RIS319815 Bijlage 2 -weging-van-het-waterbelang-steenzicht-rev01
Tekst van het document
Weging van het Waterbelang
Woningbouwontwikkeling Steenzicht
projectnummer 0493485.100 revisie 01 7 september 2024
www.anteagroup.nl
Weging van het Waterbelang Woningbouwontwikkeling Steenzicht projectnummer 0493485.100 revisie 01 7 september 2024
Auteur(s) Y.T. Adam
Opdrachtgever Gemeente Den Haag T.a.v. DSO Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
Gecontroleerd S. van den Driest-van der Kruijs
datum 7 september 2024
beschrijving Definitief
vrijgave H. Lindeboom
Weging van het Waterbelang Woningbouwontwikkeling Steenzicht projectnummer 0493485.100 7 september 2024 revisie 01 Gemeente Den Haag
Inhoudsopgave 1.
Inleiding
4
1.1 1.2 1.3
Aanleiding Doel Leeswijzer
4 4 5
2.
Huidige situatie
6
2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 2.7
Locatie Maaiveld Bodemopbouw Grondwater Watersysteem Vuil- en hemelwater Waterveiligheid
6 6 7 8 11 13 14
3.
Beleid
15
3.1 3.2 3.3 3.4
Rijksoverheid Provincie Zuid-Holland Hoogheemraadschap van Delfland Gemeente Den Haag
15 16 17 19
4.
Uitgangspunten en randvoorwaarden
22
4.1
Periode 2021-2022
22
5.
Toekomstige situatie
24
5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.8 5.9 5.10
Voorgenomen ontwikkeling Oppervlakteverdeling Wateropgave Klimaatadaptatie en invulling waterbergingsopgave Beheer Watersysteem Grondwaterstand Vuilwater Waterkwaliteit Waterveiligheid
24 24 24 26 28 28 29 29 29 30
6.
Conclusie / weging van het waterbelang
31
Bijlage 1 Watersleutel Hoogheemraadschap van Delfland
32
Bijlage 2 Uitleg retentiekratten WRB 85i
33
Weging van het Waterbelang Woningbouwontwikkeling Steenzicht projectnummer 0493485.100 7 september 2024 revisie 01 Gemeente Den Haag
1.
Inleiding
1.1
Aanleiding De Gemeente Den Haag is voornemens om aan de weg Steenzicht een woonwijk te realiseren. De voorgenomen ontwikkeling in Steenzicht betreft een verdichtingsopgave waarbij de huidige 48 woningen zijn gesloopt. Daarvoor komen ongeveer 231 nieuwe woningen in de plaats. Daarnaast zijn ook gemeenschappelijke buitenruimtes en parkeervoorzieningen onderdeel van het voornemen. De nieuwe woningen zijn onderdeel van een groter herstructureringsproject van de Gemeente Den Haag in het gebied. Het onderhavig rapport behandelt Steenzicht 1a en 1b. De voorgenomen ontwikkeling past niet binnen het juridisch-planologische kader, daarom wordt een omgevingsplanwijziging aangevraagd. In het kader van de ruimtelijke procedure is de onderhavige weging van het waterbelang opgesteld.
Figuur 1-1: Voorgenomen woningbouwontwikkeling Steenzicht (bron: Buro Sant en Co Landschapsarchitectuur, februari 2024).
1.2
Doel Het proces van de weging van het waterbelang is een belangrijk instrument om het waterbelang in ruimtelijke plannen en besluiten te waarborgen. Het gaat daarbij om alle waterhuishoudkundige aspecten, waaronder veiligheid, wateroverlast, watertekort, waterkwaliteit en verdroging, en om alle wateren: rijkswateren, regionale wateren en grondwater. Het is niet een toets achteraf, maar een proces dat de initiatiefnemer van een ruimtelijk plan en de waterbeheerders (in dit geval het Hoogheemraadschap van Delfland en de Gemeente Den Haag) in een zo vroeg mogelijk stadium met elkaar in gesprek brengt. In voorliggend rapport worden de randvoorwaarden voor waterhuishoudkundige aspecten beschreven voor de voorgenomen ontwikkeling.
blad 4 van 33
Weging van het Waterbelang Woningbouwontwikkeling Steenzicht projectnummer 0493485.100 7 september 2024 revisie 01 Gemeente Den Haag
1.3
Leeswijzer In hoofdstuk 2 is de huidige situatie van de locatie beschreven. Hoofdstuk 3 beschrijft het vigerende beleid. In hoofdstuk 4 zijn uitgangspunten en randvoorwaarden van het hoogheemraadschap van Delfland en de gemeente Den Haag opgenomen. In hoofdstuk 5 is de toekomstige situatie beschreven en getoetst aan het beleid en de randvoorwaarden van de waterbeheerders. Hoofdstuk 6 concludeert de bevindingen van de weging van het waterbelang.
blad 5 van 33
Weging van het Waterbelang Woningbouwontwikkeling Steenzicht projectnummer 0493485.100 7 september 2024 revisie 01 Gemeente Den Haag
2.
Huidige situatie
2.1
Locatie Het plangebied is gelegen aan de straten Steenzicht, Het Zicht en Ruimzicht in de wijk Bouwlust te ’s-Gravenhage. Het plangebied bevindt zich direct ten westen van voetbalclub Sparta (VCS). In Figuur 2-1 is het plangebied weergegeven. De huidige inrichting langs de straat Steenzicht en Het Zicht betreft bebouwing bestaande uit rijtjeshuizen. De bebouwing langs Ruimzicht bestaat uit lage appartementencomplexen (3 verdiepingen woningen boven één verdieping met andere functie).
Figuur 2-1: Locatie van plangebied, aangegeven met het rode kader (bron: StreetSmart, CycloMedia).
2.2
Maaiveld Om de maaiveldhoogtes in het plangebied te analyseren is de AHN-viewer geraadpleegd. Het maaiveld binnen het gehele plangebied bevindt zich tussen de NAP +0,1 m en NAP -0,3 m. Er zijn geen grote verschillen binnen het plangebied aanwezig. In Figuur 2-2 is een overzicht van de maaiveldhoogte weergegeven. Hierin zijn de blauwgroene delen watergangen.
blad 6 van 33
Weging van het Waterbelang Woningbouwontwikkeling Steenzicht projectnummer 0493485.100 7 september 2024 revisie 01 Gemeente Den Haag
Figuur 2-2: Maaiveldhoogten, plangebied in blauw kader (bron: AHN5-DTM).
2.3
Bodemopbouw Regionale bodemopbouw op basis van REGIS II v2.2 De diepere bodemopbouw is in figuur 2-3 weergegeven als hydrogeologisch profiel volgens REGIS II v2.2. In dit profiel zijn de lagen aangeduid als de stratigrafische eenheid waartoe zij behoren en de aard van de afzettingen waaruit zij bestaan. Voor de Holocene deklaag zijn in REGIS geen parameterwaarden (c-waarden, k-waarden, kD-waarden) aanwezig. Voor de verschillende zandige formaties zijn in REGIS kh-waarden en kD-waarden opgenomen. Voor de kleiige formaties zijn kv-waarden en c-waarden vermeld.
Figuur 2-3: Geohydrologische bodemopbouw (bron: DINOloket).
blad 7 van 33
Weging van het Waterbelang Woningbouwontwikkeling Steenzicht projectnummer 0493485.100 7 september 2024 revisie 01 Gemeente Den Haag
In figuur 2-3 is te zien dat de ondergrond ter plaatse van de werklocatie tot circa NAP -28 m uit de Holocene deklaag bestaat. De Holocene deklaag bestaat uit afwisselende lagen van zand, klei en veen. Vanwege de heterogene bodemopbouw van de Holocene deklaag zijn hier geen doorlatendheden bekend. Onder de Holocene deklaag is het eerste watervoerende pakket gelegen van de Formaties Boxtel, Kreftenheye en Urk. Het eerste watervoerende pakket loopt door tot circa NAP -50 m. De doorlatendheid varieert van 2,5 tot 100 m/dag. Onder de zandlagen is een dunne slecht doorlatende laag van de Formatie van Waalre aanwezig tot circa NAP -53 m. De weerstand van de slecht doorlatende laag varieert tussen 0 en 50 dagen. Regionale bodemopbouw op basis van GeoTOP v1.4 Op basis van GeoTOP blijkt dat de eerste meters van de bodemopbouw uit zand- en veenlagen bestaat met sporadisch klei ertussen. Vanaf circa NAP -3 m tot NAP -8 m is zand aanwezig, waarna klei en kleiig zand aanwezig is. In figuur 2-4 is een overzicht weergegeven van de meest waarschijnlijke lithoklasse.
Figuur 2-4: Meest waarschijnlijke lithoklasse (bron: DINOloket).
