RIS317237 Verslag Rekeningencommissie 2 november 2023
Tekst van het document
Rekeningencommissie RIS317237
Verslag Verslag van de vergadering van de Rekeningencommissie (RC) van 2 november 2023
Aanwezig:
de voorzitter, de heer M. De Vuyst; mevrouw L. van Basten Batenburg, de heren T. de Boer en R. Guernaoui, allen lid RC; de heren W. van Miltenburg, A. van Loon, G. Blok en R. Pauwels, ambtenaren; Accountantsdienst: mevrouw C. Slotema en mevrouw T. Gommans; secretaris: J. van Duijn.
Afwezig:
de heren Y. Assad, M. Etalle, K. Partiman en M. Sewtahal.
A. Opening, mededelingen en vaststelling agenda De voorzitter opent de vergadering om 19:30 uur en heet de aanwezigen welkom. De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld. Naar aanleiding van eerdere verzoeken vanuit de raad tot bijzonder onderzoek door de Accountantsorganisatie, wil de Rekeningencommissie hiervoor een procedure opstellen. Tevens wil de commissie inventariseren welke bevindingen in het eindrapport van de Enquêtecommissie Amare (RIS316440) door de Rekeningencommissie behandeld moeten worden. De Accountantsorganisatie en de secretaris worden gevraagd hiervoor voorstellen te doen.
B. Verslag van de vergadering van 22 juni 2023 Het verslag van de vergadering van 22 juni 2023 (RIS316560) wordt ongewijzigd vastgesteld.
C. Ingekomen bestuurlijke stukken Van het college is een brief ontvangen over de resultaten, conclusies en aanbevelingen van een onderzoek naar grote projecten (RIS316009). Deze brief wordt in de aandacht van de commissie Ruimte aanbevolen. De Rekeningencommissie heeft om dit onderzoek gevraagd naar aanleiding van een emailbericht van de fractie Hart voor Den Haag (RIS312864). De commissie wil de ontvangen brief in de eerstvolgende vergadering behandelen – eventueel voorafgegaan door een schriftelijke vragenronde – samen met de nog te ontvangen eerste GRIP-rapportage over 2023.
D. Voorstel rechtmatigheidsverantwoording door het college Het is aan de raad om te besluiten welk bedrag of percentage voor de rapporteringsgrens voor rechtmatigheidsfouten in de bedrijfsvoeringsparagraaf gehanteerd moet worden. De
Verslag vergadering 2 november 2023
Rekeningencommissie
rapporteringsgrens is de grens waarboven fouten en onzekerheden nu door het college zelf moeten worden vermeld in de paragraaf Bedrijfsvoering. Voor de controle door de accountant is reeds een zogenoemde rapporteringstolerantie opgenomen in de controleverordening ter grootte € 0,1 miljoen. Eerder is in de Rekeningencommissie aan de orde gekomen dat dit lager is dan bij andere G5-gemeenten (zie ook GAD/2022.112). Op 4 juli 2023 heeft de Rekeningencommissie een brief ontvangen (RIS316077) waarin het college voorstelt om de rapporteringsgrens te bepalen op 0,03% van de begroting. Voor 2023 zou dit een bedrag zijn van circa € 0,9 miljoen. Dit is ongeveer evenredig met andere grote steden als Rotterdam en Amsterdam. Voorts is bij deze brief een voorbeeld gevoegd van de toelichting op de rechtmatigheidsverantwoording in de bedrijfsvoeringsparagraaf. Eerder was al in de jaarrekening 2022 bij wijze van proef de rechtmatigheidsverantwoording zelf opgenomen (RIS315244, pag. 408), ter voorbereiding op de verplichte rechtmatigheidsverantwoording in 2023. Nadat de Rekeningencommissie de hoogte van de rapporteringsgrens heeft bepaald, wordt dit percentage openomen in de verordening financieel beheer en beleid. Vervolgens wordt het voorstel voor de te wijzigen verordening aan de raad voorgelegd. Uit de beraadslaging van de Rekeningencommissie komt het volgende naar voren.
