RIS317472 Stand van zaken Stikstof en Bouwen
Tekst van het document
Typ tekstTyp tekstTyp tekst
Robert Barker Wethouder van Buitenruimte, Dierenwelzijn en Milieu
Robert van Asten Wethouder van Stedelijke Ontwikkeling, 114
Bibliotheken en Europa Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
Aan de voorzitter van de commissie Leefomgeving
DSB/10645751 RIS317472 Contactpersoon
Thimo de Nijs Dienst
Stadsbeheer Afdeling
Beleidsafdeling Stadsbeheer Telefoonnummer
14070 Datum
E-mailadres
19 december 2023
thimo.denijs@denhaag.nl
Onderwerp
Stand van zaken Stikstof en Bouwen
Geachte voorzitter, In februari 2023 hebben wij u geïnformeerd over de Stand van zaken Stikstof en Bouwen (RIS314075). In deze brief geven wij een update van onze aanpak. Hierbij gaan we met name in op de vraag hoe we in het licht van de stagnatie van het landelijke stikstofbeleid binnen de gemeente toch zorg kunnen dragen voor het herstel van de natuur in onze Natura2000-gebieden en de voortgang van de woningbouwopgave, de aanleg en onderhoud van wegen, energievoorzieningen en andere infrastructuur. Landelijke ontwikkelingen Helaas moeten we constateren dat het landelijke stikstofbeleid nog steeds in een impasse verkeert. Vanaf 3 juli 2023 zijn de landelijke opkoopregelingen LBV en LBV+ opengesteld die vooral zijn gericht op het uitkopen van de zogenaamde piekbelasters. Nog afgezien van de vraag of deze opkoopregelingen voldoende gegadigden weten te trekken, is het maar zeer de vraag of de Rijksoverheid en de provincies bereid zullen zijn om over te gaan op gedwongen bedrijfsbeëindiging. Ook bestaat nog grote onduidelijkheid over de vraag of het stikstoffonds van 24,3 miljard euro er daadwerkelijk komt. Weliswaar stemde de Tweede Kamer in mei in met de instelling van het stikstoffonds, maar de Eerste Kamer heeft dat nog niet gedaan. Vervolgens is de onzekerheid verder toegenomen door de val van het kabinet.
Overigens hebben de provinciale plannen vooralsnog niet geleid tot een duidelijk perspectief voor natuurherstel. Recent is gebleken dat de provinciale plannen optellen tot circa 58 miljard euro, veel meer dan het kabinet ter beschikking heeft gesteld. Op 31 augustus heeft het RIVM ten slotte een memo over de ‘Actualisatie stikstofcijfers 2023 op hoofdlijnen’ gedeeld. Hier komt uit naar voren dat de berekende stikstofdepositie ca. 75 mol/ha/jaar hoger is dan de cijfers van vorig jaar. Gevoegd bij het onderzoek van de Wageningen University & Research dat de Nederlandse natuur gevoeliger voor stikstof blijkt te zijn dan eerder gedacht, is er weinig reden om optimistisch te zijn over het natuurherstel. Al met al is het duidelijk dat er op korte termijn niet snel een oplossing gevonden zal worden voor het stikstofprobleem. Hoewel we onverminderd zullen blijven lobbyen richting het Rijk voor een meer structurele aanpak, vrezen wij dat natuurherstel nog veel tijd zal vergen.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
T 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10645751
Als gevolg daarvan zal ook de stikstofruimte uiterst schaars blijven, vooral omdat deze vermoedelijk eerst gebruikt zal worden voor de legalisering van de PAS-melders en de zogenaamde ‘interimmers’: bedrijven of activiteiten waarbij geen vergunning-verlening heeft plaatsgevonden op basis van een Passende Beoordeling op grond van de Wet natuurbescherming. Ten slotte valt te verwachten dat projecten die van belang zijn voor de energietransitie, prioriteit zullen krijgen. De gemeente heeft samen met andere steden en de netbedrijven aangedrongen op de totstandkoming van noodwetgeving voor deze projecten. Provinciaal beleid De provincie Zuid-Holland heeft binnen het kader van het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG) samen met de betrokken gemeenten, waterschappen en gebiedsbeheerders plannen opgesteld voor het Zuid-Hollands Programma Landelijk Gebied (ZH-PLG) waarin de belangen van natuur, water, stikstof en klimaat als randvoorwaarde voor een vitaal platteland in de provincie samenkomen. Voor Den Haag is het kerngebied Kust en Duinen het meest relevant. Eind juni 2023 is het voorontwerp van het gebiedsprogramma ZH-PLG vrijgegeven voor toetsing door het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV). Het was de bedoeling dat het Rijk begin 2024 financiële middelen ter beschikking zou stellen voor de uitvoering van de plannen.
