CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS319245 Bijlage 1. rapport Peutz , renovatie Weigeliaplein te Den Haag;

Commissie Ruimte 26 juni 2024, gemeente Den HaagBij agendapunt: Ingekomen bestuurlijke stukken22.063 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Renovatie Weigeliaplein te Den Haag

Variantenstudie LCA-bepaling gewogen milieueffecten en CO₂eq emissies ten gevolge van materiaal- en energiegebruik

Rapportnummer H 9195-3-RA-002 d.d. 19 maart 2024

Renovatie Weigeliaplein te Den Haag

Variantenstudie LCA-bepaling gewogen milieueffecten en CO₂eq emissies ten gevolge van materiaal- en energiegebruik

Opdrachtgever: Haag Wonen Rapportnummer: H 9195-3-RA-002 Datum: 19 maart 2024 Referentie: WK/JSc/ /H 9195-3-RA-002 Verantwoordelijke: ir. W. Koornneef Opsteller: ir. J. Scharloo 085 8228 753 j.scharloo@peutz.nl

Peutz bv, postbus 696, 2700 ar zoetermeer, +31 85 822 87 00, info@peutz.nl, www.peutz.nl kvk 12028033, opdrachten volgens DNR 2011, lid Nlingenieurs, btw NL.004933837B01, ISO-9001:2015 mook - zoetermeer - groningen - eindhoven - haps - düsseldorf - dortmund - berlijn - nürnberg - leuven - parijs - lyon

H 9195-3-RA-002 2

Inhoudsopgave 1

Inleiding

5

1.1

Aanleiding

5

1.2

Beoogd onderzoek

5

1.3

Aanpak

6

1.4

Limitaties

6

Uitgangspunten

7

2.1

Scenario’s

7

2.2

Referentieoppervlakte

7

2.3

Gebruikte software

7

2.4

Scope

8

2.5

Emissiefactoren en milieukostenindicatoren energie

2

2.5.1

9

Limitaties:

10

2.6

Gebruikte LCA-rekenregels

11

2.7

Biogene opslag

12

2.8

Splitsing van impact

12

3

Materialisatie

13

4

Resultaten

17

4.1

Context

17

4.2

Directe (gewogen) milieu impact (Fase A)

18

4.3

Cradle-to-cradle (gewogen) milieu impact (Fase A t/m D)

20

4.3.1

Impact per 36 woningen

20

4.3.2

Impact per m² BVO en GBO

21

4.3.3

Invloed van energie-emissiefactor

23

4.3.4

Aandeel installaties in de gewogen milieu-impact

23

Biogene opslag

25

Conclusies

26

4.4 5

H 9195-3-RA-002 3

Bijlage 1 – LCA & BENG Berekening Nieuwbouw Bijlage 2 – LCA & BENG Berekening Superuse Bijlage 3 – LCA & BENG Berekening SU Correctie Bijlage 4 – Bepaling impact energiegebruik (B6) Bijlage 5 – Resultaten scenario’s

H 9195-3-RA-002 4

1

Inleiding

1 .1 A an le id ing

Voor de Heesterbuurt te Den Haag is voor opdrachtgever Haag Wonen een herontwikkelingsplan (nieuwbouw) gemaakt, genaamd Weigeliaplein e.o. de Vijf Heesters, waarbij 395 woningen aan vijf straten worden vervangen door nieuwbouw. Als reactie op het herontwikkelingsplan heeft Bewonerscommissie Complex 70 een renovatieplan van Superuse voorgesteld. De gemeente heeft via een brief – kenmerk RIS317156, DSO/10647317 d.d. 24 november 2023 – aangegeven dat zij een extern onderzoek wil uitvoeren waarbij een vergelijking wordt opgesteld tussen het renovatieplan, de herontwikkeling (nieuwbouw) en het groot onderhoudsverbeterplan (SU Correctie) van Haag Wonen. Een drietal thema’s worden daarbij beschouwd (duurzaamheid, doelmatigheid en toekomstbestendigheid) over 4 aspecten (financiële haalbaarheid, woon(technische) haalbaarheid, duurzaamheid en doelmatigheid van de inzet van middelen). 1 .2 B e oogd ond er zo e k

De opdrachtgever Haag Wonen wil anticiperend op dit onderzoek ook zelf onderzoek uitvoeren op bovenstaande aspecten. Deze rapportage gaat in op het aspect duurzaamheid. Gevraagd wordt om een vergelijking op te stellen tussen het renovatieplan (exclusief en inclusief technisch noodzakelijke aanpassingen) en het nieuwbouwplan. Voorbeelden van technisch noodzakelijke aanpassingen zijn het aanpassen van installaties om aan de voorschriften te voldoen (zie rapport door J. van Toorenburg BV “2259 beoordeling renovatie”) en het versterken van de fundering (zie rapport van Rossum). In dit rapport worden de volgende varianten vergeleken: 1. Plan Superuse (hierna ‘Superuse’) 2. Plan Superuse Correctie voor voldoen Bbl en kwaliteitseisen Haag Wonen (hierna ‘SU Correctie’) 3. Plan nieuwbouw Haagwonen inclusief sloop (hierna ‘Nieuwbouw’) En worden de volgende gestelde duurzaamheidsaspecten in de brief behandeld: - Energiegebruik - CO2eq-uitstoot (realisatiefase en de gehele gebruiksfase)

H 9195-3-RA-002 5

1 .3 A anp a k

In de analyse wordt een vergelijkbaar aantal van 36 woningen in één blok geanalyseerd en geëxtrapoleerd. Het energiegebruik van elke variant wordt op basis van het bouwkundig ontwerp en het installatietechnisch ontwerp vastgesteld met een BENG-berekening volgens de NTA 8800:2023. De energieresultaten worden samen met de materiaaluittrekstaten vervolgens gebruikt voor een levenscyclusanalyse (LCA) op gebouwniveau voor de drie varianten. Hierbij wordt inzicht verkregen op de (gewogen) milieu-impact van het materiaalgebruik ten gevolge van handhaving, verwijderen of nieuw aan te brengen materialen en de vervangingen tijdens de nieuwe levenscyclus van het gebouw, maar ook op de (gewogen) milieu-impact van het energiegebruik van zowel elektra als de benodigde infrastructuur. Met de LCA wordt hiermee zowel de CO₂eq. emissie van materiaal- en energiegebruik bepaald over de nieuwe levenscyclus, als ook de gewogen milieueffecten (MKI/ MPG) voor de realisatiefase en de gehele gebruiksfase. 1 .4 L i mit at i es

Voor de bepaling van het energiegebruik wordt gebruik gemaakt van de berekeningsresultaten volgens de NTA 8800:2023. Deze berekeningen bepalen alleen het wettelijk gebouw gebonden energiegebruik, zonder het gebruikersgebonden deel van het energiegebruik. Hiertoe zullen de relatieve verschillen in impact van het daadwerkelijk energiegebruik tussen de verschillende plannen in realiteit lager liggen. Zie ook rapport door J. van Toorenburg BV “2259 beoordeling renovatie”. In de berekeningen voor de nieuwe levenscyclus wordt voor de bepaling van de (gewogen) milieueffecten de huidige impact (emissiefactoren van energie en milieu-impact van materialen) geëxtrapoleerd. In de toekomst kan het zo zijn dat de impact van vervanging van materialen en energiegebruik lager kan zijn door een meer duurzame energie-mix. Dit effect is in basis niet meegenomen in de vergelijking (wel wordt onderzocht of dit eventueel invloed kan hebben op de resultaten). In de beschouwing wordt een relevant bouwdeel geanalyseerd dat vaak voorkomt. Bijzonderheden worden hierbij dus niet meegenomen. Hierdoor kan – beschouwd over het gehele project – het verschil tussen de verschillende scenario’s op zowel het aspect materiaal als energie anders zijn. Zo wordt voor een hoekappartement meer materiaal gebruikt per m² BVO dan in een tussenwoning.

In de gevalideerde rekeninstrumenten wordt forfaitair gerekend met bepaalde productlevensduren en bijbehorende vervangingen gedurende de studieperiode. Hierdoor is een nuance in de keuze van – bijvoorbeeld warmtepompen – beperkt in deze studie H 9195-3-RA-002 6

2

Uitgangspunten

2 .1 S cen ar io ’s

De volgende scenario’s worden beschouwd: 1. Superuse 2. SU Correctie 3. Nieuwbouw 2 .2 R ef er ent i eopp er vla kte

De scope van de levenscyclusanalyse betreft al het materiaal- en energiegebruik van een maatgevend deel van het plan. In alle scenario’s zijn dit 36 woningen. Het openbaar terrein wordt buiten beschouwing gelaten. t 2.1 Uitganspunten Superuse

SU Correctie

Nieuwbouw

Aantal woningen per laag

12

12

9

Aantal bouwlagen

3

3

4

Woningen totaal

36

36

36

Trappenhuizen

6

6

1

Liften

Geen

Geen

0,7

BVO totaal [m²]

2.283

2.261

2.605

GBO totaal [m²]

1.790

1.725

2.194

GBO per woning (gemiddeld) [m²]

49,7

47,9

60,9

2 .3 G ebru i kt e so ft war e

Voor de berekeningen wordt gebruik gemaakt van GPR Materiaal Transformatie versie 5, waarbij gebruik wordt gemaakt van de productendatabase met peildatum 29 februari 2024 van de nationale milieudatabase versie 3.0. Voor MPG-berekeningen kunnen verschillende categorieën materialen worden ingevoerd. Hiervoor zijn de volgende opties beschikbaar in de nationale milieudatabase (NMD): • Categorie 1: Een product van een specifieke leverancier waarvan de milieu-impact is bepaald en getoetst; • Categorie 2: Een product van een branche of groep van producenten waarvan de milieu-impact is bepaald op basis van gegevens aangeleverd door die branche of groep; • Categorie 3: Forfaitaire default waarden voor verschillende bouwproducten die worden beheerd door Stichting Nationale Milieudatabase. Categorie 3 H 9195-3-RA-002 7

productkaarten worden berekend met een 30% toeslagfactor (onvoorzien) op de milieu-impact van diverse levensfasen van het product. Niet alle toegepaste materialen zijn beschikbaar in de Nationale Milieu Database. Daar waar het materiaal niet beschikbaar is, is volgens de Bepalingsmethode Milieuprestatie Bouwwerken, d.d. maart 2022, gekozen voor een alternatief materiaal met een vergelijkbare milieubelasting. Bij de invoer is in eerste instantie uitgegaan van categorie 3 kaarten. Mocht deze niet aanwezig zijn voor het toegepaste materiaal dan is er gekozen voor een categorie 2 kaart en in enkele gevallen een categorie 1 kaart. Bij de te slopen woningen is voor de plafonds van steengaas met stucwerk in de berekening als alternatief 30 mm sierpleister opgenomen. Voor de verwarming in het te slopen gebouw is het uitgangspunt dat 70% van de woningen wordt verwarmd met 2 gaskachels per woning en een geiser voor warm water en 30% van de woningen is voorzien van een Cv-ketel voor verwarming en warm water. 2 .4 S cop e

