CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS319097 Haagse verkenning zeespiegelstijging

Commissie Leefomgeving 12 maart 2025, gemeente Den HaagBij agendapunt: Werkbespreking inzake Haagse verkenning zeespiegelstijging4.418 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Typ tekstTyp tekstTyp tekst

Robert Barker

Wethouder van Buitenruimte, Dierenwelzijn en Milieu

040

Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag

Ons kenmerk

Aan de voorzitter van de commissie Leefomgeving

DSO/10726554 RIS319097 Contactpersoon

Marlies Augustijn Dienst

Dienst Stedelijke Ontwikkeling Afdeling

Stedenbouw & Planologie Telefoonnummer

14 070 Datum

E-mailadres

23 juni 2024

marlies.augustijn@denhaag.nl

Onderwerp

Haagse verkenning zeespiegelstijging

Geachte voorzitter, Als wereldstad aan zee biedt Den Haag een fantastische plek om te wonen, werken en recreëren nabij de natuur, de duinen en het strand. Die ligging aan zee brengt echter ook een uitdaging mee als het gaat om de stijgende zeespiegel. We willen onze stad toekomstbestendig inrichten en daarmee de veiligheid en leefomgeving van Haagse bewoners en bezoekers blijven waarborgen. Een Haagse visie op zeespiegelstijging is onmisbaar om effectief te kunnen samenwerken met de relevante overheden en waterveiligheidsmaatregelen aan te laten sluiten op de gewenste ruimtelijke ontwikkelingen in de stad. Afgelopen tijd zijn de risico’s en kansen rond zeespiegelstijging verkend. In deze brief leest u daarvan de resultaten en welk vervolg ik hieraan wil geven. Waarom een visie op zeespiegelstijging? In 2019 is het Rijk gestart met het Kennisprogramma Zeespiegelstijging (KPZSS) om de mogelijke gevolgen van zeespiegelstijging voor Nederland te onderzoeken en lange termijn oplossingsrichtingen te verkennen. De conclusies van het programma zullen een belangrijke rol spelen in de herijking van het Deltaprogramma in 2026. Voorafgaand aan deze herijking willen wij als Den Haag onze visie op zeespiegelstijging bij het Rijk onder de aandacht brengen, zodat het Haagse perspectief wordt meegewogen.

In 2022 heeft het Hoogheemraadschap van Delfland een verkenning van handelingsperspectieven voor de Delflandse kust gepubliceerd.1 Hierin presenteert Delfland een eerste overzicht van haalbare oplossingen om de Delflandse kust en daarmee Den Haag veilig te houden bij toenemende zeespiegelstijging. Bij het verfijnen van deze strategie is de gemeente Den Haag een belangrijke samenwerkingspartner. Naast deze landelijke en regionale ontwikkelingen spelen langs de Haagse kust op korte termijn veel projecten en (her)ontwikkelingen. Denk aan de toekomstvisie Scheveningen Bad als fundament voor een op te stellen integrale gebiedsvisie Scheveningen Bad, de herziening van de strandnota, de herontwikkeling van de pier en de nieuwe havenvisie. 1 Rapportage Delflandse Kust: verkenning van de handelingsperspectieven voor een veilige Delflandse kust. Arcadis, 7 november 2022.

Gemeente Den Haag

Spui 70 Den Haag

Postbus 12600 2500 DJ Den Haag

T 14070 www.denhaag.nl

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10726554

Bij deze opgaven is het essentieel om het thema zeespiegelstijging vast mee te nemen. Zo is de insteek om afwegingen ‘no-regret’ te maken en wordt voorkomen dat nu keuzes gemaakt worden die mogelijk noodzakelijke waterveiligheidsmaatregelen op de lange termijn onmogelijk maken. Wat is zeespiegelstijging? Zeespiegelstijging wordt veroorzaakt door de opwarming van de aarde. Hierdoor warmen ook de oceanen op en zet het zeewater uit. Daarnaast speelt het smelten van gletsjers in hooggebergten en het smelten en versneld afkalven van de ijskappen in Groenland en Antarctica een rol. Langs de Nederlandse kust is de zeespiegel in de twintigste eeuw met ongeveer 25 centimeter gestegen. Naar verwachting zal het tempo van de zeespiegelstijging toenemen. Hoeveel die precies gaat stijgen, hangt sterk af van de wereldwijde temperatuurstijging en het afsmelten van de ijsmassa op Antarctica. De scenario's van het KNMI gaan uit van een stijging tot 38 centimeter in 2050 en tot 1,24 meter in 2100 (ten opzichte van referentiejaar 1995) (zie figuur 1).2 In 2150 is de zeespiegel zelfs in het lage uitstootscenario waarschijnlijk al meer dan een meter gestegen. Vanuit het KPZSS wordt geadviseerd om bij locatiekeuze en ontwerp nu al rekening te houden met de bovengrenzen van de klimaatscenario's.

