RIS318207 bijlage 2 controleverklaring
Tekst van het document
Gemeentelijke AccountantsorganisatieTyp tekstTyp tekst
GAD/2024.26
Controleverklaring van de onafhankelijke accountant Aan de gemeenteraad van de gemeente Den Haag
Verklaring over de in de programmarekening opgenomen jaarrekening 2023 van de gemeente Den Haag Ons oordeel Wij hebben de jaarrekening 2023 van de gemeente Den Haag gecontroleerd. Naar ons oordeel: ▪ Geeft de in de programmarekening opgenomen jaarrekening (pagina’s 360 t/m 481) een getrouw beeld van de grootte en de samenstelling van zowel de baten en lasten over 2023 als van het vermogen van de gemeente Den Haag (hierna ‘de gemeente’) op 31 december 2023 in overeenstemming met het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). De jaarrekening bestaat uit: 1. Het overzicht van baten en lasten over 2023. 2. De balans per 31 december 2023. 3. De toelichting met een overzicht van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en andere toelichtingen, waaronder de rechtmatigheidsverantwoording van het college van burgemeester en wethouders over de financiële rechtmatigheid van baten, lasten en balansmutaties over 2023 en de verantwoording WNT. 4. De SiSa-bijlage met de verantwoordingsinformatie over specifieke uitkeringen. 5. De bijlage met het overzicht van de gerealiseerde baten en lasten per taakveld over 2023.
De basis voor ons oordeel Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens Nederlands recht, waaronder ook de Nederlandse controlestandaarden, het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado), de Nota verwachtingen accountantscontrole 2023, het normen – en toetsingskader voor de financiële rechtmatigheid dat is vastgesteld door de gemeenteraad op 20 december 2023 (RIS 317056) en het Controleprotocol Wet Normering Topinkomens (‘WNT’) 2023. Onze verantwoordelijkheden op grond hiervan zijn beschreven in de paragraaf ‘Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening’. Wij zijn onafhankelijk van de gemeente Den Haag zoals vereist in de Wet toezicht accountantsorganisaties (Wta), de Verordening inzake de onafhankelijkheid van accountants bij assurance-opdrachten (Vio) en andere voor de opdracht relevante onafhankelijkheidsregels in Nederland. Verder hebben wij voldaan aan de Verordening gedrags- en beroepsregels accountants (VGBA). Wij vinden dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel.
Informatie ter ondersteuning van ons oordeel Wij hebben onze controlewerkzaamheden bepaald in het kader van de controle van de jaarrekening als geheel bij het vormen van ons oordeel hierover. Onderstaande informatie ter ondersteuning van ons oordeel en onze bevindingen moeten in dat kader worden bezien en niet als afzonderlijke oordelen of conclusies.
Materialiteit Op basis van onze professionele oordeelsvorming hebben wij de materialiteit voor de jaarrekening als geheel bepaald op € 34 miljoen. De bij onze controle toegepaste goedkeuringstolerantie bedraagt voor fouten 1% en voor onzekerheden 3% van de totale lasten inclusief toevoegingen aan reserves, zoals voorgeschreven in artikel 2 lid 1 Bado en de Controleverordening gemeente Den Haag 2014. Op basis van paragraaf 4 van de Nota verwachtingen accountantscontrole 2023 hebben wij bij de controle van de SiSa-bijlage dezelfde materialiteit toegepast als bij de jaarrekening.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
secretariaatgad@denhaag.nl www.denhaag.nl
Gemeentelijke accountantsorganisatie Den Haag GAD/2024.26 25 april 2024
Daarbij zijn voor de controle van de in de jaarrekening opgenomen WNT-informatie de materialiteitsvoorschriften gehanteerd zoals vastgelegd in het Controleprotocol WNT 2023. Wij houden ook rekening met afwijkingen en/of mogelijke afwijkingen die naar onze mening voor de gebruikers van de jaarrekening om kwalitatieve redenen materieel zijn, zoals ook bedoeld in artikel 3 Bado. Wij zijn met de gemeenteraad overeengekomen dat wij aan de gemeenteraad tijdens onze controle geconstateerde afwijkingen boven de € 100.000 rapporteren alsmede kleinere afwijkingen die naar onze mening om kwalitatieve redenen, of in het kader van SiSa of WNT, relevant zijn.