De resultaten van de berekening wordt weergegeven in de volgende levenscyclusfasen (zie figuur f 2.1): de productiefase (A1-A3), bouwfase (A4-A5), gebruiksfase (B1-B5), einde levensfase (C1-C4) en kosten- en baten buiten de levensloop (D). De directe impact betreft fase A, de impact over de gehele levensloop betreft fase A t/m C, de totale impact inclusief effecten buiten de levensloop betreft fase A t/m D (is scope van de MPG). Daarnaast wordt operationeel energiegebruik apart berekend en gerapporteerd. Biogene opslag wordt apart bepaald volgens EN 16449. -

Beschouwde milieu-impact: MKI en CO₂-eq. Gebouwlevensduur nieuwe cyclus: 75 jaar (herontwikkeling) 75 jaar (renovatie) Originele bouwjaar: 1926 Jaar van ingreep: 2025 Studieperiode: 2025 – 2100 (herontwikkeling) 2025 – 2100 (renovatie) Operationeel energiegebruik (B6): separaat (zowel materiaal als energie) Operationeel watergebruik (B7): buiten scope Biogene opslag: separaat

H 9195-3-RA-002 8

f 2.1 levenscyclusstadia van een gebouw

Bij renoveren met zware ingreep (kwaliteitsimpuls) dient volgens “Onderzoek ‘Richtlijn specifieke gebouwlevensduur’ bedoeld voor toepassing bij de milieuprestatieberekening” [W/E 2020] een restlevensduur van 50 jaar te worden aangehouden. Voor de alle scenario’s wordt echter met een restlevensduur na ingreep van 75 jaar gerekend, om hiermee een zuivere vergelijking te maken tussen het nieuwbouwplan en de renovatievarianten. Als een andere studieperiode voor de renovatievarianten wordt aangehouden zou dit resulteren in een andere toekenning van o.a. restlevensduur, de invloed van vervangingen en energiegebruik, waardoor de onderlinge verhoudingen (nieuw, handhaven, sloop en energie) anders worden. Hiermee zijn deze varianten dan minder eenvoudig te vergelijken met de variant nieuwbouw. Het scenario nieuwbouw rekent met een standaard (rest)levensduur van 75 jaar, immers is dit nieuwbouw. De impact van sloop van de vorige levenscyclus wordt gerekend met een standaard restlevensduur van 75 jaar. 2 .5 E missi ef ac to ren en mi l ieu kos t enind i ca tor en en ergi e

In het LCA-rapport – opgesteld voor de Nationale Milieudatabase – “LCA Rapportage productkaarten Energiedragers Nationale Milieudatabase versie 1.2” d.d. 24-01-2023 zijn de emissiefactoren en de gewogen milieu-impact (MKI) bepaald voor de huidige Nederlandse energiemix, dit is samengevat in tabel t 2.2.

H 9195-3-RA-002 9

In deze analyse is de totale emissiefactor van elektriciteit 0,400 kg CO₂eq./ kWhe (op-demeter). In een wettelijke milieuprestatieberekening wordt alleen de materialisatie meegenomen (kolommen ‘Materiaal’ in tabel t 2.2). In deze LCA wordt ook de impact van de opwekking van energie zelf meegenomen in de berekening. De impact van energiegebruik (0,389 kg CO₂eq./ kWhe) wordt daarom los berekend en niet ingevoerd in GPR Materiaal. Dit betekent dan ook dat de gewogen milieu-impact (MKI) van energie in deze rapportage ook anders wordt gewaardeerd dan wat wettelijk nu in de nationale milieudatabase is opgenomen en uit een normale MPG-berekening zou komen.

t 2.2 samenvatting emissiefactoren en gewogen milieu-impact (MKI) (set 1)

Product elektriciteit, NL-mix

Energie Materiaal(1) Totaal Energie Materiaal Totaal Eenheid [kg CO₂eq] [kg CO₂eq] [kg CO₂eq] [€] [€](1) [€] 1 kWh

0,389

0,011

0,400

0,0287

0,0037

0,0324

(1) materialisatie is onderdeel van de wettelijke milieuprestatieberekening, energie niet.

De resultaten van de energieprestatieberekeningen volgens de NTA8800:2023 (zie bijlage 1 t/m 3) worden gebruikt voor de bepaling van de impact van energiegebruik. 2.5.1 Limitaties:

In het NMD LCA-rapport van de energiedragers is ook de waarde voor de materialisatie aangepast en wijkt daarmee af van de materialisatie zoals deze is ingevoerd in GPR Materiaal. Er wordt niet gerekend met een reductie van de emissiefactor van elektriciteit over de studieperiode (zoals wordt gedaan in de DGBC Quick Carbon Indicator – februari 2024 of in de CRREM-methodiek). Hierdoor zal het aandeel van het energiegebruik in de totale emissies bij de Quick Carbon Indicator lager uitvallen (emissies is dan 39% van de berekende emissies in dit rapport). De invloed van deze reductie van emissiefactoren wordt later in het rapport wel kort behandeld. t 2.3 inventarisatie energiegebruik per jaar per scenario in kWh Energiedrager

Superuse

SU Correctie

Nieuwbouw

Gebruik elektriciteit, NL-mix (36 woningen)

104.581

57.416

82.705

Opwekking elektriciteit, NL-mix (36 woningen)

-44.528

0

-7.421

Gebruik (netto) elektriciteit, NL-mix (36 woningen)

60.053

57.416

75.284

Gebruik (netto) elektriciteit, NL-mix (1 woning)

1.668

1.595

2.091

H 9195-3-RA-002 10

2 .6 G ebru i kt e LC A-r e kenr ege ls

GPR Materiaal Transformatie rekent volgens de regels uit onderstaande documenten: Bepalingsmethode ‘Milieuprestatie Bouwwerken’ versie 1.1 - maart 2022 Rekenregels en richtlijnen bepaling Milieuprestatie Bouwwerken – november 2021 Gids Milieuprestatieberekeningen herziene uitgave - juli 2020 Bepalingsmethode milieuprestatie Verbouw en Transformatie [W/E 2020] Hierbij volgt GPR Materiaal Transformatie in basis de rekenregels in rapport Bepalingsmethode milieuprestatie Verbouw en Transformatie [W/E 2020]. De gevalideerde software heeft hierbij enkele rekenregels aangepast, maar deze bijgewerkte rekenregels worden vooralsnog niet openbaar gemaakt door W/E en NMD. Op basis van de resultaten van GPR Materiaal Transformatie en de oude rekenregels voor transformatie worden de toegepaste rekenregels globaal beschreven in de volgende alinea’s. In een LCA-benadering zijn bestaande (lang-cyclische) materialen die tijdens het originele bouwjaar zijn toegevoegd niet geheel vrij van milieu-impact bij hergebruik en sloop. Voorbeeld: lang-cyclisch product van de draagstructuur zoals dragend metselwerk (referentielevensduur [Lpr]= 1000 jaar) gebouwd in 1926, hergebruikt of gesloopt in 2025 (start studieperiode) en studieperiode van 75 jaar betekent dat (2025-1926)/(2025+751926) = 99/174 = 57% van de impact is afgeschreven.

43% van de impact is nog aanwezig in de nieuwe studieperiode (restfactor frest). t 2.4 impact van bouwelementen (versimpelde samenvatting van LCA-rekenregels) Allocatie bouwelementen Nieuw (2025)

A1-A3

A4-A5

(A1 t/m A3) (A4 t/m A5)

B1-B5

C1-C4

D

(B1 t/m B5) +f(A t/m D)

(C)

(D)

Hergebruik (kort-cyclisch)

0

0

(A)+(B1 t/m B5) +f(A t/m D)

(C)

(D)

Hergebruik (lang-cyclisch)

0

0

frest(A)+(B1 t/m B5) +f(A t/m D)

frest(C)

frest(D)

Hergebruik buiten project H(A1 t/m A3) (A4 t/m A5) Sloop

frest(A+D)

frest(C)

(B1 t/m B5) +f(A t/m D) 0

(C1 t/m C2)+H(C3 t/m C4) H(D) 0

0

f = aantal vervangingen in studieperiode (75 jaar/Lpr-1), frest = restfactor, H = hergebruikfactor (0,20)

De meeste draagstructuur elementen in de Nationale Milieudatabase hebben een referentielevensduur van 1000 jaar. Aangezien in de nationale milieudatabase ook draagstructuurelementen aanwezig zijn met een kortere productlevensduur (100 jaar), wordt met de selectie van productkaarten hier rekening mee gehouden. Te slopen en te handhaven lang-cyclische productkaarten met een kortere productlevensduur dan de totale gebouwlevensduur (<174 jaar) worden niet geselecteerd om incorrecte productvervangingen en daaruit vloeiende milieu-impact te voorkomen.

H 9195-3-RA-002 11

Immers is het niet reëel dat bij de vervanging van de draagstructuur de overige bouwelementen behouden blijven, vervanging van betekent dan ook effectief einde technische levensduur van het bouwwerk. Uit tabel t 2.4 is af te leiden dat de impact van hetzelfde lang-cyclische element voor hergebruik of sloop hetzelfde blijft binnen de studieperiode. Alleen wordt de impact anders toebedeeld tussen de levensfasen (fase B t/m D bij hergebruik versus fase A bij sloop). 2 .7 B iog en e ops l ag

Biogene opslag wordt bepaald op basis van de EN 16449: 𝑃𝐶𝑂2 =

44 𝜌𝜔 × 𝑉𝜔 × 𝑐𝑓 × [𝑘𝑔 𝐶𝑂2𝑒𝑞 /𝑚3 ] 𝜔 12 (1 + ) 100

Waarbij 𝑐𝑓 het percentage koolstofmassa bij droog hout, 𝜌𝜔 de dichtheid van het hout bij houtvochtpercentage 𝜔, 𝑉𝜔 het volume bij houtvochtpercentage 𝜔, waarbij 𝜔 wordt uitgedrukt in [%]. In de bepaling van biogene opslag wordt conservatief met 50% koolstofmassa, 450 kg/m³ dichtheid bij 12% houtvocht gerekend, dit komt neer op 736 kg CO₂eq per 1 m³ hout. 2 .8 Sp li ts ing van imp a ct

Vooralsnog is het niet mogelijk om afzonderlijk inzicht te krijgen in de impact van nieuwbouw, hergebruik en sloop in GPR Materiaal Transformatie. Daarom wordt per scenario de berekening gesplitst op deze drie aspecten. De resultaten worden vervolgens geaggregeerd.

