CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS320242 Segregatiemonitor

Commissie Samenleving 7 november 2024, gemeente Den HaagBij agendapunt: Raadsvoorstel: Programmabegroting 2025-20282.592 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Typ tekstTyp tekstTyp tekst

dienst: dienstcode

Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag

Ons kenmerk

OCW/10794657 RIS320242 Contactpersoon

Aan: de gemeenteraad

Wouter Roeleveld Dienst

Dienst Onderwijs, Cultuur en Welzijn Afdeling

OCW Stad en Bestuur Telefoonnummer Datum

14070

14 oktober 2024

E-mailadres

wouter.roeleveld@denhaag.nl Onderwerp

Bijlage

Segregatiemonitor

1

Op 28 juni 2022 heeft u van het college de afdoening motie ‘Segregatiemonitor’ ontvangen (RIS308532). Zoals toegezegd, is gestart met het verzamelen en ordenen van bestaande indicatoren en onderzoeken die iets zeggen over segregatie. In de raadsmededeling (RIS315958), heeft het college de raad meegenomen in de eerste versie van de segregatiemonitor, waarin is toegezegd dat de raad eens per jaar een bericht ontvangt, waarin het college aangeeft wat gewijzigd is in de segregatiemonitor en welke opvallende zaken uit de monitor naar voren komen. Met deze raadsmededeling voldoet het college aan deze toezegging. 1.

Het begrip segregatie en de segregatiemonitor

Het begrip segregatie Zoals in de raadsmededeling (RIS315958) over de Segregatiemonitor is toegelicht, hanteert het college de volgende definitie van segregatie (bron: CBS1): “Het begrip ‘segregatie’ meet de mate waarin twee of meer groepen mensen fysiek van elkaar gescheiden wonen binnen een stad of regio (zie Massey & Denton, 1988). Meestal gaat het hierbij om de relatieve concentratie van mensen die tot een bepaalde sociaal-economische categorie (denk aan inkomen, werkloosheid of opleidingsniveau) of herkomstgroep behoren binnen een bepaalde stadsbuurt. In een gesegregeerde buurt is een bepaalde groep oververtegenwoordigd ten opzichte van de rest van de stad. In een stad zonder segregatie zouden alle groepen exact gelijk zijn verspreid over de verschillende buurten”.

1

https://www.cbs.nl/nl-nl/corporate/2015/47/innovatieve-methode-brengt-segregatie-scherper-in-

beeld#:~:text=Wat%20is%20segregatie%3F,Massey%20%26%20Denton%2C%201988).

Gemeente Den Haag

Spui 70 Den Haag

Postbus 12600 2500 DJ Den Haag

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10794657

De Segregatiemonitor In de segregatiemonitor zijn bestaande indicatoren in kaart gebracht en geordend. De segregatiemonitor is te vinden op Den Haag in Cijfers, www.denhaag.incijfers.nl. De segregatiemonitor is geordend langs de volgende thema's: • Leeftijd, migratieachtergrond en sociaaleconomische status • Wonen en leefomgeving • Onderwijs • Werk en Inkomen • Gezondheid, welbevinden en zorggebruik Voor elk van deze thema's worden de meest inzicht gevende kaarten en grafieken getoond, voorzien van een korte toelichting. Elk thema begint met een samenvatting van de belangrijkste inzichten en verbanden. Het betreft nadrukkelijk een selectie van indicatoren. Op vrijwel elke indicator is immers verschil te rapporteren. De gekozen indicatoren laten aspecten van segregatie in Den Haag zien. Zoals in de afdoening van de motie is aangegeven, zal in de reguliere rapportages over wonen, onderwijs en andere beleidsterreinen aandacht worden besteed aan segregatie op basis van de monitor. De monitor biedt de data en voorziet deze van beperkte context en interpretatie. Beleidsmonitoring en evaluatie heeft dus geen plek in de monitor. 2. Belangrijkste wijzigingen en opvallendheden in de Segregatiemonitor Op het moment dat er recentere cijfers beschikbaar zijn, wordt het desbetreffende hoofdstuk van de Segregatiemonitor daarop herzien.

