CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS319226 Voortgang realisatie RES-doelstelling voor de opwekking van hernieuwbare elektriciteit

Commissie Leefomgeving 12 december 2024, gemeente Den HaagBij agendapunt: Energietransitie2.150 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Typ tekstTyp tekstTyp tekst

Arjen Kapteijns Wethouder van Energietransitie, Mobiliteit en Grondstoffen

040

Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag

Ons kenmerk

Aan de voorzitter van de commissie Leefomgeving

DSO/10761539 RIS319226 Contactpersoon

J. Devilee Dienst

Dienst Stedelijke Ontwikkeling Afdeling

Energietransitie Telefoonnummer

14070 E-mailadres

Datum

25 juni 2024 Onderwerp

Voortgang realisatie RES-doelstelling voor de opwekking van hernieuwbare elektriciteit

Geachte voorzitter, Hierbij informeert het college uw raad over de voortgang van de realisatie van de regionale doelstelling voor de opwekking van hernieuwbare elektriciteit op land. Deze doelstelling is in de Regionale Energiestrategie Rotterdam Den Haag 1.0 (RES 1.0, juli 2021; RIS 308458) vastgesteld. De RES 1.0 richt zich op hernieuwbare warmte, hernieuwbare elektriciteit en het energiesysteem. RES-doelstelling hernieuwbare elektriciteit Voor wat betreft hernieuwbare elektriciteit is in de RES 1.0 door de betrokken gemeenten, waterschappen en de provincie het doel vastgesteld om in 2030 2,8 tot 3,2 TeraWattuur (TWu) hernieuwbare elektriciteit (zonne-energie en windenergie) op land binnen de RES-regio op te wekken. Met deze opwekking wordt door de RES-regio een bijdrage geleverd aan de nationale opgave van de opwekking van 35 TWu hernieuwbare elektriciteit op land, die in het Klimaatakkoord is opgenomen. In de RES 1.0 zijn ten behoeve van het realiseren van de regionale doelstelling zoekgebieden vastgesteld voor de grootschalige opwekking van zonne- en windenergie. De zoekgebieden die binnen de gemeente Den Haag zijn gelegen betreffen ‘grote’ daken (daken met meer dan 15 kiloWattpiek opwekpotentie), grote parkeerterreinen en de gebieden pal langs de A4, de A12, de A13 en de spoorlijn Den Haag – Leiden.

Er worden door de gemeente Den Haag individueel en in regionaal verband plannen gemaakt om binnen deze zoekgebieden in Den Haag zonne-energie op te wekken. Regionaal niet op koers voor behalen RES-doelstelling hernieuwbare elektriciteit. Op 1 juli 2023 leverden de betrokken overheden binnen de RES de Voortgangsrapportage van de RES Rotterdam Den Haag (RIS 315458) op aan het Nationaal Programma RES (NP RES). Er werd daarin geconstateerd dat, ondanks resultaten door inspanningen, we in onze RES-regio nog niet zijn waar we willen zijn. Dit geldt voor zowel het realiseren van de ambities voor het opwekken van duurzame elektriciteit, als voor het uitwerken van de regionale structuur warmte. Ook latere peilmomenten onderschrijven dit beeld. Met het huidige tempo en manier van werken zal regionaal de ondergrens van de ambitie niet worden gehaald.

