RIS319340 Bijlage rep final Rapportage 2022 Geredigeerd
Tekst van het document
Monitoring MER Rotterdamsebaan Rapportage 2022
Gemeente Den Haag 29 april 2024
INHOUDSOPGAVE
1
INLEIDING
5
1.1
Aanleiding
5
1.2
Het doel van monitoring
6
1.3
Leeswijzer
7
2
GENOMEN BESLUITEN, GEMAAKTE AFSPRAKEN EN VOORBEREIDENDE WERKZAAMHEDEN
10
2.1
Terugblik op de rapportage van 2021
10
2.2
Genomen besluiten en gemaakte afspraken in 2022
10
2.2.1 2.2.2
10 10
2.3
Besluiten Afspraken
Werkzaamheden 2022
10
2.3.1
11
Onderzoeken 2022
3
MILIEUTHEMA’S
12
3.1
Verkeer
12
3.1.1 3.1.2 3.1.3 3.1.4 3.1.5 3.2
Geluid 3.2.1 3.2.2 3.2.3 3.2.4 3.2.5
3.3
Conclusies uit het MER Wijze van monitoring Maatregelen, stand van zaken en uitgevoerde onderzoeken Verwachte en geconstateerde effecten Conclusies
12 12 15 24 41 42
Conclusies uit het MER Wijze van monitoring Maatregelen, stand van zaken en uitgevoerde onderzoeken Verwachte en geconstateerde effecten Conclusies
42 43 43 44 45
Luchtkwaliteit
45
3.3.1 3.3 2 3.3.3 3.3.4 3.3.5
45 46 46 47 51
Conclusies uit het MER Wijze van monitoren Maatregelen, stand van zaken en uitgevoerde onderzoeken Verwachte en geconstateerde effecten Conclusies
3.4
Gezondheid
52
3.4.1 3.4.2 3.4.3 3.4.4 3.4.5
52 53 54 54 55
Conclusies uit het MER Wijze van monitoring Maatregelen en stand van zaken en uitgevoerde onderzoeken Verwachte en geconstateerde effecten Conclusies
4
SAMENVATTING/ CONCLUSIE
56
4.1
Conclusies monitoring
56
4.1.1 4.1.2
56 57
Milieuthema’s Belangrijkste wijzigingen
4.2
Advies
57
4.3
Doorkijk naar 2024
58
Laatste pagina
58
Bijlage(n) I II
Overzicht van maatregelen gerangschikt naar periode waarin deze uitgevoerd zijn Akoestisch onderzoek referentie 124141/23-020.138 d.d. 14 december 2023
Aantal pagina's 2 31
1 INLEIDING 1.1
Aanleiding
In het najaar van 2013 zijn voor de Rotterdamsebaan twee bestemmingsplannen in procedure gebracht. Deze plannen zijn vastgesteld door de gemeenteraden van Den Haag en Leidschendam-Voorburg. Het MER Rotterdamsebaan (gemeente Den Haag, Milieueffectrapport Rotterdamsebaan, 15 mei 2013) vormt een bijlage van deze plannen en is afzonderlijk ook vastgesteld in de gemeenteraad van Rijswijk. Met de vaststelling van deze plannen is de planologische procedure voor de Rotterdamsebaan afgerond. Na afronding van de ruimtelijke procedure is vervolgens de aanbestedingsfase gestart. De aanbestedingen zijn opgesplitst in diverse nevencontracten en één hoofdcontract. Eind 2015 is het hoofdcontract aan Combinatie Rotterdamsebaan (afgekort CRB) gegund. In de nevencontracten zijn onder meer de aanleg van de Supernovaweg en de uitvoering van de voorbereidende werkzaamheden, zoals het verleggen van kabels en leidingen, geregeld. In 2016 zijn de laatste werkzaamheden in het kader van deze nevencontracten uitgevoerd. Datzelfde jaar heeft het project Rotterdamsebaan vooral in het teken gestaan van het ontwerp, de voorbereiding en de start van de uitvoering van het hoofdcontract. In 2017 zijn voorbereidingen getroffen voor het boren van de tunnel. Daartoe zijn het werkterrein in gereedheid gebracht en de start- en ontvangstschacht gegraven.
Begin 2018 is gestart met het boren van de twee tunnelbuizen met de daarbij behorende toeritten en installaties. In 2019 is gewerkt aan de afbouw van alle delen van de Rotterdamsebaan, waaronder de tunnel, het Molenvlietpark en de Binkhorstlaan. In 2020 is de Rotterdamsebaan verder afgebouwd tot begin 2021. In februari 2021 is de Rotterdamsebaan opengesteld voor verkeer. Dit moment markeerde het einde van de aanlegfase en de start van de gebruiksfase van de Rotterdamsebaan. Tijdens het vaststellen van het bestemmingsplan is door de gemeenteraad van Den Haag, op verzoek van de omgeving, besloten om de effecten van de aanleg en het gebruik van de Rotterdamsebaan te monitoren. Op die wijze wordt tijdens de realisatie- en de gebruiksfase inzichtelijk gemaakt welke effecten daadwerkelijk optreden en of de effectvoorspellingen in het MER overeenkomen met de werkelijkheid. De wijze waarop de monitoring wordt vormgegeven is vastgelegd in het Monitoringsplan Rotterdamsebaan (Antea Group, 2016), dat in september 2016 aan de gemeenteraden van Den Haag, Rijswijk en Leidschendam-Voorburg is aangeboden. In dat plan is beschreven dat de resultaten van deze monitoring in een jaarlijkse rapportage wordt opgenomen.
Om de gemeenteraden en de omgeving bij de voortgang van de Rotterdamsebaan te betrekken, wordt de jaarlijkse monitoringsrapportage ter informatie aan de gemeenteraden toegezonden en daarna openbaar gemaakt.
5 | 58
Witteveen+Bos | 124141/24-006.301 | Definitief
Tot op heden zijn de volgende Monitoringsrapportages toegezonden: - rapportage 2014/2015 d.d. 27 juli 2016; - rapportage 2016 d.d. 20 maart 2017; - rapportage 2017 d.d. 19 maart 2018; - rapportage 2018 d.d. 4 maart 2019; - rapportage 2019 d.d. 11 maart 2020; - rapportage 2020 d.d. 21 mei 2021; - rapportage 2021 d.d. 9 maart 2022. Deze monitoringsrapportage beschrijft de monitoring van de ontwikkelingen die zich in 2022 hebben voorgedaan.
Afbeelding 1.1 De ligging van de Rotterdamsebaan in het wegennetwerk (bron: denhaag.nl)
1.2
Het doel van monitoring
Het monitoren en jaarlijks rapporteren van de optredende effecten en de wijze waarop de voorgestelde maatregelen uit het MER worden gerealiseerd heeft een tweeledig doel. Enerzijds wordt hiermee inzichtelijk gemaakt welke effecten zich in werkelijkheid voordoen en in hoeverre hierop al tijdens de realisatiefase bijgestuurd kan of moet worden. Daarnaast wordt ook informatie verzameld voor de m.e.r.-evaluatie, die na realisatie van de Rotterdamsebaan wettelijk vereist is vanuit de Wet milieubeheer.
6 | 58
Witteveen+Bos | 124141/24-006.301 | Definitief
De thema’s die in de monitoringsrapportages centraal staan, sluiten zoveel mogelijk aan bij het MER Rotterdamsebaan (gemeente Den Haag, Milieueffectrapport Rotterdamsebaan, 15 mei 2013). Na openstelling van de Rotterdamsebaan in 2021 wordt de jaarlijkse monitoring (met dan de primaire focus op verkeer, geluid, luchtkwaliteit en gezondheid) tot 2023 gecontinueerd. Deze datum komt overeen met de planhorizon van het MER Rotterdamsebaan. Een belangrijk onderdeel van de m.e.r.-evaluatie is het leren of effectvoorspellingen overeenkomen met de werkelijkheid en of de voorgestelde maatregelen wel effectief zijn. Ook ontstaat zo lering, bijvoorbeeld over het gebruik van slimmere methoden om zaken te onderzoeken en de volgtijdelijkheid van ingrepen. De informatie vanuit deze evaluatie kan als waardevolle input voor toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen dienen. De tussentijdse monitoringsrapportages worden mede gebruikt om achteraf de m.e.r.-evaluatie uit te voeren. De eindevaluatie gaat verder dan de jaarlijkse monitoring en brengt in beeld welke conclusies getrokken kunnen worden uit de monitoring en de effecten die optreden.
1.3
Leeswijzer
Deze achtste en tevens laatste monitoringsrapportage beschrijft de bevindingen, werkzaamheden en onderzoeken van het jaar 2022. Opzet monitoringsrapportage Zoals reeds beschreven in de rapportage van 2021, wijkt de opzet van deze rapportage af van de opzet van de rapportages van voor 2020, aangezien sinds 2021 de gebruiksfase centraal staat. In hoofdstuk 2 staan de belangrijkste besluiten en werkzaamheden beschreven die in 2022 zijn uitgevoerd. Dit hoofdstuk beschrijft tevens de belangrijkste aandachtspunten voor de monitoring van dit jaar. In hoofdstuk 3 wordt dieper ingegaan op de relevante thema’s voor de gebruiksfase: verkeer, geluid, luchtkwaliteit en gezondheid. In deze rapportage komen de thema’s externe veiligheid, bodem- en grondwater, oppervlaktewater en waterkwaliteit, natuur, cultuurhistorie, ruimtelijke kwaliteit en leefomgeving, hinder tijdens de aanleg en duurzaamheid niet meer aan bod, aangezien deze thema’s met name betrekking hadden op de aanlegfase. Er wordt in onderhavige rapportage aandacht besteed aan de stand van zaken, de effecten die zijn opgetreden en de wijze waarop dat gecontroleerd is. Aangezien de werkzaamheden in 2021 zijn afgerond, wordt er niet meer uitgebreid ingegaan op de voortgang van de maatregelen en de uitvoering van de mitigerende en kansrijke maatregelen die in het MER zijn voorgesteld. Wel worden de maatregelen geëvalueerd.