Dit houdt in +0,4 meter zeespiegelstijging in 2050, +1,2 meter stijging in 2100 en +2,0 meter stijging in 2150.3 Hierbij wordt benadrukt dat de zeespiegelstijging hoger kan uitvallen (‘kleine kans, grote impact’). Als de Antarctische ijskap versneld instabiel wordt, kan in 2100 de zeespiegel met 2,5 meter gestegen zijn.

Figuur 1. Scenario’s tot 2300 van het zeeniveau bij Nederland t.o.v. het huidige niveau (mediaan en 90%-band), inclusief drie schattingen van de hoogst mogelijke zeespiegelstijging (stippellijnen in lichtroze band). Bron: KNMI’23 klimaatscenario’s, KNMI, 2023.

2 KNMI’23 klimaatscenario's voor Nederland. KNMI, 2023. 3 Tussenbalans van het Kennisprogramma Zeespiegelstijging. Ministerie van I&W, Staf Deltacommissaris, Rijkswaterstaat, 2023.

2/11

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10726554

Het exacte tijdspad van zeespiegelstijging is lastig te voorspellen; zeker is wel dat de zeespiegel gaat stijgen. Iedere graad opwarming vertaalt zich namelijk na honderden jaren in ongeveer 2,3 meter stijging als gevolg van het uitzetten van zeewater.4 Deze ‘zeespiegelerfenis’ zorgt er dus voor dat de zeespiegel hoe dan ook significant gaat stijgen. Ook als we de opwarming van de aarde onder de 2°C houden (Parijsakkoord 2015). Welke overheid is waarvoor verantwoordelijk? Externe stakeholders In het Deltaprogramma staat hoe de Rijksoverheid Nederland beschermt tegen overstromingen, zorgt voor voldoende zoetwater en werkt aan een klimaatbestendige en waterrobuuste inrichting van ons land. Het Deltaprogramma wordt opgesteld in samenwerking met provincies, gemeenten, waterschappen, Rijkswaterstaat en verschillende maatschappelijke organisaties, onder leiding van de Deltacommissaris. Ieder jaar wordt een update van het programma uitgebracht en iedere zes jaar vindt een grote herijking plaats. Bij de eerstvolgende grote herijking in 2026 worden de conclusies uit het KPZSS meegenomen. Het Hoogheemraadschap van Delfland houdt zich onder andere bezig met het beheer van waterkeringen (bijvoorbeeld duinen, dijken en sluizen) en het regionale waterbeheer (niet te veel en niet te weinig water).

Het Hoogheemraadschap is hiermee verantwoordelijk voor de bescherming van de binnendijkse gebieden, ofwel de gebieden achter de primaire waterkering, maar niet voor de buitendijkse gebieden. Eens in de twaalf jaar toetst het Hoogheemraadschap of de waterkering nog voldoende veilig is. Dit gebeurt met een door het Rijk vastgesteld Wettelijk Beoordelingsinstrumentarium (WBI) en bijbehorende procedure. Als een kering niet meer aan de veiligheidsnormen voldoet, wordt deze opgenomen in het Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP), een samenwerking tussen alle Nederlandse waterschappen en Rijkswaterstaat. Rijkswaterstaat is aan de Haagse kust verantwoordelijk voor het onderhoud van de basiskustlijn door middel van zandsuppleties (het opspuiten van zand langs de kust). De Provincie Zuid-Holland focust in relatie tot waterveiligheid op het verbinden van gebiedsopgaven met de opgaven uit het Deltaprogramma. Dit gaat bijvoorbeeld om de verbinding tussen landbouw, natuur en zoetwatervoorziening of de verbinding van de dijkversterking met het verbeteren van de omgevingskwaliteit.

