RIS321749 Beantwoording SV Tekort aan stageplekken voor mbo-studenten
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE VRAGEN
27 mei 2025 Ons kenmerk Onderwerp
Antwoord van het college op de vragen van de raadsleden mevrouw Butt en de heer Ahraui, luidend: ‘Tekort aan stageplekken voor mbostudenten’
OCW/10897157 RIS321749
De raadsleden mevrouw Butt en de heer Ahraui hebben op 26 maart 2025 een brief met daarin elf vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. 1.
In het Trouw-artikel staat dat 118 studenten bij het ROC Mondriaan in Den Haag geen stageplek hebben. Is het college bekend met deze cijfers? Graag een toelichting.
Het college is bekend met deze cijfers. Het ROC Mondriaan heeft aangegeven dat er momenteel een tekort is aan stageplekken voor specifieke opleidingen. Vooral studenten van de Entreeopleidingen ervaren moeite met het vinden van een stageplek. 2.
Hoe reflecteert het college op het aantal mbo-studenten in Den Haag zonder stageplek?
Het college is zich bewust van de stagetekorten die mbo-studenten in Den Haag treffen. Tegelijkertijd is er grote vraag naar werknemers in sectoren zoals zorg, techniek en ICT. Het is in het belang van zowel de studenten als de arbeidsmarkt om dit probleem op te lossen. Het is goed om te benoemen dat het tekort aan stageplekken over het algemeen klein is. Op 1 april 2025 waren er in Nederland 308.451 mbo-studenten met een stage of leerbaan. Op dat moment hadden 3.514 studenten nog geen plek bij een leerbedrijf kunnen vinden, wat neerkwam op minder dan 1% van het totaal aantal ingeschreven studenten1. Voor Den Haag is dit percentage vergelijkbaar. Ook is het goed te benoemen dat stagetekorten deels verklaarbaar zijn uit het gegeven dat niet elke student aan het begin van de opleiding al stagerijp is. Dit geldt zeker voor de Entreeopleidingen, waar de meeste tekorten zich voordoen. Ten slotte speelt de druk op beschikbare leerplekken bij bedrijven mee. Samenwerkingsorganisatie Beroepsonderwijs Bedrijfsleven (SBB) geeft aan dat enerzijds begeleidingstijd door arbeidsmarkttekorten onder druk staat. Anderzijds zorgt onder andere de inzet op een leven lang ontwikkelen voor een toename van de vraag naar leerplekken. 3.
Is er volgens het college een tekort aan stageplekken voor mbo-studenten in Den Haag en bij welke sectoren/domeinen in Den Haag is er bij de mbo-studenten (meer) behoefte aan stageplekken? Graag een toelichting.
Volgens het college is er inderdaad een tekort aan stageplekken voor specifieke groepen mbostudenten in Den Haag. Alle mbo studenten hebben op een moment in hun studie behoefte aan een stageplek. Dit is niet voor elke opleiding hetzelfde ingericht. Momenteel ervaren 152 studenten in de regio Haaglanden een ‘stageknelpunt’1. Het grootste deel (69) van deze knelpunten bevindt zich op de Entreeopleidingen. In mindere mate doen zich tekorten voor bij opleidingen op niveau 2, 3 en 4. Het gaat hierbij voornamelijk om de opleidingen in de welzijnssector.
1 Stagebarometer Samenwerkingsorganisatie Beroepsonderwijs Bedrijfsleven
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10897157
4.
Welke rol ziet het college voor zichzelf om ervoor te zorgen dat alle mbo-studenten een stageplek hebben?
Het college ziet voor zichzelf een ondersteunende rol om ervoor te zorgen dat alle mbo-studenten een stageplek hebben. Primair is het ROC zelf verantwoordelijk voor voldoende en kwalitatief goede stageplekken. Overkoepelend heeft Stichting Beroepsonderwijs en Bedrijfsleven (SBB) hiertoe een wettelijke taak. Het ROC, SBB en de casemanagers voortijdig schoolverlaten van Jongerenpunt070 zijn momenteel in gesprek hoe uitval kan worden voorkomen en succes bij beschikbare stageplekken kan worden vergroot. Hierbij kijken zij naar het actief benaderen van erkende leerbedrijven vanuit de school en de stagerijpheid van de student. De SBB adviseurs, verantwoordelijk voor contacten met het bedrijfsleven, hebben daarnaast extra aandacht voor de profielen waar zich tekorten voordoen. De gemeente staat zowel met het ROC Mondriaan als het SBB in nauw contact. Via Jongerenpunt070 biedt de gemeente ondersteuning bij het vinden van stageplekken. Ten slotte werken SBB, het ROC Mondriaan en verschillende partners binnen de Haagse Aanpak Gelijke Stagekansen samen om stagediscriminatie tegen te gaan en te zorgen voor gelijke kansen voor alle studenten. Binnen deze aanpak worden maatregelen getroffen om de drempel voor het melden van discriminatie te verlagen, interventies hiertoe op te starten en de effectiviteit van interventies te meten. 5.
In hoeverre speelt discriminatie volgens het college een rol bij het tekort aan stageplekken? Kan het college de omvang van de discriminatie en de domeinen waar dit plaatsvindt delen met de raad? Het gaat om zowel het bedrijfsleven als de publieke sector.
