RIS319199 Bijlage Evaluatie VerhuisboxPlus
Tekst van het document
Een aantal deelnemers houdt bewust afstand en mengt zich niet actief in de buurt omdat ze daar geen behoefte aan hebben of onprettige ervaringen met anderen willen vermijden.
Gezondheid en welzijn Deelnemers beschrijven de periode van dak- en thuisloosheid als een zware tijd, gepaard met veel stress en financiële zorgen. Deelnemers hebben zich erg ontheemd gevoeld zonder een huisvesting. Het merendeel van de deelnemers geeft aan dat hun welzijn en gezondheid na de verhuizing zijn verbeterd. De overgang naar stabiele huisvesting zorgt voor een vermindering van stress, meer stabiliteit en rust, en het hanteren van een beter voedingspatroon. Een deelnemer voelt zich sinds lange tijd weer ‘meer mens’. Een andere deelnemer geeft aan kracht putten uit de periode van dakloosheid, en stelt dat het hem sterker heeft gemaakt. “Het was een van de grootste uitdagingen om geen huis te hebben. Ook al heb ik altijd gewerkt, mensen gaan aan je twijfelen als je geen woning hebt. Je moet sterk zijn om in jezelf te blijven geloven.” - Deelnemer 33
23
Bij sommige deelnemers zijn de gezondheidsklachten hetzelfde gebleven, bijvoorbeeld bij deelnemers die nog steeds veel stress ervaren door financiële schulden. Andere deelnemers geven aan dat hun welzijn na de verhuizing achteruit is gegaan. Naast verergerde gezondheidsklachten en stress door schulden, worden ook eenzaamheid, een scheiding en kinderen die ver weg wonen genoemd als redenen genoemd. Er zijn ook deelnemers die zowel voor als na de verhuizing weinig tot geen gezondheidsklachten ervaren.
Toekomstperspectief Stabiele huisvesting, het verrichten van (vrijwilligers)werk en een sociaal netwerk dragen er aan bij dat deelnemers meer toekomstperspectief ervaren. Deelnemers benoemen werk als een van de voornaamste reden waarom ze meer toekomstperspectief zien, omdat een baan nu of in de toekomst voor een betere financiële positie kan zorgen. “Voor mij is een woning een eerste stap naar een betere toekomst. Ik wil uit de problemen komen en had daarvoor eerst een woning nodig. Nu zit ik in de schuldhulpverlening en kan ik mijn schulden gaan aflossen”. - Deelnemer 7 Deelnemers zonder werk hopen snel een nieuwe baan te vinden. Voor sommigen is de zoektocht naar werk een behoorlijke uitdaging. Een deelnemer is gefrustreerd omdat zijn halfjaarcontract niet is verlengd. Meerdere deelnemers geven aan ongelukkig te worden van het vele thuiszitten en graag aan het werk te willen. “Je wilt aan de slag.” - Deelnemer 4
Deelnemers met schulden geven aan dat dit voor stress zorgt. Ze kijken uit naar het moment dat ze schuldenvrij zijn en niet meer hoeven rond te komen van een klein budget. Ondanks eigen huisvesting voelt een deelnemer zich nog steeds ‘gevangen’ vanwege aanhoudende schulden.
Verscheidene deelnemers benadrukken dat een stabiele huisvesting in hun hoofd voor ruimte zorgt om over de toekomst na te denken. Deelnemers benoemen plannen om weer een studie op te pakken en diploma's te behalen. Ook het hebben van een sociaal netwerk zorgt ervoor dat deelnemers positiever zijn over hun toekomst. “Ik zie mezelf hier voor lange tijd wonen. Ik wil terug naar school en een diploma halen. Ik wil nu m’n rijbewijs halen, dat was de afgelopen jaren geen optie”. - Deelnemer 29
Er zijn ook deelnemers met gemengde gevoelens over hun verhuizing. Deze deelnemers geven aan tevreden te zijn met hun nieuwe woning, maar desondanks nog steeds in een moeilijke situatie te verkeren. Redenen die worden opgegeven zijn eenzaamheid, het niet kunnen aarden in de nieuwe woonplaats, stress door schulden, gezondheidsklachten, en geen werk te kunnen vinden. Sommige deelnemers erkennen dat ze de impact van de verhuizing hebben onderschat en overwegen zelfs terug te keren naar Den Haag. Andere deelnemers geven aan een terug verhuizing naar Den Haag niet als oplossing te zien, en vinden het juist fijn om in een (vaak) rustigere woonplaats te wonen.
24
5 Bevindingen uit de interviews met gemeenten, woningcorporatie en aanmeldende partijen Dit hoofdstuk beschrijft de belangrijkste bevindingen uit de interviews met medewerkers van gemeenten, woningcorporatie en aanmeldende partijen (hierna: respondenten). Met uitzondering van de gemeente Amsterdam hebben we de gemeenten, woningcorporatie, en aanmeldende partijen benaderd vanwege hun rol in meerdere trajecten van deelnemers van de VHB+. We hebben met een medewerker van de gemeente Amsterdam gesproken over de werkwijze die zij hanteren om dak- en thuisloze mensen in hun gemeente aan passende huisvesting te helpen.