Recent heeft de provincie de Klimaatonderlegger Zuid-Holland gepubliceerd, een set kaarten die inzicht verschaft in de uitdagingen die water, bodem en klimaat meegeven voor bebouwing, landbouw en natuur.5 Hierin wordt onder andere het water en bodem sturend principe als uitgangspunt bij de ontwikkeling van Zuid-Holland genoemd en wordt het belang van een klimaatrobuust watersysteem benadrukt. Drinkwaterbedrijf Dunea heeft formeel geen rol in waterveiligheid, maar verzilting van het grondwater in de duinen heeft invloed op de drinkwaterwinning. Dunea is vanuit het drinkwaterbelang daarom in Den Haag een relevante samenwerkingspartner.

4 The multimillennial sea-level commitment of global warming. Environmental Sciences, 2013. 5

Klimaatonderlegger Zuid-Holland: waarbij water en bodem sturend zijn, Defacto Stedenbouw, 2023.

3/11

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10726554

Gemeente Den Haag De gemeente heeft een zorgplicht voor hemelwater, afvalwater en grondwater. Daarmee is de gemeente verantwoordelijk voor het stedelijk waterbeheer door ontvangst en transport van hemel- en afvalwater, bijvoorbeeld via het rioleringsstelsel. Daarnaast staat de gemeente aan de lat voor de borging van klimaatadaptatie in gemeentelijk beleid en de uitvoering van de benodigde maatregelen. Als er tot slot structureel grondwateroverlast ontstaat door te hoge grondwaterstanden (afstand van maaiveld tot grondwater bedraagt minder dat 70 centimeter), neemt de gemeente maatregelen als die in de specifieke situatie doelmatig zullen zijn. Hiernaast is de gemeente beheerder van onze Haagse duinen; voornamelijk van het Westduinpark en Wapendal. Als beheerder van deze gebieden moeten we nauw samenwerken met het Hoogheemraadschap van Delfland, omdat zij de beheerder zijn van de primaire waterkering in deze gebieden. De gemeente is tot slot verantwoordelijk voor de veiligheid in de openbare ruimte, dit geldt ook voor gebieden die buitendijks liggen en kwetsbaar zijn door hoogwater. Denk hierbij aan het beoordelen van de veiligheidssituatie, het communiceren hierover en het afwegen van nut en noodzaak van aanvullende beschermende maatregelen.

In buitendijks gebied is het nadrukkelijk een verantwoordelijkheid van de bewoners zelf om gevolgenbeperkende maatregelen te treffen en het risico voor waterschade zelf te dragen. In algemene zin richt de gemeente zich op de ruimtelijke inrichting en het gebruik ervan. Dit raakt steeds vaker aan waterveiligheidsoplossingen. Samenwerking Hoewel de gemeente dus niet primair verantwoordelijk is voor de kustbescherming, hebben waterveiligheidsmaatregelen wel impact op de ruimtelijke inrichting en het (toekomstige) gebruik van de stad. Om deze reden wordt nu al structureel samengewerkt met verschillende stakeholders. Zeespiegelstijging benadrukt het voortdurende en toenemende belang van samenwerking met partners in de watersector. Deze samenwerking is belangrijk om een veilige én aantrekkelijke kust te behouden. Er ligt een kans in het benutten van oplossingen voor waterveiligheid voor het versterken van de ruimtelijke kwaliteit van de stad, waarbij gedacht kan worden aan natuurversterking die de stad ook robuuster maakt tegen mogelijke overstromingen. Wat is de impact van zeespiegelstijging op Den Haag? Waterveiligheid Het grootste risico dat zeespiegelstijging met zich meebrengt, ligt op het gebied van waterveiligheid. Om de waterveiligheid van Den Haag en het achterland te vergroten, zijn in de afgelopen jaren al verschillende maatregelen genomen.