Zoals hierboven al gemeld, bestaat er echter grote onzekerheid over de beschikbaarheid van voldoende middelen. Stikstof en de Haagse bouwopgave Ten gevolge van de tussenuitspraak en definitieve uitspraak van de Raad van State over het Porthosproject kan de zogenaamde bouwvrijstelling niet meer gebruikt worden. In onze brief van 16 januari hebben wij aangegeven dat het noodzakelijk is om per project onderzoek te doen naar de mogelijke uitstoot van NOx tijdens de bouwfase en de gevolgen hiervan voor de stikstofdepositie in Natura2000gebieden. Dat betekent dat een actuele Aerius-berekening nodig is inclusief de stikstofdepositie tijdens de bouwfase. Als de stikstofdepositie van het project te hoog is om deze op te vangen met maatregelen en intern salderen, kan dat betekenen dat een natuurvergunning of -ontheffing moet worden gevraagd bij Gedeputeerde Staten. De definitieve uitspraak van de Raad van State lijkt erop te duiden dat als een ecologische voortoets laat zien dat geen significante effecten optreden op de natuur, alsnog geen natuurvergunning hoeft te worden aangevraagd. Dit kan betekenen dat sommige bouwprojecten wél doorgang kunnen vinden ondanks berekende overschrijdingen van de grens van 0,005 mol/hectare/per jaar op stikstofgevoelige habitats in natuurgebieden.
Tot nu toe zijn ons nog geen bouwprojecten bekend waar de stikstofproblematiek heeft geleid tot afstel van plannen, maar het is wel duidelijk dat bij veel projecten extra (ecologisch) onderzoek nodig is en aannemers fors moeten investeren in andere bouwmethoden, schoon bouwmaterieel en duurzame bouwlogistiek. Een en ander leidt in veel gevallen tot langere doorlooptijden in de planvorming en fors hogere kosten. Een voorbeeld hiervan is de vernieuwing van de Middenboulevard op Scheveningen, waarover u apart bent geïnformeerd via een commissiebrief van 24 oktober 2023 (RIS316911). Vertraging ontstaat ook doordat bij de Omgevingsdienst Haaglanden en bij de adviesbureaus voor het maken van Aeriusberekeningen en het opstellen van ecologische toetsen een groot gebrek aan capaciteit is. Voor projecten die in de onmiddellijke nabijheid liggen van Natura 2000 en die afhankelijk zijn van salderingsmogelijkheden, kunnen komende jaren problemen ontstaan. Voor de grote gebiedsontwikkelingen in de CID-Binckhorst, Laakhavens en Den Haag Zuid-West voorzien we op dit ogenblik nog geen overkomelijke problemen. Om de voortgang van de bouw echter te waarborgen, zullen we overeenkomstig de strekking van de motie ‘Breng stikstofgevolgen goed in kaart’ (RIS315843) de effecten van de bouwfase op de stikstofdepositie op de Haagse Natura2000gebieden in kaart brengen per ontwikkelingsgebied.
Bij deze gebiedsgerichte aanpak zal tevens worden onderzocht op welke wijze de NOx-uitstoot tijdens de bouwfase zoveel mogelijk kan worden teruggebracht door de keuze voor bepaalde bouwmethodieken en materialen (modulair, circulair, biobased) in combinatie met de toepassing van schone bouwprocessen. In een eerdere inventarisatie was vanwege de vrijstelling voor de bouw alleen de gebruiksfase meegenomen.
