RIS318547 Afdoening motie Transparante verantwoording over de Taalaanpak
Tekst van het document
Typ tekstTyp tekstTyp tekst
dienst: dienstcode
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
OCW/10803025 RIS318547 Contactpersoon
Aan de gemeenteraad
Lieke de Jong Dienst
Dienst Onderwijs, Cultuur en Welzijn Afdeling
OCW Stad en Bestuur Datum
Telefoonnummer
3 december 2024
14070 E-mailadres
lieke.dejong@denhaag.nl
Onderwerp
Afdoening motie: ‘Transparante verantwoording over de Taalaanpak’
Uw raad heeft tijdens de behandeling inzake Actieplan taal ‘Doorbreek de cyclus van de laaggeletterdheid’ (RIS316363) op 4 april 2024, de door het raadslid de heer Bom ingediende motie ‘Transparante verantwoording over de Taalaanpak’ aangenomen (RIS318547). De motie luidt als volgt: Constaterende dat, − het College, tijdens het debat, meerdere keren is aangespoord om de doelstellingen, de verdeling van het budget, de te bereiken resultaten van het actieplan alsmede de onderbouwing ervan helder te verwoorden; − er daarnaast onduidelijkheid bestaat over het totaal aan middelen dat wordt uitgegeven aan diverse programma’s om taalachterstanden te verminderen. Overwegende dat, − het college geen heldere doelstellingen en te bereiken resultaten heeft kunnen verwoorden van het actieplan; − het college tijdens het debat heeft aangegeven dat er tenminste 52,6 miljoen beschikbaar is voor programma’s om taalachterstanden te verminderen; − het college over de besteding van dit budget ook niet duidelijk kan aangeven wat de resultaten van de diverse aanpakken zijn in verhouding tot het budget dat besteed is.
Van mening dat, − de Raad haar controlerende taak alleen naar behoren kan uitvoeren als er door het College adequate informatie wordt verstrekt; − het college bij de diverse programma’s om taalachterstanden te verminderen de raad niet de benodigde kwantitatieve en kwalitatieve informatie geeft over de doelstellingen, de verdeling van de budgetten en de bereikte resultaten. Verzoekt het College, − bij de jaarverantwoording op een heldere en transparante wijze aan te geven wat de doelstellingen, de verdeling van de diverse budgetten en de bereikte resultaten zijn van alle programma’s die gericht zijn op het verminderen van taalachterstanden.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10803025
Hieronder informeert het college de raad over de afdoening van de motie. Zoals bekend, hecht het college aan een stevige inzet op taal, aangezien dit één van de belangrijkste voorwaarden is voor deelname aan de maatschappij. Vanuit programma 6 (onderwijs), gaat dan ook een groot deel van het budget naar doelstellingen en activiteiten gericht op taal. Activiteiten die zich binnen programma 6 specifiek en primair richten op het inlopen en voorkomen van taalachterstanden, zijn opgenomen in het Actieplan Taal (RIS316363). In de brief ‘Verduidelijking Actieplan Taal’ (RIS318293) is daarop nog aanvullende informatie gegeven, ten aanzien van de doelstellingen en begroting van het Actieplan Taal. Uw raad wordt in Q4 een voortgangrapportage toegestuurd, waarin op het Actieplan Taal wordt gerapporteerd. Daarnaast vallen onder programma 6 activiteiten die zich ook richten op het voorkomen en oplossen van taalachterstanden, als onderdeel van een bredere doelstelling die zich richt op het voorkomen en inlopen van onderwijsachterstanden. Voor voorbeelden hiervan, verwijst het college u naar het Activiteitenboek 2025-2028 (RIS319800), één van de bijlagen bij de programmabegroting 2025-2028 (RIS319799). Hier is het volgende overzicht opgenomen, dat relevant is voor het inzicht in welke middelen voor taal worden aangewend: HEA onderwijs(taal)achterstand 15,6 mln.
Volwasseneducatie laaggeletterdheid 2,4 mln. Onderwijsachterstanden en taal (Rijksbijdrage) 40, mln. (incl. VVE, schakelklassen, weekend/zomerscholen) Educatietaak regionale coördinatie taalaanbieders (Rijksbijdrage) 4,0 mln. De meer specifieke doelstellingen bij genoemde budgetten zijn te vinden in de HEA 2023-2026 (RIS311077) en de verschillende subsidieregelingen. Zo richt de subsidieregeling Voor- en vroegschoolse Educatie Den Haag 2024 (RIS319842) zich volledig op het voorkomen van taalachterstanden bij het jonge kind, door te investeren in voorschoolse voorzieningen. Ook in de subsidieregelingen Primair Onderwijs Den Haag 2024 (RIS318873) en Voortgezet Onderwijs Den Haag 2024 (RIS318885) is een deel van de activiteiten gericht op het verbeteren van het taalniveau van kinderen. Dit is met name terug te vinden in de activiteit Extra en intensieve leertijd, waarbij subsidie wordt geboden voor scholen die leerlingen hebben met een groter risico op taalachterstanden en bij nieuwkomersonderwijs. Tot slot heeft de subsidieregeling Volwasseneducatie Den Haag 2022, wijzigingsbesluit 2024 (RIS318831) tot doel basisvaardigheden bij volwassenen te verbeteren. Bovenstaand overzicht betreft de inzet op taal vanuit programma 6, het programma waar een groot deel van het budget naar doelstellingen en activiteiten gericht op taal gaat.
Uiteraard zijn er ook binnen andere programma’s van de programmabegroting activiteiten die bijdragen aan de doelstellingen van het voorkomen en terugdringen van taalachterstanden ook als dat niet het primaire doel is. Dit is echter vaak minder expliciet weer te geven. Denk hierbij aan de programma’s 5 Cultuur en Bibliotheek, 8 Zorg, Welzijn, Jeugd en Volksgezondheid, en programma 14 Stadsdelen, Integratie en Dienstverlening. Binnen deze programma’s worden vele activiteiten gefinancierd, die rechtstreeks de taalachterstanden terugdringen, maar waarvan dit niet op een uniforme wijze in beeld kan worden gebracht in de programmabegroting of het activiteitenboek.
2/3
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10803025
Specifiek daar waar de inspanningen een onderdeel van een ander primair proces zijn of een onderdeel van de uitvoering bij een reguliere activiteit betreffen, zijn de inzet, doelstellingen et cetera op taal niet afzonderlijk zichtbaar te maken. Deze mate van inzicht in de programmabegroting geldt 1 op 1 ook voor de programmarekening. Het college heeft hier nauwkeurig naar gekeken. De conclusie is, dat daar waar het voorkomen en terugdringen van taalachterstanden tot de primaire taak van het betreffende programma behoort, in de programmarekening hierop kan worden gerapporteerd. Voor die programma’s waar wel wordt bijgedragen aan het voorkomen en terugdringen van taalachterstanden, maar dit niet behoort tot de primaire taak van dit programma, kan dit niet afzonderlijk zichtbaar worden gemaakt. Het college beschouwt de motie hiermee als afgedaan. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
3/3