Bij elke hoofdstuk zijn in meer of mindere mate recentere cijfers beschikbaar gekomen op indicatoren die in de Segregatiemonitor benoemd zijn. Het hangt sterk af van het moment waarop nieuwe monitors en/of onderzoeken verschijnen. Daarnaast wordt bij sommige hoofdstukken, zoals Onderwijs, gebruik gemaakt van externe monitors die geen jaarlijkse frequentie kennen. De gegevens ten aanzien van Gezondheid, welbevinden zorggebruik kennen een hoger frequentie qua verzameling en zijn daarmee relatief actueel. Bij elk hoofdstuk zijn de bijbehorende teksten aangepast op de nieuwe cijfers. Er zijn geen nieuwe indicatoren in de verschillende hoofdstukken van de Segregatiemonitor toegevoegd, tussen het moment waarop de Segregatiemonitor voor het eerst online raadpleegbaar was mei 2023 en mei 2024. Hieronder wordt per hoofdstuk van de Segregatiemonitor aangegeven wat opvalt. In algemene zin komen de verschillen tussen de stadsdelen en meer specifiek tussen het veen en het zand in elk hoofdstuk terug. Leeftijd, migratieachtergrond en sociaaleconomische status Jongeren en ouderen wonen niet evenredig verdeeld over Den Haag. In de stadsdelen LeidschenveenYpenburg en Escamp wonen relatief veel jongeren, terwijl in de stadsdelen Loosduinen, Scheveningen en Haagse Hout relatief meer ouderen wonen.

Inwoners met een migratieachtergrond zijn oververtegenwoordigd in de stadsdelen Escamp, Laak en Centrum en delen van Haagse Hout. Voor Den Haag als geheel geldt dat de segregatie naar niet-westerse migratieachtergrond is afgenomen, maar nog steeds het hoogst is van de vier grote steden. In Zuidwest en in de stadsdelen Laak en Centrum is sprake van een lagere score SES-WOA dan in de rest van de stad. (Sociaal Economische Status (SES), gebaseerd op welvaart, opleidingsniveau en arbeidsmarktdeelname (WOA)).

2/6

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10794657

Wonen en Leefomgeving Geografisch is er sprake van ruimtelijke segregatie wat betreft de woningwaarden (WOZ). Dat hangt onder meer samen met de ligging van woningen in buurten en wijken ten opzichte van de zee en de Haagse bodem. Deze bodem van zand, veen en klei is van invloed geweest op de groei van de stad, de ontwikkeling van verschillende woonmilieus en daarmee op de woningwaarde. De duurdere woningen zijn vaker gebouwd op het zand en de klei (VINEX uitbreidingen Wateringse Veld en LeidschenveenYpenburg). Het grootste aandeel sociale huurwoningen is gebouwd op het veen. In deze wijken met deze betaalbare woningen wonen meer inwoners met een lagere sociaaleconomische status (SES – een samengestelde indicator gebaseerd op opleiding, inkomen en arbeidssituatie). Kwetsbare groepen vestigen zich veelal noodgedwongen in woningen met lage huren. Dit zijn veelal corporatiewoningen en goedkope particuliere huurwoningen. Uit landelijk onderzoek blijkt, dat in de wijken met de goedkoopste woningen en de hoogste mutatiegraad de leefbaarheid het meest onder druk staat, en voelen in de wijken met verminderde leefbaarheid bewoners zich vaker onveilig. Dat heeft negatieve impact, vooral ook op kwetsbare groepen (RIS309055). Een groot aandeel van deze huurders heeft een beperkte zelfredzaamheid en daar waar zij in grotere groepen samenwonen, staat ook de samenredzaamheid onder druk.

