Ook kan men terecht bij de welzijnsorganisaties (opbouwwerk en jongerenwerk) en bij buurtbemiddeling en mediation. Door aanwezigheid in de wijken kunnen welzijnsorganisaties al veel signaleren, met name door de jongerenwerkers die aanwezig zijn op plekken waar jongeren zich bevinden. Maar niet alles is zichtbaar. Inwoners kunnen zelf met vragen of voor advies terecht bij welzijnsorganisaties in buurthuizen en servicepunten XL. Jongeren kunnen verder via de scholen gewezen worden op verschillende vormen van ondersteuning bij pesten. 6.

Wat gebeurt er als meldingen van structureel pesten niet serieus worden opgepakt door betrokken instanties? Kan het college aangeven hoe de gemeente dan ingrijpt?

De gemeente speelt geen rol bij het al dan niet serieus oppakken van meldingen van structureel pesten door betrokken instanties (zoals scholen, jeugdorganisaties of werkgevers).De gemeente heeft namelijk geen formele handhavingsrol in individuele casussen van pestgedrag, met uitzondering van haar verantwoordelijkheid voor een veilige leefomgeving in bredere zin.

2/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10907751

7.

Wordt er extra ingezet op kwetsbare wijken, waar sociale spanningen, armoede of gebrekkig toezicht pesten kunnen verergeren?

Welzijnsorganisaties bepalen hun inzet in wijken op basis van gebiedsanalyses van stadsdelen en eigen waarnemingen. In kwetsbare wijken zetten opbouwwerkers zich in voor het verbeteren van de sociale samenhang en verbinding tussen bewoners. Ook zetten zij zich in voor het verminderen van sociale spanningen in de wijk. Dit doen zij door ontmoetingen te organiseren, voorlichtingen te organiseren, wijkactiviteiten te faciliteren en bewoners te koppelen aan voorzieningen zoals sportverenigingen, buurtkamers en Servicepunten XL. Opbouwwerkers signaleren spanningen, verwijzen door naar hulpverlening en versterken sociale cohesie in de wijk. Jongerenwerkers richten zich op jeugd van 4 tot 27 jaar en zijn actief aanwezig in buurten en clubhuizen. Zij bouwen vertrouwensbanden op, signaleren pestgedrag en bieden laagdrempelige ondersteuning. Indien nodig schakelen ze andere partijen in. Dankzij hun kennis van groepsdynamiek en een sterk netwerk met scholen en maatschappelijke organisaties, dragen jongerenwerkers bij aan het voorkomen van spanningen en pesten onder jongeren. 8.

Welke verantwoordelijkheid ziet het college voor werkgevers en werknemers om pestgedrag op de werkvloer actief te voorkomen en aan te pakken?

Het college ziet een duidelijke verantwoordelijkheid voor zowel werkgevers als werknemers om pestgedrag op de werkvloer actief te voorkomen en aan te pakken. De verantwoordelijkheid hiervoor is in eerste instantie belegd bij de werkgever, die op grond van de Arbowet verplicht is zorg te dragen voor een veilige en gezonde werkomgeving – waaronder het voorkomen van psychosociale arbeidsbelasting zoals pesten, discriminatie en intimidatie. Het college onderkent ook haar eigen rol als werkgever in het geven van het goede voorbeeld. Daarom is er binnen de gemeentelijke organisatie aandacht voor sociale veiligheid en wordt er gewerkt aan een cultuur waarin ongewenst gedrag, zoals pesten, bespreekbaar is en aangepakt wordt. Sinds de zomer van 2023 is het Programma Werkomgeving gestart als gemeentebrede aanpak om te investeren in een prettige en veilige werkomgeving. Dit programma kent drie lijnen: versnellen van bestaande initiatieven, verdiepend luisteren (zoals het MO en dialoogsessies), en verbeteren van structurele ondersteuning. Concrete maatregelen tegen pestgedrag omvatten: • Het Medewerkersloket, waar medewerkers terecht kunnen met signalen en vragen over hun werksituatie. • Versterking van leiderschap en het uitwerken van een gemeentebreed leiderschapsbeeld, dat actief wordt gebruikt in dialoogsessies, intervisies en leiderschapstafels.

• Een nieuwe gedragscode, gebaseerd op de kernwaarden van de organisatie (betrouwbaar, oplossingsgericht, vrijmoedig en samen Haags). • Specifieke aandacht voor ongewenste omgangsvormen in het RI&E-traject. • Een integrale aanpak waarbij patronen en signalen van ongewenst gedrag ook via het Medewerkersloket en andere loketten (zoals Arbo en BI) in samenhang worden geanalyseerd. • De gemeentelijke inzet op diversiteit en inclusie draagt daarbij bij aan een werkcultuur waarin ongewenst gedrag bespreekbaar is en wordt aangepakt, bijvoorbeeld via trainingen als omstanderstraining en het bordspel Join the Jam, dat gesprekken hierover stimuleert. 9.

Ziet het college een rol voor het ondernemersportaal bij het delen van kennis en expertise over dit onderwerp met Haagse werkgevers?

