CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS318967 Verslag Rekeningencommissie 23 mei 2024 II

Rekeningencommissie 29 mei 2024, gemeente Den HaagBij agendapunt: Verslag van de vergadering van 23 mei 20244.840 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Rekeningencommissie RIS 318967

Verslag

Verslag van de vergadering van de Rekeningencommissie (RC) van 23 mei 2024

Aanwezig:

de voorzitter, de heer M. De Vuyst; mevrouw L. van Basten Batenburg, de heren Y. Assad, T. de Boer, J.W. van den Bos, R. Guernaoui en K. Partiman, allen lid RC; Accountantsorganisatie: mevrouw C. Slotema en de heren M. Perkgöz en B. Wakkerman; secretaris: J. van Duijn.

Afwezig:

de heer M. Sewtahal (m.k.).

A. Opening, mededelingen en vaststelling agenda De voorzitter opent de vergadering om 19:30 uur en heet de aanwezigen welkom. Naar aanleiding van de voornemens van het Presidium om de commissie/perskamer te verbouwen wil de Rekeningencommissie als één van de regelmatige gebruikers per brief de noodzaak daartoe onderschrijven en enkele aanbevelingen daarvoor doen. De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.

B. Verslag van de vergadering van 15 mei 2024 Het verslag van de vergadering van 15 mei 2024 (RIS318919) wordt ongewijzigd vastgesteld. De Rekeningencommissie wil voortaan een korter verslag van de mondelinge toelichting op geagendeerde stukken. Eerder heeft de Rekeningencommissie de aanbeveling gedaan om fraudezaken voortaan altijd in een vaste vakcommissie te behandelen. Het Presidium buigt zich hier nu over. Naar aanleiding van het verslag wordt bij agendapunt D.2 (grondexploitaties) nader ingegaan op het onderscheid tussen een actualisatie en een herziening van een grondexploitatie.

C. Ingekomen bestuurlijke stukken Er zijn geen ingekomen stukken.

D. Jaarrekening 2023 en accountantsverslag D.1.

Nadere toelichting op het accountantsverslag

De gemeenteaccountant, Carla Slotema, geeft een nadere toelichting op de aanbevelingen en bevindingen in het accountantsverslag (RIS318207). De tijdens deze presentatie getoonde teksten en afbeeldingen zijn als bijlage bij dit verslag gevoegd. In eerste instantie zijn alle adviezen bedoeld voor het college, dat verantwoordelijk is voor de financiën en voor het uitvoeren van besluiten. De raad kan een eigen prioritering hierin aanbrengen.

Verslag vergadering 23 mei 2024

Rekeningencommissie

Rechtmatigheidsverantwoording Het college heeft over 2023 voor het eerst een eigen verantwoording over de financiële rechtmatigheid gegeven. Een belangrijk onderdeel hiervan is de begrotingsrechtmatigheid. Daarbij moet onderscheid gemaakt worden tussen overschrijding van de lasten en overige begrotingsafwijkingen. Een overschrijding van de lasten ten opzichte van de vastgestelde begroting leidt volgens de Gemeentewet altijd tot een onrechtmatigheid. Een manier om dit te ondervangen is om een extra begrotingswijziging vóór het eind van het jaar vast te stellen. Voor alle afwijkingen is een tijdige melding door het college aan de raad van belang. De accountant adviseert hiervoor nadere afspraken te maken met het college. Een begrotingsonrechtmatigheid kan wel ‘acceptabel’ zijn als hierover afspraken zijn gemaakt in de Algemene verordening financieel beheer en beleid gemeente Den Haag 2019, in dat geval hoeft deze begrotingsonrechtmatigeheid alleen te worden toegelicht bij de baten en lasten of investeringen. Anders dient een aanvullende toelichting op de desbetreffende onrechtmatigheid opgenomen te worden in de paragraaf bedrijfsvoering. Blijvend versterken van de organisatie Binnen de gemeentelijke organisatie worden processen, taken, rollen en verantwoordelijkheden gecentraliseerd.

De accountant adviseert het college om hier vasthoudend in te zijn en om te monitoren of dit tot het gewenste resultaat leidt in een omgeving die verandert. Voorraadbeheer identiteitsbewijzen en kasgeld balies In de Board Letter 2023 zijn tekortkomingen gerapporteerd in de interne beheersmaatregelen voor het voorraadbeheer van identiteitsbewijzen en de kasgelden bij balies. Vervolgens bleken er bij de jaarrekeningcontrole administratieve aansluitverschillen te zijn in de voorraden identiteitsbewijzen. De accountant heeft enkele suggesties gedaan om de interne beheersmaatregelen te verbeteren en adviseert de Rekeningencommissie extra aandacht te hebben voor de wijze waarop dit wordt opgepakt. In 2023 is bij de balies een incident geweest dat kwetsbaarheden in de opzet van het kasbetalingenproces heeft blootgelegd. Dit incident heeft geleid tot aanpassingen van de kasprocedure en tot een gemeentebreed onderzoek naar kasgelden. De accountant adviseert na te gaan of de adviezen die hieruit voortkwamen worden opgevolgd. Beide bevindingen zijn risicovol voor de integriteit van de organisatie als geheel. Cybersecurity De meeste aanbevelingen uit het accountantsverslag 2022 en Board Letter 2023 met betrekking tot cybersecurity zijn nog niet opgevolgd door de gemeente als gevolg van een gebrek aan regie en toezicht hierop.

