RIS321945 Online Jongernewerk in de strijd tegen ronselaars
Tekst van het document
RIS-nummer: 321945 Schriftelijke vragen: Online Jongerenwerk in de strijd tegen ronselen Indiener: Marije Mostert en Caroline Verduin (D66) Datum: 8 april 2025 Aan de voorzitter van de gemeenteraad, Het leven van jongeren vindt steeds meer online plaats. Dat kan een gezellig potje gamen zijn, eindeloos chatten en dansjes maken op TikTok. Jonge aanwas wordt echter ook steeds vaker online geworven. Denk aan F-Game, ronselen voor criminele activiteiten, sextortion en radicalisering. Dit vindt steeds minder fysiek plaats, zoals op straat of in de school, maar meer en meer online. Toch worden jongerenwerkers vooral op straat ingezet. Dat is uiteraard heel belangrijk, maar we missen daardoor een groot deel van wat er speelt in de levens van jongeren. De mores, de verleiding, de risico’s, daarvan zien we slechts een fractie. Jongerenwerkers kennen de online omgeving niet altijd voldoende. De platforms, de codes en de taal veranderen daarnaast sneller dan het weer. Afgelopen week verscheen bijgaand artikel over de publicatie van de AIVD ‘Een web van haat – De online grip van extremisme en terrorisme op minderjarigen’. D66 is van mening dat we in Den Haag stevig moeten inzetten op de professionalisering van jongerenwerkers in de online leefwereld.
In plaats van zich alleen op straat te begeven, bewandelen zij ook de digitale wegen en maken daar contact met jongeren en de uitdagingen waar zij tegenaan lopen. Als deze jongeren ook online gezien worden raken ze uit de anonimiteit en in de zichtbaarheid. Overeenkomstig art. 30 van het Reglement van orde stellen raadsleden Marije Mostert en Caroline Verduin, D66, de volgende vragen: 1) Erkent het college de noodzaak van online jongerenwerk, waar breed op ingezet moet worden? 2) Kan het college aangeven welke mogelijkheden dan wel beperkingen jongerenwerkers hebben om online jongerenwerk te doen? Welke overwegingen liggen er aan eventuele beperkingen ten grondslag? Zijn er verschillen tussen organisaties in beperkingen en mogelijkheden qua online jongerenwerk? 3) Op welke social media platforms mogen de jongerenwerkers wel en niet met een werkaccount? Hoe schuurt dit met de platforms die jongeren gebruiken? Op welke wijze blijven jongerenwerkers op de hoogte van de online leefwereld van jongeren? 4) Is er overleg en uitwisseling met jongerenwerkers van andere gemeenten die online werken? 5) Wordt er in Den Haag al gebruik gemaakt van EpicYouth of soortgelijk online werk? 6) Welke trainingen en andere middelen worden er momenteel ingezet om de online weerbaarheid van jongeren te versterken? Hoe en waar worden deze ingezet? 7) Is er een schatting hoeveel jongeren er op dit
moment risico lopen om geronseld te worden door radicale groepen of criminele organisaties? 8) Heeft het college advies ingewonnen bij kennisinstellingen o.i.d. die (wetenschappelijk) meer kunnen vertellen over werkwijzen en risico’s? 9) Waar melden jongerenwerkers hun zorgen over jongeren die risico’s lopen om geronseld te worden door radicale groepen of criminele organisaties? Is hier een protocol/werkinstructie voor? Marije Mostert D66
Caroline Verduin D66 Pagina 1 van 4
Bijlage 1
AIVD ziet toename dreiging van online radicaliserende minderjarigen Nieuwsbericht | 03-04-2025 | 12:20
De AIVD ziet dat minderjarigen steeds vaker een terroristische dreiging vormen vanwege hun jihadistische of rechts-terroristische gedachtegoed. Het internet speelt een belangrijke rol bij de radicalisering van deze jongeren. Online komen zij in aanraking met jihadistische en rechts-terroristische propaganda, die niet altijd herkenbaar is als terroristische content. Laagdrempelige blootstelling aan deze propaganda in combinatie identiteitsontwikkeling en eventuele psychosociale problemen, maakt dat minderjarigen gevoelig kunnen zijn voor radicalisering. Om deze dreiging tegen te gaan, is maatwerk noodzakelijk. Het maatwerk kan variëren van hulpverlening en begeleiding tot inzet van het jeugdstrafrecht. Dat staat in de brief die minister Uitermark van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties vandaag naar de Tweede Kamer stuurde.