We plaatsen een kanttekening bij de bevindingen uit de interviews. De respondenten geven aan dat het soms moeilijk is om onderscheid te maken tussen ervaringen van nieuwe inwoners die vanuit een andere gemeente in de sociale huursector zijn gegaan, en tussen hen die via de VHB+ in de gemeente zijn gaan wonen. In die gevallen gaan we niet expliciet in op de ervaringen met deelnemers van de VHB+, maar schetsen we een breder beeld
5.1
Reflectie op de aanmelding De respondenten van aanmeldende partijen hebben de ervaring dat dagelijks online reageren op woningen voor veel deelnemers niet haalbaar is door het gebrek aan digitale vaardigheden, het ontbreken van goede (digitale) voorzieningen, onvoldoende kennis van het toewijzingssysteem voor sociale huurwoningen en/of het ervaren van te veel stress om consistent te reageren op woningen. De respondenten zien motivatie als een cruciale factor bij de aanmelding voor de regeling. Ze benadrukken in gesprekken met kandidaten dat deelname aan de regeling vrijwillig is en dat het besluit om niet deel te nemen aan de VHB+ geen invloed heeft op het reguliere zoektraject voor een woning in Den Haag. De respondenten geven aan dat ‘voldoende zelfredzaamheid’ een voorwaarde is voor deelname aan de VHB+. Zo hanteert men in de aanmeldingsprocedure een ‘checklist’ waarmee men indirect de mate van zelfredzaamheid beoordeelt. Medewerkers kunnen de mate van zelfredzaamheid beter inschatten op het moment dat ze de persoon al enige tijd kennen. Een van de respondenten geeft aan dat indicaties zoals het tijdig aanleveren van documenten, het iedere twee weken ophalen van de post (wanneer er een briefadres is bij het dak- en thuislozenloket), het eerder zelfstandig hebben gewoond, helpen om een goede inschatting te kunnen maken of iemand in aanmerking komt voor deelname aan de VHB+.
5.2
Zoeken naar een woning Meerdere respondenten benoemen zelfredzaamheid als graadmeter of iemand in staat is om in een nieuwe woonplaats een stabiele toekomst op te bouwen. Sommige respondenten van gemeenten en woningcorporatie uiten twijfels over de voldoende zelfredzaamheid van de deelnemers van de VHB+. Ze geven aan dat hun ervaring is dat nieuwe inwoners van een sociale huurwoning regelmatig ondersteuning nodig hebben van de gemeente. De respondenten beamen dat het woningtoewijzingssysteem voor sociale huurwoningen in Nederland ingewikkeld is met de vele portalen en verschillende werkwijzen. Respondenten begrijpen dat dit een belemmerende factor kan zijn voor mensen, in het bijzonder voor mensen die minder (digitaal) vaardig zijn of de taal minder goed beheersen. Desondanks hebben sommige respondenten er moeite mee dat het VHB+ team reageert op woningen in plaats van deelnemers zelf. Ze beschouwen dit als een teken dat een deelnemer zelf niet of minder zelfredzaam is. Het gegeven dat iemand dak- en thuisloos is geweest, wordt beschouwd als een factor die de kans vergroot dat die persoon ondersteuning nodig heeft.
25
5.3
Overdracht tussen gemeenten Respondenten van gemeenten benoemen dat een ‘warme overdracht’ tussen de gemeente Den Haag en de ontvangende gemeente kan bijdragen aan een ‘zachte landing’ van de deelnemer in de nieuwe gemeente. Respondenten benadrukken dat een 'warme overdracht' kan leiden tot meer grip vanuit hun kant. Een aantal gemeenten ontvangen een bericht van de woningbouwvereniging bij de komst van een nieuwe inwoner. Dit gebeurt relatief laat, omdat informatie over een nieuwe inwoner pas beschikbaar is na de verklaring van de woningbouwvereniging dat de woning is toegewezen. De huurdatum start vaak al snel na aanvaarding van de woning om het mislopen van huurinkomsten te voorkomen.
Sommige respondenten ervaren op dit moment dat ze (te) weinig grip hebben op de instroom van nieuwe inwoners die via sociale huur naar hun gemeente komen. Het is hun ervaring dat inwoners vaak laat bij hen aankloppen voor ondersteuning (behalve voor het aanvragen van een uitkering). Deze respondenten geven aan dat ze graag eerder bij nieuwe inwoners in beeld komen, zodat ze ook sneller een bepaalde vorm van ondersteuning kunnen bieden mocht dat nodig zijn, zoals schuldhulpverlening, begeleiding bij het vinden van werk, of het verkrijgen van de juiste zorg. De huidige VHB+, zonder overdracht tussen gemeenten, draagt daar niet aan bij. Het organiseren van een warme overdracht kan hier wel aan bijdragen. In de interviews worden mogelijke invullingen genoemd van een warme overdracht, zoals dat de gemeente Den Haag proactief contact zoekt met de ontvangende gemeente voor een fysiek of telefonisch interview (eventueel met de nieuwe inwoner). Een aantal gemeenten beschouwt een warme overdracht als een gelegenheid om afspraken te maken over langdurige financiële ondersteuning vanuit de gemeente Den Haag.
