CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS319141 Bijlage Werkagenda duurzame leefomgeving

Commissie Leefomgeving 9 januari 2025, gemeente Den HaagBij agendapunt: Commissiebrief inzake Actieprogramma Klimaatadaptatie en Vergroenen Versteende Wijken 20244.605 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

WERKAGENDA 2023-2026

Duurzame leefomgeving ENERGIETRANSITIE

LEEFOMGEVING

DUURZAME MOBILITEIT

CIRCULAIRE ECONOMIE

Leefomgeving

Maatschappelijke opgave: verdichten, vergroenen, verduurzamen

INHOUD 1 INLEIDING • Werken vanuit de werkagenda • Maatschappelijke opgave: verdichten, vergroenen, verduurzamen • Mijlpalen en monitoring • Participatie 2 SPEERPUNTEN, DOELEN EN ACTIES 2.1 2.2

2.3 2.4

Klimaatadaptatie Luchtkwaliteit en Milieu • Luchtkwaliteit • Omgevingsgeluid • Omgevingsveiligheid • Bodem en ondergrond Stikstof Natuurversterking

3 SAMENVATTING • Klimaatadaptatie • Luchtkwaliteit en milieu • Stikstof • Natuurversterking

WER KAG EN DA D U U RZ A M E L E E F O M G EV I N G 2 0 2 3 -2 0 2 6

2

3 3 3 3 3 4 4 6 6 7 7 7 8 9 10 10 10 10 10

Leefomgeving

1 INLEIDING Werken vanuit de werkagenda In deze werkagenda leefomgeving beschrijft het college met welke acties samen met de stad gewerkt wordt aan een betere leefomgeving. Dat doet het college langs vier speerpunten: Klimaatadaptatie, Luchtkwaliteit en milieu, Stikstof en Natuurversterking. Per speerpunt beschrijft het college de uitgangspunten, doelen en acties.

Maatschappelijke opgave: verdichten, vergroenen, verduurzamen Den Haag is de dichtst bevolkte stad van Nederland. Komende jaren groeit het aantal inwoners van de stad verder en wil Den Haag ook voor hen woon-, werk- en leefruimte creeren. Dat vraagt om maatregelen voor de leefomgeving en de gezondheid van de mensen die in de stad wonen, werken en verblijven, bescherming van de natuurkwaliteit en biodiversiteit. Tegelijk verandert ook het klimaat waardoor de stad extermere weersomstandiheden te verwerken krijgt .

WER KAG EN DA D U U RZ A M E L E E F O M G EV I N G 2 0 2 3 -2 0 2 6

3

Mijlpalen en monitoring

Participatie

Als de gemeente de ambitie wil waarmaken is het belangrijk om te monitoren welke stappen er gezet worden en voortgang geboekt wordt. In deze collegep­eriode zal het college de werkagenda gebruiken als basis voor een jaarlijkse klimaat­ rapportage aan de hand van de acties en mijlpalen. In deze werkagenda beschrijft het college per speerpunt wat de belangrijkste acties zijn om de voortgang van het speerpunt te monitoren.

Verbetering van de leefomgeving is niet alleen een opgave van de gemeente maar een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor een duurzaam, groen en schoon Den Haag. Het verbeteren van de leefomgeving slaagt niet zonder bewoners, buurt- en bewonersinitiatieven en ondernemers. De gemeente is bovendien niet de enige eigenaar in de openbare ruimte. De gemeente pakt deze opgave daarom gezamenlijk op met alle partners en inwoners. Dat wordt bijvoorbeeld zichtbaar in het gezamenlijk overleg met bewoners over het anders inrichten van de openbare ruimte, in het betrekken van partners en bewoners bij de verbetering van de luchtkwaliteit en in het terugbrengen van geluidsoverlast en de stikstofdepositie. Voor het slagen van deze verbeteringen is betrokkenheid van alle betrokkenen onmisbaar. Participatie is daarom een belangrijk onderdeel in alle speerpunten.

