RIS317990 Bijlage
Tekst van het document
Beantwoording technische vragen Nr.
Halfjaarrapportage 2023 Wmo (RIS317116)
Partij 1 CDA
Blz. Pag. 8
Vraag (Scholing aan WMO casemanagers over het herkennen van dementie) Dit lijkt me erg nuttig ook voor ouderenconsulenten of mensen van de dagbesteding. Is daar ook vraag naar een dergelijke cursus? Zou het mogelijk zijn dat een bredere doelgroep de cursus kan volgen?
Antwoord De behoefte aan trainingen om dementie te herkennen is breder gepeild. O.a. onder ouderenconsulenten, gecontracteerde Wmo-aanbieders van huishoudelijke hulp en diverse vrijwilligers. Vanuit de ouderenconsulenten werd aangegeven dat zij al voldoende scholing over dit onderwerp ontvangen. Een aantal gecontracteerde Wmoaanbieders heeft zelf een training georganiseerd.
2 CDA
Pag. 8
(Woonzorganalyse die wordt gedaan door het adviesbureau Companen) Wanneer is deze analyse beschikbaar voor de raad? (overigens staan op het RIS twee dezelfde documenten waarvan een geanonimiseerd en de andere niet, gaat om ingekomen stuk Staedion woonzorgvisie)
De woonzorganalyse vormt de basis voor de Haagse woonzorgvisie en zal hierin terugkomen. De verwachting is dat de woonzorgvisie uiterlijk het 4e kwartaal van 2024 met de raad gedeeld wordt.
3 CDA
Pag. 9
(Over de bestrijding van eenzaamheid, bij de resultaten staat dat er met Dit blijkt uit contacten met partners en wijkprofessionals én publicaties o.a. op de website van 'Eén tegen name aandacht was voor het veminderen van zomer eenzaamheid bij Eenzaamheid'. Veel ouderen missen kinderen en kleinkinderen tijdens de vakantieperiode. kwetsbare inwoners, vooral 55 plussers) Hoe is geconcludeerd dat er vooral 55 plussers waren/zijn en wat is hierbij een verklaring? Waarom zijn vooral 55 plussers eenzaam?
4 CDA
Pag. 9
(tabel met locaties voor Haags ontmoeten) Er wordt bij de verdeling van de locaties over de stad weldegelijk rekening gehouden met de demografische Hoe is gekeken naar de verdeling van de locaties over de stad? Mijn verspreiding van senioren. Ook wordt rekening gehouden met het aantal goedlopende bestaande locaties, omdat we achterliggende gedachte is dat er In het centrum 16 locaties zijn, terwijl deze graag willen behouden. Daarom zijn er verhoudingsgewijs meer locaties in het Centrum. daar 12% van de inwoners ouder dan 65 jaar is. In Loosduinen zijn er 6 locaties, terwijl daar bijna 28% van de inwoners ouder dan 65 jaar is.
5 CDA
Pag. 9
(Hoofdstuk over eenzaamheid) De beleidslijn 2019-2022 is aangehouden voor het jaar 2023 (coalitieakkoord kwam in de tweede helft van 2023). Er wordt verwezen naar het actieplan één tegen eenzaamheid. Als ik Resultaten worden inzichtelijk gemaakt in de (half)jaarlijkse Wmo-rapportages. De Jaarrapportage 2023 Wmo zal een het goed lees bestrijken de plannen die daarin beschreven staan de terugkoppeling geven van de jaarresultaten in 2023. Deze zal o.a. meer informatie bieden over aantallen deelnemers periode 2019-2022. Komt er nog een evaluatie of reflectie op, hoe het aan activiteiten. Globale reflectie op de afgelopen vier jaar is onderdeel van de planvorming voor komend beleid. Voor plan geïmplementeerd is, wat successen waren, wat belangrijke lessen zover mogelijk zal ook de impact worden omschreven. Een nieuwe actielijn op het gebied van eenzaamheid verschijnt waren en voor zover mogelijk op de impact van de initiatieven die in het uiterlijk in het 4e kwartaal van 2024. plan voorzien waren. (In het plan wordt ook iets geschreven over impact (p16) 2019/2020 Impact We gaan informatiegestuurd werken. Het effect van onze acties wordt meetbaar en we kunnen de maatschappelijke en financiële impact beoordelen. We sturen direct bij, want door problemen te voorkomen, besparen we samen ook kosten.)
6 CDA
Pag. 10
(Haagse integrale aanpak ter bestrijding van eenzaamheid 2024-2025) Is deze aanpak beschreven in een document? Waar kan ik die vinden?
Dit betreft een voorstel om extra Rijksgelden te besteden voor de aanpak eenzaamheid (SPUK), die in de komende beleidslijn (tot 2026) zal worden geïntegreerd.
7 CDA
Pag. 10
(Er wordt gewerkt aan een versterking van de Haagse integrale aanpak, onder meer intern op het gebied van de Wijkaanpak zodat eenzaamheid nog meer in de directe nabijheid van inwoners kan worden aangepakt) Hoe wordt er gewerkt aan die versterking, kan er meer informatie gegeven worden over het proces en welke organisaties daarbij betrokken worden. Wat wordt bedoeld met ‘intern’?
De besteding van de extra Rijksgelden is onderdeel van een nieuw beleidsplan sociale basis en een onderliggende actielijn eenzaamheid die worden opgesteld. Die actielijn verschijnt in het 4e kwartaal van 2024. Samenwerking met diverse (interne, stedelijke, regionale en landelijke) partijen loopt al vele jaren, in ieder geval sinds 2019. Door de extra Rijksgelden kan extra inzet plaatsvinden op projecten die naast eenzaamheid ook te maken hebben met bijvoorbeeld Jeugdbeleid (versterking mentale gezondheid van jongeren). Veel projecten vergen intensieve voorbereiding en intern overleg, zoals bij welzijnsprojecten waarbij de stadsdelen, de diensten SZW en OCW, en het Centraal Subsidiebureau betrokken zijn.
