CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS319520 Bijlage Tussenrapportage Weigeliaplein 20nov2024 CvC

Commissie Ruimte 14 mei 2025, gemeente Den HaagBij agendapunt: Ingekomen bestuurlijke stukken4.239 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

WEIGELIAPLEIN 20 november 2024 Opstellers: Linda Reijerkerk en Fleur Meijer

Tussenrapportage

Inhoud 1.Inleiding en samenvatting............................................................................................................................. 2 2.Opdracht aan het Centrum voor Conflicthantering ...................................................................................... 3 2.1. Motie ‘Deur nummer Drie’…. ............................................................................ 3 3. Onze werkwijze ............................................................................................................................................ 4 4. Inzicht in belangen ....................................................................................................................................... 4 5. Onze analyse ................................................................................................................................................ 5 6. Ons advies....................................................................................................................................................

6 Bijlage 1: Het Centrum voor Conflicthantering en het profiel van Linda Reijerkerk en Fleur Meijer .............11 Bijlage 2: Motie ‘Deur nummer Drie’ (RIS nummer 319520) .........................................................................13 Bijlage 3: Escalatieladder Glasl.......................................................................................................................14

©Centrum voor Conflicthantering | november 2024

1.

Inleiding en samenvatting

Voor u ligt een tussenrapportage over de uitwerking van de motie ‘Deur nummer Drie’, die betrekking heeft op een conflict rondom het Weigeliaplein. De gemeente Den Haag heeft opdracht gegeven aan het Centrum voor Conflicthantering tot een verkennend onderzoek t.a.v. de bereidheid van betrokkenen om met elkaar in gesprek te gaan. Het doel van een dergelijk gezamenlijk gesprek zou moeten zijn om te komen tot afspraken, en uiteindelijk besluitvorming ten aanzien van de toekomst van het Weigeliaplein. In deze tussenrapportage gaan we in op een aantal onderwerpen. Allereerst lichten we toe wat onze opdracht is geweest. Vervolgens schetsen we onze werkwijze van het verkennend onderzoek, zoals welke partijen we hebben gesproken. Daarna richten we ons op de verschillende belangen van partijen, die wij opgehaald hebben tijdens de gesprekken, waarna wij komen met een analyse over het conflict. Dit resulteert in ons uiteindelijke advies. De status van deze rapportage is die van een ‘tussenrapportage’, omdat de gezamenlijke gesprekken tussen de partijen nog moeten starten. Dit vraag een zorgvuldige voorbereiding, waar wij in deze tussenrapportage verder op in gaan.

Samenvatting van ons advies Naar aanleiding van de gevoerde gesprekken komen wij tot de conclusie, dat er ruimte is om met elkaar in gesprek te gaan, in de vorm van de voorgestelde werkgroep-commissie uit de motie. Ook constateren we dat partijen bereid zijn om, tot op zekere hoogte, te starten met een open houding naar elkaars belangen, wat ruimte biedt om over oplossingen in gesprek te gaan. Op basis van deze uitkomst is ons advies om bij de inrichting van de werkgroep – commissie te voldoen aan een aantal waarborgen. De waarborgen relateren onder andere aan duidelijke procesafspraken, duidelijkheid over rol, verantwoordelijkheid en mandaat van alle betrokkenen (deelnemers commissie werkgroep en daarbuiten). Daarbij adviseren we in te zetten op door allen geaccepteerde onafhankelijke procesbegeleiders. Wij doen een beroep op alle betrokken partijen om te reflecteren op hun rol, verantwoordelijkheid en mandaat en de wijze waarop hun gedrag en communicatie kan bijdragen aan het oplossen van dit conflict. Wij adviseren tot slot niet te lang te wachten met het opstarten van deze gesprekken, om zorg te dragen dat belangen van partijen niet nog meer onder druk komen te staan.

©Centrum voor Conflicthantering | november 2024 Pagina | 2

2.