De bevindingen van 2022 waren: - identificeren: de gemeente heeft geen volledig zicht op het IT-landschap. Zo is er geen centraal overzicht van uitbestedingen en is het overzicht van kritische services en infrastructuur niet actueel. Verbeteringen zijn gepland maar nog niet gerealiseerd; - reageren: de toename in de complexiteit van cyberaanvallen vraagt om specifiek op de gemeente toegespitste (scenario)plannen. De gemeente maakt gebruik van (internationaal) beschikbare generieke responsplannen en beschikt nog niet over specifieke responsplannen. - herstellen: om te kunnen herstellen van cybersecuritycrisis is goede communicatie van belang. Er is wel een overkoepelend crisiscommunicatieplan, maar nog geen communicatieplan specifiek voor een cybersecuritycrisis. Ook moeten IT-herstelplannen worden opgesteld. SiSa Voor kwantitatieve informatie over de relatieve administratieve lasten bij kleine specifieke uitkeringen verwijst de accountant naar het college. Bij de verantwoording van de specifieke uitkering voor de woningbouwimpuls zijn fouten en onzekerheden geconstateerd van gezamenlijk ongeveer € 8 miljoen. Het gaat daarbij voornamelijk over de vraag of bestedingen binnen de subsidiabele periode vallen en of

Pagina 2 van 10

Verslag vergadering 23 mei 2024

Rekeningencommissie

de aanvraag dan wel de beschikking daarvoor het uitgangspunt moet zijn. Bij de afronding van de jaarrekeningcontrole was hierover nog geen uitsluitsel.

Uit de beantwoording van de vragen en de behandeling van de opmerkingen van de leden van de Rekeningencommissie komt het volgende naar voren. ▪ Acceptabele begrotingsonrechtmatigheden: in artikel 5:1, zevende lid van de Algemene verordening financieel beheer en beleid gemeente Den Haag 2019 wordt beschreven in welke gevallen een overschrijding van de lasten of onderschrijding van de baten ten opzichte van de gewijzigde begroting géén begrotingsonrechtmatigheid is. Dit geldt bijvoorbeeld voor een afwijking die in de 8-maandsrapportage is gemeld. Omdat met de 8-maandsrapportage de begroting niet wordt gewijzigd is volgens de accountant dan nog wél sprake van een begrotingsonrechtmatigheid, maar wordt deze als ‘acceptabel’ gezien en hoeft er dan geen aanvullende toelichting te worden opgenomen in de paragraaf Bedrijfsvoering. De accountant benadrukt dat een begrotingsonrechtmatigheid alleen kan worden voorkomen door lopende het begrotingsjaar de begroting te wijzigen. De Rekeningencommissie wil door de accountant worden geïnformeerd of de formulering van artikel 5:1, zevende lid van de financiële verordening in overeenstemming is met de Gemeentewet. Noot van het secretariaat: de accountant adviseert om de formulering over te nemen van artikel 12, vierde lid van de VNG-modelverordening voor artikel 212 van de Gemeentewet.

▪

▪

▪

Voorts wil de Rekeningencommissie weten hoe het college wil omgaan met dreigende begrotingsonrechtmatigheden en hoe andere steden en het Rijk dat doen (vraag aan de wethouder Financiën). Begrotingsonrechtmatigheid energietoeslag: de uitbetaling van de energietoeslag heeft tot een overschrijding van de verantwoordingsgrens voor begrotingsonrechtmatigheden geleid. Het college heeft toegelicht dat de begroting voor het uitbetalen van deze energietoeslag niet meer gewijzigd omdat at de landelijke wetgeving die deze toeslag mogelijk maakte laat is vastgesteld, is. De accountant heeft gesuggereerd om tijdig te anticiperen op mogelijke begrotingswijzigingen die voortvloeien uit de najaarsnota van het Rijk. Het college heeft deze begrotingsonrechtmatigheid toereikend toegelicht in de paragraaf Bedrijfsvoering. De begrotingsonrechtmatigheid had voorkómen kunnen worden als nog vóór het einde van het jaar een begrotingswijziging was vastgesteld. De Rekeningencommissie wil weten waarom het college in deze casus niet daarvoor heeft gekozen, temeer omdat de begrotingswijziging het afgelopen jaar pas in december door de raad is vastgesteld (vraag aan de wethouder Financiën).