H 9195-3-RA-002 12

3

Materialisatie In dit hoofdstuk wordt de materialisatie per scenario op hoofdlijnen aangegeven, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen Handhaven, Sloop en Nieuw.

t 3.1 fundering onderdeel

Superuse

SU Correctie

Nieuwbouw

Fundatiebalken IHW beton

H/N

H/N

S/N

Zandlaag

H

H

N

Funderingspalen, stalen buispaal

N

N

N

* Handhaven, Sloop, Nieuw t 3.2 vloeren onderdeel

Superuse

SU Correctie

Nieuwbouw

Begane grondvloer, houten balken met vloerdelen

S

S

S

Begane grondvloer, balk en broodjes

N

N

-

Begane grondvloer ribcassette vloer

-

-

N

Begane grondvloer, zandcement dekvloer

N

N

-

Vloer, bestaand, houten balken met vloerdelen

H

H

S

Vloer, CLT (massief)

-

-

N

Vloer, zwevende dekvloer

N

N

N

Vloer, ballast laag, grind

-

-

N

Vloer, zandcement dekvloer

N

N

-

Afwerking, Keramische vloertegels

S/N

S/N

S/N

Plafond, steengaas met stucwerk

S

S

S

Plafond, gipskartonplafond met 60mm glaswol

N

N

N

Plafond, isolatie tussen de vloerbalken

N

N

-

Balkonvloer, IHW beton

H

H

S

Balkonvloer, prefabbeton

N

N

N

t 3.3 draagstructuur onderdeel

Superuse

SU Correctie

Nieuwbouw

Dragende wanden, baksteen metselwerk incl. pleister

H

H

S

Voorzetwand, Kooltherm incl. pleisterwerk

N

N

-

Dragende wanden, CLT-wand

-

-

N

Kolommen en liggers staal

N

N

-

H 9195-3-RA-002 13

t 3.4 gevel onderdeel

Superuse

SU Correctie

Nieuwbouw

Gevel, baksteen metselwerk

H

H

S

Gevel, baksteen metselwerk 60% hergebruik

-

-

N

Gevel, HSB-binnen spouwblad

-

-

N

Voorzetwand, Kooltherm incl. pleisterwerk

N

N

-

Buitenkozijnen raam, hout met enkel glas

S

S

S

Buitenkozijnen raam voorgevel, hout met drievoudig glas

N

N

N

Buitenkozijnen raam achtergevel, hout met dubbel HR++ glas

N

N

-

Buitenkozijnen deur, hout incl. deur

S/N

S/N

S/N

Superuse

SU Correctie

Nieuwbouw

Dak, houten balken met vloerdelen

H

H

S

Dak, bitumendakbedekking met grind en PIR-isolatie Rc 2,7

S

S

S

Dak, 2 laags bitumen en PIR-isolatie Rc 6,3

N

N

-

Dak, EPDM verkleefd en PIR-isolatie Rc 6,3

-

-

N

Dak, aluminium daktrim

S/N

S/N

S/N

t 3.5 daken onderdeel

t 3.6 binnenwanden onderdeel

Superuse

SU Correctie

Nieuwbouw

Binnenwand, baksteenmetselwerk incl. pleisterwerk + pleister

S

S

S

Binnenwand, MS dubbele plaat met 40mm glaswol + pleister

N

N

N

Afwerking, Keramische wandtegels

S/N

S/N

S/N

Binnen kozijnen, hout incl. deur

S

S

S

Binnen kozijnen, hout met enkel glas

S

S

S

Binnen kozijnen, staal incl. honingraatdeur

N

N

N

H 9195-3-RA-002 14

t 3.7 klimaatinstallaties onderdeel

Superuse

SU Correctie

Nieuwbouw

Verwarming, gaskachel en geisers, 70% van de woningen

S

S

S

Verwarming, cv-ketel met radiatoren, 30% van de woningen

S

S

S

Verwarming, vloerverwarming

N

N

-

Verwarming, radiatoren

-

N

N

Warmte opwekking, luchtwater warmtepomp

N(1)

N(2)

N(4)

Warmte opwekking tapwater, elektrische doorstroomtoestel

(5)

N

-

-

Warmte opwekking tapwater, afleverset met TE booster

-

N(3)

-

Douche WTW

N

-

-

Luchtbehandeling, natuurlijke toevoer, mechanische afvoer

N

N

-

Luchtbehandeling, WTW-unit

-

-

N

Koeling via wp / convectoren (geen extra materiaal)

-

-

N

Warmte opwekking tapwater, boiler (gekoppeld aan wp)

N

In de NMD is de keuze voor warmteopwekking beperkt, het volgende is geselecteerd als alternatief: 1. cat. 3. Luchtwater warmtepomp, monoblock, R134a, 6×16kW (1 per portaal) (NIBE F2120-16); 2. cat. 3. Luchtwater warmtepomp, monoblock, Propaan, 12×12kW (2 per portaal) (NIBE F2125-12); 3. cat. 3. Externe warmtelevering afleverset + toeslag; 4. cat. 3. Luchtwater warmtepomp, monoblock, Propaan, 36×5kW (1 per woning) (EcoForest ecogeo 1-9kW); 5. Doorstroomboiler gerekend voor MPG als ½ cat3. elektro boiler per woning. t 3.8 elektrische installaties onderdeel PV-panelen 24 panelen voor 36 woningen 410 wp/stuk

Superuse

SU Correctie

Nieuwbouw

-

-

N

PV-panelen 4 stuks 410 Wp per woning (totaal 144 stuks)

N

-

-

Aarding

S/N

S/N

S/N

Superuse

SU Correctie

Nieuwbouw

Binnenriolering

S/N

S/N

S/N

HWA, PVC

S/N

S/N

S/N

Waterleiding

S/N

S/N

S/N

t 3.9 toe en afvoeren onderdeel

H 9195-3-RA-002 15

t 3.10 verkeersruimte onderdeel

Superuse

SU Correctie

Nieuwbouw

Trap, beton

H

H

S

Trap, prefabbeton

-

-

N

Trap, staal

-

-

N

Lift

-

-

N

Superuse

SU Correctie

Nieuwbouw

S/N

S/N

S/N

t 3.11vaste voorzieningen onderdeel Toiletten en wastafel

H 9195-3-RA-002 16

4

Resultaten

4 .1 C ont e xt

In de berekeningen van dit rapport zijn de specificaties van de per scenario door installatieadviseur J. van Toorenburg BV. opgegeven installaties gebruikt. De toegepaste installaties zijn van grote invloed op de cradle-to-cradle uitkomsten die later in figuur f 4.4 worden weergegeven ( zie beschouwing in paragraaf 4.3.4 ). Volgens het rapport van J. van Toorenburg is de door Superuse opgegeven installatie niet in staat is om het nieuwbouwniveau te behalen, geen goed comfort aan bewoners kan bieden en ten opzichte van de nieuwbouwvariant tot een relatief hogere energierekening voor bewoners leidt. Variant Superuse heeft volgens opgave daarom relatief veel PVcompensatie nodig wat op het langere termijneffect heeft op de cradle-to-cradle resultaten in figuur f 4.4. Van Toorenburg heeft opgegeven welke installatieaanpassingen noodzakelijk zijn om deze problemen zo veel mogelijk te mitigeren. De effecten hiervan zijn opgenomen in de gegevens van variant SU Correctie. De hogere score voor de totale CO₂-eq. emissies (cradle-to-cradle) van de nieuwbouw wordt voornamelijk veroorzaakt door de huidige keuze voor warmte- en koudeopwekking, en in mindere mate de keuze van nieuw toe te voegen overige materialen. Omdat de nieuwbouwwoningen zijn voorzien van een licht houten “skelet” is actieve koeling nodig om aan de TO-juli eisen te kunnen voldoen.

Bij renovatie met toepassing van buitenzonwering en zomer/nachtventilatie is wettelijk geen actieve koeling noodzakelijk (omdat er geen TO-juli eis geldt voor renovatie). De extra toegepaste PV-panelen in de nieuwbouwvariant zijn nodig om het energiegebruik van de koeling in de nieuwbouwwoning te compenseren. Dit wordt lager zodra de leverancier van de door van Toorenburg opgegeven installatie een kwaliteitsverklaring uitbrengt van minimaal 4,1 EER. Dit zal de totale emissies van de nieuwbouwvariant verder verlagen. De resultaten van de BENG-berekening per variant Nieuwbouw, Superuse en SU Correctie zijn respectievelijke in bijlage 1, 2 en 3 te vinden. De materialen en hoeveelheden zijn ingevoerd in GPR Materiaal Transformatie per deelaspect (nieuw, handhaven, sloop) en zijn ook in respectievelijk bijlage 1, 2 en 3 te vinden. Op basis van de BENG-resultaten en de CO₂-eq. emissiefactor wordt de gewogen milieuimpact en de CO₂-eq. emissie bepaald in bijlage 4. De resultaten worden vervolgens H 9195-3-RA-002 17

samengevoegd met de resultaten uit GPR Materiaal Transformatie om de gewogen milieuimpact en de CO₂-eq. emissies per scenario, deelaspect en fase te bepalen in bijlage 4. Voor de leesbaarheid van het rapport zijn niet alle grafieken uit bijlage 4 opgenomen in de resultaten. 4 .2 Di re c te (ge wogen ) mi li eu impa c t (F as e A)