Opdracht aan het Centrum voor Conflicthantering

De gemeente Den Haag heeft het Centrum voor Conflicthantering (CvC) als onafhankelijke partij gevraagd om te verkennen in hoeverre betrokken partijen open staan om met elkaar in gesprek te gaan over de kwestie ‘Weigeliaplein’. De gemeente Den Haag heeft de volgende aandachtspunten bij de opdracht meegegeven: ◆

een eerste uitvoering te geven aan de aangenomen motie ‘Deur nummer Drie’;

◆

de gesprekken in de sfeer van vertrouwelijkheid te voeren;

◆

oplevertermijn van het adviesrapport: medio november.

Vanuit het CvC zijn wij, Linda Reijerkerk en Fleur Meijer, in de rol van facilitator aan de slag gegaan om te verkennen in hoeverre betrokken partijen open staan om met elkaar in gesprek te gaan, waarbij uitgegaan is van de aangenomen motie ‘Deur nummer Drie’. In recente berichtgeving in de krant werden wij geïntroduceerd als ‘bemiddelaars’. Bemiddeling vanuit onze rol is in deze opdracht echter (nog) niet aan de orde geweest. In de bijlage leest u meer over het CvC en wie wij zijn.

2.1. MOTIE ‘DEUR NUMMER DRIE’ De aanleiding van de opdracht was Motie ‘Deur nummer Drie’. Op 10 juli 2024 is het concept-Planuitwerkingskader (PUK) Vijf Heesters-Weigeliaplein (RIS 316450) besproken in de Raad van de gemeente Den Haag. Tijdens deze Raadsbespreking is het concept PUK niet aangenomen. De Raad heeft met meerderheid van stemmen de motie ‘Deur nummer drie’ aangenomen. De motie draagt het College op om (letterlijke tekst uit de motie):

◆

Een commissie of werkgroep in te stellen met een onafhankelijk voorzitter en waarin vertegenwoordigd zijn: de bewonerscommissie Complex 070, de bewonerscommissie Vijf Struiken, de woningbouwcoöperatie Haag Wonen en een lid van het college van B&W: o

Installatie van deze werkgroep vindt plaats voor 21 september 2024;

o

De werkgroep krijgt de opdracht voor 1 maart 2025 een gezamenlijk plan voor de ontwikkeling van het Weigeliaplein binnen de hierboven omschreven uitgangspunten op te stellen;

o

Het resulterende plan moet kunnen rekenen op voldoende draagvlak bij de bewoners;

o

Daarbij wordt het renovatieplan van bewonerscommissie Complex 070 als vertrekpunt gehanteerd.

◆

Iedere twee maanden de Raad te rapporteren over de voortgang.

◆

Het gebied aan te wijzen als actiegebied nadat deze werkgroep is geïnstalleerd.

©Centrum voor Conflicthantering | november 2024

Pagina | 3

3. Onze werkwijze Wij hebben ervoor gekozen om met twee facilitators de gesprekken te voeren. Deze keuze is allereerst ingegeven door de complexiteit van de kwestie (veel betrokken partijen, langlopende kwestie, veel media-aandacht), wat maakt dat er extra capaciteit in de gesprekken nodig is om goed te doorgronden wat de kern van het conflict is en van daar uit het tussenrapport op te kunnen stellen. Daarnaast realiseren we ons dat er in deze kwestie veel belangen op het spel staan, wat vraagt om zorgvuldigheid en een advies waar betrokken partijen ook daadwerkelijk mee verder kunnen: met de inzet van twee facilitators hebben we onze denkkracht kunnen vergroten. Als onderdeel van onze opdracht hebben wij met betrokken partijen een gesprek gevoerd: gemeente Den Haag (ambtelijke organisatie + verantwoordelijk wethouder), Haag Wonen, De Vijf Struiken en Complex 70. Complex 70 heeft voor hun gesprek een vertegenwoordiger van de Woonbond uitgenodigd ter ondersteuning, dit hebben wij geaccepteerd. Daarnaast zijn we gebeld door Heemschut, als vertegenwoordiger van meerdere belangenorganisaties, om meer informatie te krijgen over ons proces en aanbod om constructief in gesprek te gaan. Dit gesprek heeft niet plaatsgevonden, omdat het buiten de scope van onze opdracht valt. Gesprekken hebben gemiddeld 1,5 uur geduurd.