Vergroot afbeelding publicatie Een web van haat
Vergroot afbeelding Cover van de
Beeld: ©AIVD
De AIVD ziet momenteel tientallen minderjarigen die een dreiging vormen voor de nationale veiligheid. In de publicatie “Een web van haat - De online grip van extremisme en terrorisme op minderjarigen” beschrijft de AIVD de dreiging die uitgaat van online radicaliserende minderjarigen van Pagina 2 van 4
12 tot en met 17 jaar. Deze jongeren bekijken, maken en verspreiden terroristische propaganda en hebben in veel gevallen ook online contact met jihadisten of aanhangers van het rechts-terrorisme. Het plannen of plegen van een aanslag is hierbij vaak onderwerp van gesprek. De AIVD constateert dat in enkele gevallen daadwerkelijk sprake is van voorbereidingen voor het plegen van een aanslag.
Online verspreiding via social media en gamingplatforms De verspreiding van de terroristische boodschappen door minderjarigen vindt vaak plaats via social media en gamingplatforms zoals Instagram, Discord, Roblox, Telegram en TikTok. Het delen van de content vindt zowel plaats in open chatgroepen en op kanalen als in besloten chatgroepen en in online privégesprekken. Binnen open chatgroepen en kanalen is niet alle extremistische en terroristische propaganda direct te herkennen. Dit komt door het gebruik van subtiele verwijzingen naar het gedachtegoed. Bijvoorbeeld door het gebruik van bepaalde emoticons of woorden met een dubbele betekenis. Zo verwijzen jihadisten met een zwarte vlag naar ISIS en verwijst het woord ‘kebab’ binnen rechtsterroristische chatgroepen naar moslims. In besloten chatgroepen en privégesprekken delen deelnemers veelal explicietere content. Dat kunnen bijvoorbeeld afbeeldingen, video’s of teksten zijn die het extremistische of terroristische wereldbeeld bevestigen en onderbouwen. Of content die geweld rechtvaardigt en verheerlijkt.
Jihadistische en rechts-terroristische propaganda Vrijwel alle jihadistische content die online verspreid wordt is afkomstig van aanhangers van ISIS. De minderjarige aanhangers verspreiden actief jihadistische content en spreken hierbij onder meer over aansluiting bij ISIS. Rechts-terroristische content is gebaseerd op meerdere rechtsextremistische stromingen, zoals het accelerationisme. Accelerationisten Pagina 3 van 4
verheerlijken terroristisch geweld in online groepen met als doel om een rassenoorlog op gang te brengen. Antisemitisme voert de boventoon binnen rechts-terroristische groepen. Deze groepen kunnen zich ook richten op andere minderheden en/of overheidsinstituties.
Belang van maatwerk Om de terroristische dreiging van minderjarigen tegen te gaan, is maatwerk nodig. Maatwerk dat vaak bestaat uit (een combinatie van) hulpverlening, begeleiding en een strafrechtelijk kader. Soms kan de terroristische dreiging van minderjarigen worden weggenomen met begeleiding. Dit kan minderjarigen helpen om los te komen van het jihadistisch of rechts-terroristisch gedachtegoed. In andere gevallen is deze benadering niet effectief genoeg. Dan is het betrekken van bijvoorbeeld de jeugdstrafrechtketen nodig. Nauwe samenwerking tussen de AIVD, andere veiligheidsketenpartners, het sociale domein en het zorgdomein kan in dit benodigde maatwerk voorzien. Zijn er zorgen over een minderjarige? Op Rijksoverheid.nl/hulp-bijradicalisering staat een overzicht van instanties die hierbij kunnen helpen.
Pagina 4 van 4