RIS320937 Bijlage participatieplan V5 pdf
Tekst van het document
Participatieplan
Versterken ondernemersklimaat Schilderswijk en Transvaal 18 september 2024
1. Participatievraagstuk Het participatievraagstuk beschrijft het algemene doel van de participatie, de belanghebbenden, waarover deelnemers wel of niet meedoen en op welke niveau’s van participatie dat betreft.
Doel Het doel van participatie bij het programma ‘Versterken ondernemersklimaat Transvaal en Schilderswijk’ is — in samenwerking met de gemeente — samen met ondernemers, vastgoedeigenaren en andere belanghebbenden in het projectgebied ruimte te creëren om ideeën en oplossingen aan te dragen, de relatie te versterken en samen te investeren in het gebied. Dit draagt bij aan het aantrekkelijker en economische veerkrachtiger maken van het gebied en over winkelstraten Kempstraat, Hoefkade, Paul Krugerlaan, Hobbemastraat – en plein, Koningstraat, Vailliantlaan en de Haagse Markt. Het doel is ook om met belanghebbenden in contact te komen door middel van verschillende participatiemomenten en daar doorlopend op te reflecteren en lering uit te trekken ofwel aanpassingen te doen (of dingen toe te voegen) op het participatieplan. Daarnaast zijn er enkele subdoelen voor participatie te benoemen, te weten: •
Elkaar kennen en relaties versterken
•
Samenwerking in de uitvoering en eigenaarschap onder stakeholders stimuleren
•
Streven naar de beste plannen en uitvoering binnen vastgestelde kaders
•
Draagvlak creëren voor de plannen in de winkelstraten
•
Gefundeerde besluitvorming bevorderen
•
Voorkomen dat doelgroepen dubbel benaderd worden door verschillende projecten of worden vergeten.
•
Bewustwording vergroten op bepaalde onderwerpen
Ook zijn er subdoelen voor communicatie, te weten: •
Tijdig en continu informeren van ondernemers, bewoners, vastgoedeigenaren en andere belanghebbenden over de inhoud en voortgang van de ontwikkelingen door middel van verschillenden communicatiemiddelen.
•
Communiceren vanuit een integraal programmaperspectief en gedeeld belang, om de verbinding en gezamenlijke belangen tussen de straten te benadrukken. Op deze manier focussen we samen op het gezamenlijke einddoel en stimuleren we collectieve trots en betrokkenheid.
2
Participatieplan
Participatievraag Participatievragen waar belanghebbenden op kunnen meedoen zijn hieronder benoemd. Deze lijst is niet uitputtend. Er kunnen meer vraagstukken aan worden toegevoegd. •
Wat is de gewenste positionering voor het gebied?
•
Wat voor een identiteit krijgt dit gebied?
•
Welke ideeën zijn er over het toekomstige winkelaanbod in dit gebied?
•
Welke ideeën zijn er over de functiemix in dit gebied?
•
Hoe zien de gebiedsentrees, die de identiteit uitdragen er straks uit?
•
Op welke manier(en) kunnen ondernemers en vastgoedeigenaren (nog) (meer) bijdragen om ondermijning in het gebied aan te pakken?
•
Wat voor soort evenementen worden in dit gebied georganiseerd die passen bij de gewenste positionering van het derde centrumgebied? Voor het vervolg is de vraag: hoe gaan we deze evenementen met elkaar organiseren?
•
Hoe kunnen we het gebied aantrekkelijker maken voor (nieuwe) bezoekers?
•
Hoe kan de organisatiegraad van belanghebbenden worden verbeterd?
•
Hoe gaan alle partijen, inclusief de gemeente, in dit gebied (blijvend) met elkaar samenwerken op deze (en toekomstige) vraagstukken?
Voorwaarden Vaststaat dat belanghebbenden over de volgende onderwerpen van het programma ‘Versterken ondernemersklimaat Transvaal en Schilderswijk niet kunnen participeren. Op een aantal onderwerpen neemt de gemeente zelf besluiten of pakt de uitvoering zelf op, waardoor deze onderwerpen niet geschikt zijn. Dit zijn: •
Parkeren, bewegwijzering, stoepen en hellingen wordt met duidelijke kaders en door de gemeente besloten. Daarom is er geen mate van invloed mogelijk of is het op dit moment nog niet duidelijk waar dit precies ligt.
•
De herinrichting openbare ruimte en mobiliteitsprojecten lopen via DSO. DSO heeft eigen participatietrajecten met betrekking tot de herinrichting van verschillende straten. Interne afstemming is daarom nog nodig om de mogelijkheid tot participatie goed te kunnen communiceren.
•
De Economische visie Den Haag+ 2030 en ander relevant beleid, die tegen de achtergrond van het programma !Versterken ondernemersklimaat Transvaal en Schilderswijk"#speelt, staat niet ter discussie.