Voorafgaand aan een gesprek hebben wij afspraken gemaakt met de partij over de vertrouwelijkheid van het gesprek. Uitkomsten van de gesprekken hebben wij daarom voorgelegd ter goedkeuring aan de desbetreffende partijen voorafgaand aan vrijgave van dit tussenrapport aan de gemeente Den Haag. Wij hebben ons voorbereid en ingelezen via een aantal relevante stukken, de vergadering van de Commissie Ruimte van 12 juni en de Raadsvergadering van 10 juli teruggekeken. Wij hebben een locatiebezoek afgelegd aan het Weigeliaplein en omgeving.

4. Inzicht in belangen In onze gesprekken zijn we op zoek gegaan naar standpunten en belangen van onze gesprekspartners. Er is een belangrijk verschil tussen beiden. Op het moment dat een conflict escaleert, zien we dat partijen steeds meer gaan communiceren vanuit standpunten. Dit zijn de meningen of opvattingen van mensen welke zij zien als oplossing voor iets wat voor hen essentieel is: een onderliggend belang. Standpunten zijn vaak duidelijk geformuleerd en kunnen worden gezien als een positie die iemand inneemt in een discussie of debat. Het is daarom voor ons van belang om erachter te komen wat partijen daadwerkelijk belangrijk vinden en waar hun behoeften liggen. Het is mogelijk dat partijen verschillende standpunten hebben, maar toch dezelfde belangen delen. Het begrijpen van deze onderliggende belangen kan leiden tot gezamenlijke oplossingen of compromissen.

©Centrum voor Conflicthantering | november 2024

Pagina | 4

We onderscheiden drie soorten belangen: inhoudelijke belangen, procedurele belangen en psychologische belangen. Inhoudelijke belangen verwijzen naar de belangen die direct te maken hebben met de inhoud of de materie van een zaak, vraagstuk of onderwerp. Procedurele belangen verwijzen naar belangen die zich richten op het naleven van de juiste procedures, regels en formaliteiten bij het nemen van besluiten of het afhandelen van zaken, vooral binnen juridische, administratieve of organisatorische contexten. Psychologische belangen verwijzen naar de psychologische aspecten of motieven die ten grondslag liggen aan het gedrag, de overtuigingen, of de keuzes van een persoon. In de gesprekken met de geïnterviewden komt een beeld naar voren wat voor hen belangrijk is als het gaat om het zoeken naar oplossingen. Belangrijk voor allen is het realiseren van gezonde, leefbare en toekomstbestendige woningen. Daarnaast gaat het erom om een goed geïnformeerde, gelijkwaardige gesprekspartner te zijn, die serieus genomen wordt in de dingen die naar voren worden gebracht. Een open en transparant gesprek is daarin eveneens essentieel. Voor allen is duidelijk dat de urgentie hoog is, aangezien de situatie onhoudbaar wordt op verschillende vlakken, de gezondheid van de huidige bewoners voorop.

Gelet op de leegstand krijgt de wijk een andere dynamiek: veel van de geïnterviewden noemen dan ook de sociale cohesie en een veilige leefomgeving als belangrijke elementen. Er zijn nog meer aspecten die de geïnterviewden belangrijk vinden. Wij vinden het effectiever en passend binnen de vertrouwelijkheid van de gesprekken, dat zij deze informatie in de werkgroep-commissie, met de andere betrokkenen, met elkaar kunnen delen.