Advies over versterken van de organisatie: de Rekeningencommissie zou het advies van de accountant op pagina 5 van het accountantsverslag om de organisatie blijvend te versterken graag meer SMART geformuleerd zien (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch en Tijdgebonden). De accountant licht toe dat het dit advies onder andere betrekking heeft op bevindingen die in de Board Letter 2023 zijn gerapporteerd. In het kader van centralisering van de bedrijfsvoering en verbetering van de interne beheersing worden gemeentelijke processen herzien en beschreven, onder meer voor wat betreft rollen, taken en verantwoordelijkheden. De Rekeningencommissie wil het college vragen naar de voortgang hiervan en naar de toekomstbestendigheid van de verbeterplannen. De commissie wil weten hoe het college de voortgang van de verbeterplannen monitort en hoe hierover aan de Rekeningencommissie kan worden gerapporteerd (vraag aan de wethouder Financiën). Verbeteren digitale veiligheid: vorig jaar heeft de Rekeningencommissie onder de aandacht van het college gebracht dat de cybersecurity op enkele concrete punten verbetering behoeft. Dit kwam naar voren in een pilot voor een cybersecurity assessment die vorig jaar door de Accountantsorganisatie is uitgevoerd in het kader van de jaarrekeningcontrole (zie het RC-rapport 2022, RIS315931, pagina 30 en de brief hierover aan het college, RIS317055).

Dit jaar constateert Pagina 3 van 10

Verslag vergadering 23 mei 2024

▪

▪

▪

▪

Rekeningencommissie

de accountant dat het college hierin nog weinig voortgang heeft geboekt. De Rekeningencommissie wil van de wethouder Dienstverlening een toelichting ontvangen op de gesignaleerde risico’s, de voorgenomen maatregelen en de voortgang hiervan. Ook wil de commissie weten wat de stand van zaken is voor wat betreft het aangekondigde eigen assessment van het college (vraag aan de wethouder Dienstverlening). Voorraadbeheer identiteitsbewijzen: de accountant heeft administratieve aansluitverschillen in de voorraden paspoorten en rijbewijzen aangetroffen die niet verklaard konden worden. Eerder was in de Board Letter 2023 gerapporteerd over tekortkomingen in de interne beheersmaatregelen voor het voorraadbeheer van identiteitsbewijzen. De Rekeningencommissie wil – al dan niet vertrouwelijk – worden geïnformeerd over de omvang van het probleem en de maatregelen die getroffen worden om het op te lossen (mogelijke vraag aan de wethouder Dienstverlening). Incident met kasgeld bij balies: de accountant meldt dat een incident met kasgeld bij balies liet zien dat het kasbetalingenproces kwetsbaarheden kende. Naar aanleiding hiervan is een gemeentebreed onderzoek naar kasgelden gedaan door een extern adviesbureau. De Rekeningencommissie wil – al dan niet vertrouwelijk – door het college worden geïnformeerd over de bevindingen van dit externe onderzoek en over de opvolging van de aanbevelingen.

Het college wordt gevraagd toe te lichten hoe de gesignaleerde kwetsbaarheden zijn aangepakt (mogelijke vraag aan de wethouder Dienstverlening). Informeren van de Rekeningencommissie over frauderisico’s: de accountant wordt gevraagd om aan te geven waarom zij het onderzoek naar frauderisico’s inzake kasgelden bij een specifiek onderdeel binnen de gemeente niet kan delen met de Rekeningencommissie en om de commissie hierover te informeren. Noot van het secretariaat: de accountant heeft een eigen afwegingskader (dat verankerd is in de regelgeving voor accountants) met betrekking tot het al dan niet kunnen delen van informatie. Voor deze opdracht is de gemeentelijke dienst opdrachtgever en is de verspreiding van het rapport uitdrukkelijk beperkt tot de opdrachtgever. Desgewenst kan de raad de gewenste informatie opvragen bij het college. Specifieke uitkering woningbouwimpuls: in bijlage 5 van het accountantsverslag (pag. 30) wordt gemeld dat circa € 4,5 miljoen van de specifieke uitkering voor de woningbouwimpuls onjuist is verantwoord vanwege cumulatieve bestedingen buiten de subsidiabele periode. Voor circa € 3,4 miljoen is onzeker of bestedingen binnen de subsidiabele periode hebben plaatsgevonden omdat daarvoor onvoldoende controle-informatie is ontvangen.

