CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS320451 Nota Haags Woonwagenbeleid 2024

Commissie Ruimte 4 juni 2025, gemeente Den HaagBij agendapunt: Vervolg Woonwagendebat3.143 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum

Registratienummer

26 november 2024

DSO/10758167 RIS320451

Voorstel van het college inzake Nota Haags Woonwagenbeleid 2024 Sinds 2014 is de maatschappelijke en politieke beschouwing van de woonwagencultuur sterk veranderd. Na jaren waarin er weinig aandacht was voor het leven in woonwagens wil de gemeente Den Haag ruimte bieden aan de woonwagencultuur, het samenleven in familieverband en de woonbehoefte van woonwagenbewoners. De beleidskaders en uitvoeringsinstrumenten met betrekking tot woonwagenbewoning zijn daarom toe aan vernieuwing. In februari 2021 is aan de raad toegezegd (RIS307739) om het Haagse woonwagenbeleid naar aanleiding van de veranderde maatschappelijke en juridische context te actualiseren. In oktober 2023 is hiertoe het Concept Haags Woonwagenbeleid 2023 (RIS316679, bijlage 1) met u gedeeld om kennis te nemen van de gemaakte voortgang. Sindsdien is het woonwagenbeleid verder uitgewerkt en heeft participatie met woonwagenbewoners over dit concept plaatsgevonden. Conform de eerdere toezegging aan uw raad ontvangt u hierbij de ‘Nota Haags Woonwagenbeleid 2024’. Met deze ‘Nota Haags Woonwagenbeleid 2024’ geeft de gemeente Den Haag richting aan het beleid voor woonwagenleven in overeenstemming met het mensenrechtelijk kader voor de komende jaren. De Nota Haags Woonwagenbeleid 2024 Het door de gemeente gevoerde uitsterfbeleid heeft een grote impact gehad op de woonwagengemeenschap.

Niet alleen in ruimtelijke zin en het aantal standplaatsen, maar vooral ook in emotionele zin. Bewoners kwalificeren het beëindigen van de locatie Escamplaan als een traumatische ervaring die tot op de dag van vandaag invloed heeft op de levens van betrokkenen. Het is daarom extra belangrijk dat er met deze nota definitief een streep achter het verleden wordt gezet en dat we gezamenlijk onze schouders zetten onder het toevoegen van standplaatsen, het terugdringen van de wachtlijst en het herwaarderen van het leven in familieverband. Daarnaast zoeken we samen met de bewoners naar een gepaste manier om namens het college en de gemeenteraad de Haagse woonwagenbewoners excuus aan te bieden voor het gevoerde beleid. Er is grote behoefte aan woonwagenstandplaatsen. Er is overbewoning en er zijn woonwagenbewoners die hun woonwagenstandplaats in Den Haag zijn verloren en daardoor in een reguliere woning wonen. In de afgelopen jaren zijn er geen standplaatsen verdwenen, maar ook niet bij gekomen. De gemeente kan daardoor niet voldoen aan de reeds bestaande en nieuwe behoefte aan woonwagenstandplaatsen. Dit is benadrukt door de rechterlijke uitspraak dat binnen 5 jaar de gemiddelde wachttijd voor een woonwagenstandplaats vergelijkbaar moet zijn met dat van een grondgebonden sociale huurwoning (zie paragraaf over uitspraak rechtbank).

Met de Nota Haags Woonwagenbeleid 2024 zetten we een belangrijke stap voorwaarts. De Nota vormt de beleidsmatige basis om vervolgens uitvoering te kunnen geven aan de benoemde beleidsdoelstellingen. Deze Nota is ook een uitwerking van de wens zoals in het huidige en vorige coalitieakkoord opgenomen dat de gemeente werkt aan een woonwagenbeleid, waarbij sprake is van uitbreiding van het aantal standplaatsen (‘Haags Akkoord’,