5. Onze analyse De ontstane situatie heeft alle kenmerken van een conflict: zo is de communicatie tussen betrokken partijen verstoord, lopen de emoties geregeld (hoog) op, worden er in de openbaarheid verwijten naar elkaar gemaakt, staat er een aantal belangen op het spel, maar zijn partijen wel afhankelijk van elkaar voor een goede uitkomst. Als we een korte analyse maken van de ontstane situatie aan de hand van het internationale escalatiemodel van Glasl is onze hypothese dat het conflict zich bevindt in de tweede fase, op de zesde trede. Nogmaals dit is vanuit ons perspectief en gaat over de ontstane situatie als geheel. Het is goed mogelijk dat afzonderlijke partijen zich op een andere trede plaatsen. Zie bijlage 3 voor het model van Glasl.

©Centrum voor Conflicthantering | november 2024

Pagina | 5

De escalatieladder van Glasl wordt internationaal gebruikt om conflicten te analyseren en te bepalen wat nodig is om een conflict te de-escaleren. Grofweg worden er drie fasen onderscheiden: de win-win fase, de win-verlies fase en de verlies-verlies fase. Elke fase is onderverdeeld in verschillende treden. Vaak liggen kritieke gebeurtenissen ten grondslag aan een escalatie of de-escalatie. Dit hebben wij ook in de gesprekken met partijen terug gehoord. Het zijn vaak ook deze gebeurtenissen die belangrijk zijn om te bespreken op het moment dat partijen met elkaar aan tafel zitten, dat gebeurt in de zogenaamde ‘exploratiefase’ waar we later in ons advies bij stilstaan. Op het moment dat partijen in conflict zijn met elkaar zijn er doorgaans drie wegen om te bewandelen: de weg van de macht (de partij met de bevoegdheden neemt besluiten, die bijdragen aan oplossing van het conflict), de weg van het recht (juridische procedures) en de weg van conflicthantering. De weg van macht leidt in de regel tot ‘winnaars en verliezers’, het kan lang duren en het is maar de vraag of alle belangen hiermee het beste worden gediend. Ditzelfde geldt voor de juridische weg. Bij de weg van conflicthantering wordt er gekeken hoe oplossingen er uit kunnen zien in wederzijds belang.

Vaak verkennen partijen hun strategie op basis van deze drie wegen, en hebben zij in de ingeslagen weg altijd in hun hoofd wat hun ‘beste alternatief zonder overeenstemming’, hun BAZO, is. Daarbij is ook het ‘worstcase-scenario' relevant: wat zijn de consequenties als het conflict voortduurt? Daarmee is vraag of de weg van de macht en de weg van het recht oplevert wat alle partijen nodig hebben.

6. Ons advies 1.

Partijen zijn bereid om met elkaar in gesprek te gaan met een open houding.

2.

Voorafgaand aan dit gesprek is aandacht nodig voor de relatie tussen de bewonerscommissies.

3.

Het gesprek heeft kans van slagen als de inrichting van het gesprek voldoet aan een aantal specifieke waarborgen.

4.

Een breder bewustzijn over rol, verantwoordelijkheid en mandaat is nodig.

Hieronder volgt een uitwerking van bovenstaande punten. 1.

Naar aanleiding van de gevoerde gesprekken komen wij tot de conclusie, dat er ruimte is om met elkaar in gesprek te gaan, in de vorm van een werkgroep of commissie onder begeleiding van onafhankelijke facilitators/mediators. Ook constateren we dat partijen bereid zijn om, tot op zekere hoogte, te starten met een open houding naar elkaars belangen, wat ruimte biedt om over oplossingen in gesprek te gaan.

©Centrum voor Conflicthantering | november 2024

Pagina | 6

2.

