RIS317810 Beantwoording SV Natuurkwaliteit Westduinpark
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE
27 februari 2024
VRAGEN
Onderwerp
Ons kenmerk
Antwoord van het college op de vragen van het raadslid de heer De Vuyst, luidend: ‘Natuurkwaliteit Westduinpark’
DSB/10697546 RIS317810
Het raadslid de heer De Vuyst heeft op 24 januari 2024 een brief met daarin zeven vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. In het artikel van Den Haag Centraal, getiteld "Woekeraars nemen Haagse duinen over: 'Dweilen met de kraan open'", luidt de Ecologische Autoriteit het alarm over de natuurkwaliteit van het Westduinpark. Het artikel beschrijft de druk op het natuurgebied in Westduinpark, waar zeldzame kruiden en mossen lijden onder de stikstofcrisis. 1.
Is het college op de hoogte van het artikel in Den Haag Centraal en het daarin genoemde advies van de Ecologische Autoriteit? Herkent het college de geschetste problemen: de wind die te weinig invloed heeft, te weinig konijnen, invasieve exoten als de Amerikaanse vogelkers en dat alles gecombineerd met een te hoge stikstofconcentratie?
Het college is bekend met de inhoud van het artikel en de door de Ecologische Autoriteit geconstateerde problemen. De Ecologische Autoriteit constateert: “Uit de NDA valt niet af te leiden of met de bestaande en geplande maatregelen de doelen worden gehaald. Omdat waarschijnlijk al verslechtering is opgetreden, is het niet toegestaan om te wachten met het treffen van maatregelen totdat (verdere) verslechtering optreedt.” 2.
Neemt het college dit advies over?
Alle natuurbeheermaatregelen die in Natura 2000-gebieden worden genomen worden, in overleg met de beheerder (voor het Westduinpark de gemeente Den Haag), vastgesteld door de provincie ZuidHolland. Deze maatregelen zijn vastgelegd in een beheerplan. Beheerplannen worden in een zesjaarlijkse cyclus door de provincie herzien. Het college is uitvoerder van het beheerplan en heeft voor het Westduinpark dan ook niet de bevoegdheid zelfstandig te besluiten om over te gaan tot het nemen van extra maatregelen voor natuurbeheer. Buiten de in het vigerende beheerplan opgenomen maatregelen zijn er in de natuurdoelenanalyse van de provincie van 2022 aanvullende maatregelen voor het Westduinpark voorgesteld. Deze kunnen, na afstemming met de provincie, nu al wel voor een beperkt deel worden uitgevoerd. Voor het uitvoeren van het merendeel van deze uit de natuurdoelenanalyse volgende maatregelen heeft de gemeente onlangs een subsidie aangevraagd. De aanvullende maatregelen uit de natuurdoelanalyse komen grotendeels overeen met de aanbevelingen van de Ecologische Autoriteit en worden, indien de subsidie wordt toegekend, in 2024 en 2025 uitgevoerd. Hierover is nauw overleg met de provincie.
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10697546
Opgemerkt wordt dat, alhoewel bepaalde door de Ecologische Autoriteit genoemde maatregelen voor natuur wenselijk zijn, niet alle voorgestelde maatregelen (voor natuur optimaal) mogelijk zijn. Zo is voor natuur het bevorderen van windwerking positief, maar wanneer dit leidt tot een verminderde bescherming tegen hoog water en/of forse overlast door stuivend zand in de bebouwing buiten het Westduinpark zijn de mogelijkheden hiervoor beperkt. De Ecologische Autoriteit adviseert om een aantal maatregelen snel te nemen: het verder verminderen van de stikstofbelasting van het systeem, voortzetten en plaatselijk intensiveren van het natuurbeheer (en het extensiveren van het strandbeheer), maar ook niet uitgevoerde maatregelen alsnog uitvoeren zoals lokaal dennenbos verwijderen en recreatiedruk (verder) reguleren. 3.
Kan het college aangeven wie als eerste verantwoordelijk is voor het pakket van deze maatregelen, de gemeente of de provincie?
De provincie is als bevoegd gezag verantwoordelijk voor het initiëren van nieuwe natuurbeheer maatregelen en de gemeente is als beheerder verantwoordelijk voor het uitvoeren van deze maatregelen. 4.
Klopt de aanname van GroenLinks dat de zero emissiezone voor stadslogistiek en het inzetten op meer walstroom de belangrijkste maatregelen zijn voor het verminderen van de stikstofbelasting?
Ja. Hoewel de stikstofdepositie op het Westduinpark volgens de Aerius-monitor voor meer dan 80% afkomstig is van buiten de stad, zijn zowel de inzet van walstroom als de uitbreiding van de ZE Zone voor stadslogistiek belangrijke mogelijkheden om de stikstofdepositie merkbaar te verminderen en aan natuurherstel te werken. In de brief ‘Stand van zaken Stikstof en Bouwen’ (RIS. 317472) treft u hierover meer informatie aan. 5.
Hoe beoordeelt het college de aanbeveling om het strandbeheer te extensiveren?
Bij het beheer van het strand houdt het college rekening met de natuurlijke dynamiek in het kustfundament. De natuur langs het strand is van grote betekenis voor de strandbezoekers en wij willen dat iedereen hiervan kan blijven genieten. Dit zullen we bij de vernieuwing van de strandnota meenemen. 6.
Kan het college aangeven welke overheid verantwoordelijk is voor het lokaal dennenbos verwijderen en de recreatiedruk verder te reguleren? Indien dit de gemeente is, op welke termijn en op welke wijze worden deze maatregelen gerealiseerd?
De provincie is verantwoordelijk voor het eventueel overnemen van het advies om (lokaal) dennenbos te verwijderen door dit op te nemen in het nieuwe beheerplan. Het reguleren van de recreatiedruk is primair een taak van de gemeente en hier is het afgelopen decennium hard aan gewerkt, op basis van de Nota Westduinpark en Wapendal (RIS297407). Diverse wandelpaden zijn verwijderd en er is een nieuw netwerk van fiets- en wandelpaden gerealiseerd. Met dit nieuwe netwerk zijn de recreatiestromen met name richting het strand beter gestroomlijnd. De toegankelijkheid van honden zou nog aangescherpt kunnen worden en er resten nog problemen rond illegaal loslopen van honden en mensen die de paden verlaten. In reeds genoemde subsidieaanvraag is expliciet een post opgenomen voor meer toezicht en handhaving.
2/3
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10697546
De Ecologische Autoriteit constateert dat er ook nog niet voldoende data zijn voor een volledige natuurdoelenanalyse (NDA). Het artikel in Den Haag Centraal suggereert dat er onvoldoende kennis binnen de gemeente is. 7.
Erkent en herkent het college dat nog niet alle data en kennis beschikbaar is? En op welke manier zorgt de gemeente ervoor dat er voldoende expertise is om de natuurkwaliteit in het Westduinpark te versterken?
Indien blijkt dat er onvoldoende data en kennis is om een volledige natuurdoelenanalyse voor het Westduinpark uit te voeren, heeft de provincie als bevoegd gezag de taak om deze kennisleemten te vullen. Binnen de gemeente is voldoende kennis om de natuurbeheermaatregelen die hier uit voortvloeien op een adequate manier uit te voeren. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
3/3