De Morales boulevard (2013) is daar een goed voorbeeld van. Bij Kijkduin is in het kader van de versterking van de Delflandse kust het duin verbreed. Verder is in 2011 ten zuiden van Kijkduin de Zandmotor aangelegd. In dezelfde periode heeft natuurherstel in het Westduinpark plaatsgevonden, waardoor de dynamiek in de duinen is teruggekeerd en het zand van de Zandmotor ook in de duinen terecht kan komen. Recente onderzoeken vanuit het Rijk en het Hoogheemraadschap van Delfland maken echter duidelijk dat door de toenemende zeespiegelstijging nieuwe knelpunten langs de Haagse kust zullen ontstaan. De belangrijkste aandachtspunten zijn de buitendijkse gebieden (Scheveningen Haven, maar ook delen van Scheveningen Bad) en op iets langere termijn de houdbaarheid van de primaire harde kering bij de haven en dijk-in-boulevard (Morales boulevard).

4/11

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10726554

Primaire waterkering en toetsing Den Haag wordt beschermd tegen overstromingen door de zogenaamde primaire waterkering (zie blauwe lijn in figuur 2). Deze verdediging moet zodanig zijn dat de kans op een overstroming minder is dan eens in de 10.000 jaar. De waterkering binnen de gemeentegrenzen van Den Haag is in 2020 beoordeeld en voldoet voor deze keuringsronde aan de veiligheidsnorm. De kering wordt eens in de twaalf jaar beoordeeld.

Figuur 2. Ligging van de primaire kering langs de Haagse kust in blauw. Haagse kust en toekomstige knelpunten Den Haag heeft 11 kilometer kust, waarvan 8 kilometer zandige kust en 3 kilometer bebouwde kust. Langs de zandige kust bestaat de kustbescherming uit duinen. Deze kunnen met behulp van zandsuppleties en dynamisch kustbeheer (zorgen dat zand voldoende ruimte heeft om zich in de duinen te verspreiden) nog tot zeker 3 meter zeespiegelstijging meegroeien. De zandige kust is dus het meest toekomstbestendig.6 Als we uitgaan van de bovengrens van de KNMI’23 klimaatscenario's (de hoge uitstootscenario's) betekent dit dat de zandige kust in ieder geval tot circa 2200 veiligheid kan bieden. Wel is het belangrijk op te merken dat het verbinden van meters zeespiegelstijging aan jaartallen met veel onzekerheid gepaard gaat. De bebouwde kust is kwetsbaarder. Hier bestaat de kustbescherming uit een harde kering. Die kan niet meegroeien met de stijgende zeespiegel. Er is wel sprake van zandsuppleties maar die zijn bedoeld om afkalvingen van het strand te herstellen en de kustlijn op zijn plek te houden. Deze suppleties zorgen er niet voor dat de hoogte van de kering kan meegroeien zoals bij de zandige kust. Uit gesprekken met het Hoogheemraadschap van Delfland blijkt dat de harde kering langs de kust van Scheveningen de zwakste schakel vormt in de Haagse kustverdediging.

Bij een beperkte zeespiegelstijging komen hier knelpunten naar voren, namelijk op delen van de kering achter de haven en bij de dijk-in-boulevard. Het is niet onwaarschijnlijk dat bij een van de eerstvolgende toetsingsrondes de kering niet meer aan de veiligheidsnorm voldoet. In vergelijking met de duinenkust moeten we hier dus veel eerder aan de slag om te zorgen dat deze delen van de primaire kering ook op de lange termijn veilig blijven.