De leefbaarheid verschilt in Den Haag sterk per wijk: in buurten en wijken met een hoog aandeel goedkope (huur)woningen lijkt sprake van een toename van kwetsbare groepen, waarbij een risico bestaat van een zichzelf versterkende ontwikkeling: afname van leefbaarheid en een toename van (ongewenste) vormen van segregatie. Ook gebrekkige kwaliteit van woningen kan hierbij van invloed zijn. De kwaliteit van de bestaande woningvoorraad is nog niet op orde wat betreft verduurzaming en isolatie, deels ook als gevolg van de gebrekkige kwaliteit van naoorlogse bouw, nu aan het eind van de levensduur. Begin 2024 waren er in Den Haag nog bijna 98.000 woningen met een energielabel E, F of G. Verdiepingscijfers vanuit het BZK-Woononderzoek laten echter zien, dat eigenaar-bewoners hun woningen isoleren en verduurzamen op ongeveer hetzelfde tempo als de woningcorporaties. Voor de particuliere huursector is dat echter niet het geval. De grootste uitdagingen doen zich voor in de wijken met relatief goedkoop particulier woningbezit. Daar zijn de kwaliteit van het verhuurderschap (hoge huren, misstanden) en de actieve VvE’s van andere orde dan in andere delen van de stad en blijft de ontwikkeling van de energielabels de afgelopen jaren achter. Ook achterstallig onderhoud, veiligheidsrisico’s en gezondheidsrisico's ten aanzien van het binnenklimaat, spelen juist in deze sector een rol.

Het spreidingsbeeld van woningaanbod naar duurzaamheid sluit niet aan op het spreidingsbeeld naar inkomens. Dit komt onder meer doordat de leeftijd van woningen een belangrijke factor is; juist in sommige welvarende delen van de stad staan relatief oudere woningen. Afgelopen 10 jaar zijn de verhuizingen in de corporatiesector grofweg gelijk gebleven. Met name de verhuizingen in de particuliere sector zijn toegenomen. Veel kwetsbare bewoners komen te wonen in wijken met een hoog percentage corporatiebezit en goedkope particuliere voorraad. Dit komt onder andere doordat zowel urgent woningzoekenden als woningzoekenden met de laagste inkomens via woningtoewijzing (landelijke regels van passend toewijzen) terecht komen in het goedkoopste corporatiebezit, en doordat mensen zonder recht hun heil zoeken in de goedkoopste particuliere woningvoorraad. Het is daarom van belang goed te blijven inzetten op evenwichtige spreiding van betaalbare woningvoorraad en evenwichtige toewijzing van kwetsbare bewoners in de hele stad.

3/6

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10794657

Met de Wet regie volkshuisvesting zal – zonder aanvullende maatregelen (denk aan het toevoegen van extra sociale huur c.q. het toewijzen van woningzoekenden aan woningen in wijken met een betere leefbaarheid) – een nog groter aandeel mensen met een lager inkomen c.q. urgenten in de wijken terecht komen waar de leefbaarheid het meest onder druk staat. Dat is het gevolg van het groot aantal verplicht urgent te huisvesten doelgroepen, die de wet voorschrijft. In de huisvestingsverordening zal hierop moeten worden geanticipeerd. Het college bereidt maatregelen voor om de spreiding van kwetsbare doelgroepen zo evenwichtig mogelijk te organiseren. Onderwijs Het percentage inwoners in Den Haag met een afgeronde hbo- of wo-opleiding ligt boven het landelijke gemiddelde. Wel is sprake van een ongelijke verdeling van opleidingsniveaus over de stad. Zo wonen mensen met een opleidingsachtergrond van max. basisonderwijs, vmbo b/k, vmbo g/t en mbo-niveau 1 vaker in de stadsdelen Laak, Centrum en Den Haag Zuidwest. Dit zijn ook de stadsdelen waar de meeste kinderen wonen met een verhoogd risico op onderwijsachterstanden en het percentage inwoners dat laaggeletterd is, hoger is dan in de rest van de stad. Het onderwijs in Den Haag kampt al lange tijd met een groot tekort aan leraren.