3
Participatieplan
Belang van de gemeente Tegen de achtergrond van de Economische visie Den Haag+ 2030 heeft het college in het ‘Haags Akkoord 2023-2026’ de onderstaande ambitie opgenomen: “We knappen de zes winkelstraten (Kempstraat, Hoefkade, Paul Krugerlaan, Koningstraat, Vaillantlaan en Hobbemastraat –en plein) plus de Haagse Markt in de Schilderswijk en Transvaal op, investeren en ontwikkelen. Bijvoorbeeld door het verbeteren van de openbare ruimte met meer groen en meubilair, door het aanpakken van plinten en gevels, door de gebiedsentrees mooier te maken en door het verbeteren van looproutes en de aansluiting tussen de Haagse Markt en de winkelstraten;” Het belang van de gemeente is daarmee niet alleen dat deze zes winkelstraten zogenoemd worden ontwikkeld, maar ook dat het (zichtbaar) bijdraagt aan de voor dit traject relevante ambities uit de Economische visie: een attractieve stad en regio, een veerkrachtige economische structuur en een excellent ondernemingsklimaat.
Deelnemers (belangen) Belanghebbenden De twee belangrijkste groepen belanghebbenden, waarbij op te merken is dat daarbinnen nog uiteenlopende belangen bestaan, zijn: •
Ondernemers. Er zijn diverse ondernemers in het gebied die ongeveer 310 panden in gebruik hebben: detailhandel, horeca, commerciële diensten, maatschappelijke functie, overig o
Kempstraat: 58 panden, waarvan ongeveer 60% detailhandel, 20% horeca, 5% commerciële diensten, 3.5% maatschappelijke functie, 3.5% overig, 1.7% leegstand
o
Koningstraat: 20 panden, waarvan ongeveer 50% detailhandel, 10% horeca, 20% commerciële diensten, 5% overig, 15% leegstand
o
Hoefkade: 41 panden, waarvan ongeveer 44% detailhandel, 24% horeca, 17% commerciële diensten, 2.5% maatschappelijke functie, 12% leegstand
o
Hobbemastraat -en plein: 71 panden, waarvan ongeveer 53.5% detailhandel, 22.5% horeca, 11% commerciële diensten, 4% maatschappelijke functie, 7% overig.
o
Paul Krugerlaan: 135 panden, waarvan ongeveer 47.5% detailhandel, 22% horeca, 17% commerciële diensten, 3.7% maatschappelijke functie, 3.7% overig, 4.4% leegstand.
o
Vailliantlaan: 38 panden, waarvan 13% commerciële diensten, 42% horeca en 45% detailhandel.
o
Haagse Markt
Voor ondernemers is het goed functioneren van de winkelstraten essentieel voor de continuïteit van hun exploitatie en winstmaximalisatie. Belangen omvatten het behouden of vergroten van omzet, goede bereikbaarheid en toegankelijkheid, evenals het creëren van werkgelegenheid. Randvoorwaarden voor ondernemers zijn veiligheid, klandizie,
4
Participatieplan
leefbaarheid, economische ontwikkeling en goede ruimtelijke ordening. Het Ondernemersberaad Haags Veen is een platform voor informatie-uitwisseling tussen de ondernemers van de Schilderswijk en het Transvaal en de gemeente. Jongerenpunt 070 ondersteunt jonge zzp’ers. •
Vastgoedeigenaren. Er zijn ongeveer 141 vastgoedeigenaren in het gebied, waaronder Staedion (beheert 26 panden), Haag Wonen (34 panden) en gemeente Den Haag (14 panden). Vastgoedeigenaren beïnvloeden de keuze van winkeliers en de staat van het vastgoed. Belangen omvatten het behouden of vergroten van de aantrekkelijkheid van de winkelstraten, continuïteit van exploitatie, waardeontwikkeling van het (retail-)vastgoed en het minimaliseren van financiële risico's. Om deze belangen na te streven, hebben vastgoedeigenaren baat bij bredere maatschappelijke belangen zoals economische groei, veiligheid, bereikbaarheid en goede ruimtelijke ordening, vitale leefkwaliteit en rust in regelgeving.
Daarnaast zijn er een aantal andere groepen belanghebbenden, te weten: •
Bewoners. Er zijn zo’n 32.000 inwoners in de Schilderswijk en 16.290 inwoners in Transvaal. Bewoners in de winkelstraten hebben specifieke belangen die gericht zijn op de veiligheid van hun woonomgeving, de economische ontwikkeling van het gebied en de algehele leefbaarheid. Zij streven naar een leefomgeving waarin zij zich veilig voelen, waar de economie floreert en waar het aangenaam wonen is.