Per milieuaspect wordt een vaste indeling aangehouden om de gegevens op een vergelijkbare en overzichtelijke wijze te kunnen presenteren: - conclusies uit het MER: dit is een herhaling van de bevindingen uit het MER met betrekking tot het betreffende milieuaspect; - wijze van monitoring: dit is een herhaling van de onderzoeksvragen die opgesteld zijn in het MER met betrekking tot het betreffende milieuaspect en met welke informatie deze vragen beantwoord dienen te worden; - maatregelen, stand van zaken en uitgevoerde onderzoeken: deze paragraaf geeft de situatie weer met betrekking tot de uitvoering van de mitigerende en kansrijke maatregelen die in het MER zijn voorgesteld; - verwachte en geconstateerde effecten: deze paragraaf beschrijft welke effecten in 2022 zijn opgetreden ten opzichte van het milieu; - conclusies: hier wordt geconcludeerd of er belangrijke afwijkingen zijn ten aanzien van de effectbeoordelingen die in het MER zijn gegeven en of bijsturing gewenst/noodzakelijk is. Hoofdstuk 4 sluit de rapportage af met de conclusies, advies en een doorkijk naar de evaluatierapportage in 2023, aangezien dit de laatste monitoringsrapportage betreft.
7 | 58
Witteveen+Bos | 124141/24-006.301 | Definitief
Coronapandemie Ook voor 2022 heeft de coronapandemie, gelijk aan 2020 en 2021, impact gemaakt op de thema’s die worden behandeld in hoofdstuk 3. In tegenstelling tot 2020 en 2021 betrof het nu alleen de eerste maanden van het jaar 2022. In december 2021 werd een harde lockdown afgekondigd. In de loop van januari 2022 werden de eerste versoepelingen doorgevoerd en in maart vervielen de laatste maatregelen. De invloed van corona op de hoeveelheid (auto)verkeer in 2022 was daarmee kleiner dan in 2020 en 2021. De coronapandemie heeft vooral nog impact gehad in de eerste maanden van 2022 (laatste lockdown) en in de maanden waarin het verkeer gemeten werd (juni en november) zat het verkeer ongeveer op het ‘oude niveau’. Gebiedsindeling In deze rapportage wordt, net als in de vorige monitoringsrapportages, onderscheid gemaakt tussen een aantal deelgebieden, namelijk: - tunnel; - knooppunt Ypenburg (aansluiting A4/A13); - Vlietzoom (inclusief Laan van Hoornwijck). Voorheen werd dit deelgebied Vlietzone genoemd; - Binckhorst. In afbeelding 1 2 is de route van de Rotterdamsebaan en de locaties van de deelgebieden weergegeven. Overzicht van maatregelen Net als in de vorige monitoringsrapportages is er ook in deze rapportage een overzicht gegeven van de maatregelen die rechtstreeks komen uit het MER. De maatregelen die zijn uitgevoerd hebben een grijze tabelbalk.
Ook is in bijlage I een tabel opgenomen met alle uitgevoerde onderzoeken en maatregelen die in het kader van de monitoring uitgevoerd zijn. Deze tabel wordt jaarlijks aangevuld met de onderzoeken en maatregelen die in dat jaar zijn uitgevoerd. Zo ontstaat er een overzicht van alle onderzoeken en maatregelen die de afgelopen jaren in de monitoringsrapportages zijn behandeld. Ten opzichte van 2020 zijn er geen aanvullingen aan deze tabel gedaan, aangezien er in 2021 en 2022 geen nieuwe maatregelen zijn genomen.
8 | 58
Witteveen+Bos | 124141/24-006.301 | Definitief
Afbeelding 1.2 Kaart route Rotterdamsebaan en de deelgebieden (bron: gemeente Den Haag, februari 2016)
9 | 58
Witteveen+Bos | 124141/24-006.301 | Definitief
2 GENOMEN BESLUITEN, GEMAAKTE AFSPRAKEN EN VOORBEREIDENDE WERKZAAMHEDEN 2.1
Terugblik op de rapportage van 2021
Voordat er wordt ingegaan op de besluiten, de afspraken en de voorbereidende werkzaamheden in 2022, wordt in deze paragraaf teruggeblikt op de besluiten, de afspraken en voorbereidende werkzaamheden die in de rapportage 2021 zijn weergegeven. Genomen besluiten in 2021 Er zijn in 2021 enkele publiekrechtelijke besluiten genomen. Zo is begin 2021 de openstellingsvergunning voor de tunnel van de Rotterdamsebaan, de Victory Boogie Woogietunnel verleend. Verder is de tunnel aangemerkt als categorie-C tunnel en zijn er meerdere instemmingsbesluiten verleend voor afsluitingen ter verwerking van restpunten. Tot slot is er een BLBI (Besluit lozen buiten inrichtingen)-melding door het Hoogheemraadschap van Delfland geaccepteerd. Werkzaamheden in 2021 Begin 2021 is de Rotterdamsebaan officieel geopend. In 2021 vonden geen fysieke werkzaamheden meer plaats aan de Rotterdamsebaan. De Rotterdamsebaan is periodiek enkele onderhoudsnachten gesloten geweest voor regulier onderhoud. Verder heeft er twee keer een onderhoudsweekend plaatsgevonden voor restpunten (updaten en aanpassen van instellingen van tunneltechnische installaties).
2.2
Genomen besluiten en gemaakte afspraken in 2022
2.2.1
Besluiten
Er zijn in 2022 geen publiekrechtelijke besluiten genomen.
2.2.2
Afspraken
Er zijn in 2022 geen relevante afspraken gemaakt.
2.3
Werkzaamheden 2022
Er heeft in 2022 regulier onderhoud aan de Rotterdamsebaan plaatsgevonden en daar zijn vier kwartaalafsluitingen van ieder twee nachten voor geweest. Naast het reguliere onderhoud, zijn er in 2022 geen bijzondere werkzaamheden verricht.
10 | 58
Witteveen+Bos | 124141/24-006.301 | Definitief
2.3.1
Onderzoeken 2022
In 2022 zijn geen relevante onderzoeken uitgevoerd.
11 | 58
Witteveen+Bos | 124141/24-006.301 | Definitief
3 MILIEUTHEMA’S 3.1
Verkeer
3.1.1
Conclusies uit het MER
Voor het MER zijn in 2013 de te verwachten verkeers- en andere effecten beschreven in het Achtergrondrapport Verkeer bij het MER Rotterdamsebaan. De wijzigende verkeersstromen voor het lokale wegennet zijn in beeld gebracht met het Verkeersmodel Haaglanden voor de avondspits, voor de Rijkswegen is gerekend met het Verkeersmodel NRM West. Meer uitgebreide informatie hierover is te vinden in het Achtergrondrapport Verkeer (2013) bij het MER. In de monitoringsrapportages tot en met 2020, werd gekeken naar de conclusies vanuit het Achtergrondrapport met betrekking tot de tijdelijke situatie, voordat de Rotterdamsebaan in gebruik zou worden genomen. Deze conclusies hadden in het bijzonder te maken met de gevolgen van de (gedeeltelijke) afsluiting van de Binckhorstlaan, die vanwege de werkzaamheden aan de Rotterdamsebaan plaatsvond. De prognoses voor de tijdelijke situatie werden ieder jaar met de verkeerstellingen vergeleken. Voor wat betreft de situatie na opening van de Rotterdamsebaan is de prognose dat de Rotterdamsebaan bij zal dragen aan het verbeteren van de bereikbaarheid van de Centrale Zone ten opzichte van de situatie zonder Rotterdamsebaan. Dit geldt met name voor de verbindingen vanuit en naar het centrumgebied van Den Haag.
De grootste reistijdwinst wordt voorzien op de relaties die in het bijzonder door de Rotterdamsebaan bediend worden, namelijk die met Delft, Rotterdam en Ypenburg. Door de aanleg van de Rotterdamsebaan is ook een grote verschuiving te verwachten van het verkeer op het stedelijke wegennet. Daardoor krijgen de rijroutes via Haagweg (Rijswijk) - Rijswijkseweg en A12 - Maanweg aanzienlijk minder autoverkeer te verwerken en rijroutes via de Lekstraat, Neherkade en Regulusweg juist aanzienlijk meer.
3.1.2
Wijze van monitoring
Om een goed beeld te krijgen van de werkelijke effecten op het verkeer beschrijft het monitoringsplan het volgende: ‘Dit betreft de definitieve situatie na ingebruikname van de Rotterdamsebaan. Tevens wordt de tijdelijke situatie gemonitord, waarin het verkeer bijvoorbeeld tijdelijk geen gebruik kan maken van de Binckhorstlaan. Daarnaast is de input vanuit de monitoring van verkeer van belang vanuit de verkeer gerelateerde milieuthema’s (geluid en luchtkwaliteit, zie hiervoor ook paragrafen 3.2 en 3.3). De effecten die gemonitord worden, hebben betrekking op het rijdend gemotoriseerd verkeer.’ In het voorjaar van 2021 is de definitieve infrastructurele situatie ingegaan: de Rotterdamsebaan is toen in gebruik genomen. De werkzaamheden in de omgeving zijn ook afgerond. Er is ervoor gekozen om in deze rapportage de metingen van de voorgaande rapportages te herhalen. Zo kunnen de tijdreeks en het beeld compleet gemaakt worden met nieuwe tellingen. Daarnaast is een aanvullende, globale analyse over het gebruik van de Rotterdamsebaan en een vergelijking van de intensiteiten met het eindbeeld in het MER uitgevoerd.
