RIS321190 Problemen bij aanvraag wmo-hulpmiddelen
Tekst van het document
RIS 321190 Schriftelijke vragen: problemen bij aanvraag wmo-hulpmiddelen Indiener: Vincent Thepass, GroenLinks Datum: 17 januari 2025 Aan de voorzitter van de gemeenteraad, Voor veel Hagenaars en Hagenezen zijn wmo-hulpmiddelen onmisbaar. Met de vergrijzing zal de vraag naar hulpmiddelen bovendien sterk toenemen. GroenLinks sprak meerdere bewoners die gebruik (willen) maken van wmo-hulpmiddelen én mensen die hen ondersteunen. Hier kwam een beeld uit dat de toekenning niet altijd soepel verloopt. Een (te) strikte naleving van regels staat soms de menselijke maat in de weg. Zo blijkt dat de aanvraag voor een stoel om makkelijker in de auto te kunnen zitten zonder gedragen te worden, voor iemand met het Rett-Syndroom, een progressieve aandoening waarin de spraak en motoriek steeds verder achteruitgaat, is afgewezen. Deze persoon zou nog niet beperkt genoeg zijn: ze kan namelijk nog een paar stappen te zetten. Deze persoon kan nu al amper lopen en zal dit in de komende jaren steeds minder kunnen. Bovendien is het voor de moeder/mantelzorger erg zwaar om haar volwassen dochter te tillen. Casemanagers beloofden dat de aanvraag over een jaar opnieuw gedaan kon worden en dan waarschijnlijk toegezegd zou worden, maar omdat het alleen mondeling is gecommuniceerd kan de zorgbehoevende hier geen rechten aan ontlenen.
Overeenkomstig art. 30 van het Reglement van orde stelt het raadslid de heer Thepass (GroenLinks) de volgende vragen: 1) Kan het college reageren op de bovenstaande signalen? 2) Hoe borgt het college dat de menselijke maat bij het (al dan niet) toekennen van hulpmiddelen voldoende wordt toegepast? 3) Deelt het college de mening van GroenLinks dat een te strikte handhaving van regels rondom recht op wmo-hulpmiddelen niet alleen vanuit de zorgbehoevende onwenselijk is, maar ook tot meer werk voor ambtenaren leidt vanwege het hogere risico op bezwaren? Graag een toelichting. 4) Hoe wordt bij de behandeling van aanvragen van hulpmiddelen geborgd dat budgettaire druk niet ten koste gaat van een passende oplossing voor de cliënt? 5) Hoe wordt de belasting van mantelzorgers, die vaak decennialang fysiek zware verzorgende en ondersteunende handelingen moeten verrichten, in de toekenning van wmo-hulpmiddelen meegewogen? Indien dit niet wordt meegewogen, is het college bereid dat voortaan wel te doen? 6) Deelt het college de mening van GroenLinks dat het onwenselijk is dat een aanvraag van een hulpmiddel voor iemand met een progressieve aandoening (waarvan het vaststaat dat diens situatie zal verslechteren) wordt afgewezen met de constatering dat een aanvraag over een jaar waarschijnlijk wordt toegekend? Graag een toelichting.
Pagina 1 van 3
7) Kan het college aangeven of en hoe het hebben van een progressieve aandoening wordt meegewogen bij het al dan niet verstrekken van hulpmiddelen? Indien dit niet het geval is, waarom niet, en is het college bereid om dit voortaan wel te doen? Graag een toelichting. Andere cliënten en ondersteuners geven aan dat afwijzingen van aanvragen vrijwel standaard mondeling, en niet schriftelijk worden gecommuniceerd. Zo blijkt dat ook te gebeuren bij aanvragen van trapliften en scootmobielen. Het bieden van een schriftelijke afwijzing is verplicht en het niet schriftelijk communiceren ondermijnt de mogelijkheid om een bezwaar in te dienen. Pas na aandringen wordt de afwijzing ook schriftelijk gecommuniceerd.
8) Kan het college bevestigen dat het gebruikelijk is om afwijzingen van wmo-aanvragen standaard alleen mondeling (telefonisch) te doen, terwijl er bij toekenning ook schriftelijk wordt gecommuniceerd? 9) Is het college het met GroenLinks eens dat de rechtsbescherming van de aanvrager niet geborgd is met (enkel) mondelinge communicatie en dat de gemeente zich ook met afwijzingen aan de regels moet houden? 10) Is het college bereid om voortaan ook bij alle afwijzingen van wmo-aanvragen hier schriftelijk over te communiceren, in lijn met regelgeving en in het belang van de rechtsbescherming van de aanvrager? Zo nee, waarom niet? Daarnaast ontving GroenLinks al iets langer geleden signalen van Stichting Voorall met betrekking tot stallingen voor scootmobielen. Volgens de gemeentelijke regels hebben cliënten hier recht op, maar in de praktijk wordt dit structureel niet toegekend (terwijl het recht erop in de WMO-verordening is vastgelegd) en alleen na het indienen van een bezwaarschrift toegekend.
11) Is het college bekend met het signaal rondom het structurele afwijzen van aanvragen van stallingen voor scootmobielen? Kan het hierop reageren? 12) Deelt het college de mening van GroenLinks dat het onwenselijk is dat bewoners te horen krijgen dat de gemeente dergelijke stallingen niet levert, terwijl deze wel als genormeerde aanpassingen worden genoemd (ris317724)? Graag een toelichting. 13) Kan het college toezeggen voortaan stallingen voor scootmobielen te leveren bij aanvragers die hier recht op hebben, zonder dat er een bezwaarschrift aan te pas moet komen? In 2020 bracht het actieteam hulpmiddelen het actieplan hulpmiddelen uit. Hierin worden verschillende acties voorgesteld, zoals bijvoorbeeld een verhuisconvenant waarbij mensen hun hulpmiddelen bij verhuizing mee kunnen nemen en het opstellen van een hulpmiddelenpaspoort zodat cliënten niet telkens opnieuw hoeven te bewijzen dat ze hulpmiddelen nodig hebben. Ook Den Haag is ondertekenaar (RIS314054) van dit convenant. 14) Kan het college een overzicht geven van welke acties uit het convenant wel en niet doorgevoerd zijn in de Haagse praktijk? 15) Klopt het dat er in Den Haag niet met een hulpmiddelenpaspoort wordt gewerkt, en waarom is dat het geval? Graag een toelichting.
Pagina 2 van 3
16) Hoe vaak evalueert het college in hoeverre het actieplan hulpmiddelen wordt uitgevoerd? Wanneer is dit voor het laatst gebeurd en wat is daar uitgekomen?
Vincent Thepass GroenLinks
Pagina 3 van 3