RIS321021 Afdoening motie Versterk buurtsportcoaches
Tekst van het document
Typ tekstTyp tekstTyp tekst
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
Aan de gemeenteraad
OCW/10950720 RIS321021 Contactpersoon
Vincent Hillen Dienst
Dienst Onderwijs, Cultuur en Welzijn Afdeling
OCW Stad en Bestuur Telefoonnummer
14070 Datum
E-mailadres
31 oktober 2025
vincent.hillen@denhaag.nl
Onderwerp
Afdoening motie: versterk de positie van de buurtsportcoach
Uw raad heeft, tijdens het debat over ‘Themadebat Sport’ op 18 december 2024, de door het raadslid de heer Ahraui ingediende motie ‘Versterk de positie van de buurtsportcoach’ (RIS321021) aangenomen. Hierbij informeert het college de raad over de afdoening van de motie. De motie luidt als volgt: Overwegende, dat: ▪ buurtsportcoaches een cruciale rol spelen in het stimuleren van sportdeelname en beweging, en daarmee bijdragen aan de gezondheid en sociale cohesie in Haagse wijken; ▪ het verhogen van sportdeelname een gemeentelijke prioriteit is vanwege de positieve effecten op fysieke en mentale gezondheid; ▪ het werk van buurtsportcoaches steeds complexer wordt door de groeiende maatschappelijke opgaven, zoals het bereiken van kwetsbare doelgroepen. Constaterende, dat: ▪ de effectiviteit van buurtsportcoaches afhankelijk is van de juiste ondersteuning, middelen en samenwerking met andere partijen zoals scholen, verenigingen en welzijnsorganisaties; ▪ buurtsportcoaches vaak als eerste signaleren wat nodig is om sport en beweging toegankelijker te maken in hun wijken.
Van mening, dat: ▪ het belangrijk is dat buurtsportcoaches zelf actief betrokken worden bij een evaluatie van hun werkzaamheden, zodat inzicht ontstaat in wat zij nodig hebben om slagvaardig te blijven opereren; ▪ een gezamenlijke evaluatie kan bijdragen aan het versterken van hun impact en het verhogen van sportdeelname onder Hagenaars. Verzoekt het college: ▪ in samenwerking met de buurtsportcoaches een evaluatie uit te voeren naar hun werkzaamheden, waarbij specifiek wordt gekeken naar: o welke middelen, ondersteuning en faciliteiten zij nodig hebben om effectief en slagvaardig te blijven werken;
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
T 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10950720
▪
o hoe zij hun samenwerking met andere partijen ervaren en waar verbeteringen mogelijk zijn; o welke stappen genomen kunnen worden om hun rol in het verhogen van sportdeelname verder te versterken; de uitkomsten van de evaluatie uiterlijk Q2 2025 te delen met de raad, inclusief een actieplan met concrete aanbevelingen;
Het college doet de motie op de volgende manier af: Het college onderschrijft de overwegingen van de motie. Buurtsportcoaches hebben inderdaad een cruciale rol in het stimuleren van sportdeelname en beweging. Voor de bekostiging van deze professionals heeft het college medio 2023 de Subsidieregeling combinatiefunctionarissen sport en cultuur Den Haag 2023 tot en met 2026 (RIS316073) vastgesteld. In deze regeling staat in artikel 7:1 dat het college de regeling tussentijds uiterlijk op 1 juli 2025 evalueert. Omdat deze evaluatie in de tijd samenviel met de gevraagde evaluatie in de motie, is een gecombineerde evaluatie uitgevoerd. In die zelfevaluatie is zowel gekeken naar de regeling zelf als naar de werkzaamheden van de buurtsportcoaches. De in de motie geformuleerde vragen zijn aan meerdere buurtsportcoaches voorgelegd. Een aantal antwoorden leidt direct tot het maken van (aanvullende) afspraken of vormt input voor de manier waarop het college vanaf 2027 uitvoering gaat geven aan de Brede Regeling Combinatiefuncties van het Rijk. Deze en andere conclusies en aanbevelingen zijn verzameld in hoofdstuk 6 en vormen in feite het in de motie gevraagde actieplan. Een belangrijke conclusie is dat er goed en veilig gewerkt moet kunnen worden. Daarom is het van belang dat playgrounds aan de basisvoorwaarden voldoen.
Ook zal de flexibiliteit van de inzet en de keuze voor playgrounds voortdurend onderwerp van gesprek worden tussen de gemeente en de organisatie en is het noodzakelijk om per direct goede afspraken te maken over wie richting sportverenigingen en -stichtingen welke verantwoordelijkheid heeft en hoe wordt samengewerkt. Daarbij is de gepubliceerde regeling het uitgangspunt. De evaluatie is tegelijkertijd met deze afdoening als commissiebrief naar de voorzitter van de commissie Samenleving verstuurd (RIS323623). Het college beschouwt de motie hiermee als afgedaan. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
2/2