RIS318983 Beantwoording SV Met schrappen paardenkoets, spant koninklijk Den Haag het economische
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE
9 juli 2024
VRAGEN
Onderwerp
Ons kenmerk
Antwoord van het college op de vragen van raadsleden de heren Sluijs en Bom, luidend: ‘Met schrappen paardenkoets, spant Koninklijk Den Haag het economische paard achter de wagen’
DSO/10771839 RIS318983
De raadsleden de heren Sluijs en Bom hebben op 25 mei 2024 een brief met daarin 11 vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. Besluitvorming 1.
Kan het college aangeven wat de specifieke overwegingen en criteria waren die ten grondslaglagen aan het besluit om de paardenkoetsen niet meer in te zetten?
In de Nota Dierenwelzijn Den Haag (RIS307253) staat opgenomen dat de gemeente veel waarde hecht aan dierenwelzijn en zich op verschillende manieren inzet om dierenwelzijn te bevorderen. Ook staat in de Nota Dierenwelzijn vastgelegd dat de gemeente zelf het goede voorbeeld geeft door geen dieren deel uit te laten maken van eigen evenementen. Gezien deze voorbeeldrol heeft het college besloten om geen opdracht meer te geven voor de inzet van paardenkoetsen in de stad. 2.
Hoe verhoudt dit besluit zich tot de Economische Visie van Den Haag en de strategie Toerisme, waarin gestreefd wordt naar jaarrond bezoek en verhoging van bestedingen in de stad?
Een sfeervolle stad met aantrekkelijke programmering draagt bij aan de gestelde doelen in de Economische visie van Den Haag (RIS303550) en de strategie Toerisme (RIS302975). De paardenkoetsen waren onderdeel van het Koninklijk programma (september) en het Have A Royal Winterprogramma en leverde een bijdrage aan het versterken van de koninklijke uitstraling van de stad. Dit kan echter ook met alternatieve activiteiten worden bewerkstelligd waarbij geen dieren worden ingezet. Dierenwelzijn 3.
Kan het college toelichten waarom het besluit is genomen ondanks het feit dat de stalhouderij altijd goed toezag op de rij- en rusttijden en het welzijn van de paarden?
Ondanks dat de stalhouderij goed toeziet op de rij- en rusttijden en het welzijn van de paarden kiest het college ervoor om geen opdracht meer te geven voor de inzet van paardenkoetsen in de stad. Deze activiteit is namelijk niet in lijn met de uitgangspunten van de Nota Dierenwelzijn (RIS307253) die door de gemeenteraad is vastgesteld (zie antwoord vraag 1).
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10771839
4.
Kan het college aangeven welke concrete incidenten of klachten over dierenwelzijn hebben geleid tot dit besluit? Naar aanleiding van de vragen die in de commissie Bestuur van 13 december jl. zijn gesteld over de inzet van paardenkoetsen in de stad, is deze activiteit opnieuw tegen het licht gehouden. Met dit besluit geeft het college uitvoering aan de Nota Dierenwelzijn (RIS307253). Economische Impact 5.
Heeft de gemeente een economische impactanalyse uitgevoerd betreffende het schrappen van de paardenkoetsen als winterse attractie? Zo ja, wat waren de uitkomsten van deze analyse?
Nee, er is geen economische impactanalyse uitgevoerd. Het gaat om een relatief kleine activiteit binnen het winterprogramma, waar een bedrag van circa € 9.000,- aan besteed werd voor de inzet van koetsen gedurende 8 dagen. Dit budget zal nu besteed worden aan andere activiteiten waarmee ook bezoekers naar de stad worden getrokken. Het staat de koetsier vrij om de koetsenritten zelfstandig voort te zetten. Er is geen sprake van een verbod. 6.
Hoe denkt het college het verlies aan economische kansen en banen, veroorzaakt door dit besluit, te compenseren?
Het college verwacht niet dat dit besluit direct invloed heeft op de economische kansen en het aantal banen in Den Haag. Het gaat om een relatief kleine activiteit. De combinatie van de verschillende activiteiten tijdens het Koninklijk programma en het winterprogramma maakt dat bezoekers naar de stad komen, langer verblijven en meer gebieden bezoeken. Hiermee stimuleren we jaarrond bezoek en verhogen we de bestedingen in de stad, wat leidt tot meer structurele banen en minder seizoensarbeid. Nu de koetsen niet langer worden ingezet, kan dit budget besteed worden aan een andere activiteit binnen het programma. Koninklijke Identiteit 7.
Hoe verhoudt dit besluit zich tot de rijke koninklijke identiteit van Den Haag, waar het gebruik van paarden een wezenlijk onderdeel is van tradities zoals Prinsjesdag en het aanbieden van geloofsbrieven van nieuwe ambassadeurs aan de koning?
In de Nota Dierenwelzijn (RIS307253) staat opgenomen dat de gemeente geen dieren inzet bij eigen evenementen. Evenementen als Prinsjesdag en de geloofsbrievenceremonie zijn geen evenementen waarvan de gemeente Den Haag opdrachtgever is. 8.
Is er binnen het college overwogen hoe dit besluit de historische en ceremoniële waarde van deze tradities beïnvloedt?
Het college verwacht niet dat dit invloed zal hebben op de historische en ceremoniële waarden van deze tradities. Dit besluit betreft enkel dat de koetsenritten niet uitgevoerd worden in opdracht van gemeente Den Haag. Het staat de stalhouderij vrij om activiteiten zelfstandig voort te zetten.
2/3
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10771839
Alternatieven 9.
Welke alternatieve maatregelen zijn overwogen om zowel het dierenwelzijn te bevorderen als de aantrekkelijkheid en economische vitaliteit van de stad te behouden?
Het college vindt het belangrijk dat het gebruik van dieren bij evenementen wordt ontmoedigd. Zoals ook aangegeven bij de beantwoording van vraag 6 verwacht het college niet dat dit besluit direct invloed heeft op de economische kansen en het aantal banen in Den Haag. Er zijn daarom geen alternatieve maatregelen overwogen. Zie antwoord op vraag 1 voor de reden van het besluit. Toekomstige Visie 10. Wat is de langetermijnvisie van het college betreffende het behoud van toeristische en culturele attracties die bijdragen aan de unieke identiteit en aantrekkingskracht van Den Haag? Het college vindt het belangrijk om toeristische activiteiten en attracties die bijdragen aan de unieke identiteit en aantrekkingskracht van Den Haag te behouden waar mogelijk. Deze factoren zullen altijd worden meegewogen in toekomstige besluiten. Meer informatie over de lange termijnvisie van het college met betrekking tot toeristische en culturele attracties is te vinden in de Strategie Toerisme (RIS302975). 11.
Hoe gaat het college ervoor zorgen dat besluiten in de toekomst een evenwicht vinden tussen dierenwelzijn en de economische en culturele belangen van de stad?
De Nota Dierenwelzijn (RIS307253) biedt geen ruimte voor door de gemeente georganiseerde activiteiten en evenementen met dieren. Zoals aangegeven in de beantwoording van vraag 2 kunnen economische en culturele belangen ook met alternatieve activiteiten worden bewerkstelligd waarbij geen dieren worden ingezet. Op deze wijze kan het college de economische en culturele belangen behartigen en daarnaast het welzijn van dieren beschermen. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
3/3