RIS321650 Afdoening motie Haagse lokaliteit in het welzijnsbeleid
Tekst van het document
Typ tekstTyp tekstTyp tekst
dienst: dienstcode
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
DPZ/10885591 RIS321650 Contactpersoon
Aan de gemeenteraad
Anna de Wit Dienst
Dienst Publiekszaken Afdeling
OCW Stad en Bestuur Telefoonnummer
Datum
14070
10 juni 2025
E-mailadres
anna.dewit@denhaag.nl
Onderwerp
Afdoening motie: ‘Haagse lokaliteit in het welzijnsbeleid’
Uw raad heeft, tijdens de bespreking van het voorstel inzake Actualisatie beleidsplan professioneel welzijnswerk 2025-2027 (RIS321267) op 13 maart 2025, de door het raadslid mevrouw Baboeram ingediende motie: ‘Haagse lokaliteit in het welzijnsbeleid’ (RIS321650). Hierbij informeert het college de raad over de afdoening van de motie. De motie luidt als volgt: Constaterende, dat: binnen het huidige subsidiekader ontvangen zes grote welzijnsorganisaties structureel €38,3 miljoen; kleinere, lokale organisaties met aantoonbare waarde in hun wijken hierdoor onder financiële druk staan; kleine organisaties die (grotendeels) leunen op vrijwilligers er vaak tegenaan lopen dat zij jaarlijks subsidies moeten aanvragen en dit leidt tot minder tijd voor het daadwerkelijke welzijnswerk, meer onzekerheid en minder planbaarheid. Overwegende, dat: een gezonde sociale basis niet alleen afhankelijk is van grote professionele welzijnsorganisaties, maar ook van lokale kleinschalige initiatieven die dicht bij bewoners staan; een structurele plek en financiële zekerheid voor deze kleinere organisaties en bewonersinitiatieven noodzakelijk is om hun bijdrage aan preventie, welzijn en verbinding in de wijken duurzaam te kunnen blijven leveren.
Verzoekt het college: in bestaande en toekomstige subsidieregelingen voor de sociale basis, waaronder het welzijnswerk, conform het vastgestelde kader meerjarig financieren (RIS315194), expliciet aandacht te besteden aan voldoende ruimte voor kleine, lokale welzijnsorganisaties en bewonersinitiatieven, naast de grote welzijnsorganisaties, zodat zij op een gelijkwaardige manier kunnen bijdragen aan de sociale basis. Het college geeft op de volgende manier antwoord op de motie:
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DPZ/10885591
Het college erkent de waarde van kleine welzijnsinitiatieven en bewonersinitiatieven, naast de grote welzijnsorganisaties. Liever spreekt het college dan ook niet over ‘kleine’ organisaties, maar van specialistische organisaties, maar voor de afdoening van deze motie is gekozen om bij de term te blijven die in de motietekst staat. Met specialistisch wordt bijvoorbeeld bedoeld dat organisaties gespecialiseerd zijn in een specifiek gebied of voor een specifieke doelgroep. Deze organisaties leveren ieder een eigen bijdrage aan het welzijn van bewoners in buurten en wijken. Naast nog vele andere organisaties, initiatieven en gemeenschappen vormen zij een belangrijk onderdeel van de sociale basisinfrastructuur in de gemeente Den Haag. De sociale basis in Den Haag kenmerkt zich door een samenspel tussen professionele organisaties en informele (kleinere) organisaties. Dit zijn informele en formele ondersteuningsstructuren. Het college wil de sociale basis versterken. Voor een sterke sociale basis is het belangrijk te investeren in hechte gemeenschappen in de buurten en wijken van Den Haag. In buurten waar sprake is van sterke gemeenschappen en een sterk sociaal netwerk zijn mensen eerder geneigd met elkaar samen te werken, initiatieven te ontplooien en elkaar te ondersteunen. Ook is het van belang te investeren in (professioneel) welzijnswerk.
Het professioneel welzijnswerk speelt een rol in het vergroten van de individuele en collectieve veerkracht van bewoners(groepen), het bevorderen van participatie en sociale cohesie en het vroeg signaleren en voorkomen (van verergering) van problemen. Met oog op de maatschappelijke opgaven waarvoor we staan is aandacht voor het samenspel tussen professionele organisaties en informele (ongeacht hun omvang) organisaties daarom belangrijk. Het college werkt daarom bijvoorbeeld aan het volgende; • We zetten in op samenwerking tussen alle organisaties die zich bezighouden met het welzijn van bewoners, ongeacht of ze groot of klein zijn of op welke wijze ze gefinancierd worden. Een voorbeeld hiervan is de samenwerking rondom Haags Ontmoeten. De gemeente financiert zowel Haags Ontmoeten locaties die door professionele organisaties als die door informele (zelf)organisaties worden uitgevoerd, maar faciliteert ook de programma-coördinatie voor Haags Ontmoeten. De programma-coördinatie ondersteunt onder andere informele organisaties bij het uitvoeren van Haags Ontmoeten, bijvoorbeeld door te ondersteunen bij het delen van kennis en expertise, het coachen van Haags ontmoeten-professionals en vrijwilligers en het faciliteren van samenwerking.