Gemeente Den Haag

Spui 70 Den Haag

Postbus 12600 2500 DJ Den Haag

T 14070 www.denhaag.nl

Gemeente Den Haag Ons kenmerk DSO/ 10761539

De ontwikkeling van nieuwe locaties voor grootschalige opwek middels windturbines en zonnepanelen laten te weinig voortgang zien. In een aantal zoekgebieden blijken de mogelijkheden voor de opwekking van hernieuwbare elektriciteit niet groot. Er worden binnen een aantal zoekgebieden weinig concrete locaties gevonden worden. Dit bemoeilijkt de kans op het realiseren van de gezamenlijke ambities. Het verlegt tevens de realisatiedruk naar andere gemeenten en gebieden binnen de regio. Het risico wordt hierdoor vergroot dat de provinciale of de nationale overheid zich genoodzaakt zal voelen het heft in handen te nemen. De eerste stappen worden hier reeds in gezet door de provincie Zuid Holland aan de hand van de ‘provinciale Routekaart RES elektriciteit’. Deze routekaart wordt verderop in deze brief toegelicht. Binnen Zuid Holland speelt dit voor de RES Rotterdam Den Haag niet omdat er wél duidelijke afspraken zijn gemaakt om het bod te halen. Eén van deze afspraken betreft het opstarten van een regionale milieueffectrapportage (m.e.r.)-procedure (zie verderop in deze brief). Oproep RES-voorzitters De voorzitters van de RES (wethouder Belt – wethouder energietransitie Leidschendam-Voorburg en wethouder Kegel – wethouder energietransitie gemeente Vlaardingen) hebben in dit licht aan alle colleges van B&W binnen de RES-regio een brief gestuurd.

Hierin benadrukken zij de urgentie en vragen colleges en raden actie te ondernemen. Zij vragen aan de colleges derhalve om deze brief door te geleiden naar de gemeenteraden. U treft de brief aan in bijlage 1. De RES-voorzitters wijzen op de verantwoordelijkheid van individuele gemeenten. Zij vragen om de volgende acties te ondernemen: • Zorg ervoor dat energie onderdeel wordt van het omgevingsbeleid en laat specifiek beleid ontwikkelen op het inpassen van energie in de leefomgeving. • Geef ruimte aan initiatieven in de vastgestelde zoekgebieden, ontwikkel als gemeente actief de met elkaar benoemde zoeklocaties en borg deze in het omgevingsbeleid. • Vergroot de ruimtelijke mogelijkheden. Blijf zoeken naar nieuwe kansen. • Maak de warmtevraag en warmtebronnen inzichtelijk. Uiterlijk in 2025 stelt elke gemeente een warmteprogramma op. Daarmee kiezen we voor een warmteoplossing per wijk. • Benut het Regionale Programma Energie en het netwerk voor kennis en gemeentegrens overstijgende samenwerking. Omgang college Den Haag met oproep RES-voorzitters Het college van B&W van Den Haag onderschrijft de urgentie waar de RES-voorzitters in hun oproep op wijzen.

Het college werkt op verschillende manieren adequaat aan het stimuleren van de grootschalige opwek van zonne-energie om zo als gemeente Den Haag een goede bijdrage te leveren aan het realiseren van de RES-doelstelling: • Met het programma Daken wordt het benutten van daken voor de opwekking van zonneenergie actief gestimuleerd door het college. Dit programma richt zich ook op de genoemde categorie ‘grote’ daken, die deel uitmaken van de RES-doelstelling. • Het college richt zich in het kader van de verduurzaming van het eigen maatschappelijk vastgoed op de opwekking van zonne-energie op daken van gemeentelijke panden. Hiertoe behoort ook het beschikbaar stellen van dergelijke daken aan (buurt-) energiecoöperaties. Zie hiertoe de commissiebrief ‘Stand van zaken portefeuilleroutekaart voor verduurzaming gemeentelijk vastgoed (RIS 317367)’ en de commissiebrief ‘Haagse daken voor buurtenergiecoöperaties en kansen voor zonnepanelen op gemeentelijk vastgoed (RIS 317414)’. Een aantal van deze gemeentelijke daken betreft grote daken, die deel uitmaken van de RES-doelstelling.