▪ Rapporteringsgrens rechtmatigheid van 0,03%: de Rekeningencommissie kan zich vinden in het voorstel van het college om voor de rapportage in de bedrijfsvoeringsparagraaf over fouten en onzekerheden betreffende rechtmatigheid een rapporteringsgrens van 0,03% van de begroting vast te stellen. Dit komt bij de huidige omvang van de begroting neer op circa € 0,9 miljoen. ▪ Inhoud bedrijfsvoeringsparagraaf: bij de brief van het college met de voorstellen voor de rechtmatigheidsverantwoording (RIS316077) is in een bijlage een voorbeeld gegeven van de toekomstige toelichting op de rechtmatigheidsverantwoording in de bedrijfsvoeringsparagraaf. De Rekeningencommissie is van mening dat deze tekst onvoldoende inzichtelijk is, onder meer voor wat betreft de oorzaken en gevolgen van geconstateerde afwijkingen. Daarnaast vraagt de commissie om de desbetreffende fouten en onzekerheden overzichtelijker te benoemen, bijvoorbeeld in de vorm van een tabel zoals in het accountantsverslag, RIS315417, bijlage 4 (pag. 26): Accountantsverslag 2022 Controleverschillen rechtmatigheid boven de rapporteringstolerantie van € 100.000. Omschrijving Jaarrekeningenpost Fouten (€) Onzekerheden € 1. Inkopen/ aanbestedingen Lasten 11.880.198 11.673.895 2. Bestedingen Wmo en jeugd Lasten 151.958 2.190.707 3. Overschrijding investeringsbudget Investeringsproject 1.800.000 4.
Participatiewet Lasten 1.176.554 Totaal 15.008.710 13.864.602
D.1.
Technische wijziging Controleverordening
Mede omdat de verordening financieel beheer en beleid wordt gewijzigd zijn ook enkele technische aanpassingen nodig in de controleverordening voor de Accountantsorganisatie. De Rekeningencommissie stemt in met de voorgestelde aanpassingen. De conceptwijziging van de controleverordening wordt aan het Presidium voorgelegd, voorzien van de tekst van Pagina 2 van 9
Verslag vergadering 2 november 2023
Rekeningencommissie
de te wijzigen artikelen. Vervolgens kunnen de voorstellen voor de te wijzigen verordeningen aan de raad worden voorgelegd, zodat deze nog dit jaar kunnen worden vastgesteld.
E. Opvolging jaarrekeningonderzoek 2022 E.1.
Reactie van het college op het Rekeningencommissierapport
Van het college is een reactie (RIS316629) ontvangen op het rapport van de Rekeningencommissie over het jaar 2022 (RIS315931). De Rekeningencommissie spreekt haar waardering uit voor de consciëntieuze beantwoording van de vragen. Uit de beraadslaging van de Rekeningencommissie komt het volgende naar voren. ▪ Onderzoek prognosekracht van de begroting: in reactie op de vraag in paragraaf 3.1.3 van het Rekeningencommissierapport over de prognosekracht van de begroting zegt het college toe een onderzoek te starten naar de oorzaken van onderbestedingen en dit tevens te betrekken bij de uitwerking van de contourenbrief. De Rekeningencommissie wil worden geïnformeerd wanneer de uitkomsten van het onderzoek tegemoet kunnen worden gezien. ▪ Governance van informatieveiligheid: in het accountantsverslag 2022 (RIS315417) is op pagina 14 de aanbeveling gedaan om te onderzoeken of de huidige inrichting van verantwoordelijkheden en sturing rond cybersecurity voldoende effectief is om adequaat de constante dreiging van cyberaanvallen op te kunnen vangen. De eindverantwoordelijkheid voor informatieveiligheid is nu niet centraal belegd (RIS315931, pagina 30). Het college lijkt de aanbeveling om te onderzoeken hoe doeltreffend de huidige inrichting van cybersecurityverantwoordelijkheden is, naast zich neer te leggen (RIS316629, pag. 5).