We hebben met beide bewonersorganisaties gesproken: de Vijf Struiken en Complex 70. Wij adviseren om voorafgaand aan de gesprekken in een werkgroep - commissie aandacht te besteden aan de relatie tussen beide bewonersorganisaties over de zaken die hen onderling dwars zitten. De bewonerscommissies hoeven niet aan de voorkant van de gesprekken het eens te worden over de inhoud, de aandacht is dus met name gericht op herstel in de gespreksrelatie tussen beide bewonersorganisaties. Dit achten wij nodig om zorg te dragen dat zij met elkaar in gesprek kunnen op effectieve manier en het belang van alle bewoners goed kunnen behartigen tijdens de gesprekken. Daarnaast draagt het bij aan meer veiligheid om aan een werkgroep – commissie deel te willen nemen.

3.

De werkgroep – commissie heeft kans van slagen als de inrichting daarvan aan een aantal waarborgen tegemoetkomt. Met deze waarborgen spreken betrokken partijen met elkaar af om de hierboven geschetste weg in te gaan van ‘conflicthantering’, uitgaand van alle belangen.

4.

We vragen specifiek voor deze kwestie aandacht voor de rol, verantwoordelijkheid en mandaat van de verschillende betrokken partijen. Deze zijn bij de start van een voorgenomen planontwikkeling van een woningbouwcorporatie duidelijk omschreven: in wetten (zoals de Woonwet en de Overlegwet), in beleidskaders van de gemeente, in beleidskaders van de Woningbouwcorporatie (zoals het Algemeen Sociaal Statuut), in de prestatieafspraken tussen gemeente en woningbouwcorporaties, in de relatie tussen het College van B&W en de gemeenteraad, de rol van bewoners en de rol van de pers/media enzovoort. Het conflict dat is ontstaan in deze kwestie vraagt van alle betrokken partijen te reflecteren op hun rol, verantwoordelijkheid en mandaat. En het effect van hun handelen op het mogelijk verder escaleren van het conflict. Tegelijkertijd kan hun handelen ook een bijdrage leveren aan het oplossen van het conflict, met oog voor alle belangen. Dat geldt voor de deelnemende partijen aan de werkgroep- commissie in het bijzonder, maar ook andere belanghebbende partijen, kortom partijen die niet gaan deelnemen aan de gesprekken, maar wel afhankelijk zijn van de uitkomsten daarvan of daar iets van vinden. Ons beroep op deze partijen is om de werkgroep- commissie haar werk te laten doen en te respecteren onder welke waarborgen zij deze gesprekken voeren.

Tegelijkertijd doen we een beroep op de deelnemende partijen aan de werkgroep/commissie om goede afspraken te maken wanneer en op welke wijze de nietdeelnemende partijen worden geïnformeerd of betrokken.

©Centrum voor Conflicthantering | november 2024

Pagina | 7

Extra toelichting over de waarborgen ◆

Over de gespreksleiders: o de gesprekken worden begeleid door twee gespreksleiders. Op het moment dat er meerdere partijen deelnemen, is onze ervaring, dat er twee gespreksleiders nodig zijn, om de dynamiek aan tafel goed te kunnen overzien en hierop de juiste interventies te doen; o de gespreksleiders worden door alle partijen geaccepteerd; o de gespreksleiders zijn onafhankelijk, wat inhoudt dat de gespreksleiders zelf geen inhoudelijk belang hebben bij de kwestie en mogelijke oplossingsrichtingen; o de gespreksleiders zijn onpartijdig: wat inhoudt dat de gespreksleiders handelen zonder vooringenomenheid. De gespreksleiders zijn er op deze manier voor alle partijen. Zij hebben een vertrouwenspositie ten opzichte van elk van hen. De gespreksleiders geven in woord en daad geen blijk van een voorkeur voor of van afkeuring jegens (een van de) partijen en zij handelen zonder vooringenomenheid jegens hen.

◆

Gesprekken vinden in beslotenheid plaats: in beginsel zijn alleen de onafhankelijke gespreksleiders, partijen en eventuele vertegenwoordigers en adviseurs betrokken bij de gesprekken. Als er andere belanghebbende partijen bij de gesprekken worden betrokken, dan is de toestemming van alle partijen aan tafel vooraf vereist.

