RIS321135 Beantwoording SV Breng rechten voor produceren Haagsche Hopjes thuis
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE VRAGEN
17 februari 2025 Ons kenmerk Onderwerp
Antwoord van het college op de vragen van de raadsleden de heren De Mos en Bom, luidend: ‘Breng rechten voor produceren Haagsche Hopjes thuis’
DBV/10851296 RIS321135
De raadsleden de heren De Mos en Bom hebben op 10 januari 2025 een brief met daarin 4 vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. 1)
Is het college bekend met het bericht ‘Einde aan wereldberoemd snoepje: Haagsche Hopjes worden niet meer gemaakt?
Ja. Het college is bekend met dit bericht. 2)
Deelt het college de mening dat Haagsche Hopjes behoren tot Haags (cultureel) erfgoed en kunnen bijdragen aan de promotie van stadstrots? Zo ja, heeft het college, nu vanuit het Zweedse bedrijf Cloetta is bevestigd dat zij zijn gestopt met de productie van Haagsche Hopjes, de bereidheid om met een delegatie van het college richting dat bedrijf te gaan om de rechten op Rademaker’s Haagsche Hopjes terug naar huis te brengen? Graag een gedetailleerd antwoord met daarbij hoe het college, eenmaal in bezit van de rechten, bakkers uit het Haagse bakkersgilde de productie van Haagsche Hopjes in handen gaat geven.
In formele zin behoren Haagsche Hopjes niet tot beschermd cultureel erfgoed. Ook voldoet het niet aan de voorwaarden om aangemerkt te worden als Europees beschermd streekproduct. Of Haagsche Hopjes een positief effect hebben op stadstrots is nooit onderzocht, maar het college snapt dat het stoppen met de productie teleurstelling wekt. Er is een mogelijkheid dat de productie in de toekomst weer wordt opgestart, maar navraag bij het Zweedse snoepbedrijf Cloetta, dat Rademakers’ Haagsche Hopjes produceerde, leert, dat er de afgelopen jaren sprake was van een structureel teruglopende vraag. Eén van de verkoopplekken in Den Haag waar de Haagsche Hopjes worden/werden verkocht, is ‘The Hague Infostore’ op Den Haag CS. Deze winkel wordt in opdracht van de gemeente geëxploiteerd door de Haagse marketing- en acquisitieorganisatie The Hague and Partners. Zij onderzoeken momenteel of de productie, en daarmee ook de verkoop, van Hopjes op alternatieve wijze kan worden voortgezet. Het is niet aan de gemeente om commerciële activiteiten te ontplooien. 3)
Is het college zich ervan bewust dat naast de politiek (het Binnenhof), het hopje wel het meest bekende uit Den Haag is? Zo ja, zou het college naast het terughalen van de rechten voor de productie van Haagsche Hopjes, willen onderzoeken of het plaatsen van een standbeeld van baron Hendrik Hop op het Lange Voorhout, ter hoogte van nummer 92, dé plek waar Hop zijn hopje ontdekte, zou kunnen bijdragen aan het verhogen van de toeristische waarde van de binnenstad en het promoten van stadstrots? Een plek waar toeristen met de Hopjesbaron op de foto kunnen. Graag een gedetailleerd antwoord.
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DBV/10851296
Uit onderzoek1 blijkt niet, dat het Haagsche Hopje behoort tot de meest prominente associaties die mensen (Hagenaars en Nederlanders) met Den Haag hebben. Het college is niet voornemens om het plaatsen van een standbeeld van baron Hendrik Hop te onderzoeken. Het college is terughoudend met het plaatsen van kunstwerken en monumenten in de openbare ruimte. Daarnaast zijn er voor het plaatsen van een dergelijk beeld geen financiële middelen begroot. 4)
Deelt het college de mening dat initiatieven die stadstrots bevorderen, onze steun verdienen? En dat het initiatief van Hagenaar Jan van der Laan, die vindt dat het snoepje en de bedenker, baron Hop veel meer erkenning moeten krijgen, prima bij die gedachte past? Zo ja, hoe gaat het college het Haagsche Hopjesmuseum ondersteunen bij verdere groei en het vergroten van haar toeristische waarde? Graag een gedetailleerd antwoord.
Het college ziet het Haagsche Hopjesmuseum als een sympathiek initiatief, maar het zeer kleinschalige karakter biedt vanuit toeristisch oogpunt geen significante (groei)mogelijkheden. Het college blijft zich op vele andere manieren inzetten voor de ontwikkeling van de Haagse binnenstad en toerisme op basis van vastgesteld beleid (o.a. Binnenstadsplan Den Haag 2033 RIS316359 en de Visie Museumkwartier 2033 RIS320071). Het bevorderen van stadstrots is een belangrijk aandachtpunt voor het college, maar er zijn geen financiële middelen om elk initiatief, dat mogelijk de stadstrots positief kan beïnvloeden, (financieel) te ondersteunen. Wel worden initiatieven uit de stad geregeld uitgelicht op kanalen, zoals het stadstrotsplatform BeHague. Later dit jaar zal er op dit kanaal aandacht worden geschonken aan het Haagsche Hopjesmuseum. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
1
Jan van Zanen
Zie onderzoek Motivaction 2023 https://www.merk.denhaag.nl/wp-content//uploads/2024/02/Onderzoek-imago-nationaal-en-lokaal-
Motivaction.pdf
2/2