2/7
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10645751
Bij de aanpassing van bestemmingsplannen en het vaststellen van omgevingsplannen kunnen deze maatregelen onderdeel uitmaken van de beoordeling of de ontwikkeling voldoet aan het bereiken en in standhouden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving. Schone bouwprocessen Het landelijke Convenant Schoon & Emissieloos Bouwen is op 30 oktober ondertekend. Samen met de andere G4-gemeenten en meerdere andere grote gemeenten en publieke opdrachtgevers heeft de gemeente gekozen om te tekenen voor het hoge ambitieniveau. De gemeente is hiermee ‘koplopergemeente’, hetgeen betekent dat het bouwmaterieel en de bouwlogistiek bij onze eigen opdrachten duurzamer zal worden. Doel van het convenant is om landelijk een reductie van minimaal 60% NOx-uitstoot te realiseren. De keuze voor een ambitieuzer transitiepad betekent dat Den Haag hogere reducties zal realiseren. Bij opdrachten van derden ligt de verantwoordelijkheid voor duurzame bouwprocessen uiteraard bij de desbetreffende opdrachtgevers en hun aannemers. Ook zij zien het belang in van schonere bouwprocessen teneinde hun projecten tijdig te kunnen realiseren. Waar mogelijk wil de gemeente deze partijen ondersteunen, uiteraard met inachtneming van ieders rol. Bij de invalswegen van Den Haag zijn bouwhubs tot stand gekomen (onder andere in het ForePark en de Binckhorst).
De gemeente gaat samen met ontwikkelende partijen in Den Haag Zuid-West de behoefte naar een bouwhublocatie in kaart brengen. Ook zal de gemeente onderzoeken of het mogelijk is om aannemers te faciliteren bij de totstandkoming van laadstroomvoorzieningen voor bouwmaterieel. We verwachten u hierover medio volgend jaar nader te kunnen berichten. Uitbreiding Zero Emissie voor Stadslogistiek langs de kust Een belangrijke bronmaatregel is de uitbreiding van de ZE Zone langs de kust per 1 januari 2026. Hierover zult u binnenkort separaat worden geïnformeerd. Walstroom Het college heeft een aantal maatregelen genomen om het gebruik van walstroom te stimuleren. De eerste en belangrijkste maatregel is het bieden van aantrekkelijke tarieven. Zoals aangegeven vergt de aanpassing van grote(re) schepen een (forse) investering. Een dergelijke aanpassing wordt daarom interessanter als een schip Scheveningen vaker en langer bezoekt en er sprake is van aantrekkelijke walstroomtarieven ten opzichte van de tarieven die gelden voor het gebruik van generatoren. Door het inzetten van het gemeentelijk energiecontract heeft de gemeente ervoor gezorgd dat de walstroomtarieven laag zijn gebleven. Voor de Derde Haven is de voorbereiding van de uitbreiding van walstroom inmiddels gestart. De start van de uitvoering van de aanleg staat gepland voor 2024.
In de Tweede Haven worden werkzaamheden uitgevoerd om de walstroominstallaties te onderhouden en te upgraden. Hiervoor zijn in een eerdere fase de wensen en de behoeften van de gebruikers geïnventariseerd. Dit is aangegeven in Stand van zaken Haagse aanpak stikstof en bouwen (RIS314075). Daarnaast worden op dit moment de mogelijkheden voor verdere uitbreiding van walstroom en overige kansen op het gebied van verduurzaming onderzocht. Deze kansen worden op haalbaarheid getoetst en er wordt gekeken of het mogelijk is om, aansluitend bij walstroom, een koppeling te maken met andere energieontwikkelingen in het gebied. Dit betreft bijvoorbeeld andere (logistieke) laadinfrastructuur of het lokaal koppelen van vraag en aanbod van energie. Over de technische en financiële haalbaarheid verwachten we in het eerste kwartaal meer informatie te hebben. In de eerste helft van 2024 zal het college de raad informeren over de uitkomsten van het onderzoek en een plan met de mogelijkheden voor het verder vergroten van het gebruik van walstroom. Hierbij zullen het huidige en potentiële gebruik van walstroom en mogelijke stimulerings- en uitbreidingsmaatregelen voor zowel laag- als hoogvermogen walstroom in kaart worden gebracht.