◆

Het is algemeen erkend dat om de slagingskans van gesprekken te vergroten, minstens één vertegenwoordiger van iedere partij bevoegd moet zijn om die partij rechtsgeldig te vertegenwoordigen en ook afspraken aan te gaan en na te kunnen komen.

◆

Gesprekken vinden plaats op vrijwillige basis. Zowel de partijen als de gespreksleiders kunnen de gesprekken op ieder moment beëindigen.

◆

Gesprekken vinden ook plaats op een door alle betrokkenen geaccepteerde locatie.

◆

Vertrouwelijkheid: alles wat tijdens de gesprekken mondeling en schriftelijk wordt uitgewisseld, is vertrouwelijk. Deze informatie mag niet buiten de gesprekken tijdens of na afloop van de gesprekken worden gebruikt, tenzij partijen hier vooraf expliciet afspraken over maken met elkaar en met de gespreksleiders, bijvoorbeeld indien terugkoppeling nodig is over de voortgang van de gesprekken: o in deze kwestie kunnen wij ons voorstellen dat meerdere partijen behoefte hebben om hun achterban te informeren over de voortgang van het proces, en mogelijk ook op inhoud. Dit dient altijd in overeenstemming te zijn met alle deelnemende partijen en is altijd onder doorgifte van de afgesproken vertrouwelijkheid; o de gespreksleiders dragen er daarom zorg voor, dat alle personen die bij de gesprekken worden betrokken, een geheimhoudingsverklaring tekenen. Daarnaast verdient het aanbeveling ook de eventuele advocaten van partijen een geheimhoudingsverklaring te laten tekenen.

©Centrum voor Conflicthantering | november 2024

Pagina | 8

Extra toelichting over de deelnemers Wij adviseren om de werkgroep - commissie te starten met de volgende partijen: Haag Wonen, gemeente Den Haag, bewonerscommissie de Vijf Struiken en de bewonerscommissie Complex 70. Het is van belang dat duidelijk wordt wie namens deze partijen gaat deelnemen en met welk mandaat deze persoon dat doet. Gesprekken hebben meer kans van slagen als deze deelnemers betrokken zijn vanuit ‘vrijwilligheid en met commitment om er samen uit te komen’. Het is ook van belang dat duidelijk wordt met wie deze deelnemers ruggenspraak nodig hebben buiten de gesprekken; met deze personen is het aan te raden ook de geheimhouding goed te borgen. Het is goed mogelijk dat andere partijen of deskundigen in het proces nodig zijn; ons advies is om daar met alle partijen eerst overeenstemming over te vinden wie een dergelijk onafhankelijke adviseur/ deskundige rol kan vervullen en deze nieuw toe te treden deelnemers te laten tekenen voor de geheimhouding van de gesprekken. Naast deze direct betrokken partijen kunnen andere instanties/personen zo nodig later aanschuiven. Hun rol als deelnemer kan verschillen: als deskundige, kennis overdragen, oplossingsrichtingen bedenken en/of toetsen. Een andere motivatie kan zijn om een instantie/persoon te laten deelnemen om het draagvlak voor de oplossingen te vergroten.

Een goed procesontwerp is essentieel Voorafgaand aan de start van de gesprekken adviseren we de uitvoerende partij (de gespreksleiders) een procesontwerp te maken. Bovenstaande voorwaarden kunnen hierin verwerkt worden. Het CvC is gewend om procesontwerpen te maken voor gesprekken waar meerdere partijen deelnemen. Over het algemeen verdelen we het proces in vier fasen: de opening, exploratie, onderhandelen en de afronding. Tijdens de openingsfase maken leggen partijen afspraken vast over de wijze waarop ze in gesprek gaan met elkaar. In de openingsfase wordt het procesontwerp onder de regie van de gespreksleiders, in afstemming met partijen, opgesteld en verfijnd. De exploratiefase is de eerste fase van het proces, waarin de gespreksleiders samen met de partijen de context en de onderliggende belangen achter de conflicten onderzoekt. Het doel van deze fase is om een duidelijk begrip over en weer te krijgen van het probleem en om een open en veilige ruimte te creëren voor de partijen om hun standpunten en zorgen te delen. Naast het begrijpen van de standpunten, proberen de gespreksleiders de onderliggende belangen van de partijen te achterhalen. Dit zijn de wensen, behoeften en doelen die aan de basis liggen van de standpunten. In deze fase wordt er gewerkt aan het opbouwen van vertrouwen tussen de partijen, wat essentieel is voor een succesvol proces.