6 Tussenbalans van het Kennisprogramma Zeespiegelstijging, 2023.

5/11

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10726554

Sch eveningen heeft het dunste strookje strand van Nederland. Hier botst het strand al snel tegen de boulevard, een weg en huizen aan. Voor het op termijn verhogen en verbreden van de kering is ruimtelijk eigenlijk geen plaats. Deze zogenaamde ‘kustbeknelling’7 is – zonder extreme ruimtelijke ingrepen – alleen zeewaarts met een breed strand- en duingebied te verhelpen. Behalve de ‘beknelde kust’ is er nog een probleem dat ook zonder zeespiegelstijging al zichtbaar is. Een deel van de bebouwde kust ligt buitendijks en wordt niet door de waterkering beschermd. Dit betreft Scheveningen Haven, het Havenkwartier, Norfolk en delen van Scheveningen Bad. Hier staan objecten als de visafslag, de pier en het Kurhaus, en vele woningen, bedrijfsruimten en voorzieningen. In het buitendijks gebied is het risico op overstroming groter. Bij zeewaterstanden vanaf NAP +2 meter loopt achter in de Tweede Haven water op de kade en treedt lokaal wateroverlast op. Deze waterstanden worden nu al enkele keren per jaar bereikt door stormen als Corrie (2022) en Pia (2023), waarbij het water opgestuwd wordt. Tijdens storm Pia is op het hoogste punt een waterstand van boven NAP +3 meter gemeten. Waterstanden van NAP +1 meter worden door het reguliere getij bijna dagelijks bereikt. Als hier nog eens 1 meter zeespiegelstijging bovenop komt, zou er iedere dag wateroverlast op de kades zijn.

De verwachting is dus dat door een combinatie van zeespiegelstijging en stormopzet op termijn de wateroverlast in de haven frequenter gaat voorkomen. Grondwater De stijging van de zeespiegel heeft ook effect op de grondwaterstand en verzilting van grond- en oppervlaktewater. Grondwaterstand De afgelopen dertig jaar zijn de pieken in de grondwaterstand in Den Haag gestegen. Met name in gebieden op relatief grote afstand van nabijgelegen watergangen, zoals de duinen, grote delen van Scheveningen en wijken als Transvaal, Schilderswijk en Bezuidenhout bedraagt deze stijging soms wel meer dan 15 centimeter. Voor de komende dertig jaar wordt een verdere stijging voorzien. Dit komt door een combinatie van factoren met als belangrijkste een toename van de jaarlijkse hoeveelheid neerslag (geconcentreerd in de wintermaanden), veranderingen in grondwateronttrekkingen en op termijn ook de stijgende zeespiegel. In het grondwaterbeleid van de gemeente Den Haag is vastgelegd dat sprake is van structureel te hoge grondwaterstanden als de ontwateringsdiepte, ofwel de afstand van het maaiveld tot het grondwater, langdurig minder dan 70 centimeter bedraagt. De verwachting is dat bij 1 meter zeespiegelstijging het aantal gebieden met structureel te hoge grondwaterstanden toeneemt, met name in delen van de binnenstad achter de duinrand waar weinig oppervlaktewater is.

Dit komt doordat de stijgende zeespiegel de druk op het grondwater doet toenemen waardoor de grondwaterspiegel stijgt. Naar verwachting is dit in eerste instantie op te vangen met het aanleggen van extra drainage, ondergronds of in de vorm van meer watergangen. Verzilting Verzilting betekent dat er meer zout water in de bodem, het grondwater en het oppervlaktewater terecht komt. Ondiep grondwater gevoed door regen is zoet. Diep grondwater gevoed door zeewater is zout. Door meer druk vanuit de zee komt dat zoute water dichter naar de oppervlakte. Ook maatregelen om grondwaterstijging langs de kust op te vangen, kunnen ertoe leiden dat meer zout water onder de duinen door zal stromen naar het dieper gelegen achterland.

7 De kust raakt in de knel, door gebouwen en wegen: ‘We staan hier met de rug tegen de muur’, De Volkskrant, 23 januari 2024.

6/11

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10726554

Het zal naar verwachting nog vele tientallen tot zelfs enkele honderden jaren duren voordat zout water in Den Haag doordringt tot het maaiveld. Tegen die tijd zou dat gevolgen kunnen hebben voor de natuur, maar voor keuzes in het heden is dit nog niet urgent. Impact op kwaliteiten en functies van Den Haag De zeespiegelstijging heeft indirect effect op natuur, infrastructuur, cultuur, economie en woonkwaliteit en raakt hierdoor de specifieke kwaliteiten en functies van onze stad. Als we geen maatregelen treffen, zal de leefbaarheid van Den Haag afnemen. Waardevolle monumenten en onze vele beschermde stadsgezichten worden dan kwetsbaarder. In Scheveningen is het fijn wonen aan de kust en er wordt hier dan ook veel gebouwd – denk aan de woningen in het buitendijkse Norfolk – echter neemt het schadegevaar door zeespiegelstijging toe. De bezoekerseconomie langs de Haagse kust, met horeca, recreatie, winkelgelegenheden en evenementen, kan bij onvoldoende bescherming of adaptatie in het geding komen. Het is dus essentieel om nu keuzes te maken op het gebied van waterveiligheid om zo onze Haagse identiteit te waarborgen en versterken.