Lokale bodemopbouw op basis van grondboringen uit het DINOloket Om de bodemopbouw ter plaatse van de planlocatie te analyseren zijn grondboringen uit het DINOloket geraadpleegd. Binnen het plangebied zijn geen boringen uitgevoerd. Direct rondom het plangebied is echter wel een aantal boringen aanwezig, waarvan één tot een diepte van NAP -46,1 m (B30D0179). De boring is circa 150 m ten zuidwesten langs de Hengelolaan uitgevoerd. De geschematiseerde bodemopbouw is in tabel 2-1 weergegeven. Tabel 2-1: Bodemopbouw (Bron: DINOloket). Diepte Grondsoort (m NAP)
2.4
+0,2 tot -2,5
Klei
-2,5 tot -6,2
Zand
-6,2 tot -7,4
Klei
-7,4 tot -11,8
Zand, kleiig
-11,8 tot -14,6
Klei
-14,6 tot -16,8
Zand
-16,8 tot -17,6
Klei
-17,6 tot -46,1
Verschillende zandlagen
Grondwater DINOloket Binnen het plangebied en de directe omgeving daarvan zijn geen relevante peilbuizen aanwezig in DINOloket.
blad 8 van 33
Weging van het Waterbelang Woningbouwontwikkeling Steenzicht projectnummer 0493485.100 7 september 2024 revisie 01 Gemeente Den Haag
Grondwatertools Vanuit Grondwatertools is het niet mogelijk om ter plaatse van het plangebied isohypsepatronen op te stellen. Grondwatermeetnet Den Haag De gemeente heeft een eigen grondwatermeetnet. In het portaal dat door Wareco en Munisense voor de gemeente is gemaakt, zijn alle peilbuizen weergegeven. Aan de rand van het plangebied is een peilbuis aanwezig waarvan vanaf 2008 handmatige metingen beschikbaar zijn (153705). De grondwaterstand in de peilbuis fluctueert in deze periode tussen de NAP -0,92 m en NAP -1,84 m. De gemiddelde grondwaterstand is NAP -1,35 m, ofwel -0,95 tot -1,45 m-mv. In figuur 2-5 zijn de handmetingen van het afgelopen jaar en de locatie van de peilbuis weergegeven. Door hiaten in de metingen is het niet mogelijk om een betrouwbare GLG (Gemiddeld Laagste Grondwaterstand) en GHG (Gemiddeld Hoogste Grondwaterstand) te bepalen. De GLG is de grondwaterstand die in het algemeen aan het eind van de zomer optreedt, de GHG treedt aan het eind van de winter op. Om een eerste inzicht te krijgen in de in de grondwaterstatistieken (GXG) is de klimaateffectatlas geraadpleegd. Vanuit het klimaateffectatlas blijkt dat de GHG in het plangebied tussen de 0,4 m en 0,6 m onder maaiveld ligt en de GLG tussen 1,0 m en 1,5 m onder maaiveld. Dit komt redelijk overeen met de gegevens uit het grondwatermeetnet.
Figuur 2-5: Gegevens grondwatermeetnet gemeente 's-Gravenhage (bron: Dataportaal Wareco, ‘grondwaterindenhaag.nl’).
Drooglegging en ontwateringsdiepte Op basis van de gemiddelde maaiveldhoogte (NAP -0,25 m) en het waterpeil op NAP -1,75 m is de drooglegging 1,5 m. De ontwateringsdiepte varieert door de fluctuatie van het grondwater tussen 0,7 en 1,6 m -mv. Grondwateronttrekkingen Op basis van de WKO-tool zijn in de directe omgeving van het plangebied een tweetal grondwateronttrekkingen aanwezig. In figuur 2-6 is een overzicht weergegeven van het plangebied en de directe omgeving. Het is onbekend wat de status van deze grondwateronttrekking is.
blad 9 van 33
Weging van het Waterbelang Woningbouwontwikkeling Steenzicht projectnummer 0493485.100 7 september 2024 revisie 01 Gemeente Den Haag
Figuur 2-6: Grondwateronttrekkingen en bodemenergiesystemen in en nabij het plangebied (bron: WKO-tool).
Grondwaterbeschermingsgebied Het plangebied is niet in een grondwaterbeschermings-, waterwingebied of boringsvrije zone gelegen op basis van de Atlas en Omgevingsverordening van de provincie Zuid-Holland. Bodemdaling Op basis van de Klimaateffectatlas van Nederland blijkt dat binnen het plangebied tussen 2020-2050 en 2020-2100 de bodemdaling beperkt (3-10 cm) tot matig (10-20 cm) is. In figuur 2-7 is het scenario tussen 2020 en 2050 weergegeven en in figuur 2-8 tussen 2020 en 2100. Hierbij zijn twee situaties weergegeven, een lage en een hoge verwachting. Binnen het plangebied zit hier geen verschil tussen.
Figuur 2-7: Bodemdaling 2020-2050 scenario's, plangebied in het rode kader (bron: Klimaateffectatlas).
blad 10 van 33
Weging van het Waterbelang Woningbouwontwikkeling Steenzicht projectnummer 0493485.100 7 september 2024 revisie 01 Gemeente Den Haag
Figuur 2-8: Bodemdaling 2020-2100 plangebied in het rode kader (bron: Klimaateffectatlas).
Kans grondwateroverlast ontwikkeling In de Klimaateffectatlas van Nederland is een overzicht weergegeven van het risico van grondwateroverlast bij ontwikkelingen. Deze kaart is voor het jaar 2050 opgenomen. In figuur 2-9 is de kans van voorkomen binnen het plangebied opgenomen. Hierin is te zien dat ter plaatse van het plangebied een kleine tot aanmerkelijke toename van de kans op grondwateroverlast aanwezig is.
Figuur 2-9: Kans toename grondwateroverlast bij ontwikkelingen (bron: Klimaateffectatlas)
2.5
Watersysteem Oppervlaktewatersysteem Het plangebied is op enige afstand omringd door watergangen aan de oost-, zuid- en westzijde. De watergang rondom de sportvelden betreft een secundaire watergang. De watergang aan de zuid- en westzijde betreft een primaire watergang. Alle watergangen zijn door middel van duikers met elkaar verbonden. De situatie is weergegeven in Figuur 2-10. Het plangebied is in peilgebied GPG2007EHP1 gelegen en heeft een vast peil van NAP -1,75 m.
blad 11 van 33
Weging van het Waterbelang Woningbouwontwikkeling Steenzicht projectnummer 0493485.100 7 september 2024 revisie 01 Gemeente Den Haag
Figuur 2-10: Watersysteem in de omgeving van het plangebied (bron: Hoogheemraadschap van Delfland).
Onderbemaling Op basis van gegevens van het hoogheemraadschap en een startoverleg op 16 september 2021 blijkt dat ter plaatse van de sportvelden een onderbemaling aanwezig is. Hierbij wordt het water uit de secundaire watergang aan de zuidoostzijde van de sportvelden door middel van een gemaal in de primaire watergang gebracht. De primaire en secundaire watergang hebben echter op basis van gegevens van het hoogheemraadschap hetzelfde peil van NAP -1,75 m. Vanuit het hoogheemraadschap is aangegeven dat het bijbehorende gemaaltje aan de zuidoostzijde van de sportvelden in beheer is bij de Gemeente Den Haag. Overstromingsrisico In de Klimaateffectatlas is een overzicht weergegeven van het overstromingsrisico ten aanzien van het jaar 2050. Ten aanzien van het plangebied is de kans zeer klein (1:3.000 tot 1:30.000 per jaar) dat een overstroming plaatsvindt. Water op maaiveld De Gemeente Den Haag heeft in haar klimaatatlas een interactieve viewer waarin is weergegeven welk effect extreme neerslag heeft op de omgeving. In figuur 2-11 is weergegeven hoeveel water op straat komt te staan bij een neerslaggebeurtenis van 70 mm in één uur, hierbij is ook weergegeven welke wegen begaanbaar zijn tijdens een dergelijke bui.
blad 12 van 33
Weging van het Waterbelang Woningbouwontwikkeling Steenzicht projectnummer 0493485.100 7 september 2024 revisie 01 Gemeente Den Haag
Figuur 2-11: Wateroverlast 70 mm in 1 uur met klimaatverandering, plangebied rood kader (bron: Gemeente Den Haag).
2.6
Vuil- en hemelwater De riolering binnen het plangebied betreft een gemengd stelsel. Aan de zuidoostelijke zijde buiten het plangebied is een persleiding aanwezig. De situatie is weergegeven in figuur 2-12.