< I N HOU D

Leefomgeving 2 SPEERPUNTEN, DOELEN EN ACTIES 2.1 Klimaatadaptatie Uitgangspunten Den Haag wil in 2050 zodanig robuust zijn dat het de weersextremen op dat moment zonder grote overlast en schade kan opvangen. Om dat te bereiken zijn in de hele stad adaptieve maatregelen nodig. Bepaalde plekken in Den Haag blijken echter extra kwetsbaar, denk bijvoorbeeld aan water- en hitteoverlast in de Stationsbuurt, Transvaal en delen van Scheveningen. Daar wil de gemeente het risico op overlast en schade versneld verlagen. De beschikbare gemeentelijke middelen (tijd en geld) richten zich de komende vier jaar daarom grotendeels op de meest kwetsbare plekken. Daar waar al werkzaamheden in de buitenruimte worden uitgevoerd, worden kostenneutrale klimaatmaatregelen gelijk meegenomen. Bijvoorbeeld met het afwateren op groen en aangepaste straatprofielen. Maatregelen die niet kostenneutraal zijn kunnen alleen toegepast worden als daar dekking voor gevonden wordt. Zo wordt werk-met-werk gemaakt en efficiënt gewerkt aan klimaatbestendigheid. De openbare ruimte biedt onvoldoende mogelijkheden om alle noodzakelijke maatregelen te treffen. Ook in de overige 60% van het stedelijke oppervlak dat in bezit is van bewoners, bedrijven en andere partijen zijn maatregelen nodig. Ruimte wordt, net als voor bijvoorbeeld de opgave energietransitie, gezocht op daken en in particuliere tuinen en plekken.

Bij het ontwikkelen van het hulpaanbod en het maken van beleid worden naast de Wegwijzer Den Haag klimaatbestendig (RIS308745) ook de Haagse dakprincipes uit de Haagse Daken Aanpak aangehouden.

Doelen Het landelijke Delta Programma Ruimtelijke Adaptatie is leidend voor Den Haag. De doelstelling van dit programma is dat steden in 2050 klimaatadaptief zijn ingericht. Om dat in 2050 te bereiken moet bij iedere (her)ontwikkeling meer aandacht besteed worden aan klimaatadaptatie. Den Haag heeft de landelijke doelstelling vertaald naar Haagse ambities in de Wegwijzer Den Haag klimaatbestendig (RIS308745). De ambities, waarvan onderbouwd afgeweken kan worden, richten zich op de volgende doelen: • Bij een klimaatbui (70 mm in 1 uur of 100 mm in 2 uur) staat er niet meer dan 10 cm water tegen de gevels zodat er geen water naar binnen loopt. Ook staat er niet meer dan 15 cm water op straat zodat nood- en hulpdiensten gebruik kunnen blijven maken van de weg. • 40% van de buitenruimte wordt groen, met warmtewerende materialen en/of water ingericht. Bij verblijfsplekken wordt (op de langste dag om 14 uur) een zon/schaduwverhouding van 50%/50% gehanteerd. • Onderdeel van het op te stellen beleidskader Duurzaam Bouwen is het hitte-robuust ontwerpen van gebouwen waardoor met de inrichting en het materiaalgebruik oververhitting voorkomen wordt. • Droogte wordt beperkt door maximale sponswerking in de stad via oplossingen in groen en bodembuffers en door wateraanvoer via het (stedelijke/regionale) oppervlaktewatersysteem.

• Droogte leidt niet tot onomkeerbare schade aan kwetsbare gebouwen, infrastructuur, groen en ecologische waarden. • De waterveiligheid blijft in orde en bij alle ontwikkelingen in de kustzone (Scheveningen, Kijkduin)

WER KAG EN DA D U U RZ A M E L E E F O M G EV I N G 2 0 2 3 -2 0 2 6

wordt rekening gehouden met de maatregelen die volgens het Hoogheemraadschap van Delfland in de toekomst mogelijk kunnen zijn (geen maatregelen en ontwikkelingen die mogelijke oplossingsrichtingen in de toekomst complexer of kostbaarder maken). Naast deze algemene doelen is er ook een aantal specifieke doelen voor de komende vier jaar: • Het actieprogramma klimaatadaptatie en vergroenen versteende wijken richt zich in eerste instantie vooral op groen dat op een prettige wijze een bijdrage levert aan de klimaatadaptatie. Bomen zorgen voor schaduw, ontstenen zorgt voor minder opwarming en het infiltratie vermogen wordt vergroot. Het actieprogramma kent 5 actielijnen. Om op korte termijn resultaat te boeken worden kansen uit de vergroeningsstudies van