Wat zijn mogelijke oplossingsrichtingen? Nationale denkrichtingen Het Kennisprogramma Zeespiegelstijging (KPZSS) heeft drie denkrichtingen voor de lange termijn laten verkennen: beschermen, meebewegen en zeewaarts.8 Er wordt nu nog geen keuze gemaakt uit deze opties. Als vervolgstap zullen adaptatiepaden opgesteld worden met mogelijke routes om geleidelijk toe te groeien naar de verschillende denkrichtingen. Beschermen is een continuering en optimalisatie van het huidige waterbeheer met voornamelijk waterbouwkundige middelen, zoals dijkversterkingen, zandsuppleties, sluizen en gemalen. Daarbij zijn zowel afsluitbare als altijd gesloten riviermondingen denkbaar. Meebewegen betekent dat het landgebruik en de samenleving zoveel mogelijk aangepast worden aan de gevolgen van zeespiegelstijging. Te denken valt aan maatregelen als verhoogd of drijvend wonen, zouttolerante landbouw en verschuiving van investeringen naar hoog-Nederland. Expliciet wordt benoemd dat volledig inzetten op meebewegen in de Randstad voorlopig niet haalbaar is en het economisch hart van Nederland zo lang mogelijk beschermd moet worden tegen overstromingen. Zeewaarts tot slot, omvat een plan voor een groot bergingsmeer voor de kust van Zuidwest-Nederland (vanaf de kop van Walcheren tot de kop van de Maasvlakte).

Ten zuiden en ten noorden van het kustmeer kan de bescherming in stand worden gehouden met zandsuppleties en maatwerkoplossingen bij kustplaatsen. Haagse oplossingsrichtingen De ruimtelijke keuzes die Den Haag nu en de komende jaren moet maken, vragen om een tijdig perspectief op de nationale verkenning. De vraag is wat we specifiek aan de Haagse kust kunnen doen om de grootste lokale risico's tijdig te verminderen. Binnen de kaders van gedane landelijke en regionale studies zijn daarom twee denkrichtingen voor de (middel)lange termijn geformuleerd die de belangen van Den Haag het best behartigen.

8 Ruimte voor Zeespiegelstijging. Ministerie van I&W, Staf Deltacommissaris, 2024.

7/11

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10726554

Den Haag stad aan zee Binnen deze denkrichting zetten we in op het behouden van de huidige kustlijn. Waar knelpunten optreden zorgen we met extra maatregelen op het gebied van preventie en adaptatie voor de waterveiligheid. Preventief worden dan zwakkere plekken in de primaire kering versterkt middels kleinschalige ingrepen zoals coupures, keerwanden en waterkerende bebouwing. De primaire waterkering achter de haven zal naar verwachting naar voren gelegd moeten worden om de waterveiligheid te kunnen borgen. Een groot deel van de buitendijkse gebieden wordt dan binnendijks gehaald. Om de gevolgen van overstromingen te beperken worden adaptieve maatregelen getroffen. Gedacht kan worden aan het toekomstbestendiger inrichten van buitendijks gebied door lokale ophogingen van kades en infrastructuur, trapsgewijze kades, het aanwijzen van overstromingszones en goed gecommuniceerde evacuatieprotocollen. Deze oplossingsrichting vraagt ook om beleidskeuzen. Een groot deel van de bebouwing rond de kering is in privé- of corporatiebezit, wat het lastig maakt op deze locatie de kering te versterken. Daarom kan gedacht worden aan het reserveren van ruimte voor waterveiligheidsmaatregelen in aanvulling op de ruimte die het Hoogheemraadschap van Delfland reeds gereserveerd heeft bij de havenmond, of het uitfaseren van bebouwing.

Ook kunnen (extra) eisen gesteld worden met betrekking tot waterbestendige, aanpasbare, verplaatsbare en tijdelijke bebouwing.

