CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS321736 Beantwoording SV Bidden op school

Commissie Samenleving 19 juni 2025, gemeente Den HaagBij agendapunt: Ingekomen bestuurlijke stukken815 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum

BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE VRAGEN

3 juni 2025 Ons kenmerk Onderwerp

Antwoord van het college op de vragen van het raadslid mevrouw Faïd, luidend: ‘Bidden op school’

OCW/10899654 RIS321736

Het raadslid mevrouw Faïd heeft op 20 maart 2025 een brief met daarin 8 vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. Op 20 februari 2025 berichtte de NOS dat leerlingen op sommige scholen niet mogen bidden en dat er sancties worden opgelegd als zij dit toch doen. Zie bijlage. 1.

Kent het college het betreffende bericht?

Ja, daar is het college mee bekend. 2.

Kan het college bevestigen dat het eens is met de Haagse Stadspartij dat de uitkomsten van het NOS-onderzoek zeer onwenselijk zijn en in strijd zijn met Artikel 6 van de Grondwet?

In Artikel 6 van de Grondwet is bepaald dat eenieder het recht heeft zijn godsdienst of levensovertuiging vrij te belijden. Het verbieden van bidden in de eigen tijd op school (pauzes en tussenuren) is in strijd met Artikel 6 van de Grondwet. Scholen kunnen bidden onder schooltijd verbieden als dat het onderwijs verstoort. Op het bijzonder onderwijs kan een school het bidden verbieden als de religieuze gebruiken strijdig zijn met de eigen godsdienst en aantoont dat dat niet samengaat met de manier waarop de godsdienst wordt beleden op de bijzondere school. Scholen zijn niet verplicht om het bidden op school te faciliteren door te voorzien in een aparte gebedsruimte. De Haagse Stadspartij heeft signalen ontvangen dat studenten op openbare scholen in Den Haag problemen ervaren met het uitvoeren van hun gebeden. 3.

Heeft het college signalen ontvangen over sancties of straffen voor leerlingen die bidden op school?

Er zijn bij het college geen meldingen bekend van disciplinaire maatregelen of sancties jegens leerlingen in verband met het verrichten van religieuze handelingen, zoals bidden, op scholen. 4.

Is het college bekend met eventuele protocollen die openbare scholen in Den Haag hanteren rondom religieuze uitingen, zoals bidden?

Er zijn in Den Haag twee schoolbesturen voor openbaar onderwijs: Stichting De Haagse Scholen (DHS), voor primair en special onderwijs, en Stichting VO Haaglanden, voor het voortgezet onderwijs. Binnen DHS wordt momenteel op brede schaal het gesprek gevoerd over de wijze waarop op scholen wordt omgegaan met religieuze uitingen, zoals bidden. Het streven is om na de zomervakantie tot nadere afspraken hierover te komen.

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10899654

De openbare scholen van VO Haaglanden hanteren geen protocollen. Als leerlingen willen bidden, stellen scholen de voortgang van onderwijs voorop. Voorbeelden van voorwaarden die worden gehanteerd zijn: niet tijdens de les, niet in de gang, gebruik een stilteruimte of een rustige plek in de school. Deze ruimten zijn voor iedereen toegankelijk, ongeacht geloofs- of levensovertuiging. 5.

Hoe verhoudt een gebedsverbod zich tot de vrijheid van godsdienst, zoals vastgelegd in artikel 6 van de Grondwet?

Het openbaar onderwijs dient volgens artikel 46 van de Wet op het primair onderwijs (WPO) en artikel 2.3 van de Wet op het voorgezet onderwijs (WVO) bij te dragen aan de ontwikkeling van leerlingen met aandacht voor de godsdienstige, levensbeschouwelijke en maatschappelijke waarden zoals die leven in de Nederlandse samenleving en met onderkenning van de betekenis van de verscheidenheid van die waarden. Het openbaar onderwijs dient te worden gegeven met eerbiediging van ieders godsdienst of levensbeschouwing. Een gebedsverbod kan op gespannen voet komen met de vrijheid om zijn/haar godsdienst te belijden. In Den Haag is geen sprake van een gebedsverbod. 6.

Als bidden op openbare scholen niet mogelijk wordt gemaakt, acht het college het dan wenselijk dat de gemeente religieus onderwijs faciliteert?

Het is niet aan de gemeente om religieus onderwijs te faciliteren. Zie het antwoord op vraag 5 voor het wettelijk kader waar scholen aan gehouden zijn. De inspectie van het onderwijs houdt hier toezicht op. 7.

Welke mogelijkheden ziet het college om met scholen in gesprek te gaan over een evenwichtige benadering van religieuze expressie en de neutraliteit van het onderwijs?

Het college heeft hier geen rol in. De inspectie van het onderwijs houdt toezicht op de kwaliteit van het onderwijs. Het garanderen van een evenwichtige benadering van religieuze expressie en de neutraliteit van het onderwijs is daar onderdeel van. 8.

Hoe ziet het college erop toe dat scholen in Den Haag een veilig en inclusief klimaat bieden voor alle leerlingen, ongeacht hun religieuze overtuiging?

In artikel 4c van de WPO en artikel 3.40 van de WVO is vastgelegd, dat het bevoegd gezag de zorgplicht heeft om de veiligheid op school te waarborgen. Daarnaast is er de Samenwerkingsovereenkomst Schoolveiligheid en het Netwerk Veilige School, waarin het Haagse onderwijs samen met de gemeente, politie en Openbaar Ministerie doorlopend werken aan een sociaal en fysiek veilig klimaat. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx

Jan van Zanen

2/2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15625904/1