CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS320525 Bijlage 1.2 Externe veiligheid Madepolderweg 59H

Gemeenteraad 18 december 2024, gemeente Den HaagBij agendapunt: Voorstel van het college inzake Verzoek om bindend advies voor omgevingsvergunning perceel nabij Madepolderweg 59C (RIS320525)3.723 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Avi\?

omgevingsveiligheid & risicoanalyse

Adviesgroep AVIV BV Piet Heinstraat 12 7511 JE Enschede

Externe veiligheid / Madepolderweg 59H in Den Haag

Project Datum

235539 15 december 2023

/ aviv.nl

VIV

Externe veiligheid / Madepolderweg 59H in Den Haag

Project

235539

Datum

15 december 2023

Auteur Review

Versie nr.

1

Opdrachtgever

Gemeente Den Haag Dienst Stedelijke Ontwikkeling 2500 DN Den Haag

AvT\?

Externe veiligheid / Madepolderweg 59H in Den Haag

Inhoudsopgave 1

Inleiding

4

2 Omgevingswet 2.1 Inleiding 2.2 Omgevingsplan 2.3 Plaatsgebonden risico 2.4 Aandachtsgebied 2.5 Voorschriftengebied

5 5 6 6 6 7

3 Uitgangspunten beoordeling 3.1 Situatie 3.2 Aardgasleiding

8 8 8

4 Beoordeling hogedruk aardgasleiding

10 10 10 12

4.1 Plaatsgebonden risico 4.2 Aandachtsgebied______________ 4.3 Belemmeringengebied

5 Conclusies

13

Referenties

14

Bijlage 1. Carola-rapportage

15

3

Externe veiligheid / Madepolderweg 59H in Den Haag

1

AvT\?

Inleiding Men is voornemens twee standplaatsen voor woonwagens mogelijk te maken op het terrein aan de Madepolderweg 59H in Den Haag. Hiertoe is het nodig om af te wijken van het bestemmingsplan/omgevingsplan. Vanwege de ligging van een hogedruk aardgasbuisleiding in de nabijheid van het terrein is EV-onderzoek nodig. In deze rapportage wordt daarvan verslag gedaan.

4

Externe veiligheid / Madepolderweg 59H in Den Haag

AvT\?

2 Omgevingswet 2.1

Inleiding Het transport van gevaarlijke stoffen door buisleidingen brengt risico’s met zich mee doordat bij een ongeval gevaarlijke stoffen kunnen vrijkomen. Het risico voor personen die verblijven in de omgeving van een dergelijke buisleiding wordt gevat onder het begrip externe veiligheid (EV). Tot 31 december 2023 dienden de risico’s te worden beoordeeld conform het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) [4], Vanaf 1 januari 2024 is de Omgevingswet van kracht. Onder de Omgevingswet blijft de beoordeling van de externe veiligheidsrisico’s op basis van een plaatsgebonden risico (PR) en een groepsrisico (GR) bestaan. Het PR is de kans op overlijden van een onbeschermd persoon die continu op één plek aanwezig is als gevolg van een incident met gevaarlijke stoffen. Het GR is de kans op overlijden van 10 of meer personen als gevolg van een incident met gevaarlijke stoffen.

De Omgevingswet rust op drie pijlers:

1. Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) Beschrijft de activiteiten met gevaarlijke stoffen en bijbehorende te berekenen of aan te houden PR-afstanden en aandachtsgebieden.

Het Bk! vervangt min of meer het Bevi, het Bevt en het Bevb [1, 2, 4]). 2. Besluit activiteit leefomgeving (Bal) Beschrijft de activiteiten met (gevaarlijke) stoffen met een kleinere gevaarzetting dan die genoemd in het Bkl en bijbehorende aan te houden (veiligheids)afstanden.

Het Bal vervangt min of meer het Activiteitenbesluit (Barim) [7], 3. Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) Beschrijft typen bouwwerken en de eisen waaraan deze moeten voldoen.

Het Bbl vervangt min of meer het Bouwbesluit 2012. In bijlage VII van het Bkl worden de volgende activiteiten onderscheiden: A. Activiteiten met vastgestelde afstanden zonder vergunningplicht (verwijzing naar Bal). B. Activiteiten met vastgestelde afstanden met vergunningplicht (oa categoriale Beviinrichtingen). C. Activiteiten met bij ministeriële regeling vastgestelde afstanden (oa Basisnet). D. Activiteiten met te berekenen afstanden zonder vergunningplicht (oa Buisleidingen). E. Activiteiten met te berekenen afstanden met vergunningplicht (oa Bevi-inrichtingen).

