RIS319256 Afdoening motie Voor wie doen we het
Tekst van het document
Typ tekstTyp tekstTyp tekst
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
Aan de gemeenteraad
DSO/10873949 RIS319256 Contactpersoon
Jeroen Kraaij Dienst
Dienst Stedelijke Ontwikkeling Afdeling
DSO Economie Telefoonnummer
14070 Datum
E-mailadres
11 juli 2025
jeroen.kraaij@denhaag.nl
Onderwerp
Afdoening motie: ‘Voor wie doen we het?’
Uw raad heeft, tijdens de bespreking van het voorstel van het college inzake Gebiedskaders ZKD, Fruitweg en Uitenhagestraat (RIS318669) op 20 juni 2024, de door het raadslid de heer De Vuyst ingediende motie ‘Voor wie doen we het’ (RIS319025) aangenomen. Hierbij informeert het college de raad over de afdoening van de motie. De motie luidt als volgt: Overwegende, dat: • het UWV in haar regionale arbeidsmarktprognose (juni 2024) constateert dat een aanhoudende krapte op de arbeidsmarkt zich voor doet; • het Rapport van de Staatscommissie Demografische Ontwikkeling 2050: gematigde groei (januari 2024) bij de ruimtevraag voor o.a. wonen en werken concludeert dat niet alles meer kan en er duidelijk keuzes gemaakt worden welke economie men wil hebben in Nederland voordat keuzes worden gemaakt over de ruimte. • in het programma bedrijfshuisvesting (RIS318690) het college bij de uitwerking van het hoofddoel stelt dat de Haagse groei in balans moet zijn “…, met voldoende mogelijkheden voor bestaande en nieuwe inwoners om in de stad te werken en voor ondernemers en organisaties om in de stad te starten en te groeien. Economische bloei draagt bij aan werkgelegenheid en een sociale, duurzame en innovatieve stad.” • de Regionale Arbeidsmarktprognose 2024-2025 Haaglanden van het UWV constateert dat : “De arbeidsmarkt is nog steeds gespannen.
Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek waren er in het eerste kwartaal van 2024 nog altijd 110 vacatures per honderd werklozen.” Constaterende, dat: • de Rekenkamer Den Haag in haar rapport uit 2019 “Tel uit je winst” als deelconclusie had dat “Het ontbreekt aan heldere, door de raad vastgestelde, kaders waarin concreet is gemaakt wat de raad met het economisch beleid wil bereiken en op basis waarvan de raad kan controleren of dit bereikt wordt.” • het doel van het programma Bedrijfshuisvesting en de doelen die zijn opgenomen in de genoemde Gebiedskaders nog niet SMART geformuleerd zijn en er nog veel onbekend is over hoe extra ruimte voor bedrijventerreinen gaat bijdragen aan de genoemde doelen in Den Haag.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
T 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10873949
Verzoekt het college: • een kwalitatieve en kwantitatieve analyse te maken in Den Haag en Haaglanden om aannemelijk te maken hoe de drie gebiedskaders zullen bijdragen aan de volgende doelen uit het programma bedrijfshuisvesting: o voldoende mogelijkheden voor bestaande en nieuwe inwoners om in de stad te werken; o voldoende mogelijkheden voor ondernemers en organisaties om in de stad te starten en te groeien; • en hoe de drie gebiedskaders zullen bijdragen aan het derde doel van de bedrijfshuisvestingsstrategie: “het bijdragen aan de duurzaamheidsopgave” • bij het eerste doel ook inzichtelijk dan wel aannemelijk te maken hoe meer vierkante meters bedrijventerreinen de werkgelegenheid in Den Haag helpt, gegeven de huidige krapte op de arbeidsmarkt. Het college geeft op de volgende manier antwoord op deze motie: Het college begrijpt het verzoek om meer inzicht te verkrijgen in de relaties tussen beleid, doelen en effecten. Ontwikkelingen in economie en arbeidsmarkt en de invloed van beleid daarop zijn echter minder goed met kwantitatieve dan kwalitatieve analyses te duiden. Dit staat een letterlijkere uitvoering van de motie in de weg. Desondanks vindt uw raad hieronder een zo duidelijk en onderbouwd mogelijke analyse. Momenteel is er onvoldoende bedrijfsruimte beschikbaar. Dit blijkt ook uit de recente Staat van de Haagse Economie 2023 (RIS31997).
De voorraad, het aanbod en de opname van bedrijfsruimte loopt al jaren terug. De totale hoeveelheid bedrijfsruimte is ondanks de grote vraag met 5% afgenomen het afgelopen decennium en het aanbod blijft op dit moment steken op 1% van de totale voorraad. Dit tekort remt economische dynamiek, vernieuwing en verduurzaming van gebouwen (door gebrek aan nieuw aanbod kunnen ondernemers niet verhuizen en worden panden niet gerenoveerd) en startende ondernemers. De gemeente biedt graag ruimte aan startende ondernemers die circulair werken, een maatschappelijke impact hebben, innovatieve bijdragen leveren aan andere onderdelen van de economie. Ook bestaande (maak) bedrijven die willen groeien behouden we graag voor onze stad. De bedrijfsruimte in Den Haag is voor het overgrote deel niet in gebruik voor activiteiten die in Nederland ter discussie staan vanwege negatieve externe effecten, zoals de glastuinbouw, XXL logistiek en (vervuilende) basisindustrie. Het behoud van formele Haagse bedrijventerreinen zoals we die nu kennen is nodig om een basis aan essentiële bedrijvigheid de ruimte te kunnen bieden. Deze bedrijven (en haar ondernemers) hebben een duidelijke functie voor de stad, zoals een loodgieter en reparatiebedrijf – zeker met het oog op verwachte toename aan circulaire bedrijvigheid zal deze basis voor essentiële, stadsverzorgende bedrijvigheid alleen maar toenemen1.
