RIS321931 Aanpak polarisatie radicalisering en (gewelddadig) extremisme in 2024
Tekst van het document
Typ tekstTyp tekstTyp tekst
Jan van Zanen
Burgemeester
001
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
BSD/10871604 RIS321931 r-
Aan de voorzitter van de commissie Bestuur
Dienst
Bestuursdienst Afdeling
Directie Veiligheid/IPPR Telefoonnummer
14070 Datum
E-mailadres
29 april 2025
ippr@denhaag.nl
Onderwerp
Aanpak polarisatie, radicalisering en (gewelddadig) extremisme in 2024
Geachte voorzitter, Uw raad wordt jaarlijks op de hoogte gehouden van de lokale aanpak van radicalisering, extremisme en polarisatie. In deze voortgangsrapportage wordt teruggeblikt op de ontwikkelingen van het afgelopen jaar en stilgestaan bij hoe onze aanpak inspeelt op de veranderende dreiging van radicalisering en extremisme. Net als in 2023, is er in 2024 geïnvesteerd om de impact van de ontwikkelingen in het Midden-Oosten op onze stad zoveel als mogelijk in goede banen te leiden. Daarnaast is er een fenomeenanalyse uitgevoerd gericht op de ontwikkeling van extremisme in de politie-eenheid Den Haag (RIS321924). Dit om de veranderingen van de afgelopen jaren binnen het fenomeen in onze regio inzichtelijk te maken en onze lokale aanpak hierop aan te passen. Uit de analyse komt naar voren wat wij in Den Haag al langer zien: (gewelddadig) extremisme blijft een dreiging, maar is lastiger in duidelijke ideologische hokjes te plaatsen. Het nationale dreigingsniveau blijft op het één na hoogste niveau In december 2023 werd het dreigingsniveau verhoogd van niveau drie naar niveau vier, het op één na hoogste niveau. Dit dreigingsniveau is in 2024 onveranderd gebleven. Dit betekent dat de kans op een aanslag in Nederland reëel is. De grootste dreiging gaat uit van het jihadisme: deze dreiging volgt uit het geweld in het Midden-Oosten en koranvernielingen in Nederland.
In Europa zijn er verschillende voorbeelden geweest van eenlingen die, geïnspireerd door jihadistische organisaties als IS, aanslagen pleegden of voorbereidden op personen, objecten of evenementen. De dreiging uit rechts-extremistische en anti-institutioneel extremistische hoek blijft stabiel: binnen deze stromingen blijft een kleine groep personen bereid tot legitimeren en/of plegen van geweld. Vanuit de links-extremistische beweging gaat een beperkte geweldsdreiging uit. Hoewel links-extremistische personen of organisaties ondemocratische doelen na kunnen streven, doen zij dit vooralsnog voornamelijk op activistische wijze. Polarisatie, radicalisering en extremisme in Den Haag – een fenomeen in beweging In 2024 is er, in opdracht van de gemeente Den Haag, door een onderzoekster verbonden aan de universiteit Leiden een fenomeenanalyse uitgevoerd. Deze is gericht op de ontwikkeling van (gewelddadig) extremisme tussen 2018-2023 binnen de politie-eenheid Den Haag. Dit gebied omvat de stad Den Haag en 26 andere gemeenten.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
Telefoonnummer 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/10871604
De analyse, een uitgebreide reactie hierop en een toegankelijke managementsamenvatting is gelijktijdig met deze voortgangsrapportage aan uw raad verzonden (RIS321924). In deze brief neem ik u in vogelvlucht mee langs de belangrijkste ontwikkelingen voor Den Haag die in de analyse en binnen onze werkzaamheden van afgelopen jaar zichtbaar zijn geworden. De voornaamste geweldsdreiging komt voort uit het jihadisme, gevolgd door rechtsextremisme De fenomeenanalyse stelt dat de grootste geweldsdreiging uitgaat van eenlingen of kleine groepen die geïnspireerd worden door jihadistische organisaties. Tegelijkertijd vormen ook personen met rechtsextremistisch gedachtengoed een geweldsrisico. Dit gedachtengoed werd in de openbare ruimte vooral zichtbaar door vandalisme en protestacties. Hoewel minder zichtbaar, zijn er ook personen (voornamelijk jongeren) die het accelerationistisch gedachtengoed aanhangen en een burgeroorlog tussen bevolkingsgroepen zouden willen uitlokken. In de fenomeenanalyse kwamen daarnaast signalen naar voren van complotdenkers en soevereinen die bereid waren om geweld te gebruiken of legitimeerden. Deze groep lijkt qua omvang en organisatie beperkt, maar zijn tegelijkertijd ook lastig te signaleren. Dit heeft te maken met het feit dat zij vaak overheidsorganisaties mijden en minder samenhangend gedachtengoed uiten.