Ook de respondenten van de woningcorporatie pleiten voor het maken van afspraken. Het zou hen helpen om eerder informatie te verkrijgen over het aantal nieuwe inwoners dat ze (ongeveer) kunnen verwachten en over de mate van zelfstandigheid van een nieuwe inwoner. Ze voelen zich de afgelopen periode overvallen door de hoeveelheid nieuwe huurders en de ondersteuning die ze hierbij moesten bieden. Het is de ervaring van de respondenten dat een deel van hun huurders moeite heeft om zich te settelen in de nieuwe omgeving en (relatief) veel ondersteuning nodig heeft van maatschappelijk werk of andere welzijns- of zorginstanties.
De respondenten van aanmeldende partijen menen dat een warme overdracht op verschillende manieren kan worden ingevuld. Een respondent benoemt het belang van het afstemmen van een eventuele overbruggingsfinanciering wanneer de aanvraag voor een uitkering in de nieuwe gemeente nog niet rond is, zodat voorkomen wordt dat deelnemers van de VHB+ een periode geen inkomen hebben. Een andere respondent stelt dat een warme overdracht met name wenselijk is wanneer sprake is van een Wmo-indicatie, zodat er overdracht tussen begeleiders kan plaatsvinden. Een klein aantal deelnemers van de VHB+ maakt gebruik van Wmo-begeleiding.
5.4
Situatie na de verhuizing Vrijwel alle respondenten zijn van mening dat de aanwezigheid van een sociaal netwerk of sociale contacten sterk bijdraagt aan het aarden in een nieuwe woonplaats en het opbouwen van een toekomst. De ervaring leert dat het voor nieuwe inwoners niet makkelijk is om te worden opgenomen in de sociale netwerken en structuren in een gemeente. De afwezigheid van een sociaal netwerk verhoogt de kans op eenzaamheid. Een aantal gemeenten stelt dat ondersteuning bieden bij het leggen van contacten met buurtbewoners al een verschil kan maken. Dit kan bijvoorbeeld door kennismaking tussen buurtgenoten te stimuleren of activiteiten in buurtcentra te promoten.
Sommige respondenten van gemeenten en woningcorporatie hebben de ervaring dat nieuwe inwoners uit de Randstad soms 'geen idee' hebben waar ze terechtkomen, en geen goed beeld hebben van wat het leven in een kleinere gemeente en/of buiten de randstad inhoudt. Dit leidt ertoe dat nieuwe inwoners onvoorbereid in een omgeving kunnen belanden waar ze geen netwerk (sociale contacten, familie) hebben en waar weinig voorzieningen zoals onderwijs, werk en openbaar vervoer aanwezig zijn. Een respondent haalt als voorbeeld de verhuizing aan van een deelnemer van de VHB+ zonder auto én met jonge kinderen naar een gemeente met amper openbaar vervoer en kinderopvangvoorzieningen. Deze deelnemer heeft het moeilijk (gehad) te aarden in de nieuwe omgeving. De respondent plaatst vraagtekens bij de ‘keuze’ voor de nieuwe woonplaats.
26
Respondenten van kleinere gemeenten geven aan dat de toename van inwoners uit de Randstad een relatief grote impact heeft op hun gemeente. Ze wijzen erop dat bepaalde voorzieningen niet zijn ingericht op een toename van inwoners/gezinnen die ondersteuning of zorg nodig hebben, wat in deze gemeenten kan leiden tot overbelasting van de sociale en zorginfrastructuur. De respondenten benoemen ook dat er regelmatig sprake is van een cultuurverschil tussen inwoners, wat onrust veroorzaakt. Voorbeelden die worden genoemd, zijn escalaties bij burenruzies en een toename van meldingen van geluidsoverlast. Een gemeente voert inmiddels een welkomstgesprek met alle nieuwe inwoners en hoopt op die manier dat ze beter integreren in de gemeente. Daarnaast is er contact geweest met de gemeente Den Haag om de VHB+ te bespreken.