•
Bewonersorganisaties. Er zijn een aantal bewonersorganisaties in deze gebieden, te weten De Paraplu, Bewonersorganisatie Transvaal Zuid en Bewonersorganisatie Transvaal Noord.
•
Belangengroepen en maatschappelijke wijkorganisaties. Belangengroepen zijn van vitaal belang bij de aanpak van de winkelstraten. Ze vertegenwoordigen diverse stakeholders, bieden lokale expertise, creëren draagvlak voor veranderingen, bevorderen samenwerking en zorgen voor effectieve communicatie. Hun betrokkenheid is essentieel voor een inclusieve aanpak en het succes van initiatieven in de winkelstraat. Ook worden maatschappelijke wijkorganisaties betrokken die bijdragen aan een succesvolle aanpak van de zes winkelstraten waarbij lokale vertegenwoordiging, betrokkenheid, lokale kennis, samenwerking en diversiteit van perspectieven worden bevorderd. Bijvoorbeeld Alliantie Schilderswijk, een netwerk van bewoners, ondernemers, vrijwilligers en welzijnsorganisaties.
•
Bezoekers. Zij willen zich veilig kunnen bewegen in het gebied, genieten van de diverse winkels en ervaren de winkelstraten het liefst als een aantrekkelijke en leefbare omgeving. De gedeelde focus op veiligheid, economische ontwikkeling en leefbaarheid verbindt zowel de bewoners als de bezoekers in hun streven naar een positieve en aangename winkelervaring.
•
Pers. De pers is cruciaal bij de aanpak van de winkelstraten vanwege de rol in het verspreiden van informatie, het vergroten van publieke bewustwording, het opbouwen van een positief imago, het betrekken van belanghebbenden en het promoten van evenementen. Het helpt bij het creëren van een positieve perceptie, het vergroten van betrokkenheid en het stimuleren van activiteiten die de winkelstraat bevorderen.
Uiteraard kunnen gedurende de loop van de participatie nieuwe inzichten ontstaan over wie belanghebbend is. Daartoe dient de gemeente rekening te houden.
5
Participatieplan
Invloed Trap van eigenaarschap van Haags Samenspel
Den Haag staat voor een enorme ontwikkelopgave die impact heeft op de stad. Het is een maatschappelijke opgave waarin steeds zoek wordt gegaan naar een balans tussen (beleids-)ambities en inpassing hiervan in de stad, en tussen de belangen van de zichtbare betrokkenen. Participatie staat centraal in de uitvoering van deze ontwikkelopgave; het is een samenspel tussen bewoners, ondernemers, private initiatiefnemers en de gemeente. De gemeente en het programma Haags Samenspel hebben daarom onder andere de participatieverordening samengesteld, een Haags participatiekompas en participatie gids, met daarbij het gebruik van de trap van eigenaarschap. Met behulp van de ‘Trap van eigenaarschap’ is een verdere uitwerking gemaakt van de invloed die belanghebbenden in dit programma hebben. Dit zijn een vijftal niveaus van invloed die hieronder worden toegelicht. Dit betekent ook dat voorgestelde ideeën en input bijvoorbeeld zorgvuldig bekeken wordt door de gemeente en duidelijk gecommuniceerd wordt waarom bepaalde ideeën wel of niet worden gekozen. Om de verwachtingen en het vertrouwen te waarborgen, is het essentieel om vooraf duidelijke grenzen te stellen aan de participatie bij zowel de belanghebbenden als de gemeente. Op hoofdlijnen hebben belanghebbenden op de verschillende thema’s en programmalijnen de volgende invloed:
6
Participatieplan
Hieronder volgt een uitwerking per trede met meer uitleg waar de rol van belanghebbenden en gemeente wordt verwacht, met bepaalde participatiemomenten en werkvormen als voorbeeld: Rol van de omgeving
Vraag van de gemeente
Regievoeren
(Mee-)beslissen
Mogelijke werkvormen per trap
De gemeente legt binnen een vooraf aangegeven kader de verantwoordelijkheid voor het doordenken van een aanpak en de uitvoering van een plan binnen het programma, of het maken van een bindende keuzes tussen tenminste twee alternatieven in handen van anderen. Zij draagt met andere woorden de beslissingsbevoegdheid over aan belanghebbenden en voegt zich naar de uitkomsten van het proces. •
In co-creatie met de gemeente worden er specifieke pilots georganiseerd waar ondernemers en vastgoedeigenaren de fysieke uitstraling verbeteren (reclame-uiting, etaleren en pandonderhoud en verduurzaming).