Den Haag wordt vaak geconfronteerd met uitingen van ongenoegen, ook uit extreme hoek Als internationale stad van vrede en recht, met meer dan 200 nationaliteiten binnen haar gemeentegrenzen, is Den Haag onlosmakelijk verbonden met ontwikkelingen in de rest van de wereld. Wanneer personen geraakt worden door deze ontwikkelingen, willen zij hier in Den Haag uiting aan geven door middel van demonstraties of andere openbare manifestaties. Dit geldt voor zowel bewoners als bezoekers van onze stad. Over het algemeen hebben demonstranten van binnen en buiten Den Haag goede bedoelingen. Helaas zijn er de afgelopen jaren ook gevallen geweest waarin de extreme groepen of personen die zich aansloten bij acties en voor onrust zorgden, met als dieptepunt de rellen aan de Fruitweg van februari 2024. Ook rondom het conflict in Gaza kwamen bij demonstraties uitingen voor die naast een mogelijk polariserend effect op de samenleving bijdroegen aan gevoelens van onveiligheid binnen verschillende gemeenschappen Minderjarigen zijn mogelijk vatbaar voor online extremistische content Minderjarigen binnen en buiten Den Haag komen in toenemende mate in aanraking met extreme online content, waaronder content vanuit jihadistisch en accelerationistisch gedachtengoed. Dergelijke content kan jongeren vatbaarder maken voor radicalisering en hen aanzetten tot (het legitimeren van) geweld.
Naast het geweldsrisico dat uitgaat van dergelijke content, is het zicht hierop vanuit gemeenten beperkt en zijn zij voor signalen afhankelijk van inlichtingen- en veiligheidsdiensten. In 2024 zijn er diverse jongeren opgenomen in de persoonsgerichte aanpak (PGA) contraterrorisme, extremisme en radicalisering (CTER) die minder- of net meerderjarig zijn en middels extremistische online content zijn geradicaliseerd of online extremistisch-geïnspireerd geweld legitimeerden. Ook niet-gewelddadig extremisme kan de democratie ondermijnen Uit de fenomeenanalyse blijkt dat personen met een extremistisch gedachtengoed (onderdelen van) de democratische rechtsorde ondermijnen zonder geweld expliciet in te zetten of te legitimeren. Voorbeeld hiervan zijn personen die anti-institutioneel gedachtengoed verspreiden en mensen aanzetten tot het niet langer betalen van boetes of belastingen, met als gevolg dat deze personen in de financiële problemen belanden. Daarnaast zijn er personen die vanuit hun gedachtengoed onderdelen die belangrijk zijn voor onze democratie, zoals rechtbanken, de media en de wetenschap, ondermijnen en proberen parallelle instituten of samenlevingen te bouwen met bijvoorbeeld eigen rechtspraak en gezondheidszorg.
Extremistische personen zijn steeds moeilijker te categoriseren In de fenomeenanalyse wordt tenslotte het beeld onderstreept dat in de voortgangsrapportage over 2023 (RIS318059) ook is benoemd: de verschillende uitingsvormen van extremisme vallen steeds minder vaak in duidelijke categorieën, waardoor afgebakende ideologieën minder voorkomend lijken te zijn geworden.
2/9
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/10871604
Desondanks is de dreiging en intentie van dergelijke personen nog wel extremistisch of terroristisch van aard. Dit bleek bijvoorbeeld bij de aanslag op de kerstmarkt in Maagdenburg, waarbij de dader vooraf allerlei extreme politieke meningen uitte, maar niet in één duidelijke categorie van extremisme te plaatsen viel. Vanuit de lokale aanpak is de afgelopen jaren al inzet gepleegd binnen de PGA CTER en de signaleringsstructuur om met deze veranderende dreiging om te gaan, waarover hieronder meer. De aanpak van polarisatie, radicalisering en (gewelddadig) extremisme De Haagse aanpak bestaat uit een combinatie van gerichte interventies en generieke preventie en is gestoeld op een nauwe samenwerking tussen gemeente en zorg- en veiligheidspartners binnen en buiten onze stad. De gemeente signaleert (nieuwe vormen van) radicalisering en extremisme, versterkt de weerbaarheid radicalisering en extremisme en draagt bij aan de re-integratie van personen die zijn veroordeeld voor terroristische misdrijven. Ook zet het college zich via deze aanpak in om de negatieve gevolgen van polarisatie waar mogelijk te voorkomen of tegen te gaan.
