RIS319391 Extra raadsmededeling naar aanleiding van ingekomen raadsadressen
Tekst van het document
Typ tekst Typ tekstTyp tekst
060
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
Aan: de Gemeenteraad
OCW/10771949 RIS319391 Contactpersoon
Harm Benthem Dienst
Onderwijs, Cultuur en Welzijn Afdeling Opgaveteam nieuwkomers Telefoonnummer
14070 E-mailadres
Datum
nieuwkomers@denhaag.nl
2 juli 2024
Onderwerp
Extra raadsmededeling tijdelijke invulling Haga naar aanleiding van ingekomen raadsadressen
In reactie op het verzoek van raadsleden Van Basten Batenburg en Peeck geven wij met deze raadsmededeling een reactie op de ingezonden brieven van resp. de Stichting Bewonersorganisatie Bomenbuurt (namens meerdere organisaties, RA10770029, dd. 27 juni 2024) en dhr. Putter (RA10769963, dd. 27 juni 2024). Tevens draagt het college zoals verzocht zorg voor beantwoording uiterlijk op 3 juli, aan de SBOB en dhr. Putter. Reactie op brief van Stichting Bewonersorganisatie Bomenbuurt (SBOB) De brief van de SBOB namens meerdere bewoners- en ondernemersorganisaties volgde op een gesprek over eerder gedeelde zorgen. Dit gesprek vond plaats op 25 juni jl. In de brief wordt verslag gedaan van een aantal punten uit het gesprek. Het college was niet betrokken bij de verslaglegging en herkent zich in grote lijnen niet in dit verslag. Wij zullen onze reactie geven aan de hand van de punten die in de brief door de organisaties worden aangedragen. Uitspraak over dwang door het Rijk: De wethouder heeft in het gesprek een toelichting gegeven op het raadsvoorstel met betrekking tot tijdelijke huisvesting van specifieke doelgroepen. Het raadsvoorstel Tijdelijke Invulling voormalig Haga-complex (RIS318976) is een uitwerking van enerzijds de Haagse Aanpak Opvang Nieuwkomers en anderzijds de invulling die het college geeft aan het Doorbraakplan.
In samenhang met deze twee aanpakken kiest het college bewust voor het realiseren van meerdere multifunctionele locaties in de stad waar opvang en huisvesting van diverse groepen, waaronder ook starters, wordt gecombineerd met functies voor en samen met de buurt. In het gesprek is aangegeven dat het college meerdere opgaven heeft te realiseren, waaronder de wettelijk vastgelegde taakstelling voor de opvang van asielzoekers (Spreidingswet art. 7) en de huisvesting van statushouders (Huisvestingswet art. 28 en 29). Het college heeft in reactie op het Hoofdlijnenakkoord uitgesproken dat zij zich bij eventuele intrekking van de Spreidingswet nog altijd committeert aan de uitvoering van de bovengenoemde Haagse Aanpak om duurzame asielopvangplekken te realiseren in multifunctionele locaties. Uitspraak over tijdelijkheid van de tijdelijke invulling: In het raadsvoorstel staat opgenomen dat de tijdelijke invulling een doorlooptijd van 5 tot 7 jaar heeft.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
T 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10771949
Het is het doel van het college om vijf jaar na de start van de tijdelijke invulling te starten met de definitieve ontwikkeling op het terrein. Hiervoor worden de komende jaren de voorbereidingen getroffen. Na vijf jaar wordt de planning van de permanente invulling leidend. In alle communicatie is een doorlooptijd van 5 tot 7 jaar opgenomen. In het raadsvoorstel is een voorbehoud gemaakt dat inhoudt dat als de permanente invulling onverhoopt en buiten de verwachting van het college, na zeven jaar niet is gestart het gebouw niet leeg zal komen te staan. Ook dit is mondeling tijdens het gesprek benadrukt door het college. Wij begrijpen dat dit voorbehoud veel onrust heeft veroorzaakt in de wijk en door meerdere mensen is begrepen als een “open einde”. Op de informatieavond van 1 juli werden deze signalen ook gedeeld. In de brief van de SBOB worden termijnen van 10 of 16 jaar genoemd die niet door het college worden herkend en ook nergens zijn genoemd. Sterker, het college erkent dat er waarde wordt gehecht aan een vaste termijn zonder voorbehoud. Om die reden kiezen wij ervoor de opvang en huisvesting in het complex na uiterlijk 7 jaar te beëindigen. Uitspraak over de doelgroep starters of studenten in de tijdelijke invulling: Tijdens het gesprek is de doelgroep starters toegelicht als regulier woningzoekenden.