Sommige respondenten hebben in hun eigen beleid veel aandacht voor regiobinding. Hiermee wordt bedoeld dat mensen op een bepaalde manier verbonden zijn met de regio, bijvoorbeeld door sociale contacten of door er eerder te hebben gewoond. De respondenten missen deze aandacht in de werkwijze van de VHB+, waar ze de keuze voor een nieuwe woonplaats zien als een 'toevallige' uitkomst van het woningtoewijzingssysteem. Een aantal respondenten hanteert zelf het beleid van 'Housing First'. Ze menen dat door de toename van mensen uit de Randstad, waaronder de deelnemers van de VHB+, de sociale huurwoningmarkt, en met name het lotingssysteem, onder druk komt te staan. De respondenten wijzen erop dat de problematiek van economische dakloosheid en bankslapers ook in hun gemeente speelt en dat het voor die doelgroep moeilijker wordt om een woning te vinden nu er meer mensen uit de Randstad reageren op de woningen. Voor een aantal respondenten voelt de werkwijze van de VHB+ dan ook niet rechtvaardig aan, of zoals een gemeente stelt: “je kan niet zomaar iedereen over de schutting gooien”. Gemeenten hebben op regionaal niveau afgesproken dakloosheid aan te pakken, en volgens hen ondermijnt de aanpak van Den Haag de solidariteit en het succes van de landelijke en lokale aanpak.
27
6 Conclusies en aanbevelingen Dit hoofdstuk bevat de conclusies en aanbevelingen op basis van de bevindingen zoals deze in de voorgaande hoofdstukken zijn beschreven. We doen dat vanuit drie verschillende perspectieven. We gaan achtereenvolgens in op het perspectief van de deelnemers van de VHB+, het perspectief van de (ontvangende) gemeenten, en het perspectief van de gemeente Den Haag.
6.1
Perspectief van de deelnemers van de VHB+
De VHB+ als instrument De wachttijd voor een woning is in Den Haag gemiddeld tien jaar. De VHB+ zorgt er voor dat mensen sneller een woning vinden. Veel deelnemers hebben met hulp van de VHB+ binnen een jaar een woning gevonden. De VHB+ neemt drempels voor de verhuizing weg door middel van financiële ondersteuning of door middel van financiële ondersteuning met begeleiding van het VHB+ team.
Beperkte financiële middelen vormen voor deelnemers een barrière om te verhuizen. De financiële vergoeding vanuit de gemeente neemt deze barrière (grotendeels) weg. Deelnemers benoemen het verhogen van het inrichtingsbudget als verbeterpunt. Het bedrag van € 1850,- is voor deelnemers niet toereikend om een woning in te richten.
Het merendeel van de deelnemers met begeleiding denkt niet dat het gelukt was een woning te vinden zonder ondersteuning van het VHB+ team. De periode van dak- en thuisloosheid stond voor hen in het teken van ‘overleven’, waardoor ze geen ‘ruimte’ hadden om actief op woningsites te reageren en een beperkte toegang tot digitale faciliteiten. Daarnaast speelde ook de complexiteit van het woningtoewijzingssysteem voor sociale huurwoningen in Nederland een grote rol. Deelnemers kunnen hier niet goed mee uit de voeten, zeker diegenen die niet of minder digitaal vaardig zijn en/of een beperkte beheersing hebben van de Nederlandse taal. Het VHB+ team heeft kennis en ervaring van het woningtoewijzingssysteem in huis, en zorgt met hun begeleiding dat de portalen toegankelijk worden voor hen die zelf niet toe in staat zijn dit te regelen.
Na de verhuizing Het merendeel van de deelnemers is na de verhuizing positiever over hun toekomstperspectief. Stabiele huisvesting, het verrichten van (vrijwilligers)werk en een sociaal netwerk dragen er aan bij dat deelnemers meer toekomstperspectief ervaren. Stabiele huisvesting zorgt ervoor dat deelnemers ruimte ervaren om weer over de toekomst na te denken, iets wat niet of nauwelijks mogelijk was in de periode van dak- of thuisloosheid wat met veel stress en financiële zorgen gepaard ging. Na de verhuizing naar een eigen woning ervaren deelnemers minder stress, en meer stabiliteit en rust. Na de verhuizing hebben meer mensen een baan gevonden, of is het vooruitzicht hierop verbeterd. Deelnemers zien werk als een van de voornaamste redenen voor een beter toekomstperspectief omdat een baan nu en in de toekomst voor een betere financiële positie kan zorgen. Ook draagt betaald werk, net als vrijwilligerswerk, bij aan het opbouwen van een sociaal netwerk, wat voor deelnemers een belangrijk aspect is om zich thuis te voelen in de nieuwe woonplaats. Sommige deelnemers verrichten geen betaald werk, maar doen vrijwilligerswerk of ondernemen activiteiten die bijdragen aan het vinden van werk zoals het volgen van Nederlandse les of deelname aan een re-integratietraject vanuit de gemeente.
Deelnemers zijn actief bezig met het opbouwen van een sociaal netwerk door kennis te maken met buurtgenoten en deel te nemen aan buurthuisactiviteiten. Deelnemers bij wie het niet of minder goed lukt om sociale contacten aan te gaan of aansluiting te vinden in de buurt, noemen een taalbarrière en culturele en achtergrondverschillen als voornaamste oorzaken. Deze deelnemers missen sociale contacten met wie ze kunnen optrekken en/of aan wie ze om hulp kunnen vragen als dat nodig is.
