RIS321550 Betaalbare warmte onder druk
Tekst van het document
RIS-nummer: 321550
Schriftelijke vragen: Betaalbare warmte onder druk Indieners: Noud Dumoulin, Haagse VVD Datum: Aan de voorzitter van de gemeenteraad, De gemeente Den Haag zet zich in voor de energietransitie. De Haagse VVD vindt het goed dat er gekeken wordt naar manieren om te verduurzamen. Wel moet dit wat betreft de VVD met de gedachte: ‘wel groen, niet gek’. Basisvoorzieningen, waaronder warmte, moeten betaalbaar blijven voor Hagenaars. Uit de Kamerbrief van de minister van Klimaat en Groene Groei van 21 februari jl. en een artikel van Omroep West van 2 maart jl. blijkt dat de kosten voor WarmtelinQ fors hoger uitvallen dan eerder gedacht. Mogelijk worden 50.000 huizen in Zuid-Holland toch niet aangesloten op de warmte die deze verbinding gaat vervoeren. Dit roept vragen op over de financiële gevolgen voor de gemeente Den Haag en haar inwoners. Naar aanleiding hiervan en overeenkomstig art. 30 van het Reglement van orde stelt raadslid Noud Dumoulin, Haagse VVD, de volgende vragen: 1.
Is het college bekend met het artikel van Omroep West ‘50.000 huizen mogelijk toch niet aangesloten op warmtenet, nieuwe pijpleiding wordt te duur’ van 2 maart jl. en de Kamerbrief van 21 februari jl. over de kostenraming voor WarmtelinQ?
2. Is het college het met de Haagse VVD eens dat de gestegen kosten een nieuwe tegenvaller is voor het WarmtelinQ-project? Is het college het met de Haagse VVD eens dat dit project onverantwoorde risico’s en onvoorspelbare (financiële) gevolgen bevat voor de gemeente Den Haag en Hagenaars? Graag een toelichting. Als Haagse VVD hebben we ons eerder kritisch uitgelaten over WarmtelinQ. Zo maakt onze partij zich zorgen over onder andere de betaalbaarheid en keuze voor Hagenaars. Eenmaal aangesloten op een warmtenet met bron kunnen consumenten niet tussentijds wisselen van aanbieder, terwijl een contract een looptijd kan hebben tot wel 30 jaar. 3. Is het college het met de Haagse VVD eens dat betaalbaarheid een keiharde voorwaarde is om Hagenaars de overstap naar duurzame warmte te laten maken? Kan het college toelichten wat het verstaat onder betaalbaarheid? 4. Is het college het met de Haagse VVD eens dat er risico’s voor de betaalbaarheid en betrouwbaarheid van (het leveren van) warmte ontstaan wanneer er één grote aanbieder van warmte is voor de stad? Graag een toelichting. 5.
Is het college het met de Haagse VVD eens dat de berichtgeving weer onderstreept dat marktwerking met meerdere lokale bronnen nodig is in de warmtemarkt? Deelt het college de zorgen van de Haagse VVD dat WarmtelinQ innovatie en de ontwikkeling van lokale bronnen kan verhinderen door ze uit de markt te drukken? 6. Welke keuze hebben Hagenaars om in de toekomst wel of niet aangesloten te worden op WarmtelinQ? Wordt er door het college uitgegaan van een bepaald aantal aansluitingen, en zo ja, om hoeveel huishoudens gaat het, waar in de stad en wanneer moeten ze zijn aangesloten? 7.
Heeft het college contact met Gasunie, de provincie Zuid-Holland en andere betrokken partijen over hoe de kostenstijging van WarmtelinQ wordt opgevangen? Kan het college aangeven hoe wordt gezorgd dat de rekening niet bij huishoudens terechtkomt? Graag een toelichting.
8. Is het college het met de Haagse VVD eens dat het onacceptabel is dat Hagenaars (indirect) gaan opdraaien voor de extra aanlegkosten van WarmtelinQ of om een lager aantal aansluitingen te compenseren? Wat gaat het college doen om die garantie te krijgen van het ministerie van Klimaat en Groene Groei? Noud Dumoulin, Haagse VVD