5

Externe veiligheid / Madepolderweg 59H in Den Haag

2.2

AvT\?

Omgevingsplan Het omgevingsplan bevat de gemeentelijke regels voor de fysieke leefomgeving. Bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet heeft elke gemeente één omgevingsplan voor haar grondgebied. Het omgevingsplan is de uitwerking van de omgevingsvisie van de gemeente over hoe zij het leefgebied wil ontwikkelen en beschermen. Het omgevingsplan bevat zo de regels voor de fysieke leefomgeving.

2.3

Plaatsgebonden risico Het plaatsgebonden risico en de beoordeling daarvan blijft onveranderd. Voor zeer kwetsbare gebouwen1 (bijv, ziekenhuis, penitentiaire inrichting, kinderdagverblijf) en kwetsbare gebouwen en locaties (bijv, woningen, grote kantoren) is de plaatsgebonden risicocontour PR 10-6 per jaar een grenswaarde (art. 5.7 Bkl) waar niet van afgeweken mag worden. Voor beperkt kwetsbare gebouwen en locaties is dit een standaardwaarde (art. 5.11 Bkl) waar gemotiveerd van af geweken mag worden.

2.4

Aandachtsgebied De onder de voormalige wetgeving gehanteerde groepsrisicografiek (fN-curve) is vervangen door aandachtsgebieden. Een aandachtsgebied is het gebied waarbinnen aanwezigen mogelijk kunnen overlijden als gevolg van een incident met gevaarlijke stoffen. Op basis van drie typen effecten die kunnen optreden bij een ongeval met gevaarlijke stoffen, worden drie verschillende aandachtgebieden bepaald: • Brandaandachtsgebied (BAG). • Explosieaandachtsgebied (EAG). • Gifwolkaandachtsgebied (GAG). De gemeente moet in het omgevingsplan binnen deze aandachtsgebieden rekening houden met het groepsrisico. Hierbij gaat het om de kans per jaar dat tien of meer personen overlijden als rechtstreeks gevolg van een ongewoon voorval binnen een aandachtsgebied. Het noemen van het aantal van tien personen betekent niet dat de kans berekend moet worden. Maar het mag dus wel, bijvoorbeeld als onderbouwing voor eventuele aanvullende maatregelen binnen een aandachtsgebied. De vraag of van een groepsrisico sprake is, kan de gemeente ook beantwoorden met demografische gegevens of onderbouwde schattingen.

In het geval van aardgasbuisleidingen is enkel het BAG van toepassing. Bij de door het bevoegd gezag in te zetten maatregelen om mensen te beschermen binnen het aandachtsgebied valt te denken aan: 1 De definities van (zeer) (beperkt) kwetsbare gebouwen en locaties zijn opgenomen in Bkl Bijlage VI

6

Externe veiligheid / Madepolderweg 59H in Den Haag

AvT\?

• Afstand houden tot de risicobron binnen het aandachtsgebied. • Aanvullende risicocommunicatie. • Beperken van personendichtheden in de omgeving van de risicobron. • Vlucht- en schuilmogelijkheden. • Omgevingsmaatregelen. • Aanvullende bouwmaatregelen in een voorschriftengebied.

2.5

Voorschriftengebied Een gemeente kan binnen een aandachtsgebied voorschriftengebieden aanwijzen (ze is verplicht een besluit te nemen over het wel of niet aanwijzen van voorschriftengebieden binnen een aandachtsgebied (art. 5.14 Bkl)). Dat kan een deel van of het gehele aandachtsgebied zijn. De gemeente wijst in dat geval een locatie binnen het brandaandachtsgebied als brandvoorschriftengebied aan in het omgevingsplan. Locaties binnen aandachtsgebieden waar zeer kwetsbare gebouwen zijn toegelaten moeten altijd als voorschriftengebied aanwijzen worden (art. 5.14 Bkl). In dit deel van het aandachtsgebied gelden dan aanvullende bouweisen voor nieuwbouw en vervangende nieuwbouw van beperkt kwetsbare, kwetsbare en zeer kwetsbare gebouwen. Deze aanvullende bouweisen staan in de artikelen 4.90 tot en met 4.95 van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Zij hebben tot doel om mensen in een gebouw beter te beschermen tegen de effecten van een brand. Voor gedeelten van het bouwwerk buiten het voorschriftengebied gelden geen aanvullende bouweisen uit het Bbl. Als de gemeente geen brandvoorschriftengebied in het omgevingsplan heeft aangewezen, gelden binnen het aandachtsgebied geen aanvullende bouweisen.