2/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk DSO/ 10761539

•

Het college werkt aan de planvorming en vervolgens realisatie van solar carports in Den Haag. U wordt binnenkort uitgebreider geïnformeerd over de stand van zaken hiervan met de afdoening door het college van een eerdere motie van uw raad over dit onderwerp. • De planvorming voor de opwekking van zonne-energie binnen de RES-zoekgebieden A12 en A13 vindt momenteel samen met het Rijk plaats binnen het project Opwekking van energie op Rijksareaal (OER) A12 Zuid Holland en A13. Dit project maakt deel uit van het Rijksprogramma OER (zie www.energieoprijksgrond.nl), en bevindt zich in de voorverkenningsfase. Recent bent u over dit project geïnformeerd met het collegebesluit ‘Intentieklaring OER A12 Zuid Holland en A13 (RIS 318987)’. Voor het zoekgebied A4 vond eerder vergelijkbare planvorming plaats binnen het project OER A4, A13 en N14. Dit project is echter door Rijkswaterstaat voor onbepaalde tijd gepauzeerd. De reden hiervoor is het voorlopig stopzetten van het project Verbreding A4 Haaglanden-N14. Als het project Verbreding A4 Haaglanden-N14 op een gegeven moment weer wordt heropgestart zal ook OER A4, A13 en N14 weer verder gaan. • De opwekking van zonne-energie binnen het zoekgebied spoorlijn Den Haag – Leiden bevindt zich momenteel in de verkenningsfase.

• Randvoorwaardelijk voor deze projecten is dat er voldoende capaciteit aanwezig is en blijft op het elektriciteitsnetwerk. Om die reden werkt het college nauw samen met Stedin, TenneT en de provincie Zuid Holland om de huidige netcongestie te verminderen en netcongestie in de toekomst te voorkomen. • De gemeente Den Haag zal deelnemen aan de regionale m.e.r.-procedure voor hernieuwbare elektriciteit. Deze m.e.r.-procedure wordt verderop in deze brief toegelicht. Het college meent op deze wijzen voldoende tegemoet te komen aan de oproep van de RES-voorzitters. Zij ziet daarom geen aanleiding tot nieuwe, extra activiteiten. Provinciale Routekaart RES elektriciteit Behalve de RES-regio Rotterdam-Den Haag zijn er ook een aantal andere RES-regio’s binnen de provincie Zuid Holland waar het behalen van hun doelstellingen voor de opwekking van hernieuwbare elektriciteit momenteel niet in zicht is. Het gaat met name om de RES Drechtsteden, de RES Holland Rijnland, de RES Midden-Holland en in mindere mate de RES Alblasserwaard. Het college van Gedeputeerde Staten (GS) van Zuid Holland heeft onlangs opnieuw aangegeven dat zij zich mede verantwoordelijk voelt voor de realiseren van de RES-doelstellingen. Ze stelt dat ze gezien deze medeverantwoordelijkheid een actievere rol wil aannemen om het tij te keren.

In de ‘provinciale Routekaart RES Elektriciteit’ die ze op 23 april 2024 heeft vastgesteld licht de provincie deze actievere rol toe. De brieven van het college van GS waarin zij respectievelijk de RES Rotterdam-Den Haag en Provinciale Staten over deze Routekaart informeert zijn opgenomen in bijlagen 2 en 3. Het bijbehorende stappenplan treft u aan in bijlage 4. Om in de RES opgenomen zoeklocaties wind te kunnen realiseren moeten deze zijn opgenomen in het provinciale omgevingsbeleid. De provincie Zuid-Holland herziet dit beleid periodiek, met de eerstvolgende herziening in 2025. Zij wil er zorg voor dragen dat alle windlocaties in deze herziening worden meegenomen. Op die wijze wordt voorkomen dat de provincie een hinderende danwel vertragende macht is in de realisatie van de RES ambities. De actievere rol van de provincie bestaat uit • het waar mogelijk ondersteunen van gemeenten bij de concrete planvorming voor de opwekking van zonne- en windenergie op locaties binnen de zoekgebieden. • het ondersteunen van gemeenten bij het verankeren van deze concrete plannen in het provinciale omgevingsbeleid in 2025. De provincie wil samen met gemeenten verkennen welke zoeklocaties geschikt zijn om mee te nemen in de wijziging van de provinciale omgevingsverordening.