Fraude Verantwoordelijkheden Het voorkomen en opsporen van fraude binnen uw organisatie is primair de verantwoordelijkheid van degenen die belast zijn met de governance van de gemeente (het college onder het toezicht van de gemeenteraad). Als uw accountant is het onze verantwoordelijkheid om onze controle te plannen en uit te voeren om redelijke zekerheid te krijgen dat de jaarrekening als geheel geen materiële onjuistheden bevat, of die nu worden veroorzaakt door fraude of door fouten. Datzelfde geldt ook voor niet naleving van wet- en regelgeving. Controleaanpak frauderisico’s Wij hebben voor onze controle de volgende significante frauderisico’s geïdentificeerd: ▪ Risico op het doorbreken van interne beheersingsmaatregelen door het management. ▪ Risico op omkoping en/of corruptie bij inkopen en aanbestedingen. Wij hebben voor onze controle de volgende verhoogde frauderisico’s geïdentificeerd: ▪ Risico op oneigenlijke toekenning van activa. ▪ Risico op omkoping en/of corruptie bij subsidies en/of vergunningen. De volgende generieke controlewerkzaamheden zijn door ons uitgevoerd als reactie op de frauderisico’s: ▪ Wij hebben de door ons geïdentificeerde frauderisico’s besproken met de gemeentelijke organisatie en de Rekeningencommissie.
▪ Wij hebben tijdens onze controle bijzondere aandacht besteed aan het proces om frauderisico’s en risico’s op het niet naleven van wet- en regelgeving te identificeren. ▪ Wij hebben de opzet en de implementatie van relevante aspecten van het systeem van interne beheersing inzake fraude geëvalueerd, waaronder de gedragscode en het incidentenregister. ▪ Wij hebben alle meldingen uit het incidentenregister waarbij sprake was van een aanwijzing van fraude zorgvuldig gewogen in relatie tot het controleobject. ▪ Wij hebben zorgvuldig gewogen of nieuwe feiten uit de recente berichtgeving van invloed zijn op onze jaarrekeningcontrole. Hieruit zijn geen nieuwe aandachtsgebieden naar voren gekomen. De volgende specifieke controlewerkzaamheden zijn door ons uitgevoerd als reactie op de frauderisico’s: ▪ Het risico op het doorbreken van de interne beheersingsmaatregelen door het management komt binnen elke organisatie voor. De belangrijkste mogelijkheden voor management manipulatie bevinden zich binnen de handmatige elementen van de controleomgeving, zoals handmatige journaalposten, schattingsposten en significante transacties die buiten de reguliere bedrijfsvoering van uw organisatie vallen. Wij hebben specifiek aandacht besteed aan de effectiviteit van de ingebouwde waarborgen in de processen met betrekking tot handmatige journaalposten.
Wij hebben een risicogerichte analyse uitgevoerd op de aard en de omvang van de memoriaalboekingen. De memoriaalboekingen boven € 1,5 miljoen zijn integraal in detail gecontroleerd. De memoriaalboekingen onder de € 1,5 miljoen hebben wij geanalyseerd op bijzonderheden in de omschrijving. Wij hebben aandacht besteed aan de interne processen rondom schattingen met betrekking tot de voorraden onderhanden werk (waaronder waardering van grondexploitaties) en diverse voorzieningen (waaronder afvalstoffenheffing en dubieuze debiteuren). Met betrekking tot deze schattingen zijn aanvullende detailcontroles uitgevoerd op basis van professionele oordeelsvorming. ▪ Wij hebben met betrekking tot de inkopen en aanbestedingen de opzet en de interne beheersingsmaatregelen geëvalueerd die bedoeld zijn om het risico op fraude en fouten in relatie tot inkopen en aanbestedingen te mitigeren. Wij hebben met een steekproef leveranciers van aanbestedingen en inkopen in meer detail gecontroleerd. Wij hebben hierbij aandacht besteed aan de controles op de prestatielevering bij inkooptransacties en het naleven van het inkoopbeleid en de aanbestedingsregels. De controlebevindingen met betrekking tot het niet naleven van de Europese aanbestedingswet- en regelgeving komen overeen met de bevindingen in de rechtmatigheidsverantwoording 2023 van het college.
