RIS321549 Zorgen over verticale uitbreiding woonwagens
Tekst van het document
RIS-nummer: 321548 Schriftelijke Vragen: Zorgen over verticale uitbreiding woonwagens Indiener: Lesley Arp (SP) Datum: 5 maart 2025 Aan de voorzitter van de gemeenteraad, Op 26 oktober 2023 besprak de commissie Ruimte de conceptnota Haags Woonwagenbeleid (RIS316679). In deze conceptnota werd een pilot aangekondigd om te onderzoeken of verticale uitbreiding kan bijdragen aan het toevoegen van extra wooneenheden op bestaande woonwagenlocaties. Woonwagen Belangen Nederland bestempelde de mogelijke proef als inbreuk op de culturele identiteit van woonwagenbewoners. De Stichting Sinti, Roma en Reizigers sprak destijds van een discriminerend voornemen. Kritiek op de voorgenomen proef werd tijdens de commissievergadering gedeeld door diverse fracties: van de SP, PVV, GroenLinks en de Haagse Stadspartij tot de VVD. Het college gaf hierop aan met de conceptnota het gesprek over het faciliteren van meerlaagse woonwagens, bijvoorbeeld voor meergeneratie-woonoplossingen, op gang te willen brengen met de woonwagengemeenschap. Indien de gemeenschap niet welwillend tegenover een dergelijke proef zou staan, was ‘nee’ volgens het college ook een antwoord. ‘Ik ben niet met deze oplossing getrouwd. Als deze niet in vruchtbare aarde valt, even goede vrienden’, was de concrete reactie van de wethouder Volkshuisvesting, Wijken en Welzijn.
In de Nota Haags Woonwagenbeleid 2024 (RIS320451) wordt ook gesproken over verticale uitbreiding (pagina 15 en 16). Het college omschrijft het toevoegen van een extra bouwlaag op de bestaande woonwagen als ‘een mogelijkheid om op bestaande locaties tot meer wooneenheden te komen.’ Het college ziet dit onder andere als een kansrijke oplossing omdat de beschikbare ruimte voor horizontale uitbreiding op de bestaande locaties beperkt is en de ruimte voor nieuwe uitbreidingslocaties schaars is. De SP heeft vernomen dat verschillende Haagse woonwagenbewoners en ook Woonwagen Belangen Nederland na de publicatie van de Nota Haags Woonwagenbeleid 2024 hun onvrede hebben geuit over deze passage en de context waarin de wens van de toevoeging van een extra bouwlaag wordt geplaatst. In het verleden werden meerlaagse woonwagens al gefaciliteerd door de gemeente, waardoor deze op verschillende locaties te vinden zijn. Tijdens het ‘uitsterfbeleid’ is hier echter paal en perk aan gesteld. Woonwagenbewoners geven aan graag weer over deze mogelijkheid te willen beschikken, bijvoorbeeld wanneer bewoners te maken hebben met gezinsuitbreiding en over de financiële middelen hiervoor beschikken. Dit is echter iets anders dan het faciliteren van extra wooneenheden via verticale uitbreiding.
Door een woonwagenbewoner wordt dan ook de vergelijking getroffen met de aanvraag van een dakkapel voor een huis: bij het beoordelen van dergelijke aanvragen kijkt de gemeente of dit planologisch mogelijk is, maar bij deze beoordeling speelt een achterliggend motief om meerdere generaties in een woning te huisvesten met oog op de woningnood geen rol.
Verder merkt de SP op dat onder woonwagenbewoners de zorg leeft dat verticaal wonen door het college als instrument zal worden benut om minder extra standplaatsen te hoeven realiseren. Zij merken ook op dat sommige woonwagenbewoners eerder geneigd zullen zijn positief te reageren op het concept van verticaal wonen, omdat er nu simpelweg geen alternatief is voor hun inwonende kinderen en/of ouders. Dit wordt door sommige woonwagenbewoners ervaren als een gedwongen keuze tussen de nabijheid van hun familie en leven volgens hun eigen culturele identiteit. In het licht van het door discriminerend beleid geschade vertrouwen in de gemeente bij veel woonwagenbewoners doen de indieners van deze vragen daarom een indringend beroep op het college om samen met leden van de woonwagengemeenschap de tekst van de Nota Haags Woonwagenbeleid onder het kopje ‘Verticaal uitbreiden: meer mogelijkheden in het bouwvolume van woonwagens’ nog eens kritisch tegen het licht te houden en waar nodig te herzien. De SP heeft bovendien vernomen dat meerdere woonwagenbewoners die nauw betrokken zijn bij de totstandkoming van het nieuwe beleid, bijvoorbeeld vanuit de Stichting Sinti, Roma en Reizigers, al suggesties hebben gedaan voor aanpassing van deze tekst.
Overeenkomstig artikel 30 van het Reglement van Orde stellen de raadsleden Lesley Arp (SP), Jan Willem van den Bos (Partij voor de Dieren) en Vincent Thepass (GroenLinks) de volgende vragen: 1. Is het college het met de indieners van deze vragen eens dat bijvoorbeeld het faciliteren van tweelaagse woonwagens voor één gezin dat ruimer wil wonen iets anders is dan meergeneratiewonen stimuleren via meerlaagse woonwagens? Zo nee, waarom niet? 2. Is het college het met de indieners eens dat een eventuele verruiming van mogelijkheden om tweelaagse woonwagens toe te staan geenszins een aanleiding mag zijn voor het college om minder ambitie te tonen in de zoektocht naar extra standplaatsen? 3. Is het college bereid om voor de bespreking van de Nota Haags Woonwagenbeleid in de commissie Ruimte om, in samenspraak met een afvaardiging van woonwagenbewoners, de tekst onder het kopje ‘Verticaal uitbreiden: meer mogelijkheden in het bouwvolume van woonwagens’ nog eens kritisch tegen het licht te houden en om met een alternatief tekstvoorstel te komen dat tegemoetkomt aan de zorgen die in de inleiding op deze vragen worden geadresseerd? Is het college bereid deze alternatieve tekst mee te sturen met de beantwoording van deze schriftelijke vragen, nog voordat het commissiedebat plaatsvindt? Zo nee, waarom niet?
Lesley Arp SP
Jan Willem van den Bos Partij voor de Dieren
Vincent Thepass GroenLinks