8 CDA
Pag. 10
(Vanaf 2023 zijn er jaarlijks vanuit het Rijk middelen beschikbaar gesteld De begrote middelen op het gebied van eenzaamheid in 2023 zijn terug te lezen in de Programmabegroting 2023-2026 voor de aanpak voor de bestrijding van eenzaamheid) (RIS313463). De gemeente ontving vanuit het Rijk in 2023 als onderdeel van SPUK een bedrag van 322.000 euro (in Q4 Hoeveel geld was hiervoor in 2023 beschikbaar? Waar is dat aan 2023 beschikbaar) om te besteden op het gebied van eenzaamheid. Middelen voor eenzaamheid zijn uitgegeven aan besteed? verschillende acties gericht op het reduceren en voorkomen van eenzaamheid. Meer hierover is te lezen in de nog te verschijnen Programmarekening 2023.
9 CDA
Pag. 10
(Over de training voor WMO thuishulp organisaties. Deze is in 2023 aangepast omdat in 2022 bleek dat hij onvoldoende aansloot) Op wiens initiatief is de training tot stand gekomen? Ik ben wel benieuwd naar het verloop van deze trainingen, wat vonden de deelnemers ervan en hoe heeft het geholpen bij de bestrijding van eenzaamheid.
De training 'Signaleren van eenzaamheid' werd eerder ontwikkeld. Deze is in eerste instantie aangeboden aan hulpen in de huishouding naar aanleiding van de motie ‘Koffietijd tegen eenzaamheid’ (RIS311602). Maar na evaluatiebleek deze te moeilijk voor die doelgroep (reflectievermogen, taalgebruik) en aangepast voor de teammanagers. De hulpen geven hun signalen door aan de teamleiders, die de tijd en deskundigheid hebben om het gesprek aan te gaan of een signaal door te geven aan het wijkteam. In 2023 is deze training aangeboden aan en gevolgd door de Wmoaanbieders. De ervaringen zijn nog niet bekend, maar zullen worden beschreven in de commissiebrief bij de Jaarrapportage 2023 Wmo.
10 CDA
Pag. 10
(Over de subsidie regeling samen Sociaal en Vitaal) Is het ook mogelijk een meerjaren subsidie te krijgen binnen deze regeling? Zo nee, waarom niet?
Voor het huidige subsidiejaar 2024 is dit nog niet mogelijk. Momenteel wordt de mogelijkheid onderzocht om een deel van de subsidieregeling meerjarig te maken.
11 CDA
Pag. 13
(Klanttevredenheid bij toegang is ingevuld door 87 mensen) Dit gaat dan over de toegang[,] hoe makkelijk het was een hulpvraag te stellen. 87 respondenten lijkt me erg laag, is dit wel representatief? Er werden immers 13.000 meldingen ontvangen.
Door de overgang naar een nieuw geautomatiseerd cliëntvolgsysteem werd de uitvraag tijdelijk gestaakt. Dit leidde er toe dat een deel van het jaar geen vragenlijsten werden verstuurd. Dit verklaart het lage aantal. Inmiddels worden weer volop vragenlijsten verstuurd. In het hele jaar 2023 werden in totaal 2.023 vragenlijsten verstuurd. Hiervan zijn 500 vragenlijsten ingevuld (respons 24,7%).
12 CDA
Pag. 18
(Over de PGB, er zijn 159 PGB aanbieders getoets[t] waarvan er 58 akkoord waren) Dat is een forse groep die geen akkoord gekregen hebben. Wat waren redenen dat de PGB aanbieders niet door de toets heengekomen zijn?
Veel voorkomende redenen waardoor PGB-aanbieders niet voldeden aan de toets: geen reactie op een informatieverzoek (ook niet na een herinnering), niet de vereiste diplomering, geen VOG, het ontbreken van een erkende kwaliteitsmethodiek of keurmerk.
13 CDA
Pag. 18
(Over de PGB, PGB clienten worden geadviseerd over te stappen) Dit is een niet-bindend advies? Dus clienten kunnen besluiten alsnog door te gaan met PGB aanbieders die niet door de toets heengekomen zijn?
Het is een advies aan de cliënt, maar dat is niet vrijblijvend. Wanneer een PGB-aanbieder niet voldoet aan de kwaliteitseisen en door het college is uitgesloten als professionele dienstverlener, dan kan de cliënt niet doorgaan met diezelfde PGB-aanbieder. Wel kan de cliënt kiezen voor een andere PGB-aanbieder die wel voldoet of alsnog kiezen voor zorg in natura bij één van de gecontracteerde Wmo-aanbieders.
14 CDA
Pag. 18
(Over de PGB kwaliteitstoets) Kan ik de toets ontvangen? Ik ben wel benieuwd hoe die eruit ziet.
Zie het kwaliteitsformulier op de gemeentelijke website. Link: Kwaliteitsformulier Zorgaanbieders PGB-Wmo
15 CDA
Pag. 22
(De Haagse Tevredenheidstoets laat zien dat er ruim een zeven gegeven 87. Zie ook het antwoord op vraag 11. wordt aan de dienstverlening van de gemeente) Hoeveel respondenten hebben de toets ingevuld?
16 CDA
Pag. 22
(Clientenervaringen bij WMO Maatwerkarrangementen) Clienten kunnen nu zelf aangeven hoe tevreden zij zijn over de huishoudelijke hulp. Hoe wordt dat gedaan? Vullen clienten een formulier in? Hoeveel respondenten hebben hun ervaringen doorgegeven?