De directe impact van alle varianten betreft de toepassing van nieuw aan te brengen materialen. De directe impact van te handhaven materialen en de impact van energie zijn in fase A niet van toepassing, want deze worden volgens de LCA-rekenregels in andere fasen dan A toebedeeld. De directe impact van sloop is echter wel aanwezig voor alle varianten. Dit betreft de restimpact van lang-cyclische elementen die voortijdig worden verwijderd (die langer mee hadden kunnen gaan), maar ook de impact van kort-cyclische elementen die niet uitgelijnd zijn met de interventie. N.B. In de oude transformatieregels [W/E 2020] wordt voor kort-cyclische elementen gesteld dat bij redelijke vervangingsuitlijning met de interventie (tijdstip van vervanging maximaal 25% van de productlevensduur voor de interventie) een eventuele resterende milieu impact niet in rekening wordt gebracht. Deze omissie dat (milieu)impact nergens aan wordt toegerekend is in de vooralsnog niet gepubliceerde rekenregels gecorrigeerd. t 4.1 directe milieukostenindicator fase A (MKI) Aspect

Eenheid

Nieuwbouw

Superuse

SU Correctie

totaal (netto)

€/36 woningen

122.029 (100%)

71.807 (59%)

56.407 (46%)

totaal (netto)

€/m²BVO

47 (100%)

31 (67%)

25 (53%)

totaal (netto)

€/m² GBO

56 (100%)

40 (72%)

33 (59%)

directe milieukostenindicator fase A [€ / m²GBO] su correctie superuse

nieuwbouw -

10 nieuw

20

30

40

handhaven

sloop

energie (netto)

50

60

H 9195-3-RA-002 18

t 4.2 directe materiaalgebonden CO₂eq. Emissies Aspect

Eenheid

Nieuwbouw

Superuse

SU Correctie

totaal (netto)

tCO₂eq / 36 woningen

1.033 (100%)

606 (59%)

489 (47%)

totaal (netto)

kgCO₂eq/m²BVO

397 (100%)

265 (67%)

216 (54%)

totaal (netto)

kgCO₂eq/m²GBO

471 (100%)

338 (72%)

283 (60%)

directe materiaalgebonden CO₂eq emissies fase A [kgCO₂eq / m²GBO] su correctie superuse nieuwbouw -

50

100

150

200

250

300

350

nieuw

handhaven

sloop

energie (netto)

400

450

500

Uit de resultaten in tabel t 4.1 en t 4.2 blijkt dat het relatieve verschil in CO₂eq. emissies nagenoeg overeenkomt met het relatieve verschil in MKI tussen de varianten. De directe totale MKI en CO₂eq. emissies hebben een sterke correlatie. In de navolgende paragrafen wordt voor de leesbaarheid daarom voornamelijk ingegaan op de CO₂eq. emissies. De gewogen milieukostenindicator (MKI) wordt alleen beschouwd als dit relevant is. Uit de verschillen nieuwbouw versus renovatie in tabel t 2.1 blijkt dat variant nieuwbouw de hoogste directe materiaalgebonden emissies heeft. In deze variant wordt meer materiaal toegevoegd dan in de renovatieplannen. Het verschil tussen de varianten Superuse en SU Correctie wordt in een latere alinea verklaard. De directe totale (gewogen) milieu impact is bij variant Superuse en SU Correctie respectievelijk ongeveer 60% en 45% t.o.v. nieuwbouw (lees: renovatie leidt tot een reductie van ongeveer 40% tot 55% van de emissies ten opzichte van nieuwbouw). Wordt dit gewogen naar BVO of GBO, dan wordt het relatieve verschil minder groot (impact renovatie is dan respectievelijk ongeveer 70% tot 60% t.o.v. nieuwbouw). Uit de resultaten blijkt dat variant Superuse maximaal een 40% lagere directe CO₂eq. emissie kan hebben dan het nieuwbouwplan als dit per woning wordt beschouwd.

Deze reductie is lager (ongeveer 30%) als dit wordt beschouwd per m²BVO of GBO aangezien de woningen in het nieuwbouwplan groter zijn.

H 9195-3-RA-002 19

Om het verschil tussen variant Superuse en SU Correctie te verklaren wordt het aandeel van energieopwekking en warmteopwekking in de directe materiaalgebonden CO₂eq. emissies gesplitst en weergegeven in figuur f 4.1. directe materiaalgebonden CO₂eq emissies fase A [kgCO₂eq / m²GBO] opwekking su correctie superuse nieuwbouw -

50

100

nieuw - overig

150

200

nieuw - (mat.wopw)

250

300

350

400

nieuw - (mat.eopw)

450

500

sloop

f 4.1 directe materiaalgebonden CO₂eq. Emissies [kgCO₂eq / m²GBO], aandeel elektra- en warmteopwekking

Zoals in de inleiding van de resultaten is benoemd heeft variant Superuse een relatief groot aandeel van PV-panelen nodig, dit is ook terug te zien in het relatieve aandeel in de directe CO₂-eq. emissies. De variant SU Correctie heeft deze PV-panelen niet nodig. 4 .3 Cr ad le - to -cr ad le (ge wogen) mil i eu i mp ac t ( Fas e A t/m D)

In de vorige paragraaf is alleen de impact van nieuw toe te voegen elementen beschouwd, aangezien de impact van handhaven, sloop en energie niet volledig in fase A wordt toebedeeld (Deze worden (deels) in fase B, C of D meegenomen). Hierdoor zijn de resultaten in de voorgaande vergelijking te beperkt om een compleet beeld te geven over de beschouwde studieperiode. In deze paragraaf wordt de gehele levensloop inclusief kosten en baten buiten de systeemgrens beschouwd (fase A t/m D), gelijk aan de scope van de levensfasen in de MPG. Aangezien de vraagstelling voornamelijk gaat om de CO₂eq. emissies wordt voor de leesbaarheid de MKI hier niet uitgebreid gepresenteerd (zie hiervoor bijlage 5). 4.3.1 Impact per 36 woningen

In tabel t 4.3 zijn de totale CO₂eq. emissies per aspect (nieuwe materialen, te handhaven materialen, te slopen materialen en energiegebruik over de beschouwde studieperiode) weergegeven per variant. t 4.3 cradle-to-cradle (A t/m D) materiaalgebonden CO₂eq. emissies [tCO₂eq per 36 woningen] Aspect

Nieuwbouw

Superuse

SU Correctie

nieuw

1.060

1.040

644

handhaven

-

125

125

sloop

204

84

84

energie (netto)

2.196

1.752

1.675

totaal (netto)

3.460

3.001

2.528

H 9195-3-RA-002 20

cradle-to-cradle (A t/m D) emissies [tCO₂eq / 36 woningen] su correctie superuse nieuwbouw -

500

1.000 nieuw

1.500

2.000

2.500

3.000

handhaven

sloop

energie (netto)

3.500

4.000

Het absolute verschil tussen de CO₂eq emissies van elke variant wordt kleiner in de cradleto-cradle vergelijking. Het verschil in de impact van nieuw toe te voegen materialen tussen de drie varianten is kleiner door vervangingen van kort-cyclische producten in fase B. Zo worden veel installatietechnische componenten, zoals de warmtepomp en boiler, meerdere keren vervangen doordat deze forfaitair een productreferentielevensduur van 15 jaar hebben (voor PV-panelen is dit 25 jaar). Een klein deel van de impact van beide renovatieplannen betreft het aandeel van te handhaven materialen. Dit is voornamelijk de toewijzing van de resterende impact van deze materialen in de beschouwde studieperiode. Bij nieuwbouw wordt een groter deel van het gebouw verwijderd bij de ingreep, hierdoor is de impact van sloop voor deze variant het grootst. Bij de overige renovatievarianten wordt een kleiner deel van het gebouw verwijderd bij de ingreep, dat leidt tot een kleiner aandeel in de impact door sloop. Voor alle varianten is het relatieve aandeel van het netto energiegebruik (per m²GBO) vergelijkbaar, aangezien met de variatie in PV-panelen het netto energiegebruik per m² gebruiksoppervlak in de BENG berekeningen op niveau van het Bbl zijn gebracht.

In de voorgaande grafiek zit er in absolute zin wel een verschil in het netto energiegebruik, dat komt doordat alle varianten per woning een effectief ander gebruiksoppervlak krijgen toebedeeld. In paragraaf 4.3.4 wordt de impact van het bruto energiegebruik beschouwd en ook het aandeel van de technische installaties en infrastructuur in nieuw toe te voegen materialen (warmteopwekking en elektraopwekking). 4.3.2 Impact per m² BVO en GBO

Wordt de impact relatief beschouwd per m²BVO en m²GBO, dan wordt het verschil tussen de varianten kleiner. Immers hebben de nieuwbouwwoningen een groter effectief gebruiksoppervlak dan de renovatiewoningen. In de volgende tabellen en grafieken is te zien dat per m² effectief gebruiksoppervlak (GBO) variant nieuwbouw een lagere impact krijgt ten opzichte van variant Superuse. De H 9195-3-RA-002 21

verschillen in materiaal- en netto energie impact worden daarom relatief kleiner tussen de varianten. t 4.4 cradle-to-cradle (A t/m D) CO₂eq. emissies [kgCO₂eq / m²BVO] aspect

nieuwbouw

Superuse

SU Correctie

nieuw

407

456

285

handhaven

-

55

55

sloop

78

37

37

energie (netto)

843

767

741

totaal (netto)

1.328 (100%)

1.314 (99%)

1.118 (84%)

cradle-to-cradle (A t/m D) CO₂eq. emissies [kgCO₂eq / m²BVO] su correctie superuse nieuwbouw -

200

400 nieuw

600

handhaven

800 sloop

1.000

1.200

1.400

energie (netto)

t 4.5 cradle-to-cradle (A t/m D) CO₂eq. emissies [kgCO₂eq / m²GBO] aspect

Nieuwbouw

Superuse

SU Correctie

nieuw

483

581

373

handhaven

-

70

72

sloop

93

47

49

energie (netto)

1.001

979

971

totaal (netto)

1.577 (100%)

1.677 (106%)

1.466 (93%)

cradle-to-cradle (A t/m D) CO₂eq. emissies [kgCO₂eq / m²GBO] su correctie superuse nieuwbouw -

200

400 nieuw

600 handhaven

800

1.000 sloop

1.200

1.400

1.600

1.800

energie (netto)

Wordt het aspect nieuw nader beschouwd en gesplitst in de materialen van energie- en warmteopwekking (zie figuur f 4.2) versus overige materialen, dan is te zien dat in variant Superuse meer dan de helft van de CO₂-eq. emissies in de studieperiode komt door de keuze in energie- en warmteopwekking.