Daarnaast is de andere doelgroep zorguitstromers, die separaat in het programma voor de tijdelijke invulling staat opgenomen, toegelicht. Omdat tijdens het gesprek hier verwarring over ontstond is nogmaals benadrukt dat dit twee verschillende groepen betreft, De doelgroep starters bestaat immers uit regulier woningzoekenden, zonder zorgvraag. Uitspraak over stikstofuitstoot: In het gesprek heeft één van de ondertekenaars de vraag gesteld over de doorrekening van stikstofuitstoot en eventuele gevolgen hiervan op de permanente ontwikkeling. De gemeente is zich ervan bewust dat de stikstofdepositie in dit gebied, met name het Westduinpark en Wapendal, te hoog is en dat deze onder de natuurherstelwet omlaag zal moeten worden gebracht. Precieze aerius berekeningen zullen nog gemaakt worden. De stikstofberekening vormt een onderdeel van de aanvraag van de omgevingsvergunning voor de tijdelijke ontwikkeling. Uiteraard zal de gemeente alle wettelijke vereisten in acht nemen. Uitspraak over PWO: Voor de zorgen over de PWO heeft het college veel aandacht. Met een aantal ondertekenaars van de brief is hierover bijvoorbeeld rond de jaarwisseling veelvuldig contact geweest. De gemeente heeft op basis van deze signalen maatregelen ingevoerd die, ook volgens de betrokkenen, hebben geleid tot afname van de overlast.
Tijdens het gesprek werd een incident genoemd waarvan al in een vroeg stadium werd betwijfeld of het een bewoner van de PWO betrof. De wethouder heeft tijdens het gesprek de zorgen zeer serieus genomen. Er is ook aangegeven dat het belangrijk is om te benoemen dat niet alle overlast op de Fahrenheitstraat door de PWO wordt veroorzaakt. De PWO wordt op dit moment geëvalueerd door de GGD. We verwachten dat deze evaluatie na het zomerreces met uw raad gedeeld kan worden. Op basis van deze evaluatie ontvangt de raad een voorstel voor de voortgezette invulling van de PWO in het Haga. De organisaties constateren in hun brief onder andere dat het vertrouwen van de samenwerkende organisaties in de lokale overheid “tot nul is gedaald”. Wij herkennen dit signaal onder andere in een aantal opmerkingen in deze brief waarin het college wordt verweten op meerdere aspecten met kwade opzet te handelen. Wij betreuren het ten zeerste dat deze organisaties, waarvan wij het belang en hun positie in de wijk zwaar wegen en die wij altijd zeer hebben gewaardeerd, uitspreken geen vertrouwen in de gemeente te hebben.
2/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10771949
Brief dhr. Putter De brief van dhr. Putter concludeert de volgende vijf punten: (a) er zou inspraak met bewoners komen, maar die komt niet; (b) er zou draagkracht zijn voor de plannen, maar die is er niet; (c) de tijdsduur zou gekoppeld zijn aan de minimaal benodigde overbruggingsperiode om tot definitieve invulling te komen, maar werd veel langer; (d) er zou een sluitende business case zijn om de kosten neutraal te houden voor de gemeente, maar de opvang is niet kostenneutraal te maken voor de gemeente; en (e) er zou geen betekenisvolle negatieve impact zijn op de veiligheid, maar daar is geen sprake van. Wij geven een reactie op bovengenoemde conclusies met daarin verwijzingen naar in de brief van dhr. Putter gestelde vragen en/of stellingen. Conclusie a): er zou inspraak met bewoners komen, maar die komt niet; Gezien de hoge urgentie van de opgave en de schaarste van geschikte opvanglocaties doet het college beroep op haar wettelijke bevoegdheid om locaties aan te merken voor de opvang- c.q. huisvesting van asielzoekers, statushouders en zorgdoelgroepen. Hierbij is er geen inspraak mogelijk op het besluit over de samenstelling van de doelgroepen of de aantallen. Daarbij is het een bewuste keuze van het college om in de balans ook huisvesting voor studenten en starters toe te voegen. Dhr.