In 2023 is voor het eerst gestart met het bevragen van Wmo-cliënten die 3 tot 6 maanden ondersteuning krijgen in de vorm van een Wmo-maatwerkarrangement. Zij zijn uitgenodigd om een vragenlijst in te vullen waarmee de klanttevredenheid bij hulp bij het huishouden, begeleiding en/of dagbesteding wordt gepeild. In totaal werden 220 vragenlijsten verzonden. Daarvan hebben 74 cliënten de vragenlijst ingevuld (respons bijna 34%).
17 CDA
Pag. 22
74. Zie ook het antwoord bij vraag 16.
18 GroenLinks
Pag. 6
(Klanttevredenheidsonderzoek) Ook hier de vraag hoeveel respondenten hebben aan het onderzoek deelgenomen? Vrijwilligersondersteuning PEP: wat is het aanbod als het gaat om structurele ondersteuning van initiatieven rondom vrijwilligersmanagement? Komt het ook voor dat het vrijwilligersmanagement (wanneer daar behoefte aan is) deels uit handen wordt genomen?
19 GroenLinks
Pag. 21
Wachtlijst beschermd wonen: kan de lengte van de wachttijden in kwartielen worden aangegeven?
In principe is de data hiervoor herleidbaar, hoewel dit niet standaard uit het systeem te halen is. Wij zullen deze informatie meesturen met de Jaarrapportage 2023 Wmo.
1. Organisaties kunnen kosteloos gebruik maken van advies- en ondersteuningstrajecten (een serie van één of meer adviesgesprekken), leergangen voor bestuurders en vrijwilligersmanagement, het behalen van keurmerken voor vrijwilligersbeleid en nog meer. Voor een overzicht van het volledige aanbod kan gekeken worden op pepdenhaag.nl. 2. PEP neemt nooit uitvoerende werkzaamheden van vrijwilligersorganisaties over. Zij bevordert het zelforganiserend vermogen van vrijwilligersorganisaties en geeft ‘de hengel maar niet de vis’. Haar rol is beperkt tot die van adviseur en PEP kan niet als verantwoordelijk worden gezien voor de interne bedrijfsvoering van individuele vrijwilligersorganisaties.
Pagina 1 van 4
Beantwoording technische vragen 20 GroenLinks
Pag. 17
Halfjaarrapportage 2023 Wmo (RIS317116) Looptijd indicaties huishoudelijke hulp: hoe vaak (percentueel gezien) worden indicaties met een looptijd t/m 2 jaar niet verlengd of (qua aantal uren) geïntensiveerd? Zijn er hierbij verschillen zichtbaar per leeftijdsgroep?
Van de aflopende indicaties met een looptijd tot 2 jaar (in de eerste helft van 2023) werd in totaal 79,2% verlengd. Van de aflopende indicaties werd 73,4% ongewijzigd voortgezet, werd 2,8% afgeschaald voortgezet en werd 2,9% geïntensiveerd voortgezet. De beëindigingen (20,8%) betroffen: niet langer nodig, overleden, overgang naar de Wlz, verhuizing. De belangrijkste verschillen: van de groep met een leeftijd tot 50 jaar werd 82,0% van de aflopende indicaties ongewijzigd voortgezet. Bij de groep met een leeftijd vanaf 50 tot 70 jaar was dat 80,1% en bij de groep met een leeftijd vanaf 70 jaar was dat slechts 59,4%. Dit wordt verklaard doordat bij deze laatste groep vaker sprake was van overlijden of van een overgang naar de Wlz. Bij de groep met een leeftijd tot 50 jaar was dit 0,8%. Bij de groep met een leeftijd vanaf 50 tot 70 jaar was dat 4,7%. En bij de groep met een leeftijd vanaf 70 jaar was dat 24,6%.
21 GroenLinks
Pag. 17
Is er een beeld van welke inkomensgroepen gebru[i]k maken van hulp bij huishouden?
De gemeente beschikt bij de uitvoering van de Wmo niet over inkomensgegevens. Indirect kan dat wel worden afgeleid van de hoogte van de eigen bijdrage die door het CAK wordt vastgesteld en geïnd voor Haagse Wmo-cliënten met huishoudelijke hulp, hulpmiddelen en/of woning-aanpassingen. Die groep wordt hieronder verdeeld naar inkomen per jaar per huishouden. Hier zijn verder geen conclusies uit te trekken: - inkomens tot € 17.474. Dit betreft 44,7% van de cliënten; - inkomens vanaf € 17.474 tot € 22.873. Dit betreft 21,7% van de cliënten; - inkomens vanaf € 22.873. Dit betreft 33,7% van de cliënten.
22 GroenLinks
Pag. 14
Hoeveel FTE hielden zich bezig met de afhandeling van WMOmeldingen? Hoe verhoudt dat zich tot eerdere jaren?
Hieronder volgt een overzicht van de bemensing van de Wmo-wijkteams, de (interne) doorstroom en (externe) uitstroom. Dit is een actualisatie van de tabel bij antwoord 35 van de technische vragen bij de Jaarrapportage 2022 Wmo (RIS316377).
23 GroenLinks
Pag. 5
Hoeveel mantelzorgers hebben in totaal gebruik gemaakt van Om mantelzorgers te ondersteunen worden verschillende deelgebieden onderscheiden: informatie en advies, ondersteuningsaanbod, in het bijzonder van respijtzorg? Hoe verhoudt persoonlijke ondersteuning, emotionele steun; educatie; praktische hulp; vervangende mantelzorg (respijtzorg); dat zich tot eerdere jaren? financiële regelingen en materiële hulp. Het is niet bekend hoeveel mantelzorgers gebruik maken van dit brede ondersteuningsaanbod. Met de SPUK-middelen vanuit het Rijk zal komende jaren geïnvesteerd worden op respijtzorg. Het aantal mantelzorgers dat hiervan gebruik maakt, zal worden gemonitord.