Dit is georganiseerd in de vier speerpunten van het Informatiepunt preventie polarisatie en radicalisering (IPPR): • Kennis en Kunde • Netwerken • Weerbaarheid • PGA CTER Speerpunt Kennis en Kunde In het speerpunt Kennis en Kunde worden ontwikkelingen binnen radicalisering en extremisme geanalyseerd en vertaald naar lokaal handelingsperspectief. Door middel van (o.a.) kennisproducten, themabijeenkomsten en trainingen worden lokale zorg- en veiligheidsprofessionals meegenomen in de laatste trends en ontwikkelingen. Professionals met eventuele zorgen over polarisatie, radicalisering of extremisme kunnen met hun vragen terecht bij dit speerpunt. In het afgelopen jaar is er vanuit Kennis en Kunde geïnvesteerd in het versterken van (gespreks-)vaardigheden van zorg- en veiligheidsprofessionals en is er extra aandacht besteed aan nieuwe ontwikkelingen binnen het online domein. Aantal meldingen van radicalisering licht gestegen Het IPPR kan worden bereikt door iedereen die vragen of zorgen heeft over polarisatie, radicalisering of extremisme. In 2024 zijn er 40 meldingen ontvangen van vermoedelijke radicalisering. Dit aantal ligt iets hoger dan in 2023; toen werden er 37 meldingen gedaan bij het IPPR. Net als in voorgaande jaren hadden de meeste meldingen in 2024 betrekking op het jihadisme, maar er waren ook meldingen van rechts- en anti-institutioneel extremisme.
Voor een aantal meldingen geldt dat deze niet direct te plaatsen waren in een categorie van extremisme. Deze ontwikkeling sluit aan bij het eerdergenoemde beeld van een steeds diffuser CTER-landschap. Van alle meldingen die het afgelopen jaar zijn gedaan, zijn er vier daadwerkelijk opgenomen in de PGA-CTER. Een aantal meldingen zijn overgedragen aan andere zorg- en veiligheidsaanpakken. Naast meldingen van vermoedelijke radicalisering is er in het afgelopen jaar enkele keren contact opgenomen met het meldpunt vanwege signalen van polarisatie. Deze meldingen zijn opgevolgd middels gesprekken, weerbaarheidsprojecten of trainingen. Honderden professionals nemen deel aan kennissessies en trainingen Een belangrijk onderdeel van het speerpunt Kennis en Kunde is het bevorderen van kennis en vaardigheden van professionals. Het IPPR werkt samen met het Rijksopleidingsinstituut tegengaan Radicalisering (ROR) voor het uitzetten van verschillende trainingen onder Haagse zorg- en veiligheidsprofessionals. In 2024 zijn er negen trainingen uitgezet gericht op kennis en signalering, bijvoorbeeld op het gebied van islamitisch- en anti-institutioneel extremisme. Merendeel van de trainingen, twaalf, was gericht op het versterken van vaardigheden die professionals kunnen inzetten in omgang met radicale uitspraken en gedrag, ongeacht het gedachtengoed waar deze uit voortvloeien.