Scholen hebben in toenemende mate moeite om openstaande vacatures in te vullen en om vervanging te vinden wanneer leraren afwezig zijn. In oktober 2023 was het tekort aan leraren in het regulier basisonderwijs 21,8%. Het tekorten in het speciaal basisonderwijs is gedaald, van 25,9% in 2022 naar 15% in 2023. Ook in het (voortgezet) speciaal onderwijs is sprake van een procentuele daling van 18,5% in 2022 naar 14,6% in 2023 (RIS317350). Het lerarentekort is ongelijk verdeeld over de stad. Met 32,2% is het lerarentekort het hoogst in het stadsdeel Laak, voor het vierde opeenvolgende jaar. De sterkste stijging van de tekorten is zichtbaar in stadsdeel Centrum. Daar is het tekort opgelopen tot 25,4%. De stadsdelen Scheveningen en Loosduinen hadden op 1 oktober 2023 de laagste tekorten. Ook in het stadsdeel Centrum zijn de tekorten flink toegenomen. In oktober 2023 bereikte het lerarentekort daar een niveau van 25,4%. Alleen in het stadsdeel Scheveningen werd in 2023 een beperkte afname van het lerarentekort waargenomen in vergelijking met 2020. Daar waar de onderwijsachterstanden het grootst zijn, zijn de lerarentekorten het grootst. Gecombineerd met het voornemen van het kabinet om te bezuinigen op onderwijsachterstandsmiddelen, stelt ons dit voor een grote opgave.

Voor het voortgezet onderwijs geldt voor alle grote steden, dat er een trend zichtbaar is waarbij kinderen zonder migratieachtergrond en kinderen met een niet-westerse migratieachtergrond in toenemende mate samen naar school gaan. Opvallend is dat in Amsterdam, Den Haag en Utrecht leerlingen met een niet-westerse migratieachtergrond vaak gescheiden naar school gaan van leerlingen met een westerse migratieachtergrond (0,35-0,46). In 2020 zou 70% van de leerlingen in het voortgezet onderwijs van school moeten wisselen, om in de hele gemeente een gelijke verdeling van leerlingen te krijgen op basis van het opleidingsniveau van de ouders. Kinderen uit de laagste inkomensgroep en de hoogste inkomensgroep, gaan in Den Haag vaker dan in Rotterdam samen naar de middelbare school; ongeveer 60% zou van school moeten wisselen voor een evenredige verdeling. Kinderen uit midden- en lage inkomensgroepen gaan vaker met elkaar naar school, vooral in vergelijking met de gegevens over de basisscholen.

4/6

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10794657

Werk en inkomen Den Haag is een gesegregeerde stad wanneer er gekeken wordt naar inkomensverschillen per wijk. Er zijn wijken waar de inkomens ver boven het landelijke gemiddelde uitstijgen, maar met name in Den Haag Zuidwest is er een hoog aandeel inwoners die niet rond kunnen komen en afhankelijk zijn van de overheid om een bestaansminimum op te bouwen. Ten opzichte van de vorige segregatiemonitor, is op wijkniveau weinig verandering zichtbaar, maar daarvoor is de periode van een jaar tekort. De effecten van de energiecrisis en de oplopende inflatie hebben permanent effect op de inwoners van Den Haag. In alle wijken is een duidelijke toename te zien van het aantal mensen dat moeite heeft om rond te komen. Dit is gebaseerd op de cijfers van 2022 en de verwachting is dat in de komende periode dit beeld zich zal herstellen. Gezondheid, zorg en welbevinden In dit hoofdstuk zijn de verschillen tussen de cijfers over 2023 ten opzichte van 2022 beperkt, vandaar dat in dit hoofdstuk wordt gekozen voor een meer algemene beschrijving van de opvallendheden in plaats van een vergelijking tussen de jaren. In wijken waarvan de inwoners een hogere sociaaleconomische status hebben, heeft een groter deel een (zeer) goed ervaren gezondheid dan in wijken waar de inwoners een lagere sociaaleconomische status (SES) hebben.