24 GroenLinks
Pag. 18
Wordt bij de ‘’overgang van jeugdwet naar wmo’’ arrangementen ook gekeken naar de tevredenheid van de jongeren over de arrangementen. Zo ja; wat waren de resultaten?
25 VVD
Pag. 5 (Waardering en erkenning van mantelzorgers en vrijwilligers)
Er was rekening gehouden met 1 milj euro aan uitgaven en er is een Wij verwijzen naar de raadsmededeling "Oneigenlijk gebruik waarderingsprogramma mantelzorgers en vrijwilligers" totaal van 2,55 miljoen uitgegeven aan blijken van waardering. Na 1 (RIS317006). Nadere informatie volgt zoals eerder is toegezegd. maand was het budget van 2024 al op. Wat is de stand van zaken nu m.b.t. deze fraude? Hoeveel onterechte aanvragen waren er en hoeveel geld is er nu terugbetaald? Welke sancties zijn er opgelegd? Hoe wordt in de toekomst voorkomen dat dit nog een keer kan gebeuren en op welke manier wordt de raad hierover geïnformeerd?
26 VVD
6 (Ondersteuning van Welke focus heeft PEP in 2023 aangebracht in haar dienstverlening en 1. Voor PEP geldt dat in 2023 de focus ligt op de advies- en ondersteuningstrajecten en trainingen. Het resultaat: PEP maatschappelijke wat was hiervan het concrete resultaat? heeft circa 1.200 gesprekken gevoerd met ongeveer 600 organisaties in 2023 met een gemiddeld tevredenheidscijfer vrijwilligersorganisati Op welke manier onderhoudt PEP contact met de bewonersorganisaties van 8,5 (gebaseerd op voorlopige cijfers 2023). es) in de stad? In hoeverre is er gebruik gemaakt van de 2. PEP spreekt regelmatig met bewonersorganisaties, als één van de vele betrokkenen. Zo heeft elk stadsdeel cursussen/trainingen/ondersteuning door PEP? Is bekend hoe de minimaal twee PEP adviseurs als accounthouder/aanspreekpunt. Daarnaast hebben ongeveer 27 dienstverlening van PEP wordt ervaren door de bewonersorganisaties? bewonersorganisaties in heel 2023 gebruik gemaakt van de individuele diensten van PEP. Zo ja, hoe wordt dit gemeten en zo nee, waarom niet? 3. Er zijn ruim 100 trainingen en cursussen door PEP aangeboden in 2023. Meer dan 1.700 deelnemers hebben hiervan Hoeveel vrijwilligers heeft PEP in 2023 geworven? In hoeverre wordt er gebruik gemaakt (gebaseerd op voorlopige cijfers 2023). voor bewonersorganisaties rekening mee gehouden dat het vrijwilligers 4.
De accounthouders van PEP hebben contact met vrijwel alle bewonersorganisaties. In die contacten worden ook uit de betreffende wijk moeten zijn en in veel gevallen ook met hun ervaring met de dienstverlening besproken. De survey die PEP uitstuurt ter evaluatie van de advies- en bestuurlijke ervaring? ondersteuningstrajecten is anoniem. Bij de reacties zitten ook die van bewonersorganisaties, maar deze zijn niet te identificeren, tenzij organisaties ervoor kiezen om zichzelf bekend te maken in de survey. 5. PEP evalueert alle gesubsidieerde activiteiten in het kader van subsidieverantwoording en de continue verbetering van de eigen bedrijfsvoering. Bij gesprekken en bijeenkomsten worden bijvoorbeeld surveys gebruikt om de ervaringen en tips van deelnemers te horen. 6. PEP werft geen vrijwilligers voor organisaties (dat doen vrijwilligersorganisaties zelf), maar biedt wel de stedelijke infrastructuur om de koppeling mogelijk te maken en adviseert vrijwilligersorganisaties over hoe zij hun werving kunnen vormgeven en verbeteren. Als onderdeel van haar online Den Haag Doet en Volunteer The Hague platforms hebben minimaal 4.500 aspirant vrijwilligers zich in 2023 gemeld bij een maatschappelijke organisatie naar aanleiding van een vacature op de platforms.
Het woord 'minimaal' wordt hierbij gebruikt omdat veel vrijwilligers ook direct contact zoeken met de vrijwilligersorganisatie in kwestie zonder tussenkomst van PEP, maar wel dankzij het online Den Haag Doet platform van PEP. 7. In haar adviesgesprekken is PEP zich bewust van het unieke karakter van bewonersorganisaties en houdt zij er rekening mee dat bewonersorganisaties andere eigenschappen hebben dan bijvoorbeeld een stedelijk maatjesproject. Een voorbeeld is inderdaad dat het initiatieven voor en door bewoners uit de betreffende wijken zijn.
