RIS321554 Commissiebrief begrotingsvoorbereiding
Tekst van het document
Typ tekstTyp tekstTyp tekst
Saskia Bruines Wethouder van Financiën, Cultuur en Economische ontwikkeling
dienst: dienstcode
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
Aan de voorzitter van de commissie Bestuur
BSD/10864205 RIS321554 Contactpersoon
Lars Kok Dienst
Bestuursdienst Afdeling
BSD Middelen & Control Telefoonnummer
Datum
14070
18-03-2025
E-mailadres
lars.kok@denhaag.nl
Onderwerp
Begrotingsvoorbereiding
Geachte voorzitter, Op 7 februari 2023 is de contourenbrief actualisatie financieel beleid (RIS314462) met de raad gedeeld. In deze brief zijn vier thema’s benoemd, waarmee het college de financiële huishouding en de sturing hierop in de komende jaren wil verbeteren. Eén van deze thema’s is het transparanter maken van de planning en control cyclus. Om hier invulling aan te geven zijn drie stappen onderscheiden: 1) De opzet van de begroting terugbrengen naar waar deze voor bedoeld is. 2) De presentatie en structuur van de begroting verbeteren. 3) De huidige opzet van de P&C-producten en -cyclus opnieuw beoordelen. Het afgelopen jaar zijn hier eerste stappen in gezet, bijvoorbeeld door het verduidelijken van de structuur van de programmateksten in de begroting en door, met ingang van dit jaar, op andere wijze invulling te geven aan de tussentijdse rapportages (RIS320524). Tegelijkertijd is er nagedacht over de meest gepaste wijze om invulling te geven aan de begrotingsvoorbereiding en de rol van de raad binnen dit proces. Dit mede naar aanleiding van vragen hierover vanuit uw commissie, bijvoorbeeld bij de bespreking van de programmabegroting op 7 november 2024 en bij de bespreking van de herziening van de tussentijdse rapportages op 19 februari jongstleden. Dit heeft geleid tot een voorstel om op een andere wijze invulling te geven aan de begrotingsvoorbereiding.
In deze commissiebrief wordt dit voorgenomen proces toegelicht; hierbij vormt de rolverdeling tussen raad en college, zoals beschreven in de Gemeentewet, het vertrekpunt. Het budgetrecht van de raad De raad is het hoogste orgaan binnen een gemeente en stelt de kaders waarbinnen het college, in haar rol als dagelijks bestuur van de gemeente, mag opereren. Eén van deze kaders is het financieel kader, ook wel het budgetrecht genoemd. Artikel 189 van de Gemeentewet schrijft voor dat de gemeenteraad jaarlijks bij de begroting aan het college de financiële middelen beschikbaar stelt die zij mag aanwenden voor taken en activiteiten. Dit gebeurt op grond van een ontwerpbegroting, inclusief een meerjarenraming, die het college aan de raad aanbiedt (artikel 190 Gemeentewet). In Den Haag wordt hier door het college invulling aan gegeven door jaarlijks, in september, een voorstel voor een (meerjarige) programmabegroting aan de raad aan te bieden. Hierover vindt vervolgens in november besluitvorming in de raad plaats.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
Telefoonummer 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/10864205
De ontwerpbegroting die door het college aan de raad wordt aangeboden, komt tot stand op basis van de financiële ontwikkelingen (opgaven en knelpunten) die het college signaleert, in combinatie met het budgettair kader zoals dat in de voorjaarsnota is opgenomen. In ons huidige proces van de begrotingsvoorbereiding is de voorjaarsnota geen raadsbesluit. In het kader van het budgetrecht vindt het college het van belang dat de gemeenteraad de voorjaarsnota vaststelt, zodat zij op voorhand, indien gewenst, input mee kan geven voor de ontwerpbegroting die het college aan de raad voorlegt. Dit is een werkwijze die in veel andere gemeenten wordt toegepast. Voorstel proces begrotingsvoorbereiding Om ook in Den Haag meer richting te geven aan de wijze waarop de raad invulling geeft aan haar budgetrecht, stelt het college twee wijzigingen voor in de begrotingsvoorbereiding: 1)
De voorjaarsnota wordt verrijkt met een beschrijving van de grootste, dan bekende, financiële opgaven en knelpunten. 2) De voorjaarsnota wordt een raadsvoorstel, in plaats van een raadsmededeling. 1) De voorjaarsnota wordt verrijkt met een beschrijving van de grootste, dan bekende, financiële opgaven en knelpunten In voorgaande jaren werd de voorjaarsnota gebruikt om de raad te informeren over het budgettair kader als vertrekpunt voor de begroting. In aanvulling op dit budgettair kader is het voornemen om de voorjaarsnota vanaf dit jaar te verrijken met een beschrijving van de grootste financiële ontwikkelingen waarmee het college zich in ieder geval geconfronteerd ziet in aanloop naar de begroting. Het schetsen van deze opgaven en knelpunten is bedoeld om het budgettair kader in perspectief te plaatsen en de raad mee te nemen in de uitdagingen die het college voor de aankomende begroting ziet. Hierbij wordt een indicatie van de bijbehorende financiële implicaties gegeven. Dit wordt echter nog niet doorvertaald naar concrete voorstellen voor de programmabegroting. Op deze wijze kan een open gesprek gevoerd worden over de richting van de begroting. 2) De voorjaarsnota wordt een raadsvoorstel, in plaats van een raadsmededeling In voorgaande jaren ontving de raad medio juni de voorjaarsnota in de vorm van een raadsmededeling.
