CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS321278 Subsidieregeling Professioneel Welzijn 2026-2027 uitgangspunten gebieds- en perceelverdeling

Commissie Samenleving 6 maart 2025, gemeente Den HaagBij agendapunt: Raadsvoorstel inzake Actualisatie beleidsplan professioneel welzijnswerk 2025 – 20272.130 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Typ tekstTyp tekstTyp tekst

Martijn Balster Wethouder Volkshuisvesting, Welzijn, Wijken en Zuidwest

Dienst: dienstcode

Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag

Ons kenmerk

Aan de voorzitter van de commissie Samenleving

OCW/10835284 RIS321278 Contactpersoon

Martijn Aarnouts Dienst

Dienst Onderwijs, Cultuur en Welzijn Afdeling

OCW Stad en Bestuur Telefoonnummer

14070 Datum

E-mailadres

28 januari 2025

martijn.aarnouts@denhaag.nl

Onderwerp

Subsidieregeling Professioneel Welzijn 2026-2027: uitgangspunten, gebieds- en perceelverdeling

Geachte voorzitter, In juni 2024 bent u geïnformeerd over de keuze voor de nieuwe financieringsmethodiek voor professioneel welzijnswerk (RIS319210). Het hele veld van jeugd, zorg en welzijn is, zoals bij u goed bekend, flink in beweging. We kiezen daarom voor een ontwikkelkoers met een strategische tussenstap, een tweejarige subsidietender voor 2026-2027. Daarna maken we de overstap naar langdurig partnerschap vanaf 2028 (via een subsidietender of inkoop, te zijner tijd nader te bepalen). Zo kunnen we goed inspelen op alle inhoudelijke en financiële ontwikkelingen. Met deze commissiebrief informeren wij u over de uitwerking van de tenderprocedure 2026-2027 en de uitgangspunten die hieraan ten grondslag liggen. Context Het beleidsplan Professioneel Welzijnswerk 2021-2024 ‘Versterken en Verbinden’ (RIS310647) is geactualiseerd met trends en ontwikkelingen op het gebied van collectief, preventief en wijkgericht werken. De actualisatie is een addendum op het bestaande beleidsplan en dient als inhoudelijk kader voor de tender Professioneel Welzijnswerk 2026-2027. Het geactualiseerde beleidsplan kent daarom een looptijd van drie jaar, van 2025 tot en met 2027. Het college hecht er veel belang aan om te voldoen aan de aanbevelingen uit het Rekenkamerrapport Werk aan Welzijn (RIS315975).

Belangrijke aandachtspunten voor het college bij de invulling daarvan zijn: behoud van rust, continuïteit en de bekende gezichten voor en in de wijk. Daarom zijn de volgende aandachtspunten voor de tender geformuleerd: Het waarborgen van continuïteit en kwaliteit in de dienstverlening, waarbij wordt gewogen of organisaties al een sterk lokaal netwerk hebben. Het stimuleren van samenwerking en innovatie. Wijkgericht werken, met kennis en ervaring van de Haagse samenleving.

Gemeente Den Haag

Spui 70 Den Haag

Postbus 12600 2500 DJ Den Haag

Telefoonummer 14070 www.denhaag.nl

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10806650

Subsidieregeling Aan de tenderprocedure ligt een subsidieregeling ten grondslag. De subsidieregeling is gebaseerd op het geactualiseerde beleidsplan Professioneel Welzijnswerk en biedt het kader voor de financiering van zowel gebiedsgericht welzijnswerk (zijnde het opbouwwerk en het jongerenwerk) als individuele ondersteuning vanuit de Wmo en omvat de onderstaande uitgangspunten: 1. De inhoudelijke, financiële en juridische uitgangspunten. 2. De gebieds- en perceelverdeling binnen de regeling. Inhoudelijke uitgangspunten Met het professioneel welzijnswerk willen we problemen zo vroeg mogelijk signaleren en oplossen, (kwetsbare) bewoners in de stad het broodnodige steuntje in de rug geven en zoveel mogelijk sociale en maatschappelijke initiatieven actief ondersteunen. De hele keten van participatie, leefbaarheid, veiligheid, jeugd, Wmo en zorg is de komende tien jaar nog volop in beweging. De verschillende wijken van de stad hebben een heel eigen DNA en diversiteit, dat vraagt om kennis, kunde en ervaring met de Haagse wijken enerzijds en maatwerk en flexibiliteit anderzijds. De welzijnsorganisaties en -professionals kennen de opgaves in (de stadsdelen, wijken en buurten van) Den Haag goed, sluiten hierbij aan en werken samen met formele en informele organisaties. Dit biedt ruimte voor nieuwe en innovatieve werkmethoden.