De Rekeningencommissie wil via het verslag nader worden geïnformeerd over de aard en samenstelling van deze bedragen (één project of meerdere? Incident of vaker voorkomend, etc). Noot van het secretariaat: de fouten en onzekerheden hebben betrekking op één Wbi-project binnen deze specifieke uitkering. De aard van de bevinding is incidenteel. De accountant controleert jaarlijks de bestedingen van het betreffende boekjaar en heeft tot heden geen bevindingen geconstateerd. In de SiSa-bijlage 2023 heeft de gemeentelijke organisatie een correctie op de bestedingen van periode 2020-2022 verantwoord, die niet eerder zijn verantwoord in de SiSa-bijlagen van voorgaande jaren. De accountant heeft een controle uitgevoerd op deze correctie. De bevinding is geconstateerd bij deze eenmalige correctie. Daarnaast is door de accountant voor wat betreft deze specifieke uitkering een onzekerheid in de overlopende passiva geconstateerd van circa € 1,9 miljoen, vanwege het niet hanteren van de juiste methodiek bij toerekening van de Wbi-subsidie. Deze is opgenomen in bijlage 3 onder nummer 8 (Waardering overlopende passiva (SiSa)). Dit leidt niet tot een onzekerheid in de SiSa-bijlage. De Rekeningencommissie wil weten of het risico bestaat dat (een deel van) de ontvangen subsidie moet worden terugbetaald aan het Rijk (punt voor het RC-rapport).

Pagina 4 van 10

Verslag vergadering 23 mei 2024

D.2.

Rekeningencommissie

Grondexploitaties

De bevindingen rond grondexploitaties in het accountantsverslag (RIS318207) worden toegelicht door Mustafa Perkgöz, audit manager bij de Accountantsorganisatie. De tijdens deze presentatie getoonde teksten en afbeeldingen zijn als bijlage bij dit verslag gevoegd. Verslaggevingsvoorschriften De verslaggevingsvoorschriften uit het BBV vormen de normen voor de verslaglegging en de uitvoering van de controlewerkzaamheden. De grondexploitaties worden in de jaarrekening verantwoord in het overzicht van baten en lasten en de toelichting daarop, de balans en de balanstoelichting. In de balanstoelichting is informatie over de geraamde kosten en opbrengsten en het geraamde eindresultaat opgenomen. Het BBV bevat ook relevante verslaggevingsvoorschriften voor het jaarverslag, te weten de paragraaf grondbeleid. Hierin moet in ieder geval worden opgenomen een visie op het grondbeleid en de uitvoering daarvan, een actuele prognose van de te verwachten resultaten van de totale grondexploitatie, een onderbouwing van de geraamde winstneming en de beleidsuitgangspunten voor de Reserve Grondbedrijf. De baten en lasten van grondexploitaties worden verantwoord in programma 13 (Stadsontwikkeling en Wonen). De verschillende fases in een grondexploitatie betreffen het verwerven van gronden en eventuele opstallen, het slopen van de opstallen en het bouwrijp maken van de grond.

Deze drie fases leiden tot lasten voor de gemeente. De baten uit de gronduitgifte/verkoop van bouwrijp gemaakte grond betreft een latere fase en deze worden in het jaar van de gronduitgifte gerealiseerd en verantwoord. Tot slot leidt het ‘woonrijp’ maken van het plangebied weer tot lasten voor de gemeente. De grondexploitatieportefeuille van de gemeente Den Haag genereert in totaal meer lasten dan baten en is op totaalniveau negatief. Het saldo van de baten en lasten verwerkt de gemeente jaarlijks in de balans onder de verplichte balanspost ‘Voorraden onderhanden werk Bouwgronden In Exploitatie’. Daarnaast staat op de balans de voorziening negatieve plannen. Dit is een verplichte voorziening voor het verwachte nadelig eindsaldo van de onderhanden grondexploitatieprojecten. Bij de vaststelling van het plan door de gemeenteraad wordt een eventueel negatief saldo direct voorzien en verwerkt. Uit de voorziening wordt het gerealiseerde nadelig saldo gedekt. Het resterende bedrag in de voorziening is bedoeld voor de afdekking van het nog te realiseren deel van het nadelig saldo. De Reserve Grondbedrijf is door de gemeente ingesteld ter verrekening van het rekeningresultaat op operationele grondexploitaties en ter dekking van algemene risico’s van operationele grondexploitaties.