28
Wanneer deelnemers naar een gemeente verhuizen waar ze eerder hebben gewoond, vallen ze vaak op terug op bestaande contacten. Ook gaan deelnemers regelmatig terug naar Den Haag voor hun sociaal netwerk. Deze deelnemers wonen vaak (relatief) dicht in de buurt van Den Haag. Deelnemers die verder weg wonen, vinden het lastig om terug te gaan vanwege de tijd en kosten dat het reizen naar Den Haag met zich meebrengt.
Niet alle deelnemers zijn hun toekomstperspectief na de verhuizing positiever in. Sommige deelnemers geven aan dat hun welzijn na de verhuizing achteruit is gegaan. Naast verergerde gezondheidsklachten en stress door schulden, worden ook eenzaamheid, een scheiding en kinderen die ver weg wonen als redenen genoemd. Een terugkeer naar de gemeente Den Haag is voor een aantal van deze deelnemers een reële optie.
Aanbevelingen: Op basis van de conclusie geven we een aantal aanbevelingen ten aanzien van de werkwijze van de VHB+: a.
Verhoging van het inrichtingsbudget. Vrijwel alle deelnemers geven aan niet met het bedrag van € 1.850,- uit te komen;
b.
Het opbouwen van een sociaal netwerk en aansluiting vinden in de buurt zijn belangrijke factoren voor het thuis voelen in een nieuwe woonplaats, en daarmee ook voor een positief toekomstperspectief. Zorg dat bij het ‘keuzeproces’ voor een gebied of regio voldoende aandacht is voor deze aspecten, door (voldoende) informatie te verstrekken over de nieuwe woonplaats en deelnemers duidelijk te informeren over wat hen te wachten staat na de verhuizing;
c.
Zorg voor maatwerk in de overdracht. Neem contact op met de nieuwe gemeente voor deelnemers die hulp kunnen gebruiken bij het regelen van papierwerk en wegwijs worden in de nieuwe gemeente;
d.
Blijf als gemeente Den Haag ook na de verhuizing monitoren of een deelnemer goed opstart in de nieuwe gemeente, en bied tijdig ondersteuning (door een van beide gemeenten) als dit nodig is. Gebruik hiervoor consequent de afgesproken (interne) werkwijze van nazorg en een follow-up na zes maanden.
6.2
Perspectief van de gemeenten
De ontvangende gemeenten die we gesproken hebben, zijn veelal kritisch op de VHB+. Gemeenten geeft aan de voorkeur te hebben voor inwoners uit de regio en (mede) daarom moeite te hebben met de werkwijze van de gemeente Den Haag. In hun ogen heeft deze manier van werken buiten hun invloed om tot gevolg dat er minder sociale huurwoningen beschikbaar zijn voor de eigen inwoners. De eigen lokale opgave om aandachtsgroepen te huisvesten wordt daardoor nog groter. Zij streven daarbij niet alleen naar een evenwichtige verdeling van de opgave over de regio, maar ook naar sociaal evenwicht in wijken en buurten. Gemeenten maken in de eigen regio afspraken over een evenredige verdeling van huisvesting over de gemeenten. Deze afspraken dienen er ook toe om het sociaal evenwicht in een wijk te bewaken en te bewaren. Met de gemeente Den Haag hebben zij deze afspraken niet. Gemeenten zijn veelal niet op de hoogte wanneer deelnemers van de VHB+ naar hun gemeente verhuizen. De gemeenten hebben de behoefte om geïnformeerd te worden. Daarbij is het voor een ontvangende gemeente niet duidelijk waarom een deelnemer voor de betreffende gemeente gekozen heeft. Kleinere gemeenten hebben ervaren dat de impact groot is wanneer de gemeente Den Haag relatief veel mensen via de VHB+ naar een kleinere gemeente verhuist.
Aanbevelingen: e.
Ga een interview aan met de gemeenten waar deelnemers van de VHB+ (zijn) gaan wonen. Doel van dit interview is uitwisseling van elkaars standpunten, het bespreken van de dilemma’s die daarmee gepaard gaan en de mogelijkheid en wenselijkheid om tussen regio’s of tussen gemeenten tot afstemming en afspraken te komen;
f.
Informeer de ontvangende gemeente actief, met toestemming van de deelnemer, over de verhuizing naar die gemeente, zodat een warme overdracht indien gewenst mogelijk wordt.
29
6.3
Perspectief gemeente Den Haag
De ambitie van de gemeente Den Haag is voor iedere inwoner een passend (t)huis. Met de VHB+ zijn 310 dak- en thuisloze mensen verhuisd naar een eigen woning. De cijfers van de aantallen verhuizingen laten zien dat in de afgelopen jaren veruit de meeste deelnemers (68 procent) een nieuwe woonplaats vinden in de regio Zuid-Holland (zie figuur 3). Het merendeel van de 310 deelnemers heeft door de verhuizing een positiever toekomstperspectief. De VHB+ is als instrument om maatwerk te bieden en toekomstperspectief te creëren succesvol gebleken. Aan de andere kant ervaren (ontvangende) gemeenten in de huidige aanpak dat ze onvoldoende gehoord of meegenomen worden.