De samenwerking tussen de basisinfrastructuur van professioneel welzijnswerk en het informele aanbod wordt hierbij als essentieel beschouwd en is een belangrijke voorwaarde voor effectief welzijnswerk. Om inwoners snel en goed te ondersteunen, zijn samenwerking en integraliteit essentieel. Samenwerking met formele en informele organisaties in de wijk en de gemeentelijke diensten is absolute voorwaarde voor effectief welzijnswerk. De kwaliteit van het netwerk is een belangrijk criterium. Professionele welzijnsorganisaties hebben een fijnmazig netwerk en werken actief samen met lokale partners zoals scholen, veiligheidsinstanties, maatschappelijke- en bewonersinitiatieven, woningcorporaties en het medisch domein. Dit netwerk maakt het mogelijk om de dienstverlening goed af te stemmen op wat de wijk nodig heeft. De kwaliteit van het professioneel welzijnswerk staat voorop. Om dit te waarborgen, moeten welzijnsorganisaties voldoen aan de kwaliteitsrichtlijnen van ‘Sociaal Werk Nederland’. Selectiecriteria richten zich primair op kwaliteit en niet op de prijs. De dienstverlening moet bovendien uitgevoerd worden door ervaren en deskundige professionals, die vanuit hun professionaliteit en vakinhoudelijke expertise invulling geven aan de specifieke opgaven en vraagstukken.

We hechten veel waarde aan de herkenbaarheid en vertrouwdheid van het welzijnsaanbod en de welzijnslocaties in de stad. Het aanbod moet goed vindbaar, bereikbaar en laagdrempelig zijn voor alle inwoners van Den Haag. Bij wisselingen in organisaties geldt het uitgangspunt dat “werknemer werkt volgt,” zodat de er continuïteit in de dienstverlening blijft bestaan tussen en professionals betrokken blijven bij de uitvoering. De Servicepunten XL blijven evenwichtig over de stad verspreid, zodat we zoveel mogelijk mensen kunnen bereiken en waar mogelijk preventief, collectief en wijkgericht (in de haarvaten) werken. De buurthuizen fungeren als ontmoetingsplekken voor de wijk en als basis voor jongerenwerk en opbouwwerk. Daarnaast worden de locaties flexibel ingezet, afhankelijk van de behoeften in de wijk, en kunnen zij ook ruimte bieden voor andere maatschappelijke initiatieven die bijdragen aan de sociale cohesie. In het kader van 'Betekenisvol Meten en Verantwoorden' zetten we in op het monitoren van de impact van het welzijnswerk. We zorgen voor een uniforme wijze van rapporteren, met oog voor de registratiedruk voor de organisaties. Bij de toewijzing van huisvesting en sociaal beheer wordt gekeken naar de specifieke behoeften van de wijk en wordt prioriteit gegeven aan (gemeentelijke) dienstverlening en maatschappelijk initiatieven.

2/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10806650

-

In partnerschap met de welzijnsorganisaties wordt verder gewerkt aan de uitvoering van afspraken over samenwerking, communicatie en monitoring.

Financiële uitgangspunten Het beschikbare budget blijft over de looptijd van de subsidieregeling gelijk, met de jaarlijkse indexatie volgens de gemeentelijke systematiek. Organisaties wordt gevraagd om de overheadkosten, zoals kosten voor management, administratie en huisvesting, zo efficiënt mogelijk te beheren. We streven ernaar samen te werken aan het vinden van een balans die zowel de kwaliteit van de activiteiten waarborgt als zorgt voor een verantwoorde inzet van publieke middelen. Kwaliteit van activiteiten blijft echter vooropstaan. Met de tweejarige subsidieverlening wordt beoogd financiële stabiliteit te bieden en de administratieve lasten te verlichten. De tweejarige subsidieverlening biedt namelijk meer ruimte voor kwalitatieve verbeteringen en stellen organisaties in staat om met alle betrokken partijen in de stad verder te bouwen aan een sterke samenwerking. De periode van twee jaar kan daarmee fungeren als een opstap naar een meer langdurig partnerschap. Juridische uitgangspunten De subsidieregeling biedt een wettelijke grondslag voor subsidieverlening. Vanuit een kwaliteitsgedreven selectieproces wordt gestuurd op de selectie van organisaties. Via een transparante tenderprocedure worden aanvragen van welzijnsorganisaties beoordeeld op basis van objectieve en inhoudelijke criteria die bijdragen aan de kwaliteit, samenwerking en innovatie.