• Via de beoordeling van de subsidieaanvragen van de Subsidieregeling Professioneel Welzijnswerk 2026-2027 (RIS321726) wordt getoetst hoe partijen de samenwerking met de partijen in o.a. de wijk zien en willen vormgeven. Actieve samenwerking met kleinschalige wijkinitiatieven, één van de subsidieverplichtingen, zodat we hier als gemeente op kunnen blijven sturen gedurende de uitvoering van het welzijnswerk in 2026 en 2027. In de afdoening van ingediende motie ‘Samen sterk: klein versterkt groot in welzijnsaanpak’ is omschreven op welke manier het college bij het vormgeven van de tender van de subsidie rekening heeft gehouden met een open, toegankelijk en eerlijk speelveld (RIS3216490). • Gerichte investeringen in activiteiten voor specifieke doelgroepen voor bijvoorbeeld senioren, inwoners die zich eenzaam voelen, mantelzorgers, kwetsbare inwoners, vrijwilligers en inwoners met een beperking. Ingegeven door gebiedsgerichte inzet en door de inzet op specifieke doelgroepen of specifieke thema's worden regelingen ingezet om deze inzet mogelijk te maken. In totaal wordt in deze subsidieregelingen in 2025 € 16,1 miljoen verdeeld. Deze regelingen dienen verschillende doelen en zijn bedoeld voor zowel stedelijke initiatieven als voor gebiedsgerichte activiteiten.
Organisaties, ongeacht de grootte, die een aanvraag indienen en volledig voldoen aan de gestelde eisen, komen in aanmerking voor subsidie. Hiermee is het speelveld toegankelijk voor alle organisaties.
2/4
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DPZ/10885591
Naast de subsidieregeling Professioneel welzijnswerk zijn dit de volgende regelingen; • Leefbaarheid en Bewonersparticipatie (RIS320804) • Sociale initiatieven in de wijk (RIS318473) • Gezondheidsinitiatieven (RIS321770) • Kleinschalige initiatieven Samen sociaal en vitaal (RIS 318892) • Eten en ontmoeten (RIS318890) • Flexibel welzijnsbudget stadsdelen (RIS315270) en de meerjarige regelingen: • Grootschalige initiatieven Samen sociaal en vitaal (RIS 318891) • Haags Ontmoeten (RIS318617) Kleine, lokale welzijnsorganisaties kunnen, net als alle andere organisaties, een subsidieaanvraag voor het professioneel welzijnswerk indienen. Mits zij natuurlijk aan de voorwaarden van de regeling voldoen. Deze organisaties kunnen dit zelfstandig of in een consortium doen. Het is belangrijk dat alle partijen die het welzijnswerk uitvoeren voldoen aan de gestelde kwaliteitseisen om de kwaliteit van de dienstverlening te kunnen borgen. Alle inwoners, los van door welke organisatie of in welk gebied zij worden geholpen, verdienen hetzelfde niveau van dienstverlening. Kleine, lokale welzijnsorganisaties die niet aan de voorwaarden van deze regeling kunnen voldoen, kunnen een aanvraag binnen bovenstaande regelingen doen. Binnen een aantal van deze regelingen is het inmiddels mogelijk gemaakt om een meerjarige aanvraag te doen.
Het college is zich ervan bewust dat het verwerven van subsidies voor organisaties soms een uitdaging kan vormen. De gemeente subsidieert PEP Den Haag om vrijwilligersorganisaties te ondersteunen. PEP geeft aan dat van haar advies- en ondersteuningstrajecten in 2024, de meeste vragen rondom subsidieaanvragen en fondsenwerving werden gesteld (RIS321758, pagina 5 van de rapportage). PEP denkt daarbij onder meer mee met vrijwilligersorganisaties rondom het vinden van de juiste subsidieregeling of het juiste private vermogensfonds. In de praktijk weten vrijwilligersorganisaties PEP redelijk goed te vinden. Met het oog op kleine lokale welzijnsinitiatieven die aanvullend op het professioneel welzijnswerk activiteiten organiseren heeft het college eerder toegezegd de subsidieregeling Flexibel Welzijnsbudget Stadsdelen meerjarig te maken. Deze regeling wordt zodanig aangepast dat deze aanvullend is op de regeling voor het professioneel welzijnswerk 2026-2027. Door deze regeling meerjarig te maken, reduceren we de jaarlijks terugkerende onzekerheid en stellen we organisaties in staat zich steviger te wortelen in de wijk (RIS321649). Meerjarig subsidiëren kent echter ook nadelen. Organisaties die niet in aanmerking komen voor subsidie, komen hierdoor voor langere periodes buitenspel te staan. Ook wordt het moeilijker om snel in te spelen op acute situaties in wijken en stadsdelen.
Onderzocht zal worden of er mogelijkheden zijn waarin er voor organisaties meer continuïteit kan worden gewaarborgd, en er tegelijkertijd kan worden ingespeeld op actuele situaties. Tot slot wil het college dit jaar onderzoeken in hoeverre het voor organisaties vereenvoudigd kan worden om subsidie aan te vragen, waarbij gekeken wordt naar het proces en naar het beleid achter de regelingen. Dit naar aanleiding van signalen uit de stad dat het voor partijen in de stad niet altijd helder is op welke regeling ze een beroep kunnen doen. Hierbij zal worden gekeken naar de mogelijkheden tot harmonisatie van regelingen, die bijdragen aan versterking van de sociale basis. Hier zal de raad in Q1 2026 nader over geïnformeerd worden.
3/4
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DPZ/10885591
Het college beschouwt de motie hiermee als afgedaan. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de locoburgemeester, Ilma Merx
Robert van Asten
4/4