•
•
•
Meewerken
Stelt samen met de deelnemers het kader op voor de wijze waarop deelnemers en gemeente samen de behaalde resultaten en effecten van het programma monitoren, daarop reflecteren en mogelijke suggesties doen voor het verbeteren van het programma en de samenwerkingsstructuur Zorgt voor onafhankelijke procesbegeleiding in het opstellen van het kader Draagt beslissingsbevoegdheid over en voegt zich naar de uitkomsten van het proces
Placemaking Burgerjury of “ondernemersjury”
Coproduceren
In gezamenlijk overleg ontwikkelen gemeente en deelnemers oplossingen voor (onderdelen van) het plan. Partijen trekken samen op, binnen inhoudelijke kaders die de gemeente vooraf vaststelt en deelt. Achteraf wordt op deze kaders getoetst, met respect voor de gemaakte keuzes van de deelnemende groep. De rol van de deelnemers is samenwerkingspartner. De rol van de gemeente is kadersteller vooraf en toetser achteraf.
7
Participatieplan
•
•
•
•
• Gezamenlijk wordt er een visie voor het gewenste imago en positionering uitgewerkt. • Idealiter werken belanghebbenden advies en oplossingen uit om structurele organisatie en publiek-private • samenwerking te versterken. Belanghebbenden in het gebied hebben het zelforganiserend vermogen om passende evenementen en sfeerverlichting te organiseren. Een keer per jaar wordt gelegenheid geboden om voorstellen voor eigen initiatieven in te dienen. Dit geeft dan ook ruimte om met hele nieuwe ideeën bij te dragen aan het programma.
Meedenken
Gemeente stelt de financiële, procesmatige en inhoudelijke kaders vooraf op en toetst hier tussentijds en (waar nodig) achteraf op Zorgt voor passende expertise (bijvoorbeeld gebiedsmarketing, bij vraagstukken waaraan wordt gewerkt, aanvullend op onafhankelijke procesbegeleiding Tijdens het proces kan de gemeente ook een faciliterende rol spelen
“Visie bijeenkomst’ Placemaking Stadslab
Adviseren
De gemeente bepaalt de agenda, stelt inhoudelijke en proceskaders op, en vraagt deelnemers om advies. Wat is hun antwoord op een vraag die de gemeente vooraf heeft geformuleerd? De rol van de deelnemers is die van adviseur. Zij kunnen problemen en oplossingen aandragen en met voorstellen komen. Alle ideeën spelen een volwaardige rol in het vormgeven van het plan en worden meegewogen. De gemeente informeert alle betrokkenen over het besluit. •
Belanghebbenden worden op verschillende fases uitgenodigd om mee te denken, bijvoorbeeld over onderdelen van het programmaplan en participatieplan.
Creatieve competities Duurzame ontmoeting Peer to peer gesprekken World Cafe sessie Inspiratiesessie/ markt
Mening geven
Raadplegen
8
Participatieplan
De gemeente bepaalt de agenda, bepaalt de kaders en stelt de plannen op. Deelnemers zijn uitgenodigd om op onderdelen van een opgave of aanpak hun mening te geven. Zij hebben de rol van geconsulteerde. Belangstellenden brengen ideeën, wensen en meningen naar voren die bij de beleidsvorming worden betrokken. De input die zij geven is niet bindend. Wat betekent dat het niet zeker is of die reacties worden overgenomen. Na ontvangst van alle input weegt de plannenmaker ieders inbreng en volgt een besluit. Belanghebbenden worden van dit besluit op de hoogte gebracht.
•
•
Belanghebbenden worden • op verschillende momenten om hun mening gevraagd, als onderdeel van een participatieaanpak of als los onderdeel op een bepaald onderwerp. Inhoudelijk meepraten over de invulling van passende gebiedsentrees.
Aanhoren
Gemeente nodigt belanghebbenden uit voor één-op-één gesprekken om het participatieontwerp te valideren
Straat gesprekken en wijkwandelingen Peiling (online of fysiek) Klankbordgroep
Informeren (geen participatie)
Informeren is geen participatie maar hoort wel bij ieder participatietraject. Kennisdeling, informatieverstrekking en communicatie zijn belangrijk voor het laten slagen van een participatieproces. De trede “informeren” hoort om die reden altijd mee te worden genomen. In deze situatie heeft de gemeente de regie in eigen hand: zij bepaalt zelf de agenda, de aanpak, wijze van uitvoering en besluitvorming. Als projectleider houd je bewoners, ondernemers, organisaties, belangengroepen, enzovoorts op de hoogte met informatie op een website of brief aan huis. De deelnemers hebben geen formele positie en zijn afhankelijk van goede informatievoorziening: hun rol is die van toehoorder. •
•
Belanghebbenden worden regelmatig over verschillenden aspecten van het programma op de hoogte gehouden en geïnformeerd. Bijvoorbeeld over vergunningaanvragen, digitaal vaardig worden en terugkoppeling van participatiemomenten. Per kwartaal worden belanghebbenden geïnformeerd over de voortgang van het programma en verwachte participatiemomenten
•
•
•
•
Gemeente organiseert meerdere evenementen voor (potentiële) deelnemers aan de start van het participatieproces die aansluiten bij de behoeften van deze deelnemers Deelt de beoordelingen van gemeentelijke vakspecialisten op de haalbaarheid van ingediende plannen van deelnemers Gemeente organiseert evenement(en) en deelt daar mede welke planindieners een bedrag krijgen om hun plan uit te voeren Gemeente informeert over wijzigingen t.a.v. bestemmingsplannen in het gebied, beheermaatregelen in de openbare ruimte en resultaten van aanpak ondermijning
9
Informatiebijeenkom sten en jaarlijkse iftar bijeenkomst Training digitale vaardigheden en digitaal ondernemersplatform Chainels Andere communicatiemidde len: bv nieuwsbrief, huis aan huis brieven, lokale media, online platform, flyers, posters, verslagen van bijeenkomsten.