7

AvT\?

Externe veiligheid / Madepolderweg 59H in Den Haag

3 Uitgangspunten beoordeling 3.1

Situatie Figuur 2 toont de ligging van het plangebied ten opzichte van hogedruk aardgasleiding N509-02 van Gasunie. De in de beoordeling gehanteerde uitgangspunten worden in dit hoofdstuk beschreven.

Plangebied Aardgasleiding

O'

e 22

O

)

"e

0 L

o Figuur 1.

3.2

125 i

_i

250 I

m

50 i

i

J

Esri Nederland, Community Map Contributors

_________ -______ _____________

Plangebied en aardgasleiding

Aardgasleiding Carola Het plaatsgebonden risico door de hogedruk aardgasleiding wordt berekend met Carola versie 1.0.0.52 parameterbestand 1.3 [3], De berekening wordt uitgevoerd met de volgende gegevens: • Het interessegebied. • Het leidingdatabestand van de leidingbeheerder, in dit geval Gasunie.

8

Externe veiligheid / Madepolderweg 59H in Den Haag

AvT\?

Interessegebied Het interessegebied is het gebied waar een ruimtelijke ontwikkeling langs een buisleiding geprojecteerd is of waar een aanpassing van een bestaande of een nieuwe buisleiding gepland is [4], Met behulp van het interessegebied selecteert de leidingeigenaar de relevante gegevens die benodigd zijn voorde berekening.

Leidingdatabestand Het leidingdatabestand bevat alle buisleidingdelen, met de bijbehorende leidingspecifieke parameters, die zich binnen een afstand van ten minste 1 km + 2 maal de maximale effectafstand van het interessegebied bevinden. Enkele kenmerken van de voor het plangebied relevante aardgasleiding worden getoond in tabel 1.

Beheerder

Gasunie

Tabel 1.

Diameter [inch] 16

Druk [bar] 40

Afstand 100% letaliteit [m] 85

Brandaandachtsgebied [m] 175

Kenmerken buisleiding N-509-02

9

AvT\?

Externe veiligheid / Madepolderweg 59H in Den Haag

4 Beoordeling hogedruk aardgasleiding 4.1

Plaatsgebonden risico Figuur 2 toont de plaatsgebonden risicocontouren. De berekeningen hebben niet geleid tot een contour voor de grenswaarde van 1 10 6/jr. Het plaatsgebonden risico vormt daarmee geen belemmering voorde voorgenomen planontwikkeling.

[

] Plangebied

— Aardgasleiding

PR-contour 10-7

| PR-contour 10-8

e9 9

e° O

© 630

0 150 300.3 i 1 i 1111

o (5 Figuur 2.

4.2

AB

600 m i

i

Esri Nederland, Community Map Contributors

PR-contouren aardgasleiding N-509-02

Aandachtsgebied Voor aardgasbuisleidingen geldt dat rekening gehouden dient te worden met een brandaandachtsgebied. Dit is het gebied waarbinnen aanwezigen mogelijk kunnen overlijden als gevolg van een incident met de aardgasbuisleiding. In het omgevingsplan kan het bevoegd gezag opnemen of binnen een aandachtsgebied een voorschriftengebied wordt aangewezen. In dit deel van het aandachtsgebied gelden dan aanvullende bouweisen voor nieuwbouw en vervangende nieuwbouw van beperkt kwetsbare, kwetsbare en zeer kwetsbare gebouwen. Het brandaandachtsgebied wordt getoond in figuur 3.

10

AvT\?

Externe veiligheid / Madepolderweg 59H in Den Haag

Vanwege de woonfunctie kan de standplaats voor twee woonwagens worden aangemerkt als een kwetsbaar gebouw/kwetsbare locatie. Het aanwijzen van een voorschriftengebied is voor deze ontwikkeling niet verplicht.

|

| Plangebied

1 Aardgasleiding

[

] Brandaandachtsgebied 22' e"

së

0 L

150 1

1

300 i

s

7. i

1

8 600 m i 9

Esri Nederland,, Community Map Contributors Figuur 3.