4

de verschillende versteende wijken gerealiseerd. In 2024 gaat dit om circa 0,8 ha groen. Langs de S100 worden op 100 locaties vergroeningsacties uitgevoerd. In 2024 wordt dit voorbereid. In 2025 wordt circa 1,5 ha vergroend. Ook worden bestaande projecten in de stad gestimuleerd en uitgevoerd. Er worden minimaal 150 extra bomen per jaar aangeplant. Ook wordt de stad gestimuleerd te vergroenen en te ontstenen. Zo kunnen bewoners gratis een boom krijgen voor in de tuin, bestaat de subsidie voor klimaatadaptieve maatregelen en wordt gewerkt aan operatie steenbreek/NK tegelwippen. In de realisatie hiervan wordt samengewerkt met Duurzaam Den Haag. • Het Puntensysteem Natuurinclusief Bouwen en de Wegwijzer Den Haag Klimaatbestendig worden in 2024 samengevoegd tot één puntensysteem Natuurinclusief en Klimaatadaptief bouwen. Het puntensysteem sluit in de breedte goed aan

< I N HOU D

Leefomgeving

op beide onderwerpen en daarmee worden de eisen en ambities van de gemeente eenduidiger uitgevraagd en eenvoudiger te controleren. • We stellen een beleidskader op voor duurzaam bouwen. Voor circulair, biobased, natuurinclusief en klimaatadaptief bouwen creëren we zo een level playing field voor de bouwsector. • In het verlengde van de aanleg van de Warmtelinq wordt het wijkpark Transvaal klimaatadaptiever gemaakt. • Scholen worden actief geholpen om het school­plein en waar mogelijk de daken

klimaatadaptiever te maken. Inzet is om jaarlijks 5 schoolpleinen te vergroenen maar de realisatie daarvan is erg afhankelijk van de scholen en de mogelijkheden die ze hebben om zelf bij te dragen. • Den Haag doet met 100 Haagse tuinen mee aan het landelijke smart city project ‘Pientere Tuinen’. In deze tuinen wordt de temperatuur en vochtig­ heidsgraad gemeten. De resultaten worden gedeeld met wetenschappelijke instellingen zodat die modellen voor stedelijke klimaateffecten kunnen optimaliseren.

Bij beheer- en onderhoudswerkzaamheden, zoals herinrichtingen, wegonderhoud, rioolvervanging, pleinenaanpak e.d. worden kostenneutrale maatregelen standaard toegepast. Afwateren op groen is daar een mooi voorbeeld van. Waar nodig wordt gekeken naar kansen om extra klimaatadaptieve maatregelen te treffen zoals extra bomen en opslag en hergebruik van regenwater. Dit zijn de werk-metwerkprojecten. Hierbij krijgen de meest kwetsbare plekken de hoogste prioriteit. Bij de verdichtingsprojecten in de Binckhorst, het CID en Zuidwest, maken klimaatadaptieve maatregelen in gebouwen en buitenruimte conform huidige beleid integraal onderdeel uit van de ontwikkelplannen.

ACTIES

De gemeente stelt het actieplan klimaatadaptatie, versteende wijken en groen op. De gemeente werkt intensief samen met het Hoogheemraadschap van Delfland. Via de bestuurlijke Watertafel Delfland is bij het Rijk (Delta Programma Ruimtelijke Adaptatie) subsidie ontvangen voor klimaatadaptieve maatregelen in Den Haag. De gemeente verkent naast de technische ook financiële mogelijkheden om te innoveren op groen, bodem en water. Ook voert de gemeente met het Hoogheem­raad­ schap van Delfland een verkenning uit naar de effecten van de stijgende zeespiegel op Den Haag. Veranderingen in het grondwater en de waterkering bieden zowel kansen als bedreigingen. Op basis daarvan wordt een Haagse voorkeur bepaald voor de manier hoe de gemeente hier als stad (ruimtelijk) mee om wil gaan.

LEGENDA Gemeentegrens

Via integrale duurzaamheidsadvisering in plannen, projecten en producten worden adaptatie maat­regelen vast onderdeel van de stedelijke ont­wikkeling en het Handboek Openbare Ruimte. Alle kostenneutrale maatregelen worden begin 2024 via het handboek openbare ruimte (HOR) verplicht

Kwetsbare straten voor wateroverlast Kwetsbare buurten voor hitte Kwetsbare buurten voor wateroverlast Kwetsbare buurten voor hitte en wateroverlast

Overzicht van de meest kwetsbare buurten en straten voor hitte en wateroverlast.

