RIS320694 Afdoening motie Parkeerbedrijf voor de stad Zuidwest
Tekst van het document
Typ tekstTyp tekstTyp tekst
dienst: dienstcode
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
DSO/10847382 RIS320694 Aan de gemeenteraad
Contactpersoon
Bas Ligthart Dienst
Dienst Stedelijke Ontwikkeling Afdeling Datum
DSO Mobiliteit
18 december 2025
Telefoonnummer
14070 Onderwerp
E-mailadres
Afdoening motie: ‘Parkeerbedrijf voor de stad Zuidwest’
bas.ligthart@denhaag.nl
Uw raad heeft, tijdens de bespreking van het voorstel inzake ‘Vaststelling bestemmingsplan Dreven 1’ (RIS320058) op 28 november 2024, de door raadslid de heer Martini ingediende motie: ‘Parkeerbedrijf voor de stad Zuidwest’ (RIS320694) aangenomen. Hierbij informeert het college de raad over de afdoening van de motie. De motie luidt als volgt: Overwegende, dat: veel bouwplannen in Zuidwest niet of vertraagd in uitvoering komen; die vertraging regelmatig ontstaat doordat er onhelderheid bestaat over de (HRN) voorzieningen, de invulling van de plinten en in het bijzonder het parkeren en de mobiliteitstransitie; de komende 15 a 20 jaar in de stad Zuidwest een proces aan de gang is van ingrijpende, grootschalige nieuwbouw en herstructurering; de stedelijke normen onvoldoende geschikt zijn om in ontwikkelingsgebieden het bouwproces te faciliteren; per NvU, PUK, of bouwplan onvoldoende rekening wordt gehouden met het autobezit van de bewoners; de mobiliteitstransitie parkeerregulering nodig maakt terwijl er tegelijkertijd in de plannen parkeerregulering nog onbekend is.
Constaterende, dat: de normen voor het parkeren, de exploitatie en de mobiliteitstransitie een guillotine vormen voor het bouwen; dit een ernstige belemmering vormt voor het oplossen van de woningnood/woningcrisis; de exploitatie van de parkeer/mobiliteitsvoorzieningen slechts voor de korte termijn (5 jaar) geregeld is; de gemeentelijke normen m.b.t. parkeren en mobiliteitstransitie onvoldoende rekening houden met het bouwtempo in het ontwikkelgebied Zuidwest en de looptijd van de structuurvisie Zuidwest; de stedelijke normering voor parkeren, mobiliteit, hubs, deelvervoer toe te gaan passen op het moment dat de structuurvisie is afgerond.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10847382’
Draagt het college op: een toegesneden integraal parkeerregiem te ontwikkelen voor het ontwikkelgebied Zuidwest; een gemeentelijk parkeerbedrijf op te richten dat voor 20 jaar (looptijd van de structuurvisie Zuidwest) de realisatie en exploitatie alle parkeervoorzieningen ter hand neemt waarbij uitgangspunt is het autogebruik van de huidige bewoners. Het college doet de motie op de volgende manier af: 1. Toegesneden parkeerregime voor Zuidwest Het college werkt al enige tijd aan een integraal, toekomstgericht en gebied specifiek parkeerbeleid voor Zuidwest. Daarbij wordt de groei van de wijk aan duidelijke keuzes in de woningbouw, de kwaliteit van de leefomgeving en de bereikbaarheid gekoppeld. Onderdeel hiervan is dat stapsgewijs parkeerregulering wordt ingevoerd. Deze stapsgewijze invoering maakt het mogelijk om per fase te monitoren welke effecten veranderingen in woningbouw en bevolkingssamenstelling hebben op de parkeervraag en de leefbaarheid. Dit maakt tijdig bijsturen mogelijk.
Het integrale beleid voor parkeren, bereikbaarheid en de specifieke ontwikkelopgaven in Zuidwest is vastgelegd in onder andere de Parkeerstrategie 2021-2030 (RIS319383), de Strategie Mobiliteitstransitie 2022-2040 (RIS310664), de Strategie Deelmobiliteit 2030 (RIS319377), de Structuurvisie Zuidwest 2040 (RIS315261) en de verschillende bestemmingsplannen, Nota's van Uitgangspunten (NvU’s) en Planuitwerking kaders (PUK’s). Daarmee ligt er een compleet beleidskader dat richting geeft aan de invoering van parkeerregulering in dit gebied. Deze beleidsdocumenten bieden zowel inhoudelijke uitgangspunten (zoals parkeernormen en deelmobiliteitsdoelstellingen) als instrumenten (zoals juridische kaders en financiële verantwoording) om beslissingen te nemen en te verantwoorden richting bewoners en de raad. Een parkeerregime bestaat uit de regels voor parkeertarieven, venstertijden en vergunningsvoorwaarden. Het college streeft naar een beperkt aantal heldere en eenduidige parkeerregimes voor de hele stad. In Zuidwest wordt per buurt bepaald welk regime het beste aansluit op de lokale situatie. Bewoners worden op diverse manieren geïnformeerd en betrokken. In een participatietraject wordt besproken wat de ervaringen zijn met het parkeren in de eigen wijk en welke wijze van parkeren het beste hierbij past. Hierna wordt het zgn.