De spelregels hiervoor staan in de Verordening Beheersregels Grondexploitaties en Strategisch Bezit, gemeente Den Haag 2018. Uit de beantwoording van de vragen en de behandeling van de opmerkingen van de leden van de Rekeningencommissie komt het volgende naar voren. ▪ Voorraden onder handen werk: de voorraad onderhanden werk is het tussentijdse saldo van gerealiseerde baten en lasten dat geactiveerd wordt bij een lopend project. Ook als de lasten hoger zijn dan de gerealiseerde baten wordt het saldo opgenomen op de balans (geactiveerd). Het gerealiseerde deel van het nadelig saldo op de lopende projecten moet, volgens het BBV, worden gecorrigeerd uit de voorziening negatieve plannen, zodat de voorraad onderhanden werk nul is. Dit wordt ook wel aangeduid met balansverkorting. De Rekeningencommissie is van mening dat grondexploitaties door de jaarlijkse bijstellingen voor een raadslid niet gemakkelijk te volgen zijn (aandachtspunt voor de werkbespreking met de commissie Ruimte). ▪ Negatief saldo grondexploitaties: het kan een beleidskeuze zijn om een grondexploitatie vast te stellen met een negatief verwacht eindresultaat. De accountantsorganisatie richt zich in haar controle onder meer op de juiste waardering van grondexploitaties in de jaarrekening en de Pagina 5 van 10

Verslag vergadering 23 mei 2024

▪

▪

Rekeningencommissie

onderbouwingen voor geprognosticeerde baten en lasten, maar heeft geen oordeel over beleidskeuzes die van invloed zijn op het verwachte eindresultaat. De Rekeningencommissie wil beter inzichtelijk hebben hoe in het plan de verschillende fases bijdragen aan het verwachte negatieve eindresultaat en in hoeverre de gerealiseerde baten en lasten met de ramingen overeenkomen (aandachtspunt voor de werkbespreking met de commissie Ruimte). Invloed van de raad op beleidskeuzes bij grondexploitaties: nagegaan wordt of en in hoeverre beleidskeuzes die effect hebben op het verwachte eindresultaat van een grondexploitatie worden vastgesteld door de raad. Noot van het secretariaat: het college moet bij de beleidskeuzes nagaan of er sprake is van een herziening die voldoet aan de definitie in de Verordening Beheersregels Grondexploitaties en Strategisch Bezit, gemeente Den Haag 2018. De herzieningen worden, volgens artikel 6 van de voornoemde verordening, aan de raad ter besluitvorming voorgelegd. Actualisatie Nota Grondbeleid: de Nota Grondbeleid 2019 (RIS302035) is het vigerend kader voor het Haags grondbeleid. Tijdens het onderzoek naar de jaarrekening 2022 heeft de wethouder Volkshuisvesting, Wijken, Welzijn en Zuidwest laten weten dat de Nota Grondbeleid in 2023 zou worden herzien (RIS315931, pag. 22).

Daarna heeft het college bij de beantwoording van technische raadsvragen over de programmabegroting 2024-2027 de verwachting uitgesproken dat deze voor de zomer van 2024 ter besluitvorming kan worden aangeboden (RIS317205, vraag 612). De Rekeningencommissie heeft dit als aandachtspunt voor het jaarrekeningonderzoek 2023 benoemd en wil bij de werkbespreking met de commissie Ruimte ingaan op de relatie van het grondebeleid met de negatieve grondexploitaties (aandachtspunt voor de werkbespreking met de commissie Ruimte).

Grondexploitaties in programmarekening 2023 De paragraaf Grondbeleid in het jaarverslag schetst een overkoepelend beeld met betrekking tot grondexploitaties. In 2023 zijn geen nieuwe eigen grondexploitaties toegevoegd aan de portefeuille, maar zijn wel 12 grotere projecten afgesloten. Per saldo resteren ultimo 2023 nog 24 grondexploitaties. De eindwaarde van de gemeentelijke grondexploitatieportefeuille is door afgesloten projecten gedaald van circa € 192 miljoen in 2022 naar circa € 156 miljoen in 2023 negatief. De verliesvoorziening voor negatieve grondexploitaties is afgenomen van circa € 208 miljoen in 2022 naar € 177 miljoen in 2023. Bedragen * € 1 miljoen 4.4 Overzicht van baten en lasten per programma

2023

2022

Lasten programma 13 Stadsontwikkeling (activiteit Bouwgrondexploitatie)

79

96

Baten programma 13 Stadsontwikkeling (activiteit Bouwgrondexploitatie)

-45

-60

Saldo 4.11 Balans

34

36

31-12-'23

31-12-'22

Vooraden OHW BIE

61

99

Na correctie balansverkorting

-61

-99

Totaal Voorraden OHW BIE

0

0

Voorziening negatieve lopende plannen

177

208

Correctie negatieve plannen

-61

-99

Totaal Voorziening negatief lopende plannen

116

109

Reserve Grondbedrijf vóór resultaatbestemming

31

58

De totaal gerealiseerde lasten over 2023 op programma 13 (activiteit bouwgrondexploitaties) bedraagt circa € 79 miljoen. De gerealiseerde baten bedragen € 45 miljoen. Het saldo Voorraden onderhanden werk positie BIE bedraagt circa € 61 miljoen voor balansverkorting en na balanskorting nihil.