Figuur 2-12: Stedelijke riolering (bron: PDOK-viewer).
blad 13 van 33
Weging van het Waterbelang Woningbouwontwikkeling Steenzicht projectnummer 0493485.100 7 september 2024 revisie 01 Gemeente Den Haag
2.7
Waterveiligheid Uit de legger van het hoogheemraadschap blijkt dat het plangebied zich niet in de kern- of beschermingszones van waterkeringen bevindt. Het plangebied bevindt zich wél binnen een dijkring, dit is dijkring 14.
blad 14 van 33
Weging van het Waterbelang Woningbouwontwikkeling Steenzicht projectnummer 0493485.100 7 september 2024 revisie 01 Gemeente Den Haag
3.
Beleid
3.1
Rijksoverheid Omgevingswet 2024 De Omgevingswet is per 1 januari 2024 in werking getreden en vervangt de bestaande wet- en regelgeving met betrekking tot ruimtelijke ordening. In de nieuwe Omgevingswet is de wetgeving vanuit Waterwet en de Wet ruimtelijke ordening opgenomen en zijn deze komen te vervallen. De Omgevingswet brengt belangrijke veranderingen met zich mee voor het thema water en de bijbehorende regelgeving. In deze nieuwe wet wordt gestreefd naar een meer integrale benadering van ruimtelijke ontwikkelingen waaronder waterbeheer. Binnen waterbeheer worden verschillende aspecten zoals waterkwaliteit, waterkwantiteit en waterveiligheid in samenhang bekeken. Dit moet leiden tot een betere afstemming van maatregelen en een efficiënter gebruik van waterbronnen. Een van de opvallende veranderingen is de introductie van nieuwe instrumenten en activiteiten met betrekking tot waterbeheer. Dit kan variëren van het vaststellen van normen voor waterkwaliteit tot het opstellen van waterbeheerplannen. Deze nieuwe instrumenten en activiteiten zullen een rol spelen bij het reguleren en beheren van water in de leefomgeving. Een belangrijke verandering in de wetgeving betreft de verschuiving van de regulering van bedrijfsactiviteiten.
In plaats van te kijken naar de fysieke locatie van activiteiten (binnen of buiten een bedrijf), is de Omgevingswet gericht op regulering per activiteit. Dit betekent dat het niet meer uitmaakt waar en hoe lang een bepaalde watergerelateerde activiteit plaatsvindt; de regelgeving is van toepassing op de activiteit zelf. Deze aanpak kan gevolgen hebben voor de manier waarop vergunningen worden verleend en watergerelateerde activiteiten worden gereguleerd. De Omgevingswet heeft tot doel de wet- en regelgeving met betrekking tot waterbeheer te vereenvoudigen en te stroomlijnen, zodat deze beter aansluit bij de actuele maatschappelijke en ecologische uitdagingen. Dit moet resulteren in flexibeler en efficiënter waterbeheer in de leefomgeving, terwijl tegelijkertijd de kwaliteit, kwantiteit en veiligheid van waterbronnen worden gewaarborgd. Nationaal Water Programma 2022-2027 Het Nationaal Water Programma 2022–2027 is de opvolger van het Nationaal Waterplan 2016-2021 en het Beheer- en Ontwikkelplan voor de Rijkswateren 2016- 2021. Met de samenvoeging van deze twee plannen werd geanticipeerd op de Omgevingswet, waarin het programma als een van de instrumenten is opgenomen.
Het Nationaal Water Programma bevat: Een uitwerking van het te voeren beleid (inclusief het nationale ruimtelijke en ecologische beleid) voor de ontwikkeling, het gebruik, het beheer en de bescherming of het behoud van water; Maatregelen vanwege nationale belangen en om wateropgaven te bereiken en daaraan te blijven voldoen. Nationaal Bestuursakkoord Water Met het NBW-Actueel (2008) onderstrepen het Rijk, het Interprovinciaal Overleg, de Unie van Waterschappen en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten de gezamenlijke opgave om het watersysteem op zo kort mogelijke termijn en tegen de laagste maatschappelijke kosten op orde te brengen en te houden. Samenwerken is de rode draad van het geactualiseerde Nationaal Bestuursakkoord. Een actualisatie van het Nationaal Bestuursakkoord Water (NBW) uit 2003 komt voort uit de invoering van de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW), de noodzaak tot de aanscherping van een aantal begrippen en het beschikbaar komen van nieuwe klimaatscenario's. Kaderrichtlijn Water (KRW) Door de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) heeft Nederland een resultaatsverplichting voor het bereiken van de gewenste waterkwaliteit en ecologie van grond- en oppervlaktewatersystemen. Voor grote wateren of watersystemen, de zogenaamde KRW-waterlichamen, zijn hiertoe doelen opgesteld.
De (bindende) maatregelen om de doelen te bereiken zijn vastgelegd in de stroomgebiedsplannen. Voor de overige wateren geldt minimaal het stand-still principe. Waterbeheerders mogen hiervoor zelf aanvullende doelen opstellen.
blad 15 van 33
Weging van het Waterbelang Woningbouwontwikkeling Steenzicht projectnummer 0493485.100 7 september 2024 revisie 01 Gemeente Den Haag
Nationale Omgevingsvisie (NOVI) In de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) wordt perspectief gegeven om grote opgaven aan te pakken, ons land samen mooier en sterker te maken en daarbij voort te bouwen op het bestaande landschap en de (historische) steden. Het stuk behandelt een nieuwe aanpak waarin wordt gericht op integrale samenwerking en een zorgvuldige afweging van belangen met ruimte voor klimaatadaptatie en de energietransitie. De nieuwe aanpak krijgt vorm door het geven van toekomstperspectieven, de nationale belangen en de daaruit voortkomende opgaven. Voor de opgaven is een prioritering opgesteld van: 1. Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; 2. Duurzaam economisch groeipotentieel; 3. Sterke en gezonde steden en regio’s; 4. Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk beleid. Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie Het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie maakt deel uit van het Deltaprogramma. Het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie moet leiden tot een langjarige en planmatige aanpak van het beperken van de gevolgen van overstromingen, wateroverlast, hittestress en droogte. Het Rijk, provincies, gemeenten en waterschappen hebben de gezamenlijke ambitie dat in 2050 alle steden en dorpen in Nederland klimaatbestendig en waterrobuust zijn ingericht.
Bij het hevige neerslag blijven in een klimaatbestendige stad, de bedrijven en woningen droog en blijven de hoofdwegen begaanbaar. Ook wordt regen benut voor droge en zeer warme periodes, om zo schade te voorkomen.
3.2
Provincie Zuid-Holland Regionaal Waterprogramma Zuid-Holland Het regionaal waterprogramma bevat de uitwerking van het beleid van de provincie Zuid-Holland. Het regionaal waterprogramma beschrijft in ieder geval wat de provincie doet om uitvoering te geven aan de Europese richtlijnen die betrekking hebben op water: de Kaderrichtlijn Water (KRW), de Grondwaterrichtlijn, de Drinkwaterrichtlijn, de Richtlijn Overstromingsrisico’s en de Zwemwaterrichtlijn. Convenant Klimaatadaptief Bouwen Zuid-Holland 2022-2027 In de deltabeslissing Ruimtelijke adaptatie heeft het Deltaprogramma voorstellen opgenomen om de ruimtelijke inrichting van Nederland klimaatbestendig en waterrobuust te maken. Hiervoor er is de ambitie om minder nadelige gevolgen van wateroverlast, hittestress, droogte en bodemdaling te realiseren en het vergroten van de biodiversiteit. Vanuit het convenant klimaatadaptief bouwen, dat zowel door de provincie Zuid-Holland, het Hoogheemraadschap van Delfland en de gemeente Delft is ondertekend, gelden de volgende ambities: 1. Ambities met betrekking tot overstroming: Voor overstromingen met een waterdiepte tot 20 cm treedt geen schade aan gebouwen op en blijven hoofdwegen begaanbaar; Voor overstromingen met een waterdiepte tussen 20 cm en 200 cm worden verschillen maatregelen genomen om schade te beperken. 2.
