RIS318955 Beantwoording SV RIVM-onderzoek naar JOGG
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE
2 juli 2024
VRAGEN
Onderwerp
Ons kenmerk
Antwoord van het college op de vragen van het raadslid mevrouw Verduin, luidend: ‘RIVM-onderzoek JOGG’
OCW/10770318 RIS318955
Het raadslid mevrouw Verduin heeft op 27 mei 2024 een brief met daarin acht vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. 1.
Hoe beoordeelt het college de recente bevindingen van het RIVM met betrekking tot de achterblijvende resultaten van de JOGG-aanpak in het tegengaan van overgewicht en bevorderen van beweeggedrag bij kinderen en jongeren, vooral gezien het feit dat het aantal kinderen met overgewicht in wijken met de JOGG-aanpak na acht jaar zelfs lijkt toe te nemen?
Het RIVM concludeert in zijn studie ‘Update van de impact van de JOGG-aanpak op overgewicht en beweeggedrag bij kinderen en jongeren’ dat er statistisch geen significante effecten van de JOGGaanpak op overgewicht en beweeggedrag gevonden zijn, ook niet op de langere termijn. Deze conclusie verrast het college niet. Voor een structurele landelijke daling van het BMI moeten maatregelen langdurig, in samenhang, vanuit verschillende niveaus en verschillende sectoren worden ingezet en uitgevoerd om een duurzame verandering te realiseren. Dat vergt een lange adem. Als gemeente weten we hoe complex het aanpakken van overgewicht is en dat uitkomsten beïnvloed kunnen worden door enorm veel factoren, zoals bijvoorbeeld de Covid pandemie. Verder is het van belang te benoemen dat BMI en beweeggedrag twee belangrijke indicatoren zijn, maar niet allesomvattend. Overgewicht wordt bij uitstek veroorzaakt door verschillende factoren. Het is bijvoorbeeld bekend dat overgewicht vaker voorkomt bij mensen met een lagere opleiding en in buurten met een lager welvaartsniveau. Niet alleen leefstijl, maar ook de leefomgeving, biologische en psychologische factoren zoals mentaal welzijn, armoede en stress, kunnen een grote rol spelen in overgewicht. Dit wordt ook bevestigd door de onderzoekers van het RIVM-onderzoek.
Zij benoemen dat alleen naar overgewicht en beweeggedrag is gekeken, maar dat de JOGG-aanpak zich breed inzet op het gezond maken van de omgeving. De mogelijke effecten op andere vlakken dan overgewicht en het voldoen aan de beweegrichtlijnen, zoals sociale en mentale gezondheid of veranderingen in voedingspatronen en kleine veranderingen in beweeggedrag hebben zij niet in deze studie meegenomen. Een belangrijke ontwikkeling om te benoemen is dat onze fysieke leefomgeving de afgelopen decennia aanzienlijk is veranderd. De hoeveelheid ongezond voedsel in het straatbeeld is sinds 2011 met 30 procent toegenomen, dat blijkt uit data-onderzoek van onderzoeksplatform Pointer (KRO-NCRV). Bekend is dat een ongezonde voedselomgeving bijdraagt aan het oplopende overgewicht en de ziektes die daaruit voortvloeien zoals diabetes type 2, hart- en vaatziekten en kanker. Als er veel aanbod in ongezond eten is, wordt er ook veel ongezond gegeten. En juist in buurten met een lager welvaartsniveau is er veel ongezond aanbod.
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10770318
Als laatste is het goed om dit landelijke onderzoek naast de Haagse cijfers te houden. Het percentage overgewicht Haagse jeugd 2012-2019 is stabiel. Het percentage overgewicht bij de Haagse jeugd van 215 jaar blijft wel hoog (21%) en daar maakt het college zich zorgen over. De beweegdeelname onder jongeren in Den Haag neemt niet af. Uit de recent verschenen Gezondheidsmonitor Jeugd 2023 van GGD Haaglanden blijkt dat 69% van de jongeren aangeeft wekelijks te sporten bij een club, vereniging of sportschool, in 2021 bedroeg dit percentage 65%. Het doel van de Haagse Aanpak Gezond Gewicht (HAGG) in de Haagse Preventie-aanpak is het terugdringen van het percentage overgewicht bij kinderen van 19,1% naar 14,2% in 2030 en naar 9,1% in 2040 (conform landelijke doelstelling preventie akkoord). 2.
Hoe verhoudt dit streven zich tot de conclusies uit het RIVM-onderzoek t.a.v. de JOGG-aanpak?