Pagina 6 van 10

Verslag vergadering 23 mei 2024

Rekeningencommissie

De verliesvoorziening (‘voorziening negatieve plannen’) heeft een omvang van € 177 miljoen. Hiervan is € 61 miljoen gebruikt voor de balansverkorting. De Reserve Grondbedrijf bedraagt per 31 december 2023 circa € 31 miljoen vóór resultaatbestemming. Nadere informatie over de grondexploitatie-portefeuille staat in de balanstoelichting. Dit betreft onder meer toekomstige kosten en opbrengsten voor de lopende grondexploitatieprojecten en het verwachte eindresultaat van alle lopende Bedragen * € 1 mln grondexploitatieprojecten. Het verwachte 4. 12 Balanstoelichting 31-12-'23 31-12-'22 eindresultaat is hier niet gelijk aan de voorziening Verwachte kosten/opbrengsten negatieve plannen van € 177 miljoen omdat deze voorziening specifiek bedoeld is voor plannen met Geraamde nog te maken kosten 263 271 een negatief eindresultaat. De in 2023 afgesloten Geraamde nog te realiseren opbrengsten 175 187 projecten hadden nog slechts een beperkt aandeel Verwacht eindresultaat in de totale projectenportefeuille en hebben Nominaal -154 -183 daarom niet tot een grote afname van de Op basis van netto contante waarde -156 -192 geraamde kosten en opbrengsten geleid. Het jaarverslag 2023 bevat bij programma 13 (Stadsontwikkeling, activiteit Bouwgrondexploitaties) beleidsgerelateerde informatie.

In de verplichte paragraaf grondbeleid is de benodigde weerstandscapaciteit per ultimo 2023 berekend op circa € 43 miljoen (2022: circa € 38 miljoen). De daadwerkelijk aanwezige weerstandscapaciteit in de Reserve Grondbedrijf bedraagt na resultaatbestemming echter nihil. Nagegaan wordt wat de stand van de Reserve Grondbedrijf ultimo 2022 was ná resultaatbestemming. Noot van het secretariaat: de stand van de Reserve Grondbedrijf ultimo 2022 was ná resultaatbestemming € 31,1 miljoen. Zie hiervoor de programmarekening 2023, pagina 349. Uit de beantwoording van de vragen en de behandeling van de opmerkingen van de leden van de Rekeningencommissie komt het volgende naar voren. ▪ Weerstandsvermogen ontoereikend: de Rekeningencommissie constateert dat de Reserve Grondbedrijf na resultaatbestemming op nul staat, terwijl de minimaal benodigde weersstandscapaciteit voor risico’s bij grondexploitaties door het college op € 43 miljoen is berekend. Voor wat betreft de consequenties hiervan beperkt het college zich tot de opmerking in de paragraaf Grondbeleid dat de thans niet bestaande weerstandscapaciteit bij de komende begroting opnieuw wordt bekeken. In de vooruitblik daarop die in de paragraaf Grondbeleid op pagina 350 in een vijfjaarsprognose wordt gegeven wordt nog steeds een tekort in de weerstandscapaciteit verwacht van minstens € 22 miljoen.

De Rekeningencommissie wil van de wethouders voor Financiën en grondexploitaties weten hoe zij wegen dat er nu in het geheel geen weerstandscapaciteit meer is voor risico’s bij grondexploitaties. De commissie wil weten of het wenselijk is dat een reeds ontoereikende weerstandscapaciteit als gevolg van de resultaatbestemming geheel naar nul wordt gebracht en of de raad hierover eerder geïnformeerd had kunnen worden. Het college wordt gevraagd toe te lichten of op basis van dit vooruitzicht niet eerder maatregelen getroffen hadden moeten worden. Gezien het huidige meerjarenperspectief vraagt de Rekeningencommissie het college zijn visie te geven op de wenselijkheid van het borgen van een toereikende weerstandscapaciteit in de komende jaren (mogelijke vragen aan de wethouders Financiën en grondexploitaties). ▪ Afgesloten grondexploitaties: in het RC-rapport 2020 heeft de Rekeningencommissie opgemerkt dat grondexploitaties (onnodig) lang bleven openstaan of niet voldoende werden geactualiseerd. De Rekeningencommissie heeft aandacht gevraagd voor het tijdig afsluiten van grondexploitaties en het college gevraagd hiervoor in de desbetreffende verordening duidelijke spelregels op te nemen.