27 VVD
8 (Valpreventie)
Kan er inzicht worden gegeven in hoeverre de valpreventie trainingen Het CBS houdt cijfers bij van het aantal Haagse 65-plussers dat in het ziekenhuis is opgenomen door een valongeval. ook daadwerkelijk er toe hebben geleid dat ouderen in Den Haag De meest recente cijfers zijn van 2021, dat is het eerste jaar dat de valpreventietrainingen startten. Het is nog te vroeg minder vallen (minder ongelukken krijgen)? Zijn er cijfers van om inzichtelijk te maken of de trainingen leiden tot een daling of een demping van de stijging, naar aanleiding van de ziekenhuizen/eerst hulp beschikbaar kan de eventuele daling inzichtelijk vergrijzing, van het aantal valongevallen. De valpreventietrainingen worden onder de aandacht gebracht door middel worden gemaakt? van samenwerkingspartners (waaronder welzijnswerkers en huisartsen), sociale media, video's, flyers en Op welke manier worden de valpreventietrainingen onder de aandacht krantenberichten. Het streven voor 2024 is dat 600 senioren aan de valpreventietrainingen deelnemen. Hiervoor is gebracht bij de doelgroep? Welke streven heeft het college voor 2024: een nog sterkere samenwerking met het medisch domein nodig.
Het doel van de valpreventieaanpak is, naast het hoeveel ouderen moeten de training valpreventie hebben gevolgd en verminderen van valongevallen, ook het vergroten van het zelfvertrouwen van senioren, het stimuleren van meer wat is ervoor nodig om dit te bereiken? Welke doelen stelt het college beweging, en het vergroten van het sociale netwerk. Het effect van de valpreventietrainingen op het verminderen van zich als het gaat om het terugbrengen van het aantal ouderen in Den valongevallen is complex om te meten, omdat er altijd meerdere factoren van invloed zijn op een valongeval. Haag dat valt?
28 VVD
10 (Subsidieregeling samen sociaal en vitaal Den Haag)
Is de subsidieregeling in lijn met de aanbevelingen van de Rekenkamer De subsidieregeling Samen Sociaal en Vitaal bestaat sinds 2020. Deze regeling werd toen onder andere geschreven op in Den Haag over de subsidiestructuur d.w.z.: transparant en te basis van de aanbevelingen uit het Rekenkamerrapport ‘Eerlijk delen’ uit 2017 (RIS297663). Sindsdien zorgt deze traceren? Kan worden aangegeven op welke manier er aan de regeling voor een transparant speelveld met gelijke kansen voor organisaties. De regeling, eventuele wijzigingen aanbevelingen van de Rekenkamer wordt voldaan? De achtergrond van daarin en ook de resultaten van de tender worden jaarlijks via diverse openbare kanalen naar de stad de vraag is: waar geven we precies geld aan uit en wat levert dit op? gecommuniceerd (gemeentelijke website, nieuwsbrieven, informatiebijeenkomsten en het subsidieregister). Tevens Hoe wordt dit inzichtelijk gemaakt? worden de regeling en de resultaten ervan elk jaar geëvalueerd, waar nodig wordt de regeling voor het daaropvolgende jaar aangepast. Hierin worden recente aanbevelingen van de Rekenkamer steeds meegenomen.
Er is geen aparte tevredenheidsmeting onder jongeren, zij gaan mee in de reguliere metingen.
Pagina 2 van 4
Beantwoording technische vragen 29 VVD
20 (Ritten en klachten AV070)
Halfjaarrapportage 2023 Wmo (RIS317116) Wat is de stand van zaken nu m.b.t. het doelgroepenvervoer: In de commissiebrief 'Stand van zaken doelgroepenvervoer' (RIS 317386) zijn deze zaken opgenomen. Het college chauffeurstekorten en de klachtenafhandeling? Wat wordt er door het heeft in december 2023 een boete opgelegd vanwege achterblijvende kwaliteit en om de ernst van deze situatie college ondernomen om er voor te zorgen dat in 2024 de kwaliteit sterk duidelijk te maken. Naast de lopende gesprekken wordt er gekeken naar het nemen van aanvullende maatregelen om verbetert? de kwaliteit te verbeteren. Bij het verder uitblijven van verbetering kunnen aanvullende stappen genomen worden, Wat is de reden dat de fraudeaanpak binnen de WMO-rapportage niet zoals het nogmaals opleggen van boetes en het ingebrekestellen van de vervoerder. geëvalueerd of benoemd wordt? Hoe houdt de gemeente zicht op dat er voor de Pgb’s juist Zoals aangegeven bij het antwoord op technische vraag 6 bij de Halfjaarrapportage 2022 Wmo (RIS314482) is over de gedeclareerd is en het geld terecht komt bij de mensen waar het voor aanpak 'Misbruik en oneigenlijk gebruik' gerapporteerd in de voortgangsrapportages kostenbeheersing. Zie bedoeld is? bijvoorbeeld RIS314510.
Zoals aangegeven bij het antwoord op technische vraag 8 bij de Halfjaarrapportage 2022 Wmo (RIS314482) voorkomt de systematiek van het "trekkingsrecht" fraude met besteding van het PGB. Er wordt geen bedrag rechtstreeks aan de cliënt uitgekeerd waaruit hij zelf betalingen kan doen. Er wordt hem een bedrag ter besteding beschikbaar gesteld. Namens het college worden door de Sociale Verzekeringsbank (SVB) betalingen verricht. Zo wordt gewaarborgd dat het PGB slechts wordt besteed om diensten, activiteiten, roerende zaken of woningaanpassingen in te kopen die in de maatwerkvoorziening zijn opgenomen. In aanvulling daarop gebruikt de afdeling 'Misbruik & Oneigenlijk gebruik' (M&O) datamanagement bij o.a. de declaraties en de betalingen aan aanbieders. Er wordt onderzocht of de declaraties juist en volledig zijn ingevuld. Ook wordt gecontroleerd of het rekeningnummer van de aanbieder is, van de cliënt of van een derde. Zo wordt met datamanagement en vervolgonderzoeken zicht gehouden op de rechtmatigheid.