12 | 58
Witteveen+Bos | 124141/24-006.301 | Definitief
Hiervoor zijn aanvullende metingen gedaan. Hoewel er waarschijnlijk nog geen definitieve eindsituatie is, wordt deze rapportage ook gebruikt om het eindbeeld van het MER te evalueren. Voor deze rapportage zijn dus de eerdere metingen herhaald, waarbij opnieuw is uitgegaan van wat in het MER is vermeld over het verminderen van sluipverkeer, het monitoren van de verkeersintensiteit op onder andere de Prinses Mariannelaan, het ontlasten van de Haagweg, de reistijden, het voorkomen van files en het voorkomen van terugslageffecten. In 2015 is een nulmeting gedaan die de vergelijkingsbasis biedt voor de conclusies van de monitoring. In paragraaf 3.1.2 wordt nader ingegaan op welke effecten op verkeer in beeld worden gebracht. Verkeersintensiteiten Monitoring van de verkeersintensiteit vindt jaarlijks plaats in twee perioden, juni en november. Als eerste wordt op alle inprikkers vanaf de A4 richting stedelijk gebied de verkeersintensiteit gemeten (zie afbeelding 3.1). Dit brengt in beeld hoe de herverdeling van verkeer over de inprikkers na voltooiing van de Rotterdamsebaan plaatsvindt. Daarnaast wordt een kordon rond het gebied waar gewerkt wordt aan de Rotterdamsebaan twee keer per jaar gemeten. Dit kordon is weergegeven in afbeelding 3 2.
Afbeelding 3.1 Meetpunten op de inprikkers ten zuidoosten van Den Haag, zie ook tabel 3.2
13 | 58
Witteveen+Bos | 124141/24-006.301 | Definitief
Afbeelding 3.2 Kordon rood en oranje meetpunten langs de gemeentegrens Den Haag-Rijswijk, zie ook tabel 3.3 en 3.4
Uitbreiding van monitoring Prinses Mariannelaan Begin 2016 is het monitoren van de verkeersintensiteit op de Prinses Mariannelaan in Leidschendam-Voorburg toegevoegd aan het monitoringsprogramma. Deze monitoring is in overleg tussen de gemeenten Den Haag en Leidschendam-Voorburg opgestart naar aanleiding van een klacht over het verkeer op deze weg. De eerste meting heeft plaatsgevonden in juni 2016. Doorstroming van het verkeer De doorstroming concentreert zich op de wegen in het gebied binnen het beschreven kordon en wordt uitgedrukt door de reistijden op een aantal routes. Het monitoren van het verkeer gebeurde in de eerdere jaren (2014-2017) met camera’s, die permanent kentekens waarnemen. Van een aantal doorgaande routes tussen het hoofdwegennet (A12 en A4) en de centrumring van Den Haag (Lekstraat en Neherkade) konden hiermee de reistijden verzameld worden. Dit geeft een goed beeld van de vertragingen die optreden binnen het gebied. Vanaf 2018 zijn dezelfde routes gemonitord, maar de meettechniek was anders dan de voorgaande jaren. Er werd niet meer gebruik gemaakt van camera’s, maar van zogenaamde ‘floating car data’ uit de Nationale Databank Wegverkeersgegevens (NDW).
14 | 58
Witteveen+Bos | 124141/24-006.301 | Definitief
Sinds half november 2021 geldt op de Binckhorstbrug een breedtebeperking van maximaal 2 m, i.v.m. de conditie van de brug. Dit betekent dat de rijbaan versmald is en dat dit tot onderhoud van de brug zo blijft. Verder is voor diverse projecten in de Binckhorst de bouw gestart (Frank is een Binck, Binck City Park, One MilkyWay). Het project Binck Kade (113 woningen) is opgeleverd, evenals de eerste basisschool in de Binckhorst. In 2020 en 2021 had corona invloed op de hoeveelheid (auto)verkeer. In 2022 was deze invloed minder groot. Impact was er vooral in de eerste maanden (laatste lockdown). In de maanden juni en november (wanneer het verkeer gemeten wordt) was de invloed klein en zat het verkeer ongeveer op het ‘oude niveau’ van voor de coronacrisis. Verkeersintensiteiten In de volgende tabellen (zie tabel 3.2, 3.3 en 3.4) zijn de waarnemingen voor een gemiddelde werkdag in november 2015 en de waarnemingen voor juni en november van de jaren 2016 tot en met 2022 weergegeven. Het betreft de waarnemingen op de screenline A4 en de waarnemingen op het kordon Rotterdamsebaan (zie ook afbeeldingen 3.1 en 3.2). Het meetpunt op de Prinses Mariannelaan in Voorburg is toegevoegd aan het kordon in 2016. Ten opzichte van de monitoringsrapportage 2020 is de Rotterdamsebaan (Victorie Boogie Woogietunnel) toegevoegd.
Ook zijn meetpunten toegevoegd (tabel 3.4) langs de gemeentegrenzen, die binnen het kordon Rotterdamsebaan liggen.
16 | 58
Witteveen+Bos | 124141/24-006.301 | Definitief
Tabel 3.2 Waarnemingen screenline A4 (groene meetpunten, zie afbeelding 3.1 en 3.2), intensiteiten wegverkeer in motorvoertuigen per etmaal (op werkdagen, in 2 richtingen, aantallen x 1.000) 2015
2016
2016
2017
2017
2018
2018
2019
2019
2020
2020
2021
2021
2022
2022
Meetpunt
nov
juni
nov
juni
nov
juni
nov
juni
nov
juni
nov
juni
nov
juni
nov
Wippolderlaan
71,5
84,7
84,1
85,7
88,1
91,0
89,7
89,3
90,5
85,0
83,8
92,3
89,8
93,5
92,2
Prinses Beatrixlaan, Rijswijk
48,9
50,4
45,3
55,3
52,2
56,1
58,6
51,3
52,1
49,4
46,7
56,2
51,4
48,1
45,6
Diepenhorstlaan/Polakweg, Rijswijk
38,1
37,4
32,0
30,4
32,1
34,3
33,3
28,0
29,1
24,4
23,5
25,8
22,6
24,4
25,2
Laan van Hoornwijck, Rijswijk
26,1
32,3
29,7
32,7
32,1
36,2
32,8
33,3
34,0
34,7
28,4
34,9
34,5
27,6
27,6
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
15,8
19,5
28,8
23,9
Utrechtsebaan
163,5
163,2
163,8
160,8
167,3
170,6
169,9
177,1
173,6
145,3
135,8
147,3
145,6
129,6
148,4
N14
55,2
55,2
55,2
57,7
56,3
57,0
58,4
59,9
59,0
49,7
49,7
57,0
52,4
58,2
53,9
totaal
403
423
410
423
428
445
443
439
438
389
368
429
416
410
417
Rotterdamsebaan
Tabel 3.3 Waarnemingen Kordon Rotterdamsebaan (rode meetpunten, zie afbeelding 3.2), intensiteiten wegverkeer in motorvoertuigen per etmaal (op werkdagen, in 2 richtingen, aantallen x 1.000) 2015
2016
2016
2017
2017
2018
2018
2019
2019
2020
2020
2021
2021
2022
2022
Meetpunt
nov
juni
nov
juni
nov
juni
nov
juni
nov
juni
nov
juni
nov
juni
nov
Troelstrakade, Den Haag
25,3
25,7
23,3
25,9
25,6
26,2
28,6
27,8
28,3
26,5
25,4
28,0
27,6
26,4
26,4
Moerweg, Den Haag
21,8
23,7
22,2
25,7
25,4
27,6
21,4
26,5
28,1
24,9
23,8
26,9
25,9
26,5
24,3
Erasmusweg, Den Haag
21,8
21,9
20,8
22,0
25,4
26,6
22,2
-
8,4
17,5
18,8
21,5
22,1
21,2
21,1
Prinses Beatrixlaan, Rijswijk
48,9
50,4
45,3
55,3
52,2
56,1
58,6
51,3
52,1
49,4
46,7
56,2
51,4
48,1
45,6
Diepenhorstlaan/Polakw eg Rijswijk
38,1
37,4
32,0
30,4
32,1
34,3
33,3
28,0
29,1
24,4
23,5
25,8
22,6
24,4
25,2
Laan van Hoornwijck, Rijswijk
26,1
32,3
29,7
32,7
32,1
36,2
32,8
33,3
34,0
34,7
28,4
34,9
34,5
27,6
27,6
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
15,8
19,5
28,8
23,9
Rotterdamsebaan
17 | 58
Witteveen+Bos | 124141/24-006.301 | Definitief
2015
2016
2016
2017
2017
2018
2018
2019
2019
2020
2020
2021
2021
2022
2022
nov
juni
nov
juni
nov
juni
nov
juni
nov
juni
nov
juni
nov
juni
nov
geen gegev ens
8,8
9,4
9,1
9,2
9,2
9,3
8,6
8,9
6,6
7,2
7,6
7,7
8,2
8,9
Maanweg, Den Haag
31,8
33,1
29,3
32,6
31,6
29,8
32,5
32,8
35,4
27,4
33,2
35,6
33,1
40,0
35,5
Binckhorstlaan, Den Haag
17,3
18,4
16,7
17,7
18,4
15,5
17,3
8,7
16,7
16,9
16,1
20,6
22,7
30,9
22,0
Rijswijkseweg, Den Haag
22,0
21,7
22,2
25,4
27,1
24,7
24,8
22,2
17,6
24,7
25,8
26,9
25,2
26,7
26,3
Calandstraat, Den Haag
29,9
32,2
31,6
32,7
39,9*