De Rekeningencommissie constateert dat in 2023 gehoor is gegeven aan de oproep om, daar waar mogelijk, grondexploitaties administratief af te sluiten, waarmee ook de negatieve netto contante waarde van de portefeuille is afgenomen. De commissie complimenteert Pagina 7 van 10

Verslag vergadering 23 mei 2024

Rekeningencommissie

het college en ambtelijk apparaat daarmee. De Rekeningencommissie vraagt het college om hiervoor in de verordening duidelijke spelregels op te nemen (mogelijke vraag aan de wethouder grondexploitaties). Controleaanpak De controleaanpak voor de grondexploitaties is primair gericht op de juistheid van de lasten en de volledigheid van de baten. Ook de waardering van de onderhandenwerkpositie is daarbij een belangrijk vraagstuk. Deze waardering bestaat uit de gerealiseerde en geprognosticeerde baten en lasten. Daarbij kijkt de accountant naar de toereikendheid van de daarvoor benodigde voorziening. Op basis van een risicoanalyse zijn 20 van in totaal 36 grondexploitaties betrokken bij de controle. Uit de beantwoording van de vragen en de behandeling van de opmerkingen van de leden van de Rekeningencommissie komt het volgende naar voren. ▪ Accountantscontrole gedurende het boekjaar: sinds enige jaren heeft de accountant bevindingen over de beheersing van grondexploitaties. Vorig jaar moesten voor twee grondexploitaties omvangrijke correcties worden gedaan vanwege uiteenlopende interpretaties van verslaggevingsregels. Bij het (tussentijdse) onderzoek naar Dreven, Gaarden & Zichten is duidelijk geworden dat dergelijke correcties kunnen worden voorkómen als reeds gedurende het boekjaar hierop controle kan plaatsvinden door de accountant.

De Rekeningencommissie heeft de wethouder Volkshuisvesting, Welzijn & Zuidwest vorig jaar gevraagd om met de Accountantsorganisatie afspraken te maken over een vroegtijdiger controle van grondexploitaties. De Rekeningencommissie constateert dat gedurende 2023 geen controle op grondexploitaties heeft plaatsgevonden en vraagt het college nogmaals om, daar waar mogelijk, in te zetten op vroegtijdiger controle van grondexploitaties (vraag aan de wethouder grondexploitaties). Controlebevindingen De omvang van niet-gecorrigeerde bevindingen is gedaald van circa € 27 miljoen in 2022 naar € 6,2 miljoen euro in 2023. De bevinding voor de PPT-criteria (Proportionaliteit, Profijt en Toerekenbaarheid) komt in 2023 in een kleinere omvang terug voor circa € 1,7 miljoen. Verder is een fout van circa € 3,6 miljoen geconstateerd die betrekking heeft op de onjuiste verwerking van de resterende grond en opstallen bij twee in 2023 afgesloten projecten. Deze is niet gecorrigeerd. Het omvangrijke project Dreven, Gaarden & Zichten (DGZ) bevindt zich in de beginfase van de uitvoering. Voor de geprognosticeerde baten bestaan onzekerheden van circa € 7,7 miljoen. Van de ophoging van de geprognosticeerde lasten met € 15 miljoen heeft de gemeente circa € 6,0 miljoen niet aannemelijk kunnen maken.

Voor de beoordeling van het getrouw beeld heffen deze onzekerheden voor zowel opbrengsten als kosten elkaar per saldo ongeveer op. Gezien deze onzekerheden wordt het college geadviseerd de grondexploitatie DGZ te actualiseren. In artikel 6 van de Verordening Beheersregels Grondexploitaties en Strategisch Bezit, gemeente Den Haag 2018 wordt het onderscheid tussen een herziening en een actualisatie van een grondexploitatie gedefinieerd. Voor een herziening moet onder meer sprake zijn van een plankaderwijziging. Daarvan is bij DGZ vooralsnog geen sprake. Vorig jaar heeft de Rekeningencommissie de wethouder voor grondexploitaties gevraagd de genoemde verordening voor grondexploitaties aan te scherpen op de volgende punten. 1. Toerekening van de investeringskosten op basis van de BBV-criteria van Proportionaliteit, Profijt en Toerekenbaarheid. 2. Verwerking van kosten onvoorzien: een stelpost zonder verifieerbare onderbouwing is niet toegestaan. 3. Bijdrage fondsen: het vormen van een reserve bijvoorbeeld voor toekomstige onderhoudskosten past niet. Pagina 8 van 10

Verslag vergadering 23 mei 2024

Rekeningencommissie

4. Geen kosten ramen voor vervanging van bestaande voorzieningen, zoals rioleringen. De accountant laat weten dat vooruitlopend op de aanpassing van de verordening al enkele van bovenstaande aanscherpingen in praktijk worden gebracht. De accountant ziet drie belangrijke verbeterpunten voor wat betreft het beheer van grondexploitaties. ▪ De aanpassing van de verordening voor grondexploitaties. ▪ Tijdige actualisatie van de grondexploitatie DGZ. ▪ Het op peil brengen van de weerstandscapaciteit in de reserve grondbedrijf. Uit de beantwoording van de vragen en de behandeling van de opmerkingen van de leden van de Rekeningencommissie komt het volgende naar voren. ▪ Actualiseren versus herzien van DGZ: de accountant adviseert het college de grondexploitatie Dreven, Gaarden & Zichten (DGZ) tijdig te actualiseren, omdat de verwachte kosten en de verwachte grondopbrengsten mogelijk anders geprognosticeerd moeten worden. Aangezien deze langlopende grondexploitatie zich nog in de beginfase bevindt, hebben kostenstijgingen een groot effect op het verwachte eindresultaat. Als de plankaders voor deze grondexploitatie niet zijn gewijzigd, zou een herziening op grond daarvan niet nodig zijn.