Ambities met betrekking tot wateroverlast: Minimaal 50 mm van een korte bui (70 mm in één uur) in het plangebied (eigen terrein) wordt opgevangen waarna het vertraagd wordt afgevoerd. Randvoorwaarde is dat de berging niet eerder dan in 24 uur geloosd wordt waarna de berging binnen maximaal 48 uur weer beschikbaar is; Bij een bui dien eens in de 100 jaar voorkomt (90 mm in één uur) mag er geen wateroverlast optreden. 3. Ambities met betrekking tot droogte: In het plangebied wordt 50% van de jaarlijkse neerslag geïnfiltreerd. In normale jaren bedraagt dit ongeveer 450 mm; Geen droogteschade aan beplanting. 4. Ambities met betrekking tot hittestress: Tenminste 50% schaduw in het plangebied op de hoogste zonnestand (21 juni) voor verblijfsplekken en gebieden waar langzaam verkeer zich verplaatst. De te overwegen gebieden omvatten wandelpaden, fietspaden, stoepen, terrassen, voetgangersgebieden en parken; Opwarming van stedelijk gebied verminderen: 40% van alle oppervlakken wordt warmtewerend of verkoelend ingericht. blad 16 van 33
Weging van het Waterbelang Woningbouwontwikkeling Steenzicht projectnummer 0493485.100 7 september 2024 revisie 01 Gemeente Den Haag
3.3
Hoogheemraadschap van Delfland Waterbeheerprogramma 2022-2027 Het waterbeheerprogramma 2022-2027 is het document waarin het hoogheemraadschap de ambities voor de komende jaren heeft vastgelegd. Het waterbeheerprogramma bestaat uit drie niveaus. Het ‘WBP6 op hoofdlijnen’, een internetpagina met thema’s en maatregelen en het derde niveau betreft de optie ‘meer weten’ voor extra achterliggende informatie. Voor het hoogheemraadschap staat de missie ‘droge voeten, voldoende water, schoon water en gezuiverd afvalwater’ centraal. Daarnaast oriënteert het hoogheemraadschap zich op de trends en ontwikkelingen van vandaag, morgen en overmorgen. Hierin is de grootste impact de klimaatverandering. Naast klimaatverandering focust het hoogheemraadschap zich ook op minder zichtbare thema’s, zoals bijvoorbeeld de kwaliteit van het water of de bodemdaling. Ook dient het hoogheemraadschap een invulling te geven aan de uitgangspunten van de Nationale Omgevingsvisie (waterpeil bepaalt welke functies op welke plekken mogelijk zijn). Het tweede niveau thema’s is onderverdeeld in 32 verschillende thema’s waaronder, biodiversiteit, grondwater, overstromingsrisico’s, etc. Ten aanzien van de thema’s is daar ook onderscheid gemaakt in onder andere waterveiligheid, Natura 2000, zeespiegelstijging, etc.
Uitgangspunten Beleidsnota Beperken en voorkomen wateroverlast De basis van het beleid wordt gevormd door de volgende zes algemene beginselen: 1. Norm als ijkpunt: Delfland hanteert de waterkwantiteitsnormen uit de provinciale Omgevingsverordening als maatstaf om te voldoen aan haar wettelijke taak als waterkwantiteitsbeheerder. Deze normen zijn geformuleerd als overstromingskans vanuit het oppervlaktewater. 2. Standstill-beginsel: Het minimale uitgangspunt voor planontwikkelingen is dat plannen hydrologisch worden getoetst op klimaatbestendigheid en hydrologisch neutraal moet worden ontwikkeld met als doel geen gevolgen voor de waterveiligheid, het grond- en oppervlaktewater en de waterkwaliteit en ecologie. Daarmee wordt geborgd dat de ontwikkeling van het gebied met betrekking tot wateraspecten duurzaam is. Wanneer andere waterbelangen zwaarder wegen dan het voorkomen van wateroverlast, kan hiervan worden afgeweken. 3. Effectgericht: Functioneren van het gehele watersysteem staat centraal. Bij de uitwerking en afweging van maatregelen om het watersysteem op orde te brengen en te houden, staat het functioneren van het gehele watersysteem centraal. Dit betekent dat niet alleen moet worden gekeken naar de effecten voor de waterloop waar de maatregel of ingreep plaatsvindt, maar ook naar de effecten op andere plaatsen in het systeem. 4.
Gebiedsgericht: Door verwevenheid van functies en de ruimtedruk zijn een gebiedsbrede aanpak en samenwerking met gebiedspartners nodig om het watersysteem op orde te brengen en te houden. Delfland wil in een vroegtijdig stadium van planvormingsprocessen meedenken met gemeenten over oplossingen, dit ook op het gebied van wateroverlast. 5. Marktgericht: Hoogst maatschappelijke rendement tegen de laagste kosten. Delfland zet in op maatregelen, die leiden tot het hoogst maatschappelijke rendement (conform uitgangspunten 1 t/m 4) tegen de laagst maatschappelijke kosten. 6. Alle oplossingen meewegend: Op voorhand worden geen oplossingen uitgesloten om het watersysteem op orde te brengen of te houden. Bij de keuze van geschikte maatregelen worden factoren waaronder effectiviteit, betrouwbaarheid, integraliteit meegewogen. Delfland wil op deze manier integrale en innovatieve oplossingen mogelijk maken, waarbij meerdere functies of belangen gecombineerd kunnen worden en een oplossing kunnen bieden in gebieden waar ruimte schaars is. Convenant Klimaatadaptief Bouwen in Zuid-Holland In de deltabeslissing Ruimtelijke adaptatie heeft het Deltaprogramma voorstellen opgenomen om de ruimtelijke inrichting van Nederland klimaatbestendig en waterrobuust te maken.
Vanuit het convenant klimaatadaptief bouwen, dat zowel door Hoogheemraadschap van Delfland als Gemeente Den Haag is ondertekend, geldt dat lokaal vasthouden (50 mm) in het plangebied moet worden nagestreefd. Van belang is dat deze neerslag van een korte hevige bui op privaat terrein wordt opgevangen waarna het vertraagd wordt afgevoerd.
blad 17 van 33
Weging van het Waterbelang Woningbouwontwikkeling Steenzicht projectnummer 0493485.100 7 september 2024 revisie 01 Gemeente Den Haag
Randvoorwaarde is dat de berging niet eerder dan in 24 uur geloosd wordt, waarna de berging binnen maximaal 48 uur weer beschikbaar is1 . Richtlijn Vasthoudmaatregelen Om versnelde afvoer te voorkomen, beschouwt Delfland het creëren van extra oppervlaktewater als de meest betrouwbare en beheerbare compensatiemethode. Indien het voor een ontwikkeling niet mogelijk is compensatie in oppervlaktewater te realiseren, kan ook worden gezocht naar compensatie in het onderdeel van de trits vasthouden-bergen-afvoeren waarin de verslechtering optreedt. Als een alternatieve voorziening wordt toegepast, is het belangrijk dat deze goed functioneert en ook op de lange termijn betrouwbaar is. De eigenaar van het perceel is hierbij volledig verantwoordelijk voor de aanleg, het functioneren en passend onderhoud van de voorziening. Vanwege het belang voor de waterhuishouding hanteert Delfland criteria bij de beoordeling van vasthoudmaatregelen ter compensatie van verharding. De criteria zijn vooral gericht op stedelijk gebied, voor glastuinbouwgebied gelden in sommige gevallen andere uitgangspunten. Het stroomschema voor het toepassen van vasthoudmaatregelen is onderstaand weergegeven.
De richtlijn kan samen met de factsheets helpen bij het maken van een goede keuze voor effectieve maatregelen. De beoordelingscriteria zijn te lezen op de website: https://www.hhdelfland.nl/over-ons/beleid/beleid/ In geval van waterberging loost de hemelwaterafvoer via een bodempassage op het oppervlaktewater. Schoon hemelwater (bijvoorbeeld vanaf dakoppervlakken) kan direct worden afgevoerd naar oppervlaktewater. Speciale aandacht wordt besteed aan duurzaam bouwen en een duurzaam gebruik van de openbare ruimte om een goede kwaliteit van het afgekoppelde hemelwater te garanderen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan zorgvuldige materiaalkeuze (pakket duurzaam bouwen), geen blootstelling van uitloogbare bouwmaterialen zoals zink, koper en lood aan hemelwater en een verantwoord beheer van de openbare ruimte (weg- en groenbeheer). Waterschapsverordening Hoogheemraadschap van Delfland 2024 Door de ingang van de Omgevingswet per 1 januari 2024 is de Keur vervangen door de Waterschapsverordening Hoogheemraadschap van Delfland 2024. De Waterschapsverordening is een verordening met de wettelijke regels die het hoogheemraadschap hanteert bij de bescherming van oppervlaktewaterlichamen (beken, sloten en rivieren), waterkeringen, bergingsgebieden, grondwater en bijbehorende kunstwerken (gemalen, stuwen, etc.).
In de Waterschapsverordening wordt specifieker gekeken naar de regelgeving voor verschillende soorten gebieden en activiteiten.