3/9
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/10871604
Voorbeelden hiervan zijn de training ‘Omgaan met Extreme Idealen’ en de training ‘Contact maken en houden’. Laatstgenoemde training is afgelopen jaar gepilot en vervolgens meerdere keren aangevraagd en uitgerold. Naast de ROR-trainingen zijn er in 2024 meermaals presentaties door het IPPR verzorgd aan verschillende Haagse organisaties en zijn er twee themabijeenkomsten georganiseerd voor lokale professionals. Eén bijeenkomst was gericht op de rol en positie van de aandachtsfunctionarissen – professionals die het aanspreekpunt zijn voor CTER-gerelateerde vragen in hun organisatie. De andere bijeenkomst richtte zich op de rol van het sociaal netwerk rondom het radicaliseringsproces. In totaal zijn er ruim 400 professionals bereikt met trainingen en kennissessies in 2024, dit aantal is vergelijkbaar met voorgaande jaren. Tenslotte heeft het IPPR in 2024 geïnvesteerd in het opleveren van verschillende kennisproducten zoals een halfjaarlijkse nieuwsbrief en verschillende factsheets. Deze kennisproducten zijn verspreid onder het Haagse professionele netwerk en dienen als extra ondersteuning in het omgaan met- en signaleren van radicalisering en extremisme in Den Haag. Speerpunt Netwerken In verbinding staan met de verschillende gemeenschappen die Den Haag rijk is, is cruciaal om een vuist te kunnen maken tegen schadelijke polarisatie en radicalisering.
Daarom is ook in 2024 doorlopend contact geweest met diverse religieuze-, levensbeschouwelijke-, en maatschappelijke organisaties. Bovendien is er opnieuw geïnvesteerd in de contacten met lokale professionals, zowel uit het zorg- als het veiligheidsdomein. Goede gesprekken over moeilijke thema’s In onze internationale stad van vrede en recht worden bewoners vrijwel direct geconfronteerd met de maatschappelijke ontwikkelingen in binnen- en buitenland. Hoewel wij als gemeente de problematiek buiten onze stad niet op kunnen lossen, is het contact met de Haagse gemeenschappen van groot belang om de verbinding tussen groepen binnen onze stad niet te verliezen. Om deze verbinding te behouden en waar mogelijk te versterken, worden ook de moeilijke onderwerpen niet uit de weggegaan. Om deze reden zijn er verschillende gesprekken geweest over het veiligheidsgevoel van gemeenschappen, bijvoorbeeld naar aanleiding van de conflicten in het Midden-Oosten, maar ook over de impact van koranvernielingen tijdens demonstraties. Een goed gesprek lost niet meteen alle problemen op waar de gemeenschappen mee geconfronteerd worden, maar helpt mij wel om meer zicht te krijgen op de problematiek. Andersom krijgen de organisaties hierdoor beeld bij welke dingen we wel of juist niet kunnen aanpakken of veranderen.
Bijeenkomsten met religieuze- en levensbeschouwelijke organisaties Ook in 2024 is er een bijeenkomst georganiseerd voor religieuze- en levensbeschouwelijke organisaties in onze stad. Aan deze bijeenkomst namen zo’n 40 vertegenwoordigers deel, die gezamenlijk een divers palet aan religieuze- en levensbeschouwelijke opvattingen vertegenwoordigden. Tijdens deze bijeenkomsten werd onder meer gesproken over het tegengaan van schadelijke praktijken, waaronder huwelijksdwang, eergerelateerd geweld en vrouwelijke genitale verminking. Als vervolg op deze sessie hebben diverse vertegenwoordigers een aanvullende training op deze thema’s gevolgd, verzorgd door de GGD. Investering in contact met lokale professionals Net als vertegenwoordigers van gemeenschappen, worden lokale professionals in het zorg- en sociale domein geconfronteerd met de impact van maatschappelijke ontwikkelingen op hun doelgroep. Buiten de verschillende themabijeenkomsten is er daarom doorlopend contact met de zogenoemde aandachtfunctionarissen die bij zorg- en welzijnsorganisaties in de stad werkzaam zijn. Dit zijn professionals die naast hun reguliere werkzaamheden eerste aanspreekpunt zijn bij zorgen over radicalisering en extremisme. Aandachtfunctionarissen werken bijvoorbeeld binnen het onderwijs, sociale diensten van de gemeente, GZZ-instellingen en welzijnsorganisaties als het Leger des Heils.
Deze professionals voeren het eerste gesprek met collega’s en bespreken zorgelijke signalen met het IPPR.