Gezien de specialistische en actuele kennis die voor cybersecurity nodig is wil de Rekeningencommissie er nogmaals bij het college op aandringen om de governance op dit punt zorgvuldig onder de loep te nemen, waarbij ook de wenselijkheid van het centraal beleggen van de eindverantwoordelijkheid voor cybersecurity expliciet wordt beoordeeld. Besloten wordt een brief naar het college te sturen, waarin ook gevraagd wordt de uitkomsten van de afwegingen met de raad te delen (noot van het secretariaat: zie RIS317055). ▪ Assessement cybersecurity: het assessment van de informatieveiligheid is nu op initiatief van de Rekeningencommissie en de Accountantsorganisatie tot stand gekomen. Het college heeft laten weten de waarde van extra controle op informatieveiligheid te zien: “Een extern assessment zou verder inzicht kunnen geven in waar de gemeente kan verbeteren.” De Rekeningencommissie wil weten of dit opgevat mag worden als een toezegging van het college om zelf met dergelijke assessments aan de slag te gaan, of dit het komende jaar al wordt opgepakt en hoe het college dit concreet wil invullen. Deze vraag wordt eveneens schriftelijk aan het college gesteld, met het verzoek nog vóór de komende begrotingsbehandeling te reageren.
▪ Voortgangsrapportage kostenbeheersing Wmo & Jeugd: in reactie op de vraag in paragraaf 9.1 van het Rekeningencommissierapport over een andere vorm van rapporteren over de kostenbeheersing van Wmo en jeugdhulp zegt het college toe met een voorstel voor een nieuwe rapportagevorm te komen. De Rekeningencommissie wil worden geïnformeerd wanneer dit voorstel naar de Rekeningencommissie wordt gestuurd. Pagina 3 van 9
Verslag vergadering 2 november 2023
E.2.
Rekeningencommissie
Betrouwbaarheid van indicatoren
In de reactie van het college (RIS316629) wordt zoals toegezegd tevens ingegaan op het onderzoek door de Accountantsorganisatie naar de betrouwbaarheid van indicatoren (RIS315569, paragraaf 3.2.4). Aanvullend hierop is in een bijlage bij de begroting 2024 (RIS316918, bijlage 5) een toelichting gegeven op indicatoren die tussentijds zijn gewijzigd. Uit de beraadslaging van de Rekeningencommissie komt het volgende naar voren. ▪ Wenselijkheid tussentijds aanpassen streefwaarden: in bijlage 5 bij de begroting 2024 (RIS316918) is toegelicht dat voor enkele indicatoren de streefwaarde is gewijzigd omdat de oorspronkelijke streefwaarde gedurende het jaar reeds was behaald. De Rekeningencommissie complimenteert het college en ambtelijk apparaat met de daarmee geboden transparantie. Vanuit het oogpunt van verantwoording lijkt het de Rekeningencommissie echter niet wenselijk dat streefwaarden van indicatoren tussentijds worden aangepast, omdat de commissie van mening is dat dit niet in overeenstemming is met het karakter van een beleidsindicator in de begroting (namelijk het stellen van een meetbaar beleidsdoel). De Rekeningencommissie beveelt dit in de aandacht van de vakcommissies aan bij de komende begrotingsbehandeling.
▪ Procedure aanpassing streefwaarden indicatoren: in reactie op de vraag in paragraaf 3.2.4 van het Rekeningencommissierapport over het tussentijds aanpassen van streefwaarden van indicatoren zegt het college toe hiervoor een procedure op te stellen. De Rekeningencommissie wil worden geïnformeerd wanneer deze procedure gereed zal zijn.
E.3.