Brandaandachtsgebied

Op het moment van dit schrijven is nog geen omgevingsplan vastgesteld. Om te kunnen onderbouwen of eventuele aanvullende maatregelen binnen het aandachtsgebied nodig zijn, is een groepsrisicoberekening uitgevoerd. Daartoe zijn bevolkingsgegevens opgevraagd via de BAG-populatieservice [5], Het door het rekenprogramma Carola gegenereerde rapport voor de toekomstige situatie is opgenomen in bijlage 1. Het blijkt dat er een kans bestaat dat per jaar tien of meer personen overlijden als rechtstreeks gevolg van een ongewoon voorval binnen het brandaandachtsgebied. De gemeente moet derhalve in het omgevingsplan rekening houden met het groepsrisico.

Verder blijkt dat het toevoegen van de twee standplaatsen met een aanwezigheid van in totaal 5 personen (50% overdag en 100% ’s nachts) geen aantoonbare wijziging van het groepsrisico tot gevolg heeft. Op basis daarvan wordt gesteld dat het treffen van aanvullende maatregelen niet nodig is.

11

Externe veiligheid / Madepolderweg 59H in Den Haag

AvT\?

Wel dient om de gevolgen van ongevallen te beperken in ieder geval rekening gehouden te worden met (art. 5.2 Bkl): 1°. het voorkomen, beperken en bestrijden van die branden, rampen en crises; 2°. de mogelijkheden voor personen om zich daarbij in veiligheid te brengen; en 3°. de geneeskundige hulpverlening aan personen Het bestuur van de veiligheidsregio dient hierover advies te geven (art. 10 Wet veiligheidsregio ’s).

4.3

Belemmeringengebied Het belemmeringengebied dient ten behoeve van het onderhoud van de buisleiding. Binnen deze strook mogen geen nieuwe bouwwerken opgericht worden. Voor buisleidingen met een druk van 40 bar, zoals hier het geval is, geldt een belemmeringsstrook van 4 m aan weerszijden van de buisleiding, gemeten vanuit het hart van de buisleiding [6], De plangrens ligt op een afstand van circa 45 m van de leiding en daarmee buiten de belemmeringenstrook.

12

Externe veiligheid / Madepolderweg 59H in Den Haag

AvT\?

5 Conclusies In verband met het mogelijk maken van twee standplaatsen voor woonwagens op het terrein aan de Madepolderweg 59H in Den Haag is het externe veiligheidsrisico van de nabijgelegen hogedruk aardgasleiding beoordeeld. De belangrijkste conclusies worden in dit hoofdstuk benoemd. Plaatsgebonden risico De berekeningen hebben niet geleid tot een contour voor de grenswaarde van 1 10-6/jr. Het plaatsgebonden risico vormt daarmee geen belemmering. Aandachtsgebied Er is geen omgevingsplan vastgesteld.

Het toevoegen van de standplaatsen heeft geen aantoonbare wijziging van het groepsrisico tot gevolg. Het treffen van aanvullende maatregelen lijkt daarom niet nodig. Belemmeringengebied De locatie ligt buiten het belemmeringengebied.

13

Externe veiligheid / Madepolderweg 59H in Den Haag

AvT\?

Referenties 1.

Ministerie VROM

2004

Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) Stb. 2004, 250

2.

Ministerie VROM

2010

Besluit Externe Veiligheid Buisleidingen (Bevb) Stb. 2010, 686

3.

RIVM

2013

Carola versie 1.0.0.52

4.

Ministerie VROM

2010

Besluit Externe Veiligheid Buisleidingen (Bevb) Stb. 2010, 686.

5.

IOV

2023

BAG-populatieservice. Versie 2023-07 http://populatieservice.demis.nl/

6.

Ministerie lenM

2014

Regeling externe veiligheid Buisleidingen (Revb) Stb. 2014, 16955

7.

Ministerie lenM

2008

Activiteitenbesluit (Barim) Staatsblad 2007, nr. 415

14

Externe veiligheid / Madepolderweg 59H in Den Haag

AvT\?

Bijlage 1. Carola-rapportage

15

Inhoud 1 Inleiding

2

2Invoergegevens ............. 2.1 Interessegebied..... 2.2 Relevante leidingen 2.3 Populatie................

4 4 4 5

3 Plaatsgebonden risico.................................................................................................... 3.1 Figuur 3.3 Plaatsgebonden risico voor 9190_leiding-W-509-02-deel-l van N.V. Nederlandse Gasunie...................................................................................................