▪ Wij hebben in relatie tot subsidies (en vergunningen) de opzet en de interne beheersingsmaatregelen geëvalueerd die bedoeld zijn om het risico op fraude en fouten in relatie tot subsidies (en vergunningen)
2/6
Gemeentelijke accountantsorganisatie Den Haag GAD/2024.26 25 april 2024
▪ ▪ ▪
te mitigeren. Wij hebben specifiek aandacht besteed aan het proces van subsidies, de secretarieleges en het kwijtschelden van belastingen. Wij hebben subsidies en het kwijtschelden van belastingen via een steekproef gecontroleerd. Wij hebben met betrekking tot het oneigenlijk toekennen van activa specifiek aandacht besteed aan kasgelden. Wij hebben tot slot specifiek aandacht besteed aan de nevenfuncties van het college binnen uw organisatie of deze aanleiding gaven tot een (verhoogd) risico op fraude. Wij hebben de transacties met nevenfuncties van het college beoordeeld. Wij hebben voor het opstellen van de controleaanpak en het uitvoeren van de controlewerkzaamheden in het kader van fraude gebruik gemaakt van een forensische specialist. Wij maken zelf een inschatting van de frauderisico’s. Deze inschatting is uitgevoerd aan de hand van fraudekenmerken: gelegenheid, druk en rationalisatie afgezet tegen de impact en de kans. Voor de inrichting van onze controlewerkzaamheden in het kader van fraude hebben wij de controledoelstellingen uit de controlestandaarden als leidraad gebruikt in samenhang met de uitkomsten van onze frauderisicoanalyse. Deze hebben geresulteerd in generieke en specifieke controlewerkzaamheden in het kader van fraude.
Uitkomst Tijdens de controle van de jaarrekening 2023 van de gemeente Den Haag zijn geen nieuwe aanwijzingen van fraude onder onze aandacht gekomen. Bij ons zijn geen gevallen van niet naleving van wet- en regelgeving onder onze aandacht gekomen, met uitzondering van de door de gemeente gerapporteerde rechtmatigheidsbevindingen.
Continuïteit Verantwoordelijkheden In paragraaf ‘3.3 Weerstandsvermogen’ in het jaarverslag van de gemeentelijke programmarekening 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders een beschrijving opgesteld van de mogelijkheden van de gemeente om de risico’s vanuit de normale bedrijfsvoering financieel op te vangen en de bedrijfsvoering zonder tussenkomst van de provinciale toezichthouder voort te zetten. Onze verantwoordelijkheid als accountant is om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen met betrekking tot, en om te concluderen over, de geschiktheid van het door het college van burgemeester en wethouders van de continuïteitsveronderstelling bij het opstellen en het presenteren over de financiële overzichten en om te concluderen, gebaseerd op de verkregen controle-informatie, of er sprake is van een onzekerheid van materieel belang met betrekking tot de mogelijkheid van de gemeente om haar continuïteit te handhaven. Controleaanpak continuïteit Om aan deze verantwoordelijkheid te voldoen hebben wij de volgende werkzaamheden uitgevoerd: ▪ Wij hebben kennisgenomen van het oordeel van de financieel toezichthouder of de begroting van de gemeente structureel en reëel in evenwicht is. ▪ Wij hebben kennisgenomen van de analyse in de paragraaf ‘3.3 Weerstandsvermogen’ van het college van burgemeester en wethouders.
Hierbij hebben wij ook overwogen of deze paragraaf alle relevante informatie bevat, gegeven onze kennis die wij als accountant hebben vergaard in het kader van de controle van de jaarrekening. ▪ Wij hebben bij het college van burgemeester en wethouders inlichtingen ingewonnen over haar kennis van gebeurtenissen of omstandigheden na de periode waarvoor het college van burgemeester en wethouders een beoordeling heeft gemaakt die gerede twijfel kunnen doen ontstaan over de continuïteit van de entiteit. ▪ Wij hebben kennisgenomen van de meerjarenbegroting in relatie tot de ontwikkelingen in de sector lokale overheden. ▪ Wij hebben vastgesteld dat de volgens het BBV verplichte financiële kengetallen in lijn liggen met de gangbare normen. ▪ Vervolgens hebben wij geëvalueerd of voldoende en geschikte controle-informatie is verkregen met betrekking tot de geschiktheid van het hanteren van de continuïteitsveronderstelling door het college van burgemeester en wethouders bij het opstellen van de financiële overzichten. Uitkomst Onze controlewerkzaamheden hebben geen informatie over continuïteit geconstateerd die strijdig is met de veronderstellingen en aannames van het college van burgemeester en wethouders over de gehanteerde uitgangspunten om de normale bedrijfsvoering door te kunnen zetten.