plaatsen-en-tijdenbesluit genomen, altijd enkele maanden voor de invoering, waarbij ook rekening wordt houden met het effect op de omliggende deelgebieden. In Zuidwest heeft het college de afgelopen jaren ingezet op het invoeren van parkeerregulering op de plekken waar verdichting plaatsvindt. Het merendeel van het gebied is inmiddels gereguleerd. Alleen de Uithof moet nog volgen, naar verwachting na 2026. De regimekeuzes zijn per buurt tot stand gekomen op basis van participatie, zoals hierboven is aangegeven, en een afweging van belangen. In veel gebieden geldt het venster 18.00–24.00 uur. Zo’n 12 maanden na invoering worden deze venstertijden geëvalueerd en zo nodig aangepast. Hierbij wordt onder meer gekeken naar wanneer nieuwe bouwprojecten worden opgeleverd, of de parkeersituatie verandert, de meldingen over parkeeroverlast en de klachten over bereikbaarheid van hulpdiensten. De volgorde en data van invoering is: 1 februari 2021 – Moerwijk-Noord 1 december 2023 – Moerwijk-Oost 1 juli 2024 – Moerwijk-Zuid en Moerwijk-West 1 juni 2025 – Morgenstond 1 november 2025 – Bouwlust & Vrederust
2/5
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10847382’
Tot slot heeft het college specifiek aandacht voor bewoners die na sloop/nieuwbouw terugkeren in Zuidwest. Onderzocht wordt waar (financiële) knelpunten ontstaan en waar maatwerk noodzakelijk en mogelijk is. 2. Naar een gemeentelijk parkeerbedrijf Zoals de raad terecht in de motie aangeeft, raakt parkeren het publiek belang, de exploitatie, de procesinrichting, de financiën en het risicomanagement. Ter oriëntatie zijn in het afgelopen jaar diverse gesprekken gevoerd met en is het op werkbezoek geweest bij een aantal andere steden: Delft, Utrecht, Rotterdam, Tilburg en Zwolle. Daarnaast is er ook aan een in dit soort vraagstukken gespecialiseerd extern bureau verzocht om een onderzoek uit te voeren. Het resultaat van dat onderzoek is te vinden in de bijgevoegde rapportage 'Haagse garages' van bureau Nine Square. Uit de gevoerde gesprekken en het onderzoek blijkt dat verschillende scenario’s mogelijk zijn. Van volledige uitbesteding aan de markt tot alles in eigen hand organiseren. Voor het college is het belangrijk om optimaal te kunnen sturen op tarieven, kwalitatieve leefomgeving en effectieve en efficiënte parkeervoorzieningen in schaarse ruimte. Dit bepaalt hoe de regie van de gemeente het beste kan worden georganiseerd. Op basis van het onderzoek meent het college dat het dit het beste kan worden gedaan via het oprichten van een parkeerbedrijf.
Het college denkt dat het goed is om in dat geval te gaan voor één gemeentelijk parkeerbedrijf voor heel Den Haag, en niet alleen voor Zuidwest. Het college concludeert uit de onderzoeken dat de gemeente efficiënter kan werken, zorgvuldiger kan sturen en kan zorgen voor meer samenhang en betrouwbaarheid in beleid en uitvoering door de hele parkeerketen bij elkaar te organiseren in één bedrijf. Ook meent het college dat een sterk parkeerbedrijf de gemeente verder helpt om in de gebiedsontwikkelingen effectief te sturen op het parkeervastgoed, op het gebruik van schaarse ruimte en op de tarieven. Stevige gemeentelijke regie is immers cruciaal, zeker in een verdichtende stad waar elke vierkante meter telt. Een parkeerbedrijf kan ook een belangrijke rol spelen bij de wijze van aansturing en regie van de mobiliteitshubs in onze gebiedsontwikkelingen die worden ingezet om in de schaarse ruimte in de parkeerbehoefte te voorzien. Daarom wil het college de optie van een gemeentelijk bedrijf verder uitwerken, zodat er voor de zomer besluitvorming over kan plaats vinden. In deze uitwerking zal vooral ook worden gekeken naar de invulling van de in het onderzoek van Nine Square genoemde rollen: Beleidsmaker en eigenaar van de openbare ruimte. Deze rol is sturend en bepalend in de exploitatiemogelijkheden van ieder parkeerbedrijf. Deze rol voert de gemeente zelf al uit.