3/7
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10645751
Mochten de onderzochte maatregelen kansrijk zijn, dan willen wij hiervoor subsidie aanvragen voor de derde tranche van de Tijdelijke subsidieregeling walstroom zeeschepen van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. Natuurherstel: analyses per natuurgebied en effecten van brondmaatregelen Uw raad heeft per motie gevraagd om een analyse aan de raad per Natura 2000-gebied te presenteren en daarbij in te gaan op de effecten van mogelijke maatregelen. De drie duingebieden die geheel of gedeeltelijk op Haags grondgebied liggen, kennen meerdere belangrijke habitats die zich kenmerken door een grote soortenrijkdom. Onder andere door een veel te hoge stikstofdepositie is de dynamiek en de soortenrijkdom in sommige habitats sterk onder druk komen te staan. Met name voor de prioritaire habitattype ‘Grijze duinen’, oftewel duingraslanden, en ‘Duinheiden met struikhei’ is deze ontwikkeling zorgelijk. De grijze duinen behoorden vroeger tot de soortenrijkste vegetaties van Nederland. In de jaren tachtig en negentig van de vorige eeuw is de biodiversiteit sterk achteruitgegaan door een te hoge stikstofdepositie en de daarmee gepaard gaande verzuring van de bodem en vergrassing van de vegetatie. De bovengrondse biomassa is zo hoog dat er te weinig zonlicht overblijft voor de typische planten en dieren die bij dit habitattype horen.
Hoewel de stikstofdepositie in de kuststrook in het algemeen is gedaald van ongeveer 25 naar 15 kg per ha per jaar, heeft dit door de verzuring van de bodem en de grote hoeveelheden organische stoffen nog niet geleid tot herstel van de soortenrijkdom. Door het plaggen van vergraste vegetaties of door kleinschalige verstuiving kan verbetering optreden, maar voor een duurzaam herstel van de biodiversiteit zijn brongerichte maatregelen onmisbaar om de stikstofdepositie verder te beperken. Bijzonder voor de Natura2000-gebieden Westbroekpark-Wapendal en Solleveld-Capittelduinen is het habitattype ‘Duinheiden met struikhei’. In De Haag nam dit habitattype een fors oppervlakte in, maar door de aanleg van landgoederen en stedelijke bebouwing is het habitattype nu beperkt tot een aantal kleine restanten. Hoewel dit habitattype door een beter beheer niet verder achteruit, is ook het ook hier wenselijk dat we komen tot een verdere reductie van de stikstofdepositie.
Figuur 1 – Haagse deels Meijendel. Overschrijding van KDW's per hexagoon
Beschouwing van figuur 1 leert ons dat de grootste overschrijding in het Haagse deel van Meijendel van de Kritisch Depositiewaarden het grootst is in het zuiden van het gebieden grenzend aan de Van Alkemadelaan en de Zwolsestraat. Dit is het gevolg van het wegverkeer en de aangrenzende bebouwing.
4/7
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10645751
Met betrekking tot het Natura 2000-gebied Westduinpark-Wapendal (zie figuur 2) kunnen we constateren dat de grootste overschrijdingen van de stikstofdepositie plaatsvinden in gebieden grenzend aan Duindorp en in Wapendal. De overschrijding van de KDW’s is in het Haagse deel van het Natura 2000-gebied Solleveld-Capittelduinen het grootst in de gebieden grenzend aan de Lozerlaan.
Figuur 2 - Westduinpark en Wapendal. Overschrijding van KDW's per hexagoon
Figuur 3 - Solleveld en Kapittelduinen. Overschrijding van KDW's per hexagoon
Effecten van maatregelen op de stikstofdepositie per natuurgebied Voor de belangrijkste bronmaatregel die we voornemens zijn – de uitbreiding van de ZE Zone voor stadslogistiek langs de kust – hebben we laten berekenen wat de te verwachten effecten zijn per natuurgebied.