39,4
42,6
31,9
33,3
35,3
38,0
38,2
38,3
40,7
40,1
totaal
283
306
283
309
319
326
324
271
292
288
287
338
331
350
327
Meetpunt Prinses Mariannelaan ter hoogte van A12
* Tellingen Calandstraat 2017-18 mogelijk door meetfout aan de hoge kant
Tabel 3.4 Waarnemingen Screenline langs de gemeentegrens Den Haag – Leidschendam-Voorburg – Rijswijk (oranje meetpunten, zie afbeelding 3.2), intensiteiten wegverkeer in motorvoertuigen per etmaal (op werkdagen, in 2 richtingen, aantallen x 1.000) 2015
2016
2016
2017
2017
2018
2018
2019
2019
2020
2020
2021
2021
2022
2022
Meetpunt
nov
juni
nov
juni
nov
juni
nov
juni
nov
juni
nov
juni
nov
juni
nov
Maanweg, Den Haag
31,8
33,1
29,3
32,6
31,6
29,8
32,5
32,8
37,4
27,4
34,0
35,6
33,1
40,0
35,5
Binckhorstlaan, L’dam/Voorburg
11,0
10,6
10,3
10,0
10,3
10,2
10,2
8,1
8,5
6,3
7,9
7,9
7,9
7,6
7,3
Rotterdamsebaan
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
15,8
19,5
28,8
23,9
Rijswijkseweg, Den Haag
5,4
4,5
5,8
10,5
10,0
10,6
10,7
10,1
10,3
10,9
9,4
10,0
8,0
8,7
8,5
Jan van der Heijdenstraat, Den Haag
6,6
15,0
14,5
13,3
13,8
12,6
13,4
11,1
11,7
10,9
10,7
11,0
10,2
10,2
9,8
geen gegev ens
geen gegev ens
6,5
5,4
5,6
5,5
5,7
5,0
6,1
4,7
4,7
4,2
4,4
4,0
4,1
Oudemansstraat
18 | 58
Witteveen+Bos | 124141/24-006.301 | Definitief
2015
2016
2016
2017
2017
2018
2018
2019
2019
2020
2020
2021
2021
2022
2022
Meetpunt
nov
juni
nov
juni
nov
juni
nov
juni
nov
juni
nov
juni
nov
juni
nov
De Genestetlaan, Den Haag
13,8
14,0
14,1
12,8
12,6
13,3
12,7
12,0
12,9
11,6
11,9
11,8
10,4
10,9
10,4
Alberdingk Thijmstraat
geen gegev ens
geen gegev ens
6,0
8,2
7,8
9,2
8,3
9,5
11,8
8,4
8,2
9,3
8,7
8,5
8,3
Middachtenweg, Den Haag
25,5
28,4
28,5
29,4
28,1
29,1
26,9
32,8
26,1
26,3
26,5
29,0
26,0
28,6
26,9
94
106
115
122
120
120
120
122
125
107
113
134
128
147
135
totaal
19 | 58
Witteveen+Bos | 124141/24-006.301 | Definitief
Doorstroming Voor de berekening van de reistijden wordt in 2022 (net als in 2018-2021) gebruik gemaakt van floating car data (zie paragraaf 3.1.2). De gemiddelde reistijd wordt per deeltraject bepaald voor elk uur en voor elke werkdag. De reistijden in de spitsperiodes worden over enkele deeltrajecten opgeteld om te komen tot drie trajecten die het hoofdwegennet verbinden met de centrumring (S100), zie afbeelding 3.3. -
traject AB: van de aansluiting Voorburg tot de Lekstraat; traject AC: van de aansluiting Voorburg tot de Neherkade; traject DC: van knooppunt Ypenburg tot de Neherkade.
Afbeelding 3.3 Trajecten reistijdmetingen monitoring Rotterdamsebaan
De twee trajecten vanaf de A12 (AB en AC) kenden eerst een hoofdroute via Maanweg en Binckhorstlaan, en vanaf oplevering eind 2015 ook een route via de Regulusweg en Supernovaweg. De nieuwe route via de Supernovaweg is tevens de officiële S108-route geworden. Hiermee zijn ook de gemeten trajecten gewijzigd en voor dit monitoringsrapport betekent dit dat halverwege juni 2016 de gemeten route is veranderd. Naar aanleiding van de opening van de Rotterdamsebaan en de beschikbaarheid van de data is ervoor gekozen om de alternatieve routes via Maanweg – Binckhorstlaan (gestippeld) voor 2020 tot en met 2022 opnieuw in beeld te brengen in vergelijking met de S108-routes (tabellen 3.7 en 3.8). Het derde traject (DC) betreft de route Haagweg en Rijswijkseweg. In de eerste helft van 2015 waren hier werkzaamheden van zuid naar noord, in de tweede helft van 2016 van noord naar zuid. In juni en november 2022 waren er net als in de jaren vanaf 2017 op alle gemeten trajecten geen werkzaamheden met grote invloed op de doorstroming (zoals afsluitingen, omleidingen). Wel waren er in juni 2022 werkzaamheden op de Utrechtsebaan, waardoor het op met name route BA drukker was. Alle drie de trajecten zijn in twee richtingen in beeld gebracht voor de ochtend- en avondspits. De data is per uur als ongewogen gemiddelde per deeltraject beschikbaar.
20 | 58
Witteveen+Bos | 124141/24-006.301 | Definitief
Afbeelding 3.4 Reistijden gemiddelde ochtendspits van 07.00 tot 09.00 uur in seconden
Reistijd ochtendspits 500
GEM. REISTIJD [S]
400
300
200
100
0
AB A12 – Lekstraat
BA Lekstraat – A12
AC A12 – Neherkade
CA Neherkade – A12
DC Ypenburg – Neherkade
CD Neherkade – Ypenburg
Tabel 3.6 Reistijden gemiddelde avondspits van 16.00 tot 18.00 uur in seconden
AB A12 – Lekstr.
BA Lekstr. – A12
AC A12 – Neherk.
CA Neherk. – A12
DC Ypenburg – Neherk.
CD Neherk. – Ypenburg
465
394
589
418
Jaar
Maand
2015
November
*407
798
335
692
2016
Juni deel 1
456
665
378
450
Juni deel 2
290
November
286
800
359
813
541
550
Juni
261
320
404
445
426
549
November
256
414
325
436
559
399
Juni
253
321
263
323
575
429
November
313
437
366
452
606
468
Juni
256
336
285
344
536
454
November
275
435
317
428
546
492
Juni
239
247
289
232
520
390
November
234
243
285
238
506
404
Juni
240
255
316
243
405
369
November
248
276
325
252
474
390
Juni
292
351
340
278
462
375
November
293
369
372
306
455
408
2017
2018 2019
2020 2021
2022
339
* Grijs gearceerde routes zijn afwijkend, deze lopen via de Maanweg.
22 | 58
Witteveen+Bos | 124141/24-006.301 | Definitief
Afbeelding 3.5 Reistijden gemiddelde avondspits van 16.00 tot 18.00 uur in seconden
Reistijd avondspits 900 800 700
GEM. REISTIJD [S]
600 500
400 300 200 100 0 nov-16 jun-17 nov-17 jun-18 nov-18 jun-19 nov-19 jun-20 nov-20 jun-21 nov-21 jun-22 nov-22 AB A12 – Lekstraat
BA Lekstraat – A12
AC A12 – Neherkade
CA Neherkade – A12
DC Ypenburg – Neherkade
CD Neherkade – Ypenburg
Tabel 3.7 Reistijden ochtendspits hoofdroutes Supernovaweg en alternatief Maanweg 2020 Juni Traject
2021
Nov.
Juni
Nov.
2022 Juni
Nov.
2020 Juni
Nov.
Routes via Supernovaweg
2021 Juni
Nov.
2022 Juni
Nov.
Routes via Maanweg
AB A12 – Lekstraat
206
215
215
221
231
233
296
300
306
314
338
339
BA Lekstraat – A12
216
224
223
230
246
249
306
308
322
330
360
350
AC A12 – Neherkade
219
218
227
230
243
239
233
228
236
239
255
256
CA Neherkade – A12
217
224
227
232
243
256
232
233
243
247
261
268
23 | 58
Witteveen+Bos | 124141/24-006.301 | Definitief
Tabel 3.8 Reistijden avondspits hoofdroutes Supernovaweg en alternatief Maanweg 2020 AVONDSPITS
Juni
2021 Nov.
Juni
2022 Nov.
Juni
2020 Nov.
Juni
2021 Nov.
routes via Supernovaweg
Juni
2022 Nov.
Juni
Nov.
routes via Maanweg
AB A12 – Lekstraat
239
234
240
248
292
293
398
457
460
469
478
514
BA Lekstraat – A12
247
243
255
276
351
369
378
372
399
417
480
509
AC A12 – Neherkade
289
285
316
325
340
372
348
403
427
430
415
465
CA Neherkade – A12
232
238
243
252
278
306
264
263
277
276
294
319
Bovenstaande tabellen met gemiddelde trajectreistijden geven aan dat tussen A12 en Lekstraat de route via de Supernovaweg ruim sneller is dan het alternatief via Maanweg en Binckhorstlaan. Dit geldt ook voor de routes tussen A12 en Neherkade, met name in de avondspits. Niet in de analyse meegenomen (vanwege ontbrekende data) zijn de routes tussen beide alternatieven, namelijk via de Regulusweg – Zonweg – Binckhorstlaan. Dit is een route die in afstand kort is, maar waar doorgaand verkeer niet gewenst is. Sinds 2020 (coronajaar) zijn voor alle routes de reistijden in de spitsen toegenomen.