Bron: leidraad klimaat adaptief bouwen; Convenant Klimaatadaptief Bouwen Zuid Holland https://bouwadaptief.nl/uploads/LeidraadKlimaatadaptief-Bouwen_leidraad.pdf 1
blad 18 van 33
Weging van het Waterbelang Woningbouwontwikkeling Steenzicht projectnummer 0493485.100 7 september 2024 revisie 01 Gemeente Den Haag
In de Waterschapsverordening van het Hoogheemraadschap van Delfland staat benoemd dat een omgevingsvergunning verplicht is in gevallen waarin verhard oppervlak wordt aangelegd op onverhard maaiveld, wat leidt tot een snellere afvoer van het hemelwater naar het watersysteem met uitzondering van: de aanleg van een autoweg of autosnelweg als bedoeld in het ‘Regelement verkeersregels en verkeerstekens 1990’; een wijziging van een autoweg of autosnelweg; de realisatie van een parkeerplaats, verzorgingsplaats, tankstation, carpoolplaats of bushalte langs een autoweg of snelweg; de aanleg van een spoorweg; een wijziging van een spoorweg die bestaat uit een uitbreiding daarvan; de realisatie van een spoorwegwijziging gelegen stationsgebouw, toegangsvoorziening, perron, rangeerterrein, reinigings- of onderhoudsterrein of -gebouw, alsook, indien overwegend ten behoeve van treinreizigers, een gebouwde of ongebouwde stallingsruimte voor rijwielen, gebouwde of ongebouwde parkeervoorziening voor motorvoertuigen en taxistandplaats. Volgens de Waterschapsverordening is geen omgevingsvergunning verplicht indien het project wordt verricht ter vervanging van bestaand verhard oppervlak waar in het verleden een omgevingsvergunning voor is verleend, zonder dat het verhard oppervlak wordt verhoogd en de vervanging binnen een tijdsduur van 5 jaar is voltooid.
3.4
Gemeente Den Haag Wegwijzer Den Haag klimaatbestendig Om te zorgen dat de hierna beschreven Haagse ambities en eisen gerealiseerd worden, is er een stappenplan voor klimaatbestendig ontwerpen ontwikkeld. Het stappenplan biedt projectleiders, ontwerpers en beheerders van de gemeente en van externe partijen een handreiking voor acties en afwegingen. Als één van de eerste gemeenten in Nederland heeft Den Haag in 2012 een Uitvoeringsplan Klimaatbestendig gelanceerd (RIS252427). In de Haagse Nota Duurzaamheid ‘Schone energie in een groene stad’ (RIS301829) zijn de kaders voor duurzaamheid opgenomen. Deze Wegwijzer Den Haag klimaatbestendig is een uitwerking van het thema klimaatadaptatie. Haagse ambities en eisen extreme neerslag Korte, hevige buien zullen naar verwachting steeds vaker voorkomen. Dit klimaateffect heeft een grote impact in stedelijk gebied. Wateroverlast is bij deze extreme buien niet te voorkomen. Het is daarom niet de vraag of, maar vooral waar de wateroverlast zal optreden, en welke gevolgen te verwachten zijn. Zie ‘Wegwijzer Den Haag Klimaatbestendig’ en denhaag.nl/klimaatbestendig. Om de effecten van klimaatverandering voor Den Haag en mogelijke kwetsbaarheden inzichtelijk te maken werkt te gemeente met zogenaamde stresstestkaarten voor extreme neerslag (inclusief begaanbaarheid wegen en waterschade), hitte en droogte.
Deze stresstestkaarten zijn te vinden op https://denhaag.klimaatatlas.net/. Hoewel de stresstesten een goede indicatie geven van de kwetsbaarheden in de stad is het altijd van belang om per plek nader in te zoomen op de precieze problematiek en de mate van urgentie ervan. Extreme neerslag Als algemene ambitie streeft de gemeente ernaar dat in 2050 in Den Haag bij een korte hevige bui van 70 mm in 1 uur (eens in 100 jaar in 2050 volgens huidig klimaatscenario KNMI/STOWA): Er geen schade vanuit de openbare ruimte ontstaat aan gebouwen; Vitale infrastructuur en nutsvoorzieningen blijven functioneren; Routes en locaties voor hulpdiensten beschikbaar blijven. Klimaatatlas De gemeente heeft met deze klimaatatlas de verwachte effecten van de klimaatverandering inzichtelijk gemaakt. Deze effecten zijn op hoog detailniveau bepaald met de meest recente gegevens en berekeningsmethoden. Hiermee biedt deze atlas geen pasklare oplossingen, maar wel een basis voor beleidsmakers, beheerders, inwoners, bedrijven, instellingen en belangengroeperingen om te bespreken welke problemen we verwachten en wie daarmee aan de slag kan. Modelinfo wateroverlast: Integraal model met
blad 19 van 33
Weging van het Waterbelang Woningbouwontwikkeling Steenzicht projectnummer 0493485.100 7 september 2024 revisie 01 Gemeente Den Haag
riolering. Dit betekent dat in de modellering de stroming over maaiveld (inclusief frictie en infiltratie) en de afvoer via riolering en open water is meegenomen. Voor nieuwe ontwikkelingen en herinrichtingen geldt daarnaast: A. Bij nieuwbouw stelt de gemeente de eis dat 50 mm van een korte hevige bui van 70 mm in 1 uur op privaat terrein tijdelijk kan worden opgevangen en dat na minimaal 24 en maximaal 48 uur de bergingscapaciteit weer beschikbaar is. B. Bij nieuwe ontwikkelingen is de ambitie dat gebouwen waterrobuust worden gerealiseerd: Een waterrobuust ontwerp op het niveau van het gebouw voorkomt/beperkt waterschade bij extreme neerslag (bijvoorbeeld geen vitale of kwetsbare functies in kelders). De gemeente wijst ontwikkelende partijen in de stad op de uitgevoerde stresstesten, zodat ze zelf aanvullende maatregelen kunnen nemen (om bijvoorbeeld schade bij een nog extreem heviger bui van 100 mm/2 uur te voorkomen). C. Via de herinrichting van de openbare ruimte in de bestaande stad treft de gemeente maatregelen om voor 2050 de bekende knelpunten in de openbare ruimte bij een bui van 70 mm te verhelpen. De volgorde in waterrobuust ontwerpen is eerst vasthouden, bergen en gebruiken en dan afvoeren. Het is wenselijk om dit te combineren met groene ontwikkeling van de openbare ruimte.
Hitte In Nederland zullen hittegolven vaker en langduriger voorkomen als gevolg van klimaatverandering. In 2050 is het aantal zomerse dagen in Den Haag bijna verdubbeld en het aantal tropische dagen is meer dan verdrievoudigd (RIVM, Wh scenario). Dat betekent dat het bijna twee maanden lang (in totaal 60 dagen) zomers en tropisch warm is in 2050 (ten opzichte van 30 dagen in 2000). Daarnaast is het ook nu al in iedere stad in Nederland, groot en klein, warmer dan in de minder dicht bebouwde omgeving. Als algemene ambitie streeft de gemeente ernaar dat Den Haag in 2050 beter bestand is tegen hitte. Hierbij draagt het toepassen van water in het ruimte plan van de openbare ruimte en gebouwen bij aan het hittebestendiger maken van de leefomgeving. Bij herinrichting/ nieuwrealisatie van stedelijk groen dienen maatregelen voor aanvullende watervoorziening onderzocht te worden. Daarnaast bieden waterfonteinen, verneveling en stromend water verkoeling. Doorspoelbare of voldoende diepe watergangen zijn belangrijk om opwarming/uitstraling van het water op de omgeving te voorkomen. Zie verder ook Nota Haagse hoogbouw (RIS 298448). Droogte De klimaatmodellen geven aan dat er in de toekomst vaker langere perioden van droogte zullen optreden. De afgelopen jaren heeft Den Haag meerdere droge zomers gehad, met een uitschieter in 2018.
Algemene ambitie is in Den Haag dat droogte in 2050: Wordt beperkt door maximale sponswerking in de stad via oplossingen in groen en bodembuffers en door wateraanvoer via het (stedelijke/regionale) oppervlaktewatersysteem; Niet leidt tot onomkeerbare schade aan kwetsbare gebouwen, infrastructuur, groen en ecologische waarden. Voor nieuwe ontwikkelingen/herinrichtingen geldt daarnaast: A. In het plangebied is de ambitie om 50% (450 mm) van de jaarlijkse neerslag te infiltreren en/of te hergebruiken. B. Bij de herinrichting van de openbare ruimte in de bestaande stad treft de gemeente maatregelen om de gevolgen van droogte structureel te beperken. De ontwerpprincipes voor Ontwerpprincipes verminderen extreme droogte: vasthouden water/infiltreren, bergen en gebruiken en accepteren/adapteren. Groen Het vergroenen heeft verschillende voordelen: Een groene leefomgeving draagt bij aan de gezondheid, omdat mensen zich in groene omgevingen prettiger voelen en meer geneigd zijn te bewegen, te sporten en te recreëren; Een groene leefomgeving bestrijdt hittestress in de zomer; blad 20 van 33
Weging van het Waterbelang Woningbouwontwikkeling Steenzicht projectnummer 0493485.100 7 september 2024 revisie 01 Gemeente Den Haag
Groenvoorzieningen zijn belangrijk voor de infiltratie van regenwater in de grond, de zogenaamde ‘sponswerking’ van de stad; Groen aanleggen is goedkoper dan het uitbreiden van het rioleringsstelsel; Infiltreren van meer regenwater in plaats van afvoeren is een goede maatregel tegen droogte, omdat het regenwater het grondwater aanvult; Een groene, natuurvriendelijke inrichting biedt veel kansen voor de stadsnatuur
Integraal Gemeentelijk Rioleringsplan 2021-2025 Ontwateringsdiepte De gemeente hanteert voor openbare wegen en de vloer van woningen een ontwateringsdiepte van 0,7 m -mv. Onder een kruipruimte dient de ontwateringsdiepte 0,2 m onder de bodem van de kruipruimte te zijn. Een overzicht hiervan is weergegeven in Figuur 3-1. Voor openbaar groen staat in het beleid dat dit een eigen uniek ontwateringssysteem heeft. Tevens dient het vloerpeil van een woning 0,2 m boven het maaiveld te zijn.