WER KAG EN DA D U U RZ A M E L E E F O M G EV I N G 2 0 2 3 -2 0 2 6

5

onderdeel van ieder werk in de openbare ruimte. Aansluitend worden ook de andere maatregelen die wel meerkosten in aanleg of beheer kennen aan het HOR toegevoegd zodat die in specifieke situaties toegepast kunnen worden. De samenwerking met corporaties en investeerders­ heeft al mooie projecten opgeleverd zoals het Daklandschap rond de Grote Marktstraat en verschillende binnentuinen. Om deze vorm van samenwerking meer structuur te geven worden met partijen als de woningbouw­corporaties, ­investeerders, het Hoogheemraadschap en onderzoeks­instellingen werktafels opgericht. De gemeente heeft aan deze tafels een aanjagende, faciliterende rol en zit gelijkwaardig aan tafel als het om eigen vastgoed gaat. Aan deze tafels wordt met elkaar, kijkend naar de meest kwetsbare gebieden, gezocht naar kansen voor werk-met-werk. Hier wordt de samenwerking rondom adaptatie concreet vormgegeven. Het doel is om jaarlijks aan circa 5 van dit type gebieds­gerichte samenwerkingen te werken. In 2023 zijn het er drie. In 2024 breidt de gemeente die uit naar vijf. Met woningbouw­ corporaties wordt gezocht naar mogelijkheden om binnentuinen, daken en openbare ruimte rondom hun huur­woningen klimaatadaptiever te maken. De inzet is om jaarlijks bij 10 complexen adaptieve maatregelen te treffen. Ook blijft de gemeente inzetten op aandacht voor mensen met een kleinere portemonnee.

Hiervoor zet de gemeente de subsidieregeling Klimaatadaptieve maatregelen in en doet de gemeente mee aan de actie Steenbreek en het NK Tegelwippen. Samen met de Programma Daken wordt een hulpaanbod voor klimaatadaptieve daken opgesteld.

< I N HOU D

Leefomgeving

2.2 Luchtkwaliteit en Milieu Luchtkwaliteit Uitgangspunten In een gezonde leefomgeving is ook de lucht schoon en gezond. Hoewel Den Haag voldoet aan de Europese grenswaarden voor luchtkwaliteit, betekent dat niet dat de lucht gezond is. Ook beneden de Europese grenswaarden zorgt luchtverontreiniging voor gezondheidsschade. GGD Haaglanden heeft nader onderzoek gedaan naar de situatie in de regio Haaglanden ("Luchtverontreiniging in de regio Haaglanden. Wat is de impact op gezondheid van inwoners?")

In 2021 heeft de WHO nieuwe advieswaarden gepubliceerd voor luchtkwaliteit (WHO, 2021). Deze zijn aanzienlijk strenger dan de waarden uit 2005. In reactie hierop heeft de Europese Commissie in oktober 2022 een voorstel gepubliceerd­om de Europese grenswaarden meer in lijn te brengen met de nieuwste WHOadvieswaarden. Het betreft een aanscherping van de Europese grenswaarden voor de meest lucht­vervuilende stoffen, uiterlijk te behalen in 2030. Als stip op de horizon streeft de Europese Commissie­ernaar om in 2050 in heel Europa aan de WHO-advies­waarden uit 2021 te voldoen.

De gemeente geeft zelf het goede voorbeeld. Zo wordt het dak van het stadhuis, als onderdeel van het daklandschap Grote Marktstraat, van kwalitatief hoogwaardig groen voorzien. Voor het gemeentelijk vastgoed wordt onderzocht wat de mogelijkheden en kansen zijn om daken te vergroenen.

Verbetering van de luchtkwaliteit is door de emissiereductie van stikstofoxiden ook van belang voor het herstel van de biodiversiteit in Natura 2000-gebieden. Zonder natuurherstel dreigt door de stikstofcrisis ook de vergunningverlening voor bouwprojecten te stagneren.

WER KAG EN DA D U U RZ A M E L E E F O M G EV I N G 2 0 2 3 -2 0 2 6

6

Doelen De gemeente wil een continue verbetering van de luchtkwaliteit bewerkstelligen door vermindering van de lokale uitstoot van verontreinigende stoffen. Den Haag heeft daarom Het Schone Luchtakkoord (SLA) ondertekend. Daarmee stelt de gemeente zich tot doel om in 2030 te voldoen aan de advieswaarden (2005) van de WHO voor stikstofoxide en fijn stof (PM10 en PM2.5) en om de gezondheidsschade door luchtvervuiling met 50% terug te dringen. Gevoelige groepen en bestemmingen krijgen daarbij extra aandacht.

