RIS317572 Afdoening motie Alle hens aan dek voor de jeugdhulp
Tekst van het document
Typ tekstTyp tekstTyp tekst
060
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
Aan: de Gemeenteraad
OCW/10691607 RIS317572 Contactpersoon
Arjen Stroo Dienst
Onderwijs, Cultuur en Welzijn Afdeling
Stad en Bestuur OCW Telefoonnummer
14070 Datum
E-mailadres
7 maart 2024
arjen.stroo@denhaag.nl
Onderwerp
Afdoening motie: ‘Alle hens aan dek voor de jeugdhulp’
Uw raad heeft tijdens de bespreking van het voorstel inzake de Programmabegroting 2024-2027 (RIS316918) op 20 december 2023 de door het raadslid de heer De Mos ingediende motie ‘Alle hens aan dek voor de jeugdhulp’ (RIS317572) aangenomen. Hierbij informeert het college de raad over de afdoening van de motie. De motie luidt als volgt: Constaterende, dat: − de wethouder in zijn brief van 31 oktober jl. aangeeft dat het tekort op de jeugdhulp niet 12,5 miljoen is in 2023, maar circa 30 miljoen euro; − daarbij aangegeven wordt dat dit verschil gecompenseerd wordt door voordelen binnen programma 8, waarbij de wethouder niet concreet kan aangeven wat hij daarbij voor ogen heeft. Overwegende, dat: − het college zich rijk heeft gerekend door ervan uit te gaan dat een bezuiniging die was aangekondigd door de RO niet door zou gaan (14,4 miljoen euro); − er geen rekening is gehouden met de extra kosten die gemoeid zijn met de doorontwikkeling jeugd-, en gezinshulp per 1 januari 2024; − er in de begroting wordt gekort op de WMO. Van mening, dat: − jeugdhulp voor kwetsbare kinderen cruciaal is; − maatschappelijke ondersteuning is bedoeld voor de meest kwetsbare mensen. Verzoekt het college: − exact aan te geven hoe de tekorten op de jeugdhulp worden gecompenseerd, waarbij uitgangspunt is dat deze compensatie niet ten koste gaat van hulp/zorg voor de kwetsbare mensen in onze stad.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
T 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10691607
Het college reageert ter afdoening van de motie als volgt: • De compensatie van tekorten bij jeugd gaat niet ten koste van de hulp aan kwetsbare mensen die een beroep doen op maatschappelijke ondersteuning. • Naar huidig inzicht komt het tekort op Jeugd in 2023 uit op circa € 26 mln. Het gaat om een tegenvaller in 2023 die gecompenseerd wordt door meevallers elders binnen programma 8: Zorg, Welzijn, Jeugd en Volksgezondheid, waaronder – naar huidig inzicht – een voordeel van circa € 13 mln. op maatwerkarrangementen Wmo zorg in natura, € 2 mln. op pgb’s Wmo, € 2 mln. op hulpmiddelen vervoer, € 2 mln. op Volksgezondheid en andere kleinere voordelen. Meevallers worden conform de financiële spelregels ingezet voor tegenvallers binnen het programma. • Het college kan de exacte bedragen qua mee- en tegenvallers op Jeugd en Wmo nog niet exact aangeven, omdat aanbieders nog declareren over 2023 en uiterlijk 1 april 2024 hun controleverklaring 2023 aanleveren. De definitieve mee- en tegenvallers 2023 zijn daarom pas bekend in april 2024 en zullen worden toegelicht in de jaarrekening 2023. Als de tegenvallers uiteindelijk groter blijken dan de meevallers, dan is tevens de programmareserve beschikbaar om dit verschil te compenseren. • Het college heeft zich niet rijk gerekend door geen rekening te houden met de volledige bezuiniging van het Rijk als gevolg van de Hervormingsagenda Jeugd.
De Rijksbijdrage in deze blijft onvoldoende en onzeker. Dat geldt ook voor de komende jaren, omdat een commissie van deskundigen in 2025 gaat kijken naar het realiteitsgehalte van de bezuinigingen vanaf 2024. In de tussentijd blijft het college aandringen op meer financiële duidelijkheid m.b.t. de besparingsopgaven in de Hervormingsagenda Jeugd, zoals de reikwijdte. Elk jaar kijkt het college hoeveel we daadwerkelijk krijgen van het Rijk en zorgt dan dat we met programmasturing per saldo binnen het door de raad vastgestelde kader voor programma 8 blijven, conform de financiële spelregels. Tenslotte is onlangs bij de afdoening van de motie “Niet verder bezuinigen op ouderenzorg” (RIS316872) toegelicht dat het vanwege onderbesteding op de Wmo tot dat moment niet nodig was om te bezuinigen op de gemeentelijke dienstverlening, of het aanbod aan geïndiceerde Wmomaatwerkvoorzieningen te versoberen. Zoals aangegeven worden eventuele toekomstige tekorten tijdens deze collegeperiode gedekt uit de algemene middelen. U wordt hierover op de hoogte gehouden, via o.a. de programmabegroting. Het college beschouwt de motie hiermee als afgedaan. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
2/2