Sprake van overgang van onderneming. De werkzaamheden ten opzichte van de oude situatie wijzigen inhoudelijk niet en is de klantkring dezelfde. Daarmee is sprake van een economische eenheid (geheel van organisatorische middelen) die met behoud van identiteit wordt overgedragen. De beoordeling wordt uitgevoerd door een beoordelingscommissie, bestaande uit interne en externe deskundigen om een evenwichtige en onafhankelijke selectie te waarborgen. Gebiedsverdeling Om het welzijnswerk zo goed mogelijk te organiseren en rust, continuïteit en kwaliteit te kunnen borgen wordt de stad ingedeeld in tien gebieden. Deze gebiedsindeling komt overeen met de huidige indeling van de stad in acht stadsdelen, met de uitzondering dat de twee grootste stadsdelen, Centrum en Escamp, in tweeën worden gedeeld. Deze indeling houdt rekening met de (bevolkings)omvang en de diversiteit van de wijken binnen de stad. Deze aanpak zorgt ervoor dat het welzijnswerk beter kan worden afgestemd op de lokale context. Concreet betekent dit de volgende tien gebieden: 1) Scheveningen, 2) Loosduinen, 3) Haagse Hout, 4) Segbroek, 5) Laak, 6) Leidschenveen-Ypenburg, 7) Escamp I (Moerwijk, Morgenstond, Bouwlust en Vrederust), 8) Escamp II (Leyenburg.

RustenburgOostbroek, de Uithof, Wateringse Veld en Zuiderpark), 9) Centrum I (Archipel/Willemspark, Binnenstad, Kortenbos, Zeeheldenkwartier, Rivierenbuurt, Oude Centrum en Stationsbuurt) en 10) Centrum II (Schilderswijk en Transvaal, inclusief de Groente en Fruitmarkt). Deze gebiedsindeling biedt een balans tussen efficiënt beheren van de beschikbare middelen en het aanbieden van maatwerk, afgestemd op de unieke kenmerken van elk stadsdeel. Hierdoor kunnen welzijnsorganisaties inspelen op specifieke lokale behoeften, zoals sociaaleconomische uitdagingen of demografische ontwikkelingen, terwijl tegelijkertijd een basisaanbod aan welzijnsdiensten in de hele stad gewaarborgd blijft. Het is mogelijk dat organisaties samenwerken in een consortium.

3/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10806650

Perceelverdeling Binnen elke gebied worden de activiteiten verdeeld over twee percelen: 1) het Wmo-welzijnswerk en 2) het gebiedsgerichte welzijnswerk. Met elk de verantwoordelijk voor de huisvesting en het sociaal beheer van de wijkcentra en buurthuizen. Deze verdeling is het resultaat van een zorgvuldige afweging van verschillende scenario’s. In het voortraject zijn drie varianten onderzocht: 1) het samenbrengen van alle activiteiten in één perceel, 2) het volledig scheiden van alle activiteiten in drie afzonderlijke percelen en 3) het verdelen van de activiteiten over twee percelen per gebied. De eerste twee varianten bleken minder geschikt, omdat ze onvoldoende balans boden tussen continuïteit, kwaliteit en innovatie. De keuze is gevallen op de derde variant, waarbij de activiteiten binnen elk gebied over twee percelen worden verdeeld. Dit betekent dat er, in sommige gevallen, twee verschillende partijen actief kunnen zijn binnen hetzelfde gebied, elk verantwoordelijk voor een specifiek perceel. Hiermee wordt het mogelijk zowel de kwaliteit van de dienstverlening als de continuïteit in de uitvoering optimaal te waarborgen. Door de activiteiten over twee percelen te verdelen, ontstaat er een duidelijke focus per perceel, waardoor expertise en middelen effectiever kunnen worden ingezet.