Stand van zaken toezeggingen
De reactie van het college (RIS316629) op het rapport van de Rekeningencommissie over het jaar 2022 (RIS315931) is verwerkt in een toezeggingenoverzicht (RIS316667). Aanvullende toezeggingen in de beantwoording van de vragen die in het Rekeningencommissierapport aan het college zijn gesteld zijn in het toezeggingenoverzicht opgenomen. Indien toezeggingen niet tijdig zijn nagekomen wordt dit met rode tekst in volgende versies van het toezeggingenoverzicht gemarkeerd. Uit de beraadslaging van de Rekeningencommissie komt het volgende naar voren. ▪ Te wijzigen verordening voor grondexploitaties: de Rekeningencommissie heeft het college gevraagd de toegezegde wijzigingen in de huidige Verordening beheersregels grondexploitatie en strategisch bezit, gemeente Den Haag 2018 nog dit kalenderjaar aan de Rekeningencommissie voor te leggen. Hierop is nog geen reactie ontvangen van het college. ▪ Naleving art. 213a GemW inz. doelmatigheidsonderzoeken: het college is gevraagd wanneer een nieuw programma voor doelmatigheidsonderzoeken tegemoet kan worden gezien. Dit zou in september ter vaststelling aan het college worden voorgelegd, waarna de raad hierover geïnformeerd zou worden. De Rekeningencommissie heeft deze informatie nog niet ontvangen.
▪ Organogram IT-beheer en informatiebeveiliging: de Rekeningencommissie heeft laten weten voorafgaand aan een werkbespreking met de nieuwe CIO een actueel overzicht te willen ontvangen van de verantwoordelijkheidsverdeling van IT-beheer en Pagina 4 van 9
Verslag vergadering 2 november 2023
Rekeningencommissie
informatieveiligheid. Dit wordt betrokken in de voorbereiding van de desbetreffende vergadering.
F. GAD-audit beheersingsproces uitputting Enecogelden Van de Accountantsorganisatie is een rapportage ontvangen over een onderzoek naar het beheersingsproces van de uitputting van de Enecogelden (RIS316559). De rapportage wordt samengevat door Theresia Gommans, DT-lid van de Accountantsorganisatie. De opbrengst van de verkoop van de gemeentelijke aandelen in Eneco (circa € 674 miljoen) is in 2020 in verschillende projectreserves ondergebracht. Door middel van deze reserves worden de Enecomiddelen ingezet om duurzaam op lange termijn te investeren in de stad. Dit gebeurt aan de hand van vijf speerpunten. In de onderzoeksrapportage is per speerpunt op een rijtje gezet welke informatie is verstrekt in begroting en verantwoording. Deze informatie is verspreid over meerdere begrotingen en jaarrekeningen en staat ook op verschillende plekken in de jaarrekening. De verantwoording is op hoofdlijnen financieel navolgbaar, maar niet op projectniveau. Dit is overigens conform de daarover gemaakte afspraken. Uit de verantwoording blijkt echter niet altijd duidelijk of de doelen gerealiseerd zijn. Ook is de afspraak over de wijze waarop deze verantwoording naar de raad wordt gestuurd enigszins onduidelijk. Aanvankelijk is afgesproken dat in de jaarrekening én in een separaat document over de uitputting van de reserves zou worden verantwoord.
Daarna heeft het college laten weten dat dit in de 4- en 8-maandsrapportages zou worden verantwoord. Dit laatste is echter niet gebeurd. Aan de Rekeningencommissie wordt in overweging gegeven of de informatievoorziening toereikend is en wat de raad na de looptijd van de reserves met de resterende middelen wil doen. Desgewenst kan op aangeven van de Rekeningencommissie verdiepend onderzoek worden gedaan. Uit de beantwoording van de vragen en de behandeling van de opmerkingen van de leden van de Rekeningencommissie komt het volgende naar voren. ▪ Onderzoeksrapportage: de Rekeningencommissie is blij met het inzicht dat de rapportage biedt en beveelt het in de aandacht van de commissie Bestuur aan. ▪ Inzichtelijke doelen en verantwoording: mede indachtig de bevindingen van de enquêtecommissie Amare onderstreept de Rekeningencommissie dat de met de Enecomiddelen te behalen doelen inzichtelijk en eenduidig geformuleerd moeten zijn. In tegenstelling tot de vooraf gemaakte afspraken wordt over de uitputting niet in de 4/8maandsrapportages verantwoord. De Rekeningencommissie vraagt het college om per reserve uniformer, frequenter en coherenter over de Enecomiddelen te rapporteren in een aparte Eneco-paragraaf bij de begroting en de jaarrekening.