4/9
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/10871604
In 2024 is er een nieuwe lichting meegenomen in het aandachtfunctionarissentraject dat in samenwerking met het ROR is opgezet. Speerpunt Weerbaarheid Binnen het speerpunt weerbaarheid worden weerbaarheidsprojecten uitgevoerd die helpen om schadelijke polarisatie en extremisme in Den Haag te verkleinen en waar mogelijk te voorkomen. De projecten zetten in op het verstevigen van verschillende beschermende factoren en zijn gericht op jongeren, (basis-)scholieren en ouders. Een aantal projecten worden ook ingezet onder professionals. Ongeveer 1500 jongeren, 140 ouders en 50 professionals bereikt De weerbaarheidsprojecten voor jongeren richten zich op het verstevigen van beschermende factoren die de weerbaarheid tegen extremistische verhaallijnen vergroten, terwijl ouders en professionals inzicht kregen in hoe zij (hun) jongeren weerbaarder kunnen maken tegen (o.a.) radicalisering. De projecten worden uitgerold in alle stadsdelen van Den Haag en kunnen naast structurele inzet, ook naar aanleiding van een specifieke behoefte vanuit scholen of buurthuizen worden aangeboden. Zodoende namen in 2024 ongeveer 1500 jongeren, 140 ouders en 50 professionals deel aan de weerbaarheidsprojecten. Dit aantal ligt iets hoger dan voorgaande jaren, mede door de uitrol van een nieuw project gericht op desinformatie.
De projecten richten zich op verschillende factoren en voedingsbodems die een rol kunnen spelen binnen het radicaliseringsproces. Een aantal voorbeelden: Identiteitsbewustwording en burgerschap Een positieve identiteitsontwikkeling is een belangrijke factor in de weerbaarheid tegen radicalisering. Een aantal weerbaarheidsprojecten zetten daarom in op de ondersteuning van deze identiteitsontwikkeling waarbij het bespreekbaar maken van gepolariseerde thema’s en begrip krijgen voor een ander standpunt belangrijke onderdelen van het programma zijn. De projecten worden met name aangeboden binnen het onderwijs, maar sommige projecten bedienen ook andere organisaties. In 2024 is project Mij bijvoorbeeld gestart op verschillende locaties van het jongerenwerk. Opvoedondersteuning Ouders kunnen een belangrijke beschermende rol spelen binnen het radicaliseringsproces van (hun) jongeren. Het project Trias Pedagogica ondersteunt ouders hierin door gebruik te maken van (o.a.) dialoog sessies en positieve rolmodellen. In 2024 is er een proces- en effectenevaluatie uitgevoerd naar dit project. De uitkomsten van deze evaluatie zullen begin Q2 met u worden gedeeld. Het online domein Het online domein speelt een grote rol in (snelle) radicaliseringsprocessen van jongeren.
Om jongeren inzicht te geven in de manipulatieve processen van ronselen en desinformatie kunnen onderwijsinstellingen het lespakket Radicalise afnemen en is in 2024 het pilotproject Under Pressure gestart. Beide programma’s worden in 2025 voortgezet. Oog voor nieuwe ontwikkelingen Binnen het speerpunt weerbaarheid is er doorlopend oog voor veranderingen binnen het CTER -landschap en waar nodig wordt hierop geanticipeerd. Bijvoorbeeld door het laten ontwikkelen van nieuwe projecten of door aanpassingen binnen het huidige aanbod. Zodoende is er afgelopen jaar een verkenning gestart voor een nieuw project gericht op anti-institutioneel extremisme voor een oudere doelgroep en is er flink geïnvesteerd in online weerbaarheid binnen alle weerbaarheidsprojecten. Op deze wijze geven wij in Den Haag al invulling aan één van de aanbevelingen uit de fenomeenanalyse.
5/9
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/10871604
Naar aanleiding van een uitgesproken behoefte onder jongerenwerkers voor extra ondersteuning in het bespreekbaar maken van gepolariseerde maatschappelijke debatten, is er vanuit dit speerpunt een themabijeenkomst georganiseerd waar jeugdprofessionals (o.a.) konden deelnemen aan een aantal weerbaarheidsprojecten. Samenwerking en afstemming Hoewel de weerbaarheidsprojecten zich richten op het vergroten van weerbaarheid tegen extremistische verhaallijnen, kunnen de beschermende factoren die centraal staan, ook een positieve invloed hebben op de weerbaarheid tegen andere dreigingen. Dit heeft bij een aantal projecten geleid tot constructieve samenwerkingen met andere afdelingen en clusters; bijvoorbeeld met OCW- inclusieve samenleving. Deze samenwerking en daaruit voortvloeiende cofinanciering zal in het komende jaar worden geïntensiveerd en uitgebreid met het programmateam Preventie met Gezag en OCW-media. Hiermee wordt er tevens voorgesorteerd op het eventueel wegvallen van (een gedeelte) van de Versterkingsgelden voor primaire preventie projecten. Naast de interne samenwerking, is er in het afgelopen jaar vanuit dit speerpunt een start gemaakt met de samenwerking tussen regiogemeenten op project- en evaluatie basis. Deze samenwerking zal voor een aantal projecten worden voortgezet in het komende jaar.