Putter geeft in zijn brief aan dat in de beantwoording van technische vragen aan de raad van 12 december jl. (RIS317348) de raad erop is gewezen dat sprake zou zijn van inspraak van buurtbewoners over de wijze van de invulling van een tijdelijke opvang. In de brief staat: “In het voorjaar wordt het gesprek met de buurt gevoerd over de randvoorwaarden waaronder de tijdelijke invulling plaats kan vinden. Mede op basis van deze input wordt door het college een definitieve keuze voor een scenario gemaakt”. Ten tijde van deze beantwoording was het voormalig Haga-complex nog niet in bezit van de gemeente Den Haag. Na de levering in januari 2024 werd op basis van uitgebreide technische inspecties bekend dat de investeringskosten voor het gereedmaken van het gebouw voor de tijdelijke invulling van een dusdanige orde zouden zijn dat eerst een raadsbesluit noodzakelijk was. Het opvangen en huisvesten van de verschillende doelgroepen is een grote, stedelijke opgave en in het geval van asielzoekers en statushouders is er sprake van een wettelijke taakstelling. Het college heeft derhalve het besluit genomen over de in het Haga te huisvesten mensen uit verschillende doelgroepen en het toevoegen van wooneenheden voor starters. Daarover is geen inspraak mogelijk. Echter, over de invulling, de uitvoering, de randvoorwaarden en het programma voor en met de buurt is die inspraak er wel degelijk.
Tijdens de inloopavond op 11 juni konden belangstellenden zich aanmelden voor werkgroepen en deze uitnodiging is herhaald in de onlangs verspreide extra bewonersbrief. Het doel van de werkgroepen is het betrekken van omwonenden (voor- en tegenstanders van het plan) bij een aantal belangrijke randvoorwaarden; veiligheid & leefbaarheid, de invulling van de vrije ruimtes in en rond het oude Haga-gebouw, gezamenlijke activiteiten en sociaal beheer. Zo hebben de omwonenden invloed op opstellen van de randvoorwaarden voor de uitvoering. De werkgroepen gaan deze week van start. Conclusie b): er zou draagkracht zijn voor de plannen, maar die is er niet; Het college heeft kennisgenomen van de enquête die door omwonenden is uitgevoerd. De keuze van het college om een locatie aan te merken als opvang c.q. huisvestingslocatie voor diverse
3/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10771949
groepen is gebaseerd op de spreiding van locaties in de stad en de draagkracht van een wijk. Het college realiseert zich dat invulling van het oude Haga-gebouw iets vraagt van de omliggende buurten en omwonenden maar heeft vertrouwen in de draagkracht van deze wijken. Onder draagkracht verstaat het college onder andere de leefbaarheid, het algehele welvaartsniveau, achterstandsscore en eventuele concentratie van opvanglocaties. Op basis van deze aspecten (zie onder andere Leefbaarheidscirkel en andere uitkomsten op Home - Den Haag in Cijfers) concludeert het college dat de draagkracht in de omliggende wijken bij het voormalig Haga-complex hoog is. Conclusie c): de tijdsduur zou gekoppeld zijn aan de minimaal benodigde overbruggingsperiode om tot definitieve invulling te komen, maar werd veel langer; In het raadsvoorstel staat opgenomen dat de tijdelijke invulling een doorlooptijd van 5 tot 7 jaar heeft. Zoals is gecommuniceerd in de raadsmededeling Aanvullende informatie raadsvoorstel tijdelijke invulling voormalig HagaZiekenhuis Sportlaan (RIS319206) van 18 juni jl. is de minimale doorlooptijd van vijf jaar noodzakelijk om tot een dekkende business case te komen. Na vijf jaar wordt de planning van de permanente invulling leidend. In alle communicatie is een doorlooptijd van 5 tot 7 jaar opgenomen.
