CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS320148 Afdoening motie Maatschappelijke organisaties horen bij de participatiestrategie voor een inclusieve samenleving

Commissie Samenleving 8 januari 2026, gemeente Den HaagBij agendapunt: Bewonersorganisaties635 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Typ tekstTyp tekstTyp tekst

dienst: dienstcode

Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag

Ons kenmerk

OCW/10814037 RIS320148 Contactpersoon

Aan de gemeenteraad

Harjanti Kertokarijo Dienst

Dienst Onderwijs, Cultuur en Welzijn Afdeling

OCW Stad en Bestuur Datum

Telefoonnummer

19 november 2024

14070

Onderwerp

Afdoening motie: ‘Maatschappelijke organisaties horen bij de participatiestrategie voor een inclusieve samenleving’

Uw raad heeft, tijdens de behandeling inzake de nota ‘Inclusief Samenleven: allemaal anders, iedereen Haags’ (RIS318932) op 3 oktober 2024, de door het raadslid mevrouw De Groot ingediende motie ‘Maatschappelijk organisaties horen bij de participatiestrategie voor een inclusieve samenleving’ (RIS320148) aangenomen. Hierbij informeert het college de raad over de afdoening van de motie. De motie luidt als volgt: Constaterende dat: − de participatiestrategie bedoeld is om met de stad in gesprek te blijven over het beleid voor inclusief samenleven en de toepassing ervan; − de strategie zich specifiek richt op individuele inwoners en slechts in één zin aangeeft dat er ook gesproken gaat worden met ‘partners’ en ‘bekende partijen’; − dat onze stad sportverenigingen, buurthuizen, bewonersorganisaties, scouting, organisaties voor kunst en cultuur, vrijwilligersorganisaties kent; − deze partijen effecten van beleid voor de samenleving ten volle kunnen ervaren en ideeën over de toepassing ervan hebben.

Overwegende dat: − maatschappelijke organisaties een cruciaal onderdeel zijn van het sociale weefsel van de stad; − maatschappelijke organisaties en belangrijke bijdrage leveren aan de samenleving in Den Haag; − inwoners niet op zichzelf staan, maar samenkomen in allerlei verschillende soorten maatschappelijke organisaties, of er op één of andere manier mee te maken hebben; − er in de perspectieven aanpak en onderzoeksmethoden voor het ophalen van informatie, zoals interviews en focusgroepen, ook vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties opgenomen kunnen worden. Roept het college op: − in de participatiestrategie maatschappelijke organisaties op te nemen; − maatschappelijke organisaties in beleid rondom participatie explicieter te benoemen, en ook op te nemen in de genoemde perspectievenaanpak, in de focusgroepen, bij de online uitvragen en bij te voeren interviews.

Gemeente Den Haag

Spui 70 Den Haag

Postbus 12600 2500 DJ Den Haag

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10814037

Het college geeft als volgt uitvoering aan de motie. Het college beaamt dat maatschappelijke organisaties een belangrijke vertegenwoordiging van burgers vormen en dat hun ervaring en expertise van grote waarde is om inclusief te kunnen samenleven in Den Haag. Voor ieder participatievraagstuk binnen de nota ‘Inclusief Samenleven: allemaal anders, iedereen Haags’ (RIS318932), zoeken we de meest geschikte participatie-instrumenten, waarmee we in gesprek gaan met de mensen en partijen die een relevant perspectief bieden op dat vraagstuk, bijvoorbeeld een online uitvraag, straatinterview en focusgroepen. Onder deze partijen scharen we ook maatschappelijke organisaties. Zij zijn niet uitgesloten van deelname aan de participatiestrategie en worden hiervoor benaderd indien relevant geacht voor het vraagstuk. Binnen de perspectievenaanpak van de nota zijn verschillende perspectieven opgenomen: die van ‘het stille midden’, ‘reageerder’, ‘kenner’ of ‘ervaarder’. Maatschappelijke organisaties zullen voor het ene vraagstuk als ‘kenner’ optreden, waar zij in een ander vraagstuk, bijvoorbeeld, ‘het stille midden’ vertegenwoordigen. Ook dit zal per participatievraagstuk verschillen. In het onlangs aan de raad voorgestelde 'Handboek voor samenwerking met de stad’ (RIS319848), is het hoofdstuk 4.2 gewijd aan de rollen en verantwoordelijkheden van vertegenwoordigende organisaties.

De kern is: vertegenwoordigende organisaties waarborgen belangen van hun achterban. Hoe de gemeente hun inbreng weegt, is voor ieder participatietraject maatwerk. Deze weging wordt bij de start van een traject verduidelijkt in het participatieplan van het voorliggende vraagstuk. In de werkwijze van de nota ‘Inclusief Samenleven: allemaal anders, iedereen Haags’ wordt in de participatiestrategie (hoofdstuk 5.2) uiteengezet hoe de participatie per vraagstuk zal worden ingericht. Dit sluit aan bij de Haagse Participatiewerkwijze, onderdeel van de voorgestelde verordening. In het te publiceren participatieplan, zal ook duidelijk worden hoe maatschappelijke organisaties per vraagstuk invloed kunnen uitoefenen. Het college beschouwt de motie hiermee afgedaan. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx

Jan van Zanen

2/2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14828908/1