Daarbij wil de commissie dat de raad niet alleen geïnformeerd wordt over de bestedingen per project, maar ook over de omvang van aangegane verplichtingen en nog niet bestemde middelen. Daarbij vraagt de commissie de onderliggende besluitvorming zoveel mogelijk doorklikbaar te vermelden. Als mogelijk voorbeeld voor inzichtelijke uitputtingsoverzichten verwijst de commissie naar de bijlagen A tot en met E van de onderzoeksrapportage en het overzicht van besluitvorming op pagina 6. ▪ Verantwoording over behaalde doelen: de Rekeningencommissie vraagt het college niet alleen te rapporteren over de financiële uitputting van de Enecoreserves, maar ook inzichtelijk te maken welke concrete doelen daarmee behaald zijn (zoals het aantal Pagina 5 van 9
Verslag vergadering 2 november 2023
Rekeningencommissie
laadpalen). Daarbij vraagt de commissie ook aan te geven in hoeverre de behaalde doelen beantwoorden aan de vooraf gestelde criteria, bijvoorbeeld de prioritering die voor duurzame mobiliteit is opgesteld. De Rekeningencommissie ontvangt in de volgende vergadering bij de termijnplanning een nadere toelichting van de accountant, waarbij ook ingegaan wordt op revolverende fondsen.
G. Actualisatie frauderisicomanagement en frauderisicoanalyse Op 19 september is een brief over de actualisatie van het frauderisicomanagement en de frauderisicoanalyse ontvangen (RIS316576), inclusief een frauderisicoregister (geheime bijlage B, RIS316611). Vorig jaar is op de aanpak van frauderisico’s een ambtelijke toelichting gegeven in de vergadering van 5 oktober 2022 (RIS313323). Nadat eerder de frauderisico’s waren geïdentificeerd (RIS312416) zijn de te nemen preventieve maatregelen in kaart gebracht. De brief van de wethouder Financiën wordt kort toegelicht door Ad van Loon, directeur Financiën & inkoop. Frauderisicomanagement betreft onder meer het monitoren van frauderisico’s in de organisatie. Daartoe wordt door middel van een frauderisicoanalyse in kaart gebracht welke frauderisico’s zich bij diensten voordoen en welke beheersingsmaatregelen daarbij horen. In de eerste rapportage van vorig jaar is de raad geïnformeerd over de opzet hiervan. Inmiddels zijn de risico’s getoetst op juistheid, volledigheid en actualiteit en zijn hieraan beheersingsmaatregelen gekoppeld. Ook is het frauderisicomanagement verbeterd, hetgeen ook in de komende periode wordt voortgezet. In dit groeimodel wordt het frauderisicomanagement onderdeel van een integrale risicomanagementrapportage, waarin ook overige risico’s worden betrokken.
De huidige aanpak omvat meerdere gesprekken per jaar van het verantwoordelijke team met alle diensten over frauderisico’s. Dit leidt tot een verbeterd risicobewustzijn bij de medewerkers. Uit de beantwoording van de vragen en de behandeling van de opmerkingen van de leden van de Rekeningencommissie komt het volgende naar voren. ▪ Rapportage over frauderisico’s: de Rekeningencommissie spreekt haar waardering uit voor de verdere ontwikkeling van de frauderisicoanalyse en het frauderisicomanagement. De scores in de vorm van ‘plussen en minnen’ maakt de stand van zaken vlot inzichtelijk. Dergelijke uitkomsten wil de commissie voortaan ook in de managementsamenvatting opgenomen zien. De Rekeningencommissie hecht eraan dit onderwerp ook in de toekomst zoveel mogelijk in de openbaarheid te blijven bespreken. ▪ Proactieve forensische data-analyse: uit de rapportage komt naar voren dat vooral verbeteringen mogelijk zijn in proactieve forensische data-analyse. Hierbij worden de transacties en gegevens in de eigen administratie systematisch met specifieke software onderzocht op mogelijke signalen van fraude, zoals afwijkingen, inconsistenties of verdachte patronen. De Rekeningencommissie wil in het najaar van 2024 worden geïnformeerd over de voortgang van de ontwikkelingen hierin, onder meer aan de hand van concrete voorbeelden.