3.1.4
Verwachte en geconstateerde effecten
Bij het monitoren van effecten wordt gekeken naar de intensiteiten en de reistijden. Het uitgangspunt is een vergelijking met de nulmeting in november 2015. Omdat er in de tussenliggende periode veranderingen zijn opgetreden, worden ook de jaren ten opzichte van elkaar bekeken. De novembermaanden worden over het algemeen als representatief beschouwd. Wanneer de metingen in juni ook representatieve uitkomsten geven, worden ze ook in de analyse meegenomen. Een algemene opmerking voor 2022 is dat ook dit jaar de coronapandemie van invloed is geweest op de hoeveelheid verkeer. Uit meetdata (inprikkers A12, N14, N211 en Rotterdamsebaan) blijkt er in 2022 als geheel ongeveer 6,5 % minder verkeer van/naar de stad reed dan in 2019 (in 2020 was dat ongeveer 13,5 %, in 2021 ongeveer 9,5 %). In 2022 hebben ook de werkzaamheden aan de Utrechtsebaan invloed gehad op dit cijfer. Monitoring screenline A4 Zie tabel 3.2. In 2022 zijn de gemeten intensiteiten als geheel vergelijkbaar met 2021. Ze zijn wat lager dan de hoogste jaren 2018 en 2019. Dit lijkt voornamelijk een corona-effect. Dat juni in totaal wat rustiger was heeft mogelijk met werkzaamheden aan de Utrechtsebaan te maken. Dat november 2022 bijna gelijk is aan november 2021 is enigszins opvallend, aangezien er in november 2021 deels een lockdown van kracht was. Hieronder volgt een beschrijving per wegvak (inprikker).
Op de N14 reden in november 2022 ongeveer 54.000 mvt/etmaal. Dat is minder dan in de jaren voor corona (59.000 in november 2019) en ongeveer gelijk aan de jaren 2015-2016. De opening van de Mall of The Netherlands lijkt hier (doordeweeks) geen grote aantallen extra verkeer te geven. De afname op de Utrechtsebaan was in 2020 relatief groot. In 2021 en 2022 houdt deze afname aan (in juni 2022 was het rustiger als gevolg van de werkzaamheden). De blijvende afname heeft direct te maken met de openstelling van de Rotterdamsebaan, die zoals verwacht een deel van het verkeer op de Utrechtsebaan lijkt over te nemen.
24 | 58
Witteveen+Bos | 124141/24-006.301 | Definitief
-
Op de Prinses Mariannelaan zijn de tellingen doorgaans vrij constant. In 2022 lagen de telwaarden in november 2022 op ongeveer hetzelfde niveau als voor corona in november 2019 (8.900 mvt/etmaal).
Op de wegen langs de gemeentegrens (tabel 3.4), midden in het kordon, zijn de volgende punten opvallend: - op de Maanweg (eerder genoemd) is (alles opgeteld) weinig effect zichtbaar; - de Binckhorstlaan in Voorburg laat ten opzichte van eerdere jaren een afname zien, al lijkt deze geleidelijk te gaan. In november 2022 reden er 7.300 mvt/etmaal, wat in 2019 8.500 en in 2018 10.200 was. Gebruik van de Rotterdamsebaan als alternatief kan hierbij (vanaf 2021) een rol hebben gespeeld. Andere veranderingen in de omgeving kunnen ook een rol bij de afname hebben gespeeld (werkzaamheden Binckhorstlaan, met vanaf november 2021 de breedtebeperking op de Binckhorstbrug); - op de Rijswijkseweg (ten noorden van de Jan van der Heijdenstraat) is een daling zichtbaar van 10.00011.000 naar 8.000-9.000 mvt/etmaal. Deze zou kunnen duiden op een verschuiving van verkeer naar de Rotterdamsebaan, op de relatie tussen snelweg en het centrum van Den Haag. In 2022 zien we dit ook op het telpunt bij de Laan van Hoornwijck terug; - de Jan van der Heijdenstraat laat ten opzichte van 2021 een lichte afname zien, op langere termijn is de daling fors: 15.000 mvt/etmaal in 2016, ten opzichte van net minder dan 10.000 in november 2022.
Waarschijnlijk is doorgaand verkeer voor een deel (zoals gewenst) verschoven naar de Neherkade, en is dit effect licht versterkt na opening van de Rotterdamsebaan; - ook op andere routes tussen Rijswijk en Den Haag, de Oudemansstraat en De Genestetlaan/ Burgemeester Elsenlaan neemt de hoeveelheid verkeer gestaag af. De Alberdingk Thijmstraat/ Huis te Landelaan schommelt rond een intensiteit van 8-9.000. In 2022 was die iets lager dan in 2021; - op de Middachtenweg ligt in het verlengde van de Prinses Beatrixlaan. De afname die daar gemeten is blijkt niet uit de intensiteit op de Middachtenweg, die over de jaren vrij constant is. De Rotterdamsebaan Afbeelding 3.6 geeft het verloop weer van de verkeersintensiteit in de Rotterdamsebaan (Victorie Boogie Woogietunnel) op werkdagen, uitgezet over de jaren 2021 en 2022. Te zien is dat na opening in februari het gebruik gestaag is toegenomen, van circa 10.000 mvt/etmaal aan het begin tot 20.000 mvt/etmaal in de drukste weken in november 2021. De eerste helft van 2022 was de intensiteit (met name richting Ypenburg) hoog als gevolg van de werkzaamheden op de Utrechtsebaan en lag de deze rond de 30.000 mvt/etmaal. Na een dip in de zomer bereikte de intensiteit waarden rond de 25.000 mvt/etmaal. Het is duidelijk dat er een gewenningsperiode is geweest, waarin meer weggebruikers de Rotterdamsebaan hebben ‘gevonden’.
In eerste instantie in 2021 waarin er gestage toename was en in tweede instantie in 2022 waar na de werkzaamheden Utrechtsebaan hoger is dan in dezelfde periode in 2021.
26 | 58
Witteveen+Bos | 124141/24-006.301 | Definitief
Tabel 3.9 Verschillen in gemiddelde reistijden in november, periode 2016-2022 (in seconden) Ochtendspits
Avondspits
’16‘17
’17‘18
’18‘19
’19‘20
’20‘21
’21‘22
’16‘17
’17‘18
’18‘19
’19‘20
’20‘21
’21‘22
AB A12 – Lekstraat
-35
32
-28
-36
6
12
-30
57
-38
-41
14
45
BA Lekstraat – A12
-55
28
-29
-30
6
19
-386
23
-2
-192
33
92
AC A12 – Neherkade
-50
39
-28
-45
12
9
-34
41
-49
-32
40
46
CA Neherkade – A12
-33
9
-47
-39
8
24
-377
15
-23
-191
14
54
DC Ypenb. – Neherkade
10
24
0
-105
-5
10
18
48
-60
-39
-32
-19
CD Neherkade – Ypenb.
-66
27
8
-64
-3
9
-151
69
24
-87
-14
17
Traject
Tabel 3.10 Gemiddelde snelheden per route in november, periode 2016-2022 (in km/u) Ochtendspits
Avondspits
Traject
‘16
‘17
‘18
‘19
‘20
‘21
‘22
‘16
‘17
‘18
‘19
‘20
‘21
‘22
AB A12 – Lekstraat
33
37
33
34
40
39
37
32
36
29
31
36
34
29
BA Lekstraat – A12
29
35
31
34
38
37
34
11
21
20
20
35
31
23
AC A12 – Neherka de
30
35
31
33
40
38
37
25
28
24
28
31
27
24
CA Neherka de – A12
28
31
30
33
39
38
34
11
21
20
20
37
35
29
DC Ypenb. – Neherka de
25
24
23
23
30
30
30
18
17
16
17
19
20
21
CD Neherka de – Ypenb.
21
26
24
25
31
31
30
16
22
19
19
24
24
23
28 | 58
Witteveen+Bos | 124141/24-006.301 | Definitief
Ochtendspits Voor de trajecten AB, AC, BA en CA, tussen A12, Neherkade en Lekstraat geldt dat de gemiddelde trajectsnelheid in november 2022 met 34-37 km/u iets lager is dan in 2020 en 2021. Dit geldt vooral op de routes naar de A12 (stad-uit). Deze toename is verklaarbaar uit de gestegen intensiteiten na corona en met de opening van de Rotterdamsebaan. Stad-uit zijn de snelheden vergelijkbaar met 2019, stad-in zijn deze sneller dan in 2019. Rekening houdend met de verkeerslichten onderweg zijn dit hoge snelheden waar de wettelijke maximumsnelheid 50 km/u bedraagt. De trajecten langs de route Haagweg/Rijswijkseweg (DC en CD) scoren ruim 30 km/u. Dat is vergelijkbaar met de snelheid in 2020 en 2021 en flink sneller dan de jaren tot en met 2019. Dat de snelheid hier niet is afgenomen is mogelijk verklaarbaar uit het feit dat de intensiteiten hier licht zijn afgenomen. Dat de snelheid hier lager ligt dan op de eerste 4 routes heeft waarschijnlijk voor een groot deel te maken met het aantal verkeerslichten op de route. Alle trajectsnelheden in de ochtendspits komen boven de streefwaarde voor een stedelijke hoofdweg van 20-25 km/u1 uit. Avondspits Vergeleken met de ochtendspits treedt in de avondspits meer congestie op. Hier zijn de verschillen jaar op jaar ook wat groter. Over het algemeen zijn de trajectsnelheden in 2022 langzamer dan 2020 en 2021.