Aanbevelingen: g.
Focus op bemiddeling binnen de regio en maak hierover afspraken met de regio. Heroverweeg actieve bemiddeling buiten de regio wanneer er geen sprake is van een sociaal netwerk of andere binding met de regio. Maak altijd een brede afweging die richting de nieuwe gemeente goed kan worden uitgelegd en verantwoord, en leg dit vast;
h.
Neem als gemeente Den Haag het initiatief om met de G4, de VNG en het Rijk afspraken te maken over een landelijk aanvaarde werkwijze, om dak- en thuisloze mensen te bemiddelen en te begeleiden naar een woning buiten de eigen regio.
30
Literatuurlijst Dienst SZW. (2021, januari 4). Uitbreiding pilot VerhuisboxPlus. Gemeente Den Haag. Dienst SZW en OCW. (2019, mei 14). Pilot uitstroom uit maatschappelijke opvang (doorstroomvoorziening) naar zelfstandige woonruimte elders. Gemeente Den Haag. EenVandaag. (2023, april 29). EenVandaag. Opgehaald van Mag een gemeente daklozen in andere dorpen en steden 'dumpen'? 'Iedereen is vrij om overal in Nederland te wonen': https://eenvandaag.avrotros.nl/item/mag-eengemeente-daklozen-in-andere-dorpen-en-steden-dumpen-iedereen-is-vrij-om-overal-in-nederland-te-wonen/ Garnier, T., & De Jonge, L. (2023, april 14). Den Haag verhuist honderden daklozen naar de provincie, maar gemeenten weten van niks: ‘Egoïstisch en asociaal’. Opgehaald van AD: https://www.ad.nl/den-haag/denhaag-verhuist-honderden-daklozen-naar-de-provincie-maar-gemeenten-weten-van-niks-egoistisch-enasociaal~afedfa43/ Gemeente Den Haag. (2023, juli). Den Haag geeft thuis. Beleidskader aanpak dakloosheid 2023-2030. Opgehaald van Den Haag Raadsinformatie: https://denhaag.raadsinformatie.nl/document/12983468/1/RIS316085_Bijlage_Beleidskader_aanpak_dakloos heid Intermediaren Contactpunt. (sd). Criteria Verhuisbox Plus 2023. Gemeente Den Haag. Kapteijns, A. (2022, juli 5). Zesde Voortgangsrapportage Maatschappelijke Opvang.
Opgehaald van Den Haag Raadsinformatie: https://denhaag.raadsinformatie.nl/document/11656154/2/RIS312662+Zesde+Voortgangsrapportage+Maatsc happelijke+Opvang#:~:text=Geachte procent20voorzitter procent2C-,Iedere procent206 procent20maanden procent20ontvangt procent20de procent20commissie procent20een procent20rapportage procent20over procent20de,tweede procent20helft procent20van procent20202 Merx, I., & Van Zanen, J. (2023, februari 21). Opheldering inzet verhuisbox. Gemeente Den Haag. Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties; Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid; Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport . (2022, November). Nationaal Actieplan Dakloosheid: Eerst een Thuis. Opgehaald van Open Overheid: https://open.overheid.nl/documenten/ronlbb529bd58adc8061e5c058d2fe9671197ba6244f/pdf Mons, G., Garnier, T., & De Jonge, L. (2023, april 15). Den Haag stuurt zonder overleg daklozen naar de Achterhoek: ‘Hier hoor je afspraken over te maken’. Opgehaald van De Stentor: https://www.destentor.nl/berkelland/denhaag-stuurt-zonder-overleg-daklozen-naar-de-achterhoek-hier-hoor-je-afspraken-over-te-maken~a6f7d430/ Slikker, P. P., Van den Bergh, S., Peters, D., Honig, T., Vossen, M., Jansen, C., Windmuller, H. (2023, april 26). Solidaire aanpak dakloosheid.