30 ChristenUnie-SGP
pag. 2 (van Commissiebrief)
‘’De Wmo-casemanager beoordeelt meer complexe hulpvragen waarvoor uitgebreid onderzoek nodig is. Ook kan hiervoor op huisbezoek worden gegaan.’’ Waarom is een huisbezoek bij een meer complexe hulpvraag niet meer standaard? Is dat een tijdelijke maatregel om tekorten in te lopen of blijft dat zo?
Dit is geen tijdelijke maatregel maar onderdeel van het vereenvoudigen van het beoordelingsproces. Voorheen werden alle Wmo-meldingen op dezelfde manier afgehandeld. Er werd bijvoorbeeld standaard een huisbezoek afgelegd. Dit kan door de cliënt ervaren worden als inmenging in de persoonlijke levenssfeer en (privacy)belastend. Ook kost het de gemeente extra tijd, terwijl dat niet altijd nodig is. Voor een zorgvuldig onderzoek zal veelal sprake zijn van enige vorm van persoonlijk contact met betrokkene (of een vertegenwoordiger), aangezien daardoor een adequaat totaalbeeld van de betrokkene en zijn situatie verkregen kan worden. De wetgever liet de vorm van het onderzoek daarom vrij (TK 2013-2014, 33 841, nr. 3, pag. 143). Daarom beoordeelt de Wmo-casemanager per geval of het afleggen van een huisbezoek nodig is. Deze professional is opgeleid, en heeft de ervaring en deskundigheid, om dit goed te kunnen beoordelen.
31 ChristenUnie-SGP
Pag. 3 (van de Commissiebrief)
De gemiddelde doorlooptijd in het eerste halfjaar 2023 is licht gestegen naar 68 dagen. Hoe is dat te verklaren met de dalende werkvoorraad? Wat is de gemiddelde doorlooptijd van een melding voor het geheel van 2023?
De commissiebrief bij de Halfjaarrapportage 2023 vermeldde de actuele ontwikkelingen bij de Wmo-werkvoorraad en doorlooptijden. Toen werden de eerste goede resultaten gerapporteerd. Die trends zetten zich voort. De omvang van de werkvoorraad daalde verder van 3.491 meldingen op 12 oktober 2023 naar 3.163 meldingen op 31 december 2023. De gemiddelde doorlooptijd van afgehandelde Wmo-meldingen piekte in mei 2023 en daalde naar 67 dagen in september 2023. Ook hier is sprake van een verdere daling naar 57 dagen in december 2023. De gemiddelde doorlooptijd over het gehele jaar 2023 komt uit op 67 dagen. Een daling van de werkvoorraad (= standcijfer) toont zich onmiddellijk, maar werkt vertraagd door in de doorlooptijden (= stroomcijfer) over het eerste halfjaar of het hele jaar. Die laatste toont immers een gemiddelde waarin óók de waarden meetellen uit de vorige maanden. Wel zien we dus dat sinds mei 2023 de gemiddelde doorlooptijd per maand daalt.
32 ChristenUnie-SGP
Pag. 3 (van de Commissiebrief)
Wanneer verwacht het college met deze dalende trend dat de wettelijke termijn van Wmo-meldingen wordt gehaald?
Afgezien van onzekerheden, zoals de invloed van een opleving van de (corona)pandemie en het ziekteverzuim, is de verwachting dat met het normaliseren van de werkvoorraad óók de gemiddelde doorlooptijd zich in de richting van de wettelijke termijn beweegt tegen het einde van 2024. Zie ook het antwoord bij vraag 31.
33 ChristenUnie-SGP
Pag. 3 (van de Commissiebrief)
Kan het college aangeven welk gedeelte van de wmo-meldingen een aanvraag is voor uitbreiding van de huidige hulp ten opzichte van een geheel nieuwe wmo-aanvraag? Zijn daar trends van beschikbaar?
Wanneer een Wmo-melding wordt gedaan, kan de indiener aangegeven in hoeverre sprake is van een nieuwe hulpvraag. Van de afgehandelde meldingen voor een Wmo-maatwerkarrangement (= huishoudelijke hulp, individuele begeleiding, dagbesteding) betrof 48% een nieuwe hulpvraag, 40% een verzoek om verlenging van de lopende indicatie, en 12% een verzoek om wijziging van de lopende ondersteuning. Hier zijn geen trends van beschikbaar.
34 ChristenUnie-SGP
Pag. 5 (van de Commissiebrief)
De onderzoekstermijn duurt 6 weken en de wettelijke termijn wordt ook op 6 weken gesteld. De beslistermijn is ook 2 weken wat het totaal op 8 weken stelt. Over de onderzoekstermijn wordt gerapporteerd in hoeverre de wettelijke termijn wordt gehaald, is ook inzichtelijk in hoeverre de 2 weken beslistermijn wordt gehaald? Zo nee, waarom niet? Zo ja, waar is dit te vinden?
Over de beslistermijn wordt niet gerapporteerd. Allereerst omdat de voorbereiding op het nemen van de beslissing in de onderzoeksfase plaatsvindt en aan de betrokkene een weergave van de uitkomst van het onderzoek (= advies) wordt verstrekt. Daarnaast omdat iedere melding wel leidt tot het afgeven van een advies, maar niet tot het indienen van een aanvraag. In de eerste helft van 2023 werden 7.616 aanvragen ingediend. Hiervan werden 5.324 aanvragen (= 70%) binnen 14 dagen beschikt.
35 ChristenUnie-SGP
Pag. 5 (van de Commissiebrief)
Worden aanvragers over deze tweede beslistermijn geïnformeerd, en zo ja hoe?