5/7
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10645751
Hierbij is uitgegaan van het gebied van de ZE Zone tot de Laan van Meerdervoort inclusief een deel van het Benoordenhout. Uitbreiding van de ZE Zone met de Laan van Meerdervoort zal met name voor het gebied Westduinpark/Wapendal leiden tot een extra vermindering van de stikstofdepositie. Jaar 2026 2028 2030
Meijendel & Berkheide Nihil 1,5-3 5-10
Westduinpark & Wapendal Nihil 1-2,3 3-7
Solleveld & Kapittelduinen Nihil 1-1,6 3-5
Toelichting: In 2026 en 2027 zijn vervuilende voertuigen in de lagere emissieklassen niet meer toegestaan. Er is echter nog geen zero emissie-eis. Op basis van lokale gegevens is het aannemelijk dat in die jaren het grootste deel van de voertuigen onder de overgangsregeling vallen. Daardoor is het effect in deze jaren naar verwachting hooguit een paar procent t.o.v. het effect in 2030. In 2028 en 2029 geldt voor bestelverkeer geen overgangsregeling meer, dus vanaf dat moment is een meer substantieel effect te verwachten, namelijk 30% t.o.v. het effect in 2030. In 2030 geldt het overgangsregime ook voor het vrachtverkeer niet meer, zodat effect dan maximaal is. Na 2030 zal het effect jaarlijks kleiner worden en na verloop van tijd ‘uitdoven’ omdat ook zonder uitbreiding van de ZE Zone het aantal elektrische voertuigen zal toenemen. Deze autonome ontwikkeling is al verdisconteerd in het landelijke Aeriusmodel. In 2035 resteert nog ongeveer 80% van het effect in 2030. Concreet betekent het bovenstaande dat door uitbreiding van de ZE Zone langs de kust vanaf 2028 zal leiden tot significant minder stikstofdepositie op de drie Haagse Natura 2000-gebieden. Uiteraard zullen andere maatregelen eveneens leiden tot minder stikstofdepositie, zij het in veel mindere mate.
Het gaat hierbij met name om de verbetering van de walstroom, de aanpak om bestaande woningen en utiliteitsgebouwen van het gas te halen en de E-, F- G-labelaanpak. Over de effecten hiervan op de Natura 2000-gebieden zullen we u in een volgende brief nader informeren. Natuurherstelmaatregelen In aanvulling op de bronmaatregelen gericht op vermindering van NOx-reducties willen we de komende jaren enkele gerichte maatregelen nemen om de natuur te herstellen: Voor Uilenbos vindt momenteel onderzoek plaats naar een andere inrichting van de ruimte tussen de sportfaciliteiten. We verwachten u hierover in maart nader te kunnen berichten. Realisatie is voorzien voor 2025. Ook gaan we in gesprek met Dunea, het Rijk en de sportverenigingen over de mogelijkheden om deze verenigingen elders te faciliteren, zodat we mogelijk een groter areaal kunnen teruggeven aan de natuur; De achterste strook van de Delflandlocatie zal naar verwachting in 2024 aan de natuur teruggegeven kunnen worden. De aanbesteding voor de verbouwing van het gebouw en de herinrichting van het pand zal binnenkort worden gestart; Voor de sloop van de panden aan de Zeezwaluwstraat zijn de eerste voorbereidende maatregelen in gang gezet.
Afhankelijk van de vraag of vleermuizen worden aangetroffen in een van de panden zullen deze in 2024 of 2025 aan de natuur kunnen worden teruggegeven; Voor het deel van de Daal en Bergselaan dat aan Wapendal grenst, is een verkenning gemaakt hoe het wegprofiel kan worden verwijderd. Op basis hiervan zal gestart worden met een traject om het natuurareaal uit te breiden. Realisatie is op zijn vroegst in 2025 te verwachten; Voor het meest kwetsbare gebied van de Bosjes van Poot (onderdeel van het Natura2000-gebied Westduinpark/Wapendal) gaan we maatregelen nemen om los lopen van honden in te perken. Hierdoor vindt minder verstoring plaats en de stikstofdepositie kan hierdoor worden beperkt; In de Bosjes van Poot zal het losloopgebied voor honden wordt beperkt, zodat de natuur zich in dat gebied beter kan herstellen.
6/7
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10645751
Tot slot Het stikstofprobleem zal ook de komende jaren grote impact hebben op de prachtige natuur in en nabij onze stad. Door vergrassing en verzuring van de bodem staat de biodiversiteit onder druk en dreigen soorten gedeeltelijk of geheel te verdwijnen. Het college zal daarom blijven inzetten op maatregelen waarmee we de stikstofdepositie kunnen verminderen. Hier heeft niet alleen de natuur baat bij, maar ook de voortgang van de bouwopgave en de verdere ontwikkeling van onze stad. Het college heeft hier continu aandacht voor en zal uw raad periodiek blijven informeren. Met vriendelijke groet, Robert Barker Wethouder Buitenruimte, Dierenwelzijn en Milieu Robert van Asten Wethouder Stedelijke Ontwikkeling, Bibliotheken en Europa
7/7