Figuur 3-1: Ontwateringsdiepten volgens gemeentelijk beleid.
blad 21 van 33
Weging van het Waterbelang Woningbouwontwikkeling Steenzicht projectnummer 0493485.100 7 september 2024 revisie 01 Gemeente Den Haag
4.
Uitgangspunten en randvoorwaarden
4.1
Periode 2021-2022 Op 16 september 2021 heeft een overleg plaatsgevonden tussen Antea Group, de Gemeente Den Haag en het Hoogheemraadschap van Delfland. Op basis van het overleg zijn de volgende notulen opgenomen: Huidige plangebied is naar voren getrokken in verband met de benodigde woningbouwopgave waarvoor subsidie vanuit de overheid wordt verkregen; Plangebied maakt onderdeel uit van een groter plan binnen het gebied. Hiervoor is in een eerdere fase de watersleutel al ingevuld en onder andere op basis daarvan een nota van uitgangspunten opgesteld en zijn compenserende watergangen stedenbouwkundig al ingetekend en is dit voldoende voor de watercompensatie van het grotere plan; Voor het huidige plangebied dient bekeken te worden hoeveel compensatie noodzakelijk is en dient bepaald te worden of met de watergangen ten noorden van het plangebied hier al voldoende compensatie geregeld kan worden, zodat de watergangen daar eventueel naar voren getrokken kunnen worden, om zodoende voor aanvang van de bouwwerkzaamheden de compensatie al geregeld te hebben; Groene daken worden in de watersleutel als verhard oppervlak gezien. Vervolgens kan bepaald worden of de benodigde compensatie die daaruit komt met groene daken gecompenseerd kan worden. Groene daken zit tevens ook in het voornemen van de ontwikkelaar om te realiseren.
In welke mate en hoeveel berging dit kan opleveren is nog niet bekend; Waterbergingen dienen na 48 uur weer volledig beschikbaar te zijn voor een eventuele nieuwe situatie (regenbui van 70 mm/uur); Het watersysteem is nog niet geheel in kaart gebracht hoe dit met de omgeving verbonden wordt. Hierbij gaat het met name om de noordelijke watergangen (op tekeningen, weet niet zeker of dit in de praktijk ook noordelijk is). Niet bekend of het een doodlopende watergang wordt, of dat een duiker richting het oppervlaktewater ten westen wordt gerealiseerd. Onderbemaling is een groot aandachtspunt, aangezien de aanpassing van de sportvelden pas rond 2030 gerealiseerd worden en vanaf dan de onderbemaling naar verwachting pas weg kan. De consequentie hiervan is dat wellicht meer compensatie nodig is; Beheer en onderhoud dient goed vastgelegd te worden. Onder andere in het kader van waterkwaliteit. Advies om geen uitlogende materialen te gebruiken. Dit is juridisch lastig, dus kan niet geëist worden, maar wordt vrijwel altijd sterk geadviseerd. Dit is in het kader van oppervlaktewaterkwaliteit.
Onderliggende documenten bij het beleid: Wegwijzer Den Haag klimaatbestendig; Richtlijnen vasthoudingsmaatregelen HH Delfland; Convenant klimaat adaptief bouwen; Stresstest klimaatatlas; Handreiking watertoets Verwerking watercompensatie vanuit de watersleutel en eisen vanuit het convenant klimaatadaptief bouwen/wegwijzer Den Haag klimaatbestendig Naar aanleiding van de benodigde compensatie uit de watersleutel en het beleid van het convenant klimaatadaptief bouwen is op 2 november 2021 nogmaals contact geweest tussen het hoogheemraadschap en Antea Group. Hierbij is door Antea Group de vraag gesteld in hoeverre de eisen vanuit het convenant klimaatadaptief bouwen (en ook wegwijzer Den Haag klimaatbestendig) verwerkt mogen worden in de benodigde watercompensatie vanuit de watersleutel of dat het extra bovenop de watersleutel dient te worden verwerkt.
blad 22 van 33
Weging van het Waterbelang Woningbouwontwikkeling Steenzicht projectnummer 0493485.100 7 september 2024 revisie 01 Gemeente Den Haag
Het hoogheemraadschap heeft aangegeven dat de watersleutel onderscheid maakt in 2 componenten: het huidige klimaat (A) en de aanvullende opgave om te voldoen aan het klimaat in 2050 (B). Ten aanzien van component B kan gekozen worden om dit uit te voeren door middel van vasthoudmaatregelen. Derhalve mogen de genoemde eisen vanuit het convenant klimaatadaptief bouwen/wegwijzer Den Haag klimaatbestendig verwerkt worden in component B van de watersleutel. Door het hoogheemraadschap is hierbij wel gevraagd om de keuze te onderbouwen en daarbij met name de instandhouding en beheer, omdat daarin een extra risico aanwezig is ten opzichte van de voorkeur van het hoogheemraadschap (eerst kijken of realisatie in oppervlaktewater mogelijk is). Reactie hoogheemraadschap Op 4 november 2021 is het concept-rapport van de watertoets opgeleverd bij de Gemeente Den Haag en het Hoogheemraadschap van Delfland. Bij de oplevering van het concept-rapport is vanuit Antea Group gevraagd over welk oppervlak de benodigde compensatie van 50 mm op privaat terrein dient te worden berekend. Dient dit het gehele private terrein te zijn, enkel de toename in verharding of enkel de bebouwing? Vanuit het hoogheemraadschap is per e-mail op 21 januari 2022 reactie verkregen op deze vraag, waaruit blijkt dat het om het gehele private oppervlak gaat.
Daarbij is ook aangegeven dat bij de berging het oppervlak van het binnenterrein ook meegenomen dient te worden, omdat daar deels uitgegaan wordt van gebouwd parkeren met daarop een dek dat collectief of openbaar is en het daarmee anders is dan een straat waarin de gemeente eventueel maatregelen kan nemen. Daarnaast wordt aangegeven om mogelijk ook de overgang tussen het bouwblok-straat op de locaties waar de voortuinen aanwezig zijn mee te nemen in de berekening voor de benodigde waterberging. Dit komt neer op al het uit te geven terrein.
blad 23 van 33
Weging van het Waterbelang Woningbouwontwikkeling Steenzicht projectnummer 0493485.100 7 september 2024 revisie 01 Gemeente Den Haag
5.
Toekomstige situatie
5.1
Voorgenomen ontwikkeling In de toekomstige situatie is de huidige bebouwing gesloopt en worden ter plaatse appartementencomplexen gebouwd. In figuur 5-1 is een indruk gegeven van de voorgenomen ontwikkeling. Het plangebied waar het in de weging van het waterbelang om gaat betreft het gebied in het rood omlijnde kader.