Met deze voorjaarsnota werd de raad geïnformeerd over het budgettair kader, als vertrekpunt voor de aankomende programmabegroting. Vervolgens werd binnen het college besloten over de voorgenomen inzet van dit budgettair kader, resulterend in een sluitend financieel beeld dat na het zomerreces in de programmabegroting aan de raad gepresenteerd werd. In dit proces was geen vast moment opgenomen, waarop de raad – gegeven het budgettair kader – haar input voor de programmabegroting aan de voorkant aan het college mee kon geven. Om hier verandering in te brengen, is het voornemen om de voorjaarsnota als raadsvoorstel aan de raad aan te bieden. Hiermee ontstaat een natuurlijk moment waarop de raad mede richting kan geven aan het voorstel voor de volgende programmabegroting. De voorjaarsnota én de aanvullende input vanuit de raadsbehandeling worden vervolgens door het college meegenomen in de brede, integrale afwegingen bij het opstellen van de ontwerpbegroting. Deze ontwerpbegroting wordt, net als in de huidige situatie, na het zomerreces aan de raad aangeboden. Planning Om de kaders en de input die bij de raadsbehandeling worden meegegeven op ordentelijke wijze in te passen in de begrotingsvoorbereiding, is het college voornemens om de voorjaarsnota dit jaar eerder aan de raad aan te bieden dan gebruikelijk, namelijk op 20 mei.
De raadsbehandeling van de voorjaarsnota zou vervolgens op 12 juni plaats kunnen vinden.
2/3
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/10864205
Het vervolg van het proces, vanaf het moment dat de programmabegroting na de zomer aan de raad wordt aangeboden, blijft ongewijzigd ten opzichte van de planning die op 19 november 2024 (RIS320452) aan de raad is aangeboden. De totale planning van de begroting komt er dan als volgt uit te zien: Datum 2025 Di 20 mei
Publicatie voorjaarsnota
Wo 12 juni
Raadsbehandeling voorjaarsnota
Zomerreces
19 juli t/m 30 aug
Di 2 sep
1e collegebehandeling programmabegroting 2026-2029
Di 9 sep
2e collegebehandeling programmabegroting 2026-2029
Vr 12 sep
Publicatie begroting, inclusief persbericht
Di 16 sep
Prinsjesdag
Do 25 sep 12.00u
Aanlevering technische vragen door raadsleden
Do 16 okt 17.00u
Aanbieding beantwoording technische vragen aan raad
Herfstvakantie
20 okt t/m 24 okt
Wo 29 okt - do 30 okt
Behandeling in de raadscommissies
Wo 5 nov - do 6 nov
Behandeling in de raadscommissies
Do 13 nov
Vaststelling programmabegroting door raad
Tot slot Met de voorgenomen aanpassingen gaat de voorjaarsnota inzicht geven in drie onderwerpen die van belang zijn in voorbereiding op de begroting: het budgettair kader, de prognose van het lopende jaar (RIS320524) en de grootste financiële opgaven en knelpunten. Aan de hand van deze voorjaarsnota, vindt er voorafgaand aan het opstellen van de ontwerpbegroting een raadsbehandeling plaats waarin de raad, op basis van de voorjaarsnota, input kan geven voor de begroting. Deze input wordt door het college meegenomen in de brede integrale afweging die resulteert in een voorstel tot een ontwerpbegroting. Met deze aanpassing wordt de raad beter in positie gebracht om invulling te geven aan haar kaderstellende rol en haar budgetrecht bij de totstandkoming van de begroting. Dit draagt bij aan meer transparantie binnen het proces van budgettaire besluitvorming en daarmee de planning en control cyclus. Vervolg Graag ga ik op korte termijn met uw commissie in gesprek over de ontwikkelingen die in deze brief beschreven zijn en over de voorgestelde manier om dit jaar invulling te geven aan de begrotingsvoorbereiding. Desgewenst kan dit worden voorafgegaan door een technische toelichting of presentatie.
Wanneer uw commissie de voorgestelde richting onderschrijft, dan kan hier vanaf dit jaar invulling aan worden gegeven en kan dit worden meegenomen in de volgende actualisatie van de financiële verordening. Met vriendelijke groet, de wethouder van Financiën, Cultuur en Economische ontwikkeling Saskia Bruines
3/3