Tegelijkertijd biedt deze indeling meer ruimte voor samenwerking en afstemming tussen partijen, wat essentieel is om de integrale doelstellingen te realiseren. De specifieke verdeling maakt het bovendien mogelijk om activiteiten beter te richten op de lokale behoeften van stadsdelen, zonder dat dit ten kotste gaat van de samenhang tussen de verschillende taken. Dit draagt bij aan een meer responsieve en op maat gemaakte aanpak, die aansluit bij de diversiteit van de wijken en bewoners. Daarmee biedt deze keuze de beste balans tussen innovatie, kwaliteit en samenhang in de uitvoering. In de uitvraag wordt expliciet geborgd dat, wanneer twee partijen per gebied verantwoordelijk zijn, zij moeten samenwerken om de doelstellingen effectief te realiseren. Dit houdt in dat er afspraken worden gemaakt over gedeelde doelen, communicatie en coördinatie, zodat de dienstverlening coherent is en goed aansluit bij de specifieke behoeften van de wijk. Perceel 1: Wmo-welzijnswerk: Individuele Ondersteuning en Wijkcentra Dit perceel richt zich op de individuele ondersteuning van inwoners en het beheer van wijkcentra. Het doel is om de juiste ondersteuning te bieden aan Haagse inwoners die hulp nodig hebben bij het omgaan met hun problemen, het vinden van de juiste instanties, en het opbouwen van een sociaal netwerk.

De wijkcentra spelen hierbij een essentiële rol, aangezien ze fungeren als fysieke plekken waar inwoners terecht kunnen voor hulp en ondersteuning, bijvoorbeeld via Servicepunten XL en ondersteuning waar mogelijk ook collectief te organiseren. Daarnaast kunnen wijkcentra ook fungeren als ontmoetingsplek voor de wijk en als uitvalbasis voor het jeugd-, jongeren en/of opbouwwerk. Perceel 2: Gebiedsgericht Welzijnswerk: Jongeren- en Opbouwwerk en Buurthuizen Het tweede perceel richt zich op gebiedsgericht welzijnswerk, met nadruk op jongeren- en opbouwwerk, en het beheer van buurthuizen. De buurthuizen vormen een thuishaven voor het jongerenwerk en het opbouwwerk en dienen als een veilige haven waar jeugdigen kunnen ontmoeten, samen komen en activiteiten kunnen organiseren. Ook dienen de buurthuizen als ontmoetingsplekken die zijn afgestemd op de behoeftes en de inzet vanuit de wijk. Daarnaast zijn buurthuizen belangrijke vindplaatsen van (kwetsbare) bewoners voor professionals zoals ouderenwerkers.

4/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10806650

Perceel Perceel 1: Individuele ondersteuning (Wmo)

Perceel 2: Gebiedsgericht welzijnswerk

Verantwoordelijkheden - Signaleren en hulpvragen verduidelijken. - Adviseren, ondersteunen en toeleiden. - Sociaal en technisch beheer van wijkcentra. - Preventie en vroegsignalering, met bijzondere aandacht voor het bereiken van moeilijk te bereiken doelgroepen en gemeenschappen. - Organiseren van jongerenwerk en opbouwwerk. - Stimuleren van gemeenschapsinitiatieven. - Sociaal en technisch beheer van buurthuizen.

Vervolgstappen en planning Het tijdig vaststellen van de subsidieregeling is essentieel om rust, continuïteit en kwaliteit in het welzijnswerk te waarborgen. Het college zal de regeling uiterlijk eind maart 2025 vaststellen zodat de tenderprocedure op 1 april 2025 kan worden gepubliceerd en welzijnsorganisaties voldoende tijd hebben om hun aanvragen voor te bereiden. De planning is verder als volgt: 1. Juni – medio juli 2025: Beoordeling van aanvragen en subsidietoekenning De aanvragen worden beoordeeld door een onafhankelijke beoordelingscommissie en op basis daarvan wordt de subsidie verdeeld. 2. 1 januari 2026: Implementatie van de subsidieregeling Deze planning is eveneens belangrijk bij mogelijke verschuivingen in het welzijnslandschap (toetreden van nieuwe organisaties / wisseling van organisaties), omdat ‘oude’ en ‘nieuwe’ organisaties zich hierop moeten kunnen aanpassen. De verdere uitwerking van de subsidieregeling, inclusief de beoordelingscriteria, wordt de komende maanden afgerond. Met vriendelijke groet, de wethouder Volkshuisvesting, Welzijn, Wijken en Zuidwest Martijn Balster

de wethouder Armoede, Inclusie, Zorg en International Zaken Marielle Vavier

5/5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15105349/1