CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS320063 Brief portefeuillehouder commissie Eindrapportage evaluatie beleidsnota Bewonersorganisaties en vervolgtraject

Gemeenteraad 28 november 2024, gemeente Den HaagBij agendapunt: Eindrapportage evaluatie beleidsnota Bewonersorganisaties en vervolgtraject (RIS320063)1.272 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Typ tekstTyp tekstTyp tekst

Martijn Balster wethouder Volkshuisvesting, Wijken, Welzijn en Zuidwest

dienst: dienstcode

Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag

Ons kenmerk

Aan de voorzitter van de commissie Samenleving

DPZ/10792811 RIS320063 Contactpersoon

Michael Heuvelman Dienst

Publiekszaken Afdeling

DPZ Bureau S&W Telefoonnummer

140770 Datum

E-mailadres

3 oktober 2024

michael.heuvelman@denhaag.nl

Onderwerp

Eindrapportage evaluatie beleidsnota Bewonersorganisaties en vervolgtraject

Geachte voorzitter, Op 5 april 2024 heeft uw commissie de brief “Evaluatie beleidsnota Bewonersorganisaties” (RIS318204) ontvangen. In deze brief informeerden wij u over de inhoud en planning van de evaluatie van de beleidsnota Bewonersorganisaties Den Haag 2021 (RIS309456). Zoals toegezegd, ontvangt u hierbij de eindrapportage. Gelijktijdig met de verzending aan uw commissie is deze gedeeld met alle betrokken bewonersorganisaties. Op 16 oktober 2024 vindt de eerste verdiepende sessie plaats waarin we met bewonersorganisaties in gesprek gaan over de eindrapportage en de aanbevelingen. Het college hecht er aan om de evaluatie na toezending aan uw commissie eerst met hen te bespreken en in gezamenlijkheid met alle betrokkenen, bewonersorganisaties en gemeente(lijke diensten) te bezien welke vervolgstappen te zetten. Begin 2025 informeren wij uw commissie nader over hoe de aanbevelingen opvolging krijgen. Evaluatie van de samenwerking: een breder perspectief De evaluatie omvatte een enquête onder bewonersorganisaties (34 van de 54 organisaties hebben gereageerd) en diepte-interviews met bewonersorganisaties, een aantal ambtenaren en mij als portefeuillehouder. 1 De eindrapportage bevat waardevolle inzichten. De aanbevelingen gaan over de samenwerking tussen gemeente en bewonersorganisaties. Bij deze evaluatie heeft een groot deel van de bewonersorganisaties haar mening gegeven.

Het college constateert dat bewonersorganisaties terecht een prominente rol spelen in de evaluatie, maar constateert ook dat niet alle perspectieven voldoende zijn meegenomen. Dit vraagt om een nadere verdieping van de opgehaalde inzichten. Zo stipt de eindrapportage aan dat er vanuit de bewonersorganisaties een incongruentie wordt ervaren in de samenwerking met de centrale en decentrale gemeentelijke diensten.

1

Er zijn in Den Haag formeel 47 bewonersorganisaties. Dit zijn organisaties die de basissubsidie ontvangen. Voor de evaluatie zijn ook

bewonersverenigingen gevraagd om deel te nemen. Zij ontvangen geen basissubsidie en zijn daardoor formeel geen bewonersorganisaties. Deze organisaties zijn bij het opstellen van de huidige beleidsnota ook gevraagd om deel te nemen. Om die reden zijn deze organisaties nu ook gevraagd om deel te nemen aan de evaluatie.

Gemeente Den Haag

Spui 70 Den Haag

Postbus 12600 2500 DJ Den Haag

Telefoonummer 14070 www.denhaag.nl

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DPZ/10792811

Er gebeurt al het nodige op dit gebied, zoals bijvoorbeeld de samenwerking tussen de bewonersorganisaties en de stadsdeelorganisatie bij het ontwikkelen van de wijkagenda’s en investeringsgebieden. Maar ook vanuit de centrale gemeentelijke diensten vindt er op diverse vlakken steeds intensiever communicatie en afstemming plaats met bewonersorganisaties. Bijvoorbeeld door de gebiedsregisseurs van enkele diensten. Het college erkent dat er nog stappen te zetten zijn. De input van zowel bewonersorganisaties als de gemeentelijke diensten is daarbij van essentieel belang om tot een nog betere samenwerking te komen. Aanbevelingen vanuit de evaluatie: focus op samenwerking en rol van bewonersorganisaties Het college neemt de aanbevelingen uit de evaluatie over en beschouwt deze als waardevolle inbreng voor verdere verbetering van de samenwerking. De aanbevelingen richten zich op het verbeteren van de communicatie, de rol die een bewonersorganisatie neemt, ondersteuning en versterking van de gebiedsgerichte samenwerking. Verbeter de communicatie tussen gemeente en bewonersorganisaties en heb oog voor de rol die de bewonersorganisatie inneemt (aanbevelingen 1, 2, 5,6 en 7) De gemeente investeert in een transparante en gestructureerde manier van communiceren.