7

4 Groepsrisico screening..................................................................................................... 4.1 Figuur 4.1 Groepsrisico screening voor 9190_leiding-W-509-02-deel-l van N.V. Nederlandse Gasunie.....................................................................................................

8

5 FN curves......................................................................................................................... 5.1 Figuur 5.1 FN curve voor 9190_leiding-W-509-02-deel-l van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 1390.00 en stationing 2390.00...........

9

6 Referenties

10

7

8

9

1 Inleiding In deze rapportage worden de gebruikte invoergegevens en de door CAROLA gegenereerde resultaten weergegeven. Deze gegevens vormen de basis voor een QRA-rapportage. Naast deze basisinvoergegevens en -resultaten wordt in de Handleiding Risicoberekeningen BevB aangegeven welke elementen ook in de QRA beschreven moeten worden. In onderstaand overzicht worden welke elementen beschreven moeten worden en of deze door CAROLA worden aangeleverd. Indien de elementen niet door CAROLA worden gegenereerd, moeten ze door de opsteller van de QRA-rapportage worden ingevuld. Het meest recente overzicht van de te beschrijven elementen wordt gegeven in de van kracht zijnde versie van de Handleiding Risicoberekeningen Bevb. In CAROLA berekeningen wordt gebruik gemaakt van de parameters conform de Handleiding Risicoberekeningen Bevb [1], Achtergrondinformatie over de berekeningen kan worden gevonden in [2, 3, 4, 5],

Pagina 2 van 10

Overzicht van de elementen die in een QRA gerapporteerd moeten worden. Onderwerp

1

2

3

Algemene rapportgegevens Administratieve gegevens: • naam en adres van de leidingexploitant(en) (volgens Bevb) • naam en adres van de opsteller van de QRA Reden opstellen QRA Gevolgde methodiek • rekenpakket met versienummer • parameterbestand met versienummer Peildatum QRA • datum van de berekening • datum van aanmaak van de buisleidinggegevens Algemene beschrijving van de buisleiding(en) Gegevens buisleiding • naam buisleiding • diameter • druk • eventuele mitigerende maatregelen Ligging van de leiding, aan de hand van kaart(en) op schaal. • leiding • noordpijl en schaalindicatie

Beschrijving omgeving Omgevingsbebouwing en gebiedsfuncties bestemmingsplannen al dan niet gedeeltelijk binnen de PR 10"6-contour en het invloedsgebied Actuele topografische kaart

Vertrouwelijk/

Aangeleverd

Openbaar

door CAROLA

Openbaar

Deels

Openbaar Openbaar

Nee Nee Ja

Openbaar

Ja Nee Openbaar

Ja Ja Ja Ja Openbaar

Ja Ja Openbaar

Ja indien ingevoerd

•

4

Een beschrijving van de bevolking rond de buisleiding, onder opgave van de wijze waarop deze beschrijving tot stand is gekomen (o.a. incidentele bebouwing, lintbebouwing) Mogelijke gevaren van buiten de buisleiding die op de buisleiding effect kunnen hebben (risicoverhogende objecten, buurbedrijven/ activiteiten, vliegroutes, windturbines) Gebruikt weerstation Beschrijving per leiding van mogelijke risico's voor de omgeving Samenvattend overzicht van de resultaten van de QRA, waarin tenminste is opgenomen: Kaart met het berekende plaatsgebonden risico, met contouren voor 10-4, 10-5, 10-6, 10-7 en 10-8 (indien aanwezig) FN-curve, voor zowel huidige als toekomstige situatie, met het groepsrisico voor de kilometer buisleiding met de grootste overschrijding van de oriënterende waarde. Op de horizontale as van de grafiek met de FN-curve wordt het aantal dodelijke slachtoffers uitgezet, op de verticale as de cumulatieve kans tot 10-9 per jaar FN-datapunt waarbij de maximale overschrijding van de oriëntatiewaarde optreedt, inclusief de factor van de overschrijding Grafiek met de screening van het groepsrisico Beschrijving of er kwetsbare bestemmingen en/of beperkt kwetsbare bestemmingen binnen de PR contour van 10-6 per jaar zijn Voorgestelde preventieve en repressieve maatregelen die in de QRA zijn meegenomen