Hulpvragers worden op verschillende momenten en manieren geïnformeerd. Bijvoorbeeld op de gemeentesite. Ook wordt tijdens het gesprek in de onderzoeksfase uitgelegd hoe het proces verder gaat, eventueel aan de hand van de infographic 'Wmo-melding'. De publieksversie van de Wmo-leidraad beschrijft ook het proces. Tenslotte resulteert een aanvraag in een schriftelijke beschikking die aan belanghebbende wordt verstuurd.
36 ChristenUnie-SGP
Pag. 5 (van de Commissiebrief)
Wordt de raad over het onderzoek naar welke knelpunten ouderenregisseurs ervaren geïnfo[rm]eerd? Wanneer kan dat worden verwacht?
De functie ouderenregisseur bestaat niet. Daarom spreekt de commissiebrief bij de Halfjaarrapportage 2023 Wmo over ouderenconsulenten (welzijnsorganisaties) en preventiemedewerkers (Wmo). Er is geen opdracht verstrekt voor een onderzoek naar de knelpunten die ouderenconsulenten ervaren. Het betreft een inhoudelijke verkenning tussen de welzijnsorganisaties en de gemeente. Dit is uiterlijk in het 2e kwartaal 2024 afgerond.
37 ChristenUnie-SGP
Pag. 7
Hoeveel van de aangevraagde parkeervergunningen voor mantelzorgers Momenteel (peildatum 31-12-2023) zijn er 1.231 actieve mantelzorgvergunningen. Er wordt niet geregistreerd hoeveel zijn ook uitgegeven? Wat zijn de criteria om deze parkeervergunning te mantelzorgvergunningen worden aangevraagd en hoeveel daarvan worden toegewezen. krijgen? De voorwaarden voor de mantelzorgvergunning staan in de Regeling parkeerregulering en parkeerbelastingen Den Haag 2022 (RIS311076), artikel 4.2.11 Mantelzorgvergunning: 1. Het college kan een parkeervergunning verlenen aan een bewoner die: a. in een bewonersvergunninggebied woont; en b. mantelzorg nodig heeft. 2. De aanvrager overlegt bij de aanvraag: a. een Wmo-advies waaruit blijkt dat aan de bewoner mantelzorg wordt verleend; b. een CIZ-indicatie op grond van de Wet langdurige zorg; of c. een indicatie van de wijkverpleegkundige op grond van de Zorgverzekeringswet. 3. Het college verleent de vergunning voor ten hoogste vijf opeenvolgende vergunningjaren. 4. Het college verleent per adres ten hoogste één vergunning. 5. Met de vergunning kan een mantelzorger van de vergunninghouder voor ten hoogste 400 uur per jaar in het vergunninggebied van de vergunninghouder parkeren. 6. De vergunninghouder kan per vergunningjaar ten hoogste 50 uren bijkopen en ten hoogste 50 ongebruikte uren meenemen naar het volgende vergunningjaar.
Het gaat om mantelzorg, zoals omschreven in artikel 1.1.1. van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015. Voor de mantelzorgvergunning worden (nu nog) alleen (eenmalig) de legeskosten bij aanvraag van de vergunning in rekening gebracht.
38 ChristenUnie-SGP
Pag. 13
‘’Trajecten voor cliëntondersteuning duren vanwege de complexer De toenemende complexere problematiek is in zoverre van invloed op de dienstverlening dat het zorgt voor hogere wordende problematiek, veelal van ouderen, vaker langer dan werkdruk op de Servicepunten XL. Cliënten wachten daardoor in sommige gevallen langer op ondersteuning. Hierdoor gemiddeld (10 uur). Ook neemt het aantal kortdurende trajecten toe neemt vervolgens de kans op verergering van de problematiek toe. De complexiteit van de hulpvragen kan o.a. vanwege het feit dat inwoners vaker meer dan één afspraak nodig verklaard worden door: hebben.’’ In hoeverre heeft dit invloed op de dienstverlening? Wat is de a) Toename van het aantal ouderen dat zo lang mogelijk zelfstandig thuis woont. Hierdoor neemt de behoefte aan verklaring van de steeds complexer wordende hulpvraag? Herkent het (langdurige) ondersteuning toe en wordt de problematiek vaker meervoudig; college het signaal dat er vanuit 14-070 wordt doorverwezen naar een b) De toegenomen financiële kwetsbaarheid van inwoners leidt vaker tot problematiek op meerdere levensterreinen. servicepunt-XL? Het college herkent het signaal dat er vanuit 14-070 wordt doorverwezen naar het Servicepunt XL.
39 ChristenUnie-SGP
Pag. 13
Op welke manieren wordt getracht het respondenten van 87 bij de CES Door de overgang naar een nieuw geautomatiseerd cliëntvolgsysteem werd de uitvraag, die inderdaad digitaal omhoog te brengen? Is dit een digitale uitvraag? gebeurt, tijdelijk gestaakt. Dit leidde er toe dat een deel van het jaar geen vragenlijsten werden verstuurd. Dit verklaart het lage aantal. Inmiddels worden weer volop vragenlijsten verstuurd. In het hele jaar 2023 werden in totaal 2.023 vragenlijsten verstuurd. Hiervan zijn 500 vragenlijsten ingevuld (respons 24,7%).
Pagina 3 van 4
Beantwoording technische vragen
Halfjaarrapportage 2023 Wmo (RIS317116)
40 ChristenUnie-SGP
Pag. 13
De categorie moeilijk en erg moeilijk was in 2023 gezamenlijk goed voor Een lage score heeft verschillende oorzaken. In de reacties kwam naar voren dat de taal, digitale vaardigheid, het 20%. Kan het college toelichten waardoor dit zo wordt ervaren? Wat afhankelijk zijn, het niet in een keer helder krijgen van het probleem, en de wachttijden allemaal factoren zijn die wordt er gedaan om deze scores te verbeteren? moeilijk worden gevonden. Inwoners kunnen in de Servicepunten XL en buurthuizen hulp krijgen bij het doen van een Wmo-melding en het invullen van formulieren. Ook kunnen inwoners worden geadviseerd een buddy, mantelzorger of (onafhankelijke) cliëntondersteuner in te schakelen wanneer zij moeite hebben met het doen van een melding.