Speerpunt PGA CTER In de PGA CTER worden personen besproken die geweld als legitiem middel zien om hun wereldbeeld te verwezenlijken. In de PGA CTER werken zorg- en veiligheidsprofessionals onder regie van de gemeente samen aan een plan van aanpak en stemmen zij interventies af. Het doel van de persoonsgerichte aanpak is om de veiligheidsrisico’s zoveel mogelijk te verkleinen. Instroom in de PGA CTER in 2024 gelijk aan 2023 Van de 40 signalen die het IPPR in 2024 heeft ontvangen, hebben er vier geleid tot daadwerkelijke opname in de PGA CTER. Dit zijn vergelijkbare cijfers met vorig jaar, toen er van de 37 meldingen eveneens vier casussen zijn opgenomen in de aanpak. Hoewel ook in 2024 de hoofdmoot van de casuïstiek jihadistische kenmerken vertoonde, zijn de vormen van extremisme binnen de aanpak steeds minder helder te kaderen en diverser qua problematiek en uitingsvormen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de combinatie van extremistische gedachtengoed en geestelijke problematiek, vormen van complotdenken waarbij verschillende vormen van extremisme samenkomen of de bereidheid om in Nederland geweld te plegen naar aanleiding van politieke conflicten in het buitenland. Indien een melding niet in aanmerking komt voor de PGA CTER maar wel een veiligheidsrisico vormt, wordt deze voorgelegd aan andere zorg- en veiligheidsaanpakken.
Om maatwerk te kunnen blijven leveren in casuïstiek wordt er binnen de Haagse PGA CTER doorlopend geïnvesteerd in het gezamenlijk lerend vermogen. Zo is er gestart met de gezamenlijke evaluatie van casussen na afschaling uit de PGA CTER om lessen te trekken uit de interventies die wel of niet aansloegen. Omdat radicalisering nooit in een vacuüm plaatsvindt, is er in 2024 ook verkend in welke mate systeemgericht werken, waarbij aandacht is voor het (sociale) milieu van het subject, geïmplementeerd kan worden in de PGA CTER. Hieruit kwam onder meer naar voren dat er kansen liggen op het gebied van ondersteuningsaanbod voor families. De aanbevelingen worden in 2025 zoveel als mogelijk geïmplementeerd Hoe komt een melding terecht in de PGA CTER? Zoals blijkt uit het aantal meldingen en opnames, belandt een signaal dat bij het IPPR wordt belegd niet zomaar in de PGA CTER. Om opgenomen te worden in de PGA CTER, dient er te worden vastgesteld dat er sprake is van een veiligheidsrisico dat voortkomt uit een (concreet) gedachtengoed. Voordat een casus opgenomen wordt in de PGA CTER, doorloopt deze een weging aan de hand van ons duidingsinstrument, opgedeeld in drie fasen:
6/9
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/10871604
1)
Verkenning Er wordt een eerste gesprek gevoerd aan de hand van gestandaardiseerde vragen. Hierin worden zorgen met de melder doorgesproken en bekeken of er mogelijkerwijs sprake is van een extremistisch gedachtengoed. Denk hierbij aan bepaalde uitspraken en gedragingen, maar ook of het zorgelijke gedrag eenmalig of structureel heeft plaatsgevonden.