Gemeente Den Haag

Spui 70 Den Haag

Postbus 12600 2500 DJ Den Haag

T 14070 www.denhaag.nl

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10758167

RIS316672). Dit staat ook in de Woonvisie 2017-2030 (RIS296833), de Woonagenda 2020-2023 ‘Haags samen wonen’ (RIS305711) en in de ontwerp-Woonvisie 2040 ‘Wonen in een stad in balans’ (RIS319812). Met de woonwagengemeenschap is intensief geparticipeerd over de beleidskaders. Deze Nota komt tegemoet aan veel van de wensen (zie ‘Bijlage 2 Opbrengsten participatie met woonwagenbewoners’). De gemeente blijft actief in gesprek met de woonwagengemeenschap over de voortgang en verdere uitwerking van het woonwagenbeleid. Opbouw Het beleid heeft vijf doelen die in de nota nader zijn uitgewerkt: 1. De uitbreiding van standplaatsen op bestaande en nieuwe locaties. Het doel is om via horizontale uitbreiding in maximaal 10 jaar 80 standplaatsen toe te voegen op bestaande en nieuwe locaties en via verticale uitbreiding, in overleg met de huidige bewoners, meer woonruimte voor woonwagenbewoners mogelijk te maken. De gemeente actualiseert de opgave op basis van het woonbehoefteonderzoek 2025, opdat recht gedaan kan worden aan de opgave om binnen 5 jaar de wachttijd voor een woonwagen vergelijkbaar te maken met die van een grondgebonden sociale huurwoning. 2. Voldoende en gedifferentieerd woonwagen- en standplaatsaanbod.

Het doel is om variatie aan te brengen in het woningaanbod voor woonwagenbewoners: sociale huurstandplaatsen met een eigen woonwagen (1), sociale huurstandplaatsen met een sociale huurwoonwagen (2) en erfpacht/koopstandplaatsen met een eigen woonwagen (3). De woningcorporaties zijn verantwoordelijk voor de standplaatsen en woonwagens voor huurders die tot hun primaire doelgroep vallen. In de gesprekken in het kader van de prestatieafspraken wordt deze verantwoordelijkheid besproken en zullen er nadere afspraken gemaakt worden met de woningcorporaties. De gemeente moet het mogelijk maken om in ieder geval op nieuwe locaties standplaatsen in erfpacht/koop uit te geven. 3.

Toewijzing van standplaatsen op grond van het afstammingsbeginsel en het faciliteren van wonen in familieverband. Het doel is om met de nieuwe toewijzingscriteria standplaatsen toe te wijzen op een manier die het samenleven in familieverband bevordert en volgens een transparant en duidelijk te volgen proces. 4.

Versterken interne slagkracht en samenwerking met externe stakeholders: woonwagenbewoners, corporaties, beheerorganisatie. Het doel is om 1) het contact met woonwagenbewoners te verbeteren en om samen met hen uitvoering te geven aan het beleid en 2) samen met woningcorporaties uitvoering te geven aan dit beleid, ieder vanuit een eigen verantwoordelijkheid. Ook de intern gemeentelijke samenwerking moet versterkt worden om dit doel te realiseren. 5. Aandacht voor leefbaarheid en welzijn van woonwagenbewoners. Het doel is dat woonwagenbewoners gezond en veilig kunnen wonen op woonwagenlocaties en net zoals andere inwoners van onze stad optimaal gebruik kunnen maken van de gemeentelijke voorzieningen.