De Rekeningencommissie vraagt de Accountantsorganisatie via het verslag toe te lichten of deze prijsindexatie vanwege de financiële omvang als een plankaderwijziging kan worden beschouwd en daarmee reden is voor een herziening van de grondexploitatie. Daarnaast wil de commissie weten of een dergelijk grote financiële wijziging niet op zichzelf al reden is om het aan de raad voor te leggen. Noot van het secretariaat: de kostenbijstelling bestaat voor een deel uit een prijsindexatie. Prijsindexatie leidt naar zijn aard niet tot een herziening. Artikel 6 van de Verordening Beheersregels Grondexploitaties en Strategisch Bezit, gemeente Den Haag 2018 behandelt de criteria voor herzieningen. Voor het overige deel van de kostenbijstelling (van circa € 6 miljoen) heeft de accountant onvoldoende controle-informatie ontvangen en dit daarom als een controleonzekerheid gekwalificeerd. De accountant adviseert om aan het college te vragen in hoeverre de kostenbijstelling voor dit deel tot een herziening moet leiden. ▪ Heroverweging DGZ: de Rekeningencommissie wil weten of verslechterde financiële prognoses voor de grondexploitatie DGZ voor het college aanleiding kan zijn om deze grondexploitatie – nu of in de toekomst – te heroverwegen (mogelijke vraag aan de wethouder grondexploitaties).

▪ Aanpassen verordening grondexploitaties: naar aanleiding van het voorstel van de voorbereidingscommissie raadsonderzoek Dreven, Gaarden & Zichten (RIS313614) heeft de Rekeningencommissie het college gevraagd de huidige Verordening beheersregels grondexploitatie en strategisch bezit, gemeente Den Haag 2018 aan te passen op het BBV. Daarbij is onder meer geadviseerd om kansen en risico’s in een grondexploitatie niet met elkaar te salderen. De Rekeningencommissie merkt op dat de huidige verordening sinds begin 2018 van kracht is en na vijf jaar geactualiseerd had moeten worden. De commissie constateert dat – ondanks het verzoek daartoe tijdens het voorgaande jaarrekeningonderzoek – de verordening nog niet is aangepast en wil weten wanneer een voorstel hiervoor tegemoet kan worden gezien (vraag aan de portefeuillehouder grondexploitaties). ▪ Toelichting op onzekerheden geprognosticeerde baten DGZ: de accountant heeft circa € 7,7 miljoen van de geprognosticeerde baten als onzeker aangemerkt. De Rekeningencommissie wil via het verslag worden geïnformeerd over de aard van deze onzekerheden en de berekening daarvan, zoals dat destijds ook in het onderzoek voor de voorbereidingscommissie raadsonderzoek DGZ is toegelicht.

Noot van het secretariaat: voor de middenhuur en vrije sectorhuur heeft de accountant in haar berekening andere BAR percentages dan de gemeente gehanteerd (BAR: Bruto Aanvangsrendement). De accountant heeft bij haar uitgangspunten en daarmee de berekening ook rekening gehouden met de eerste gronduitgifte van kavels 1A en 1B op deze grondexploitatie.

Pagina 9 van 10

Verslag vergadering 23 mei 2024

Rekeningencommissie

De uitgangspunten van de accountant leiden tot een verlaging van de toekomstige grondwaarde met circa € 7,7 miljoen (van circa € 45 miljoen naar circa € 37 miljoen).

D.3.

Indicatoren

Dit agendapunt wordt doorgeschoven naar de volgende vergadering.

E. Vooruitblik op bevraging wethouders Dit agendapunt wordt doorgeschoven naar de volgende vergadering.

F. Termijnplanning Op advies van de plaatsvervangend Griffier wordt de aanvraagprocedure voor GAD-onderzoek betrokken bij de werkbespreking over de verordening van de Rekeningencommissie op 19 juni 2024. De termijnplanning (RC/2024.22) wordt ongewijzigd vastgesteld.

G. Rondvraag en sluiting De heer De Boer verzoekt om de Chief Information Officer te rappelleren over het toegezegde antwoord op de vraag over mogelijke gevolgen van een eventueel faillissement van een grote ICTdienstverlener. De voorzitter sluit de vergadering om 22:40 uur.

10

Pagina 10 van

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14206890/1