ACTIES Er wordt voor de zomer 2024 een nieuw actieplan luchtkwaliteit opgesteld dat zich richt op het bereiken van de nieuwe WHO-grenswaarden zo spoedig mogelijk richting 2050 (voor zover de gemeente daar invloed op heeft, omdat een substantieel deel van de luchtverontreiniging van buiten de gemeente afkomstig is). Maatregelen in het nieuwe actieplan luchtkwaliteit zullen gaan over het verminderen van uitstoot aan de bron (zoals bij verkeer door inzet van schonere voertuigen) en het verminderen van blootstelling voor met name kwetsbare groepen. In 2024 komt GGD Haaglanden met een plan van aanpak over

< I N HOU D

Leefomgeving

regionale samenwerking ter verbetering van luchtkwaliteit.

Omgevingsveiligheid

Omgevingsgeluid

Voor het dagelijks functioneren van de maatschappij zijn veel goederen en stoffen nodig. Ook goederen en stoffen die onder bepaalde omstandigheden of bij onjuist gebruik gevaarlijk voor de omgeving kunnen zijn. Het aspect Omgevingsveiligheid maakt deel uit van een integrale­afweging en heeft onder andere betrekking­op risico’s van windturbines en productie, opslag, gebruik en vervoer van gevaarlijke stoffen. Daarom zijn er op nationaal, provinciaal en lokaal niveau regels en vergunningen die daartoe verplichten. Als er toch een ongeval plaatsvindt, moet de omgeving tegen de gevolgen van een brand, explosie of een gifwolk beschermd zijn. Hier richt Omgevingsveiligheid zich op door een balans te vinden tussen economische activiteiten met gevaarlijke stoffen en de inrichting van de omgeving.

Uitgangspunten Omgevingsgeluid door verkeer is een groot probleem in steden. Periodiek wordt de geluidsbelasting vastgelegd in geluidsbelastingkaarten. De meest recente data geven de geluidsituatie weer in de gemeente Den Haag in 2021. Het gaat om de geluidsbelasting, geluidhinder en slaapverstoring als gevolg van wegverkeer, railverkeer en industrie.

Doelen In een stad met toenemend aantal inwoners en toenemend gemotoriseerd verkeer en bedrijvigheid zal het aantal bewoners die gehinderd worden door geluid ook verder toenemen. In het te actualiseren actieplan zal bepaald worden of er nadere meetbare doelen kunnen worden gesteld.

ACTIES De wegvakken met geluidsreducerend asfalt worden bij wegwerkzaamheden opnieuw geasfalteerd met geluidsreducerend asfalt (bij een maximum snelheid van 50 km/h). De geluidsbelastingkaarten zijn input voor het te actualiseren actieplan geluid 2024 dat voor de zomer gereed zal zijn. De maatregelen in het geactualiseerde actieplan zullen zich bijvoorbeeld richten op het verlagen van de geluid emissie (vergroten aandeel elektrische voertuigen of stillere banden), verkeerskundige maatregelen (verlagen maximumsnelheid) en stille gebieden.

Uitgangspunten

Doelen In 2024 worden de effecten van de Omgevingswet op het thema Omgevingsveiligheid in regionaal verband verder verkend. Voor 2030 moet er een omgevingsplan worden opgesteld waarin omgevings­veiligheid een plaats heeft.

Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet valt het begrip externe veiligheid onder het ruimere begrip omgevingsveiligheid. Het bevoegd gezag zal in de omgevingsvisie, het omgevingsplan en buitenplanse omgevingsvergunningen moeten onderbouwen welke maatregelen getroffen worden in het belang van de omgevingsveiligheid. Met deze verbreding krijgt de gemeente te maken met nieuwe instrumenten en afwegingsruimte.

WER KAG EN DA D U U RZ A M E L E E F O M G EV I N G 2 0 2 3 -2 0 2 6

ACTIES In 2024 zet de gemeente verder in op het vormen van een nieuwe leerkring rondom Omgevings­ veiligheid waarin alle disciplines zijn vertegen­ woordigd om de effecten van de Omgevingswet op het thema Omgevingsveiligheid verder te verkennen. In 2023 is datagedreven werken een belangrijk onderdeel geworden bij Omgevingsveiligheid. In 2024 zet de gemeente verder in op het verder ontwikkelen van datagedreven werken bij Omgevingsveiligheid onder de Omgevingswet.

