RIS317606 Afdoening motie Geen aannames met veiligheid
Tekst van het document
Typ tekstTyp tekstTyp tekst
001
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
Aan: de Gemeenteraad
BSD/10753741 RIS317606 Contactpersoon
Eric Jansen Dienst
Bestuursdienst Afdeling
Directie Veiligheid Telefoonnummer
14070 Datum
E-mailadres
2 juli 2024
eric.jansen@denhaag.nl
Onderwerp
Afdoening motie ‘Geen aannames met veiligheid’
Uw raad heeft bij de bespreking van de programmabegroting 2024-2027 (RIS316918) op 20 december 2023 de door het raadslid mevrouw Klokkenburg-Reedeker ingediende motie ‘Geen aannames met veiligheid’ (RIS317606) aangenomen. Hierbij informeert het college de raad over de afdoening van de motie. De motie luidt als volgt: Constaterende, dat: • de totale uitgaven voor veiligheid in de begroting afnemen, in 2024 met 1,7 miljoen euro oplopend tot 11,5 miljoen euro in 2027 ten opzichte van 2023; • de afname onder meer de middelen voor de aanpak van ondermijning, jeugdcriminaliteit, digitale veiligheid, high impact crimes en radicalisering betreft1; Overwegende, dat: • onduidelijk is wat de gevolgen zijn voor het reguliere veiligheidsbeleid wanneer deze aanpakken aflopen; • niet bekend is of deze aanpakken ook middels het structurele veiligheidsbeleid (deels of anders) kunnen worden voortgezet; • daarmee ook niet inzichtelijk is wat de gemeente aan inzet op veiligheid kwijtraakt door met deze begroting in te stemmen; _________________________ 1 Beantwoording technische vragen
https://denhaag.raadsinformatie.nl/document/13557597/1/RIS317205_Bijlage_1_Beantwoording_technische_raadsv ragen_Programmabegroting_2024-2027 74
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
Telefoonnummer 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/10686247
Verzoekt het college: • uit te werken wat het aflopen van de veiligheidsbudgetten betekent voor Den Haag en daarbij specifiek aandacht te hebben voor de veiligheidsbeleving, aanpak high impact crimes, ondermijning, jeugdcriminaliteit, digitale veiligheid, radicalisering en jeugdgroepen; • de raad hierover bij Voorjaarsnota 2024 te informeren, en gaat over tot de orde van de dag. Het college geeft op de volgende manier antwoord op deze uitspraak van de raad: In de periode 2023 t/m 2027 dalen de geraamde lasten in de begroting voor het programma Openbare Orde en Veiligheid (programma 4 van de programmabegroting). Het teruglopen van deze lasten worden veroorzaakt door: 1. 2.
Het aflopen van de incidentele middelen voor intensiveringen die beschikbaar zijn gekomen bij het coalitieakkoord 2022-2026; Het aflopen van de perioden waarvoor rijksbijdragen formeel zijn toegekend aan de gemeente Den Haag.
Ad. 1 Het per collegeperiode beschikbaar komen en aflopen van incidentele middelen is een herkenbare cyclus binnen gemeenten. Het is primair de verantwoordelijkheid van de burgemeester om ongewenste gevolgen voor het veiligheidsbeleid van het wegvallen van deze middelen tijdig bij de jaarlijkse begrotingsvoorbereiding of bij collegeonderhandelingen onder de aandacht te brengen. Het is aan de raad om hierover een finaal besluit te nemen. Dit was de afgelopen collegeperioden ook de praktijk in Den Haag. Ad. 2 De afgelopen jaren zijn de rijksbijdragen op het beleidsterrein veiligheid sterk gegroeid. Doorgaans kent het rijk deze middelen telkens voor een beperkte periode formeel toe. Desalniettemin wordt een deel van deze middelen na deze periode verlengd, conform eerdere (niet formele) ambtelijke toezeggingen. Een rijksbijdrage wordt echter pas in de gemeentebegroting opgenomen na ontvangst van een formele toezegging (per brief). Het beeld dat de rijksbijdragen voor veiligheid teruglopen, wordt verstrekt door deze financiële regel. Want als we naar de afgelopen jaren kijken, zien we dat een substantieel deel van de rijksbijdragen ieder jaar opnieuw beschikbaar wordt gesteld.