De condities duiden niet op het bestaan van een onzekerheid van materieel belang met betrekking tot gebeurtenissen of omstandigheden die gerede twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de gemeente om haar continuïteit te
3/6
Gemeentelijke accountantsorganisatie Den Haag GAD/2024.26 25 april 2024
handhaven en dat daardoor de rechtspersoon mogelijk niet in staat zal zijn in het kader van de normale bedrijfsuitoefening zijn activa te realiseren en zijn verplichtingen na te komen. Op basis van de verkregen controle-informatie concluderen wij dat er naar ons oordeel geen onzekerheid van materieel belang bestaat die verband houdt met gebeurtenissen of omstandigheden die, afzonderlijk of collectief, gerede twijfel kunnen doen ontstaan over het vermogen van de gemeente Den Haag om haar continuïteit te handhaven.
Naleving anticumulatiebepaling WNT niet gecontroleerd In overeenstemming met het Controleprotocol WNT 2023 hebben wij de anticumulatiebepaling, bedoeld in artikel 1.6a WNT en artikel 5, lid 1, sub n en o Uitvoeringsregeling WNT, niet gecontroleerd. Dit betekent dat wij niet hebben gecontroleerd of er wel of niet sprake is van een normoverschrijding door een leidinggevende topfunctionaris vanwege eventuele dienstbetrekkingen als leidinggevende topfunctionaris bij andere WNT-plichtige instellingen, alsmede of de in dit kader vereiste toelichting juist en volledig is.
Verklaring over de in de programmarekening opgenomen andere informatie De programmarekening bevat ook andere informatie, naast de jaarrekening en onze controleverklaring daarbij. Op grond van onderstaande werkzaamheden zijn wij van mening dat de andere informatie met de jaarrekening verenigbaar is en geen materiële afwijkingen bevat. Wij hebben de andere informatie gelezen en hebben op basis van onze kennis en ons begrip, verkregen vanuit de jaarrekeningcontrole of anderszins, overwogen of de andere informatie materiële afwijkingen bevat. Met onze werkzaamheden hebben wij voldaan aan de vereisten in de Nederlandse Standaard 720. Deze werkzaamheden hebben niet dezelfde diepgang als onze controlewerkzaamheden bij de jaarrekening. Het college van burgemeester en wethouders is verantwoordelijk voor het opstellen van de andere informatie, waaronder het jaarverslag in overeenstemming met het BBV.
Verklaring betreffende overige door wet- of regelgeving gestelde vereisten Ingevolge artikel 213 lid 3 (b) Gemeentewet hebben wij onderzocht of de baten en lasten, alsmede de balansmutaties met betrekking tot specifieke uitkeringen als bedoeld in artikel 17 Financiële verhoudingswet (hierna: de specifieke uitkeringen) rechtmatig tot stand zijn gekomen. In de jaarrekening is verantwoordingsinformatie opgenomen over deze specifieke uitkeringen (de SiSa-bijlage). Naar ons oordeel zijn de baten en de lasten, alsmede de balansmutaties over 2023 met betrekking tot de specifieke uitkeringen in alle van materieel belang zijnde aspecten rechtmatig tot stand gekomen in overeenstemming met de vereisten aan de specifieke uitkeringen bij en krachtens artikel 58a BBV en de Financiële-verhoudingswet - Regeling Informatieverstrekking SiSa. Het college van burgemeester en wethouders is verantwoordelijk voor het rechtmatig tot stand komen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties met betrekking tot de specifieke uitkeringen, in overeenstemming met de vereisten aan de specifieke uitkeringen bij en krachtens artikel 58a BBV en de Financiële-verhoudingswet - de Regeling Informatieverstrekking SiSa.