Participatieplan
2. Participatieanalyse De participatieanalyse beschrijft met welke factoren en behoeften rekening wordt gehouden.
Voorgeschiedenis Algemene voorgeschiedenis Schilderswijk en Transvaal hebben een geschiedenis van vele projecten en momenteel lopen er meer dan 58 projecten in het gebied. Een voorbeeld is de herinrichting Hobbemaplein, waar mensen in dit gebied aan meedoen. In dit project was op een bepaald moment onduidelijkheid over waar men invloed op mocht uitoefenen, speelde het gevoel dat de gemeentelijke plannen al vaststonden voordat er geparticipeerd werd, en dat bepaalde belangengroepen niet of onvoldoende uitgenodigd om deel te nemen. Daarnaast werden opbrengsten en besluiten naar aanleiding van de participatie achteraf soms in twijfel getrokken. Door de vele projecten die er geïmplementeerd zijn en worden en momenten dat het soms beter kon heeft bijgedragen aan een algemeen gevoel van participatie moeheid en gebrek aan vertrouwen. Alhoewel belanghebbenden over het algemeen dit programma positief waarderen, is het alsnog belangrijk om rekening te houden met de voorgeschiedenis van deze wijken en te leren van de geleerde lessen zo ver dat dit het programma aangaat. Om deze reden zijn bij de verdere uitwerking van het participatieproces de enkele uitgangspunten opgenomen.
Voorgeschiedenis van het programma Na de vorming van het nieuwe college en hun coalitieakkoord, heeft de gemeente Den Haag in december 2023 twee bijeenkomsten georganiseerd met als doel input voor het op te stellen programma op te halen bij de ondernemers uit de winkelstraten uit de hoofdwinkelstructuur1. Bijeenkomst december - foto Frank Jansen
1 Deelname tijdens sessies: 11 december - gemeente Den Haag, wethouder, ondernemersberaad Haags Veen, MKB Den Haag
en circa 20 ondernemers;13 december - gemeente Den Haag, wethouder, ondernemersberaad Haags Veen, MKB Den Haag en circa 50 ondernemers.
10
Participatieplan
In maart 2024 is er een iftar bijeenkomst geweest als contactmoment voor alle stakeholders en om de voortgang en ontwikkeling van het programma toe te lichten. In juli 2024 zijn er nogmaals twee bijeenkomsten georganiseerd om het conceptprogramma te presenteren en bij een groep belanghebbenden te toetsen over de prioritering van de programmalijnen2. Om belanghebbenden structureel te blijven betrekken bij de uitvoering van het programma en om de samenwerking te versterken, wordt er een participatiekader met bijbehorende participatietrajecten opgezet. Voorbeeld opbrengsten bijeenkomsten in juli
Omgevingssituatie Naast het programma ‘Versterken ondernemersklimaat Transvaal en Schilderswijk lopen er 58 andere projecten (geïnitieerd door de gemeente of ander spelers) in het gebied.3 Dit betekend dat er al veel gevraagd wordt van belanghebbenden in de wijken. En dat afstemming nodig is met andere projectteams om efficiënt participatietrajecten uit te voeren. De rol van de gemeente in dit programma op elk onderwerp en participatie-initiatief moet helder zijn en goed gecommuniceerd worden. Daarvoor is het van belang dat er interne afstemming en regelmatig overleg plaatsvindt, om overvraging en dubbele -en overmatige communicatie te voorkomen. Dit is als uitgangspunt ‘Samenhang’ opgenomen bij de verdere uitwerking van het participatieontwerp. Deze veelheid aan projecten en de uiteenlopende belangen van eerdergenoemde deelnemers in dit gebied maken de omgevingssituatie complex van aard. Dat betekent dat het vooraf moeilijk — al dan niet onmogelijk — is te voorspellen wat het precieze effect van dit participatieontwerp op de omgeving zal zijn. Er zullen bedoelde, maar ook onbedoelde effecten zijn. Dat vraagt een open en lerende houding van gemeente en deelnemers in dit participatieproces en het in kaart brengen van andere trajecten, zoals benoemd in de uitgangspunten ‘Leren door te doen' en ‘Weten wat er speelt’ uit het Haags Participatiekompas4.