Volgens het meest realistische scenario kan de voortzetting van de gemeentelijke aanpak op de volgende veiligheidsonderwerpen in gevaar komen, als de incidentele gemeentelijke of rijksmiddelen wegvallen en voortzetting van het beleid niet kan worden gedekt uit het reguliere veiligheidsbudget: • • • •
Aanpak Ondermijning vanwege het aflopen van incidentele middelen uit het coalitieakkoord per eind 2026. Aanpak jeugdcriminaliteit/persoonsgerichte aanpak (PGA-lokaal) vanwege het aflopen van incidentele middelen uit het coalitieakkoord per eind 2026. Aanpak digitale veiligheid vanwege het wegvallen van een bijdrage van het ministerie van J&V voor deze aanpak per eind 2024. Programma Digitaal Veilig Den Haag vanwege het aflopen van incidentele middelen uit het coalitieakkoord per eind 2024.
2/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/10686247
In voorliggende afdoening van de motie ‘Geen aannames met veiligheid’ worden hierna omvang en oorzaken van het dalen van de begrote lasten verder inzichtelijk gemaakt. Vervolgens wordt een technisch cijfermatig overzicht plus toelichting per beleidsterrein gegeven. Daarna wordt toegelicht wat dit kan betekenen voor de veiligheidsbeleving in Den Haag. Afsluitend volgt de conclusie. Omvang terugloop middelen voor veiligheid Alle bedragen die zijn opgenomen in deze afdoening komen uit of zijn een specificatie van cijfers uit de programmabegroting 2024-2027 (RIS316918), zoals in de vergadering van 20 december 2023 besproken in de gemeenteraad. Program m a Openbare orde en v eiligheid op hoofdlijnen bedragen x € 1.000
Lasten
2023
2024
2025
2026
2027
84.201
82.503
7 9.57 1
7 4.1 37
7 2.636
Baten
1 9.654
1 2.855
1 1 .052
5.61 8
5.61 8
Saldo ex clusief reserv es
64.547
69.648
68.519
68.519
67 .018
-
-1.698
-4.630
-10.064
-11.565
Bruto v erschil lasten t.o.v . 2023 (bedragen opgenomen in motie RIS31 7 606) Specificatie Groei begrote lasten t.o.v . 2023 Daling begrote baten uit (rijks)bijdragen A flopen intensiv eringen coalitieaccoord 2022-2026
-
5.351
4.7 22
4.7 22
4.7 21
-
-6.7 99
-8.602
-1 4.036
-1 4.036
-
-250
-7 50
-7 50
-2.250
T otaal
-
-1.698
-4.630
-10.064
-11.565
De daling van de voor het programma Openbare orde en veiligheid beschikbare middelen wordt gedempt door een groei in de begrote lasten t.o.v. 2023. Deze groei heeft voornamelijk ‘technische’ oorzaken. De grootste post hierin is de trend loon- en prijscompensatie. Het trendbedrag is zo hoog omdat de volledige lasten voor de Haagse bijdrage voor de taken brandweer en rampenbestrijding en strandveiligheid van de Veiligheidsregio Haaglanden (VRH) in programma 4 zijn begroot (in 2024 totaal € 58,7 mln.). Beleidsterrein: Aanpak ondermijning bedragen x € 1.000
Incidentele rijksmiddelen Incidentele gemeentelijke middelen
2023
2024
2025
2026
2027
6.990
4.830
4.830
-
-
1 .250
1 .000
1.000
1 .000
-
8.240
5.830
5.830
1.000
-
De rijksbijdrage voor de aanpak Breed Offensief Tegen georganiseerde Ondermijnende Criminaliteit (BOTOC, € 1,23 mln. in 2023), is vanaf 2024 onderdeel geworden van het programma Preventie met gezag. De gemeente Den Haag ontvangt de komende jaren voor Preventie met gezag jaarlijks € 4,83 mln. Het ministerie van Justitie en Veiligheid (ministerie J&V) heeft zich gecommitteerd voor de financiering van een structurele aanpak (10 jaar). De verwachting is dat het programma doorloopt t/m 2032. Deze rijksbijdrage is nu begroot tot en met 2025, omdat de formele toezegging (per brief) voor Preventie met gezag loopt tot en met 2025.