Openbaar

Ja indien ingevoerd Nee

Openbaar

Nee

Openbaar

Ja

Openbaar

Ja

Openbaar

Ja

Openbaar

Ja

Openbaar

Ja

Openbaar Openbaar

Ja Nee

Openbaar

Ja

Openbaar

Pagina 3 van 10

2Invoergegevens De risicoberekeningen die in dit rapport zijn beschreven zijn uitgevoerd met CAROLA versie 1.0.0.52. De gehanteerde parameterfile heeft versienummer 1.3. De berekeningen zijn uitgevoerd op 15-12-2023. Voor de berekeningen is gebruik gemaakt van de meteorologische gegevens van het weerstation Hoek van Holland, Ypenburg. De gebruikte ruwheidslengte is 0,1 meter. In dit hoofdstuk worden de verschillende invoergegevens nader gespecificeerd in de navolgende secties.

2.1 Interessegebied Het interessegebied is weergegeven in figuur 2.1 Ficjuur 2.1 Interessegebied voor ^e uitgevoerde risicoberekening en

1

O

94x55m

2.2 Relevante leidingen

Op basis van het gespecificeerde interessegebied zijn de volgende aardgastransportleidingen meegenomen. Voor dit onderzoek is alleen de gearceerd weergegeven leiding relevant. De overige leidingen worden niet verder behandeld in dit rapport. De leidingen zijn gevisualiseerd in figuur 2.2. Eigenaar

Leidingnaam

N.V. Nederlandse Gasunie N.V. Nederlandse Gasunie N.V. Nederlandse Gasunie

9190_leiding-A-61701-deel-l 9190_leiding-A-617deel-1 9190_leiding-W-50902-deel-l

Diameter [mm] 168.30

Druk [bar] 79.90

Datum aanleveren gegevens 08-12-2023

323.90

79.90

08-12-2023

406.40

40.00

08-12-2023

Pagina 4 van 10

Eigenaar

Leidingnaam

N.V. Nederlandse Gasunie

Diameter [mm]

Druk [bar]

Datum aanleveren gegevens

9190_leiding-W-50904-deel-l

406.40

40.00

08-12-2023

N.V. Nederlandse Gasunie

9190_leiding-W-52205-deel-l

406.40

40.00

08-12-2023

406.40

40.00

08-12-2023

406.40

40.00

08-12-2023

N.V. Nederlandse

9190_leiding-W-522-

Gasunie

05-deel-2

N.V. Nederlandse Gasunie

9190_leiding-W-52205-deel-3

De exploitant specifieke factoren voor casuïstiek (cluster lb), actief rappel (cluster IC) en mitigerende maatregelen corrosie staan beschreven in Tabel 11 van Module B van de Handleiding Risicoberekeningen Bevb [1],

Figuur 2.2 Buisleidingen aanwezig in de omgeving van het interessegebied Figi I

O

6627x3835m

2.3 Populatie

De percentages in de kolom "Percentages Personen" in onderstaande tabellen hebben achtereenvolgens de betekenis. • % aanwezig gedurende de dagperiode/ • % aanwezig gedurende de nachtperiode/ • % buiten gedurende de dagperiode/ • % buiten gedurende de nachtperiode/ • % overdag aanwezig gedurende het jaar/ • % 's nachts aanwezig gedurende het jaar. Populatiepolygonen

Label

Type

standplaatsen

Wonen

Aantal

Percentage Personen

5

50/ 100/ 7/ 1/ 100/ 100 Pagina 5 van 10

Populatiebestanden__________________ Pad bijeen_sport_cel_zkh-dag100-nacht80.txt industrie-dagl00-nacht30.txt kantoor_kliniek_onderwijs_winkel-daglOOnachtO.txt wonend vakantiehuis-dag50-nachtl00.txt

Type Wonen Werken Werken

Aantal 153 41 207

Percentage Personen

Wonen

530

50/ 100/ 7/ 1/ 100/ 100

100/ 80/ 7/ 1/ 100/ 100 100/ 30/ 7/ 1/ 100/ 100 100/ 0/ 7/ 1/ 100/ 100

De ingevoerde populatie is weergegeven in figuur 2.3 Figuur 2.3 Bevolking meegenomen in de risicoberekeningen Figi I T T 1000m

©

°o

e

O

O

6627x3835m

Populatietype

Polygoonpunten

Populatiepolygoon

Wonen

Werken

Evenement

Pagina 6 van 10

3 Plaatsgebonden risico Voor de in voorgaande hoofdstuk genoemde leidingen is het plaatsgebonden risico bepaald. Voor elk van de leidingen wordt het plaatsgebonden risico weergegeven als iso-risicocontouren op een achtergrondkaart.