De gespreksleiders helpen de partijen om openlijk te communiceren en bevordert wederzijds respect. Deze fase is cruciaal omdat het de basis legt voor de rest van het proces. Zonder een goede verkenning van de onderliggende belangen en een duidelijk begrip van de kwestie, kan het moeilijk zijn om tot een oplossing te komen. ©Centrum voor Conflicthantering | november 2024

Pagina | 9

De onderhandelingsfase is het gedeelte van het proces waarin de partijen actief proberen een oplossing voor hun conflict te vinden door middel van overleg, een compromis of een win-win. Alle partijen worden aangemoedigd om verschillende oplossingen voor te stellen. De gespreksleiders faciliteren dit proces door te zorgen voor een open en veilige ruimte voor het delen van ideeën, waarbij alle mogelijke alternatieven worden onderzocht. De afrondingsfase is het laatste deel van het proces, waarin de gemaakte afspraken en de resultaten worden samengevat en vastgelegd.

Conclusie Concluderend, naar aanleiding van de gevoerde gesprekken komen wij tot de conclusie, dat er ruimte is om met elkaar in gesprek te gaan, in de vorm van een werkgroep of commissie onder begeleiding van onafhankelijke gespreksleiders/mediators. Ook constateren we dat partijen bereid zijn om, tot op zekere hoogte, te starten met een open houding naar elkaars belangen, wat ruimte biedt om over oplossingen in gesprek te gaan. Op basis van deze uitkomst is ons advies om bij de inrichting van de voorgestelde werkgroep – commissie uit de motie te voldoen aan een aantal waarborgen. De waarborgen relateren onder andere aan duidelijke procesafspraken, duidelijkheid over rol, verantwoordelijkheid en mandaat van alle betrokkenen (deelnemers commissie- werkgroep en daarbuiten). Daarbij adviseren we in te zetten op een door allen geaccepteerde onafhankelijke procesbegeleiders. Wij doen een beroep op alle betrokken partijen om te reflecteren op hun rol, verantwoordelijkheid en mandaat en de wijze waarop hun gedrag en communicatie kan bijdragen aan het oplossen van dit conflict. Wij adviseren tot slot niet te lang te wachten met het opstarten van deze gesprekken, om zorg te dragen dat belangen van partijen niet nog meer onder druk komen te staan.

©Centrum voor Conflicthantering | november 2024

Pagina | 10

Bijlage 1: Het Centrum voor Conflicthantering en het profiel van Linda Reijerkerk en Fleur Meijer Het Centrum voor Conflicthantering, CvC, is in 1993 opgericht en is gevestigd in Haarlem. Vanuit het CvC worden mensen getraind om mediation en mediationvaardigheden in te zetten bij het oplossen van conflicten; worden organisaties gesteund bij het voorkomen van conflicten en worden mensen begeleid om hun conflicten op een coöperatieve manier op te lossen via de inzet van professionele mediators. Daarnaast wordt het CvC regelmatig ingeschakeld voor projecten op het gebied van stakeholderparticipatie, facilitatie, en beleidsbemiddeling. Al onze gespreksbegeleiders, facilitators en mediators zijn MfN-erkende mediators, hét Nederlandse kwaliteitsregister van mediators, en daarnaast zijn zij vaak ook nog (team) coach. Wij werken alleen met facilitators die jarenlange ervaring hebben met complexe kwesties, waar vaak meerdere partijen bij betrokken zijn. Onze missie ‘Wij zien een rechtvaardige wereld voor ons, waarin iedereen gezien, gehoord en geholpen wordt bij het oplossen van conflicten. Het is onze missie dit te realiseren door conflicten te voorkomen of op te lossen via mediation. ’ LINDA REIJERKERK Linda is directeur van het Centrum voor Conflicthantering, mediator sinds 1996, gespreksbegeleider, coach en trainer.