2) Verdieping Als er signalen zijn van extremistisch gedrag, wordt in een vervolggesprek nadere informatie bij de melder opgehaald over de betrokkene, zonder hierbij naam of adresgegevens op te vragen. Deze nadere informatie kan inzicht geven in de vorm van radicalisering en de veiligheidsrisico’s die daar eventueel mee gepaard gaan. Ook wordt er aandacht besteed aan risicofactoren als geestelijke gezondheid, traumatiserende gebeurtenissen en (familiaire) relaties. 3) Weging In deze fase wordt door de driehoekpartners een gezamenlijke weging gemaakt. Om hieraan uitvoering te kunnen geven, wordt het subject van de melding geïdentificeerd en driehoeksinformatie samengevoegd. Aan de hand van de ingewonnen informatie wordt een aanmeldingsformulier opgesteld. In dit formulier wordt een schets gemaakt van de ideologie van de persoon waarop de melding ziet en hoe deze ideologie zich heeft vertaald in handelingen. Op basis van dit formulier bepalen de driehoekspartners of er overgegaan wordt tot opname in de PGA CTER. Wettelijke kaders zijn vastgesteld Op 28 januari 2024 heeft de Eerste Kamer ingestemd met de wet gegevensverwerking persoonsgerichte aanpak radicalisering en terroristische activiteiten (PARTA). In deze wet zijn de kaders gevat voor niet alleen onze PGA CTER en de gegevensuitwisseling hierbinnen, maar ook onze signaleringsstructuur.
Hoewel deze wet grotendeels een bestendiging is van de al bestaande werkwijze, roept de wet ook verschillende structuren in het leven, zoals een rechtmatigheidscommissie, die momenteel worden opgezet. Hierin wordt nauw de samenwerking gezocht met de structuren die zijn en worden opgezet in het kader van de wet gegevensverwerking door samenwerkingsverbanden. De wet PARTA treedt per 1 juli officieel in werking. Financiering van de aanpak in 2024 en de toekomst In 2024 is de aanpak wederom gefinancierd met een combinatie van Rijksgelden (de versterkingsgelden), en gemeentelijke middelen. In 2024 ging het om € 632.000,- vanuit gemeentelijke middelen en € 891.217,aan versterkingsgelden. In 2024 is ook de toekenning voor 2025 en 2026 ontvangen. Onder meer door de korting van de Rijksoverheid op specifieke uitkeringen en de toegenomen vraag onder gemeenten naar versterkingsgelden, is het toegekende bedrag lager dan voorgaande jaren. Voor 2025 is er vanuit de versterkingsgelden € 705.508,- beschikbaar, voor 2026 is dit € 683.372,-. Hiermee ontvangt Den Haag in totaal het meeste van alle gemeenten, is dit ten opzichte van voorgaande jaren wel een significante afname. De toekomst van de versterkingsgelden na 2026 ligt nog niet vast. Wel is er door het Rijk de intentie uitgesproken om gemeenten financieel te blijven ondersteunen bij hun lokale aanpakken.
Over de specifieke vorm blijven wij in gesprek met de NCTV. Ondanks het lager uitvallen van de versterkingsgelden, komen de basistaken van onze lokale aanpak de komende jaren niet in het geding. Projecten waarvoor financiële dekking dreigde te ontbreken, kunnen alsnog via gezamenlijke financiering met andere gemeenteonderdelen worden voortgezet. Ook is er vanuit het ministerie SZW een decentrale uitkering aangevraagd en toegekend voor onze inzet op het gebied van weerbaarheid tegen extremisme en radicalisering.
7/9
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/10871604
Wel betekent de verminderde financiële slagkracht dat er minder ruimte bestaat om de aanpak door te ontwikkelen en er verminderde mogelijkheden zijn om in te spelen op onvoorziene ontwikkelingen of behoeften van lokale professionals. Vooruitblik op 2025 Ondanks de teruglopende financiële steun van het Rijk blijft het tegengaan van radicalisering, extremisme en schadelijke polarisatie in onze stad van groot belang. Daarom blijft ook in 2025 onze lokale aanpak een belangrijk onderdeel van ons veiligheidsbeleid. Het komende jaar zal er in het bijzonder worden ingezet op de volgende thema's: Aanbevelingen uit de fenomeenanalyse worden waar mogelijk geïmplementeerd Het college gaat aan de slag met de uitkomsten van de fenomeenanalyse over 2018-2023 en zullen de aanbevelingen zoveel als mogelijk implementeren. De aanbevelingen die op de regiogemeenten zijn gericht, zullen wij ondersteunen door het verder verspreiden van de toolkit PGA CTER en methodieken die zijn opgesteld. Hetzelfde geldt voor de aanbevelingen die volgen uit de evaluatie van weerbaarheidsproject Trias Pedagogica. Ook worden de interne evaluaties van casussen met samenwerkingspartners doorgezet en de lessen hieruit benut om de lokale PGA CTER verder te verbeteren waar mogelijk.