2/7

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10758167

Participatieproces met woonwagenbewoners In april 2024 zijn op 10 van de 11 woonwagenlocaties gesprekken gevoerd met woonwagenbewoners, over de vijf geformuleerde beleidsdoelen. De bewoners van de woonwagenlocatie Energiestraat hadden aangegeven op dat moment niet mee te willen praten over het woonwagenbeleid, maar te focussen op de verplaatsing naar de Henri Faasdreef. Ook is een gesprek gevoerd met ex-Escamplaanbewoners. Het doel van de participatie was om te verifiëren of de beleidsdoelen aansluiten bij de wensen van de woonwagenbewoners en om de invulling en uitvoering van de doelen verder aan te vullen met de ervaringen en expertise van woonwagenbewoners. De onderwerpen die tijdens het participatieproces zijn besproken zijn: 1) variatie in aanbod, 2) ideeën voor verticale uitbreiding en uitbreiding op bestaande locaties, 3) ideeën voor de inrichting van nieuwe woonwagenlocaties, 4) nieuwe toewijzingscriteria en 5) welzijn- en leefbaarheidsvraagstukken. Op 15 mei jl. heeft een terugkoppeling plaatsgevonden met vertegenwoordigers van alle locaties en in juli ontvingen alle bewoners per locatie een terugkoppeling in een informatieboekje. ‘Bijlage 2 Opbrengsten participatie met woonwagenbewoners’ bevat de uitkomsten en hoe dit is meegenomen in de beleidsnota. Op 8 oktober jl.

vond een bewonersavond plaats om bewoners te informeren over de laatste stand van zaken, een geschikte vorm van het excuus (zie paragraaf over moties) en het aankomende woonbehoefteonderzoek te bespreken. In het voorjaar van 2025 vindt de volgende bewonersavond plaats. In de tussentijd betrekken we een kleinere groep bewoners bij opzetten van het woonbehoefteonderzoek dat volgend jaar uitgevoerd zal worden en een ontwerpverkenning naar meer woonruimte op woonwagenstandplaatsen. Dat laatste kwam als wens uit het participatietraject. Uitspraak rechtbank Op 29 mei 2024 heeft de rechtbank uitspraak gedaan in de rechtszaak ‘C/09/637977 / HA ZA 22-941’ van de Stichting Sinti, Roma en Reizigers tegen de gemeente Den Haag. De rechtbank heeft geoordeeld dat de gemeente in strijd handelt met het discriminatieverbod door het aantal standplaatsen na de wijziging van het rijksbeleid in 20181 niet binnen afzienbare tijd uit te breiden. Daarom wordt de gemeente veroordeeld om binnen vijf jaar de gemiddelde wachttijd voor een standplaats vergelijkbaar te maken met de gemiddelde wachttijd voor een grondgebonden sociale huurwoning in Den Haag. De uitspraak van de rechter sluit aan bij de ambitie van het college om het aantal standplaatsen uit te breiden, benadrukt deze en bindt deze aan de termijn van vijf jaar.

Op 16 juli 2024 hebben de wethouder Volkshuisvesting en de Stichting Sinti, Roma en Reizigers een gesprek gevoerd naar aanleiding van de gerechtelijke uitspraak en de beoogde ambitie voor uitbreiding van het aantal standplaatsen. Daarbij heeft het college herhaald de gerechtelijke uitspraak gestand te willen doen en op basis van een nieuw uit te voeren woonbehoefteonderzoek - zoals ook gewenst door de woonwagengemeenschap - te bezien welke aanvullende inzet nodig is voor nieuwe standplaatsen, om zo te kunnen voldoen aan de gerechtelijke uitspraak. Tot die tijd neemt het college reeds zo veel mogelijk projecten ter hand om zo spoedig mogelijk tot uitbreiding van het aantal standplaatsen te komen. Vaststellen van de beleidsnota is van belang voor het starten met de uitbreidingsopgave, maar met name ook voor de andere belangrijke onderwerpen in de beleidsnota, zoals bijvoorbeeld de aanpassing van de toewijzingscriteria, het mogelijk maken van erfpacht/koop en de aandacht voor welzijn en leefbaarheid. Ook vormt de beleidsnota de basis voor verdere uitwerking en afspraken met onder andere de woningcorporaties.