Immers, de gemeente bepaalt het mobiliteitsbeleid, de parkeernormen, het deelmobiliteitsbeleid en de kwaliteit van de leefomgeving etc. Belangrijk is dat we dit (blijven) koppelen aan de doelstellingen met parkeervastgoed in buurten en wijken. Denk hierbij aan keuzes over parkeertarieven, venstertijden en de hoeveelheid straatparkeerplekken. Die keuzes hebben directe invloed op de mate waarin mobiliteitshubs nodig en haalbaar zijn. Eigenaar. Deze rol is voorwaardelijk voor de instandhouding van parkeervoorzieningen en bepaalt daarvan de financiële huishouding. Het college vindt het van groot belang dat het parkeervastgoed in gemeentelijke handen blijft, omdat de betaalbaarheid voor de gebruiker op langere termijn zo beter geborgd kan worden. Daarom wil het college investeren in de hubs in Zuidwest, de Binckhorst en het CID. De investeringsbesluiten voor de hubs Binckpark en Dreven 1D worden tegelijkertijd ter besluitvorming aan u voorgelegd.
3/5
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10847382’
Als eigenaar van het parkeervastgoed zou de gemeente effectiever kunnen sturen op de gecombineerde hubs met diverse dienstverlenende functies voor meerdere doelgroepen, waardoor we eventueel met minder parkeerplaatsen toe kunnen. Ook zou beter regie kunnen worden gevoerd op de schaarse ruimte en de tarieven voor bewoners. Exploitant. Deze rol bepaalt feitelijk de tarieven en de doelgroepen. Deze rol omvat het bepalen van de tarieven, het aanbieden van abonnementen en het dragen van omzetrisico’s. Dat geeft slagkracht, maar brengt ook risico’s met zich mee. Commerciële exploitanten hebben een winstdoel, de gemeente heeft dat niet. Een gemeentelijke exploitatierol zonder eigendom is echter onwenselijk omdat wel risico’s worden gedragen zonder zekerheid over de huurprijzen. Het college overweegt daarom om de exploitatie van de hubs en de stallingsgarages zelf ter hand te nemen. De gemeente moet zich rekenschap geven van de Wet Markt en Overheid en dat bepaalt de ruimte om parkeertarieven vast te stellen. Tegelijkertijd wil het college scherper inzicht hebben in de financiële risico’s, de beheersmaatregelen en de eisen die deze rol stelt aan het op te richten parkeerbedrijf. Beheerder.
Deze rol is verantwoordelijk voor de operationele gang van zaken in parkeervoorzieningen De beheerdersrol is een uitvoerende rol, gericht op het dagelijks functioneren van garages, onderhoud en installaties. Hierbij kan gedacht worden aan taken, zoals: slagbomen, kaartautomaten, verlichting en schoonmaak. Het lijkt kostenefficiënt om deze taken uit te besteden, maar dit wordt nog nader uitgewerkt. 3. Mobiliteitshubs Mobiliteitshubs zijn essentieel voor het slagen van een gebiedsontwikkeling. Door parkeren en deelmobiliteit gebiedsgericht te organiseren, worden schaalvoordelen gerealiseerd en kunnen efficiënte mobiliteitsoplossingen worden geboden. Hubs helpen om de parkeeropgave van een gebied goed te organiseren, dragen bij aan het dubbelgebruik van de schaarse parkeerruimte (en dat is gunstig voor de tarieven) en versterken de kwaliteit van de openbare ruimte. De uitgangspunten voor mobiliteitshubs en centrale parkeervoorzieningen zijn: • Mobiliteitshubs en centrale voorzieningen zijn noodzakelijk voor de woningbouw en andere stedelijke functies. • Zij dragen efficiënt bij aan de parkeeropgave, met aandacht voor het dubbelgebruik en leveren een positieve bijdrage aan de openbare ruimte. • Zij ondersteunen een coherent, doelgroepgericht en deelmobiliteitsaanbod met betrouwbare tarieven.
• Waar mogelijk integreren zij aanvullende functies zoals logistiek, bedrijfsruimte, energievoorziening of maatschappelijke voorzieningen. • Met de tarieven wordt op het gebruik van de schaarse openbare ruimte gestuurd. • De hubs bieden parkeerplaatsen, met ruimte voor tariefdifferentiatie op basis van de doelgroep, de locatie en de kwaliteit. • Er wordt naar zoveel mogelijk eenduidigheid binnen bandbreedtes gestreefd, zodat verschillen in bouwvorm of financiering niet leiden tot onevenredige prijsverschillen. • De ontwerpprincipes worden vastgelegd (de toegankelijkheid, de veiligheid, de flexibiliteit voor het multifunctioneel gebruik) en er worden exploitatieprognoses gemaakt alsook afspraken met ontwikkelaars en gebiedspartners.
4/5
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10847382’
4. Vervolg Het is belangrijk om na het uitgevoerde onderzoek van Nine Square een nog scherper inzicht te hebben in de financiële risico’s, de beheersmaatregelen, de tarieven en de eisen die de exploitatie stelt aan het op te richten van een gemeentelijk parkeerbedrijf. Het college is nu bezig om dit verder uit te werken. Gestreefd wordt om voor de zomer hier een definitief besluit over te nemen en de raad hierover in kennis te stellen., Met deze brief beschouwt het college de motie als afgedaan. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
5/5