H 9195-3-RA-002 22

cradle-to-cradle (A t/m D) CO₂eq. emissies [kgCO₂eq / m²GBO] splitsing nieuw su correctie superuse nieuwbouw -

100 nieuw - overig

200

300

400

nieuw - (mat.wopw)

500

600

700

nieuw - (mat.eopw)

f 4.2 cradle-to-cradle (A t/m D) CO₂eq. emissies [kgCO₂eq / m²GBO] splitsing van aspect nieuw 4.3.3 Invloed van energie -emissiefactor

Zoals in de limitaties van paragraaf 2.5.1 is beschreven is het mogelijk dat de emissiefactor van energie omlaaggaat in de toekomst. Ter nuance wordt in figuur f 4.3 met deze verlaagde emissisiefactor gerekend per m²GBO. De nettoverschillen tussen de varianten blijft gelijk en heeft verder geen invloed op voorgaande conclusies. cradle-to-cradle (A t/m D) CO₂eq. emissies [kgCO₂eq / m²GBO] corr. su correctie superuse nieuwbouw -

200

400 nieuw

600

handhaven

sloop

800

1.000

1.200

energie

f 4.3 cradle-to-cradle (A t/m D) CO₂eq. emissies met gecorrigeerde emissiefactor [kgCO₂eq / m²GBO] 4.3.4 Aandeel installaties in de gewogen milieu-impact

In de analyse van de resultaten blijkt dat het aandeel van installaties cf opgave installatieadviseur en Superuse voor alle varianten substantieel is in de gewogen milieukostenindicator (zie tabel t 4.6). Zoals eerder is aangetoond geldt dit ook voor de CO₂eq. emissies (zie figuur f 4.2) voor het aspect nieuw aan te brengen materialen. t 4.6 Aandeel installaties op MPG-score [€/m²BVO/jaar] Nieuwbouw

Superuse

SU Correctie

materiaal opwekker (warmte & tapwater)

0,301

0,126

0,157

materiaal opwekker (pv & netstroom infra)

0,126

0,361

0,077

De MPG-waarden uit bijlage 1 t/m 3 ten aanzien van de opwekkers zijn samengevat in tabel t 4.6. Door dit te combineren met de splitsing van energie (netto gebruik = bruto gebruik minus opwekking) uit bijlage 4 wordt het aandeel van deze installaties in het materiaal aandeel ‘nieuw’ als in het energie aandeel ‘opwekking’ inzichtelijk gemaakt in figuur f 4.4, hierbij is het aandeel in MKI/m²GBO uitgedrukt. Het energie aandeel is volgens eerdere vergelijkingen in het rapport niet met een gecorrigeerde emissiefactor aangepast. H 9195-3-RA-002 23

cradle-to-cradle (A t/m D) miliekostenindicator relatief [€ / m²GBO] su correctie superuse nieuwbouw -

50

100

150

nieuw (mat)

nieuw (mat.wopw)

nieuw (mat.eopw)

sloop

energie (netto)

energie (opw)

200

250

handhaven

f 4.4 cradle-to-cradle (A t/m D) milieukostenindicator relatief [€ / m²GBO]

In figuur f 4.4 is te zien dat het aandeel van de opwekkingsinstallaties in alle varianten een substantieel aandeel (50%+) innemen in de gewogen milieu-impact (MKI) van nieuw toe te voegen materialen. Gezien de voorgenomen verscherping en verandering van de MPG op 1 januari 2025 is dit een aandachtspunt. De impact van de reductie van het bruto energiegebruik met PV-panelen om aan de BENGeisen te voldoen heeft een directe relatie met de materiaalimpact van de elektrische energieopwekking. Het verlagen van het bruto energiegebruik met passieve maatregelen werkt daarom sterker door in de reductie van de MKI/m²GBO. De impact van de gebruikte materialen in de opwekking voor warmte en warm tapwater (alle varianten) en aanvullend in de opwekking van koude (alleen variant nieuwbouw) is sterk verschillend tussen de varianten. Dit komt voornamelijk door de zeer beperkte keuze van de opwekking van warmte/koude met warmtepompen in de Nationale Milieudatabase. Verwacht kan worden dat voor de nieuwbouw uiteindelijk een centraal opwekkingssyteem zal worden ontwikkeld met afgiftesets in de woning. Dit zal schaalvoordelen opleveren die naar verwachting ook een gunstig (gewogen) milieueffect zal hebben op de LCA en dus op de CO₂eq. emissies en milieukostenindicator. Een dergelijk scenario met een centraal opwekkingssysteem is bij renovatie niet mogelijk.

H 9195-3-RA-002 24

4 .4 B iog en e ops l ag

Voor de drie varianten is het volume biogeen materiaal bepaald en omgerekend naar CO₂eq. biogene opslag. (zie tabel t 4.7): t 4.7 houtvolume aanwezig per variant (in te handhaven en nieuw aan te brengen materialen) aspect

Nieuwbouw

Superuse

SU Correctie

Hout [m³ per 36 woningen]

701

8

7

Hout [m³ per m² BVO]

0,269

0,004

0,003

Hout [m³ per m² GBO]

0,320

0,005

0,004

516

6

5

198

3

2

235

3

3

Biogene opslag [tCO₂eq. per 36 woningen] Biogene opslag [kgCO₂eq. per m² BVO] Biogene opslag [kgCO₂eq. per m² GBO]

Variant nieuwbouw heeft een relevant aandeel biogene opslag en is ongeveer 40% van het aandeel van de totale materiaalgebonden emissies (A t/m D, exclusief energie). De overige varianten hebben een verwaarloosbaar aandeel biogene opslag. Biogene opslag is een maat voor de tijdelijke opslag van CO₂ in het gebouw en komt vrij bij einde afvalverwerking, daarom kan dit niet gezien worden als compensatie voor CO₂eq emissies.

H 9195-3-RA-002 25

5

Conclusies De relatieve verschillen in CO₂eq. emissie over de gehele levensloop (fase A t/m D) uitgedrukt per m²GBO zijn relatief klein tussen de diverse varianten, de variatie is zo’n 7% in de relatieve resultaten (zie tabel t 5.1).

t 5.1 cradle-to-cradle (A t/m D) CO₂eq. emissies [kgCO₂eq / m²GBO] aspect

Nieuwbouw

Superuse

SU Correctie

totaal (netto)

1.577 (100%)

1.677 (106%)

1.466 (93%)

Relatief gezien (per m²GBO) heeft variant nieuwbouw een lagere CO₂eq. emissie over de gehele levensloop dan variant Superuse en dit geeft aan dat wat betreft het nuttig vloeroppervlak, variant nieuwbouw meer effectief is in een lage milieu-impact. Het aandeel van de installaties met betrekking tot de warmte opwekking door warmtepompen is in alle varianten substantieel. De keuze voor deze installaties is in de Nationale Milieudatabase beperkt. In de nieuwbouwvariant is nog een reductie mogelijk van de installaties mogelijk door naar een collectief opwekkingssyteem te gaan en door een kwaliteitsverklaring van de warmtepomp met een betere EER te ontvangen. De directe CO₂eq. emissie (fase A) is zowel absoluut (per woning) als relatief (per m² BVO of GBO) is het hoogst voor variant nieuwbouw. Dit is logisch aangezien in deze variant het bestaande gebouw volledig wordt gesloopt en de resterende impact van te handhaven materialen en energiegebruik in de renovatieplannen niet wordt beschouwd in fase A.

Dit rapport bevat 26 pagina’s en 5 bijlagen

H 9195-3-RA-002 26

Bijlage 1 Nieuwbouw LCA & BENG

H 9195-3-RA-002 1.1

H 9195 Weigeliaplein Den Haag, H9195 Renovatie Weigeliaplein Den Haag

Wietse Koornneef, Peutz bv

Algemene gegevens omschrijving

Nieuwbouw - v2

plaats

Den Haag

type gebouw

appartementengebouw

soort bouw

nieuwbouw

bouwjaar

2024

eigendom

huur

opname

detailopname

datum berekening

12-02-2024

Registratie Deze berekening is niet geregistreerd in de landelijke database van de Rijksoverheid (EP-Online) en mag daarom niet gebruikt worden bij aanvraag van een omgevingsvergunning. Berekeningen voor de aanvraag van een omgevingsvergunning dienen geregistreerd te zijn in EP-Online. Dit geldt voor zowel grondgebonden woningen, appartementen als utiliteitsgebouwen.

Bouwkundige bibliotheek

Definieer dichte constructies (vloeren, gevels, daken, panelen) dichte constructie

vlak

methodiek

Rc [m²K/W]

Gevel

gevel

vrije invoer

4,70

Dak

dak

vrije invoer

6,30

Bg vloer

vloer

vrije invoer

4,30

Definieer transparante constructies (ram en, deuren, panelen in kozijn) transparante constructie

type

methodiek

UW / UD [W/m²K]

ggl;n

Beglazing

raam

vrije invoer

1,00

0,50

Deur

deur

vrije invoer

2,0

0,00

Indeling gebouw energieprestatie berekenen

per gebouw

aantal woonfuncties in berekening

36

Uniec 3.2.7.0

Pagina 1/11

Printdatum: 14-03-2024 16:55

H 9195 Weigeliaplein Den Haag, H9195 Renovatie Weigeliaplein Den Haag

Wietse Koornneef, Peutz bv

Definieer rekenzones nbouwlaag

type zone

omschrijving

bouwwijze vloeren

bouwwijze wanden

rekenzone

Totale rij

hsb, sfb of hout

hsb, sfb of staalskeletbouw

3

Definieer woning omschrijving

type gebouw

rekenzone

Ag [m²]

Alle wongingen samen

appartementengebouw

Totale rij

2194,20

Constructies

Geom etrie dichte constructie - Alle wongingen sam en - Totale rij dichte constructie

opmerking

L [m]

B [m]

oppervlakte [m²]

Voorgevel - buitenlucht, N - 884,00 m² - 90° Gevel - R = 4,70

486,00

Achtergevel - buitenlucht, Z - 884,00 m² - 90° Gevel - R = 4,70

646,00

Kop 1 - buitenlucht, O - 107,00 m² - 90° Gevel - R = 4,70

107,00

Kop 2 - buitenlucht, W - 107,00 m² - 90° Gevel - R = 4,70

107,00

Dak - buitenlucht; HOR - 641,00 m² Dak - R = 6,30

641,00

BG vloer - op/boven mv; boven grond/spouw (z ≤ 0,3) - 641,00 m² Bg vloer - R = 4,30