Een voorbehoud dat is gemaakt in het raadsvoorstel, dat ook is toegelicht in het gesprek, is dat als de permanente invulling onverhoopt en buiten de verwachting van het college, na zeven jaar niet is gestart het gebouw niet leeg zal komen te staan. Zoals eerder in de mededeling is toegelicht kiest het college ervoor dit voorbehoud te laten vervallen. Conclusie d): er zou een sluitende business case zijn om de kosten neutraal te houden voor de gemeente, maar de opvang is niet kostenneutraal te maken voor de gemeente; De business case is sluitend. Voor de benodigde dekking van het onderdeel asielopvang in de tijdelijke invulling is een intentieverklaring getekend door het ministerie van J&V en het COA. In de intentieverklaring is tevens opgenomen dat, onder voorbehoud van een positief besluit op het raadsvoorstel, er in het najaar van 2024 een bestuursovereenkomst zal worden getekend met het COA voor de duur van 5 tot 7 jaar, waarbij we na vijf jaar uitgaan van de permanente ontwikkeling. Het COA kan de permanente ontwikkeling niet tegenhouden en moet op zoek naar een andere locatie als zij na vijf jaar nog steeds opvangplekken nodig hebben. De Spreidingswet is bij het sluiten van de intentieverklaring en de bestuursovereenkomst nog onverkort van kracht.
Hiermee acht het college het risico op het wegvallen van de dekking van deze kosten (NB: het gedeelte dat bestemd is voor asiel en een bijdrage voor de gezamenlijke ruimtes) niet van toepassing. De business case en bijlagen ter onderbouwing van de business case zijn stukken die onder geheimhouding aan de gemeenteraad zijn gestuurd op 28 mei jl. De gemeente is tot deze geheimhouding verplicht in verband met commerciële belangen die het aanbestedingsproces dat na een akkoord op het raadsvoorstel volgt kunnen beïnvloeden. Op 21 december 2023 heeft uw raad ingestemd met de aankoop van het pand op voorwaarden dat de tijdelijke invulling kostendekkend zou zijn (Strategische verwerving voormalig Haga-locatie Sportlaan (RIS317173). Het college heeft daarom een business case aangeleverd met een dekkende exploitatie. Voor het realiseren van deze sluitende business case is een doorlooptijd van 5 jaar nodig. Conclusie e): er zou geen betekenisvolle negatieve impact zijn op de veiligheid, maar daar is geen sprake van
4/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10771949
De driehoek heeft een advies uitgebracht waarvan de geadviseerde maatregelen zijn opgenomen in het raadsvoorstel. Daarnaast vindt er voor en tijdens het inhuizen een structureel overleg plaats met politie, handhaving en de werkgroepen op het uit te werken veiligheidsplan. Het veiligheidsplan is erop gericht om zo min mogelijk beroep te doen op de capaciteit van politie en handhaving. Bij de verbouwing wordt rekening gehouden met de geldende veiligheidseisen voor tijdelijk verblijf. Bij het opstellen van de plannen voor de tijdelijke invulling van het voormalig Haga-complex zijn meerdere aspecten in overweging genomen ten aanzien van de leefbaarheid in de buurt, zoals de woonbeleving rondom de huidige opvanglocaties in Den Haag, de evaluatie van de PWO en het advies van de driehoek. Het door dhr. Putter aangehaalde citaat van de Inspectie is niet van toepassing op de situatie in de opvanglocaties in Den Haag. Met de doelgroepen die in het programma voor de tijdelijke invulling zijn opgenomen heeft het college geen enkele aanleiding om situaties zoals beschreven in het citaat te verwachten. Er wordt intensief ingezet op specifiek en overkoepelend sociaal beheer en omgevingsmanagement.