2 Deelname tijdens sessies: ochtend - 19 belanghebbenden (vastgoedeigenaar, ambtenaren, partners uit het gebied,
ondernemers); middag - 21 belanghebbenden (vastgoedeigenaren, ambtenaren, partners uit het gebied, ondernemers) 3 Zie bijvoorbeeld https://denhaag.raadsinformatie.nl/document/11280004/1/
RIS311778_Bijlage_1_Participatiestrategie_Mob_TSW7 4 Haags participatiekompas https://denhaag.raadsinformatie.nl/document/10861913/1/RIS310732_bijlage_3
11
Participatieplan
Informatiebehoefte De informatie die gedeeld wordt binnen het programma gaat met name over: • • • • •
•
Wat het programma, waar deze participatie onderdeel van is, behelst. Waar (potentiële) deelnemers wel en geen invloed op kunnen uitoefenen. Waarom ingediende plannen van deelnemers wel of niet haalbaar zijn en een vertaling van de belangrijke kaders Opbrengsten van de bijeenkomsten en afspraken die (gezamenlijk) gemaakt worden Hoe en door wie er op behaalde resultaten en effecten wordt gereflecteerd, welke conclusies daaruit voortvloeien, en wat dat betekent voor de samenwerking tussen gemeente en deelnemers en de voortgang van het programma Informatie wordt op een begrijpelijke manier en door middel van de inzet van verschillende middelen tijdig en continu verspreid onder alle belanghebbenden (zowel individuele ondernemers als belangengroepen)
Participatiebehoefte Participatiebehoeftes die tot nu toe geïdentificeerd zijn: •
Ondersteuning is nodig in het versterken van digitale vaardigheden en het gebruik van makkelijke taal en/of vertalingen om rekening te houden met taalbarrières
•
Persoonlijk en direct contact door fysiek aanwezig te zijn in de wijken
•
Overvraging voorkomen een aansluiten bij wellicht bestaande bijeenkomsten of participatieinitiatieven van al bestaande gemeentelijke projecten, waar relevant en passend. Daarnaast wordt er naar een integrale aanpak gestreefd waarin dit programma leidend gaat zijn.
•
Gebruik van verschillende werkvormen om iedereen te kunnen betrekken
•
Inzet van een klankbordgroep met een diverse afspiegeling die regelmatig adviseert en toetst
•
Inzet van zowel persoonlijke en digitale middelen. Alhoewel een digitaal platform en/of website makkelijke en heldere vormen zijn, moeten er daarnaast ook andere vormen bestaan
De informatiebehoefte en participatiebehoefte zal tijdens de validatie met enkele belanghebbenden verder gevalideerd worden. Ook wordt er geanticipeerd op voortschrijdend inzicht en mogelijke nieuwe deelprojecten die zich aandoen.
12
Participatieplan
3. Participatieontwerp Het participatieontwerp beschrijft op welke manier en op welke momenten deelnemers kunnen meedoen.
Aandachtspunten Op basis van de zes uitgangspunten uit het Haags Participatiekompas en de gemaakte participatieanalyse uit het vorige hoofdstuk zijn de onderstaande (op het Haags Participatiekompas aanvullende) aandachtspunten geïdentificeerd. Dit zijn uitgangspunten voor de uitwerking van het participatieontwerp, verderop in dit hoofdstuk. •
Samen investeren. Zoals eerder geconstateerd in de participatieanalyse is het vertrouwen in participatietrajecten in dit gebied over het algemeen laag. Om dit vertrouwen in de gemeente en ook de betrokkenheid bij de participatie te versterken, vraagt dit bij de start van de participatie dat de gemeente concreet haar welwillendheid tot samenwerken toont en dat er rekening wordt gehouden met de belangen en behoeftes van ondernemers. Dit kan bijvoorbeeld placemaking zijn zodat er in de wijk direct verandering zichtbaar is of tijdens straatgesprekken ook profielen schetsen zodat ondernemers hun producten en diensten kunnen promoten (zodat de what’s in it for me ook vervuld kan worden).