7

Bodem en ondergrond Uitgangspunten De ondergrond vormt het fundament van de stad, de basis waarop de bovengrond rust. De ondergrondse infrastructuur vormt het zenuwstelsel van de stad en is essentieel voor het functioneren van alle voorzieningen. Ook de traagheid/inflexibiliteit van systemen en processen in de ondergrond onderschrijft de noodzaak en urgentie van een integrale, duurzame en efficiënte inrichting en beheer van de ondergrond. Met de Visie op de ondergrond die in 2024 met de raad wordt gedeeld wordt de aanpak voor de ondergrond verbreed van de focus op het saneren van vervuilde grond naar een bredere benadering van de ondergrond. Uitgangspunt is het duurzaam, efficiënt en veilig beheren en benutten van de Ondergrond. Zorgvuldige ruimtelijke planning en aandacht voor de ondergrond is in de verdichtende stad essentieel. Alle opgaven ontmoeten elkaar in de bovengrondse én ondergrondse ruimte, al is de ondergrond voor velen toch onzichtbaar. Veelal worden

< I N HOU D

Leefomgeving

bovengrondse ambities nu vaak niet getoetst aan de randvoorwaarden vanuit de ondergrond, terwijl de inflexibiliteit van de ondergrond juist vraagt om duurzame lange termijn oplossingen en antici­ perend op toekomstige ontwikkelingen. Doordat de verschillende grootstedelijke opgaven vragen om ruimte in zowel de bovengrond als de ondergrond, is er sprake van ruimteconcurrentie. Een integrale aanpak is daarom cruciaal. Een goede ordening van en regie op de ondergrond is essentieel voor een goede leefomgevingskwaliteit.

aan de slag met het vorm geven van de integrale benadering van de ondergrond. In 2024 is de opgave van het Regieteam:

Doelen Het versterken van de regie op de ondergrond. Het verbinden, het in samenhang brengen van en leveren van input op de verschillende ontwikkelingen­/programma’s, die een relatie hebben met duurzaam gebruik van de ondergrond. Versterken bodembeheer. Het streven is, om de bodem intact te houden door afgraven zoveel mogelijk te voorkomen en beperken. En als er grond vrijkomt is het streven om dit zo veel mogelijk ter plaatse en/of binnen de regio te hergebruiken, zodat de waardevolle organische levende laag zo goed mogelijk behouden blijft. Vitale bodem. Om te komen tot een vitale stadsbodem­is het belangrijk om koolstofopslag in de bodem te verhogen, verdichting tegen te gaan, verharding en verstoring te verminderen, vruchtbaarheid van de bodem te behouden en klimaat­bestendigheid te vergroten. Het vergroten van de kennis en het doen van onderzoek om leemtes in kennis/informatie te vullen.

- Bijdragen aan het Convenant Lerend Samenwerken met Stedin en Dunea voor de duurzame en efficiënte inrichting van de ondergrondse infrastructuur; - Ondergrond in de Omgevingsvisie borgen om een samenhangend beeld te geven van de ondergrondse aspecten in relatie tot de ambities en de duurzame ontwikkeling van Den Haag. Water en bodem worden medesturend voor de ruimtelijke­keuzes in de stad; - Een gezonde bodem heeft effect op de waterkwaliteit, klimaatadaptatie, voedselproductie, waterbuffering, biodiversiteit en klimaatmitigatie. Inhoudelijke vormgeving door onderzoeksresultaten te vertalen naar het Handboek Openbare Ruimte en een aanspreekpunt te realiseren voor initiatieven van buurtbewoners en corporaties; - Ondergrondinformatie toegankelijk en interpretabel maken in het Datalab Ondergrond. - Ontwikkeling (beleids)kaders voor duurzaam gebruik ondergrond: o.a. inpassing warmtekoude-opslag in de openbare ruimte, herijking uitlegschema inrichting Openbare Ruimte en Ondergrond (Haags profiel); - Bijdragen aan projecten in de stad door handvatten te bieden in de ondergrond: inzichten, knelpunten, dilemma’s, oplossingsrichtingen, lange termijnvisie; - Het nadenken over integrale en innovatieve oplossingen, zowel inhoudelijk als qua governance-arrangementen.

2.3 Stikstof Uitgangspunten De al jarenlang veel te hoge depositie van stikstof­ verbindingen is een van de oorzaken dat de natuur in onze drie Haagse Natura 2000-gebieden onder druk is komen te staan, hetgeen zich met name uit in achteruitgang van de biodiversiteit van waardevolle habitats.