3/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10907751

Het Ondernemersportaal is opgezet als centraal informatie- en adviespunt voor ondernemers en fungeert als laagdrempelig loket voor uiteenlopende vragen rondom bedrijfsvoering, regelgeving en voorzieningen voor ondernemers. Het Ondernemersportaal biedt geen ondersteuning aan hoe om te gaan met pestgedrag omdat dit onder de verantwoordelijkheid van werkgevers en werkgeversorganisaties valt. 10. In hoeverre beschikken werkgevers en werknemers op dit moment over voldoende kennis op dit vlak? Is het college bereid om dit actief te versterken, bijvoorbeeld met trainingen of toolkits? De kennis en mogelijkheden om pestgedrag op de werkvloer aan te pakken verschillen sterk per organisatie. Grotere organisaties beschikken vaak over beleid, vertrouwenspersonen en trainingen, terwijl kleinere bedrijven hier minder goed op zijn voorbereid of het onderwerp onvoldoende prioriteit geven. Ondernemers kunnen daarvoor terecht bij organisaties zoals de Kamer van Koophandel, die ondersteuning en informatie bieden op het gebied van sociale veiligheid en goed werkgeverschap. 11.

Waarom is er op DenHaag.nl nauwelijks informatie te vinden over pesten, terwijl dit voor veel gezinnen een actueel en schrijnend probleem is?

De reden dat er op DenHaag.nl nauwelijks specifieke informatie te vinden is over pesten, is dat pestproblematiek sterk situatieafhankelijk is. Pesten kan zich op zeer uiteenlopende manieren voordoen – op school, in de buurt, binnen gezinnen, op de werkvloer of online – en vraagt in elke context om een andere aanpak en route naar hulp of ondersteuning. 12. Hoe belangrijk acht het college het thema pesten binnen het gemeentelijk jeugd- en welzijnsbeleid? Pesten is een van de vele thema's waar het jeugd- en welzijnsbeleid zich op richt. Als er sprake is van pesten kan het welzijnswerk daarop inzetten waarbij de aanpak altijd groepsgericht is en er samenwerking kan wordt gezocht met andere partners in de wijk. Zie vraag 7. 13. Met welke externe partners werkt de gemeente samen in de aanpak van pesten, zowel op school als in de wijk of online? In de aanpak van pesten werkt de gemeente onder andere samen met welzijnsorganisaties (jongerenwerk, opbouwwerk), scholen (SMW), sportverenigingen (WSDH), wijkorganisaties, jongerenpunt070, buurtkamers, CJG, buurtbemiddeling en mediation, politie en HALT. 14. Hoe kunnen inwoners of organisaties in contact komen met deze partners? Wordt daar voldoende actief over gecommuniceerd? Inwoners en organisaties die ondersteuning zoeken bij de aanpak van pesten kunnen rechtstreeks contact opnemen met relevante partners.

Welzijnsorganisaties zijn zichtbaar en bereikbaar in de wijk, onder andere via buurthuizen en Servicepunten XL. Op scholen is het schoolmaatschappelijk werk een laagdrempelig aanspreekpunt. Voor conflicten of ervaren pestgedrag in de buurt kunnen inwoners gratis terecht bij Bemiddeling en Mediation, dat door de gemeente wordt gesubsidieerd. Hoewel de gemeente soms doorverwijst of samenwerking tussen partijen faciliteert, ligt de verantwoordelijkheid voor communicatie bij de partners zelf. De gemeente voert hierin geen regie op individuele communicatie-uitingen.

4/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10907751

15.

Is het college bereid om via de gemeentelijke website laagdrempelige, toegankelijke informatie te delen over pesten, gericht op zowel ouders als kinderen (denk aan “Jip en Janneke-taal”)?

Hoewel pesten in veel gevallen valt onder de verantwoordelijkheid van andere partijen (zoals scholen of werkgevers), erkent het college dat een centrale, herkenbare plek kan bijdragen aan betere vindbaarheid van relevante informatie en hulpinstanties. Het college is dan ook bereid om te verkennen op welke manier dit het beste vorm kan krijgen, bijvoorbeeld via een aparte pagina of themapagina binnen het sociaal domein. 16. Is het college daarnaast bereid om een overzicht te publiceren van alle partners, projecten en meldpunten die betrokken zijn bij de aanpak van pesten in onze stad? Het college erkent het belang van een helder en toegankelijk overzicht van alle partners, projecten en meldpunten die betrokken zijn bij de aanpak van pesten in Den Haag. Zo’n overzicht kan inwoners helpen om sneller de juiste ondersteuning te vinden. De sociale kaart kan hierbij een belangrijke rol kan spelen. De sociale kaart brengt bestaande hulp- en ondersteuningsmogelijkheden in de stad in kaart en kan daarmee fungeren als een centraal en actueel hulpmiddel voor inwoners en professionals. Het college is bereid te onderzoeken hoe de sociale kaart optimaal ingezet kan worden om een overzicht van de aanpak van pesten beschikbaar te stellen. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de locoburgemeester, Ilma Merx

Robert van Asten

5/5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15712184/1