▪ Beheersing van niet-financiële risico’s: in de analyse zijn frauderisico’s beoordeeld op financiële impact. Binnen de gemeente heeft zich in het recente verleden ook ernstige fraude voorgedaan met een relatief geringe financiële impact, maar met een mogelijk Pagina 6 van 9
Verslag vergadering 2 november 2023
▪
Rekeningencommissie
grote impact op onder meer het vertrouwen van burgers in de overheid. De Rekeningencommissie wil in een volgende rapportage toegelicht zien of en hoe deze risico’s worden onderkend en beheerst. Financiële impact en kwetsbaarheden: de Rekeningencommissie merkt op dat de mate van financiële impact van frauderisico’s op een grote organisatie als de gemeente Den Haag niet altijd een geschikte maatstaf is om kwetsbaarheden voor fraude te identificeren. Fraude met een relatief kleine financiële impact op de organisatie heeft in een grote organisatie in absolute zin betrekking op grotere geldstromen dan in een kleine organisatie.
H. Financiële planning & controlcyclus 2023-2024 Vorig jaar heeft de Rekeningencommissie de wethouder Financiën gevraagd om voortaan voorafgaand aan het voorleggen van een conceptplanning voor de planning & controlcyclus te overleggen met de Rekeningencommissie en de commissie Bestuur als in de planning wordt afgeweken van de termijnen die in de verordening financieel beheer & beleid zijn bepaald. Voor de totstandkoming van de planning voor de jaarrekeningcontrole zijn de drie voornaamste belanghebbenden de Rekeningencommissie, de gemeenteaccountant en het college met het ambtelijk apparaat. Een latere publicatie van de jaarrekening dan in de verordening is bepaald geeft zowel het college als de accountant meer tijd voor het uitvoeren van werkzaamheden, maar brengt het risico met zich mee dat de raad in de dan nog resterende tijd tot 15 juli onvoldoende in staat is om zijn controlerende taak uit te voeren. Los daarvan blijft de doorlooptijd van de accountantscontrole afhankelijk van de kwaliteit en tijdigheid van de op te leveren administratie door de ambtelijke organisatie. Ter bevordering van deze doorlooptijd is vorig jaar onder meer afgesproken dat met de controle van grondexploitaties al in september van het lopende jaar wordt begonnen.
De gemeenteaccountant laat weten de Rekeningencommissie in de volgende vergadering te informeren over de bevindingen uit de interimcontrole in de boardletter, waarbij ingegaan wordt op de voortgang en planning van de jaarrekeningcontrole en de afhankelijkheid van externe partijen daarin. De Rekeningencommissie wil vervolgens medio februari 2024 worden geïnformeerd over de stand van zaken van de jaarrekeningcontrole. In het voorjaar van 2023 is een afschrift van een brief aan het Presidium ontvangen over een wijziging van het moment van uitbrengen van de Voorjaarsnota en de viermaandsrapportage (RIS314876). De Rekeningencommissie steunt de motivatie van het college om de Voorjaarsnota twee weken later uit te brengen, maar heeft opgemerkt dat met het eveneens later uitbrengen van de viermaandsrapportage dit document aan actualiteit zal inboeten. Het Presidium heeft vervolgens overeenkomstig naar het college gereageerd (GRF/230316). Op dit onderwerp wordt een korte toelichting gegeven door Gerard Blok, adviseur regievoering concern control. Het college heeft inmiddels een brief naar de raad gestuurd waarin wordt voorgesteld pas na ontvangst van de meicirculaire zowel de viermaandsrapportage als de Voorjaarsnota naar de raad te sturen en wel op donderdag 20 juni 2024 (Noot van het secretariaat: deze brief is op 2 november 2023 ontvangen, RIS316972).