Als gecertificeerd MfN-en IMI mediator heeft Linda meer dan 25 jaar ervaring op het gebied van facilitering, stakeholderparticipatie en (complexe) mediationzaken. Zo heeft zij vele succesvolle facilitations en mediations op het gebied van samenwerkings- en arbeidsconflicten en issues bij de overheid helpen oplossen. Daarbij heeft zij situaties die soms al meer dan 15 jaar "vastzaten" tot een bevredigend einde weten te brengen. Haar specialiteit is daarnaast multiparty (meerpartijen) mediations. Linda heeft gewerkt als internationaal consultant op alle continenten (stakeholderprocessen). De laatste 20 jaar als opleider en trainer voor mensen die nieuwsgierig zijn naar mediation of Oplossingsgerichte coaching of die zelf mediator of coach willen worden. Linda werkt als Raad van State mediator en rechtbankmediator in verschillende soorten zaken. Zij is auteur van een groot aantal standaardwerken, zoals “Verbinden met vertrouwen’ (over overheid- burger processen), Groepsmediation (over het oplossen van meerpartijenconflicten) en het handzame boek ‘Stakeholderparticipatie’. Linda heeft de nodige bestuurlijke ervaring bij uiteenlopende organisaties: zij is voormalig bestuurslid van de Nederlandse Mediatorsvereniging NMV en voormalig voorzitter van de Europese Mediators Vereniging ©Centrum voor Conflicthantering | november 2024

Pagina | 11

en de Stichting Mediation in Milieu en Ruimtelijke Ordening. Zij is creatief en innovatief. In 2023 won zij de Nationale Mediation Award. FLEUR MEIJER Fleur is MfN registermediator en gespreksbegeleider/ facilitator sinds 2021. Haar specialisatie is het begeleiden van conflicten tussen de overheid en belanghebbenden uit de samenleving: zij kent als geen ander de overheid van binnenuit. Als mediator of gespreksbegeleider is zij alert, verbindend en empathisch. Zij weet de vertaalslag te maken tussen de systeemwereld van de overheid en de leefwereld van mensen, waardoor partijen elkaars belangen beter gaan begrijpen en samen tot oplossingen kunnen komen. Ze heeft ruime ervaring met het werken voor een overheid en is in haar leven al vaak de inwoner of belanghebbende geweest, die te maken heeft gehad met het ingrijpen van een overheid. Dat maakt dat zij zich goed kan verplaatsen in beide partijen aan tafel. Zij treedt daarnaast op als intervisor voor groepen. Haar werk als mediator en gespreksbegeleider combineert zij met haar werk als plaatsvervangend sectormanager Gezonde Leefomgeving, Luchtvaart en Klimaat bij de provincie Noord-Holland. Hierin heeft zij te maken met complexe vraagstukken in het ruimtelijk- en milieudomein, waar meerdere belangen een rol spelen. Om haar vakgebied goed te onderhouden is zij lid van SMRO, Stichting Mediation in Milieu en Ruimtelijke Ordening.

Zij is auteur van verschillende artikelen over overheid-burger relaties.

©Centrum voor Conflicthantering | november 2024

Pagina | 12

Bijlage 2: Motie ‘Deur nummer Drie’ (RIS nummer 319520)

©Centrum voor Conflicthantering | november 2024

Pagina | 13

Bijlage 3: Escalatieladder Glasl

©Centrum voor Conflicthantering | november 2024 Pagina | 14

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14935750/1