Ook in 2025 aandacht voor de ontwikkelingen in het Midden-Oosten Naast de doorlopende impact van de ontwikkelingen rondom de oorlog tussen Israël en Hamas, heeft ook de recente machtswisseling in Syrië invloed op onze lokale aanpak. Zo is er met de val van het Assad regime meer bewegingsvrijheid binnen Syrië ontstaan voor (voormalige) IS-aanhangers, waaronder ook enkele Haagse uitreizigers. Hoewel er vooralsnog geen signalen zijn dat deze op (korte) termijn terugkeren naar onze stad, worden de ontwikkelingen in Syrië en de nabije omgeving uiteraard nauwlettend gevolgd en staat het IPPR in doorlopend contact met inlichtingen- en veiligheidsdiensten over de status van Haagse uitreizigers die nog in de regio verblijven. Mochten deze personen toch terugkeren, dan worden zij bij aankomst in Nederland aangehouden in afwachting van hun strafproces en opgenomen in de PGA CTER. Een stevige aanpak tegen een diffuse dreiging De steeds diffuser wordende vormen van extremisme zijn een onverminderd veiligheidsrisico voor onze stad, blijkt ook uit het huidige dreigingsniveau. Dit vraagt om een lokale aanpak die niet alleen binnen de gebaande categorieën werkt en denkt, maar ook daarbuiten.
Daarom wordt het komende jaar minder geïnvesteerd in het herkennen van specifieke vormen van extremisme, maar juist in de praktische vaardigheden van lokale professionals om het gesprek aan te kunnen blijven gaan met personen met (diffuse) extreme overtuigingen. Bij het behandelen van meldingen en binnen de PGA CTER is al langer aandacht voor vormen van extremisme die niet duidelijk te classificeren zijn. Ook in 2025 wordt doorlopend bekeken in hoeverre het meldingsproces of interventies binnen de PGA CTER aansluiten bij de extremistische uitingen of gedragingen waar wij in de stad mee geconfronteerd worden. Implementatie wetgeving PGA CTER Zoals vermeld gaat per april 2025 de wet GPARTA in. Deze wet geeft mij de taak om casusoverleggen te organiseren met betrekking tot radicaliseringscasuïstiek. Hoewel de PGA CTER al grotendeels in lijn opereert met de wet, zijn er een aantal structuren, waaronder een rechtmatigheidsadviescommissie, die nog zullen moeten worden geïmplementeerd. In het kader van efficiëntie en gezien de samenhang tussen deze wet en de wet gegevensverwerking samenwerkingsverbanden, zal met het Zorg- en Veiligheidshuis en andere regionale samenwerkingspartners worden samengewerkt om dergelijke structuren zoveel als mogelijk samen te voegen.
8/9
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/10871604
Het versterken van de verbinding met onze lokale professionals Niet alleen inwoners, maar ook lokale professionals kunnen geraakt worden door (internationale) maatschappelijke ontwikkelingen. Dit betekent dat zij zowel een persoonlijke opvatting als een professionele rol hebben waarin zij hiermee geconfronteerd kunnen worden. Om hier ruimte aan te bieden en professionals te ondersteunen, zijn er het afgelopen jaar sessies georganiseerd door het IPPR. Deze inzet wordt in 2024 voortgezet. Daarnaast wordt ook de presentatie van het IPPR doortontwikkeld en worden professionals van het IPPR getraind in aanvullende didactische vaardigheden. Hierdoor zijn zij beter in staat om de verbinding te maken tussen de inhoud en de lokale professionals, hun werkveld en persoonlijke ervaringen. Tot slot De dreiging vanuit gewelddadig extremisme blijft aanwezig in Nederland en dus ook in Den Haag. Om deze dreiging zoveel als mogelijk te verkleinen en in te kunnen blijven spelen op de veranderingen binnen het fenomeen, blijft een structurele aanpak op schadelijke polarisatie, radicalisering en extremisme van groot belang. In 2025 bouwt het college dan ook verder op de behaalde resultaten van 2024 en werken wij, samen met onze lokale- en Rijkspartners, aan het voorkomen van de (gewelddadig) extremisme, radicalisering en polarisatie in onze stad. Met vriendelijke groet, Jan van Zanen
9/9