Figuur 3. Referentiebeelden denkrichting ’Den Haag stad aan zee‘. Trapsgewijze kades in Hafencity Hamburg, waterkerende bebouwing (bron: Rapportage Delflandse Kust, Arcadis, 2022), optie voor harde kering voor de haven langs (bron: Ontwerpend onderzoek zeewering Scheveningen Haven, Defacto, 2018). Den Haag stad achter de duinen Binnen deze oplossingsrichting zetten we in op een zandige duinenkust langs de gehele Haagse kust. Deze nieuwe duinenrij voor de Scheveningse kust kan in tientallen jaren gefaseerd opgebouwd worden en mogelijk uiteindelijk het Westduinpark en het Oostduinpark verbinden. De gefaseerde opbouw zorgt er bovendien voor dat bewoners, ondernemers en investeerders langzaam aan het nieuwe kustbeeld kunnen wennen. De duinenrij kan voor de boulevard en haven langs komen te liggen.

8/11

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10726554

Het strand verschuift zeewaarts. Zo wordt een zachte kering opgebouwd die met zandsuppleties en het stimuleren van natuurlijke duindynamiek het meest toekomstbestendig is. Net als bij de andere oplossingsrichting zal ook in deze situatie een oplossing gevonden moeten worden voor de functionaliteit van de haven.

Figuur 4. Referentiebeelden denkrichting ’Den Haag stad achter de duinen‘. Duinen voor de Scheveningse boulevard (bron: ZUS, in opdracht van Kennisprogramma Zeespiegelstijging, 2024), duinopbouw door zandsuppleties en stimuleren duindynamiek (bron: Rapportage Delflandse Kust, Arcadis, 2022), duinen langs de kust bij Noordwijk. Welke kansen brengen maatregelen tegen zeespiegelstijging mee? De stijgende zeespiegel brengt, zoals beschreven, risico’s met zich mee. Het kiezen van een oplossingsrichting en uitvoeren van de bijhorende maatregelen biedt echter ook kansen. Een heldere keuze voor een oplossingsrichting biedt duidelijkheid aan bewoners, ondernemers en investeerders. Nu al kijken banken, verzekeraars en investeerders kritisch naar ontwikkelingen die gevoelig zijn voor het veranderende klimaat. Zeespiegelstijging valt daar onder. Als Den Haag duidelijk maakt hoe die risico’s in de toekomst beperkt worden, zorgt dat voor vertrouwen en komt dat ten goede aan de ontwikkelingen in Scheveningen. Uiteindelijk lijkt het in beide oplossingsrichtingen nodig om de kering, die nu nog achter de haven loopt, zeewaarts te verleggen omdat deze op de huidige locatie maar beperkt verhoogd en verbreed kan worden.

Als de kering op de huidige locatie blijft liggen, zullen er op den duur ingrijpende ruimtelijke ingrepen genomen moeten worden om deze nog aan de veiligheidsnorm te laten voldoen (denk in het uiterste geval aan het slopen van gebouwen). Een zeewaartse verplaatsing houdt onze stad achter de kering langer veilig. Dit zou er bovendien voor zorgen dat het buitendijkse havengebied veilig binnendijks wordt gebracht. Op die manier kunnen ook de gebouwen met cultuurhistorische waarde definitief beschermd worden. Als we nu een dergelijke keuze maken, kan dat betrokken worden bij nieuwe ontwikkelingen in en rond de haven en in het algemeen een kans bieden bij de ontwikkeling van het havengebied.

9/11

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10726554

Specifiek voor de denkrichting ‘Den Haag stad achter de duinen’ geldt dat de robuuste zachte kering de meest toekomstbestendige oplossing is. Er hoeven niet voortdurend nieuwe ingrepen, ophogingen en aanpassingen gedaan te worden. Het is één ingreep die langzaam meegroeit en veilig blijft. Daarnaast worden de Natura2000 gebieden uitgebreid en kunnen deze mogelijk op den duur met elkaar verbonden worden. De verbreding van het duingebied zorgt ook voor meer ruimte voor de zoetwaterbel die belangrijk is voor de drinkwaterwinning. Recreatieve fiets- en wandelroutes langs de kust kunnen uitgebreid worden en de ontwikkeling biedt mogelijk kansen voor (ondergrondse) OVverbindingen langs de kust. Hoe nu verder? We weten welke risico’s, oplossingsrichtingen en kansen de stijgende zeespiegel voor Den Haag met zich meebrengt. De volgende stap is om aan de hand van die kennis een keuze te maken voor de meest gewenste oplossingsrichting en een strategie op te stellen hoe we tot die oplossing komen. Die strategie legt de basis voor acties en werkzaamheden op korte, lange en zeer lange termijn.