In dit kader is het college van burgemeester en wethouders tevens verantwoordelijk voor een zodanige interne beheersing die het college van burgemeester en wethouders noodzakelijk acht om de naleving van die relevante wet- en regelgeving mogelijk te maken zonder afwijkingen van materieel belang als gevolg van fouten of fraude. Het is onze verantwoordelijkheid een redelijke mate van zekerheid te krijgen voor ons oordeel ingevolge artikel 213 lid 3 (b) Gemeentewet. Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens Nederlands recht, waaronder de Nederlandse controlestandaarden, het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado) en de Nota Verwachtingen Accountantscontrole 2023, zoals opgenomen in de Nota procedure aanlevering SiSa-verantwoordingsinformatie 2023 in bijlage 2 van de Regeling Informatieverstrekking SiSa. Wij hebben bij de controle van de baten en lasten, alsmede de balansmutaties met betrekking tot specifieke uitkeringen dezelfde materialiteit toegepast als bij de controle van de jaarrekening.
Onze controle bestond onder andere uit: ▪ Het identificeren en het inschatten van de risico’s dat baten en lasten alsmede de balansmutaties met betrekking tot de specifieke uitkeringen als gevolg van fouten of fraude niet in alle van materieel belang zijnde aspecten rechtmatig tot stand zijn gekomen, het in reactie op deze risico’s bepalen en uitvoeren van controlewerkzaamheden en het verkrijgen van controle-informatie die voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. ▪ Het verkrijgen van inzicht in de interne beheersing die relevant is voor de controle met als doel controlewerkzaamheden te selecteren die passend zijn in de omstandigheden. Deze werkzaamheden
4/6
Gemeentelijke accountantsorganisatie Den Haag GAD/2024.26 25 april 2024
▪
hebben niet als doel om een oordeel uit te spreken over de effectiviteit van de interne beheersing van de gemeente. Het evalueren of de baten en lasten alsmede de balansmutaties met betrekking tot de specifieke uitkeringen in alle van materieel belang zijnde aspecten rechtmatig tot stand zijn gekomen.
Beschrijving van verantwoordelijkheden met betrekking tot de jaarrekening Verantwoordelijkheden van het college van burgemeester en wethouders en de gemeenteraad voor de jaarrekening Het college is verantwoordelijk voor het opmaken en getrouw weergeven van de jaarrekening in overeenstemming met het BBV. Het college van burgemeester en wethouders is ook verantwoordelijk voor de financiële rechtmatigheid van de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties, in overeenstemming met de begroting en met de in de relevante wet- en regelgeving, waaronder de gemeentelijke verordeningen, opgenomen bepalingen, zoals opgenomen in het normenkader 2023 en voor het getrouw toelichten van de financiële rechtmatigheid in de jaarrekening. In dit kader is het college van burgemeester en wethouders tevens verantwoordelijk voor een zodanige interne beheersing die het college van burgemeester en wethouders noodzakelijk acht om het opmaken van de jaarrekening en de naleving van het normenkader voor de financiële rechtmatigheid mogelijk te maken zonder afwijkingen van materieel belang als gevolg van fouten en fraude.
Bij het opmaken van de jaarrekening moet het college van burgemeester en wethouders de veronderstellingen inzake de financiële risico’s in relatie tot de financiële positie onderbouwen en afwegen of de gemeente in staat is de financiële risico’s vanuit de reguliere exploitatie en onverwachte tegenvallers financieel op te vangen zonder tussenkomst van de toezichthouder. Het college van burgemeester en wethouders moet gebeurtenissen en omstandigheden waardoor gerede twijfel zou kunnen bestaan of de financiële risico’s kunnen worden opgevangen toelichten in de jaarrekening. De gemeenteraad is verantwoordelijk voor het vaststellen van het normenkader voor de financiële rechtmatigheid en het uitoefenen van het toezicht op het proces van de financiële verslaggeving van de gemeente.
Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening Onze verantwoordelijkheid is het zodanig plannen en uitvoeren van een controleopdracht dat wij daarmee voldoende en geschikte controle-informatie verkrijgen voor het door ons af te geven oordeel. Onze controle is uitgevoerd met een hoge mate maar geen absolute mate van zekerheid waardoor het mogelijk is dat wij tijdens onze controle niet alle materiële fouten en fraude ontdekken. Afwijkingen kunnen ontstaan als gevolg van fraude of fouten en zijn materieel indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat deze, afzonderlijk of gezamenlijk, van invloed kunnen zijn op de economische beslissingen die gebruikers op basis van deze jaarrekening nemen. De materialiteit beïnvloedt de aard, de timing en de omvang van onze controlewerkzaamheden en de evaluatie van het effect van onderkende afwijkingen op ons oordeel. Wij hebben deze accountantscontrole professioneel-kritisch uitgevoerd en hebben waar relevant professionele oordeelsvorming toegepast in overeenstemming met de Nederlandse controlestandaarden, het Bado, het normen – en toetsingskader voor de financiële rechtmatigheid dat is vastgesteld door de gemeenteraad op 20 december 2023, het Controleprotocol WNT 2023, ethische voorschriften en de onafhankelijkheidseisen.
Onze controle bestond onder andere uit: ▪ Het identificeren en het inschatten van de risico’s dat de jaarrekening afwijkingen van materieel belang bevat als gevolg van fouten of fraude, het in reactie op deze risico’s bepalen en uitvoeren van controlewerkzaamheden en het verkrijgen van controle-informatie die voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Bij fraude is het risico dat een afwijking van materieel belang niet ontdekt wordt groter dan bij fouten. Bij fraude kan sprake zijn van samenspanning, valsheid in geschrifte, het opzettelijk nalaten transacties vast te leggen, het opzettelijk verkeerd voorstellen van zaken of het doorbreken van de interne beheersing. ▪ Het verkrijgen van inzicht in de interne beheersing die relevant is voor de controle met als doel controlewerkzaamheden te selecteren die passend zijn in de omstandigheden. Deze werkzaamheden hebben niet als doel om een oordeel uit te spreken over de effectiviteit van de interne beheersing van de gemeente.
5/6
Gemeentelijke accountantsorganisatie Den Haag GAD/2024.26 25 april 2024
▪ ▪
▪ ▪
Het evalueren van de geschiktheid van de gebruikte grondslagen voor financiële verslaggeving, de gebruikte financiële rechtmatigheidscriteria en het evalueren van de redelijkheid van schattingen door het college en de toelichtingen die daarover in de jaarrekening staan. Het vaststellen dat de door het college van burgemeester en wethouders gehanteerde afweging dat de gemeente in staat is de financiële risico’s vanuit de reguliere exploitatie en onverwachte tegenvallers financieel op te vangen zonder tussenkomst van de toezichthouder. Tevens het op basis van de verkregen controle-informatie vaststellen of er gebeurtenissen en omstandigheden zijn waardoor gerede twijfel zou kunnen bestaan omtrent de financiële positie. Als wij concluderen dat er een onzekerheid van materieel belang bestaat, zijn wij verplicht om aandacht in onze controleverklaring te vestigen op de relevante gerelateerde toelichtingen in de jaarrekening. Als de toelichtingen inadequaat zijn, moeten wij onze verklaring aanpassen. Onze conclusies zijn gebaseerd op de controle-informatie die verkregen is tot de datum van onze controleverklaring. Toekomstige gebeurtenissen of omstandigheden kunnen echter van materiële betekenis zijn voor de financiële positie van de gemeente. Het evalueren van de presentatie, de structuur en de inhoud van de jaarrekening en de daarin opgenomen toelichtingen.
Het evalueren of de jaarrekening een getrouw beeld geeft van de onderliggende transacties en gebeurtenissen.
Gegeven onze eindverantwoordelijkheid voor het oordeel zijn wij verantwoordelijk voor de controle van de jaarrekening van de gemeente, rekening houdend met de invloed daarop van de aard en de significantie van de activiteiten van uitvoeringsorganisaties ten behoeve van de gemeente. Op basis hiervan hebben wij de aard en de omvang bepaald van de uit te voeren werkzaamheden ten aanzien van deze uitvoeringsorganisaties. Wij communiceren met de Rekeningencommissie van de gemeenteraad onder andere over de geplande reikwijdte en de timing van de controle en over de significante bevindingen die uit onze controle naar voren zijn gekomen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing. Den Haag, 25 april 2024 Gemeentelijke Accountantsorganisatie Den Haag Origineel getekend door: drs. C.G.A. Slotema-Tesser RA MPC CPC Gemeente accountant / directeur GAD
6/6