Ten opzichte van 2019 zijn de snelste trajecten iets vertraagd, maar zijn de langzamere trajecten sneller geworden. Trajectsnelheden op de routes naar de A12 (BA en CA) zijn (net als in de ochtendpits) lager dan de tegenovergestelde richting. Van Lekstraat naar A12 was de reistijd ongeveer 1,5 minuut langer dan in november 2021, van Neherkade naar de A12 ongeveer een minuut langer. Trajecten AB en AC duurden ongeveer driekwart minuut langer dan in 2021. Deze routes vanaf de A12 naar Lekstraat en Neherkade (AB en AC) zijn langzamer dan in 2019 en vergelijkbaar met 2018. Routes BA en CA (richting A12) zijn met 23 en 29 km/u sneller dan in 2019, met beide 20 km/u. Al deze routes voldoen aan de genoemde streefwaarde. Op de routes CD en DC (Haagweg – Rijswijkseweg) is de reistijd ook ten opzichte van 2021 weinig veranderd. De gemiddelde snelheid komt hier uit op 21 km/u (stad-in) en 23 km/u (stad-uit). Net als in de ochtendspits ligt de snelheid hier hoger dan in de jaren tot en met 2019. Dit lijkt een afname van verkeer op deze routes aan te duiden, wat overeenkomt met de meting op de Rijswijkseweg. Reistijden, verloop over de dag De grafieken in afbeelding 3.7 en 3.8 tonen het verloop over de dag van de gemiddelde snelheid over de beschreven routes, voor de jaren 2019-2022.
Hieruit blijkt duidelijk dat in 2020 de gemiddelde trajectsnelheid in de avondspits bijna geen echte dip had, maar dat in 2021 de piekdrukte wat terugkeerde. In 2022 zette dat nog door. In de ochtendspits zijn de vertragingen beperkt, zeker als dat vergeleken wordt met de uren tussen de ochtend- en avondspits. Tussen 10:00 en 15:00 uur neemt de snelheid op de Rijswijkseweg-Haagweg in beide richtingen geleidelijk aan af. Op de andere routes is de reistijd deze uren stabiel. Vanaf 15:00 uur is er een duidelijke avondspits (dip in de trajectsnelheden). Na 17:00 uur lopen de vertragingen stad-in terug, stad-uit is dat na 17:45 uur. Om 19:00 uur is de avondspits voorbij (en wordt de snelheid ook hoger dan tijdens de periode tussen de spitsen). Wat opvalt is dat route CD (stad-uit Rijswijkseweg-Haagweg) geen duidelijke dip heeft in de avondspits en de snelheid hier hoger is dan 2019 en 2020. Een mogelijke verklaring is dat de opening van de Rotterdamsebaan hier voor een afname van piekdrukte heeft gezorgd.
1
Doel in de Haagse Nota Mobiliteit is dat de streefwaarde over meer dan 95 % van de tijd wordt gehaald.
29 | 58
Witteveen+Bos | 124141/24-006.301 | Definitief
Onderstaande afbeelding toont het gebruik van de Rotterdamsebaan. De dikte van de lijn geeft bij benadering het aantal auto’s weer. Voor de (donker)rode lijn gaat het om verkeer dat in de tunnel richting Den Haag rijdt, de lichtrode lijn staat voor het verkeer in tegengestelde richting. Te zien is dat een groot deel van het verkeer naar de Rotterdamsebaan vanaf de A13 komt (bijna 60 %) en een kleiner deel (20 %) vanaf de A4 (zuid). De rest is afkomstig uit omgeving Ypenburg (ongeveer 15 %) en de A4 noord (ongeveer 5 %). Aan het einde van de tunnel in de Binckhorst rijdt ruim de helft linksaf richting Neherkade, de kleine helft gaat rechtdoor (richting Lekstraat). Opvallend is dat stad-uit de hoeveelheid verkeer vanaf de Lekstraat minder is. Ongeveer een derde van het verkeer heeft een bestemming in Laak, de rest rijdt verder Den Haag in. Hiervan heeft de meerderheid een bestemming aan de noordoostzijde van het centrum of Scheveningen, een aanzienlijk deel rijdt naar de zuidoostkant (omgeving Vaillantlaan en Soestdijksekade).
Afbeelding 3.11 Selected link Rotterdamsebaan op werkdagen november 2022. Bron: TomTom Move, bewerking: Gem. Den Haag/ DSO Mobiliteit
In afbeelding 3.12 wordt het gebruik van de Rotterdamsebaan vergeleken met dat van de Hoornbrug/Haagweg (blauw). Verwacht is dat de Rotterdamsebaan een deel van het verkeer op deze route heeft overgenomen (met name verkeer vanuit de Richting Rotterdam naar Den Haag centrum en andersom). Met de gebruikte data is deze ontwikkeling niet te zien. Wel bleek uit de tellingen een afname van verkeer en scoorde de reistijd op deze route relatief goed sinds opening van de Rotterdamsebaan. Wel is in het plaatje te zien dat de Rotterdamsebaan en de Haagweg elk een eigen ‘verzorgingsgebied’ hebben. De Haagweg bedient grotendeels herkomsten en bestemmingen in Rijswijk. Ruim 40 % rijdt door naar Den Haag en heeft veelal een bestemming in Laak (omgeving Goeverneurlaan en Rijswijkseweg). Ongeveer 6 % rijdt door naar de Vaillantlaan of het Rijswijkseplein. Voor deze groep (en bestemmingen ten noorden van de Goeverneurlaan) lijkt de Rotterdamsebaan een goed alternatief, maar over het algemeen laat de verdeling van gebruikte routes een vrij logisch beeld zien.
32 | 58
Witteveen+Bos | 124141/24-006.301 | Definitief
Afbeelding 3.12 Selected link Rotterdamsebaan (rood) en Haagweg (blauw) op werkdagen november 2022. Bron: TomTom Move, bewerking: Gemeente Den Haag/ DSO Mobiliteit
Afbeelding 3.13 voegt tenslotte (in groen) een selected link van de A12 toe (ter hoogte van de Vliet, net als de andere twee). Dan is allereerst duidelijk dat de A12/Utrechtsebaan veel meer verkeer verwerkt dan de Rotterdamsebaan en Haagweg. Wat wel opvalt is dat de A12 en Rotterdamsebaan ook grotendeels gescheiden verzorgingsgebieden hebben. Zo heeft verkeer op de Neherkade en de Lekstraat meer relatie met de Rotterdamsebaan dan met de A12. Een groot deel van het oostelijk deel van het centrum wordt wel overwegend ontsloten door de A12 (in vergelijking met Rotterdamsebaan). Verkeer vanaf de A12 bereikt het centrum vooral via de viaducten (Schenkviaduct, Prins Bernhardviaduct) en de Bezuidenhoutseweg. Ook voor de Koningskade en Raamweg (en de gebieden centrum-noord en Scheveningen) is de A12 veruit de belangrijkste inprikker. Voor de Binckhorst als herkomst/bestemming is de A12 belangrijker dan de Rotterdamsebaan.
33 | 58
Witteveen+Bos | 124141/24-006.301 | Definitief
Afbeelding 3.13 Selected link Rotterdamsebaan (rood), Haagweg (blauw) en Utrechtsebaan (groen) op werkdagen november 2022. Bron: TomTom Move, bewerking: Gemeente Den Haag/ DSO Mobiliteit
Na de 3 ‘inprikkers’ (de Haagweg is geen officiële inprikker meer) is ook een vergelijkbare analyse gedaan voor de Maanweg ten westen van de oprit naar de A12. De Maanweg is naast de Rotterdamsebaan een andere locatie met een belangrijke relatie met de Centrumring (bij voorkeur via de Supernovaweg). Kijkend naar de richting ‘stad-in’ blijkt dat bijna 80 % vanaf de A12 komt, een kleine 20 % uit Voorburg. Ruim een derde van het verkeer rijdt naar de Mercuriusweg/Neherkade, een kleine 10 % via de Lekstraat naar het centrum en zo’n 6 % over de Geestbrug naar Rijswijk. Ongeveer de helft van het verkeer heeft een bestemming in of rond de Binckhorst. Verkeer vanaf de Maanweg heeft 3 routes om naar de Neherkade te rijden. De voorkeursroute (Supernovaweg) is het meest gebruikt (ongeveer 2/3e van het aantal bewegingen). De routes via de Maanweg en Zonweg worden beide door ongeveer een 1/6e gekozen. Dat lijkt weinig, aangezien de Binckhorstlaan in de avondspits in deze richting veel filevorming kent. Maar wellicht is juist de filevorming reden om de Supernovaweg te kiezen. In de tegenovergestelde richting is de verdeling heel anders: ongeveer 20 % via de Supernovaweg, 50 % via de Zonweg en 30 % via de Maanweg.