Er zijn bestaande overlegstructuren, maar deze moeten beter functioneren en afgestemd worden op de behoeften van zowel de bewonersorganisaties als de gemeentelijke diensten. Bewonersorganisaties zijn voor de gemeente een zeer belangrijke (gespreks)partner, naast andere gesprekspartners in de wijk. Het college hecht er belang aan om een constructief gesprek te voeren met bewonersorganisaties over welke rol zij als vrijwilligersorganisatie in de wijk op zich willen nemen: organisator van activiteiten, verbinder en/of belangenbehartiger. De rapportage signaleert dat niet alle bewonersorganisaties erin slagen om representatief te zijn voor hun wijk. Als een bewonersorganisatie een rol wil vervullen als belangenbehartiger is representativiteit van belang, evenals het democratisch functioneren van een bewonersorganisatie. Dit vraagt om een open en eerlijk gesprek en ondersteuning waar nodig. Het college wil met bewonersorganisaties verder spreken over de ondersteuning die zij nodig hebben om de door hun gewenste rol effectief uit te voeren. In het beleidskader 2021 is hier al veel aandacht aan besteed, maar er is behoefte aan verdere verdieping en aanbod dat nog beter aansluit bij de wensen. Afhankelijk van de specifieke ondersteuningsbehoeften van een bewonersorganisatie kan gerichte ondersteuning worden geboden, waarbij de vraag vanuit de bewonersorganisatie leidend is.

We zullen ervoor zorgen dat PEP in gesprek gaat met de bewonersorganisaties om te inventariseren wat zij, aanvullend op het huidige aanbod, nodig hebben. Zo kan PEP nog beter inspelen op de specifieke behoeften van de bewonersorganisaties. Versterking van gebiedsgerichte samenwerking (aanbevelingen 3 en 4) Er is behoefte aan versterking van de gebiedsgerichte samenwerking tussen stadsdelen, bewonersorganisaties en centrale diensten van de gemeente. Dit sluit aan bij de ambities van het college – conform coalitieakkoord en de motie ‘Deel meer met de Stadsdelen’ (RIS317882) - te onderzoeken hoe de centrale ambtelijke capaciteit effectiever ingezet kan worden op wijkniveau. Hierover ontvangt uw raad in Q4 2024 een voorstel. De collegeambities betekenen reeds dat er op ambtelijk niveau veel aandacht is voor gebiedsgericht werken.

2/3

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DPZ/10792811

In de zogenaamde ‘concern ontwikkelagenda’ staan sinds 2022 de ambities 1) meer gebieds- en opgavegericht werken en 2) meer samenwerken met inwoners en maatschappelijke partners centraal. De doorontwikkeling van de wijkagenda’s en de uitvoeringsplannen die samen met bewoners, stadsdelen en alle centrale gemeentelijke diensten gemaakt worden, vormen een belangrijke basis hiervoor. De centrale gemeentelijke diensten zijn vanzelfsprekend bij deze ontwikkeling betrokken, hetgeen de communicatie vanuit ‘het stadhuis’ naar de bewonersorganisaties verder verbetert. We willen dit vanuit de gemeentelijke organisatie systematischer laten gebeuren. De wijkagenda is een middel om de gemeente en haar inwoners dichter bij elkaar te brengen. Deze agenda wordt in samenwerking met bewoners, ondernemers, samenwerkingspartners en de gemeente opgesteld. Er wordt samen gekeken naar de prioriteiten en ook bij de uitvoering zetten we in op samenwerking tussen gemeente en wijkpartners. Met de wijkagenda’s wordt de gemeente, in brede zin betrokken en medeverantwoordelijk voor de opgaven in een wijk. Dit is een groeiproces voor alle betrokkenen. De wijkagenda geeft daarmee – op hoofdlijnen – richting aan de inspanningen die zowel de stadsdelen, de centraal georganiseerde gemeentelijke diensten en de inwoners in deze wijk willen en kunnen leveren in die periode.

De wijkagenda geeft daarmee ook handvatten voor beleidskeuzes. Samenwerking met bewonersorganisaties: naar concrete actie en verbetering in 2025 Bij het opstellen van de beleidsnota Bewonersorganisaties 2021 was de insteek om tot een betere samenwerking met de bewonersorganisaties te komen. Dat is in veel opzichten gelukt. De komende periode zullen we, samen met de betrokken diensten en bewonersorganisaties, werken aan concrete vervolgstappen die nodig zijn om die samenwerking verder te verbeteren, op basis van de uitgevoerde evaluatie. Met als uitgangspunt dat deze eindrapportage onderdeel is van een breder verbeterproces, startend op 16 oktober. Zoals gezegd informeren wij uw commissie begin 2025 over het vervolg. Eind 2025 evalueren we met alle partijen (opnieuw) waar we staan in de samenwerking en de communicatie. Het proces dat we nu zijn gestart krijgt uiteindelijk zijn beslag in een geactualiseerde beleidsnota Bewonersorganisaties. Een belangrijke eerste stap is in ieder geval gezet, namelijk de bewustwording bij alle partijen dat we elkaar nodig hebben. Structureel met elkaar in gesprek blijven is daarom essentieel.

Met vriendelijke groet, Martijn Balster wethouder Volkshuisvesting, Wijken, Welzijn en Zuidwest

3/3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14601658/1