•
Samenhang. De participatie vraagt om samenhang vanuit een gezamenlijk toekomstbeeld dat als inspirerend kader dient voor initiatieven en projecten om het gebied te verbeteren. Het moet onderlinge verdeling voorkomen, de aandacht gelijkwaardig naar alle winkelstraten verdelen en uitmonden in een imago en een positionering waarvan uit gecommuniceerd kan worden over behaalde resultaten en effecten. Daarnaast is samenhang nodig met andere lopende projecten en initiatieven in het gebied, om bijvoorbeeld dubbel werk of onduidelijkheid te voorkomen.
•
Ruimte voor initiatief. De participatie dient ertoe bij te dragen dat belanghebbenden in het gebied ruimte voelen om zelf plannen en initiatieven te ontplooien die bijdragen aan het verbeteren van het gebied. Dit vraagt van de gemeente dat zij die ruimte creëert, bijvoorbeeld door duidelijk aan te geven wat mogelijk is en (hulp)middelen beschikbaar te stellen.
•
Resultaten vieren. Om te werken aan meer vertrouwen en meer betrokkenheid in het gebied, is het zichtbaar maken van resultaten en effecten belangrijk. Het is belangrijk om te werken met laaghangend fruit. Denk bijvoorbeeld aan een persmoment wanneer de nieuwe gebiedsentrees klaar zijn in de lokale mediakanalen aldaar.
•
Inclusief. Er zijn veel verschillende belanghebbenden in het gebied, waarvan enkelen goed vertegenwoordigd zijn in projecten die in dit gebied spelen. Deze belanghebbenden worden uiteraard hier ook betrokken, waar de gemeente opmerkt ook ruimte te willen bieden voor belanghebbenden die zich minder snel uitspreken. Dit kan bijvoorbeeld gedaan worden met een mix van fysieke en digitale methoden, zoals persoonlijke deur-aan-deur-bezoeken, bestaande communicatiekanalen in het gebied (denk aan o.a. wijkmedia, nieuwsbrieven van bewonersorganisaties, e.d.), maar ook door te communiceren in makkelijke taal, het inzetten van tolken, bijeenkomsten te organiseren op plekken die toegankelijk zijn voor mindervaliden, alsmede makkelijke en snelle participatie -en communicatiemiddelen zoals het gebruik van het ondernemersplatform Chainels (in diverse talen) en participatieplatform OpenStad voor stakeholders die veelal beperkt tijd hebben.
13
Participatieplan
•
Adaptieve participatie. Doordat er nu nog niet op alle onderdelen de plannen precies bekend zijn en er ruimte gecreëerd wordt om samen ideeën daarover te laten ontstaan wordt er een adaptieve aanpak gehanteerd. Dit houdt in dat er regelmatig wordt gereflecteerd met belanghebbenden over hoe het gaat en wat wellicht anders kan. Daarnaast, is het belangrijk om het programma en de participatieaanpak te valideren bij belanghebbenden waar het om gaat. Dit is deels al gedaan door het organiseren van verschillende bijeenkomsten om het programme en de ontwikkeling te peilen onder belanghebbenden. Onderdelen van het participatieplan, zoals een check op behoeften, voorgestelde werkvormen voor deelname, communicatiemiddelen, zullen dit najaar nog gevalideerd worden.
Aanspreekpunt Momenteel is er een bedrijfsfunctionaris aangesteld die in contact staat met ondernemers. Door de diversiteit van belanghebbenden in het gebied is het noodzakelijk om een ‘verbinder’ in te zetten. Daarnaast is het belangrijk om helder te communiceren waar mensen precies terecht kunnen voor vragen. Behoefte en ideeën voor een aanspreekpunt worden momenteel getoetst en tevens nagevraagd bij een aantal belanghebbenden uit het projectgebied tijdens de validatie.
Tijdlijn Het programma ‘Versterken ondernemersklimaat Transvaal en Schilderswijk’ kent zeven programmalijnen. Voor het overzicht richting de deelnemers, zeker omdat er vele andere projecten in het gebied lopen, wordt er één participatieproces georganiseerd. De zeven programmalijnen hebben hier een plek in. Op hoofdlijnen is dit de voorgestelde tijdslijn en is niet altijd van toepassing op specifieke deelprojecten.
Fase
Fasetitel
Faseomschrijving
Invloed deelnemers
1
Valideren
Het participatieontwerp wordt Mening geven getoetst bij belanghebbenden in het gebied, waarna de feedback verwerkt wordt in de verschillende fases.
Oktober 2024
2
Opstart implementatie
De gemeente organiseert diverse momenten ten gunste van belanghebbenden in het gebied om het programma en de bijbehorende participatie onder de aandacht te brengen en het vertrouwen, nieuwe sociale relaties en de betrokkenheid in het gebied aan te boren; hiervoor wordt ook een participatiewebsite opgezet
1 november 2024 – 28 februari 2025
14
Aanhoren
Datum
Participatieplan
Procesbegeleidingsgroep en Regievoeren gemeente komen samen om de wijze van samenwerken af te stemmen en tot een opzet voor het gezamenlijk bekijken van behaalde resultaten en effecten in het programma, de reflectie en conclusies daarop tijdens de duur van het programma Gezamenlijk komen tot een visie voor de positionering en imago voor het gebied. Bv doormiddel van een ‘visie bijeenkomst’ en straatpeiling.