Dit past ook binnen de ambitie van de gemeente om het grondstoffengebruik in 2030 met 50% te verminderen en in 2050 volledig circulair te zijn. Op de huidige terreinen kan de ruimte efficiënter worden benut en zijn veel gebouwen toe aan vernieuwing en verduurzaming (daar zijn de kaders dan ook voor bedoeld). De huidige situatie is dat vrijwel alle gronden in particulier bezit zijn. Op het moment dat er zich kansen voordoen om bepaalde kavels te vernieuwen, herontwikkelen en verduurzamen kan de gemeente binnen haar wettelijke kaders een zo goed mogelijke activerende en faciliterende rol spelen. Ook zijn er diverse landelijke, provinciale en gemeentelijke subsidieregelingen die eigenaren / gebruikers kunnen benutten op het gebied van verduurzaming, zoals de isolatiesubsidie (Programma Verduurzamen MKB, RIS321510).
1
Erasmus Universiteit (2025). Ruimtegebruik essentiële bedrijvigheid MRDH.
2/3
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10873949
Juist als het gaat om kaderstellend beleid voor deze particuliere gronden kan niet nu al met zekerheid worden gesproken over een exact aantal vierkante meters binnen een bepaald aantal jaren, of een specifiek aantal gebouwen isoleren waarmee een specifieke hoeveelheid CO2-reductie bereikt wordt. Immers, het initiatief ligt grotendeels bij eigenaren en gebruikers. Daarom spreken we in de gebiedskaders over ambities. Het creëren van extra banen is daarbij geen kwantitatief doel op zichzelf. Wel draagt een divers palet aan werkmilieus, waaronder dus de schaarse bedrijventerreinen binnen het Haagse grondgebied bij aan een divers palet aan baanopties. Zo is bekend dat relatief veel praktisch opgeleiden actief zijn in sectoren die sterk vertegenwoordigd zijn op bedrijventerreinen, zoals handel, logistiek en nijverheid2 . De basis aan huidige banen is daarbij geen garantie voor de toekomst: het gaat niet alleen om groei van banen maar ook om vernieuwing van banen, zoals dat ook voor vernieuwing van fysieke ruimte geldt. Jaarlijks verdwijnen (minimaal) 10% van de banen en ontstaan er iets meer dan 10% nieuwe banen, waardoor het aantal banen jaarlijks iets toeneemt, maar een groot deel hiervan is “vervanging”3.
Die dynamiek vraagt ook om behoud van voldoende fysieke ruimte en schuifruimte als voorwaarde voor intensivering, vernieuwing en verduurzaming, zeker met het oog op de toekomstige (duurzame) banen. De gebiedskaders voor ZKD, Fruitweg en de Uitenhagestraat zijn in eerste instantie bedoeld als ontwikkelvisie of leidraad voor de ontwikkeling van de bedrijventerreinen en zijn tot stand gekomen in samenwerking met ondernemers op de terreinen – en voldoen juist aan de roep om duidelijke kaders. Door duidelijkheid en zekerheid te geven aan ondernemers en eigenaren over de werkfunctie van de gebieden wil het college vernieuwing, herontwikkeling en verduurzaming stimuleren. Daarbij zijn in de kaders en in het Programma Bedrijfshuisvesting principes en richtingen opgenomen om de bestaande ruimte beter te benutten, zoals meerlaags bouwen, juiste bedrijf op de juiste plek en mengen waar het kan scheiden waar het moet. Over de voortgang op de SMART-doelen van de Economische Uitvoeringsprogramma 2023-2026 (RIS 315460) en het Programma bedrijfshuisvesting (RIS318690) wordt gerapporteerd in de voortgangsrapportage, waarvan de rapportage 2024 naar verwachting voor de zomer naar de raad wordt gestuurd. Het college beschouwt de motie hiermee als afgedaan. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
2
Jan van Zanen
Rapport Stec-groep (2022): Feiten en cijfers bedrijventerreinen in Nederland & CBS (2022) Banen in Westflank-gemeenten en het Leiden
Bio Science Park, 2022 | CBS 3
Edzes, Broersma, Van Dijk (2016). Arbeidsmarktdynamiek vergroot verschil tussen in- en outsiders (link: 308-310_EDZES.pdf) & CPB
(2015). Baanpolarisatie in Nederland (link: CPB2015) & CPB (2023) Technologie, arbeidsmarkt en de rol van de overheid (link: CPB2023)
3/3