RIS318585 Afdoening motie Bewezen effectieve onderdelen Preventie met Gezag uitrollen
Tekst van het document
Typ tekstTyp tekstTyp tekst
001
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
Aan: de Gemeenteraad
BSD/10750445 RIS318074 Contactpersoon
Coördinator ondermijning Dienst
Bestuursdienst Afdeling
Directie Veiligheid Telefoonnummer
14070 Datum
E-mailadres
29 mei 2024
secretariaatveiligheid@denhaag.nl
Onderwerp
Afdoening motie: ‘Bewezen effectieve onderdelen ‘Preventie met Gezag (PmG)’ uitrollen
Uw raad heeft tijdens de behandeling van de commissiebrief inzake Fenomeenonderzoek en nadere invulling aanpak explosies (RIS318074) op 4 april 2024 de door het raadslid mevrouw Van Doorn ingediende motie: ‘Bewezen effectieve onderdelen ‘Preventie met gezag’ uitrollen’ (RIS318074) aangenomen. Hierbij informeert het college de raad over de afdoening van de motie. De motie luidt als volgt: Constaterende, dat: − het vanuit het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid gefinancierde programma ‘Preventie met gezag’ zich richt op jongeren die vatbaar zijn voor de verleidingen van ondermijnende criminaliteit momenteel ook in Den Haag Zuidwest draait; − de aanpak ‘Preventie met gezag’ mogelijk bruikbare onderdelen heeft die kunnen worden ingezet in de rest van de stad, ter voorkoming van de vele aanslagen met explosieven, die veelal worden gepleegd door jonge daders. Overwegende, dat: − de 19 interventies uit de Haagse uitvoeringsagenda ‘Preventie met gezag’ (RIS314852) zoals bv.
Het inzetten van wijkrechtspraak waarbij de omgeving van de (jonge) dader wordt betrokken als familie en buren, het betrekken van scholen, het versterken van de ouderbetrokkenheid en een passend jeugdhulpaanbod voor de doelgroep 12-, de sociale weerbaarheid en veerkracht van deze voor criminaliteit vatbare jongeren mogelijk versterken; − de eerste evaluatie van ‘Preventie met gezag’ binnen 4 weken wordt verwacht, volgens de burgemeester in het commissiedebat. Verzoekt het college: − zodra de eerste evaluatie van de Haagde uitvoeringsagenda ‘Preventie met gezag’ binnen is, in kaart te brengen welke interventies bewezen effectief zijn en ook in andere relevante wijken kunnen worden uitgerold; − daarbij een indicatie te geven van de financiële implicaties.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
Telefoonnummer 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/10750445
Het college geeft op de volgende manier antwoord op deze uitspraak van de raad: Op 5 april jl. is de jaarrapportage ondermijning verzonden naar de raad (RIS318428). Hierin wordt ook uitgebreid stilgestaan bij de voortgang van het programma Preventie met gezag. Dit betreft echter nog geen evaluatie van het uitvoeringsprogramma, dat pas in 2023 is gestart. Preventie met gezag is een breed en dynamisch programma van in principe 10 jaar, waarvan niet alle interventies op hetzelfde moment worden opgestart. Er is daarom nu nog niet voorzien in één moment, waarop het hele programma wordt geëvalueerd. Wel is er structureel een analist aan het programma verbonden, die met de uitvoerders van de interventies in gesprek is of gaat over de wijze waarop de interventies lopen en of ze de resultaten opleveren die worden beoogd. Inmiddels wordt door het Rijk en met de andere PmG-gemeenten gekeken of samen opgetrokken kan worden bij de evaluatie van interventies die in meerdere gemeenten lopen. Daarnaast is landelijk, in samenwerking met een aantal gemeenten waaronder Den Haag, een monitoringssystematiek ingericht waarbij één keer per jaar gemeten wordt welke output de interventies leveren. Vanaf 2025 zal daarom jaarlijks een aparte PmG-verantwoordingsrapportage worden opgesteld en naar de raad worden verzonden.
Gezien bovenstaande uitleg is het nu niet mogelijk een indicatie te geven van de financiële implicaties van de uitrol van PmG-interventies naar andere delen van de gemeente. Dit neemt niet weg dat vanuit het programma al wel gekeken wordt naar welke interventies uitgerold kunnen worden in aanpalende wijken van Den Haag Zuidwest. Concreet wordt op dit moment verkend of de inzet van de jongerenrechtbank met financiering vanuit PmG uitgebreid kan worden naar scholen in aanpalende wijken. De eerste ervaringen in Zuidwest met de training van jongeren voor de jongerenrechtbank zijn namelijk positief: hun vaardigheden om te gaan met conflicten op school zijn vergroot, evenals hun betrokkenheid bij de school. Daarnaast wordt door Stichting Jongerenrechtbanken Nederland en Halt gezamenlijk onderzoek uitgevoerd naar de werkwijze en effectiviteit van jongerenrechtbanken. Ook is binnen PmG de inzet van wijkgericht werkende hulpverleners binnen de PGA lokaal succesvol gebleken. De samenwerkingslijnen tussen de professionals zijn korter geworden en de betrokkenheid bij en kennis over de wijk is vergroot. Deze werkwijze is inmiddels uitgerold over de rest van de stad. Voor uitbreiding van wijkrechtspraak ligt dit net even anders. De inzet van de wijkrechtspraak in Den Haag Zuidwest vindt plaats als pilot onder regie van de rechtbank.
Met rechtbank, politie, OM en advocatuur is afgesproken dat we eerst de pilot afronden met een evaluatie, voordat gekeken wordt naar eventuele uitbreiding. Conclusie Bij PmG-interventies die lopende 2024 succesvol blijken te zijn, wordt gekeken of deze interventies in aanpalende wijken kunnen worden uitgerold. Deze uitbreiding zal worden gefinancierd vanuit de landelijke PmG-gelden. Het is echter nog niet mogelijk om op dit moment uitspraken te doen over de bewezen effectiviteit van de ingezette interventies. Bij mogelijke uitrol van PmG-interventies naar andere (niet aanpalende) wijken van de stad zal gezocht moeten worden naar aanvullende financiering uit een andere bron. Het is nu nog niet mogelijk om de financiële implicaties hiervan te geven. Wel wordt met de samenwerkingspartners structureel gekeken of de ingezette interventies de beoogde resultaten opleveren en wordt waar mogelijk met andere PmG-gemeenten samengewerkt om inzicht te krijgen in welke interventies effectief zijn. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
2/2