Opgehaald van eenvandaag: https://eenvandaag.assets.avrotros.nl/user_upload/PDF/Brief procent20aan procent20Staatssecretaris procent20Van procent20Ooijen procent20over procent20solidaire procent20aanpak procent20dakloosheid procent20- procent20260423.pdf Stoffelen, A. (2023, mei 1). Volkskrant. Opgehaald van Dakloze Richard uit Den Haag was nog nooit in Enschede geweest. Toch kreeg hij er een huis: https://www.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/dakloze-richard-uit-denhaag-was-nog-nooit-in-enschede-geweest-toch-kreeg-hij-er-eenhuis~bc2191c2/?referrer=https://www.google.com/ Van Alphen, B. (2020, oktober 27). Derde Voortgangsrapportage Maatschappelijke Opvang. Opgehaald van Den Haag Raadsinformatie: https://denhaag.raadsinformatie.nl/document/9315868/2/RIS306586+Derde+voortgangsrapportage+Maatsch appelijke+Opvang Vavier, M. (2023, Maart 28). Procesplan Actualisatie Aanpak Dakloosheid. Opgehaald van Den Haag Raadsinformatie: https://denhaag.raadsinformatie.nl/document/12557323/2/RIS314959+Procesplan+Actualisatie+Aanpak+Dakl oosheid Vavier, M. (2023, juni 12). VerhuisboxPlus. Opgehaald van Den Haag Raadsinformatie: https://denhaag.raadsinformatie.nl/document/12857838/2/RIS315794+VerhuisboxPlus
31
32
A. Bijlage: Intakeformulier deelname VHB+ Verhuisbox Datum Intake Naam intaker verhuisbox Telefoonnummer E-mailadres
…… - …… - ……………
Huidig verblijf Soort verblijf Adres Postcode + Woonplaats Contactpersoon/Begeleider Functie Telefoon contactpersoon E-mail contactpersoon
Gegevens cliënt Voornaam Achternaam Geboortedatum Telefoonnummer E-mailadres Gezinssituatie
Woonhistorie Hoe woonde u de afgelopen 5 jaar? Heb je een huurschuld (gehad)? Hoogte huurschuld Is deze huurschuld afgelost?
Is er in het verleden sprake geweest van overlast? Is er in het verleden sprake geweest van een ontruiming? Wat was de reden van ontruiming? Wat is de reden dat u woningzoekende bent geworden?
Voorwaarden ten aanzien van de woning Bent u in staat een tuin te onderhouden? Is een lift of gelijkvloerse woning noodzakelijk i.v.m. fysieke/medische redenen? Stad/dorp besproken
Financiële situatie Wat is je inkomensbron? Bruto/Netto inkomen per maand Is er sprake van beslaglegging op je inkomen? Heb je een bewindvoerder of budgetbegeleiding? Naam organisatie Heeft u schuldenproblematiek? Hoogte schuldenlast Is er sprake van een regeling?
☐ Alleenstaande
☐ Anders, namelijk:
☐ Op mezelf ☐ Ouders ☐ Nee € ☐ Ja ☐ Nee
☐ Instelling, namelijk: ☐ Anders, namelijk: ☐ Ja, bij: (naam verhuurder + jaartal)
☐ Nee
☐ Ja, via schuldenregeling ☐ Nee, wel lopende betalingsregeling van € p/mnd. ☐ Ja, bij: (naam verhuurder + jaartal)
☐ Nee
☐ Ja, bij: (naam verhuurder + jaartal)
☐ Ja ☐ Ja
☐ Nee ☐ Nee
☐ Loon ☐ PW Anders, namelijk: Bruto € ☐ Nee ☐ Ja
☐ WW
☐ WIA
☐ Wajong
☐ ZW
☐ DUO
☐
Netto €
☐ Nee
☐ Ja, een bewindvoerder ☐ Ja, budgetbegeleiding
☐ Nee € ☐ Nee
☐ Ja
sinds: (jaartal) sinds: (jaartal)
☐ Ja
33
Persoonlijke situatie Onderstaande vragen gelden in relatie tot het wonen en goed huurder zijn (goed huurderschap*) Is er sprake van psychische problematiek (geweest)? ☐ Nee ☐ Ja Is er sprake van verslavingsproblematiek (geweest)? ☐ Nee ☐ Ja
Financiële bijdrage Eerste Verhuurnota Woninginrichting verstrekt als gift
Nazorg na sleuteloverdracht Welke instantie gaat deze nazorg aanbieden? Te verwachten termijn van monitoren nazorg Welke nazorg wordt geboden? Gegevens contactpersoon
Wordt vergoed als gift €
Minimaal 3 maanden (naam) (telefoonnummer) (e-mailadres)
34
B. Bijlage: Spanningskaart en BPD Hittekaart Woningmarkt
35
C. Bijlage: Checklist verhuizing/nazorg Naam en voorletters Geboortedatum BSN IBAN Telefoonnummer Email
Checklist Verhuizing/Nazorg To do Nieuw adres inclusief postcode Ingangsdatum huurovereenkomst Verhuisdatum Huurbetaling
Inchrijven nieuwe gemeente
Aanvragen uitkering indien van toepassing Aanvragen huurtoeslag Energie aansluiting
Water aansluiting
Nodig/belangrijk
Eerste verhuurnota wordt door de Gemeente betaald voor de periode: Per …. moet u voor het eerst zelf huur betalen ad … DigiD Let op: Sla na het inschrijven de bevestiging op als bewijsstuk! Verwerking duurt ca 5 werkdagen, pas hierna kan uitkering, huurtoeslag en aantal andere zaken aangevraagd worden DigiD, werkwijze verschilt per gemeente. DigiD en huurovereenkomst ivm opbouw huur Huurovereenkomst. Wat is eventueel inbegrepen, is er een vaste leverancier? Meterstanden gas en elektriciteit krijgt u bij de sleuteloverdracht. Huurovereenkomst. Wat is eventueel inbegrepen? Wie is waterleverancier in betreffende gemeente? Kan bij tekenen huurovereenkomst een vinkje worden gezet hiervoor (komt vaak voor).