641,00

Geom etrie transparante constructies (ram en en deuren) - Alle wongingen sam en - Totale rij transparante constructie

oppervlakte [m²]

beschaduwing

zonwering

zomernachtventilatie

minimale belemmering

geen zonwering

niet aanwezig

Voorgevel - buitenlucht, N - 884,00 m² - 90° Beglazing - U = 1,00 / g

Uniec 3.2.7.0

= 0,50

359,00

Pagina 2/11

Printdatum: 14-03-2024 16:55

H 9195 Weigeliaplein Den Haag, H9195 Renovatie Weigeliaplein Den Haag

Wietse Koornneef, Peutz bv

Geom etrie transparante constructies (ram en en deuren) - Alle wongingen sam en - Totale rij transparante constructie Deur - U = 2,0 / g

oppervlakte [m²]

= 0,00

beschaduwing

39,00

zonwering

zomernachtventilatie

geen zonwering

niet aanwezig

geen zonwering

niet aanwezig

geen zonwering

niet aanwezig

Achtergevel - buitenlucht, Z - 884,00 m² - 90° Beglazing - U = 1,00 / g Deur - U = 2,0 / g

= 0,50

= 0,00

199,00

minimale belemmering

39,00

Kenmerken vloerconstructie- Alle wongingen samen - Totale rij - BG vloer omtrek van het vloerveld (P)

147,00 m

Luchtdoorlaten Infiltratie buitenwerkse gebouwhoogte

12,82 m

invoer infiltratie

meetwaarde voor infiltratie - per gebouw

Definieer infiltratie gebouw

qv;10;lea;ref [dm³/s per m² gebruiksoppervlak]

gebouw

0,30

Verticale leidingen in directe verbinding met buitenlucht invoer verticale leidingen in directe verbinding met buitenlucht verticale leidingen door thermische schil bekend

Definieer verticale leidingen door therm ische schil omschrijving

rekenzone

aantal leidingen

isolatie

aantal aangrenzende rekenzones

Alle wongingen samen

Totale rij

8

geïsoleerd

1

Verwarming 1 Aantal identieke systemen 36

Aangesloten rekenzones Totale rij Uniec 3.2.7.0

Pagina 3/11

Printdatum: 14-03-2024 16:55

H 9195 Weigeliaplein Den Haag, H9195 Renovatie Weigeliaplein Den Haag

Wietse Koornneef, Peutz bv

Opwekking Opwekker 1 type opwekker

warmtepomp - elektrisch

invoer opwekker

productspecifiek

functie(s) van opwekker

verwarming en warm tapwater

gemeenschappelijke of niet-gemeenschapellijke installatie

niet-gemeenschappelijke installatie

bron warmtepomp

buitenlucht (afgifte water)

gewenst vermogen (optioneel)

kW

toestel / warmteleveringssysteem

Eplucon Ecoforest ecoGeo B2T 1-9 kW met AU12 + ecoGEO T-DW-A (300 liter boiler)

warmtebehoefte verwarmingssysteem

2285 kWh

door opwekker geleverde warmte (per toestel)

2285 kWh

COP

4,55

energiefractie

1,000

hulpenergie per toestel

149 kWh

Distributie type distributiesysteem

tweepijpssysteem

ontwerp aanvoertemperatuur

35 °C

waterzijdige inregeling

inregeling dynamisch gebalanceerd per paneel

Binnen verwarmde zone invoer leidingen

leidinggegevens onbekend

totale leidinglengte

39,01 m

isolatie leidingen

niet-geïsoleerd

ongeïsoleerde leidingen in ongeïsoleerde thermische schil

geen leidingen in ongeïsoleerde buitenmuren / vloeren

Buiten verwarmde zone invoer leidingen

geen leidingen buiten verwarmde zone

aanvullende distributiepomp

aanvullende distributiepomp niet aanwezig

distributiepom pen omschrijving pomp 1

Afgifte Afgiftesysteem 1 type afgiftesysteem

stralingsverwarming

Uniec 3.2.7.0

Pagina 4/11

Printdatum: 14-03-2024 16:55

H 9195 Weigeliaplein Den Haag, H9195 Renovatie Weigeliaplein Den Haag

Wietse Koornneef, Peutz bv

vertrekhoogte

h≤4m

plaats afgifte

radiatoren - buitenwand

ruimtetemperatuur regeling

forfaitair

type ruimtetemperatuur regeling

autom. temperatuurregeling per ruimte met handmatig overrulen (aan/uit)

temperatuurcorrectie type regeling (Δθ )

2,5 K

temperatuurcorrectie automatische regeling (Δθ

)

-1,0 K

Ventilatoren voor afgifte invoer ventilator

Pvent [W]

nvent

eigen waarde

10,0

3

Warm tapwater 1 Aantal identieke systemen 36

Aangesloten op warm tapwatersysteem Alle wongingen samen

Opwekking Opwekker 1 type opwekker

warmtepomp - elektrisch

invoer opwekker

productspecifiek

functie(s) van opwekker

verwarming en warm tapwater

gemeenschappelijke of niet-gemeenschapellijke installatie

niet-gemeenschappelijke installatie

bron warmtepomp

buitenlucht (afgifte water)

toestel / warmteleveringssysteem

Eplucon Ecoforest ecoGeo B2T 1-9 kW met AU12 + ecoGEO T-DW-A (300 liter boiler)

warmtebehoefte tapwatersysteem

1541 kWh

COP

1,80

energiefractie

1,000

hulpenergie per toestel

0 kWh

Distributie circulatieleiding

geen circulatieleiding aanwezig

distributiepom pen omschrijving pomp 1

Uniec 3.2.7.0

Pagina 5/11

Printdatum: 14-03-2024 16:55

H 9195 Weigeliaplein Den Haag, H9195 Renovatie Weigeliaplein Den Haag

Wietse Koornneef, Peutz bv

Afgifte gemiddelde leidinglengte naar badruimte

leidinglengte naar badruimte 2 - 4 m

gemiddelde leidinglengte naar aanrecht

leidinglengte naar aanrecht 4 - 6 m

inwendige diameter leiding naar aanrecht

diameter leiding naar aanrecht 8 - 10 mm

Ventilatie 1 Aantal identieke systemen 36

Aangesloten rekenzones Totale rij

Type ventilatiesysteem ventilatiesysteem

E. gecombineerde systemen

verblijfsgebied met decentrale WTW

26,20 m²

invoer ventilatiesysteem

forfaitair

systeemvariant

E.1 decentrale WTW, CO -metingen in VR en sturing op toeof afvoer i.c.m. een ander ventilatiesysteem

f

0,52

passieve koeling

automatische passieve koelregeling

Warmteterugwinning type warmteterugwinning

tegenstroomwarmtewisselaar - kunststof

rendement warmteterugwinning

0,800

bypass

eigen waarde

bypassaandeel

1,00

toevoerkanaal van buiten naar WTW - lengte en/of isolatie

toevoerkanaal geïsoleerd - type isolatie onbekend - lengte bekend

toevoerkanaal van buiten naar WTW - lengte

0,01 m

Ventilatoren invoer ventilator vermogen

nominaal ventilator vermogen - fregfan forfaitair

Eigenschappen ventilatoren omschrijving Per identiek systeem

nvent

Pnom [W]

fregfan

3

10,0

0,364

volumeregeling ventilatoren WTW

met constant-volumeregeling

Uniec 3.2.7.0

Pagina 6/11

Printdatum: 14-03-2024 16:55

H 9195 Weigeliaplein Den Haag, H9195 Renovatie Weigeliaplein Den Haag

Wietse Koornneef, Peutz bv

Aanvullend ventilatiesysteem bij systeem E ventilatiesysteem

Dd. mechanische toe- en afvoer - decentraal

verblijfsgebied aanvullend ventilatiesysteem

29,72 m²

invoer ventilatiesysteem

forfaitair

systeemvariant

D.5a sturing op toe- of afvoer door CO -metingen in de wk en hslpk, met zonering

f

0,52

warmteterugwinning type warmteterugwinning

WTW rendement volgens NEN-EN13142

rendement warmteterugwinning

0,000

dissipatie

WTW rendement exclusief dissipatie

Ventilatoren invoer ventilator vermogen

nominaal ventilator vermogen - fregfan forfaitair

Eigenschappen ventilatoren omschrijving

nvent

Pnom [W]

fregfan

3

3,0

0,364

1

7,0

0,364

Alle wongingen samen

Ventilatiedebieten werkelijk geïnstalleerde / te installeren ventilatiecapaciteit

werkelijk geïnstalleerde / te installeren ventilatiecapaciteit onbekend

Distributie en regelingen luchtdichtheidsklasse ventilatiekanalen

LUKA A, B, C

Koeling 1 Aantal identieke systemen 36

Aangesloten rekenzones Totale rij

Opwekking Opwekker 1 type opwekker

compressiekoeling - elektrisch

invoer opwekker

forfaitair

Uniec 3.2.7.0

Pagina 7/11

Printdatum: 14-03-2024 16:55

H 9195 Weigeliaplein Den Haag, H9195 Renovatie Weigeliaplein Den Haag

Wietse Koornneef, Peutz bv

gemeenschappelijke of niet-gemeenschappelijke installatie

niet-gemeenschappelijke installatie

koudebehoefte totaal

1131 kWh

door opwekker geleverde koude (per toestel)

1131 kWh

EER

3,00

energiefractie

1,000

hulpenergie van het opweksysteem

0 kWh

Distributie verdampersysteem

watergedragen distributiesysteem

ontwerptemperatuur

aanvoer 17° - retour 21°

waterzijdige inregeling

inregeling onbekend

Binnen gekoelde zone invoer leidingen

leidinggegevens onbekend

totale leidinglengte

39,01 m

isolatie leidingen

niet-geïsoleerd

ongeïsoleerde leidingen in ongeïsoleerde thermische schil

geen leidingen in ongeïsoleerde buitenmuren / vloeren

Buiten gekoelde zone invoer leidingen

geen leidingen buiten gekoelde zone

distributiepomp - invoer

pompvermogen onbekend, EEI onbekend

distributiepom pen omschrijving pomp 1

aantal bouwlagen van het koelsysteem

vermogen [W]

EEI

33

0,23

1 bouwlagen

Afgifte Afgiftesysteem 1 type afgiftesysteem

ventilatorconvector - buitenmuur

ruimtetemperatuur regeling

forfaitair

type ruimtetemperatuur regeling

autom. temperatuurregeling per ruimte met handmatig overrulen (aan/uit)

temperatuurcorrectie type regeling (Δθ )