3/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/10686247
Van de incidentele middelen uit het coalitieakkoord 2022-2026 wordt jaarlijks € 1,0 mln. ingezet voor de uitvoer van de aanpak Ondermijning (RIS318428). Het gaat hier om de volgende onderdelen: Haagse Straten Aanpak, Scheveningen Haven, het Informatieknooppunt Ondermijning, aanpak drugs en actieprogramma Mensenhandel. Als de middelen uit het coalitieakkoord aflopen, is er geen ruimte in de reguliere begroting om deze onderdelen voort te zetten. Beleidsterrein: Aanpak jeugdcriminaliteit/persoonsgerichte aanpak bedragen x € 1.000
Incidentele rijksmiddelen Incidentele gemeentelijke middelen
2023
2024
2025
2026
2027
1 .1 7 7
1 .327
57 9
-
-
500
500
500
500
-
1.67 7
1.827
1.07 9
500
-
De gemeente Den Haag ontvangt van het rijk twee bijdragen op het beleidsterrein jeugdcriminaliteit en persoonsgerichte aanpak. Ten eerste de jaarlijkse rijksbijdrage van € o,58 mln. voor intensivering van de aanpak van rivaliserende gewelddadige jeugdgroepen (ministerie J&V). Deze loopt af in 2025. Ten tweede een bijdrage van het ministerie van J&V van € 0,75 mln. (bedrag 2024) voor het project Reintegratie-officier. Dit project loopt af in 2024. Binnen dit project werd het instrument ‘re-integratieofficier' ingericht bij verschillende organisaties binnen de veiligheidsketen. Voor beide rijksbijdragen worden op dit moment gesprekken gevoerd met het ministerie om te bezien of en welke mogelijkheden er zijn om deze projecten voort te zetten. Van de incidentele middelen uit het coalitieakkoord 2022-2026 wordt jaarlijks € 0,5 mln. ingezet voor PGA-lokaal. Deze middelen zijn structureel nodig voor het uitvoeren van deze reguliere aanpak. Wanneer deze middelen uit het coalitieakkoord aflopen, is er geen ruimte in de reguliere begroting om deze aanpak voort te zetten. Beleidsterrein: Aanpak high impact crimes en digitale veiligheid bedragen x € 1.000
2023
2024
2025
2026
2027
Incidentele rijksmiddelen
360
1 80
-
-
-
Incidentele gemeentelijke middelen
500
500
-
-
-
860
680
-
-
-
De gemeente Den Haag ontvangt voor de jaren 2022 t/m 2024 een bijdrage van in totaal € 0,54 mln. van het ministerie van J&V voor de aanpak van High Impact Crimes (HIC), preventie van digitale criminaliteit en vergroten digitale weerbaarheid van inwoners (project Digitale ambassadeurs in de wijk). In 2024 ontvangt de gemeente het laatste deel van het toegezegde bedrag (€ 0,18 mln.). De rijksmiddelen zijn voldoende om de aanpak tot eind 2024 voort te zetten. Naar verwachting kan lopende 2024 een nieuw verzoek voor een rijksbijdrage voor de preventie van HIC v.a. 2025 worden ingediend. Voor de preventie van digitale criminaliteit en vergroten digitale weerbaarheid van inwoners (project Digitale ambassadeurs in de wijk) zal het rijk naar verwachting geen nieuwe middelen beschikbaar stellen. Als deze rijksmiddelen wegvallen, is er geen ruimte in de reguliere begroting om deze aanpak voort te zetten. Van de incidentele middelen uit het coalitieakkoord 2022-2026 wordt in 2023 en 2024 ieder jaar € 0,5 mln. ingezet voor het programma van Digitaal Veilig Den Haag (€ 0,425 mln.) en voor de preventie van digitale criminaliteit (€ 0,075 mln.). Na 2024 zijn er in de reguliere begroting geen financiële middelen beschikbaar voor de voortzetting van dit programma en de preventieactiviteiten.