1

Het Beleidskader gemeentelijk woonwagen- en standplaatsenbeleid van de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

3/7

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10758167

Met de nodige ruimte om de uitbreidingsopgave aan te passen op basis van het behoefteonderzoek wil de gemeente de beleidsnota graag zo snel mogelijk vaststellen, zodat van start gegaan kan worden met de acties die voortvloeien uit de nota. De resultaten van het woonbehoefteonderzoek komen in 2025, waarna de opgave zoals omschreven in bijgaande versie van de nota wordt geactualiseerd. De gemeente onderzoekt op dit moment al mogelijkheden voor de uitbreiding van het aantal standplaatsen en werkt de opgave (aantal benodigde plekken op bestaande en nieuwe locaties) bij op basis van het nieuwe woonbehoefteonderzoek. De gemeente, de Stichting en woonwagenbewoners in Den Haag blijven actief met elkaar in gesprek over de voortgang van het woonwagenbeleid. Moties aangenomen in raadsvergadering 11 juli 2024 In de raadsvergadering van 11 juli 2024 zijn drie moties aangenomen. Vanwege de raakvlakken met de Nota Haags Woonwagenbeleid benoemen we hieronder de stand van zaken omtrent deze moties. Motie ‘Excuus voor woonwagenbewoners’ (RIS319632) Met deze motie verzoekt de raad het college om de woonwagenbewoners een formeel en openbaar excuus aan te bieden voor het gevoerde uitsterfbeleid in de gemeente Den Haag. Zoals door het college aangegeven bij de appreciatie van de motie, biedt het college de woonwagengemeenschap graag excuus aan.

Om dit op een passende wijze te doen, hecht het college eraan de woonwagengemeenschap nauw te betrekken bij de wijze waarop het excuus wordt aangeboden. Tijdens het gesprek dat de wethouder Volkshuisvesting had met de Stichting Sinti, Roma en Reizigers op 16 juli jl., is deze motie een eerste maal kort besproken. Tijdens dit gesprek gaf de Stichting aan meer waarde te hechten aan daden dan aan woorden. Op 8 oktober 2024 heeft een brede bijeenkomst over het woonwagenbeleid plaatsgevonden met de gemeente en de woonwagengemeenschap in aanwezigheid van de wethouder Volkshuisvesting. Tijdens deze bijeenkomst is ook gesproken over hoe de woonwagengemeenschap denkt over het aanbieden van een excuus en wat daarvoor volgens hen een passende vorm zou zijn. De bewoners hebben aangegeven dat op dit moment de beste vorm van excuses de realisatie van standplaatsen en zichtbare resultaten op het woonwagendossier is: “laat het zien dat er snel standplaatsen bij komen, dan weten we dat we serieus genomen worden”. Wat het college betreft is dit een begrijpelijk en te respecteren standpunt. Afgesproken is daarom dat de gemeente vaart maakt met uitvoering van deze nota, het woonbehoefteonderzoek en het toevoegen van standplaatsen.

En dat het aanbieden van excuses bij een volgende bijeenkomst in 2025 opnieuw wordt besproken om te bezien of er op dat moment wel behoefte aan is en welke vorm de woonwagengemeenschap dan passend vindt. Deze beleidsnota vormt een belangrijke basis voor de uitvoering en voortgang en dus voor de daden waar de Stichting en de bewoners om vragen. Om die reden is het van belang dat deze beleidsnota zo snel mogelijk wordt vastgesteld. Motie ‘Inzicht in inspanningen voor nieuwe locaties’ (RIS319636) Met deze motie verzoekt de raad het college om volop in te zetten op de reservering en verwerving van gronden voor nieuwe woonwagenlocaties en de raad zo spoedig mogelijk (indien nodig vertrouwelijk) te informeren over de inspanningen die nu hierop gaande zijn, zoals benoemd door de gemeente in de rechtszaak. In de afgelopen periode heeft de gemeente onderzoek gedaan naar potentiële locaties voor uitbreiding van woonwagenstandplaatsen. In de afdoening van de motie wordt hier een beeld van gegeven.