Energietoeslag indien van toepassing Inrichtingskosten Bijzondere Bijstand Inboedelverzekering Internet/tv aansluiting Zorgverzekering
Huisarts en tandarts zoeken in nieuwe gemeente
Verschilt per gemeente Ad … euro Advies is om deze af te sluiten.
Indien u een VGZ Haaglanden Collectief polis heeft, dan loopt deze polis tot 1 januari van het nieuwe jaar. Hierna wordt het automatisch ongezet naar een ‘aanvullend beter’ en ‘tand beter’ pakket. Gemeentes die meedoen aan het VGZ collectief: VGZ | Verzeker u bij VGZ via uw gemeente met onze populaire gemeentepakketten | VGZ Zorgverzekering De verhuizing wordt bij deze gemeentes automatisch doorgegeven. Handig hulpmiddel: VGZ | Zorgzoeker: zoek een zorgverlener | VGZ | VGZ Zorgverzekering | Zoeken
36
Gemeentepas, vergelijkbaar met bvb Ooievaarspas Check op mogelijke extra voorzieningen/potjes Afvalpas Doorgeven nieuwe adres aan…
Wegwijs in nieuwe gemeente
Potjes-check Geldfit Heeft de nieuwe gemeente een afvalpas, zo ja deze aanvragen Wat gaat automatisch en wat moet zelf doorgegeven worden? Site Gemeente met wegwijs info Contactgegevens maatschappelijk werk
37
D. Kenmerken 34 deelnemers VHB+
18
Deelnemer
Geslacht
Leeftijd
Huishoudsamenstelling
Jaar verhuizing
Verhuisd naar
Vorm van ondersteuning18
1
Vrouw
35
Eenoudergezin
2023
Zuid-Holland
F
2
Vrouw
40-45
Eenoudergezin
2023
Zuid-Holland
F+B
3
Man
43
Alleenstaand
2023
Noord-Brabant
F+B
4
Man
55+
Alleenstaand
2021
Zuid-Holland
F+B
5
Vrouw
28-54
Tweeoudergezin
2022
Overijssel
F+B
6
Vrouw
29
Tweeoudergezin
2022
Limburg
F+B
7
Man
46
Alleenstaand
2021
Limburg
F+B
8
Man
48
Alleenstaand
2022
Gelderland
F+B
9
Vrouw
35
Alleenstaand
2022
Zuid-Holland
F
10
Man
42
Tweeoudergezin
2022
Zuid-Holland
F+B
11
Vrouw
36
Eenoudergezin
2023
Overijssel
F+B
12
Vrouw
56
Alleenstaand
2021
Zuid-Holland
F+B
13
Man
33
Alleenstaand
2022
Overijssel
F+B
14
Vrouw
49
Alleenstaand
2023
Noord-Brabant
F+B
15
Vrouw
30
Tweeoudergezin
2022
Overijssel
F+B
16
Man
37
Alleenstaand
2022
Utrecht
F+B
17
Vrouw
37
Eenoudergezin
2021
Overijssel
F+B
18
Man
48
Alleenstaand
2022
Limburg
F+B
19
Man
61
Alleenstaand
2023
Zuid-Holland
F+B
20
Man
61
Alleenstaand
2023
Zuid-Holland
F+B
21
Vrouw
n.b.
Eenoudergezin
2021
Zuid-Holland
F
22
Vrouw
26
Eenoudergezin
2023
Gelderland
F+B
23
Vrouw
62
Alleenstaand
2023
Zuid-Holland
F+B
24
Vrouw
28
Tweeoudergezin
2021
Gelderland
F+B
25
Man
64
Alleenstaand
2021
Zuid-Holland
F+B
Financiële ondersteuning (F) en Financiële ondersteuning en begeleiding (F + B)
38
26
Vrouw
31
Eenoudergezin
2023
Noord-Brabant
F+B
27
Man
65
Alleenstaand
2022
Zuid-Holland
F+B
28
Man
67
Alleenstaand
2021
Limburg
F
29
Vrouw
32
Eenoudergezin
2023
Noord-Brabant
F+B
30
Man
35
Eenoudergezin
2022
Noord-Brabant
F+B
31
Vrouw
58
Alleenstaand
2022
Zuid-Holland
F+B
32
Man
72
Alleenstaand
2022
Zuid-Holland
F+B
33
Man
65
Alleenstaand
2022
Zuid-Holland
F+B
34
Man
36
Eenoudergezin
2023
Zuid-Holland
F
39