Regievoeren en mening geven
Het door deelnemers laten initiëren — met facilitatie van de gemeente — van gebiedsmarketing voor (deel)gebied(en)
Regievoeren
3
Plannen indienen
Belanghebbenden kunnen via Meewerken participatiewebsite hun gedragen initiatieven voor deelprojecten indienen op één of meerdere van de vier collectieve thema’s waar zij budget (voorgesteld totaalbudget voor plannen is 1 miljoen) voor kunnen krijgen: • Uitstraling van openbare ruimte • Uitstraling van meerdere panden • Evenementen • Gebiedsentrees
3 maart 2025 – 13 april 2025
4
Gemeente beoordeelt plannen
De gemeente doet een haalbaarheidscheck op alle ingediende initiatieven met voldoende steun en maakt op 2 juni via de website de haalbare plannen bekend
Aanhoren
14 april 2025 – 2 juni 2025
5
Stemmen op plannen
Op verschillende fysieke en digitale plekken kunnen mensen in het gebied stemmen op hun favoriete deel initiatieven.
Regievoeren
3 juni 2025 – 22 juni 2025
6
Vieren met winnaars
Gemeente organiseert evenement(en) op één of meerdere plekken in het gebied waar zij de winnende initiatieven bekendmaakt
Aanhoren
5 juli 2025
15
Participatieplan
7
Uitvoeren winnende plannen
Winnende initiatieven worden Regievoeren door indieners (en ingehuurde derden) uitgevoerd
Zomervakantie 8
Tussentijds reflecteren
Juli 2025 – Juli 2026 19 juli 2025 – 31 augustus 2025
Gemeente en deelnemers Regievoeren bekijken samen tussentijds de behaalde resultaten en effecten van het programma en de participatie, reflecteren hier gezamenlijk op, en trekt hieruit gezamenlijk conclusies voor de toekomstige structuur van het programma
Oktober 2025 – Juli 2026
Voorlopige uitwerking van de fases tot en met stap 2:
1. Valideren Participatieontwerp toetsen en aanscherpen
Oktober 2024
Invloed: Raadplegen Resultaat
Participatiemiddelen
Het participatieontwerp wordt getoetst bij (belangrijke) belanghebbenden in het gebied, waarna de feedback verwerkt wordt in de verschillende fases van het bestaande participatieproces. •
Één-op-één gesprekken met belanghebbenden nav voorkeur deelnemers bijeenkomst 3/7.
Communicatiemiddelen E-mail, telefoon, fysiek langsgaan bij belanghebbenden
2. Opstart implementatie 1 november 2024 – 28
Zorgen dat vertrouwen en betrokkenheid
februari 2025
Invloed: Aanhoren, regievoeren, meewerken en mening geven
16
Participatieplan
Resultaat
•
•
•
•
Participatiemiddelen
Communicatiemiddelen • •
• •
De gemeente organiseert diverse momenten ten gunste van belanghebbenden in het gebied om het programma en de bijbehorende participatie onder de aandacht te brengen en het vertrouwen, nieuwe sociale relaties en de betrokkenheid in het gebied aan te boren; hiervoor wordt ook een participatiewebsite opgezet. Procesbegeleidingsgroep en gemeente komen samen tot een opzet voor het gezamenlijk bekijken van behaalde resultaten en effecten in het programma, de reflectie en conclusies daarop tijdens de duur van het programma Gezamenlijk komen tot een visie voor de positionering en imago voor het gebied. Bv doormiddel van een ‘visie bijeenkomst’ en straatpeiling. Het door deelnemers laten initiëren — met facilitatie van de gemeente — van gebiedsmarketing voor (deel)gebied(en) •
Drie ontwerpbijeenkomsten om te komen tot een imago en positionering
•
Twee ontwerpbijeenkomsten om de samenwerking vorm te geven tussen gemeente en belanghebbenden in het gebied
•
Straatpeiling om input te verzamelen voor ontwerp van imago en positionering
Uitgewerkte gebiedsmarketing-uitingen Evenementen en activiteiten waar belanghebbenden enthousiast van worden, zoals masterclasses van bekende ondernemers voor de lokale ondernemers, video’s waarin ondernemers hun bedrijf pitchen via social media, lokale conferentie over vastgoed met leuk programma en engagerende sprekers Chainels om opstart aan te kondigen Social media om opstart aan te kondigen en video’s te delen van ondernemers
17