-2,5 K

temperatuurcorrectie automatische regeling (Δθ

Uniec 3.2.7.0

)

1,0 K

Pagina 8/11

Printdatum: 14-03-2024 16:55

H 9195 Weigeliaplein Den Haag, H9195 Renovatie Weigeliaplein Den Haag

Wietse Koornneef, Peutz bv

Ventilatoren voor afgifte invoer ventilator

Pvent [W]

nvent

eigen waarde

10,0

3

PV 1 PV systeem aangesloten achter de meter(s) van

gebouw

invoer wattpiekvermogen

productspecifiek Wp/paneel

PV systeem gedeeld

PV systeem niet gedeeld met ander EP-plichtig gebouw op het perceel

product

Canadian Solar CS3N-410MS

wattpiekvermogen per paneel

410 Wp/paneel

gemiddelde veroudering per jaar

0,50 %

PV-velden npanelen

oriëntatie

hellingshoek [°]

ventilatie

beschaduwing

12

west

15

sterk geventileerd

minimale belemmering

12

oost

15

sterk geventileerd

minimale belemmering

Uniec 3.2.7.0

Pagina 9/11

Printdatum: 14-03-2024 16:55

H 9195 Weigeliaplein Den Haag, H9195 Renovatie Weigeliaplein Den Haag

Wietse Koornneef, Peutz bv

Resultaten

Energieprestatie volgens NTA8800 indicator

eis

resultaat

energiebehoefte

Ewe

70,00 kWh/m²

68,14 kWh/m²

primaire fossiele energie

Ewe

50,00 kWh/m²

49,75 kWh/m²

aandeel hernieuwbare energie

RER

40,0 %

46,5 %

hernieuwbare energie indicator

E

43,39

netto warmtebehoefte (EPV)

E

33,93 kWh/m²

Jaarlijkse hoeveelheid energiegebruik voor de energiefunctie volgens NTA 8800 functie verwarming

energie niet-primair

energie primair

hulpenergie niet-primair

hulpenergie primair

19030 kWh

27593 kWh

5726 kWh

8303 kWh

34250 kWh

49662 kWh

0 kWh

0 kWh

13568 kWh

19674 kWh

3755 kWh

5445 kWh

6376 kWh

9245 kWh

0 kWh

0 kWh

E

elektrisch warm tapwater

E

elektrisch koeling

E

elektrisch ventilatoren

E

Totaal

106174 kWh

13748 kWh

Jaarlijkse karakteristieke energiegebruik volgens NTA 8800 primaire energiegebruik inclusief hulpenergie

119922 kWh

opgewekte elektriciteit

10761 kWh

jaarlijkse karakteristieke energiegebruik

E

109161 kWh

Jaarlijkse hoeveelheid hernieuwbare energie volgens NTA 8800 verwarming

E

63227 kWh

warm tapwater

E

21235 kWh

Uniec 3.2.7.0

Pagina 10/11

Printdatum: 14-03-2024 16:55

H 9195 Weigeliaplein Den Haag, H9195 Renovatie Weigeliaplein Den Haag

Wietse Koornneef, Peutz bv

Jaarlijkse hoeveelheid hernieuwbare energie volgens NTA 8800 koeling

E

0 kWh

elektriciteit

E

10761 kWh

totaal

E

95223 kWh

Elektriciteitsgebruik op de m eter volgens NTA 8800 gebouwgebonden installaties

82705 kWh

niet gebouwgebonden installaties

64800 kWh

opgewekte elektriciteit

7421 kWh

totaal

140084 kWh

Oppervlakten totale gebruiksoppervlakte

A

2194,20 m²

verliesoppervlakte

A

3071,70 m²

compactheid

1,40

CO 2-em issie volgens NTA 8800 CO -emissie

25596 kg

Alle bovenstaande energiegebruiken zijn genormeerde energiegebruiken gebaseerd op een standaard klimaatjaar en een standaard gebruikersgedrag. Het werkelijke energiegebruik zal afwijken van het genormeerde energiegebruik. Aan de berekende energiegebruiken kunnen geen rechten ontleend worden.

Uniec 3.2.7.0

Pagina 11/11

Printdatum: 14-03-2024 16:55

012342535600861

9   

&'()*+,((-

.(//0+)(1* 2,-,*3/+*4)(),*5*+*6*7,71 8(('95*+*6*7,71:9;9<=<>?@?.A?BC=?=97,*3D503D9?98 E+0F*G)6*7'*+6*7 E+0F*G)-0G(),*

E+0F*G)0+1(7,4(),*

X*503D6*7'*+6*7 X*503D

K*,1*-,(/-*,7

A29R(4)10*S

K007\37G),*

AH.IJ

ELJMNLHI EOAAMJ

H*79;((1

NOPQ8M

A.N;PMINM

A+GT,)*6)*7U0'5,7(),*

HAMV29WI.XV88P8XJAA8W.AAX

Y@9'((+)9ZYZ>

XIB.VPUJ[V8NMPI

B.VML9WOLI.LEEI.WOAU9]BWL^

Z_Y>9'Z

XIB.VPUJLEEI.WOAUMI9]XBL^

Z=<`aZ

XIBLVKOIWI8JHVV.

b>9F((+

H*c*95*+*6*7,719,491*'((6)9'*)9XE.92()*+,((-9R*+4,*9>a9I+9,49R00+9S*95*+*6*7,7191*5+3,691*'((6)9R(79S*9/+0S3G)*7S()(5(4*9'*)9/*,-S()3'9Z<9\*5+3(+,9ZYZ`9R(7 S*97(),07(-*9',-,*3S()(5(4*9R*+4,*9@aY

&'()*+,((8   3352 2655 2 1203!"643115#$8%

0"

012342535600861

9   

=1*1@1:,(I1*(LA(=MN6(I1*(O33*

56B;B

=1*1@1:,(+H1*(,1(/+/3G1(=MN(1:(G1H1:4,--*

&'()*+,-./012341

56785

&'()*+,-./012341

BP'P7K6CA7

&'(9+:4/*-./012341

565;<

&'(9+:4/*-./012341

KK'KC;6A;7

='(>1?*-0@42341

567AB

='(>1?*-0@42341

BC'8BB6ABA

9'(&2,3:@2341

565AC

9'(&2,3:@2341

7';8P685B

D'(=-0/1:(E1?+-FG1H1:4G++I

J56KKK

D'(=-0/1:(E1?+-FG1H1:4G++I

JAK'<K<6CK<

CKB

QL?+,01,(.3*?+:(0:(@E(9NA(1R6(I1*(LA(>=N6(I1*(O33*

B657<

&'()*+,-./012341

868<5

&'(9+:4/*-./012341

56BB5

='(>1?*-0@42341

K6BB8

9'(&2,3:@2341

56CAB

D'(=-0/1:(E1?+-FG1H1:4G++I

JK6<K<

QL?+,01,(.3*?+:(0:(@E(9NA(1R6(I1*(LA(=MN

SG0L33/H1*3:,1*0:E(J(>T)(K55(O33*

=1*1@1:,(0:(@E(9NA(1R6(I1*(LA(=MN6(I1*(O33*

;677A

SG0L33/H1*3:,1*0:E(J(>T)(K55(O33* =1*1@1:,(0:(@E(9NA(1R6(I1*(O33*

K8<'8K<

K7'K<86P5;

UL3/1*033G 8   3352 2655 2 1203!"643115#$8%

5"

012342535600861

9   

&'()( *+,-./0,1

23245

6278

IB<./.,

23624

6578

9/::1;<,=>/+;>0.

23265

678

K.H.B

2362L

6@78

9:?.,

23264

@78

232OD

P78

AB0C::>0,=>:BB:>0.=

23556 5D78

23655

6L78

E<.F7.,7:GH<./., I:=>. H<</J0.,0,1.,

23225

278

M0,,.,N:,-., QB.?>/0=;R. 0,=>:BB:>0.= I./?../=/+0C>.

2322S

278

23226

278

E.//.0,

23222

278

TUVWXYZVV[ 8   3352 2655 2 1203!"643115#$8%

4"

012342535600861

9   

&'&()

*+,-./ 0123+,456+7852'.95,:2'42.;5,.<5=8.>5?,:=,'.*/&/@A.42B7-<+C5242>.D.5C? 6=553,5'.;::>,5.E&&6=553,5'.;::>,5.F&& /(&'(G

&'&()

&'&FE

*+,-./ 01235=42>?C+752'.H,+752.614?C++7'.&I.>=+217++,A.=:23./(/-J.GG @(.?,.K+2.(&GL.=:23.EF&.M.LEE&GL.:G>5=58523.2++=.=:23./(/'J.M.(&&&'(

(-&()'EG

&'&FE

&'&&&

*+,-./ N=:23++2K17742>52'.O+23

(&J'FG/

&'&&&

&'&/@

*+,-./ P=4Q3=+>5235.P7:5=52'.R46652K7:5=.S.=46B+??5,,5.K7:5=A.42B7-.4?:7+,45

TJ)'(G(

&'&/@

&'&FT

*+,-.L UVWX.*VY.G+??45K5.K7:5= *+,-.( P7:5=575G52,'.(ZL&.GG.>4C?K5[57C7++,.D.L&.GG.?,552<:7.\]9PN^ :CC.:G>5=58523.2++=.(_/F.(F.>4C?K5[57B5G52,D(&.?,552<:7

*+,-./ U5=+G4?B;5.K7:5=,5>57?.>5>7+[11=3>574QG3 6+38+G5=.52.,:475,

*+,-.( `a>5;+2>52.>4C?8+=,:2C7+a:23'.316657.=+?,5='.316657.65C7++,.G5,.T&.GG.>7+?<:7.4?:7+,45.3::=.]9PN

348,5.LT& L-)J)'JG(

&'&(L

/-LL&'TG(

&'&LF

348,5.L& L)&'(G( &'&&E

(-&T@')G(

&'&LT

&'&&@

*+,-.L UVWX.*VY.G+??45K5.K7:5=

348,5.LE& TJF'JG( &'&&@

bG+,5=4++7 8   3352 2655 2 1203!"643115#$8%

6"

012342535600861

9   

&'&&(

)*+,-. /*012+3*452'-6+**07-859:5453;:*+7-29<=05>

?@A'(B

&'&&A

)*+,-. /*012+3*452'-6+**07-859:5453;:*+7-29<=05>

?D?'EB

&'&&A

/*0C:>

F*053<=

)*+,-? GHIJ-)HK-B*22<5L5-L0:53

4<C+5-?M& ?.@'@BA &'&&?