Figuur 5-1: Impressie ontwikkeling Steenzicht, plangebied in rood kader (bron: Gemeente Den Haag, augustus 2024)
5.2
Oppervlakteverdeling Het terrein heeft een totaal oppervlak van 12.224 m2. Dit wordt onderverdeeld in drie delen, de openbare ruimte met een oppervlak van 4.278 m² rondom de kavels en de twee kavels. Kavel 1a heeft een oppervlak van 4.524 m2 en kavel 1b heeft een oppervlak van 3.418 m2. Door de aanleg van ondergrondse parkeergarages onder de binnentuinen van de kavels, wordt dit onverhard oppervlak aangemerkt als verhard. De totale hoeveelheid verhard oppervlak van het plangebied is huidig 9.547 m2 en het onverhard oppervlak is 2.677 m2. In de toekomstige situatie is dit 10.764 m2 verhard en 1.460 m2 onverhard. Zie de uitgewerkte oppervlakteverdeling in Tabel 5-1. Tabel 5-1: Oppervlaktebalans in de huidige en toekomstige situatie
Huidig [m2] Verhard Onverhard
5.3
9.547 2.677
Toekomstig [m2] 10.764 1.460
Toename/afname +1.217 m2 -1.217 m2
Wateropgave Ruimtelijke plannen, waarbij het verhard oppervlak uitbreidt, hebben tot gevolg dat het hemelwater van dit oppervlak versneld tot afvoer komt. Het oppervlaktewatersysteem wordt hierdoor zwaarder belast met mogelijk wateroverlast als gevolg. Om de waterhuishouding niet te verslechteren geldt een waterbergingsopgave.
blad 24 van 33
Weging van het Waterbelang Woningbouwontwikkeling Steenzicht projectnummer 0493485.100 7 september 2024 revisie 01 Gemeente Den Haag
Ten behoeve van de waterbergingsopgave zijn er eisen vanuit het hoogheemraadschap en vanuit de gemeente. Het hoogheemraadschap werkt conform de ‘Watersleutel’ en de gemeente heeft aspecten vanuit het ‘Convenant Klimaatadaptief Bouwen’ vastgelegd in haar klimaatbeleid. De benodigde watercompensatie vanuit beide waterbeheerders wordt onderstaand uiteengezet. Hoogheemraadschap van Delfland Om te bepalen of watercompensatie noodzakelijk is, is de watersleutel van het hoogheemraadschap ingevuld (zie Bijlage 1). De watersleutel splitst de benodigde watercompensatie in twee delen. Het eerste deel betreft de wateropgave om de effecten van de ontwikkeling op het watersysteem te compenseren. Het tweede deel betreft de wateropgave om de effecten van klimaatverandering voor het plangebied te compenseren. Bij de herontwikkeling van het plangebied zijn op basis van de watersleutel de volgende watercompensatie-eisen vastgesteld: 182 m2 oppervlaktewater of 109 m3 waterberging ten gevolge van de ontwikkeling. 182 m2 oppervlaktewater of 109 m3 waterberging ten gevolge van klimaateffecten. Indien de gemeentelijke opgave hoger is dan de wateropgave voor het compenseren van klimaateffecten van het hoogheemraadschap, wordt door de invulling van de gemeentelijke opgave voldaan aan dit onderdeel.
Wateropgave Gemeente Den Haag In het kader van klimaatadaptatie is het ‘Convenant Klimaatadaptief Bouwen’ opgesteld en heeft de Gemeente Den Haag dit als beleid vastgesteld in de ‘Wegwijzer Den Haag Klimaatbestendig’. Derhalve zijn de gestelde eisen in het convenant geen ambitie van de gemeente, maar het beleid waaraan dient te worden voldaan. In het beleid van de gemeente is opgenomen dat 50 mm per m2 bij een korte hevige bui (70 mm/uur) opgevangen dient te worden op privaat terrein. Hierbij wordt als randvoorwaarde gesteld dat het opgevangen water niet eerder dan na 24 uur wordt afgevoerd en dat de berging binnen 48 uur weer beschikbaar dient te zijn. De gemeentelijke waterbergingseis is alleen van kracht voor privaat terrein. De openbare ruimte hoeft niet te worden gecompenseerd. In Steenzicht moet de bergingsopgave van de kaveloppervlakten van 1a en 1b los worden berekend over het geheel kaveloppervlak. De wateropgave voor Steenzicht 1a bedraagt: 4.524
m2 * 0,05 m = 227 m3 227 m3
+
De wateropgave voor Steenzicht 1b bedraagt: 3.418
m2 * 0,05 m = 171 m3 171 m3
+
Neerslaggebeurtenis 90 mm/uur Bij een neerslag gebeurtenis van 90 mm/uur is in het convenant en de wegwijzer opgenomen dat in het plangebied geen schade optreedt aan infrastructuur, gebouw, eigendommen of groen in de bebouwde omgeving. Enige hinder is hierbij wel toegestaan. Voor de aanvraag van de omgevingsvergunning moet aangetoond worden dat bij de beoogde inrichting geen schade optreedt. Langdurige droogte Langdurige droogte mag niet leiden tot verdroging of schade aan de bebouwde omgeving. Hierbij dient ernaar gestreefd te worden dat 50% van de jaarlijkse neerslag in het plangebied geïnfiltreerd wordt. Daarnaast dient de inrichting van het plangebied afgestemd te worden met de verwachte grondwaterstanden en de beschikbaarheid van zoetwater tijdens droogte. Conclusie Uit de vergelijking van de Watersleutel en het Convenant Klimaatadaptief Bouwen/De Wegwijzer Den Haag Klimaatbestendig blijkt dat beide waterbergingsopgaven maatgevend zijn. De opgave van het blad 25 van 33
Weging van het Waterbelang Woningbouwontwikkeling Steenzicht projectnummer 0493485.100 7 september 2024 revisie 01 Gemeente Den Haag
hoogheemraadschap behandelt de toename aan verhard oppervlak voor de gehele ontwikkeling. De uitkomsten daarvan bestaan uit twee verschillende onderdelen. Het onderdeel van de toename verhard oppervlak en het onderdeel van de klimaateffecten. De beide onderdelen hebben een benodigde hoeveelheid waterberging van 109 m3 (of 182 m2 oppervlaktewater). Indien mogelijk dient de compensatie te worden gedaan in oppervlaktewater. De gemeentelijke waterbergingseis is geldig over de gehele kaveloppervlakten. De benodigde berging voor kavel 1a is 227 m3 en deze voor kavel 1b is 171 m3. Doordat de gemeentelijke waterbergingseis hoger is dan 109 m3 vervalt de benodigde berging voor klimaateffecten van het hoogheemraadschap. In Tabel 5-2 is de benodigde waterberging schematisch uitgewerkt. Tabel 5-2: Watercompensatie-eisen gemeente en hoogheemraadschap
Ontwikkeling
Beleid
Opgave
Invulling opgave richtlijnen.
Steenzicht kavel 1a
Wegwijzer Den Haag klimaatbestendig
227 m3
Invulling van opgave dient binnen plangebied van Steenzicht kavel 1a gerealiseerd te worden.
Steenzicht kavel 1b
Wegwijzer Den Haag klimaatbestendig
171 m3
Invulling van opgave dient binnen plangebied van Steenzicht kavel 1b gerealiseerd te worden.
Steenzicht volledig (met buitenruimte)
Watersleutel Hoogheemraadschap Delfland
182 m2
Hydrologische neutraal: dus in 1e instantie binnen het plangebied. Eventueel kan worden gekeken naar berging in de nabijgelegen delen van de wijk, maar in ieder geval binnen hetzelfde peilvak. Een gebiedsbrede aanpak (integratie met andere ruimtelijke ontwikkeling) kan effectiviteit en mogelijkheden bieden om de waterberging makkelijker en veelzijdiger in te richten.
Of 109 m3
In de volgende paragraaf (paragraaf 5.4) is opgenomen hoe aan de waterbergingsopgave voldaan wordt.
5.4
Klimaatadaptatie en invulling waterbergingsopgave In de toekomstige situatie wordt het schone hemelwater (zogenaamde hemelwaterafvoer; HWA) niet op het riool aangesloten maar binnen het plangebied verwerkt. Hemelwatervoorzieningen De daken van de gebouwen van Steenzicht 1a en 1b zijn waterbergend. De daken krijgen retentiekratten met een berging van 70 mm en een laag grond met een berging van 30% van het totaal grondvolume. In Figuur 5-2 is een visualisatie van de maatregelen opgenomen.
Figuur 5-2: Waterbergende maatregelen daken Steenzicht 1a en 1b (bron: Buro Sant en Co Landschapsarchitecten).
Het totale dakoppervlak van Steenzicht 1a is 1.785 m2. De totale waterberging voor Steenzicht 1a wordt als volgt berekend: blad 26 van 33
Weging van het Waterbelang Woningbouwontwikkeling Steenzicht projectnummer 0493485.100 7 september 2024 revisie 01 Gemeente Den Haag
Infiltratiekratten: Grond: Totaal
1.785 * 0,07 545,7 * 0,3
= =
125 m3 163,7 m3 288,7 m3
Het totale dakoppervlak van Steenzicht 1b is 1.265 m2. De totale waterberging voor Steenzicht 1b wordt als volgt berekend: Infiltratiekratten: 1.265 * 0,07 = 88,6 m3 Grond: 330,3 * 0,3 = 99,1 m3 Totaal 187,7 m3 In de berekening is uitgegaan van de inhoud van de retentiekratten type “WRB 85i”. Bijlage 2 geeft een uitgebreide uitleg over de specificaties van dit type retentiekrat. Tevens wordt er uitleg gegeven over de werking van het Smart Flow Control systeem. Door middel van de retentiekratten wordt het water opgevangen en slim hergebruikt door middel van de daktuin. Nieuw oppervlaktewater De gemeente is voornemens om aan langs de Hengelolaan nieuw oppervlaktewater te graven (ca. 638 m2), zie figuur 5-3. Binnen het plangebied is eveneens ruimte beschikbaar om water te bergen in de vorm van een ondergrondse voorziening. Uitgaande van een maximale peilstijging van 0,6 m resulteert dit in 382 m3 waterberging. In Figuur 5-4 is het dwarsprofiel van de nieuwe watergang opgenomen. Nieuw te graven oppervlaktewater langs de Hengelolaan
Figuur 5-3: Nieuw te realiseren oppervlaktewater langs de Hengelolaan (bron: Gemeente Den Haag, augustus 2024).
blad 27 van 33
Weging van het Waterbelang Woningbouwontwikkeling Steenzicht projectnummer 0493485.100 7 september 2024 revisie 01 Gemeente Den Haag
Figuur 5-4: Dwarsprofiel watergang Hengelolaan (bron: Gemeente Den Haag).