Doelen Den Haag wil het mogelijke doen om te komen tot een lagere stikstofdepositie en de natuur robuuster te maken.

ACTIES Op basis van de Visie op de ondergrond starten wij in 2024 met het Regieteam Ondergrond. Met het Regieteam wil de gemeente, in diverse projecten

WER KAG EN DA D U U RZ A M E L E E F O M G EV I N G 2 0 2 3 -2 0 2 6

8

ACTIES Bij de vergunningverlening van nieuwe projecten moet eerst bepaald worden of deze niet leiden tot verdere achteruitgang van de kwetsbare habitats in Natura 2000-gebieden. Door de ontwikkelgebieden Den Haag Zuid-West, CID-Binchorst en Laakhaven alle projecten die in de planning staan door te rekenen op te verwachten stikstofdepositie, kan worden ingeschat of er knelpunten zullen ontstaan. In het verlengde hiervan zal worden ingeschat met welke duurzame bouwmethoden (elektrisch bouwmaterieel, duurzame bouwlogistiek, circulair en biobased bouwen) en gerichte mobiliteits­­­­­­­­­maat­ regelen voor de gebruiksfase deze knelpunten tijdens de bouw- en de gebruiksfase kunnen worden

< I N HOU D

Leefomgeving

2.4 Natuurversterking

weggenomen. Een eerste verkenning zal in de Stikstofbrief van juni 2024 beschikbaar komen.

Uitgangspunten De Stedelijke Groene Hoofdstructuur is van levensbelang voor dieren en mensen. Deze is in Den Haag goed vastgelegd. Conform het Haags Akkoord 20232026 zetten we er op in om deze uit te breiden, duurzaam in stand te houden en waar mogelijk verder te versterken.

Op 30 oktober 2023 heeft de gemeente het convenant­Schoon en Emissieloos Bouwen ondertekend­. De komende jaren gaat de gemeente dit op koploperniveau implementeren, zodat er bij onze eigen opdrachten stapsgewijs steeds meer met zero emissie bouwmaterieel en zero emissie bouw­transport wordt gewerkt.

Doelen De gemeente gaat de walstroomvoorzieningen in de Scheveningse Haven uitbreiden en verbeteren, te beginnen met de aanleg van walstroom in de Derde Haven. De uitkomsten van het onderzoek naar de verbetering van de walstroomvoorzieningen in de Eerste Haven wordt voorgelegd in de Stikstofbrief van juni 2024 met de raad gedeeld. Afhankelijk van de uitkomsten zal een investeringsbesluit worden voorbereid.

Waar mogelijk wil de gemeente gebieden met elkaar verbinden om de structuur te versterken en nieuwe stukken natuur toegevoegd.

ACTIES • "In vijfslagenlandschap (Vlietzone) en Wapendal breiden we de natuur uit." • Toevoegen van natuur op de Zenderparklocatie door sloop van de gebouwtjes en het verwijderen van de parkeerplaatsen. • "Ter versterking van het nartuurgebied Meijendel gaan we in gesprek met de eigenaren van het naastgelegen gebied Uilenbos. Daarnaast gaan we in overleg met (sport)verenigingen over verplaatsing met als doel te komen tot natuuruitbreiding. Dit, onder de randvoorwaarde dat de sportactiviteiten elders inpasbaar zijn." • Beter verbinden van Wapendal met de Bosjes van Pex door de Daal en Bergselaan aan te passen (in lijn met de stikstofbrief). • Meer (kleinschalig) natuurlijk beheer bijvoorbeeld op de recent verworven Landscheidingsdijk en andere ecozones. • Toevoegen ca 1.000 m2 natuur op de HDD-locatie, Delflandlocatie aan de Hoek van Hollandlaan.

Voorbereidingen worden getroffen om met ingang van 1 januari 2026 de Zero Emissiezone voor Stadslogistiek uit te breiden naar de kust, waarmee de depositie op de Haagse Natura 2000-gebieden substantieel wordt verminderd (zie de Werkagenda Duurzame Mobiliteit). Met bovenstaande bronmaatregelen zet de gemeente stappen in de beperking van de NOx-uitstoot binnen de gemeentegrenzen. Landelijke maatregelen zijn nodig om te komen tot een niveau van stikstofdepositie die de natuur in staat stelt om werkelijk te herstellen. In afwachting daarvan werkt de gemeente aan natuurherstelmaatregelen om de natuur robuuster te maken (zie hierna).