4/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/10686247
Beleidsterrein: Aanpak radicalisering bedragen x € 1.000
2023
2024
2025
2026
2027
Incidentele rijksmiddelen
800
800
-
-
-
Incidentele gemeentelijke middelen
-
-
-
-
-
800
800
-
-
-
De gemeente Den Haag ontvangt van het rijk jaarlijks zgn. versterkingsgelden voor de aanpak van radicalisering, extremisme en terrorisme. De huidige toezegging loopt tot en met 2024. Het bedrag dat het ministerie beschikbaar stelt wordt telkens voor 2 jaar vastgesteld. In 2024 verwachten we de beschikking voor de jaren 2025 en 2026. De verwachting is dat deze middelen vanaf 2027 structureel beschikbaar worden gesteld aan gemeenten. Beleidsterrein: Regionale samenwerkingsverbanden bedragen x € 1.000
2023
2024
Incidentele Rijksmiddelen ZVHH
356
1 00
Incidentele Rijksmiddelen RIEC
3.37 4
-
2025 25 -
2026
2027
-
-
-
-
V oordeling resultaat V RH 2022
87 9
-
-
-
-
Subsidie RSIV
1 00
-
-
-
-
4.7 09
100
-
-
25
Toelichting per samenwerkingsverband • Het Zorg- en Veiligheidshuis Haaglanden (ZVHH) ontvangt jaarlijks incidenteel extra rijksbijdragen voor concrete projecten. Deze middelen zijn aanvullend op de reguliere aanpak vanuit het ZVHH. • De middelen voor het RIEC Den Haag worden deels ingezet voor personeel (t.b.v. casuïstiek) en deels voor projectfinanciering bij regiogemeenten (bijvoorbeeld: Scheveningen Haven). Het betreft een ieder jaar terugkerende geldstroom. Voor 2024 is de bijdrage nog niet opgenomen in de begroting die in december 2023 is behandeld in de raad. Vanaf 2025 wordt door het rijk in totaal ca. € 5,5 mln. structureel beschikbaar gesteld aan het RIEC Den Haag. Daarvan was € 2,4 mln. al verwerkt in de begroting van de gemeente Den Haag. • Het jaarrekeningresultaat van de VRH (brandweer en rampenbestrijding) wordt ieder jaar verrekend met de regiogemeenten. In 2022 bedroeg dit resultaat € 0,88 mln. voordelig. De afgelopen jaren werd dit voordeel ingezet om te kunnen voldoen aan de verplichtingen die voortvloeien uit de overgangsregeling Functioneel Leeftijdsontslag (FLO) voor voormalig brandweermannen die in dienst waren van de gemeente Den Haag. • Het Regionaal Samenwerkingsverband Integrale Veiligheid (RSIV) is per september 2023 beheersmatig overgedragen aan de gemeente Zoetermeer.
Vandaar dat de subsidie RSIV niet meer is opgenomen in de begroting van de gemeente Den Haag. Veiligheidsbeleving Het is vrijwel onmogelijk om te voorspellen wat de precieze gevolgen voor de veiligheidsbeleving kunnen zijn van indien een deel van de middelen voor het gemeentelijk veiligheidsbeleid wegvalt. Financiële middelen voor intensiveringen op het beleidsterrein openbare orde en veiligheid worden gebruikt voor een veelvoud aan preventieve en repressieve interventies, die gezamenlijk invloed hebben op de veiligheid van de stad. Het één-0p-één relateren van (bijvoorbeeld) veranderingen in objectieve of subjectieve veiligheid aan (een deel van) de inzet van deze middelen is daardoor feitelijk ondoenlijk. Daarbij is veiligheidsbeleid een kwestie van een lange adem.