Voor de uitwerking van de voornemens van het college aangaande de actualisering van het financieel beleid zoals verwoord in de contourenbrief (RIS314462) is een werkgroep gestart.
Pagina 7 van 9
Verslag vergadering 2 november 2023
Rekeningencommissie
De bevindingen en ideeën van deze werkgroep kunnen komend jaar in een werkbespreking worden toegelicht aan de Rekeningencommissie. Uit de beraadslaging van de Rekeningencommissie komt het volgende naar voren. ▪ Tussentijdse informatievoorziening: de Rekeningencommissie stemt in met het mondeling toegelichte voorstel voor de planning & controlcyclus voor 2024. Voor de lange termijn heeft de commissie behoefte aan een evaluatie van de vier- en achtmaandsrapportages. Vooralsnog lijken deze rapportages niet de toegevoegde waarde te bieden die beoogd was, ook al omdat sinds de introductie ervan slechts bij uitzondering beide rapportages jaarlijks zijn uitgebracht. Voor wat betreft een publicatiemoment zou begin augustus goed kunnen aansluiten bij de rest van de planning & controlcyclus. De Rekeningencommissie wil voldoende tijd nemen voor besluitvorming over een eventuele aanpassing van de cyclus. Voor de Rekeningencommissie is primair van belang dat de inrichting van de tussentijdse informatievoorziening inzicht geeft in de uitputting van de middelen, het realistisch begroten zoveel mogelijk stimuleert en dat de informatie zo actueel mogelijk is. Daarbij moet voor de raad duidelijk zijn met welk doel de stukken worden opgesteld en dient de behandeling ervan op vaste momenten in het vergaderschema te worden opgenomen, zoals dat ook bij de begroting en de jaarrekening gebeurt.
Het is wenselijk deze rapportage(s) separaat van de voorjaarsnota en de begroting te behandelen. ▪ Tussentijds aanpassen van de begroting: bij het uitbrengen van de tussentijdse rapportages wordt de begroting niet aangepast. In de gemeente Den Haag wordt de begrotingsbijstelling over het lopende jaar betrokken bij het voorstel voor de nieuwe begroting. De Rekeningencommissie staat positief tegenover het toevoegen van een eerder moment voor het bijstellen van de begroting, bijvoorbeeld bij de Voorjaarsnota zoals dat in Rotterdam en Amsterdam gebeurt. ▪ Behandeling boardletter: in de vergadering van 14 december 2023 behandelt de Rekeningencommissie de boardletter van de gemeenteaccountant. De Rekeningencommissie overweegt daarna de wethouder Financiën hierover te bevragen, indien de bevindingen daartoe aanleiding geven.
I. Termijnplanning De voorgestelde termijnplanning (RC/2023.43) wordt ongewijzigd vastgesteld.
J. Rekenkamertoezicht gemeentelijke accountantsdiensten Op 24 maart 2023 is door de lokale Rekenkamer een brief aan de raad gestuurd waarin zij aangeven niet meer belast te willen worden met het wettelijk toezicht op de accountantsdiensten (RIS314947). De gemeentelijke accountantsorganisaties GAD en ACAM hebben hierop een reactie gegeven (ACAM-23-00349). Van de Rekenkamer is bericht ontvangen dat hierin vooralsnog geen nieuwe ontwikkelingen zijn. De Rekeningencommissie wacht nadere berichtgeving af over de uitkomsten van lopende ambtelijke besprekingen met de ministeries van Financiën en BZK.
Pagina 8 van 9
Verslag vergadering 2 november 2023
Rekeningencommissie
K. Rondvraag Er zijn geen vragen.
L. Sluiting De voorzitter sluit de vergadering om 21:18 uur.
Pagina 9 van 9