WER KAG EN DA D U U RZ A M E L E E F O M G EV I N G 2 0 2 3 -2 0 2 6

9

< I N HOU D

Leefomgeving 3 SAMENVATTING In deze werkagenda leefomgeving beschrijft het college met welke acties samen met de stad gewerkt wordt aan een betere leefomgeving. Dat doet het college langs vier speerpunten: Klimaatadaptatie, Luchtkwaliteit en milieu, Stikstof en Natuurversterking. Per speerpunt beschrijft het college de uitgangspunten, doelen en acties. Als de gemeente de ambitie wil waarmaken is het belangrijk om te monitoren welke stappen er gezet worden en voortgang geboekt wordt. In deze college­periode zal het college de werkagenda gebruiken als basis voor een jaarlijkse klimaat­ rapportage aan de hand van de acties en mijlpalen. Verbetering van de leefomgeving is niet alleen een opgave van de gemeente maar een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor een duurzaam, groen en schoon Den Haag. Het verbeteren van de leefomgeving slaagt niet zonder bewoners, buurt- en bewonersinitiatieven en ondernemers. De gemeente is bovendien niet de enige eigenaar in de openbare ruimte. De gemeente pakt deze opgave daarom gezamenlijk op met alle partners en inwoners.

Klimaatadaptatie Het landelijke Delta Programma Ruimtelijke Adaptatie is leidend voor Den Haag. De doelstelling van dit programma is dat steden in 2050 klimaatadaptief zijn ingericht. Om dat in 2050 te bereiken moet bij iedere (her)ontwikkeling meer aandacht besteed worden aan klimaatadaptatie. Den Haag heeft de landelijke doelstelling vertaald naar Haagse ambities in de Wegwijzer Den Haag klimaat­ bestendig (RIS308745) welke aangeboden wordt aan de Raad. Met concrete acties wordt een bijdrage geleverd aan het realiseren van de doelstelling.

Luchtkwaliteit en milieu De gemeente wil een continue verbetering van de luchtkwaliteit bewerkstelligen door vermindering van de lokale uitstoot van verontreinigende stoffen. Den Haag heeft daarom het Schone Luchtakkoord (SLA) ondertekend. Daarmee stelt de gemeente zich tot doel om in 2030 te voldoen aan de advieswaarden (2005) van de WHO voor stikstofoxide en fijn stof (PM10 en PM2.5) en om de gezondheidsschade door luchtvervuiling met 50% terug te dringen. Gevoelige groepen en bestemmingen krijgen daarbij extra aandacht.

In 2024 worden de effecten van de Omgevingswet op het thema Omgevingsveiligheid in regionaal verband verder verkend. Voor 2030 moet er een omgevingsplan worden opgesteld. In 2024 wordt de regie op de ondergrond verder versterkt door ontwikkelingen en programma's te verbinden, in samenhang te brengen en input te leveren op de verschillende ontwikkelingen/ programma’s, die een relatie hebben met duurzaam gebruik van de ondergrond.

In het te actualiseren actieplan geluid zal bepaald worden of er nadere meetbare doelen kunnen worden gesteld. De geluidsbelastingkaarten zijn input voor het te actualiseren actieplan geluid in 2024. De wegvakken met geluidsreducerend asfalt worden bij wegwerkzaamheden opnieuw geasfalteerd met geluidsreducerend asfalt (bij een maximum snelheid van 50 km/h).

WER KAG EN DA D U U RZ A M E L E E F O M G EV I N G 2 0 2 3 -2 0 2 6

Stikstof

Bouwen te implementeren, de walstroom­­ voorzieningen in de Scheveningse Haven uit te breiden en te verbeteren en voorbereidingen te treffen om met ingang van 1 januari 2026 de Zero Emissiezone voor Stadslogistiek uit te breiden naar de kust.

Natuurversterking De gemeente zet natuurherstelmaatregelen als stikstofmaatregel in om Natura 2000-gebieden in de stedelijke groene hoofdstructuur te versterken, duurzaam in stand te houden en uit te breiden op een zestal locaties.

De gemeente Den Haag wil maatregelen nemen om te komen tot een lagere stikstofdepositie en een robuustere natuur. Onder andere door de uitstoot van NOx tijdens de bouw- en de gebruiksfase te beperken, het convenant Schoon en Emissieloos

10

< I N HOU D

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14406574/1