CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS317133 Toegankelijkheid voor fietsers met een beperking

Commissie Leefomgeving 16 mei 2024, gemeente Den HaagBij agendapunt: Fietsparkeren981 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RIS-nummer: 317133

Schriftelijke vragen: toegankelijkheid voor fietsers met een beperking Indiener: Maarten De Vuyst; Isabel Bos (beiden GroenLinks)

Datum: 16 november 2023

Aan de voorzitter van de gemeenteraad,

De Fietsersbond doet in een brandbrief begin oktober 2023 een oproep aan gemeenten om de fietsinfrastructuur en -parkeerplekken beter toegankelijk te maken voor mensen met een beperking of fietsers die gebruik maken van een aangepaste fiets. Hun fietsen hebben een andere omvang dan reguliere fietsen en hierdoor kunnen deze fietsers niet even gemakkelijk en veilig overal komen of parkeren. Voor mensen met een beperking kan de aangepaste fiets juist een handig en gezond middel zijn om op de bestemming aan te komen. Ook geeft de aangepaste fiets een groter gevoel van vrijheid.

Leden van de Fietsersbond hebben een brandbrief opgesteld met een viertal hoofdpunten: • • • •

Realiseer toegankelijke voorzieningen Creëer goed overzicht in het verkeer voor iedereen Vermijd gevaarlijke fietsinfrastructuur Houd rekening met de fietser met een beperking en/of aangepaste fiets

Overeenkomstig art. 30 van het Reglement van orde stellen de raadsleden De Vuyst en Bos (beiden GroenLinks) de volgende vragen: 1.

Heeft het college kennisgenomen van de brandbrief van de Fietsersbond?

2. Kan het college reageren op de hoofdpunten uit de brandbrief van de Fietsersbond? Kan zij daarbij aangeven in welke mate de punten al onderdeel zijn van bestaand beleid, en, zo niet, hoe zij denkt dit op te kunnen nemen in beleid. Het toegankelijk maken van de fietsinfrastructuur voor fietsers met een fysieke beperking staat niet beschreven in de ''Fietsstrategie Den Haag 2040'' (RIS302960) en ook niet in de ''Handreiking naar een toegankelijke buitenruimte'' (RIS314096). 3. Klopt het dat er op dit moment (nog) geen specifiek beleid is om de fietsinfrastructuur inclusief fietsparkeerplekken toegankelijk te maken en te houden voor fietsers met een beperking? Zo ja, is het college bereid om hiertoe nieuw beleid te maken en dit bijvoorbeeld te verwerken in de volgende update van de handreiking voor een toegankelijke buitenruimte of de fietsstrategie? En indien ook op deze vraag het antwoord ja is, is het college dan bereid om

fietsers met een aangepaste fiets en fietsers met een beperking te betrekken bij het maken van het beleid? Op het gebied van toegankelijke voorzieningen constateert de Fietsersbond dat het voor fietsers met een beperking een uitdaging is om passende stallingen te vinden en dat voorzieningen langs fietsroutes niet altijd toegankelijk zijn. 4. Klopt het dat op dit moment het beleid is dat mensen met een aangepaste fiets ook moeten parkeren in de aangewezen fietsparkeerplekken? Hoe wordt er bij de aanleg van nieuwe fietsparkeerplekken rekening gehouden met de behoeften van fietsers met een beperking, en hoe wordt deze doelgroep bij dit beleid betrokken? Heeft het college bij bestaande fietsparkeerplekken (bijvoorbeeld Biesieklettes) de mogelijkheid om plekken voor aangepaste fietsen vrij te houden voor deze groep fietsers? Zo niet, is het college dan bereid om deze punten op te nemen in beleid? 5.

Kan het college aangeven hoe zij op dit moment toegankelijkheid bij openbare voorzieningen zoals toiletten en rustbankjes realiseert?

In het artikel '' Fietsparkeren voor fietsers met een beperking'' van Voorall staat een oproep om het fietsparkeerbeleid voor mensen met een aangepaste fiets te wijzigen. In het huidig beleid mogen fietsen in het centrum alleen op aangewezen plekken worden geparkeerd. Voor mensen met een beperking kan dit te ver zijn van hun besteming. 6. Is het college het met GroenLinks eens dat er aparte fietsparkeerplekken op straat zouden moeten komen voor aangepaste fietsen en fietsen van mensen met een beperking op veel bezochte plaatsen, zoals bijvoorbeeld bij het Stadhuis en de Centrale Bibliotheek en het winkeldeel van de Binnenstad? Is het college bereid om na te denken of er voor fietsers met een beperking een uitzondering gemaakt kan worden op het huidig fietsparkeerbeleid om plekken aan te wijzen waar mensen met een fysieke beperking mogen parkeren zodat zij tot dicht bij hun bestemming kunnen fietsen.

Uit het bericht van de landelijke Fietsersbond blijkt dat fietsers met een beperking bepaalde verkeerssituaties als onoverzichtelijk of onveilig ervaren, vanwege hun andere, lagere perspectief vanaf een aangepaste fiets. Ook ervaren zij tijdens werkzaamheden belemmeringen en kunnen bochten of smalle fietspaden het gebruik van fietsinfrastructuur onveilig maken. 7.

Kent het college signalen over verkeerssituaties in Den Haag die door fietsers met een aangepaste fiets en/ of weggebruikers met een beperking als onveilig worden ervaren? Zo ja, wat doet het college met dit soort signalen? Hoe beoordeelt het college het meldingsformulier voor onveilige verkeerssituaties op toegankelijkheid? Is het college het met GroenLinks eens dat het goed zou zijn als de gemeente op de website https://www.denhaag.nl/nl/meldingen/meldingen-verkeer/onveilige-verkeerssituatiesmelden.htm een meer toegankelijkere wijze om onveilige verkeerssituaties door te geven, zou aanreiken?

8. Hoe worden op dit moment fietsers en andere weggebruikers met een beperking betrokken bij de (her)inrichting van de fietsinfrastructuur, bijvoorbeeld bij de aanpak van black spots of bij de aanleg van verlagingen van de stoep zodat mensen gemakkelijk van de rijweg naar de stoep kunnen bewegen (en andersom)? 9. Voor mensen met een beperking kan een te steile, schuine band het gevaar van kanteling opleveren. Een inritband van 80 centimeter of langer is veiliger en eigenlijk ook gebruikelijk.

Op verschillende plekken is deze inritband korter (bijvoorbeeld de kruising Riviervismarkt/Schoolstraat en de kruising Torenstraat / Noordwal). Waarom wordt er gekozen om hier kortere inritbanden te gebruiken? Klopt het dat de standaard voor inritbanden 80 centimeter is? Op basis waarvan kan van die norm afgeweken worden? 10. Hoe wordt er bij het ontwerp van tijdelijke verkeerssituaties tijdens herinrichtingen of werkzaamheden rekening gehouden met dit bijzondere perspectief van fietsers en andere weggebruikers met een beperking?

11. Op de website van de Sociale kaart Den Haag staat een speciale fietsles beschreven. Kan het college aangeven of de kosten voor de lessen kunnen worden bekostigd vanuit de WMO, bijvoorbeeld bij de aanvraag van een aangepaste fiets?

Maarten De Vuyst & Isabel Bos, GroenLinks Den Haag

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13505066/1