34 | 58
Witteveen+Bos | 124141/24-006.301 | Definitief
Afbeelding 3.14 Selected link Maanweg tussen A12 en Regulusweg, op werkdagen november 2022. Bron: TomTom Move, bewerking: Gemeente Den Haag/ DSO Mobiliteit
Vergelijking tussen MER en situatie 2022 In dit rapport zijn de intensiteitsmetingen vergeleken met de modelcijfers van de berekeningen die voor het MER zijn uitgevoerd. Deze staan in het MER rapport (blz. 54-55) en meer uitgebreid toegelicht in Bijlage 1 van Achtergrondrapport Verkeer, 2013. De prognosecijfers gingen uit van een situatie in 2020 zonder (referentiesituatie) en met Rotterdamsebaan (plansituatie). In het Achtergrondrapport staat ook de variant uitgewerkt met dubbel weefvak op de A13. Dit weefvak is op dit moment niet uitgevoerd en daarom wordt een vergelijking uitgevoerd met de planvariant. Intensiteiten zijn destijds berekend met twee verkeersmodellen. Ieder model heeft een ander schaalniveau. Deze modellen zijn nader toegelicht in het Achtergrondrapport Verkeer. Voor het onderliggend wegennet in Den Haag en omliggende gemeenten Rijswijk en Leidschendam-Voorburg zijn berekeningen uitgevoerd met het (op de avondspits gebaseerde) model Verkeersmodel Haaglanden (VMH 3.4). Voor het hoofdwegennet is gebruik gemaakt van het model NRM West (2012). In de referentievariant zijn diverse ontwikkelingen opgenomen, waarbij de twee modellen op elkaar zijn afgestemd. Niet alle verwachte ontwikkelingen in de referentie zijn in de praktijk al gereed (zoals de infrastructuurprojecten Rijnlandroute en verbinding A13-A16).
In de referentiesituatie zijn een aantal projecten in de Binckhorst nog niet meegenomen, met name de Supernovaweg. Deze is meegenomen in de planvariant met Rotterdamsebaan. Een aandachtspunt is dat zowel in de referentiesituatie als de planvariant met de Rotterdamsebaan geen rekening is gehouden met de knips tussen Stationsbuurt en Schilderswijk. De intensiteiten uit de prognoses voor 2020 van de verkeersmodellen worden vergeleken met de tellingen in 2022. Ook tellingen uit 2019 worden meegenomen om een beeld te krijgen van een projecteffect van de Rotterdamsebaan. Dit projecteffect (het verschil tussen de referentiesituatie en de planvariant) is lastig te meten, omdat de Supernovaweg (onderdeel van de planvariant) al in 2016 gereed was. Daarnaast zijn tijdens de aanleg van de Rotterdamsebaan meer zaken in de omgeving veranderd, zoals de knips StationsbuurtSchilderswijk. Voor deze evaluatie zijn een aantal aanvullende verkeerstellingen uitgevoerd in juni en november 2022. Voor telpunten op het hoofdwegennet is gebruik gemaakt van de database van het NDW.
35 | 58
Witteveen+Bos | 124141/24-006.301 | Definitief
Effecten onderliggend wegennet Onderstaande afbeelding toont de meetpunten van het onderliggend wegennet. Bij tellingen 2015 is een representatieve waarde bepaald uit tellingen in de periode 2012-2015, voor opening Supernovaweg. De twee bijbehorende tabellen (weergegeven als afbeeldingen) tonen de bijbehorende intensiteiten van de bijbehorende berekende modelwaarden en metingen. Er wordt vooral gekeken naar de etmaalwaarden. Verwacht was dat op de Rotterdamsebaan bijna 32.000 mvt/etmaal zouden rijden, dat is met zo'n 24.000 ongeveer een kwart minder. Op de Supernovaweg, Lekstraat en Neherkade waren grote toenames verwacht. Die toenames zijn ook opgetreden, al zijn ze wat minder groot dan verwacht. Daarbij wordt opgemerkt dat de opening van het laatste deel van de Supernovaweg (2016) wel in de telling van 2019 is opgenomen, maar niet in de modelreferentie. De groeipercentages zijn dus niet vergelijkbaar. Wel valt op dat deze drie wegen uiteindelijk minder verkeer verwerken dan berekend is in de prognose. Dit is nog zonder de knips in de Stationsbuurt-Schilderswijk, die de Neherkade extra hebben belast. Op de Maanweg en Binckhorstlaan (tussen Zonweg en Maanweg) waren grote afnames verwacht. In de tabel kan worden afgelezen dat op de Maanweg tussen Binckhorstlaan en Maanweg wel een afname in de telling is van -35 %. Dit is niet zo groot als de berekende -81 %.
Hiervoor zijn tenminste twee verklaringen. Ten eerste was in 2019 de Supernovaweg gereed, die niet in de modelreferentie zit. Bij tellingen voor 2016 lag de verkeersintensiteit op de Maanweg rond de 20.000 mvt/etmaal (zie afbeelding hieronder). Vergeleken met dat aantal is de intensiteit op de Maanweg afgenomen met bijna 50 %. Ook op de Binckhorstlaan zien we voor 2016 veel hogere intensiteiten dan in 2019, ruim boven de 20.000. De andere verklaring is dat in het model de routekeuze tussen A12 en Centrumring meer via de Supernovaweg verloopt en minder via de Maanweg-Binckhorstlaan.
Afbeelding 3.15 Intensiteit afgerond gemiddelde werkdag voor selectie wegen rond Binckhorst
36 | 58
Witteveen+Bos | 124141/24-006.301 | Definitief
Op de route Haagweg-Rijswijkseweg waren afnames tussen de 22 en 47 % verwacht. Het verkeer op deze route is volgens de metingen afgenomen, maar in mindere mate, namelijk ongeveer 8-20 %. Op de Hoornbrug ligt de verwachte procentuele afname aardig in lijn met de telwaarden. Op de Rijswijkseweg is de telling van 2022 vergelijkbaar met de modelprognose, maar lag de modelreferentie een stuk hoger. Op de Binckhorstlaan tussen Maanweg en Pr. Mariannelaan was een toename berekend, maar is het verkeer licht afgenomen. Op een paar wegen (Laan van Delfvliet, Goeverneurlaan en Westvlietweg) is de telling procentueel veel hoger dan de modelprognose, maar dit geldt voor zowel referentie-telling 2019 als planvariant-teling 2022. Deze hoge waarden hebben dus geen relatie met de Rotterdamsebaan. Op de Goeverneurlaan zien we in de telling wel een afname die waarschijnlijk wel met de Rotterdamsebaan samenhangt.
Afbeelding 3.16 Meetpunten onderliggend wegennet
37 | 58
Witteveen+Bos | 124141/24-006.301 | Definitief
Afbeelding 3.17 Intensiteiten onderliggend wegennet, etmaal werkdag. Model en tellingen (november) 2019 en 2022
Afbeelding 3.18 Intensiteiten onderliggend wegennet, avondspitsuur. Model en tellingen (november) 2019 en 2022
38 | 58
Witteveen+Bos | 124141/24-006.301 | Definitief
Effecten hoofdwegennet Onderstaande afbeelding toont de meetpunten van het onderliggend wegennet, de hierop volgende tabel (weergegeven als afbeelding) de bijbehorende intensiteiten van de bijbehorende berekende modelwaarden en metingen. De verschillen op het hoofdwegennet zijn relatief minder groot dan op het onderliggend wegennet. De Rotterdamsebaan heeft slechts beperkte invloed op de intensiteiten op de autosnelwegen. In de tabel is te zien dat de telwaarden over het algemeen iets lager zijn dan de modelprognose. Vooral op de parallelbanen van de A4 en de A12 tussen Prins Clausplein en Voorburg rijdt volgens de tellingen minder verkeer dan in de modelberekeningen. Daarnaast zijn de tellingen van 2022 (iets) lager dan die van 2019. Dit kan nog een corona-effect zijn. Kijkend naar het verschil in de tellingen ten opzichte van het modeleffect valt vooral op dat op de A12 en de verbindingsbogen bij knooppunt Ypenburg de verkeersintensiteiten in de tellingen meer afnemen dan in het model. Dit wijst op een verschuiving van autosnelweg naar de Rotterdamsebaan die in praktijk groter is dan berekend met het (NRM) model. Op de parallelbanen A4 is een afname gemeten die nog niet goed verklaard kan worden, maar niet direct een relatie met de Rotterdamsebaan lijkt te hebben
Afbeelding 3.19 Meetpunten hoofdwegennet
39 | 58
Witteveen+Bos | 124141/24-006.301 | Definitief
Afbeelding 3.20 Intensiteiten hoofdwegennet, etmaal werkdag. Model en tellingen (nov) 2019 en 2022
Conclusies vergelijking berekening MER en tellingen: - het is lastig om op basis van verkeersmodelprognoses en tellingen uit 2022 harde uitspraken te doen over het effect van de Rotterdamsebaan en de modelprognoses hiermee te toetsen. Enerzijds komen de modeluitgangspunten niet exact overeen met de werkelijke situatie. Anderzijds komt in het algemeen een verkeersmodel in de basis (jaar 2012) al niet overal overeen met gemeten intensiteiten. Bovendien zijn de plannen rond de Rotterdamsebaan over een langere periode opgeleverd (met autonome ontwikkelingen en een coronaperiode) en is een duidelijke voor- en nasituatie niet vast te stellen. Ook is niet voor alle locaties een langere reeks tellingen bijgehouden. Om de effecten van de Rotterdamsebaan te beschrijven zijn wel eerdere tellingen (vooral uit 2019) bij de analyse betrokken. Tussen 2019 en 2022 hebben de meeste ‘projecteffecten’ zich voorgedaan. Eerder is de Supernovaweg al afgerond en heeft een deel van het autoverkeer op de route Maanweg-Binckhorstlaan zich naar de nieuwe weg verplaatst; - de Rotterdamsebaan trekt minder weggebruikers (24.000) dan voor het onderliggend wegennet is berekend (32.000).