3/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk DSO/ 10761539

•

Het nemen van verdere stappen door de provincie mocht dit onvoldoende blijken. Wellicht wil niet elke gemeente concrete locaties aandragen. In dat geval zal de provincie zelf zoeklocaties voor windenergie aandragen voor onderzoek t.b.v. de wijziging van het provinciaal omgevingsbeleid. Zoals bovengenoemd is dat in deze fase niet van toepassing op de RES Rotterdam Den Haag. Uit het regionale plan-milieueffectrapport (planMER, zie verderop in deze brief) kunnen geschikte locaties komen. Deze dienen vervolgens tijdig door gemeenten te worden aangedragen voor opname in de provinciale verordening. Indien dat niet tijdig gebeurt kan niet uitgesloten worden dat het college van GS alle in principe geschikte locaties opneemt in het provinciale omgevingsbeleid.

Omgang college Den Haag met provinciale routekaart De laatstgenoemde mogelijk stap dat de provincie uiteindelijk zelf concrete locaties aanwijst is in principe niet wenselijk. Het college meent echter dat de kans dat de provincie dat voor zoekgebieden in Den Haag zal doen erg klein is. De planvorming voor de verzilvering van de zoekgebieden is immers reeds gestart (zoals bovenstaand beschreven) en kan tot adequate resultaten kan leiden zoals bij OER A12 en A13. De gemeente Den Haag werkt dus zelf actief aan geschikte locaties. Bovendien is de provinciale routekaart sterk gericht op windenergie, en in veel mindere mate op zonneenergie. Dat maakt het document voor Den Haag relatief minder relevant. Den Haag richt zich namelijk zoals bovenstaand genoemd bij de verzilvering van de RES-zoekgebieden alleen op zonne-energie. In principe vinden we het een goede zaak dat de provincie op deze wijze de planvorming voor zonne- en windproject binnen de RES-zoekgebieden zo sterk verknoopt met de herziening van het provinciale omgevingsbeleid. Zo wordt voorkomen dat gebrekkige verankering in het provinciale omgevingsbeleid tot vertraging zou leiden. Regionale m.e.r.-procedure Een belangrijke stap ten behoeve van de planvorming voor de opwekking van zonne- en windenergie betreft het doorlopen van een m.e.r.-procedure. Deze procedure levert beslissingsondersteunende informatie op.

De wethouders in het Bestuurlijk Netwerk Energie (BNE) van de MRDH hebben eerder in 2024 besloten om in RES-verband een regionale planMER op te stellen. Deze planMER is voor iedere gemeente bruikbaar is bij verdere planvorming waaronder indien nodig wijziging van gemeentelijke omgevingsplannen. De regionale m.e.r.-procedure is inmiddels gestart met het opstellen van de ontwerp Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD). Deze ontwerp NRD zal op 3 juli 2024 in het Bestuurlijk Netwerk Energie van de MRDH worden besproken. Vervolgens wordt hij door ieder betrokken college van B&W met een collegebesluit vastgesteld en 6 weken ter inzage gelegd. Ieder die dat wil kan tijdens deze periode van terinzagelegging een zienswijze indienen. Alle betrokken gemeenteraden zullen aan de hand van een raadsinformatiebrief nader over deze m.e.r.-prodecure worden geïnformeerd. Het collegebesluit en de raadsinformatiebrief worden in september 2024 verwacht. De planMER dient uiterlijk in april 2025 gereed te zijn. De regionale planMER van de RES Rotterdam Den Haag dient voor de provincie Zuid Holland als onderbouwing voor de wijziging van de provinciale Omgevingsverordening in 2025.

4/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk DSO/ 10761539

De planMER dient daarom aan provinciale vereisten op dit punt te voldoen. Het verbinden van de provinciale Routekaart en het regionale planMER proces biedt mogelijkheden om met minder parallelle processen en inspanning tot resultaten te komen. Met deze brief gaat het college ervan uit de raad voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet, de wethouder van Energietransitie, Mobiliteit en Grondstoffen Arjen Kapteijns

5/5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14328584/1