3.1 Figuur 3.3 Plaatsgebonden risico voor 9190_leiding-W-509-02-deel-l van N.V. Nederlandse Gasunie

"m} wSÜ

6627x3835m

T

I

I

T

O

1E-7 1E-8

Pagina 7 van 10

4 Groepsrisico screening Om in één oogopslag een indruk te krijgen van het groepsrisico wordt het groepsrisico gescreend alvorens voor specifieke segmenten FN-curves te visualiseren. Voor elk van de leidingen wordt per stationing de overschrijdingsfactor van de oriëntatiewaarde van het groepsrisico weergegeven. Deze is berekend door rondom elk punt op de leiding één kilometer segment te kiezen die gecentreerd ligt ten opzichte van dit punt. Voor deze kilometer leiding is een FN-curve berekend en voor deze FN-curve de overschrijdingsfactor. De overschrijdingsfactor is de verhouding tussen de FN-curve en de oriëntatiewaarde. Daarmee is de overschrijdingsfactor een maat die aangeeft in hoeverre de oriëntatiewaarde wordt genaderd of overschreden. Een overschrijdingsfactor kleiner dan 1 geeft aan dat de FNcurve onder de oriëntatiewaarde blijft. Bij een waarde van 1 zal de FN-curve de oriëntatiewaarde raken. Bij een waarde groter dan 1 wordt de oriëntatiewaarde overschreden. 4.1 Figuur 4.1 Groepsrisico screening voor 9190_leiding-W-509-02-deel-l van N.V. Nederlandse Gasunie Overschrijdingsfactorvan de oriëntatiewaarde

8 0,1 1400

1450

1500

1550

1650

1700

1750

1800

1850

1000

1950

2000

2100

2150

0

2300 Afstand

2400

2600

2450

2650

2750

2800

2850

2900

3050

3100

De maximale overschrijdingsfactor van deze kilometer leiding wordt gevonden bij 183 slachtoffers en een frequentie van 9.50E-009. De maximale overschrijdingsfactor voor dit tracé is gelijk aan 0.032 en correspondeert met die kilometer leiding die gekarakteriseerd wordt door stationing 1390.00 en stationing 2390.00. Voor deze kilometer leiding is de FN-curve opgenomen in het volgende hoofdstuk. De betreffende kilometer leiding is gevisualiseerd in figuur 4.2. Figuur 4.2 Kilometer leiding behorende bij de maximale overschrijding van de FNcurve voor 9190 .leiding-W-509-02-deel-l van N.V. Nederlandse Gasunie! I I T I lOOOm

e

8081x3835m

O Pagina 8 van 10

5 FN curves Voor elk van de eerder genoemde leidingen is het groepsrisico berekend. Een samenvatting van de resultaten hiervan is gegeven in het voorgaande hoofdstuk; in dit hoofdstuk wordt voor elk van de leidingen de daadwerkelijke FN-curve gegeven van de (in termen van groepsrisico) "slechtste" kilometer van het betreffende tracé.

5.1 Figuur 5.1 FN curve voor 9190_leiding-W-509-02-deel-l van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 1390.00 en stationing 2390.00

Groepsrisico 1.0 E-3 1.0 E-4 1.0 E-5

E 1.0 E-6 1.0 E-7 1.0 E-

1.0 E-9

o

o o

o o o

Pagina 9 van 10

6 Referenties en

Handleiding Risicoberekeningen Bevb. Versie 1.0. 20 december 2010.

[2]

Risicomethodiek aardgastransportleidingen. Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Brief 390/06 CEV Lah/pbz-1191. 6 november 2006.

[3]

Risicomethodiek aardgastransportleidingen. Ministerie van VROM. Brief 2006.334302. 7 december 2006.

[4]

Laheij GMH, Vliet AAC van, Kooi ES. Achtergronden bij de vervanging van zoneringafstanden hogedruk aardgastransportleidingen van de N.V. Nederlandse Gasunie. Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. RIVM-rapport 620121001/2008. 2008.

[5]

M. Gielisse, M.T. Droge, G.R. Kuik. Risicoanalyse aardgastransportleidingen. N.V. Nederlandse Gasunie. DEI 2008.R.0939. 2008.

Pagina 10 van 10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14830797/1