5/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/10686247
Zo blijkt uit wetenschappelijk onderzoek dat interventies en intensiveringen pas na verloop van tijd invloed kunnen hebben op de veiligheidsbeleving of onderliggende oorzaken van criminaliteit en overlast.2 Daarnaast zien we wel dat er bij projectmatige, persoonsgerichte of gebiedsgerichte interventies ook op korte termijn effecten zijn op de veiligheid in onze stad. De invoering van een bedrijfsactiviteitenvergunning voor de Weimarstraat is hiervan een voorbeeld (RIS 316926). _________________________ 2 Zie o.a. Spithoven et al. (2017); Nelen et al. (2023) en Schram et al. (2021).
In totaliteit wordt de veiligheid in de stad gemonitord via een aantal indicatoren op basis van politiecijfers en de Veiligheidsmonitor. Daarbij wordt een langjarige trendontwikkeling bijgehouden. Ook wordt aansluiting gezocht bij wetenschappelijke inzichten over de effectiviteit van interventies evenals de trends, kennis en ervaringen die zijn opgedaan bij andere (G4) steden. Wanneer in Den Haag sprake is van een trendbreuk, wordt bekeken wat hiervan de oorzaak kan zijn en of dit een aanpassing in beleid of interventies vereist. Conclusie Volgens het meest realistische scenario kan de voortzetting van de gemeentelijke aanpak op de volgende onderwerpen in gevaar komen, door het wegvallen van de hiervoor bestemde rijksbijdrage en/of het aflopen van incidentele middelen voor intensiveringen uit het coalitieakkoord 2022-2026: •
• •
•
Aanpak Ondermijning: Haagse Straten Aanpak, Scheveningen haven, het Informatieknooppunt Ondermijning, aanpak drugs en actieprogramma Mensenhanden. Vanwege het aflopen van € 1,0 mln. per jaar aan incidentele middelen uit het coalitieakkoord per eind 2026. Aanpak jeugdcriminaliteit/persoonsgerichte aanpak (PGA-lokaal). Vanwege het aflopen van € 0,5 mln. per jaar incidentele middelen uit het coalitieakkoord per eind 2026. Aanpak digitale veiligheid: preventie van digitale criminaliteit en vergroten digitale weerbaarheid van inwoners (project Digitale ambassadeurs in de wijk). Vanwege het wegvallen van een bijdrage van € 0,19 mln. per jaar van het ministerie van J&V voor deze aanpak per eind 2024. Programma Digitaal Veilig Den Haag (€ 0,425 mln.) en voor de preventie van digitale criminaliteit (€ 0,075 mln.). Vanwege het aflopen van € 0,5 mln. per jaar incidentele middelen uit het coalitieakkoord per eind 2024.
De voortzetting van deze beleidsonderdelen kan niet worden gedekt uit het reguliere veiligheidsbudget. Voor het voorzetten van deze onderdelen van de aanpak zijn we afhankelijk van het (nieuwe) college en van het kabinet. Als de beschikbare middelen voor intensiveringen uit het coalitieakkoord 2022-2026 aflopen en rijksbijdragen eindigen, moeten gemeente en rijk opnieuw bepalen wat de veiligheidssituatie is en welke intensiveringen nodig zijn. Uiteraard binnen de dan bestaande financiële mogelijkheden. Daarbij blijft de gemeente alert op de taakverdeling met het rijk, zodat geen rijkstaken worden uitgevoerd zonder dat daar financiering voor beschikbaar is gesteld. Het college beschouwt de motie hiermee als afgedaan. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
6/6