)*+,-? GHIJ-)HK-B*22<5L5-L0:53

4<C+5-?M& ?EN'(BA &'&&A

/*0C:>

F*053<=

&'&?.

)*+,-? GHIJ-)HK-B*22<5L5-O<>>5>P*>4

4<C+5-A&& D?.'NBA &'&&@

)*+,-? GHIJ-)HK-B*22<5L5-O<>>5>P*>4

4<C+5-?&& (&.'EBA &'&&N &'&.(

)*+,-. 6Q2+55BP*>45>'-I6/-505B5>+7-R13:9552->**04S:1+5>-B10+<905T-5>-8<9290**+7-4113U*B5-O:2O:1P 4<C+5-AD&-BB ?,D(A'(BA )*+,-A /*C2+55>B5+250P53C-O1<+5>P*>45>-GV/ W*0-<5+2-B<>453-U<=>-<LB-N&X-B*+53<**0-S5385O31<C,

)*+,-. /5C054<>85>'-R13:9552->**04S:1+5>-4505>'-P*T-<B9358>*+<57-4113U*B5-O:2O:1P *0+53>*+<5Y-L::3-S:1+5>-4:180*2-0*++5>-Z><5+-O52;S<CO**3-<>-V[\]

&'&?E

4<C+5-@& ?,MM('(BA &'&?D

4<C+5-?N-BB DAM'MBA &'&&D &'&NN

)*+,-. /1<+5>O580*U<>8'-\3<5L:14<8-80*27-43::8-O580**24 )*+,-. /1<+5>C:U<=>5>'-R13:9552-0::YS:1+7-852;S<04534'-*;3Q07-4113U*B5-O:2O:1P

<>;0-4513C:U<=>5>-^::3-8:545-L53850<=C<>8-<2-S<53-0::YS:1+-**>85S:145>-<9L-*;;:Q*-:B4*+-45U5-C**3+-538->58*+<5Y-<2

4<C+5-?A D?.'DBA &'&NM

ND@BA

&'&&.

&'&&?

)*+,-. /1<+5>45135>'-I:1+7-852;S<04534J*0CQ47-80*2:95><>8J&,(DBA

.N2+

&'&&?

_B*+53<**0 8   3352 2655 2 1203!"643115#$8%

1"

012342535600861

9   

&'&()

*+,-./ 01+,.2+345253367857'.90:;'.<4<.=+=>5?678@.A5?3155B2

CDE'DFO

&'&&G

*+,-./ 01+,.2+345253367857'.90:;'.<4<.=+=>5?678@.A5?3155B2

DC'HFO

&'&&(

*+,-./ :+3+BK5?367857'.2+3,?6F.+1LF676LF.85FMN512

O/G'DFO

&'&&&

,-I-A-.8+15?6J

MI8585A57.67.F(.=M7BM?F.MF<=>?6JA678

*+,-./ P<M1+,651+857'.Q,557KM1.;RS.O&(O@.I1+,57@

?TK++?25.C-/.FO3UK CDE'DFO &'&&E

*+,-./ P<M1+,651+857'.Q,557KM1.;RS.O&(O@.I1+,57@

?TK++?25.C-/.FO3UK DC'HFO &'&&(

,-I-A-.8+115?6J

&'&&E

*+,-./ SBK5?31+857'.V?672

263,5.(&&.FF (-HDH'DFO &'&&E &'&/E

*+,-./ SBK5?31+857'.W5?+F6<=>5.,5851<@.8581+XLL?2U8516JF2 K+72,5851<.,M615,.57.4+23+F5?

*+,-.O V6I<I156<,5?'.<,+72++?2.263,5.EFF.2MM?.YZ[V *+,-.O V6I<A5X51I1++,.<\<,55FK+72.(&&.FF'.57351.45I1++,.F5,.C&.FF.81+<KM1.6<M1+,65.]YZ[V^

(-(GG'HFO

&'&((

263,5.EC-EDE'DFO &'&&/

O-EEOFO

&'&O(

&'&O)

*+,-./ Z677573MX6J757'.Q,++1@.A5?X673,_85FMN512

EC&'(FO

&'&((

*+,-./ Z6775725L?57'.̀M7678?++,@.85<=>6125?2a+13\2

O/)<,

&'&(/

&'&&&

*+,-./ R+,5?156267857'.0M1\A67\1=>1M?625'.67=1-.F+7,514L6<'.(E.FF'.K+?F,+IK+,5?@.RT4MLK

O-(D)'OFO84M

&'&&&

bF+,5?6++1 8   3352 2655 2 1203!"643115#$8%

"

012342535600861

9   

&'()*

+,-./( 0,12-3,4564-3787-3239'/:,;6,-<1'/=>?>>/+

@.)A='@2@5B<

&'&&C

+,-./( 0,12-3;67-16BD-63787-3239'/E<F83-G339HI<F8BD-339J/KL?F36;69539J/69KF./M<II3F69539/N/L31;3F695

@.)A='@2@5B<

&'&)&

+,-./( ODKG-P,-31/P,12-3I<2I'/2<9<BF<KM'/I1<I,,9'/7-DM7/>)C@/M0,F-319,-634/L<<1/TK<UTV/)?A/M0

L312<539/> (C7-DMQ7R &'@=S L312<539/> L312<539/>

+,-./( TF3M-167KG3/B<6F31/P,12/-,IP,-31/69;6L6;D33F

(C7-DMQ7R &'&>= &'&)(

+,-./( ODKG-;67-16BD-63787-3239'/0W0?D96-

@.)A='@2@5B<

&'&&@

+,-./( ODKG-;67-16BD-63787-3239'/X39-6F,-63M,9,F39'/,4L<31/39/13-<D1

@.)A='@2@5B<

&'&))

+,-./( ODKG-;67-16BD-63787-3239'/W<3/39/,4L<31<19,239-39

@.)A='@2@5B<

&'&&&

&')((

+,-./( TF3M-16K6-36-7<IP3MM695787-3239'/EX'2<9<?Y6J/IF,-/;,MJ/69KF./69L31-31N7-3D9NM,B3F7

=('S2@

&'&(*

+,-./(,+39-1,F3/3F3M-1<-3KG967KG3/L<<1Z.J/3931563'/F,,57I,99695'/,F532339'/[3-7-1<<2J/[O?26\'/)/M0G/Q4<14,6-,61R

S>.@*=M0G

&'&**

+,-./( TF3M-16K-36-7F36;69539'/]<I31/23-/EE?67<F,-63/Q69/EX+/BD67R/?/0B<DP

@.)A='@2@5B<

&'&&(

+,-./( ^,1;695'/,,1;695/P<969539

@.)A='@2@5B<

&'&&>

@=7-/=)&0IHI,933F

&'&&@

+,-./( _6993916<F3169539'/ELKJ/5313K8KF3;J/F36;695 +,-./( `323FP,-31,4L<3139'/ELKJ/513K8KF3;J/;6,23-31a*&22J/;a).*22 b2,-316,,F 8   3352 2655 2 1203!"643115#$8%

@.)A='@2@5B<

&'&&)

)@&2

&'&&&

"

012342535600861

9   

'('')

*+,-./0,,1 8   3352 2655 2 1203!"643115#$8%

&"

012342535600861

9   

&'()*+ ,'(-./-01023-24*567-.*8/-01023*9:'2(-/;<0=>

?)@AB4?:?3;6

C4CC@

C4CC?

&'()*+ D2(-.2-*(.'77-24*E(''/*:-(*F-.'2(0*(.-1-2G*1<<.H':-*;6=;6<I

+=(

C4CC@

&'()*+ &-2(.'/-*(.'77-24*O.-K';*;-(62G*NP?)Q);P@)@:G*02M/)*;6.1-=

+=(

C4CC@

J/(-.2'(0-K*L66.*=('/-2*L/<MN((.'7

C4CC+

&'()*+ R0K(M';02-=4*E(''/G*7-.=62-2/0K(G*3-:6S-/1

@=(

&'()*+ R0K(02=('//'(0-=4*E(''/G*N-KM62=(.<M(0-9M62(.'3-I0MN(G*@*;6<I/''3

+=( C4CC?

B*=(677/''(=-2*T*C4Q*U*?4V*UW*'K3-.621*+

C4CC@

C4CC@

&'()*+ X60/-((-24*,'21M/6=-(*9*K62(-024*76.=-/-02G*02M/)*Y<2=(=(6K*.-=-.L60.

+Z=(

C4CC@

[:'(-.0''/ 8   3352 2655 2 1203!"643115#$8%

""

08-03-2024 16:51

GPR Materiaal

 materiaal

Rapportage Milieuprestatieberekening Naam berekening: H 9195-3-RA-BY1-3 nieuwbouw - S Projectkenmerken

Bestaande bouw

Projectlocatie

Projectorganisatie

Huidig

Ingreep

ADRES

CLIËNT

GEBRUIKSFUNCTIE

GEBRUIKSFUNCTIE

Weigeliaplein

AM vastgoed

Woonfunctie

Woonfunctie

POSTCODE

ARCHITECT

BRUTO VLOEROPPERVLAK (BVO)

BRUTO VLOEROPPERVLAK (BVO)

ArchitektenKombinatie

2261.4m2

2261.4m2

DATUM VERGUNNINGSAANVRAAG

BOUWJAAR

JAAR VAN INGREEP

03 maart 2025

1926

2025

VERWACHT SLOOPJAAR

VERWACHT SLOOPJAAR

2100

2100

Levensduur

Levensduur

174 JAAR

174 JAAR

Resterende levensduur 75 JAAR

Resterende levensduur 75 JAAR

PLAATS

Den Haag

Verantwoording Deze berekening is gemaakt met GPR Materiaal versie 5. Er is voor de berekening gebruik gemaakt van de productendatabase met peildatum 29 februari 2024 van de nationale milieudatabase versie 3.0

 materiaal

https://materiaal.gprportaal.nl/4d0d2023-a5fb-4f9d-bdb3-a6e736949e33/component(print:print)

1/8

0,255 0,124

Berekend per m2 BVO, per jaar Huidig

Na Ingreep

A. Productiefase

0,000

0,120

A. Constructiefase

0,000

B. Gebruiksfase

I

K

M

n

e

t

a

t

l

u

s

e

R

G

P

GPR Materiaal

G

P

M

M

08-03-2024 16:51

43.232 21.044

Berekend over de totale BVO en levensduur Huidig

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14317237/1