Discriminatie kan een rol spelen bij het tekort aan stageplekken. Zowel in het bedrijfsleven als in de publieke sector doen zich signalen voor van discriminatie. Het is echter lastig de ernst en omvang hiervan goed te duiden. Dit komt enerzijds door het ontbreken van meldingen van stagediscriminatie. Ondanks sturing van het ROC blijken studenten zelden bereid een melding te doen. Anderzijds is stagediscriminatie niet altijd ‘hard’ te maken. Immers wordt bij een afwijzing zelden genoemd dat iemand wordt afgewezen om zijn of haar achtergrond of beperking. 6.
Als het college geen antwoord heeft op vraag 5, zou het college dit dan kunnen laten onderzoeken? Waarom wel of niet?
Er is- en wordt al veel onderzoek gedaan naar stagediscriminatie. Ondanks de lage meldingsbereidheid tonen verschillende onderzoeken aan dat kansen op een stage niet voor alle studenten gelijk zijn2. De Haagse aanpak Gelijke Stagekansen is op basis van deze inzichten gestart. Binnen deze aanpak wordt actief gewerkt aan het bestrijden ervan. Dit wordt gedaan door samenwerking op dit onderwerp tussen het bedrijfsleven, de publieke sector en het mbo te stimuleren en te versterken. 7.
Hoe gaat het college het bedrijfsleven, de publieke sector en het mbo aansporen om samen stagediscriminatie tegen te gaan?
Binnen de Haagse aanpak Gelijke stagekansen werkt het bedrijfsleven, de publieke sector, het ROC Mondriaan en Haagse hogescholen samen met de gemeente om gelijke stagekansen te bevorderen door stagediscriminatie aan te pakken. De partijen hebben het Haags Manifest Gelijke stagekansen3 ondertekend waarmee zij zich voor de periode 2023-2027 hebben gecommitteerd aan vijf inspanningen.
2 Stelselonderzoek Stagediscriminatie mbo | Middelbaar beroepsonderwijs | Inspectie van het onderwijs 3 https://www.inholland.nl/onderzoek/publicaties/haags-manifest-gelijke-stagekansen
2/4
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10897157
8.
Wanneer gaat het college de raad informeren over de tweejaarlijkse meting van het Haags Manifest Gelijke stagekansen en wat zijn de doelen en de indicatoren van de tweejaarlijkse meting van het Haags Manifest Gelijke stagekansen?
De aanpak ondersteunt de meting van de effectiviteit van verschillende interventies om gelijke stagekansen te bevorderen en stagediscriminatie in de regio Den Haag uit te bannen. De impactbegeleiding en -meting van het Manifest is een continu proces dat de voortgang bewaakt van de vijf inspanningen waaraan de partners zich hebben verbonden. Belangrijke indicatoren in deze meting zijn de ervaringen van mbo- en hbo-studenten met stagediscriminatie; de mate van bewustwording bij studenten, docenten en stagebedrijven om stagediscriminatie bespreekbaar te maken; en de implementatie van concrete acties door de partners. De doelen van deze metingen zijn: inzicht krijgen in de noodzaak van eventuele aanpassingen in strategieën en werkwijzen van de partners; het versterken van het netwerk door het delen van inzichten, ervaringen en producten; en het verder ontwikkelen en verbeteren van effectieve interventies binnen de Haagse Aanpak. Een aantal interventies die dit jaar plaatsvinden zijn: 1. Updategesprekken met de partners; Een reflectie op de ambities en genomen stappen, die per partner kunnen verschillen, met aandacht voor impactmetingen. 2. Aanbieding van evaluatiemethoden; Partners krijgen diverse evaluatie-instrumenten, waaronder een vragenlijst om de inspanningen te meten. 3.
Een nieuwe tweejaarlijkse meting onder studenten; Hierbij worden verhalen en signalen opgehaald, gezien de lage bereidheid tot het maken van officiële meldingen. De resultaten van deze metingen worden begin 2026 geanalyseerd, waarna het college in het eerste kwartaal van 2026 de raad zal informeren. 9.
In hoeverre werkt het college samen met Discriminatie.nl voor het Manifest Gelijke Stagekansen? Is het college bereid samen met Discriminatie.nl te werken aan de meldingsbereidheid wat betreft stagediscriminatie?
Discriminatie.nl is al partner in de Haagse Aanpak Gelijke Stagekansen en is onderdeel van de werkgroep Haags melden. Deze werkgroep heeft een meldprocedure ontwikkeld om stagediscriminatie te rapporteren. De procedure is ontwikkeld zodat deze toepasbaar is voor alle betrokken partners. De procedure zal gecommuniceerd worden naar studenten en stagebegeleiders, en manieren om meldingen centraal te verzamelen worden onderzocht. Naast het melden ligt de focus ook op bewustwording en handelingsbekwaamheid, aangezien melden een zwaar proces kan zijn voor studenten. 10. In hoeverre werkt het college samen met de mbo belangenorganisatie JOB MBO? Als gemeente werken wij niet samen met JOB MBO. Deze belangenorganisatie voor en door mbo studenten richt zich primair op het onderwijs zelf en de landelijke politiek. ROC Mondriaan werkt wel samen met JOB MBO, onder andere via de tweejaarlijkse JOB Monitor.
3/4
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10897157
11.
Hoe staat het college tegenover het jaarlijkse organiseren van het Manifestival Gelijke Stagekansen met de eerste volgende editie deze zomer? Als het college dit niet jaarlijks wil organiseren, wat zijn hier de redenen voor?
Het Manifestival was afgelopen jaar een succes. Het college staat dan ook positief tegenover een vervolg. Het is echter aan de partners van de Haagse Aanpak om te bepalen of zij het Manifestival nogmaals gaat organiseren. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
4/4