Opvallend is dat gegevens van het hoofdwegennet lijken te wijzen op een effect dat in praktijk juist groter is dan vooraf berekend; - op wegen als de Supernovaweg, Neherkade en Lekstraat is het verkeer flink toegenomen, zoals verwacht. De intensiteit is lager dan de modelprognose; - op (delen van) de Maanweg en Bickhorstlaan is het rustiger geworden, maar rijdt wel meer verkeer dan berekend. Afname is veroorzaakt door opening van de Supernovaweg, de Rotterdamsebaan en de herinrichting van de Binckhorstlaan; - de route Haagweg-Rijswijkseweg is na opening Rotterdamsebaan wat rustiger geworden, maar op een aantal locaties blijft de afname achter bij de berekeningen. Een kanttekening hierbij is dat de gemeten verkeersaantallen na opening van de Rotterdamsebaan dicht bij de berekende waarde uit het MER liggen. Echter lagen de verkeersaantallen in de modelreferentie uit het MER hoger, waardoor de in het MER berekende afname ook groter was.
40 | 58
Witteveen+Bos | 124141/24-006.301 | Definitief
3.1.5
Conclusies
In februari 2021 is de Rotterdamsebaan opengesteld voor verkeer. Voor het tweede jaar in de monitoring zijn er effecten van deze openstelling zichtbaar. Werkzaamheden op de Utrechtsebaan hebben de eerste helft van het jaar invloed gehad op het verkeer op en rond de Rotterdamsebaan, en het gebruik van de Rotterdamsebaan verhoogd. Dat heeft vooral invloed gehad op de metingen in juni. Voor de algemene conclusies wordt daarom vooral naar de tellingen in november gekeken. Incidenteel (in het weekend) kunnen andere werkzaamheden ook invloed hebben gehad op de bereikbaarheid, deze zijn niet beschouwd. Bij de monitoring van de verkeerseffecten over 2022 speelt corona een minder grote rol dan in voorgaande jaren 2020 en 2021. Intensiteiten zijn over het algemeen vergelijkbaar met die van 2019, reistijden zijn over het algemeen licht toegenomen. Monitoring ten opzichte van de vooraf verwachte situatie (uit het MER 2013) De van tevoren beschreven tijdelijke situatie tijdens de werkzaamheden aan de Rotterdamsebaan is anders geweest dan de werkelijkheid. Van een volledige langdurige afsluiting van de Binckhorstlaan is geen sprake geweest. Dit betekent dat de consequenties van de werkzaamheden minder ernstig zijn dan voorzien. In 2022 is het gebruik van de Rotterdamsebaan hoger geweest dan in het eerste jaar van openstelling.
Het is waarschijnlijk dat het gebruik van de Rotterdamsebaan in 2023 en verder nog zal toenemen. Een vergelijking met de prognoseberekening in het MER leidt tot deze bevindingen: - de Rotterdamsebaan trekt minder weggebruikers (24.000) dan is berekend met het verkeersmodel Haaglanden (32.000). Opvallend is wel dat de gemeten afname van verkeer op de A12 groter is dan berekend (met het NRM-West). Dat lijkt juist te wijzen op een grotere verschuiving naar de Rotterdamsebaan effect dan verwacht; - op wegen als de Supernovaweg, Neherkade en Lekstraat is het verkeer flink toegenomen, zoals verwacht. De intensiteit is lager dan de modelprognose; - op (delen van) de Maanweg en Bickhorstlaan is het rustiger geworden, maar rijdt wel meer verkeer dan berekend. Afname is veroorzaakt door opening van de Supernovaweg, de Rotterdamsebaan en de herinrichting van de Binckhorstlaan; - de route Haagweg-Rijswijkseweg is na opening Rotterdamsebaan wat rustiger geworden, maar op een aantal locaties blijft de afname achter bij de berekeningen. Een kanttekening hierbij is dat de gemeten verkeersaantallen na opening van de Rotterdamsebaan dicht bij de berekende waarde uit het MER liggen. Echter lagen de verkeersaantallen in de modelreferentie uit het MER hoger, waardoor de in het MER berekende afname ook groter was.
Intensiteiten op de screenline A4, het kordon Rotterdamsebaan en de Prinses Mariannelaan In 2022 waren de intensiteiten op de screenline A4 vergelijkbaar met 2021. Op de Utrechtsebaan is de intensiteit afgenomen ten opzichte van voorgaande jaren. De opening van de Rotterdamsebaan is hiervoor een logische verklaring. Deze verklaart ook de afname van verkeer op de Laan van Hoornwijck. Andere inprikkers laten een relatief stabiel (N14, N211) of een wisselend beeld (pr. Beatrixlaan) zien. De Rotterdamsebaan laat een toenemende trend zien. Deze verwerkte in november 2022 bijna 24.000 mvt/etmaal, in november 2021 was dit 19.500, in juni 2021 15.800. Dit laat zien dat er een gewenningsperiode is geweest waarin mensen de Rotterdamsebaan en de voordelen ervan hebben gevonden, al dan niet met hun navigatiesysteem. Juni 2022 was de drukste maand en werden er zo’n 27.600 mvt/etmaal gemeten. Hiervan is een deel verkeer dat omgeleid is tijdens werkzaamheden aan de Utrechtsebaan. De totale hoeveelheid verkeer dat het kordon Rotterdamsebaan passeert is in november 2022 ongeveer gelijk aan een jaar eerder. Sinds opening van de Rotterdamsebaan is het verkeer wel toegenomen ten opzichte van de jaren ervoor, doordat de Rotterdamsebaan het gebied nu inprikt. Ook op de Binckhorstlaan/Lekstraat leidt dit tot een toename van verkeer.
Aan de noordkant van het kordon is afgelopen jaren op de Calandstraat en Rijswijkseweg het verkeer toegenomen als gevolg van de knips Stationsbuurt-Schilderswijk.
41 | 58
Witteveen+Bos | 124141/24-006.301 | Definitief
Op de Maanweg bij de oprit naar de A12 is de intensiteit niet veel veranderd. Verondersteld wordt dat de intensiteit als gevolg van de genoemde knips is toegenomen, maar als gevolg van de Rotterdamsebaan weer zijn afgenomen. Op andere wegen van het kordon (vooral aan de westzijde) zijn intensiteiten afgelopen jaren (los van de coronapandemie en werkzaamheden) niet veel veranderd. Op veel wegen langs de gemeentegrens (De Haag – Rijswijk en Voorburg) is de verkeersintensiteit de afgelopen jaren in meer of mindere mate afgenomen. Dit geldt voor de Binckhorstlaan bij Voorburg, Rijswijkseweg, Jan van der Heijdenstraat, Oudemansstraat en De Genestetlaan bij Rijswijk. Op de Alberdingk Thijmstraat en de Middachtenweg is de intensiteit stabiel gebleven. Doorstroming binnen het kordon Rotterdamsebaan De doorstroming (snelheden) op de onderzochte routes was in 2022 minder dan in 2021 waarin er nog een corona-effect merkbaar was. Er was vooral weer congestievorming in de avondspits. De routes van Neherkade en Lekstraat naar de A12 zijn ten opzichte van de voorgaande 2 jaren langzamer geworden, maar zijn nog altijd sneller dan in de jaren voor corona. In de tegenovergestelde richting is de reistijd globaal hetzelfde als voor corona. Wel duidelijk verbeterd ten opzichte van de reistijden voor Rotterdamsebaan en corona zijn de trajecten op de Haagweg-Rijswijkseweg.
Een afname van verkeer gaat hier gepaard met een betere doorstroming. Locaties waar vooral congestie optreedt liggen op de Binckhorstlaan: Zonweg-Mecuriusweg, TrekvlietpleinSupernovaweg en Supernovaweg-Mercuriusweg. De piek ligt tussen 16.00 en 17.00 uur. Routes over de Rotterdamsebaan De Rotterdamsebaan wordt vooral gebruikt voor het bereiken van het zuidelijk deel van het centrum van Den Haag, Laak en een deel van Escamp (omgeving Soestdijksekade), maar ook (aan de andere kant van de tunnel) Ypenburg. De Rotterdamsebaan is buiten Den Haag vooral gericht op de richting Delft-Rotterdam. De Rotterdamsebaan heeft een eigen verzorgingsgebied dat slechts deels overlapt met dat van de Utrechtsebaan en de Haagweg. Werkzaamheden in het gebied De Rotterdamsebaan was in 2022 opengesteld voor gebruik. Los van onderhoud zijn er geen (aanleg)werkzaamheden geweest. Op de Binckhorstbrug gold een verbod voor brede voertuigen dat hier enige invloed kan hebben gehad op de verkeerscapaciteit. Op de Utrechtsebaan was in de eerste helft van 2022 groot onderhoud. Veranderende functies in het gebied In de Binckhorst zijn in 2022 diverse bouwactiviteiten gestart (Frank is een Binck, Binck City Park, One MilkyWay). Het project Binck Kade (113 woningen) is opgeleverd, evenals de eerste basisschool in de Binckhorst.