Uitganspunten Voor het kiezen van een oplossingsrichting en bijpassende strategie hanteren we de volgende uitgangspunten: o We willen Den Haag op de huidige plek behouden: We geven geen binnendijks gebied op aan zee en onderzoeken bovendien hoe het huidige buitendijks gebied optimaal beschermd kan worden. o We hanteren de bovengrens van de KNMI-voorspellingen: In 2050 +0,4 meter zeespiegelstijging, in 2100 +1,2 meter en in 2150 +2,0 meter. o We zadelen toekomstige generaties niet op met onze ‘korte-termijn-belang keuzes’: Onze keuzes zijn toekomstbestendig of ten minste ‘no-regret’ zodat desinvesteringen voorkomen worden. o We nemen de tijd voor het realiseren van de gekozen oplossingsrichting: Hoewel we nu wel een richting moeten kiezen, kunnen de benodigde maatregelen gefaseerd uitgevoerd worden. Dit biedt ruimte om de benodigde financiën te regelen en gelegenheid voor mensen om te wennen aan de veranderingen. Ontwerpend onderzoek Om een keuze te kunnen maken wordt dit jaar aan de hand van ontwerpend onderzoek in beeld gebracht wat beide oplossingsrichtingen betekenen voor Den Haag. Hierbij wordt een impactanalyse opgesteld met de kansen en knelpunten die de oplossingsrichtingen voor Haagse kwaliteiten en functies (natuur, infrastructuur, cultuur, economie en woonkwaliteit) betekenen.

Daarnaast wordt een kosten- batenanalyse gemaakt op basis van een breed welvaartsperspectief. In de loop van het ontwerpend onderzoek zullen belanghebbende bewoners en ondernemers geïnformeerd worden over waterveiligheid, zeespiegelstijging en mogelijke toekomstscenario's. Ook zullen zij in dit stadium gevraagd worden mee te denken aan de oplossingsrichtingen middels open ontwerpateliers. In samenwerking met het Hoogheemraadschap van Delfland worden eventuele vraagstukken die bij dit onderzoek naar boven komen nader onderzocht en voorzien van een antwoord. Dit resulteert eind 2024 voor de denkrichtingen in een ruimtelijke uitwerking en impressiebeelden en in duidelijkheid over de maatschappelijke kosten, baten en impact.

10/11

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10726554

De resultaten van het ontwerpend onderzoek vormen de input voor een bredere consultatieronde in de stad begin 2025. Het college betrekt de resultaten uit die consultatie bij de keuze voor een adaptatiestrategie die toewerkt naar van een van de oplossingsrichtingen, een combinatie van de twee of een variant hierop. De visie en strategie die hieruit volgen worden in 2025 aan uw raad voorgelegd. Op basis van uw besluit kunnen we de Haagse voorkeur agenderen bij het Hoogheemraadschap van Delfland en het Rijk. Tot slot Zoals uit deze brief blijkt, is het voor de stad een complexe opgave om verstandige keuzes te maken in de wijze waarop we omgaan met zeespiegelstijging. De verwevenheid van belangen is groot en ingrepen leiden soms tot dilemma's die onmogelijk allemaal in een informerende brief kunnen worden aangestipt. Het college wil uw raad graag actief betrekken bij het kiezen van een oplossing en het bepalen van een strategie voor de toekomst. Daarom bied ik aan om een werkbespreking met de commissie Leefomgeving te organiseren met experts op diverse terreinen, zoals waterveiligheid en klimaatverandering. Met vriendelijke groet, de wethouder van Buitenruimte, Dierenwelzijn en Milieu Robert Barker

11/11

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14407813/1