Conclusie Door de aanleg van waterbergende daken en het graven van een nieuwe watergang langs de Hengelolaan wordt voldaan aan de eisen van de Gemeente Den Haag uit de Wegwijzer Den Haag Klimaatbestendig en de Watersleutel van het Hoogheemraadschap van Delfland. De verplichte hoeveelheid waterberging wordt overschreden, waardoor er meer waterberging resterend is. Dit is het geval bij het oppervlaktewater langs de Hengelolaan. De hoeveelheid meer berging is 456 m2 (638 – 182). Daarnaast heeft het dak een hogere capaciteit en kan deze een hevigere bui opvangen.
5.5
Beheer De "Delftse stoep" houdt in dat het overgangsstuk tussen het gebouw en de stukken die in beheer zijn bij de gemeente groen blijven. Dit voorkomt dat extra verharding plaatsvindt. In de leveringsakte naar de corporatie wordt opgenomen dat de groene delen in beheer blijven bij de corporatie en dat deze overgangsstukken ook groen dienen te blijven. In een later stadium wordt er een beheer- en onderhoudsplan met een geselecteerde hovenier vastgesteld voor het onderhoud van de infiltratiekratten.
5.6
Watersysteem Waterpeil Het plangebied is gelegen in peilgebied GPG2007EHP1 en heeft een vast peil van NAP -1,75 m. Dit peil mag niet aangepast worden. Bij de onderbemaling ter plaatse van de sportvelden is gebleken dat het waterpeil hetzelfde is als het normale peil. Het hoogheemraadschap heeft aangegeven dat het verwijderen van het gemaal en het realiseren van een open duiker duurzamer is en dat dit ook de natuurlijke buffercapaciteit van de polder vergroot. Daarbij heeft het hoogheemraadschap wel de kanttekening dat niet bekend is of de drooglegging gelijk is aan de rest van de polder en dat het gemaal wellicht een vertraagde afvoer oplevert, wat bij extreme neerslag als berging fungeert. Bij het plangebied heeft de onderbemaling geen effect op het watersysteem. Een aanpassing van de onderbemaling is in dit onderzoek daarom niet meegenomen.
blad 28 van 33
Weging van het Waterbelang Woningbouwontwikkeling Steenzicht projectnummer 0493485.100 7 september 2024 revisie 01 Gemeente Den Haag
Verhard- en onverhard oppervlak In de toekomstige situatie neemt het verhard oppervlak met ca. 1.127 m2 toe en het onverharde oppervlak met circa 1.127 m2 af. Nieuw gegraven oppervlaktewater Het functioneren van het watersysteem in de toekomstige situatie is nog niet volledig in kaart gebracht. Op het moment van opstellen van onderhavig rapport is nog onbekend hoe de noordelijke watergangen verbonden worden met de omgeving. Het hoogheemraadschap heeft aangegeven doodlopende watergangen zo veel mogelijk te willen voorkomen. Derhalve dient in nadere ontwerpen bepaald te worden hoe de watergangen met de omgeving verbonden kunnen worden en hoe het watersysteem binnen het plangebied gaat werken.
5.7
Grondwaterstand Om het risico op grondwateroverlast te beperken dient de ontwateringsdiepte voldoende te zijn. De ontwateringsdiepte is de afstand tussen de gemiddeld hoogtegrondwaterstand en het straatpeil, het maaiveld en/of vloerpeil (zie ook Figuur 5-5).
Figuur 5-5: Schematische weergave ontwateringsdiepte. De grondwaterstand binnen het plangebied betreft 1,0 tot 1,6 m -mv. Hierbij is uitgegaan van het maaiveld tussen NAP +0,1 en -0,35 m (zoals weergegeven in paragraaf 2.2) en een grondwaterstand tussen de NAP -0,92 m en NAP -1,84 m (zoals weergegeven in paragraaf 2.4). Binnen de Gemeente Den Haag wordt een ontwateringsdiepte onder de bebouwing gehanteerd van 0,7 m -mv. Onder een kruipruimte dient een ontwateringsdiepte van 0,2 m te zijn, met als uitgangspunt een kruipruimte van 0,5 m diep. Een aandachtspunt is de ondergrondse parkeergarages. De garages komen te liggen in het grondwater. Hierdoor zijn deze gevoelig voor grondwateroverlast. Deze dienen waterdicht te worden aangelegd om grondwateroverlast te voorkomen.
5.8
Vuilwater Ten aanzien van nieuwbouw dient de nieuw te leggen riolering, gescheiden gerealiseerd te worden. Dit betekent het realiseren van een vuilwaterriolering (VWA/DWA) en een hemelwaterriolering (HWA).
5.9
Waterkwaliteit Ten opzichte van de huidige situatie heeft de herontwikkeling van het plangebied weinig tot geen invloed op de waterkwaliteit. Om hemelwater dat van de daken en overige verharde oppervlakken afstroomt te mogen infiltreren/bergen, dient onder meer aan de volgende voorwaarden te worden voldaan: Vereist is de toepassing van niet-uitloogbare bouwmaterialen als kunststoffen en geen zink, lood, koper of asfalt. Staal, aluminium en zink voorzien van een duurzame coating kan wel worden toegepast. Hierbij ontstaan geen verhoogde concentraties verontreinigende stoffen;
blad 29 van 33
Weging van het Waterbelang Woningbouwontwikkeling Steenzicht projectnummer 0493485.100 7 september 2024 revisie 01 Gemeente Den Haag
5.10
Hemelwater van (afgekoppelde) verhardingen mag niet verontreinigd zijn met chemische bestrijdingsmiddelen, olie, agressieve reinigingsmiddelen of andere verontreinigende stoffen. Bij de communicatie met de toekomstige gebruikers van het plangebied moet duidelijk worden gewezen op de risico’s van het toepassen van chemicaliën en dergelijke, en de gevolgen voor de waterkwaliteit van het niet naleven van deze regels.
Waterveiligheid Uit de legger van het hoogheemraadschap blijkt dat het plangebied zich niet in de kern- of beschermingszones van waterkeringen bevindt. Derhalve zijn er geen effecten op de waterveiligheid.
blad 30 van 33
Weging van het Waterbelang Woningbouwontwikkeling Steenzicht projectnummer 0493485.100 7 september 2024 revisie 01 Gemeente Den Haag
6.
Conclusie / weging van het waterbelang In het plangebied is volgens de Wegwijzer Den Haag Klimaatbestendig van de Gemeente Den Haag een totaal aan waterberging benodigd van 227 m3 voor Steenzicht 1a en 171 m3 voor Steenzicht 1b. Volgens de Watersleutel van het Hoogheemraadschap van Delfland is er voor de toename verhard oppervlak van het volledige planvoornemen van 1.127 m2 een verplichting tot de realisatie van 182 m2 nieuw oppervlaktewater of 109 m3 waterberging indien dit niet mogelijk is binnen hetzelfde peilgebied. Om te voldoen aan het beleid van beide overheidsinstanties zijn maatregelen in het ontwerp opgenomen. De maatregelen voor de kavels Steenzicht 1a en 1b bestaan uit het aanleggen van waterbergende daken. De totale waterberging in het plan voor kavel 1a is 288,7 m3 en voor kavel 1b is dit 187,7 m3. Daarnaast is het graven van een nieuwe watergang opgenomen in het ontwerp. De watergang wordt gegraven langs de Hengelolaan en heeft een totaal oppervlak van ca. 638 m2, waarvan 182 m² voor de onderhavige ontwikkeling wordt benut. De overige 456 m² zijn beschikbaar voor de overige ontwikkelingen in de omgeving. Door het implementeren van de maatregelen wordt voldaan aan de beleidsregels van het Hoogheemraadschap van Delfland en de Gemeente Den Haag. Ten aanzien van nieuwbouw dient de nieuw te leggen riolering, gescheiden gerealiseerd te worden.