4/7

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10758167

Motie ‘Maatschappelijke ondersteuning woonwagenbewoners’ (RIS319644) Met deze motie verzoekt de raad het college om in samenspraak met woonwagenbewoners te zorgen voor goede maatschappelijke ondersteuning als de situatie daarom vraagt en de raad hierover te informeren. De afdoening van de motie bevat een toelichting op de maatschappelijke ondersteuning vanuit de gemeente. Om de vraagstukken wat beter in beeld te brengen zal de woonbehoefte en zorgvraag van ouderen binnen de woonwagengemeenschap onderdeel van het woonbehoefteonderzoek 2025 worden. De uitkomsten van het woonbehoefteonderzoek zullen ter kennisname met de raad gedeeld worden. Financiën Uitbreiding van standplaatsen We hanteren een gemiddelde van € 150.000,- per standplaats voor de inrichting en aankoop van grond, exclusief woonwagen. Deze raming is als volgt opgebouwd: • De kosten voor het aanleggen van 1 standplaats ligt tussen de € 70.000,- en € 115.000,-2. Dit zijn de kosten voor het plaatsen van de fundering, bestrating, aansluitingen, plaatsing van een berging, de begeleiding en aanschaf van de grond (en is dus exclusief woonwagen). Afhankelijk van de locatie en grondprijs kan dit bedrag hoger of lager zijn. We hanteren een gemiddelde van € 100.000,- per standplaats voor de inrichting en aankoop van grond, exclusief woonwagen.

• Andere aspecten, zoals natuurcompensatie of bodemsanering, zijn buiten beschouwing gelaten. Daarom hanteren we een onvoorziene kostenpost van € 50.000,- per standplaats om dit soort onvoorziene omstandigheden te dekken. Daarmee zal de totale investering voor de komende 5 jaar rond de € 6 mln. liggen, voor de realisatie van 40 standplaatsen. Een bijdrage van de dekking is als volgt voorzien: • Vanuit het coalitieakkoord is € 3.5 mln. gereserveerd (Uitbreiding bestaande Woonwagenlocaties, programma 13), waarvan € 2,7 mln. voor de verplaatsing en uitbreiding van de woonwagens op de Energiestraat naar de Henri Faasdreef. De uitbreiding van de Henri Faasdreef (fase 2) bestaat uit 14 woonwagenstandplaatsen. Daarnaast is € 800.000,gereserveerd voor de uitbreiding van Isabellaland met 8 woonwagenstandplaatsen. • Vanuit de Enecomiddelen is € 2.5 mln. gereserveerd (Extra impuls voor betaalbaar wonen voor sociale woningbouw en starterswoningen, programma 13). De verwachting is dat, afhankelijk van hoe een en ander zich ontwikkelt, hiermee een belangrijke bijdrage wordt geleverd aan de uitbreiding van standplaatsen in de eerste tranche (komende vijf jaar). Exacte uitgaven hangen uiteraard samen met de exacte plannen en zijn niet volledig te voorspellen. De exacte kosten per nieuwe c.q. uitbreidingslocatie worden te zijner tijd inzichtelijk gemaakt met een financiële onderbouwing.

Voor de tweede tranche, uitbreiding van +- 40 standplaatsen over 5-10 jaar, zal nog dekking gezocht moeten worden. Woonbehoefteonderzoek Dekking voor het 5-jaarlijkse woonbehoefteonderzoek wordt voor het desbetreffende begrotingsjaar georganiseerd (programma 13). De inschatting van de kosten voor het woonbehoefteonderzoek is circa € 60.000,-.

2

Onderzoek kosten woonwagenstandplaatsen – voor ministerie van BZK, Companen (2022)

5/7

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10758167

Vervolg en monitoring Dit beleidskader geeft richting aan de komende jaren. Per doel zijn concrete acties benoemd. De acties worden in de komende periode nader vormgegeven en uitgewerkt met ruimte om in te spelen op actuele ontwikkelingen. We trekken hierin, afhankelijk van het actiepunt, gezamenlijk op met bijvoorbeeld de woningcorporaties, beheerorganisatie, regiogemeenten en woonwagenbewoners. Met betrekking tot de uitbreiding van de standplaatsen is de gemeente verantwoordelijk voor het aanwijzen van de (uitbreidings)locaties. De woningcorporaties hebben de wettelijke taak om te zorgen voor het bouwen, verhuren en beheren van woningen voor huurders die tot hun primaire doelgroep behoren. De woningcorporaties zijn daarmee verantwoordelijk voor het daadwerkelijk realiseren van de standplaatsen. Conform de wettelijke taak van de woningcorporaties streven we er naar dat genoemde taak ook door de woningcorporaties wordt verricht. De mate waarin woningcorporaties hun verantwoordelijkheid nemen om huurstandplaatsen en de huurwoonwagens van de gemeente over te nemen en sociale huurwoonwagens aan te schaffen en te exploiteren monitoren we via de prestatieafspraken en de meerjarige raamovereenkomst met de woningcorporaties. Tweejaarlijks zal de voortgang omtrent deze beleidsnota in de voortgangsrapportage woonvisie worden opgenomen en aan de raad worden aangeboden.