41 ChristenUnie-SGP
Pag. 14
Op welke manier is de maatwerkoplossing tijdelijke opvangplekken regelen en financieren geborgd in het primaire proces van het Daklozenloket? Hoeveel mensen zijn op deze manier geholpen in het eerste halfjaar 2023?
42 ChristenUnie-SGP
Pag. 15
Een van de voorzieningen in het voorliggend veld is de wijkbus. Hoevaak De wijkbus is algemeen toegankelijk, hiervoor worden geen indicaties afgegeven. Voor het doelgroepenvervoer zijn in is deze indicatie afgegeven in het eerste halfjaar 2023? En hoe vaak de de eerste helft van 2023 in totaal 523 indicaties afgegeven. indicatie doelgroepenvervoer?
43 ChristenUnie-SGP
Pag. 17
44 ChristenUnie-SGP
Pag. 18
Een van de acties om de doorlooptijden te versnellen is het afgeven van Tabel 13 vermeldt het aantal afgegeven indicaties in de eerste helft van 2023. Hieruit is geen conclusie te trekken voor indicaties zonder einde. Een van de categorieën die daarvoor in wat betreft het totaal aantal lopende indicaties voor Wmo-cliënten in de categorie huishoudelijke hulp 75+. aanmerking komen is huishoudelijke hulp voor 75-plussers. Kan het college verklaren waarom er 288 mensen in de categorie > 70 jaar een indicatie met open einde hebben? Klopt het dat de benoemde categorie huishoudelijke hulp 75+ veel groter is? Waar kan dat verschil door worden verklaard? 101 van de getoetste PGB-aanbieders zijn niet akkoord bevonden. Kan Veel voorkomende redenen waardoor PGB-aanbieders niet voldeden aan de toets: geen reactie op een het college toelichten waarop deze niet akkoord zijn bevonden? Wordt informatieverzoek (ook niet na een herinnering), niet de vereiste diplomering, geen VOG, het ontbreken van een bijgehouden in hoeverre mensen daarna overstappen naar een andere erkende kwaliteitsmethodiek of keurmerk. PGB-aanbieder of zorg-in-natura? Er wordt niet geregistreerd in hoeverre Wmo-cliënten vervolgens overstappen naar een andere PGB-aanbieder of zorg in natura. Zie ook het antwoord bij vraag 13.
45 ChristenUnie-SGP
Pag. 18
Wat was de uitstroom aan Wmo-casemanagers en zorgregelaars in het Zie het antwoord op vraag 22. eerste halfjaar 2023? Hoeveel zijn er nu in totaal in dienst ten opzichte van peildatum december 2022 en 2021?
46 ChristenUnie-SGP
Pag. 18
Er
47 ChristenUnie-SGP
Pag. 20
Worden elektrische deuropeners bij appartamentencomplexen vergoed Woningcorporaties plaatsen elektrische deuropeners in hun complexen, bijvoorbeeld om aan het door de Wmo of door de woningcorporatie? Hoe vaak zijn die toegankelijkheidsniveau van de woning te voldoen (bijv. rolstoelwoningen). De gemeente verstrekt ook elektrische aanvragen er? Wat doet de gemeente wanneer een corporatie deze deuropeners na een Wmo-indicatie; Wmo-casemanagers of specialisten woningaanpassingen kunnen een elektrische openers niet plaatst? deuropener toekennen als die voorziening noodzakelijk is om de belemmering, als gevolg van de beperking van de hulpvrager, in een woning of een complex van een corporatie op te heffen. Het gaat om een individuele voorziening vanuit de Wmo na een onderzoek naar de aard, de omvang en de behoefte van ondersteuning. Jaarlijks worden enkele tientallen nieuwe deuropeners aangevraagd; in veel gemeenschappelijke ruimtes van complexen zijn elektrische deuropeners al aanwezig. De gemeente zal bij een nieuwe aanvraag voor een deuropener in de gemeenschappelijke ruimte eerst contact opnemen met de corporatie over het toegankelijkheidsniveau van het complex. Wanneer de corporatie de kosten van de plaatsing niet op zich neemt, zal de gemeente deze deuropeners die na een onderzoek in het kader van de Wmo nodig zijn, plaatsen.
48 ChristenUnie-SGP
Pag. 21
De wachtlijst voor beschermd wonen staat op 235 indicaties. Hoeveel mensen zijn er van de wachtlijst geplaatst in een beschermd wonen voorziening in het eerste halfjaar van 2023?
In het eerste halfjaar van 2023 zijn 28 personen binnen een Beschermd wonen-voorziening geplaatst.
49 ChristenUnie-SGP
Pag. 21
Is de ICT-raming afgerond en kunnen het precieze aantal unieke cliënten met een nachtopvangpas al worden gedeeld?
Nee. Het registratiesysteem CVS wordt hiervoor aangepast. Dit is uiterlijk in het 2e kwartaal van 2024 afgerond.
Dat is geborgd door werkafspraken tussen de betrokken partijen, de aanpak is geïntegreerd in de werkwijze van de casemanagers. In de eerste helft van 2023 zijn op deze manier 21 dakloze mensen geholpen.
De vraag is weggevallen.
Pagina 4 van 4