De sociaaleconomische status houdt in: een ‘hogere’ opleiding, een betaalde baan, en/of een hoger inkomen. Dit betekent bijvoorbeeld dat er meer geld is om gezond te eten. Daarnaast is er in wijken waar meer mensen met een hogere SES wonen meer aanbod van gezond voedsel en, andersom, in wijken waarin meer mensen met een lagere SES wonen, meer aanbod van ongezond voedsel. Daarbij is het ook zo dat gezonde voeding in veel gevallen duurder is dan ongezonde voeding. Bestaanszekerheid is een belangrijke bepalende factor als het gaat om de ervaren gezondheid van mensen. Mensen met een lagere SES wonen vaker in wijken waar ook meer corporatiewoningen c.q. goedkope particuliere huurwoningen zijn, de huizen gemiddeld genomen slechter onderhouden zijn, en lagere energielabels hebben. Dat veroorzaakt ook financiële en gezondheidsproblemen. Deze problemen hebben een verband met elkaar: zo hebben financiële problemen en bestaansonzekerheid een duidelijke negatieve invloed op de mentale gezondheid. Een groot aantal andere factoren in de sociale en fysieke leefomgeving zijn eveneens van invloed op de gezondheid. Denk aan fijnstof, geluidsoverlast, arbeidsomstandigheden, financiële stress, de aanwezigheid van voorzieningen, de mate van sociale cohesie, etc. Naast de SES zijn uiteraard leefstijlkeuzes ten aanzien van voeding, roken en voldoende bewegen, van invloed op de gezondheid.

In wijken waar inwoners minder gezond zijn, is er vaak een stapeling van problematiek waarbij de problemen onderling samenhangen en elkaar beïnvloeden. In onderliggende kaarten, vanuit verschillende invalshoeken, is steeds zichtbaar dat gezondheidsproblematiek in specifieke wijken verhoogd is en vaak dezelfde segregatielijnen volgt. Dat geldt ook voor de score op geluk en sociale cohesie. Niet verrassend is dat dit ook tot uitdrukking komt in een hoger gebruik van huisartsenzorg.

5/6

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10794657

3. Tenslotte Zoals hiervoor aangegeven, is segregatie een ingewikkeld begrip. Met de Segregatiemonitor zorgt het college ervoor dat er blijvende aandacht voor segregatie is en blijft. Het college vindt het van groot belang dat de bewustwording rondom dit belangrijke thema wordt versterkt, en houdt in het huidige beleid en bij nieuwe beleidsvorming- en interventies rekening met verschillen in de stad en hoe die (zo goed als mogelijk) te dichten. In verschillende beleidsdocumenten is het tegengaan van segregatie een belangrijk speerpunt, zoals het Uitvoeringsplan Zuidwest (RIS316050), Ontwerp Woonvisie (RIS318960), Haagse Educatieve Agenda (RIS311077 en RIS313565), Haagse Preventieaanpak (RIS316587), het beleid voor Intensiveringsgebieden (RIS315044, RIS315200 en RIS315201). Over wat opvalt in de Segregatiemonitor zal, mede vanwege de frequentie waarop sommige cijfers beschikbaar komen, in het vervolg tweejaarlijks worden gerapporteerd aan de gemeenteraad, zodat er meer over de trends en ontwikkelingen kan worden aangegeven. De Segregatiemonitor zal cijfermatig worden geactualiseerd, op het moment dat er nieuwe cijfers beschikbaar zijn, en eenmaal per jaar worden de bijbehorende duidende teksten herzien. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx

Jan van Zanen

6/6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14654076/1