De resultaten vanuit het Nationale Preventieakkoord laten zien dat dit streven uitdagend is. Lokaal is dit niet anders. We zullen met de HAGG blijven inzetten op preventie van overgewicht. Echter, zoals hiervoor beschreven is overgewicht bestrijden complex. Samen met verschillende partijen blijven we inzetten op het gezonder maken van de omgeving. Er wordt al met veel partners in de stad samengewerkt volgens het uitgangspunt ‘samen maken we gezond gewoon’. Daarnaast heeft de gemeente Den Haag met de Haagse Preventieaanpak (RIS 316587) ervoor gekozen om te kijken naar onderliggende problematiek en samen met partners en inwoners de aanpak vorm te geven. Als laatste vindt het college het belangrijk om aan te geven dat de inzet van het Rijk ontzettend belangrijk is, we hebben hen nodig voor onder andere vernieuwde wetgeving. Landelijke lobby blijft dus nodig, bijvoorbeeld voor gezonde producten goedkoper maken, een marketingverbod voor producten buiten de Schijf van Vijf en het verminderen van fastfood verkooppunten. In dit RIVM-onderzoek is alleen gekeken naar het effect van de JOGG-aanpak op overgewicht en het voldoen aan de Beweegrichtlijnen. De JOGG-aanpak zet zich breed in op het gezond maken van de omgevingen waarin kinderen en jongeren veel komen.
De programma’s en projecten in de verschillende omgevingen stimuleren een gezonder aanbod van eten en drinken, meer bewegen, voldoende ontspanning en slaap. De mogelijke effecten op andere vlakken dan overgewicht of voldoen aan de Beweegrichtlijnen, zoals sociale en mentale gezondheid, of veranderingen in voedingspatronen en kleine veranderingen in beweeggedrag zijn in deze RIVM-studie niet onderzocht. 3.
Welke maatregelen heeft het college genomen om de JOGG-aanpak binnen de gemeente Den Haag te monitoren en te evalueren, en hoe heeft het deze maatregelen aangepast in het licht van de recente bevindingen van het RIVM?
GGD Haaglanden levert elk jaar voortgangsrapportages en een jaarverslag op met betrekking tot de HAGG. Er is daardoor goed zicht op de behaalde resultaten. Elk jaar wordt een nieuw plan van aanpak opgesteld. Op die manier sturen we, waar nodig, bij. Ook de input van onze partners wordt hierin verwerkt. Daarnaast levert GGD Haaglanden elke 4 jaar nieuwe prevalentiecijfers overgewicht onder de Haagse jeugd op. Eind 2024 worden de nieuwste cijfers gepubliceerd. HAGG is onderdeel van de Haagse Preventieaanpak, ook daar zijn (lange) termijn doelen benoemd, tussentijdse doelen zijn benoemd in het uitvoeringsplan (RIS318619). Ook dit wordt geëvalueerd.
2/4
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10770318
Het college ziet geen aanleiding de huidige monitoring-en evaluatiestructuur aan te passen. 4.
Hoe gaat het college om met het advies van het RIVM om de bestaande afspraken met betrekking tot de JOGG-aanpak te intensiveren, en welke concrete acties zijn gepland om de lange termijn effecten van de aanpak te verbeteren?
Sinds 2023 is de Haagse Aanpak Gezond Gewicht geïntensiveerd door de beschikbare SPUK-middelen en extra coalitiegelden vanuit de Haagse Preventieaanpak. Met dit geld is onder andere ingezet op een pilot baby/groentetas, leefstijlinterventies, aanbod en monitoring van gezonde schoollunches op 2 scholen en ontbijttassen voor gezinnen met kleiner budget op 3 scholen in Moerwijk en het plaatsen van watertappunten in en om school om water drinken te bevorderen. Daarnaast wordt momenteel een meerjarenplan HAGG opgesteld. De hoofdlijn is: integraal investeren in gezond opgroeien: thuis, in de wijk en op school, met aandacht voor de koppeling met bestaanszekerheid. Juist die brede blik is belangrijk, het gaat om het gezonder maken van het systeem rondom kinderen. De Haagse Preventieaanpak is hierin ook een belangrijke ontwikkeling, omdat hierin domeinoverstijgend wordt samengewerkt. 5.
In hoeverre gaat het college het gesprek aan met GGD Haaglanden om de aanpak verder te verbeteren, zoals voorgesteld door staatssecretaris van volksgezondheid, welzijn en sport en welke specifieke punten zullen tijdens deze gesprekken worden besproken?