Omdat het bij het voormalige Haga-complex om een opvanglocatie voor meerdere doelgroepen gaat en voor langere tijd, willen we de overlegstructuur nog intensiever vormgeven zodat bewoners, sociaal beheerders, omwonenden, ondernemers en andere belanghebbenden het vertrouwen hebben dat hun signalen op tijd worden opgepakt. Wij gaan deze structuur daarom samen met de buurt vormgeven. Hierbij hoort ook het gezamenlijk opstellen van beheerafspraken. Hierin nemen we op welke preventieve maatregelen nodig zijn, een escalatiemodel, evaluatiemomenten en de mogelijkheid om in het uiterste geval de combinatie en de samenstelling van de doelgroepen aan te passen. Dhr. Putter en de SBOB, mede namens meerdere organisaties, roepen op tot verder uitstel van de behandeling van het raadsvoorstel totdat aanpassingen zijn doorgevoerd. De risico’s van verder uitstel willen wij u graag onder de aandacht brengen: 1.
Bij verder uitstel wordt de geplande inhuisdatum voor asiel op 1 juli 2025 niet gehaald. Hiermee kan de opvanglocatie Haga als zodanig niet worden opgenomen in het Regionaal opvangplan ten behoeve van de taakstelling Spreidingswet. Ook de geplande openingsdatum van de PWO op 1 november 2024 is afhankelijk van een positief raadsbesluit en komt in gevaar bij verder uitstel. Ook voor de andere beoogde groepen geldt dat opvangplekken of huisvesting schaars zijn en snelheid geboden is om deze mensen een thuis te kunnen bieden. 2. De door uw raad vastgestelde voorwaarde van een dekkende businesscase voor de tijdelijke invulling van het voormalig Haga-complex maakt dat de doorlooptijd van dit programma minimaal vijf jaar duurt. Daarnaast spreekt het college in de Haagse Aanpak Opvang Nieuwkomers de ambitie uit om de opvang en huisvesting van doelgroepen evenwichtig te verspreiden over de stad met de inzet van multifunctionele locaties met een meerwaarde voor de buurt. Het voormalig Haga-complex biedt deze ruimte in een stadsdeel waar nog geen opvanglocatie voor nieuwkomers bestaat. Tot slot Het college begrijpt de zorgen van de omwonenden in Segbroek en doet haar uiterste best deze zorgen zo veel mogelijk weg te nemen. Tegelijk voelt het college zich verantwoordelijk voor het bieden van onderdak aan mensen die dit nodig hebben.
Gezamenlijk hebben we een stedelijke opgave uit te voeren. Dit maakt niet dat we geen ogen en oren hebben voor de zorgen van omwonenden, bewoners- en ondernemersorganisaties. Het
5/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10771949
college is ook zeer bereid hier het gesprek over te blijven voeren en neemt dan ook afstand van de suggestie in de brief van de SBOB dat dit niet het geval zou zijn. Hierbij moet wel aangemerkt worden dat de uitkomst van deze gesprekken anders kan zijn dan de organisaties waarmee het gesprek wordt gevoerd van tevoren gewenst hadden, in dit geval omdat het collegebesluit over de omvang en de samenstelling van de opvang in het Haga-complex al is genomen. Het college zal de opvang en huisvesting in het Haga-complex dusdanig organiseren dat mogelijke overlast tot een absoluut minimum beperkt blijft en wil graag samen met de buurt en de nieuwe buren de leefbaarheid goed houden. Zoals eerder genoemd doen we dit door extra intensief in te zetten op specifiek en overkoepelend sociaal beheer en omgevingsmanagement. Daarnaast wil het college doorlopend contact onderhouden met omwonenden, bewonersorganisaties en ondernemersorganisaties, zodat signalen tijdig worden opgepakt. Deze structuur willen we vormgeven in de werkgroepen en in samenspraak met de bewoners- en ondernemersorganisaties. Er is bewust voor gekozen om gefaseerd in te huizen om op die manier goed te kunnen monitoren in samenspraak met de buurt of op- of afschaling van sociaal beheer en omgevingsmanagement gewenst is.
Wij vertrouwen erop u van voldoende informatie te hebben voorzien. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
6/6