Onderwerpen die in de voortgangsrapportage worden meegenomen: Hoeveel standplaatsen en woonruimte is toegevoegd door middel van horizontale en verticale uitbreiding op bestaande en nieuwe locaties. Hoeveel standplaatsen in erfpacht/koop zijn uitgegeven. Naast de voortgangsrapportage woonvisie zullen we twee jaar na implementatie de volgende onderdelen uit deze beleidsnota evalueren: Hoe de toewijzing van standplaatsen verloopt op basis van de nieuw opgestelde criteria. In hoeverre bewoners op de hoogte zijn van het beleid en zich betrokken voelen bij de uitvoering / de mate waarin bewoners tevreden zijn over de voortgang. Evaluatie van financiële kosten en of de begrootte kosten aangepast dienen te worden. De woonbehoefte en zorgvraag van ouderen in de woonwagengemeenschap. Besluitvorming Gezien het vorenstaande stelt het college de raad voor het volgende besluit te nemen: de raad van de gemeente Den Haag, gezien het voorstel van het college van 26 november 2024, besluit: I.

in te stemmen met het toevoegen van 80 standplaatsen, waarvan circa 40 binnen vijf jaar en aanvullend circa 40 binnen 5-10 jaar, afgestemd op de behoefte;

II.

in te stemmen met de dekking van € 2.5 mln. uit de Enecoreserve (Extra impuls voor betaalbaar wonen voor sociale woningbouw en starterswoningen, programma 13);

III.

in te stemmen met de wens om circa 40 standplaatsen toe te voegen binnen 5-10 jaar, afgestemd op de behoefte, hiervoor zal nog financiële dekking gevonden moeten worden;

6/7

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10758167 IV.

in te stemmen met het 5-jaarlijks monitoren van de behoefte aan nieuwe standplaatsen. In 2025 wordt een nieuw woonbehoefte onderzoek uitgevoerd. De gemeente actualiseert de opgave op basis van het woonbehoefteonderzoek 2025;

V.

in te stemmen met het mogelijk maken van verticaal uitbreiden, differentiatie in oppervlakte van standplaatsen en flexibiliteit in het indelen van de standplaats;

VI.

in te stemmen met het mogelijk maken van een meer divers aanbod in standplaatsen en woonwagens: sociale huurstandplaatsen met een eigen woonwagen, sociale huurstandplaatsen met een sociale huurwoonwagen en erfpacht/koopstandplaatsen met een eigen woonwagen;

VII. in te stemmen met de toewijzingscriteria zoals uitgewerkt in paragraaf 3.4 van de Nota Haags

Woonwagenbeleid 2024; VIII. in te stemmen met het heffen van leges voor inschrijving in het register van

standplaatszoekenden en dit register op te schonen; IX.

in te stemmen met de vormen van samenwerking zoals uitgewerkt in paragraaf 3.5 en 3.6 van de Nota Haags Woonwagenbeleid 2024;

X.

in te stemmen dat tweejaarlijks de voortgang omtrent de Nota Haags Woonwagenbeleid 2024 in de voortgangsrapportage woonvisie wordt opgenomen en aan de raad wordt aangeboden;

XI.

de ‘Nota Haags Woonwagenbeleid 2024’ vast te stellen.

Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van De griffier,

De voorzitter,

7/7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14909864/1