GGD Haaglanden is onze uitvoeringspartner voor de Haagse Aanpak Gezond Gewicht. We zijn continu in gesprek over de aanpak. Zie ook vraag 3. Den Haag doet sinds eind 2021 mee aan de Citydeal gezonde en duurzame voedselomgeving (samenwerking van ministeries, acht gemeenten en andere partners, zoals het Voedingscentrum en Jongeren op Gezond Gewicht (JOGG) om de voedselomgeving in 2030 gezond en duurzaam te maken). 6.
Welke concrete op Den Haag gerichte alternatieven en innovatieve methoden stelt het college voor de komende jaren nog meer voor om overgewicht bij jongeren te voorkomen en beweeggedrag te bevorderden?
Een leefstijlverandering of de omgeving veranderen is een kwestie van een lange adem. Het is belangrijk om door te gaan met onze huidige aanpak in plaats van alternatieve methoden te hanteren. Dit betekent extra inzet op het vergroten van bewustwording bij kinderen en ouders over de verleidingen in de omgeving en de mogelijkheid om zelf gezonde keuzes te kunnen maken. Daarnaast is extra aandacht voor de domeinoverstijgende aanpak, zodat ‘gezond gewoon maken’ steeds meer ingebed wordt. Zoals bij vraag 1 al is aangegeven is een ongezonde voedselomgeving belemmerend voor een gezonde leefstijl. Het college is voorstander van het ontwikkelen van instrumentarium om te sturen op de aanwezigheid van ook gezonde keuzes in de openbare ruimte. Dit is een belangrijke factor in het terugdringen van overgewicht. Het college houdt de raad op de hoogte als er weer landelijke ontwikkelingen zijn (zie ook vraag 7). Om iedere Hagenaar te laten sporten en bewegen naar eigen behoefte en mogelijkheden, zet de gemeente in op het aanbieden en stimuleren van een breed scala aan sport- en beweegactiviteiten en faciliteiten.
3/4
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10770318
Ook via de Haagse Preventieaanpak wordt geïnvesteerd in de jeugd, onder andere door een focus op de ontwikkeling van de breed motorische vaardigheden en het stimuleren van een brede kennismaking met sport. De staatssecretaris van VWS heeft in maart 2022 aangekondigd te onderzoeken of hij gemeenten meer instrumentarium kan bieden om in te kunnen grijpen op de voedselomgeving. 7.
Wat is de stand van zaken van dit onderzoek?
UvA en Amsterdam UMC hebben het onderzoeksrapport ‘Tussen mens en ruimte, de (on)gezonde voedselomgeving als omgevingswaarde’ gepubliceerd (december 2023). Hierin wordt voedsel uitgedrukt als een omgevingswaarde; in een wijk of winkelgebied zou ook de gezonde voedselkeuze gemaakt moeten kunnen worden. De gemeente Den Haag is met andere Citydeal steden samen met de onderzoekers en schrijvers van het rapport bezig om een goed en juridisch houdbaar meetinstrument te ontwikkelen om daarop te kunnen sturen. Studenten van de Haagse Hogeschool zullen aan de hand van dit meetinstrument het bestaande aanbod in (een deel van) Moerwijk meten. Zo wordt een kleine start gemaakt om te kijken of deze manier van onderzoeken valide is. Verder werkt het demissionaire kabinet aan het creëren van een optionele bevoegdheid voor gemeenten om in het omgevingsplan regels te stellen waarmee de vestiging van nieuwe ongezonde voedselaanbieders op bepaalde plekken kan worden geweerd. De maatregel richt zich in eerste instantie op het weren van nieuwe aanbieders van hoofdzakelijk ongezond voedsel zoals fastfoodketens en snackbars, in de omgeving van scholen of in bepaalde wijken waar een onevenredig groot aanbod aan ongezond voedsel is. De planning is om in 2025 een wetsvoorstel naar de Tweede Kamer te sturen. 8.
In hoeverre verwacht het college dat de uitwerking van het Hoofdlijnenakkoord de ingezette preventieve acties in Den Haag de komende jaren gaat frustreren als gevolg van voorgenomen bezuinigingen op publieke gezondheid en verlaging van subsidie op gezonde leefstijl?
Het college heeft kennisgenomen van het voornemen om de intensivering in publieke gezondheid oplopend structureel te verlagen. We wachten af hoe dit wordt uitgewerkt in de ontwerpbegroting 2025 (en verder). Voor nu is het nog te vroeg om te zeggen dat het onze acties zal frustreren. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
4/4